Kawasaki KLX250

Wie het kleine niet eert

Tussen alle pk-pakhuizen en koppelmonsters is de Kawasaki KLX250 een vreemde eend in de bijt. 22 pk bij 7500 toeren per minuut en een koppel van 20,5 Nm bij 7000 toeren per minuut waren lang geleden al geen indrukwekkende waardes. Houdt deze minigifkikker zich toch staande?

115, 116, 117. Langzaam maar zeker loopt de digitale snelheidsmeter richting de 120. Veel motoren van de huidige generatie halen deze snelheid met gemak in de eerste versnelling. Bij de KLX heb je dan al lang vijf keer geschakeld. En dan nog merk je aan alles dat de Kawa zich als een geblesseerde wielrenner op de Alpe d’Huez voelt. De 249cc-eencilinder stampt ontzagwekkend. Veel meer zit er echt niet in. Plat op de tank liggend weet de Kawa er 125 kilometer per uur uit persen. Maar op het moment dat ik met mijn 1.85 meter lange lichaam weer rechtop ga zitten, staat er op het goed afleesbare display weer 115. Verder dan dit wil ik met mijn motorhart niet gaan, hoewel het de brug af nog harder moet kunnen. Maar waarom? Het mag duidelijk zijn, de KLX is hier niet voor gemaakt. Met een Harley-Davidson is een ronderecord op Assen ook mijlenver weg, daarvoor pak je wel een Ducati Desmosedici of een Yamaha M1. En zo is het precies met de KLX. Je kunt er met z’n tweeën op, maar je moet wel een hele innige relatie hebben met de passagier(e). De stepjes zitten à la een supersport hoog gemonteerd, het zadel doet z’n best het zo ongemakkelijk mogelijk te maken en van de 22 pk blijft gevoelsmatig niets meer over. Waarom zou je dan toch een KLX kopen?

Gifkikkertje
Reden genoeg! Zo lang je niet op de snelweg, en beter ook niet op de provinciale weg rijdt, kun je veel lol beleven met dit gifkikkertje. Dat begint al in de stad. Want met een rijklaargewicht van 138 kilo slinger je als in die goede oude brommertijd tussen de auto’s door. Dankzij het lage gewicht is de Kawa ook perfect hanteerbaar als je wilt parkeren of ‘m in de schuur moet proppen. Even met je knie eronder en de KLX staat een kwartslag gedraaid. Zelfs de ketting smeren in je eentje is dankzij het extreme Sonja Bakker-dieet een fluitje van een cent. Omdat de gearing erg kort is, zul je zeker in de stad veel moeten schakelen. Geen probleem, want de versnellingsbak verstaat zijn vak. Tijdens de hele testsessie op de weg levert het veranderen van versnellingen geen enkele keer een bak geratel op. Zelfs niet op momenten dat de koppeling even mocht rusten. Dat is namelijk wel een pré voor sportief rijden vanwege de korte gearing. Ook kun je bij stoplichtsprintjes beter de eerste versnelling achterwege laten. Deze is nog korter dan kort, waardoor je bijna al moet schakelen voordat je voet van de grond is. Eenmaal buiten de stad houdt het niet op. Tenminste, als je op B-wegen rijdt. Ondanks de forse zithoogte (890 mm), grote grondspeling (285 mm), aanzienlijke veerweg (voor 255 mm, achter 230 mm) en de noppenbanden kun je nog heel behoorlijk sturen. Natuurlijk, het zwabbert en deint behoorlijk, maar je hebt geen moment het gevoel dat de motor met jou aan de haal gaat. Zoals je dat ongetwijfeld had tijdens je eerste rijles. Bang om te laat stil te staan hoef je niet te zijn. Ook bij sportief doorrijden volstaat de voorrem. Door de lange veerweg duikt-ie wel behoorlijk, maar het gaat niet te koste van het gevoel. De achterrem doet het ook heel aardig. Zeker in de file handig. Natuurlijk zochten we met deze Kawasaki ook het onverharde op, een mountenbikeroute om precies te zijn. Daar hield de KLX250 zich redelijk staande. Er komen vanzelfsprekend niet zomaar een aantal pk’s bij. Wel ontstonden er problemen met de versnellingsbak. Die schoot regelmatig in z’n vrij, een probleem dat op de weg niet speelde. De vering deed het daar redelijk. Toch merkte je ook hier dat de KLX zich er niet echt thuisvoelde.

Tankend vooruit
Zoals zovaak bij semi-offroads, of Dual Purpose zoals Kawasaki het noemt, is de tankinhoud niet geweldig groot. Als je 7,7 liter Euro 95 hebt verstookt, is het tijd om heel snel een tankstation op te zoeken. Gemiddeld sprong na 125, 130 kilometer het reservelampje aan. Er gaat dan ruim vijf liter in, wat het gemiddelde brengt op 1 op 22. En dat is een hele nette waarde aangezien je bijna altijd volgas rijdt met de KLX. De gasreactie is perfect. Geen schokkerig gedrag. Natuurlijk scheelt het dat je zelden op deellast rijdt vanwege het beperkte vermogen. De KLX is leverbaar in het lime green (groen) en zwart. Voor 4998 euro mag je je eigenaar noemen van het groentje van Kawa. Dit bedrag is inclusief 19 procent BTW en BPM, maar exclusief de kosten voor rijklaar maken en het op kenteken zetten van de motor. Feit is dat je voor dit bedrag niet zo heel veel keuze hebt bij nieuwe motoren. In de tweedehands sector is dat echter helemaal anders. Daar heb je voor vijf ruggen een grote keuze uit zeer volwassen motoren. Het is aan jou…

Tekst: Marien Cahuzak, foto’s: Jacco van de Kuilen

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73, Promotor en Classic & Retro. Redacteuren Ad van de Wiel, Jan Kruithof, Eddie de Vries, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Misschien vind je dit ook interessant?