Yamaha FZ6 S2 ABS VS Yamaha XJ6 ABS

Familievete

 

Yamaha hoefStrijd binnen de familie! De broertjes FZ6 en XJ6 zijn op het eerste oog vrijwel gelijkwaardig, maar strijden binnen hetzelfde segment om de podiumplaatsen. Terwijl de XJ6 zich presenteert als gemakkelijke opstapper, pretendeert de FZ6 een ware hooligan te zijn.t zich nergens voor te schamen. Het komt in de beste families voor: strijd binnenshuis. Zelfs in onze meest blauwe familie van het land, de koninklijke familie, kan niet iedereen met elkaar door één deur. Het was koningin Beatrix die het publiekelijk aan de stok had met prinses Margerita. Hoopgevend voor Yamaha is dat de twee koninklijke kemphaantjes het inmiddels hebben bijgelegd. Iets minder hoopgevend is de afloop van de eerste familievete ooit op aarde. Het was Kaïn die zijn broer Abel doodde, vader Adam en moeder Eva in verbijstering achterlatend. Dat een familieruzie ook tot groot fortuin kan leidden blijkt wel uit de ruzie tussen de broers Rudolf en Adolf Dassler. Tijdens de Tweede Wereldoorlog leverden zij als compagnons schoenen aan de Wehrmacht, maar nadat Rudolf zijn broer bij de autoriteiten aanmeldde als ‘politiek onbetrouwbaar’ was het gedaan met de broederliefde. De beide bedrijven die daaruit voortvloeiden – Puma (Rudolf) en Adidas (Adolf) – zijn nu miljardenbedrijven die de markt van sportartikelen samen met Nike in bezit hebben. Moraal van dit verhaal? Dat het alle kanten op kan met de broertjes XJ6 en FZ6. Verzoening, verbloeding of verrijking; we gaan het zien.

De basis
We zijn natuurlijk wel Nederlanders, dus kijken we als eerste zo onopvallend mogelijk naar de prijskaartjes met daarop het bedrag waarvoor je beide broertjes kunt aanschaffen. € 8000 voor de XJ6 ABS, dit is € 1000 minder dan dat je voor de FZ6 S2 ABS betaalt. Richten we het oog op de motoren zelf dan vallen er onmiddellijk enkele details op die dit prijsverschil onderstrepen. Zo is de FZ6 bijvoorbeeld voorzien van een gedetailleerd zadel, wordt de achterkant gesierd door seatpipes en is het geheel van de motor meer gedetailleerd: meer vorm en belijning. De XJ6 kent iets minder bijzonderheden en lijkt met minder penstrepen op papier te zijn gezet. Het is een groter geheel, dat er toch absoluut niet verkeerd uitziet. Toch springen enkele details in het oog. Zo lijkt er, ten opzichte van z’n broer, bijvoorbeeld bespaard te zijn op de uitlaat, dat nog net als stompje vanuit de katalysator een kijkje naar de buitenwereld neemt. Of wat te denken van de kale achterbrug, terwijl de FZ beschikt over een fraaier exemplaar. En het frame… Het stalen buizenframe tegen het aluminium brugframe, van respectievelijk de XJ en de FZ.
De broers zijn uitgerust met hetzelfde blok, maar dat van de XJ is meer op koppel en rijgemak gericht. Hiervoor heeft Yamaha de cilinderkop vooral onder handen genomen waarbij de grootste winst uit de herziene klepbediening is behaald. De kleppen gaan iets minder ver open en kennen een andere timing. Ook is de diameter van de gasklephuizen verkleind, terwijl de laatste bijdrage voor het rijkere laag- en middengebied wordt gedaan door de pontificale uitlaatpot onder de Yamaha. De ‘grote broer’ is duidelijk sportiever en wordt door Yamaha zelfs gelinkt aan de R6. Niet raar, met de supersport als donor van het motorblok. Meer pk’s en een hoogtoeriger karakter dus voor de FZ.
Beide motorfietsen zijn dus voorzien van het bekende 600cc-viercilinder-in-lijn-motorblok, waarmee de FZ6 qua pk's én koppel een voorsprong neemt: 98 pk en 63,1 Nm tegen 78 pk en 59,7 Nm van de XJ6. Het verschil duidt zich vooral in pk’s, terwijl de XJ qua topkoppel nauwelijks onderdoet voor z’n broer. Toch spreekt de XJ het maximale koppel al in een veel eerder stadium aan, bij 8500 toeren per minuut. De FZ doet dit 1500 toeren later. Hoe je dit ervaart bij het rijden? Ook dit gaan we zien…
Qua rempartij, toch niet onbelangrijk, zullen de familieleden elkaar niet gauw aftroeven. Visueel gezien dan… Beide voorpartijen worden namelijk gesierd door 245mm-schijven. De achterwielen worden vanzelfsprekend afgeremd door een enkele schijf, met een diameter van 298 millimeter. Het verschil zit ‘m in de remklauwen. Waar de XJ het moet doen met twee zuigers die zorgen voor het contact tussen remblok en schijf, heeft de FZ vier zuigers paraat staan. Aan de achterkant hebben de broers van Yamaha samen twee zuigers gekregen en eerlijk verdeeld.

