Schotland: Land van grote raadsels

Schotland heeft naast het Monster van Loch Ness nog veel meer monsters, geesten, duistere plekken en andere mysteries. We maken een magical mystery tour langs raadsels en spannende locaties. [sgpx gpx="/wp-content/uploads/gpx/schotland-raadsels.gpx"] Jan Dirk Onrust Bij ons komen toeristen naar molens en tulpen kijken, bij de Belgen naar Manneken Pis, maar in Schotland komt iedereen af op iets wat nog nooit iemand heeft gezien: het Monster van Loch Ness. Of ze gaan naar de hoogste berg die bijna altijd in nevelen is gehuld: Ben Nevis. Of naar een zwart kasteel waarin het spookt: Edinburgh Castle. Het ...
Schotland heeft naast het Monster van Loch Ness nog veel meer monsters, geesten, duistere plekken en andere mysteries. We maken een magical mystery tour langs raadsels en spannende locaties. [sgpx gpx="/wp-content/uploads/gpx/schotland-raadsels.gpx"] Jan Dirk Onrust Bij ons komen toeristen naar molens en tulpen kijken, bij de Belgen naar Manneken Pis, maar in Schotland komt iedereen af op iets wat nog nooit iemand heeft gezien: het Monster van Loch Ness. Of ze gaan naar de hoogste berg die bijna altijd in nevelen is gehuld: Ben Nevis. Of naar een zwart kasteel waarin het spookt: Edinburgh Castle. Het toerisme draait in Schotland om geheimzinnigheid. Zelfs het nationale gerecht - haggis - is voor de meesten mystery meat en tamelijk eng bovendien. Geheimzinnigheid voelt zich thuis in het Schotse landschap, meer dan in de Noordoostpolder, om maar wat te noemen. En hoe magisch, je hoeft niet eens meer kilometers te rijden dan naar Emmeloord om het eerste Schotse mysterie tegen te komen, merken mijn reisgenoot Jan en ik. Oké, het nachtje varen van IJmuiden naar Newcastle met DFDS laten we dan buiten beschouwing. Tovenarij Op amper 60 km van Newcastle staan we aan de poort voor het eerste Schotse mysterie. Het lijkt wel tovenarij! En dat is het eigenlijk ook. We zijn gearriveerd bij Zweinsteins Hogeschool voor Hekserij en Hocus-Pocus, te zien in de eerste twee Harry Potter-films. In het enorme kasteel - het Muiderslot is er een schuurtje bij - kan je onder andere een cursus bezemsteelvliegen volgen. We zien dat een dame met een duidelijke aanleg voor hekserij gebruik maakt van het aanbod. Met een bezemsteel tussen haar benen maakt ze een sprongetje in de lucht, alwaar een foto van haar wordt gemaakt. Het bewijs van haar vliegkunst. Goed, magie is meestal nep, maar het kasteel is wel echt. Alnwick Castle heet het en het ligt niet in Schotland, zoals in de film, maar in Noord-Engeland. Daarom zijn we er zo snel. Heilige Graal De Schotse grens ligt maar 70 km verder. Daar niet ver vandaan vinden we de volgende geheimzinnige attractie: Rosslyn Chapel, wereldberoemd geworden door de Da Vinci Code. Het voorheen zo verstilde kerkje trekt jaarlijks tienduizenden touringcartoeristen. Inmiddels heeft het een restaurant, een souvenirshop en een toegangsprijs.
Volgens een eeuwenoude legende is de kerk door de tempeliers gebruikt om de Heilige Graal te verbergen. Er zijn allerlei cryptische tegels en beeldhouwwerken te zien die daarnaar zouden verwijzen. Vandaar dat het een dankbaar object was voor schrijver Dan Brown. Dat de kerk pas een eeuw na de ondergang van de tempeliers werd gebouwd door de Schotse ridder Sir William St. Clair, lieten hij en bedenkers van de legende voor het gemak buiten beschouwing. En toch... onder de kerk bevindt zich een grote, verborgen kelder, waar mogelijk toch iets te vinden zou zijn… Maar het kerkbestuur peinst er niet over die te openen. Toeristisch gezien kun je namelijk beter een geheim in je kelder hebben dan een pingpongtafel. 
