Vijf vragen: Kawasaki Ninja ZX-6R 636

Voor MOTO73 reed Eddie de Vries afgelopen dinsdag de nieuwe Kawasaki ZX-6R op Assen. En dus is het tijd voor onze vaste rubriek, de vijf vragen!

Assen in maart. Is dat niet bij voorbaat een slecht plan?

Nou nee, maar wel een gok. En de gok kon niet beter uitpakken, eigenlijk. Na een week van kou en regen was het dinsdag zonnig, droog en niet al te koud. Negen graden is niet optimaal, maar toch net genoeg warmte om serieus gas te geven op het TT Circuit.

Hoe nieuw is de ZX-6R?

Die is behoorlijk nieuw. Bekijk de vormgeving en trek je eigen conclusies. Vooral de voorzijde is opgefrist, de neus is wat hoekiger geworden zoals we dat al kennen van de Ninja 400. Tevens zie je een nieuw dashboard, met bediening vanaf het stuur, met nog altijd prominent aandacht voor de analoge toerenteller én versnellingsindicatie. Dat vind ik op een sportmotor essentieel. Het zadel loopt iets verder door naar achteren en dat tekent de insteek van Kawasaki: het is weliswaar een sportmotor, maar je moet er vooral ook mee naar de Eifel en weer terug kunnen. Nieuw is ook de zelfbekrachtigende koppeling mét slipperfunctie, en de quickshifter. Beide vind ik voor op het circuit essentieel.

Showa en Nissin zijn gehandhaafd?

Klopt. Kawasaki heeft de settings voor de vering wat vriendelijker gemaakt, meer geënt op de openbare weg. Natuurlijk zijn de BPF-voorvork en de schokdemper geheel instelbaar. Qua rempartij zijn het Nissin monoblocs die voor de vertraging zorgen, in samenspraak met een mooi radiaal rempompje. Alle hendels zijn trouwens standaard in zes standen instelbaar. 

En het blok?

Die smokkelt met 36cc nog altijd en dat betekent 130 pk aan topvermogen en 71 Nm aan koppel. De tijden dat supersports telkens meer pk’s krijgen, zijn verleden tijd en dat heeft vooral met Euro-regelgeving te maken. Maar, vergelijk deze waarden met die van concurrent R6 en je weet dat de Ninja voor een supersport gewoon erg sterk is. Het gaat te ver om ‘m koppelrijk te noemen, maar je merkt wel dat er onderin gewoon net wat meer punch aanwezig is. Dat wordt flink versterkt door de kortere gearing: Kawasaki heeft de versnellingen simpelweg korter gemaakt en dat is voor op de openbare weg heerlijk. Je hebt net wat meer trekkracht. Dat gaat overigens gepaard met in- en uitlaatgeluid dat de snelheidsbeleving zowat verdubbeld. Prachtig, zoals de ZX-6R klinkt op Assen, de viercilinderhuil resonerend onder de lege tribunes!

Wat gaat ie kosten?

Je hebt ‘m vanaf €12.799, in het zwart. Voor €200 extra heb je de groene KRT-editie. En nee, dat is niet veel geld! Ik heb net even wat oude prijslijsten bekeken en de Kawasaki is simpelweg goedkoper dan ie in de laatste jaren was. Dat is echt opvallend. Deels heeft dat natuurlijk te maken met de aankleding. Een stuurdemper ontbreekt, net zoals een TFT-dashboard en IMU voor tractiecontrole en ABS; om maar wat te noemen. Kawasaki heeft ‘m in de basis betaalbaar gehouden en dat is voor de sportieve straatrijder gewoon goed nieuws. Koop je de ZX-6R louter voor het circuit en snelle rondetijden, dan ga je wel merken dat het ABS minder geavanceerd werkt dan op sportmotoren mét IMU, bijvoorbeeld. Zelf vond ik het op Assen jammer dat het ABS niet gewoon uit te schakelen is, dat zou een mooie toevoeging zijn. Wel werkt de quickshifter voortreffelijk, net zoals de slipperclutch die garant staat voor stabiliteit bij het aanremmen.

Jouw conclusie?

De supersport is terug! Yamaha heeft de R6 als superscherp én duurder circuitwapen waarmee je in supersport-klassen startgerechtigd bent, Kawasaki heeft de ZX-6R als grotere, vriendelijke, betaalbare en toegankelijke sportmotor waarmee je op het circuit meer dan serieus kunt vegen maar net niet startgerechtigd bent in de 600cc-klasse. Ik blijf me verbazen over de prijs en hoop dat we in 2019 weer meer sportmotoren op de openbare weg gaan zien.

Foto boven: Henny B. Stern

Gerelateerd

REAGEER OP DIT ARTIKEL