Ritsma tegen Wennemars
De blokken mogen dan op veel punten overeen komen, al bij de eerste meters merk je verschil. Wil je met de FZ wegrijden dan heb je ietsje meer koppelingsslip nodig, terwijl de XJ zich gewilliger en makkelijker vooruit laat dirigeren. Laatstgenoemde voelt iets bulliger en volwassener. Qua vermogensopbouw voelt de FZ, zoals verwacht, wat elastischer dan de XJ, die direct onderin meer power voor handen heeft. Je zult dus, wanneer je van sportief rijden houdt, met de FZ een stuk hoger in toeren moeten rijden dan met de XJ6. De één vindt het leuk, de ander vervelend.
De beide Yamaha’s kennen trouwens een heel klein aangrijpingspunt van de koppeling. In het begin even wennen, maar eigenlijk juist fijn. Qua schakelen geven de beide broers geen krimp. Beide versnellingsbakken voelen goed en je schakelt nauwelijks, of eigenlijk nooit, mis.
Op lagere snelheid is de XJ z’n volwassener broer absoluut de baas. En dan hebben we het niet over het extra koppel, maar over het vederlichte stuurgedrag. De XJ laat zich uiterst licht manoeuvreren en is in het stadsverkeer de absolute koning. Niet dat de FZ onhandelbaar is, maar het voelt gewoon allemaal net wat zwaarder en het vergt iets meer fysieke overtuiging. Qua gasrespons en injectie doen de broers niets voor elkaar onder. Geen van beide hikt op lagere snelheid en er wordt perfect naar de stand van het gashendel geluisterd.
Gewoon zittend op beide motoren komen de zitposities in grote mate overeen. Het is de FZ waarop je nét iets sportiever zit, qua rug- en armhouding. In de XJ vallen je benen wat meer in de motor, al heeft dit ook weer met je lichaamslengte te maken. Het stuur van de XJ is, door de bevestigingspunten om te draaien, 20 millimeter naar voren te zetten. Een overduidelijk meer sportieve zit is daarvan het gevolg.
Voor kleinere mensen biedt de XJ6 meer controle bij stilstand, en niet eens zozeer vanwege de 10 mm lagere zithoogte. Het is het bredere zadel van de FZ dat ervoor zorgt dat je je benen minder makkelijk naar beneden vouwt. Toch sleept het kleinere broertje vier kilo extra lichaamsgewicht met zich mee, maar hier merk je dus niets van. Je zou het, op lagere snelheid, juist aan de grotere broer toeschrijven. Dit is onder andere te wijten aan de massacentralisatie van de XJ, die met de uitlaat onder het blok een voorsprong neemt op z’n broer. De seatpipes, die toch flink wat gewicht in de schaal leggen, zijn hoog gesitueerd. Zéker ten opzichte van de Buellachtige uitlaat van z’n broertje. En dan natuurlijk nog de 180-achterslof, terwijl de XJ een wat lichtvoeterige 160 gemonteerd heeft.
Goed, tot zover de handelbaarheid, nu gaan we ’s écht rijden. We verlaten de stad en het gas gaat er serieus op. Al vanaf de eerste stoplichtsprint is het dan de FZ die de XJ z’n seatpipes laat zien. Trap de XJ in z’n twee, en dan is het je maat op de FZ die nog even dooraccelereert in de eerste versnelling. De FZ piekt vrolijk door, jankt het uit, terwijl de kleinere broer alweer in het middengebied van de tweede versnelling zit. Een treffend verschil te vergelijken met Haile Gebrselassie tegen Usain Bolt, Rintje Ritsma tegen Erben Wennemars.
Het is de XJ die zich kenmerkt door z’n souplesse, en de FZ die zich qua snelheid makkelijk verweert door z’n explosiviteit. Maar het is de vergelijking die ervoor zorgt dat de FZ zo piekerig lijkt en de XJ zo kort van kracht. Het is echt niet zo dat je met de FZ constant boven de 8000 toeren moet rijden. Of dat de XJ enkel koppel en geen pk’s heeft.