Dode gids We rijden door naar Edinburgh, ook wel het Athene van het noorden genoemd. Veel monumentale gebouwen dus, maar wel vele tinten donkerder dan in Griekenland. Boven die gebouwen torent Edinburgh Castle uit, dat een lange schaduw over de stad werpt. 's Avonds kunnen de smalle straten van de Old Town en de New Town (ook oud) een tikkeltje onheilspellend aandoen. Met name als geesten verschijnen en doodskreten klinken. Of als een heksachtig type vanaf tweehoog een pispot op straat omkeert. Maar geen zorgen, het zijn acteurs van de Murder and Mystery Walking Tour. En met gids Adam Lyal ben je in veilige handen. Tikkeltje verontrustend is wel dat Lyal in 1811 werd geëxecuteerd wegens struikroverij en dus dood is. Maar hé, dit is Schotland. Alles is hier een beetje spannender. Horror hospitaal We steken binnendoor naar Glasgow, aan de andere kant van het land, wat op deze hoogte maar 75 km rijden is. Glasgow staat bekend als het shithole van Schotland, waar ‘neds’ - tandheelkundig uitgedaagde hooligans met een fles buckfast in de hand - op zoek zijn naar rottigheid. Toch vinden we het eigenlijk best een aardige stad. En hier liggen ook twee dark spots. Edinburgh Castle gaat door voor een van de engste gebouwen van Schotland, maar het Gartloch Krankzinnigengesticht, uit de tijd dat verwarde of onaangepaste mensen nog gewoon krankzinnig werden genoemd (1896), kan ook zo in een gothic horrorfilm. Het ligt op een heuvel aan de rand van Glasgow. Twee lugubere kasteeltorens waar kraaien in en uit vliegen, kapotte ruiten en algeheel verval (sinds de sluiting in 1996) zorgen voor kippenvel. Maar dat kan ook komen door een dame in zwart, wier geestverschijning de temperatuur laat duikelen. Op lijstjes van haunted houses zit Gartloch Hospital inmiddels in de top. Zelfmoordbrug voor honden Aan de andere kant van Glasgow, bij Dumbarton, werd in 1895 een stenen brug op het landgoed Overtoun gebouwd boven een watervalletje. Bijna zestig jaar was er niets aan de hand, daarna raakte de brug zwaar behekst. Er werd een moord gepleegd en vele honderden honden sprongen vanaf exact dezelfde plek plotsklaps de afgrond (15 m) in. Tenminste vijftig overleefden het niet. In de Keltische mythologie was de verklaring snel gevonden. Overtoun Bridge zou van oudsher een thin place zijn, een plek waar hemel en aarde te dicht bij elkaar komen. Na veel speculatie van parapsychologen, hondenfluisteraars en biologen werd het mysterie ontrafelt. Wat het was? We hullen we ons in een geheimzinnig stilzwijgen. Wel geven we een tip: ga niet met je motor de brug op. Dat scheelt een bekeuring. Pa en ma 007 We gaan de natuur in. Eerst langs Loch Lomond en dan van mooi naar steeds ruiger met als voorlopige climax Glencoe, waar de Highlands echt zijn begonnen. Knoepers van bergen hier, boomloos en zompig, met watervallen en veel wandelaars. En een fantastische weg, maar wel een beetje druk. Stilte vinden we als we bovenop de hoogvlakte Etive Road pakken, een doodlopend, kronkelend zijweggetje van 60 km. Het weggetje is behalve om zijn adembenemendheid sinds enkele jaren beroemd om - typisch Schots - iets wat er niet is: het ouderlijk huis van James Bond uit Skyfall. Er werd een aantal scenes opgenomen op de eerste kilometers van de weg, maar het huis zul je niet aantreffen. Niet alleen omdat het explodeerde in de film, maar vooral om het een nephuis was, dat bij een filmstudio in Engeland stond. We zien aan de weg wel iets wat er een beetje op lijkt. Familie van Bond-bedenker Ian Fleming had hier overigens een lodge, een echte. Campbell, hoepel op In werkelijkheid kan het er ook stevig aan toe gaan in de valleien van Glencoe. Leden van de Campbell-clan vermoordden hier 78 ongewapende leden van de MacDonalds-clan, nadat ze er een week te gast waren geweest. Dat gebeurde in 1692, maar is nog lang niet vergeten. Vandaar dat de Clagaigh Inn - oergezellige pub, maar dat terzijde - beperkingen stelt aan zijn gastvrijheid: wie Campbell heet, kan ophoepelen. We rijden door naar Fort William, dat zich de Outdoor Capital van de UK noemt. Het is ook een centrum van dingen-die-niet-bestaan-of-misschien-toch. Hier ligt bijvoorbeeld het werkelijke vertrekpunt van de Zwijnsteinexpress, de Harry Potter-trein. Perron 9 3/4 uit de boeken zou dus in Fort William moeten liggen, maar daar is het niet te vinden. De stoomtrein bestaat wel, heet The Jacobite en vertrekt vanaf perron 1 naar Mallaig aan de kust. Onderweg gaat hij bij Glenfinnan ook nog