Freakshow

Freakshow

Mensen zonder het A-rijbewijs hoeven ’s zomers niet verplicht in de auto te gaan zitten. Er bestaan steeds meer motorachtige voertuigen die je mag besturen met slechts het autorijbewijs. We zetten er vier naast elkaar en onderzochten hoe dicht dit bij echt motorrijden komt.

Dat wij als motorrijders eigenlijk heel erg bevoorrecht zijn, merk je vooral in de zomer. Opeens word je vaker dan normaal aangesproken bij het pompstation of op het terras door niet-motorrijders die ineens allerlei vragen gaan stellen over jouw al dan niet glimmende tweewieler. Meestal zijn het mannen van middelbare leeftijd die – zo blijkt vaak later in het gesprek – nooit het motorrijbewijs hebben gehaald om wat voor reden dan ook, en daar nu min of meer spijt van hebben.
Omdat het behalen van de felbegeerde ‘A’ niet meer zo eenvoudig is als een jaar of twintig geleden, beginnen ze er vaak niet meer aan. Om die mensen toch het motorgevoel te kunnen laten beleven, blijken er nog wel wat mogelijkheden te zijn. Zagen we een aantal jaren terug steeds meer trikes in het straatbeeld, inmiddels kun je ook kiezen voor een quad, een driewielige scooter of een soort van waterscooter op wielen.
Wij namen de Rewaco RF1, de Kingquad 750 van Suzuki, de Piaggio MP3 LT en de Can-Am Spyder RS om zelf te ervaren hoe het rijden met zulke randgevallen nu eigenlijk is.

Cabriogevoel
De trike, iedereen kent ze wel. Vaak bestuurd door mannen van middelbare leeftijd met een bandana om het hoofd geknoopt die gepaard met het bekende geluid van een Kevermotor de straten onveilig maken zodra de zon tevoorschijn komt. OK, dat zijn wel heel veel vooroordelen in één zin, maar er zit wel een hoop waarheid in.
Dat er een automotor wordt gebruikt is vooral erg praktisch. Doordat je twee achterwielen hebt, kun je heel eenvoudig gebruik maken van de complete aandrijflijn van een achterwiel aangedreven auto. Zo moet de eerste trike ook ongeveer zijn ontstaan. Zaag de voorkant van een auto eraf en las de overgebleven achterkant aan de voorpartij van een motorfiets en voilà: een trike.
De Rewaco RF1 die wij voor ons hebben staan is dat zelfbouwstadium heel ver voorbij. Dit is een machine die echt helemaal af is. Strak kuipwerk om het motorblok aan het zicht te onttrekken, een fraaie dikke schommelarm-voorvork, dikke wielen en fraaie bekleding laten je inzien dat dit niet zomaar het hobbyproject van de buurman is. Het Duitse Rewaco houdt zich al bijna twintig jaar bezig met het ontwerpen en ontwikkelen van trikes en dat is te zien.
De RF1 die wij tot onze beschikking hebben heeft een Ford-viercilinder als krachtbron die goed is voor 115 pk en 145 Nm. Hierachter is een vijfversnellingsbak geplaatst mét achteruit. De voorwielconstructie bestaat uit een schommelarm-voorvork met een schokdemper die voor de nodige vering en demping zorgt. Het hierin geplaatste voorwiel heeft een band eromheen met een maat die wij eigenlijk alleen als achterband kennen: 180/55 ZR17.
De achterwielophanging is voor ons motorrijders helemaal vreemd. Feitelijk is het een starre achteras met daar bovenop de motor en bak geplaatst. De vering gebeurt door middel van twee gasschokdempers van Bilstein; ze zijn verstelbaar in twee standen: sport en comfort.

