Krugger Goodwood

Pekelvreter te koop

Bouwjaar: 2007. Racegebruik: enkel 6 september 2007. Topsnelheid: 136,25 mijl per uur. Straatgebruik: rondje Saint-Tropez en boodschappen. Verder altijd binnen gestaan. Te koop wegens overbodig: de Krugger Goodwood.

De eigenaar annex verkoper trekt een wollen plaid van de langgerekte, extreem lage contouren in de hoek van zijn schuur, midden in de Belgische outback, waar het buiten altijd miezert. Nogal excentriek, het ‘te koop aangeboden’ object, zo blijkt bij de onthulling. Nogal jong, de verkoper, vergeleken bij het klassieke beeld bij ‘van oud vrouwtje geweest’. ‘Nou, soms ga ik hier verderop wel eens een brood halen, haha, of rijd ik ermee naar Francorchamps als er iets te doen is’, lacht de ‘maître bricoleur’ uit Basse Bodeux, in de donkere Ardennen. Hm, je hoeft over weinig fantasie te beschikken om je de reacties van omstanders voor te stellen du moment dat jij, potentiële Goodwood-klant, deze extreme special lukraak op het parkeerterrein achter de TT-tribune parkeert…

Horten en stoterstangen
Maar zowel een van ’s werelds origineelste specialbouwers als de ultralange racesigaar in Manx-kleuren heeft wel meer op zijn kerfstok dan een beetje shoppen in de regio. De ‘meesterknutselaar’ en zijn Goodwood zijn goed voor een geslaagde recordpoging op de Bonneville Salt Flats, de zoutvlaktes waar jaarlijks de Motorcycle Speed Trials plaatsvinden. Verwacht geen CNN-waardig doorbreken van de geluidsbarrière door een supersonisch aangedreven eenling, maar binnen het hele evenement met talloze snelheidsklassen schreef het duo Krugger-Goodwood de 1000 cc ‘Altered Partially Streamlined Pushrod Production’ op zijn naam met een gemiddelde snelheid van 136,25 mph (218 km/u) over de mijl. Die APS/PP-klasse bestaat dus uit aangepaste, gedeeltelijk gestroomlijnde stoterstangen-productiemotoren van maximaal 1000 cc, waarbij gebruik moet worden gemaakt van standaard carburatie, cilinders en cilinderkoppen.
Een perfectionist als Fred ‘Krugger’ Bertrand kennende, moet de verkeerde klassetypering op de kont van de Goodwood (een vergissing van Fred tijdens de uiterst stressvolle afronding van het project) een terugkerende doorn in beide ogen zijn. Da’s dan nog wat huiswerk voor de toekomstige Goodwood-eigenaar: ASJ/PP (laten) wijzigen in APS/PP. Het racenummer 351 verdient het ongemoeid te worden gelaten; met dat nummer behaalde Fred Bertrand in de jaren tachtig zijn Belgische enduro-kampioenschap.

Munro
Even moe van zijn (formidabele) café-racers, board-trackers en andere ‘old skool-projecten’ van voorheen wilde Krugger met de Goodwood een showmotor maken die niet alleen reed (een eigenschap die nogal eens wil ontbreken bij extravagante specials), maar ook nog pijlsnel was, waarbij het uiterlijk diende te knipogen naar de Britse motorcultuur, met onder andere de Norton Manx als vaandeldrager. Daarbij werd hij geïnspireerd door de film ‘The World’s Fastest Indian’ over de excentrieke sprintlegende Burt Munro, ‘maar om me niet te veel te laten beïnvloeden, heb ik de film pas gekeken nadat de Goodwood klaar was’, aldus Fred Bertrand, ontwerper, ingenieur, metaalbewerker, carrosseriebouwer, elektricien, lasser en spuiter. Negentig dagen aan één stuk, zeven dagen per week, twaalf uur per dag duurde de bouw. ‘Het was wel bizar dat tijdens het project steeds vrienden langskwamen die de film wel hadden gezien en zeiden dat de mijne steeds meer op die uit de film begon te lijken, haha. Vooral als ik weer eens op mijn Goodwood ging liggen om de zithouding te definiëren.’
Overigens reed 68-jarige Munro tijdens zijn record in 1967 met nummer 35, bij toeval terug te vinden in Goodwoods 351. Resultaat van de Nieuw-Zeelander op zijn toen 47 jaar oude Indian: 205,67 mijl per uur, ofwel 331 km/u.