over het beroemde spoorwegviaduct uit de films. Nessie heeft een zus Op maar drie kwartier rijden ligt Loch Ness met zijn monster. Nessie was het begin van het Schotse mysterietoerisme. Nog altijd komen er dagelijks duizenden mensen kijken, maar zien zullen hem niet. De beste plek om hem niet te zien, is Urquhart Castle, dat dan weer wel. Ooit was het een van Schotlands grootste kastelen, nu is het een prachtige ruïne. Ook ruim bemeten is het bijbehorende bezoekerscentrum, waar Nessie in rijen van tien als souvenir te koop staat. En toch, geef ons maar Morag, de zus van Nessie, het monster van Loch Morar. Het meer ligt gewoon veel mooier, tegen steile bergen, vlak aan zee. In de jaren zestig beweerden twee mannen dat hun boot tijdens een vistochtje was aangevallen door een monster. Of de verzekering dat als geldige reden accepteerde is niet bekend. Daarna volgden nieuwe sightings, onder meer van de eigenaar van een b&b. Toch liet Nessie zich niet verdringen door Morag. Het is er doodstil als we langs de oever rijden. Onzichtbare berg Dichterbij Fort William tenslotte ligt Ben Nevis (1.345 m), de hoogste berg van Schotland. Ben Nevis is de Nessie onder de bergen, want ook die laat zich bijna nooit zien. Per jaar ligt de top 355 dagen in de wolken. Maakt niet uit, met de motor kun je daar toch niet komen. In Mallaig nemen we de boot naar Skye. Zonder dat je er ooit bent geweest, ken je het landschap. Het is mystieke decor in autocommercials, tv-series, muziekclips en speelfilms - van historie tot science fiction. Dat heeft voor zoveel populariteit gezorgd dat het eiland in de zomer zijn gasten nauwelijks kwijt kan. En dan zit het ook nog eens in de nieuwe grote motorrit, de NC500. Dat heeft ervoor gezorgd dat het eiland afgelopen zomer werd afgesloten voor toeristen zonder overnachtingsadres. Wij kunnen via Airbnb nog net onze toevlucht zoeken in een zwarte camper die bij iemand in de tuin staat. Wegenbouw voor dummies Toch lost het allemaal op als we het open berglandschap ingaan. Het voelt ruim en vrij aan op de single tracks, op het desolate af. Alleen bij de topattracties zitten we tussen de - vaak Aziatische - toeristen. Helemaal stil is het op het goeddeels verlaten eilandje Raasay, even voor Skye-hoofdplaats Portree. Hier vinden de eerste raadselachtigheid van de streek: een weggetje van drie kilometer. Jarenlang verzochten de bewoners van het noordelijke deel van het eiland de overheid een verbindingsweg naar het zuiden te maken. Er gebeurde niets. Totdat postbode Calum McLeod het zat was. Hij kocht een soort wegenbouw voor dummies-boek en ging aan de slag met een schep, een pikhouweel en een kruiwagen. Tien jaar later lag er een weg: Calum’s Road. De weg is smal, kan wat onderhoud gebruiken, maar is prachtig, spannend zelfs. En net zo ongelooflijk als een kathedraal die door één man (en zijn broer) met de hand is gebouwd. Buitenaards leven Aan de overkant, op Skye, zien we het volgende raadsel al staan. The Old Man of Storr, een soort obelisk van vijftig meter hoog, die als gevolg van een aardverschuiving tevoorschijn kwam. Het is de populairste attractie van Skye, al moet je er een klein uur te voet voor ploeteren om dichtbij te komen. Uiteraard zit er een mythe aan vast: over een priester die de punt beklom om de duivel aan te roepen, omdat hij een paard nodig had om de zee over te steken. Maar die oude mythe is ingehaald door een nieuwe. En die luidt dat ergens onder de steenpilaar een grot is, waar op een wand de positie is getekend van een verre planeet waar leven is te vinden, dat lang geleden de Aarde verliet. Het gaat hier om een scene uit Prometheus van Ridley Scott, science fiction dus. Of Skye-fi, zoals ze hier ook wel zeggen. In werkelijkheid is die tekening nooit gevonden. Maar ja, dit is Schotland. Het barst hier van de dingen die er niet zijn. Iconische vuurtoren De aardverschuiving van Storr strekt zich uit over een afstand van tientallen kilometers. Op zijn allermooist is de verzakking bij Quiraing Road, die er via een legendarisch mooie haarspeldbocht tegenop