Straat op en neer
Nadat ik de machine goed heb bekeken, wil ik ermee weggaan bij importeur Duckers in Venlo, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Omdat de bediening van de RF1 een mengelmoes is van auto en motor, moet ik eerst aantonen dat ik het begrijp en goed in mijn hoofd heb zitten. Net zoals ze bij huurders doen, moet ik eerst even de straat op en neer, terwijl ik nauwlettend in de gaten word gehouden.
Is het dan zo moeilijk om met een trike te rijden? Nee, dat niet, maar je moet er vooral in het begin goed geconcentreerd bij blijven. In je handen heb je een motorfietsstuur met een gashendel en remhendel aan de rechterzijde, tot zover niets nieuws. Maar links aan het stuur vind je niets. De koppeling bedien je, net zoals in de auto, met je linkervoet. Met je rechtervoet bedien je dan weer de achterrem, net zoals je dat op de motor doet. Maar dan het schakelen, want dat moet tussendoor ook nog gebeuren… Dat doe je dus met de linkerhand, middels de typische autoschakelpook die uit de dummytank komt. Voor de goede orde, je mag zonder helm rijden op een trike mits de machine een gordel heeft en je deze uiteraard ook draagt. Doe je dat niet, dan ben je verplicht een helm te dragen.
Goed, de bediening hebben we intussen in onze oren geknoopt, nu maar eens de weg op. In het begin is het uiteraard een beetje onwennig en is het vooral wennen aan het directe sturen. En als je in een verkeerde versnelling een rotonde nadert, valt het niet mee om de koppeling in te trappen en daarbij je linkerhand van het stuur los te laten om te schakelen.
Als alles eenmaal vanzelf gaat, probeer ik steeds meer snelheid te maken, maar hoewel ik dat wel verwachtte, blijft het voorwiel steeds aan de grond. Je zult verwachten dat de Rewaco met het blok achterin makkelijk het voorwiel lift bij stevig accelereren, maar niets is minder waar. De RF1 is echt goed in balans en blijft onder alle omstandigheden goed sturen. Wel direct, een beetje kartachtig, maar altijd strak en goed controleerbaar.
Tijdens het rijden heb je enerzijds wel het motorgevoel, doordat je natuurlijk in de buitenlucht zit en je een ‘gewoon’ stuur in handen hebt, maar de zithouding maakt het toch ook wel erg autoachtig… Het komt nog het meest in de buurt van het rijden met een cabrio.

Liever naast de weg
Het volgende slachtoffer is de Suzuki Kingquad 750 AXI, een quad en dus een vierwieler. All terrain vehicles (ATV) worden almaar populairder en je ziet ze dan ook steeds regelmatiger opdoemen in het verkeer. Deze Kingquad kun je met recht een dikke noemen, want met een cilinderinhoud van bijna 750 cc zullen er niet veel zwaardere exemplaren te vinden zijn.
Het motorblok is een 722cc-eenpitter met een boring van ruim 10 centimeter! Bij 6000 toeren levert dat 50 pk aan maximum vermogen op, het maximum koppel is niet bekend, maar dat zal er ook niet om liegen. Dat is wel nodig ook, want de Kingquad laat de wijzer van de weegschaal niet stilstaan voor hij de 300 kilogram is gepasseerd.
Om dit geheel door zand, modder of wat voor moeilijk begaanbaar terrein dan ook te slepen, heeft de Suzuki een lage gearing. En als dat niet genoeg blijkt te zijn kun je ook nog de vooras sperren.
Net zoals bij de trike mag je met slechts het autorijbewijs rijden op de quad. Met dien verstande dat er geen gordel is en je dus altijd een helm zult moeten dragen. Een groot voordeel van de quad is de automatische versnellingsbak. Iedereen kan dus zo opstappen en wegrijden en hoeft zich niet bezig te houden met koppelen en schakelen. Remmen kun je gewoon met de twee hendels aan het stuur, maar je kunt de achterrem ook met de rechtervoet bedienen; wat je zelf het prettigst vind. Verder is het een echt terreinvoertuig: grof geprofileerde banden, dikke stootbeugels en natuurlijk de legergroene kleur.
Op de weg zul je daar zeker rekening mee moeten houden. Je kunt en mag er zo de snelweg mee op, maar echt verstandig is dat niet. De Kingquad bevindt zich veel liever naast de weg.