Nederland waterland
Tja, we zouden bijna vergeten waar het om draait in motorland: bochten. Ook hiervoor kijken we wat verder dan het stadsgebruik waarin de XJ de meerdere bleek van de FZ. Dus vermaken we ons onder meer op de slingerende polderwegen die ons land rijk is, en nemen we de Yamaha’s mee naar de Bommelerwaard en het Land van Maas en Waal. De geoefend kaartkijker (zouden die Apachepiloten misschien eens moeten leren…) weet hier zonder moeite mooie stuurwegen te vinden. Van kleine boerenweggetjes tot slingerende wegen langs veel water en weiland, waar je in alle rust en ruimte mooi je eigen tempo kunt rijden.
Al gauw wordt het verschil in vering en demping tussen de beide broers duidelijk. De XJ mag dan meer comfort bieden, het is de FZ die qua vering meer geschikt is voor het snelle sportievere werk. Op de met klinkers bezaaide boerenweggetjes is het de XJ die je rug het meest ontlast, terwijl de grotere broer er op de betere wegen al gauw vandoor spurt.
Samen met het sportievere blok wordt het zo langzamerhand wel duidelijk dat de broers elkaar niet eens zozeer in het vaarwater zitten. De inborst van de familieleden verschilt behoorlijk, in samenhang met het veerwerk en de mate waarin beide motoren je uitnodigen tot een bepaald rijgedrag. De XJ is bedaard, maar toch bijzonder makkelijk te rijden en voorzien van een fijn koppelrijk blok. Daarentegen nodigt de FZ je in alles uit tot een sportievere rijstijl, vreemde capriolen en snelheden waar de Bommelerbevolking niet zo over te spreken zal zijn.
Snelheden waarbij het zaak is goed in de gaten te houden wat er achter je rijdt. En dan zit je toch weer het best op de XJ; de saaiere maar meer degelijke spiegels bieden het beste zicht op datgene dat zich achter je afspeelt. De fraaie volop blinkende spiegels van broerlief zijn meer gevoelig voor motortrillingen, al valt de vertroebeling wel mee omdat de blokken nou eenmaal vrijwel naadloos lopen. Zo naadloos dat je voor het stoplicht staande soms echt even op de toerenteller kijkt. Is-ie afgeslagen? Nee dus. Mooi, maar het ingeperkte geluid van de XJ is toch wel een domper. Z’n broer laat meer van zich horen, door de bijzonder fraaie uitlaten die onder het kontje uitkijken. Ouderwets? Nee man! Nou ja, misschien wat verouderd. Maar toch echt mooier dan het stompje dat onder de XJ gebakken zit. Ja-ja, smaken verschillen, het zal best. Toch heb ik niemand lovend gehoord over het ‘stompje’, terwijl de seatpipes alom worden gewaardeerd. En bovendien, we willen als motorrijder best wel een beetje lawaai horen. Al heeft dit ook weer te maken met het motorkarakter van de FZ, je rijdt wat hoogtoeriger waardoor er ook automatisch meer wordt gejankt vanuit het motorblok. Mooi! Oh nee, smaken verschillen…
Het meer hoogtoerige karakter zorgt vanzelfsprekend ook voor een meer dorstige inborst. Met een enkele uitschieter richting de 1 : 15 tegen het meest dorstige verbruik van 1 : 16 van de XJ valt het eigenlijk nog wel mee. Gemiddeld kwamen beide motoren rond de 1 : 18 uit. De actieradius van de FZ ligt daarmee een stukje hoger, omdat de inhoud van de benzinetank 19,4 liter bedraagt. Z’n broertje moet het doen met 17,3 liter, zodat die wat eerder bij de pomp staat.