klimt. Quiraing Road bevindt zich op de noordpunt van Skye. In het uiterste westen, waar de iconische vuurtoren van Neist Point ligt, vraagt het landschap al net zo om verfilming. Hoge kliffen, dramatische bergen en een single track ernaartoe die heel overtuigend aangeeft dat we het einde van de wereld naderen. Dat je aan het eind de Buiten-Hebriden ziet liggen, doet er weinig aan af. Breaking the Waves en 47Ronin gebruikten het als locatie. Hier even geen mythes of monsters, dat heeft Neist Point niet nodig, want voor je neus zwemt hier van alles dat heel misschien de lochmonsters zou kunnen verklaren: reuzenhaaien, walvissen en bruinvissen. Magische huismus Aan de voet van de hoogste bergen van Skye, de Black Cuillins (tot 1.000 m), liggen de Fairy Pools, een reeks watervallen die op heldere dagen een helblauw bergmeer vullen. Je moet er 40 minuten voor lopen en wat riviertjes overspringen, maar dan ben je wel op een van de meest magische plekjes van Schotland. Net als bij Neist Point kleeft hier geen grootse legende aan. Nou vooruit, er zwemmen soms elfjes in het koude water, maar die zijn in Schotland net zo normaal als de huismus bij ons. Skye is the limit, zeggen ze op Skye, en daar kunnen we niet veel op afdingen. Maar als we aan de vaste wal over het schiereiland Applecross rijden, krijgen we hetzelfde gevoel: veel beter dan dit kan niet. Hier ligt de Appelcross Pass, een van hoogste van Schotland en gebouwd als een Alpenpas, maar dan single track wat hem venijniger maakt. Een bord adviseert onervaren automobilisten er niet aan te beginnen. Tegen de top aan kijken we uit over het komvormige dal met de kronkelende aanloop van de weg, een zeearm en de bergen erachter. En dat springt er ook nog eens een edelhert over de rotsen naast ons. Oogstrelend, maar de vlakke kustweg erachter, met uitzicht op de bergen van Skye doet er bepaald niet voor onder. Skye is misschien de limit, maar het is zeker niet eenzaam aan de top. Applecross is niet heel rijk aan legenden, maar het heeft de gebruikelijke heks en King Arthur liep hier vorig jaar rond voor zijn nieuwste film. Dodelijkste plek ter wereld We gaan honderd mooie kilometers naar het noorden, waar we op de kustweg vlakbij het onbewoonde Gruinard Island terechtkomen. Het ziet er vanaf een afstand prachtig uit, maar het was 48 jaar lang een van de dodelijkste plekken ter wereld. In 1942 werden hier militaire proeven met een variant van de miltvuurbacterie gedaan. Het wapen dat op een schaapskudde werd getest bleek zo dodelijk en vooral zo hardnekkig, dat de Britten besloten het niet te gebruiken. Duitse steden zouden na de oorlog volstrekt onbewoonbaar zijn geweest. Dat gebeurde dus wel met Gruinard Island. Pas na een grote ontsmettingsoperatie werd beperkte toegang in 1990 weer mogelijk. Er leeft nu zelfs een gezonde schaapskudde. Maar sporen van de bacterie zitten nog steeds onder de oppervlakte, waardoor het eiland nog honderden jaren ongeschikt zal zijn voor huisvesting. Die wetenschap maakt alleen al het rijden langs het eiland toch spannend. Het ligt dan ook maar op een kilometertje uit de kust. Whisky en UFO’s We gaan terug door de oostelijke highlands. Hier liggen de twee hoogste wegen van Schotland. De Cairnwell Pass en The Lecht, beiden op nog net geen 700 m en geweldig om te rijden. Het is ook het stroomgebied van de Spey. Langs de rivier zitten vele stokerijen waar ze van water (en nog wat zaken) whisky maken. Dat heeft ongetwijfeld bijgedragen aan de vele sterke verhalen van Schotland. Maar als hier uit wat voor ongenaakbare landschappen het water naar de Sprey stroomt, dan kan het bijna niet anders dat whisky magische eigenschappen heeft. Iets na de Highlands komen we langs het plaatsje Falkirk. Even goed opletten, want hier ligt de Falkirk Triangle. Dit zou het gebied met de meeste UFO-waarnemingen ter wereld zijn: 300 per jaar maar liefst. Of de Schotten zijn een stuk minder nuchter dan wij of buitenaardse figuren hebben een bijzondere voorkeur voor Schotland. Beide mogelijkheden zouden we niet geheel willen uitsluiten.