Hard werken
Na het starten van de eencilinder is het even kijken wat waar zit alvorens we de Suzuki de sporen kunnen geven. Met een soort schakelpook kun je kiezen tussen lage en hoge gearing, vrijstand en achteruit. Het enige dat wezenlijk anders is dan wat we gewend zijn is de gasbediening. De Kingquad heeft, zoals de meeste quads, een hendel dat je met de duim moet bedienen om gas te geven. Geen draaihandvat dus.
Nou, rijden dan maar. Het is inderdaad even wennen aan de gasbediening, bij de eerste keer gas geven vliegen we wel héél hard van onze plek. De soepele vering met lange veerwegen geeft het nog wat extra sensatie doordat de quad voor je gevoel op de achterste twee wielen er met je vandoor gaat.
Tot een snelheid van zo’n 60 tot 70 km/h gaat het prima, maar gaat de snelheid omhoog op het asfalt dan is de lol er snel af. Sowieso wordt de machine dan erg nerveus, maar ook het sturen wordt dan ronduit gevaarlijk. In de stad moet je al hard werken om hem de bocht door te krijgen. Zonder er naast te hangen ga je bijna gegarandeerd rechtdoor en op hogere snelheid moet je dus goed bij de les blijven.
Nee, daar is hij inderdaad niet voor gemaakt. Het zand in, dat moet-ie! Daar kun je je pas echt uitleven. De ondergrond kan werkelijk niet zwaar genoeg zijn, de Kingquad ploegt overal wel doorheen. En als het echt even lastig wordt, schakel je gewoon de speras in en dan kom je er alsnog wel uit.
De Suzuki Kingquad 750 is een heel erg leuke machine, maar met motorrijden heeft het eigenlijk niet veel te maken. Op straat voelt hij (en de bestuurder) zich niet thuis en dus is het gebruik behoorlijk beperkt. Het is ook geen machine waarmee je een crossbaan op gaat, dus dan blijven er eigenlijk niet zo heel veel plaatsen over waar je met de Kingquad terecht kunt.

Rijdende waterscooter
Dat is niet denigrerend bedoeld, maar wel een reactie die je vaak te horen krijgt als je met de Can-Am Spyder onderweg bent. Niet zo heel vreemd als je je bedenkt dat de machine ontwikkeld is door het Amerikaanse Bombardier Recreational Products, ondermeer bekend van hun waterscooters, tegenwoordig verkocht onder de naam Sea-Doo.
Goed, de Spyder RS dus. Een bijzondere machine met – tegenovergesteld aan de trike – twee wielen voor en slechts eentje achter. In het vooronder hangt een Rotax 1000cc-V-twin, die een maximumvermogen levert van 106 pk en een maximum koppel heeft van ruim 100 Nm. Dat belooft wat!
Op het eerste gezicht heeft deze machine – los van zijn drie wielen uiteraard – het meeste weg van een motorfiets van dit kwartet. ‘Normaal’ gas geven, koppelen en schakelen. Voor de motorrijder opstappen en wegwezen dus, maar voor de automobilist is dat andere koek. Aangezien je ook voor de Spyder een B-rijbewijs moet bezitten om ermee te mogen rijden, zal het voor een niet-motorrijder niet zo heel eenvoudig zijn om ermee weg te rijden.
Omdat het blok op de plaats hangt waar je dat verwacht bij een motor is er in de neus een behoorlijke opbergruimte gecreëerd. Hierin kun je een rugzak en helm makkelijk kwijt.

Safety first
Dat is vertrouwd, niet zozeer de zithouding, maar wel de plaats van alle bedieningsonderdelen, contactslot, dashboard en de startknop aan de rechter stuurhelft. Starten en gaan dus. Zoals verwacht schiet de ruim 300 kilogram wegende driewieler van zijn plaats. Net als op de quad moet je in de bocht flink naast de machine hangen om hem de hoek om te krijgen, waarbij aangetekend moet worden dat de stabiliteit hierbij veel beter is. Ook hoef je niet bang te zijn dat je bij het minste of geringste uitbreekt, want dan grijpt de tractiecontrole wel in. Tsja, Amerikanen hè, safety first dus.
Op alle mogelijke manieren is de Spyder beveiligd. ABS, SCS, TCS, VSS, SCM, you name it… In de praktijk betekent dit dat je achterwiel niet kan spinnen (traction control system), dat je geen gas kunt geven als het stuur niet rechtstaat (stability control system), dat je wielen niet kunnen blokkeren bij het remmen (antilock braking system) en ga zo maar even door.
Als je nog maar net op de Can-Am zit, is dat allemaal prima, maar na een tijdje begin je je er toch aan te ergeren. Een beetje driften is er dus niet bij, da’s wel jammer, want daar leent de machine zich zeker voor.
Toch kun je de grootste lol hebben met de Spyder. De driewieler stuurt en remt waanzinnig goed. Het geluid dat de Rotax-twin naar buiten brengt via de dikke (optionele) Akrapovic maakte het ook zeker niet minder plezierig. In de stad, op buitenwegen en zelfs op de snelweg kun je prima mee uit de voeten. Voorlopig is dit zeker de machine waarmee je het motorrijden het dichtst benadert. In eerste instantie al door de zithouding, maar ook door de snelheid, de power en het geluid.