Rijmend design
Gezien de vereisten van zijn geselecteerde sprintklasse in Bonneville vormde een Buell XB9R-blok de logische keuze, omdat die met 984 cc net onder de limiet van één liter figureert. Met wat finetuning levert dat blok 79 pk aan het achterwiel. Niet duizelingwekkend veel, maar wel goed – gezien de stroomlijn – voor een hoge top. Die krachtbron vormt een dragend gedeelte in een uiteraard eigenbouw buizen-brugframe, waarbij het bovenste gedeelte bestaat uit dubbele pijpen die het blok aan de bovenzijde omklemmen. Een eigenbouw balhoofdconstructie staat in verbinding met de Girder-vork, die dus gebruik maakt van een Fox-monodemper. Onder de ‘optische’ benzinetank huizen alleen de airbox, de injectie en het drie liter grote oliereservoir. De ware brandstoftank zit in de billenpartij met twee gedeelde reservoirs van zes liter. Buitengewoon knap om zowel de voor- en de achtervork als de tank-zitcombinatie op identieke wijze in design uit de verf te laten komen. Die tank moest worden gedeeld om plaats te bieden aan het centraal geplaatste uitlaatsysteem, dat met zijn mondingen weer ‘rijmt’ met de voorste koplampen.
De achtervork bestaat uit een verhulde buizenconstructie, scharniert in het motorcarter en heeft diens Fox-demper op kruishoogte zitten. Het rollend gedeelte wordt verzorgd door twee gerecyclede V-Rod-wielen, de remmende afdeling door Beringer met zeszuiger tangen voor en zelf gedraaide remschijven. De wielbasis bedraagt 1.550 millimeter, de balhoofdhoek 32 graden. Aan de voorzijde zit een 19 inch wiel, achter een 18 inch exemplaar.

Papsneeuw
Ook in statische vorm is de Goodwood een prijzen-in-de-wachtsleper. Naast winnaar van het Hog Eurofestival in Saint-Tropez en de Racing Kustom Show van Parijs werd Krugger dankzij zijn Goodwood uitgeroepen tot ‘Master builder’ bij de Artistry in Iron-wereldkampioenschappen in Las Vegas. Die verkiezing vond plaats na het Bonneville-avontuur, ‘dus was het wel handig de motor heel te houden op de zoutvlakte. Door zeldzame regen was de zoutvlakte zo glad en waren er al zoveel crashes geweest, dat het erom hing of de wedstrijden wel doorgang zouden vinden’, herinnert hij zich, relaxed leunend op een draaibank in zijn klassieke werkplaats. ‘Je moet je voorstellen dat het hele gebied zo’n veertig bij tien kilometer beslaat en een ritje naar de paddock is zomaar tien kilometer. Je rijdt voor het gevoel op sneeuw en verliest door die witte vlakte je oriëntatie, maar nu leek het wel papsneeuw, zo nat als het was. Daardoor zag je vlak na de start al nauwelijks meer iets door je vizier. Serieuze controle was ook vereist doordat het achterwiel vanaf de start over bobbels begon te spinnen en daarmee doorging tot bijna topsnelheid. Zo bizar met niet meer dan 80 pk aan het achterwiel’, aldus Krugger. Een nadere blik op het mechaniek leert een roestvrije afwerking, ondanks de aanwezigheid van ‘korstjes’ zout in de rijrichting. Souveniertje uit Bonneville, Utah.
En zoals het een goed sportman betaamt, vindt hij natuurlijk dat er wat meer in had gezeten: ‘Veiligheidshalve reden we de “short track”, niet de lange baan, en dat scheelt in je aanloop. Ook dat natte zout scheelt zomaar tien kilometer per uur door extra rolweerstand en ook was de carburateurafstelling niet optimaal. Bonneville ligt op 1.800 meter hoogte, vandaar…’

Straatklaar,  bijna
Zou je denken dat de Goodwood per definitie is veroordeeld tot een uitzonderlijk vroegtijdig pensioen als etalagemotor, salontafel of stellingkast, dan heb je het mis. Kruggers sprinter heeft keuringen doorstaan en staat op kenteken, al moet Fred als toef op de taart nog een set ledjes monteren bij wijze van achterlicht. Voor de rest, hup, de straat op als showbike-de-luxe. Soms, als het uitkomt, knalt het duo naar Francorchamps, maar de echte publieke langeduurtest vond vorig jaar plaats. ‘Toen zijn we tijdens het Hog-treffen in Saint-Tropez met wat maten in de regio gaan toeren. In totaal heb ik daar iets van vijfhonderd kilometer met de Goodwood gereden en dat ging nog goed ook. Je voeten moeten even aan de lighouding wennen, maar meer ook niet. En over de hoeveelheid bekijks hoef ik het niet te hebben, nee…’
En de Hollandse hamvraag: ‘Wa kost da?’ Fred kijkt nog even naar zijn recordmachine voordat deze weer door de plaid wordt bedekt, wipt wat ongemakkelijk op beide benen en mompelt: ‘Zet er maar in dat je voor het geld een mooie Duitse sportieve auto kunt kopen…’ Klinkt redelijk: want wat moet je met zo’n bolide als je voor hetzelfde geld kunt beschikken over ’s werelds mooiste, meest bijzondere pekelvreter?

Tekst: Joost Overzee
Fotografie: Eric Corlay

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73, Promotor en Classic & Retro. Redacteuren Ad van de Wiel, Jan Kruithof, Eddie de Vries, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.