Doorgaan met lezen?

Om verder te lezen heb je een abonnement nodig. Heb je die al? Dan kun je hier inloggen.

Wil je graag toegang? Kies dan één van onze abonnementen, dat kan al vanaf €2,99 per maand.

MotorNL Digitaal €2,99 per maand

Maandelijks opzegbaar

Alle artikelen uit MOTO73, Promotor en Classic & Retro lees je iedere dag vers online via onze Premium artikelen of de (downloadbare) bladerbare PDF magazines.

Classic & Retro €49,50 per jaar

6 Edities + alle opties van MotorNL Digitaal

Proeflezen? Klik hier

Het prachtige dikke magazine Classic & Retro is iedere twee maanden weer een feest om te lezen. Klassiekers, test, techniek, alles vind je terug in Classic & Retro. Inclusief digitale toegang op Motor.nl (Premium artikelen) en bladerbare (en downloadbare) PDF magazines.

Promotor €64,95 per jaar

10 Edities + alle opties van MotorNL Digitaal

Proeflezen? Klik hier

Het beste magazine voor toerrijders valt iedere maand weer bij je in de bus. Motortests, leuke routes om zelf te rijden, producten en meer. Inclusief digitale toegang op Motor.nl (Premium artikelen) en bladerbare (en downloadbare) PDF magazines.

MOTO73 €93,50 per jaar

22 Edities + alle opties van MotorNL Digitaal

Proeflezen? Klik hier

Iedere twee weken krijg je de laatste motortests, achtergrondverhalen, columns en sportnieuws direct op je deurmat. Maar daar houdt het niet op! Inclusief digitale toegang op Motor.nl (Premium artikelen) en bladerbare (en downloadbare) PDF magazines.

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73, Promotor en Classic & Retro. Redacteuren Ad van de Wiel, Jan Kruithof, Eddie de Vries, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Misschien vind je dit ook interessant?