MP3’tje
Toen de eerste beelden van de MP3 naar buiten werden gebracht, waren de reacties nogal verdeeld. ‘Ziet er wel leuk uit, maar wat moet je ermee?’ en ‘Dat kan toch nooit werken’, passeerden toch wel redelijk vaak de revue. Wat zij (en ik) toen nog niet wisten is dat deze MP3, met wat kleine aanpassingen, gereden mocht gaan worden met slechts het autorijbewijs. Dat biedt opeens perspectieven…
Scooters worden wel populairder, maar blijven een beetje een buitenbeentje. Goed, voor mensen die pas later beginnen met motorrijden en geen ervaring hebben met schakelbrommers kan het wel interessant zijn, maar het imago is niet dusdanig dat iemand er speciaal zijn motorrijbewijs voor gaat halen. Terwijl het zó makkelijk kan zijn als woon-werkvervoer.
Deze MP3 LT kan wel eens een heel belangrijke rol gaan spelen in de overstap van automobilisten naar de motorfiets. Kun je in veel (zuid) Europese landen met je autorijbewijs op een 125cc-motor stappen, hier in Nederland heb je die mogelijkheid niet. Autorijden doe je met het B-rijbewijs, voor het besturen van een motor dien je in het bezit te zijn van het A-rijbewijs, punt. Tot de komst van de MP3 LT, want in feite is het de enige motorfiets, ook al is het een vreemde, waarmee je mag rijden zonder motorrijbewijs.
In eerste instantie was de reeds in 2006 geïntroduceerde ‘gewone’ MP3 er slechts voor de motorrijders. Piaggio probeerde motorrijders te overtuigen door het over veel grip, goede stabiliteit en veiligheid te hebben, maar het mocht allemaal niet baten. Bijna niemand zag het nut ervan in.
Goed, de door ons geteste MP3 LT is de 250cc-variant (hij is er ook met 400 cc). Zoals duidelijk te zien is, is het in feite een scooter met twee voorwielen. Deze voorwielen bewegen mee in de bochten waardoor je meer grip en stabiliteit zou hebben dan bij een gewone scooter. Sta je stil voor het stoplicht dan kun je middels een knop aan de rechter stuurhelft de wielen blokkeren, zodat je rechtop blijft staan. Nooit meer voetjes aan de grond dus.
Verder is alles achter de voorwielen zoals bij elke scooter. Automatische transmissie, een ruim zadel met bergruimte daaronder en genoeg ruimte voor de benen door het ontbreken van een benzinetank op de plaats waar die doorgaans bij een motorfiets zit.

Kinderlijk eenvoudig
Rijden, dat is wat we willen met de MP3. De Piaggio staat geparkeerd met geblokkeerde voorwielen. Je kunt deze ‘vrij’ maken met de knop op het stuur, maar doe je dat niet dan ontkoppelen ze ook zodra de MP3 in beweging komt.
Wanneer je eenmaal rijdt, waan je je op een gewone scooter. Met dien verstande dat het voetrempedaal, bedacht omdat autorijders niet gewend zijn met de handen te remmen, op een hinderlijke plek zit. Je linkerbeen kun je wel bijna strekken, rechts moet je je been opgetrokken houden.
Het remmen gaat buitengewoon goed. De drie remschijven en evenzoveel klauwen aan de voorzijde doen hun werk meer dan goed. Je hebt met twee voorwielen een groter contactvlak met het wegdek dan normaal, waardoor je sowieso meer remvermogen hebt. Tel daarbij een goed werkende achterrem op en je hebt een zeer goed vertragende machine.
Het sturen gaat eigenlijk als vanzelf en de stabiliteit is dermate goed, dat je steeds even een tandje harder door de bocht gaat. De voorwielen geven je het idee dat er geen grenzen meer zijn. Die zijn er natuurlijk wel, maar dan moet je echt heel gekke capriolen uithalen. Onder normale omstandigheden stuurt het heel vertrouwd en zeker en vergeet je na verloop van tijd dat je met een driewieler onderweg bent. Het enige wat wellicht als minpunt beschouwd zou kunnen worden, is dat er wel heel wat bewegende delen in de voorwielophanging zitten, waardoor de vraag ontstaat hoe zich dat op termijn zal houden. Verder niets dan lof over de MPS LT. Als Piaggio iets meer z’n best gaat doen om de machine te promoten onder automobilisten zou het wel eens een groot succes kunnen gaan worden.