Kabbelende overpeinzingen
Je zou verwachten dat de FZ z’n kleine broer er met gemak zou uitremmen, maar dan kom je bedrogen uit. Jazeker, de remmen voelen iets strakker en directer aan, maar wel met de nadruk op ‘iets’. Het is, al remmend met het goedkopere broertje, soms onvoorstelbaar dat hier tweezuigerklauwen het werk doen. De vertraging is echt goed en het gevoel vanuit het remhendel ook. Je hebt naar eigen idee een vrij directe lijn tussen je vingers en de remblokken. Z’n broer heeft een net iets directere bite, zonder al te indrukwekkend te zijn.
Wel indrukwekkend is het ABS-systeem op beide Yamaha’s. Vol aanremmend voor het stoplicht komt het achterwiel vrolijk omhoog. Het ABS-systeem lijkt de situatie even af te wachten, waarna er pas wordt besloten om de voorrem even te lossen. Of je dit fijn vindt of niet is natuurlijk je eigen keuze. Ik persoonlijk vind dat het ABS vaak te vroeg ingrijpt, waardoor ik de beide Yamaha’s een verademing vind.
Zittend aan het water overpeinzen we onze indrukken. Is de FZ nou zo’n scheurneus? En de XJ het saaie broertje? Het contrast is er zeker, maar je hoort ons niet zeggen dat de XJ saai is. Gemoedelijk, dat is een betere omschrijving. Handelbaar, dat ook. En bovendien uitblinkend qua souplesse en inzetbaarheid. Absoluut een verrijking voor de modellijn van Yamaha, zonder al te veel klanten van de FZ-lijn af te snoepen. De XJ is zo’n typische motor waar je op een mooie zomeravond opstapt om rustig de landweggetjes af te rijden. Lui rijdend, weinig schakelen en niet ál te veel gekke dingen doen. Met de FZ is dit ook best mogelijk, maar de motor stelt je veel meer tevreden wanneer je het gas wat verder open draait. Actief rijden, actief sturen en alles in een wat hoger tempo. Ik denk dat Yamaha er goed aan zou doen om de FZ nog net iets meer als die scheurneus te positioneren. En daar is maar weinig voor nodig. Met een instelbare voorvork bijvoorbeeld. Want de FZ mag dan een stuk sportiever geveerd zijn, de stelmogelijkheden ontbreken vooraan. Achteraan is enkel de veervoorspanning instelbaar. Net zoals bij de XJ…
Ook precies hetzelfde zijn de dashboards. Zo’n universeel Yamaha-ding dat je op veel modellen terug ziet. Mooi? Nee. Duidelijk? Ja! De toerenteller is goed af te lezen, in het digitale gedeelte vinden we een handige benzinemeter, de selectieknoppen zijn makkelijk te bedienen en de digitaal weergegeven rijsnelheid is ook goed afleesbaar.

Ieder z’n plek
Terugkomend op de familieruzie in het koninklijke huis, de dodelijke ruzie tussen Kaïn en Abel en de gefortuneerde strijd tussen Rudolf en Adolf ziet het er voor de beide Yamaha’s zonnig uit. De FZ6 zal de XJ6 niet doden, terwijl de XJ6 zijn broer niet zal aangeven bij de directie in Iwata. Het lijkt erop dat de broers aardig gefortuneerd kunnen raken in hetzelfde marktsegment, zoals de broers Dassler dat ook deden. Voor de leek zijn de motoren op ’t oog op veel punten hetzelfde. Met de verschillende blokkarakters zetten zij echter de eerste stap richting veelzijdigheid. De XJ is écht de makkelijke opstapper, terwijl de FZ zich écht van z’n broertje onderscheidt wanneer het op snelheid aankomt. Beide modellen overlappen elkaar in de marge, net zoals Adidas en Puma nog steeds concurrenten van elkaar zijn. Maar zeker niet veel, en daardoor kan Yamaha opgelucht adem halen. Pfiew.

Is gewoon niet goed genoeg?
Dan kun je in het geval van de FZ6 S2 ABS voor de Kando-uitvoering gaan. De MT-01, MT-03, FZ1-N, FZ1-N ABS, XJR1300 en dus onze FZ zijn in deze speciale uitvoering te verkrijgen. De gehele motor is dan voorzien van een witte parelmoerlak. Hierop zijn enkele stijlkenmerken aangebracht, zoals de Japanse vlag op de tank, enkele Japanse tekens en de stadsnaam Iwata, de bakermat van Yamaha. Alle Kando-modellen worden op bestelling met de hand afgewerkt, wat een levertijd van zo’n drie weken met zich meebrengt. Meerprijs? Niets!

Tekst: Eddie de Vries, foto’s: Jacco van der Kuilen

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73, Promotor en Classic & Retro. Redacteuren Ad van de Wiel, Jan Kruithof, Eddie de Vries, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Misschien vind je dit ook interessant?