Weblog > Dennis Verbeke
Dramatisch begin.
Hoe voelt het om met 180 km/uur van je motor te worden geslingerd door een spectaculaire highsider in Meeuwenmeer? Euh... tamelijk beroerd kan ik je melden.
Eindelijk was het dan zover: na de licentiecursus van de afgelopen drie weken stond afgelopen zaterdag de eerste wedstrijd van de Suzuki SV Cup op het programma op het TT circuit van Assen. Wellicht was ik niet de enige nieuwkomer die behoorlijk zenuwachtig aan de eerste confrontatie van het nieuwe seizoen begon, want dit was voor de meeste SV650-debutanten de eerste kennismaking met de gevestigde namen in deze klasse. Ondanks alle onzekerheid over de te verwachten tegenstand had ik wel een bijzonder goed gevoel overgehouden aan de laatste trainingsdag van de licentiecursus. Het was nu alleen nog een kwestie van de puntjes op de i te zetten en alle stuurfoutjes die de CRT-marshalls hadden opgemerkt te verbeteren.

Tijdens de eerste trainingssessie nam ik eerst even de tijd om de gloednieuwe Pirelli’s op te ruwen. Net zoals tijdens de licentietraining was het ook tijdens de eerste wedstrijddag stervenskoud en kwamen de banden amper op temperatuur. Maar doordat ik niet meteen kon aanpikken bij de snellere rijders, verzeilde ik in de achterhoede waardoor ik nooit in mij ritme kwam en af en toe flink in de ankers moest voor de langzamere SV-cuppers. Een inschattingsfout die er voor zorgde dat ik tijdens de eerste training niet verder kwam dan een elfde tijd. Daar baalde ik toch wel behoorlijk van temeer omdat mijn vader na afloop van de eerste training vroeg of ik soms bezig was geweest aan de toertocht van Assen. Daar kon ik op dat ogenblik de humor niet van inzien, kan ik je melden.
Tijdens de tweede training wist ik maar al te goed wat me te doen stond: gasgeven en knokken voor elke centimeter! Door aan te pikken bij (ex NSF100-collega) Roy van Sambeek vond ik al na een paar ronden het juiste ritme en begon ik steeds meer plezier te krijgen in de vloeiende bochtencombinaties. Hoewel ik geen idee had welke rondetijden ik reed, had ik wel het gevoel dat ik weinig terrein moest prijsgeven op de rijders die al een paar jaar meerijden in de Suzuki SV Cup. Helaas was de vreugde van korte duur, want in de voorlaatste trainingsronde maakte ik een kleine stuurfout met wel heel zware gevolgen. In het korte knikje bij Meeuwenmeer brak de achterkant van mijn Suzuki zonder enige waarschuwing weg, waardoor ik met 180 km/uur van de motor werd gekatapulteerd. Wat een klapper! Ik had het gevoel dat er geen eind kwam aan mijn glijpartij die eindigde met een driedubbele salto in de grindbak.

Gelukkig bleek de schade aan de motor mee te vallen, maar het zelfvertrouwen dat ik tijdens de tweede trainingssessie had hervonden, was door deze megaklapper volledig tenietgedaan. Hoewel ik geen blessures aan deze crash had overgehouden, was ik mentaal toch behoorlijk aangeslagen. Wat was er mis gegaan? Eerlijk gezegd had ik geen idee wat er was gebeurd. En eigenlijk weet ik het nog steeds niet. Volgens CRT-trainer Ronald ter Braake had ik gewoon teveel gas gegeven onder een veel te grote hellingshoek. Hij kon het weten, want hij stond precies op de plek waar ik in horizontale toestand van het circuit schoof. Het was een magere troost toen na afloop bleek dat ik een zesde tijd had gereden en daarmee beduidend sneller was dan alle andere SV650-debutanten die samen met mij de overstap hadden gemaakt van de NSF100-klasse naar de Suzuki Cup.