Conclusie
Na een dagje stoeien met deze freakshow moeten we de balans maar eens opmaken. Met alle vier de apparaten kun je op een bepaalde manier lol hebben. Ga je het vergelijken met motorrijden dan kun je stellen dat de MP3 LT en de Spyder dit het dichtst benaderen en dat het rijden met de Rewaco-trike en de Kingquad het verst van motorrijden af staan. Maar zoals altijd en helemaal bij deze machines speelt de persoonlijke voorkeur een grote rol.
Hebben we het over het plezier in het rijden dan wordt het alweer een ander verhaal. Dan wint de Can-Am het veruit en vinden we de Piaggio achter in het rijtje terug. Zo beschouwd is de Can-Am Spyder de winnaar van deze test, voor zover je van een winnaar kunt spreken in dit vergelijk. Het rijden met de Can-Am lijkt behoorlijk op motorrijden – qua handelingen tijdens het rijden – en is vooral heel erg leuk. Daarnaast ziet hij er behoorlijk flitsend uit en levert hij meer dan behoorlijke prestaties. Wat wil je nog meer?

De mening van…
Marjo Muntjewerf
Of ik even een top-vier wilde maken van deze vreemde vogels. Tja, da’s moeilijker dan ik dacht. Zondags toeren is fijn met de trike, de Kingquad staat zijn mannetje in de bagger, woon-werkverkeer trotseer je met de MP3 en de Cam-Am is gewoon dikke fun!
Op de Rewaco-trike heb je een comfortabele zit. Zowel rijder als passagier nemen plaats op een soort troon. Ik voelde me even de koning te rijk toen het mijn beurt was om de trike te proberen. Het driewielvoertuig heeft veel weg van een auto (cabrio in dit geval). Koppelen doe je met je voet en schakelen met je linkerhand (!) en dat in Nederland waar wij heel erg aan rechts zijn gehecht. Qua comfort heeft de trike een redelijke voorsprong op de andere vreemde vogels, maar ondanks dat komt hij bij mij op de laatste plaats. Gewoon omdat hij te veel weg heeft van een auto.
Een heftige machine om te zien is absoluut de Kingquad. Hij is lekker groot en ziet eruit alsof niets hem kan tegenhouden. Dat is ook het geval. In de bagger ploeteren, een zandhoop oprijden of je tuin omploegen. Het is allemaal geen probleem voor deze quad. Op de openbare weg is het stuurgedrag overigens niet prettig, je moet goed hangen om de bochten netjes door te kunnen komen. De topsnelheid van 112 km/h geeft op de snelweg geen veilig gevoel en hij pakt ook veel wind, wat het rijden niet gemakkelijker maakt. Ik vind de Kingquad heel leuk om lekker mee te raggen, maar hij is absoluut niet praktisch. Daarom staat hij (helaas) op de derde plaats.
Op het eerste gezicht ziet de MP3 LT er een beetje vreemd uit. Hij oogt als een maxiscooter, maar twee voorbanden is wel een heel apart gezicht. Eerste reactie is natuurlijk dat het niet fijn zal sturen, maar dat is absoluut niet het geval. Hij rijdt heerlijk en is lekker wendbaar. De 250cc’er komt wat power tekort op de snelweg, in de stad of voor woon-werkverkeer is het juist een ideale reispartner. De zithouding is comfortabel en over bagageruimte heb je ook niet te klagen. Bijkomend voordeel is dat de dagelijkse filerijder zonder motorrijbewijs dit voertuig gewoon mag besturen. Dus geen files meer en je reduceert behoorlijk de parkeerkosten. Door zijn gebruiksgemak staat de MP3 LT op plaats twee.
Op numero uno voor mij absoluut de Cam-Am Spider. Het voertuig ziet er niet alleen agressief uit, zo rijdt hij ook! De zit is net zoals bij een motor en ook schakelen gaat hetzelfde. Er mist alleen wel een voorrem bij de rechterhand, maar nadat ik een paar keer had misgegrepen leerde ik heel snel met m’n rechtervoet te remmen. De kracht van het blok, samen met het geluid van de Akrapovic is gewoon geweldig. Groot nadeel is wel dat hij te breed is om door de file te manoeuvreren, maar dat maakt me opeens helemaal niets meer uit als ik met dit gevaarte de weg op mag.
1. Can-Am Spider
2. Piaggio MP3 LT
3. Suzuki Kingquad
4. Rewaco-trike

Tekst: Sjoerd Schipers, foto’s: Lucas Verbeke

 


 

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73, Promotor en Classic & Retro. Redacteuren Ad van de Wiel, Jan Kruithof, Eddie de Vries, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.