Na een verplichte medische check-up werd ook mijn gehavende (maar herstelbare) Suzuki SV650 gelukkig goedgekeurd voor deelname aan de wedstrijd, maar eigenlijk wist ik toen al dat het bijzonder moeilijk zou gaan worden om mezelf weer voor de volle honderd procent mentaal op te peppen voor de wedstrijd. Al die tijd bleef het maar door mijn hoofd spoken: waar ging het mis en waar lag de oorzaak? Die onzekerheid werd nog groter toen bleek dat er iets grondig mis was met de carburatie van mijn SV650. Het leek net of de gaskabel ergens bleef hangen, maar pas nadat we de tank en het luchtfilter hadden verwijderd kwamen we na lang zoeken tot de ontdekking dat er een klein kiezelsteentje (eentje uit de grindbak van het Meeuwenmeer) was vast komen te zitten in de terugslagveer.
Die reparatie nam zoveel tijd in beslag dat ik onmiddellijk daarna aan de eerste wedstrijd van het seizoen moest beginnen. Eerlijk gezegd wist ik toen al dat het door alle stress, maar ook door de mentale optater van mijn crash bijzonder moeilijk zou gaan worden om mezelf weer volledig op te krikken voor de race. Het zat gewoon niet goed tussen de oren en zelfs met een zesde startplek op de grid wist ik dat dit een heel moeilijk verhaal zou gaan worden.

Tijdens de start werd ik zomaar links en rechts voorbijgevlogen alsof ik stilstond en bij het aanremmen van de Haarbocht was de wedstrijd voor mij eigenlijk al voorbij voor ze goed en wel begonnen was. Ik reed totaal vierkant en stapelde de stuurfouten op. Door allerlei crashes in eerdere wedstrijden was de wedstrijdduur beperkt tot acht ronden en tijdens de SV650-race kregen we ook nog eens te maken met een aantal gele-vlag situaties waardoor ik helemaal in de achterhoede verzeilde. Dit was in de verste verte niet de seizoenstart waar ik op gehoopt had maar ik had geen andere keuze dan met het lood in de racelaarzen de wedstrijd uit te rijden. Meer dan een dertiende plaats zat er onder gegeven omstandigheden gewoon niet in. Daar baalde ik flink van, temeer omdat er veel meer had ingezeten als ik die trainingscrash niet had gemaakt.
Volgens de CRT-begeleiders was het volstrekt normaal dat ik na zo’n crash mijn wedstrijdritme was verloren. Maar ik baal er wel ontzettend van dat ik in de verste verte niet heb kunnen waarmaken wat ik vooraf van had gedroomd. Anderzijds: met mijn snelheid was niks mis. Maar juist daarom was ik des te meer ontgoocheld over mijn prestaties. Als je ziet waar Roy van Sambeek en Daphne Hop zijn gefinisht en je weegt het af tegen de rondetijden die ik tijdens de tweede training had gereden, dan had ik wel zoiets van: daar had ik ook kunnen staan.

Gelukkig krijgen we vanaf nu ook professionele begeleiding van het CRT. De volgende races worden zowel de SV650-coureurs als de Junior-Cup aspiranten op de voet gevolgd door Nigel Walraven, Ronald ter Braake en Roy ten Napel, die alle drie een KNMV-trainersopleiding hebben doorlopen. Zij gaan de komende wedstrijden de debutanten in de Suzuki SV en Junior Cup adviseren hoe je je motor en de vering moet afstellen, hoe je je starts kunt verbeteren en waar je snellere lijnen kunt rijden. Een uitstekend initiatief van Hennie Lentink en zijn medewerkers, want anders sta je toch maar in je eentje het wiel uit te vinden. Over drie weken staat de volgende race op het programma. En die wordt opnieuw op Assen verreden. Hopelijk heb ik dan het zelfvertrouwen hervonden om weer voluit te gaan op het TT-circuit.



