Test Harley-Davidson Street 750

HarlyD-6759

Harley-Davidson gaat vreemd. Na een ´second love´ met het door Porsche ontwikkelde watergekoelde Revolution motorblok, komt het Amerikaanse merk nu met een in India geproduceerde lichte en hypermoderne watergekoelde 750 cc´er. De vraag: gaat HD vreemd en… is dat lekker?

Bovenliggende, door kettingen aangedreven nokkenassen, vier kleppen per cilinder, waterkoeling en een blokhoek van 60 graden: helemaal onbekend is het Harley-Davidson niet sinds de komst van de V-Rods. Maar een cilinderinhoud van slechts 750 cc en een productiehal in India… Oefff; dat is toch wel even wat anders, misschien wel schrikken. Wat bezielt Harley?

De reden

Officieel is de Street 750 het instapmodel van Harley-Davidson geworden, die in Nederland met € 8.600,- dik twee mille goedkoper is dan de goedkoopste Harley tot dit moment, de 883 Sportster. Bedoeld voor de wat jongere motorrijder die geen € 10.700,- klaar liggen heeft en (nog) niet de behoefte heeft zich buiten de stadsgrenzen te begeven. Want de Street 750 is zowel voor de stad als ook voor ontwikkelingslanden als India en Brazilië bedoeld, waar een enorme groeimarkt bestaat en je als motorfabrikant nú in moet stappen om later niet de boot gemist te hebben.

HarlyD-8674

Maar of dat de enige reden is van deze bijzondere ‘move’? Wellicht maakt Harley zich ook zorgen over het voortbestaan van hun traditionele luchtgekoelde V twin en wordt het problematisch, of erger: onmogelijk om de technisch verouderde, maar o zo karaktervolle luchtgekoelde 45 graden stoterstangen V twins door Euro 4 en Euro 5 te loodsen. Misschien is het wel pure noodzaak met een modern blok de tijdskloof naar… de elektrische motorfiets te overbruggen.

Echt of onecht

De Street 750 heeft een paar onmiskenbare Harley stijlelementen, maar heeft met de basis van Harley-Davidson niets gemeen. En die basis is natuurlijk dat vermaarde luchtgekoelde motorblok, het kenmerkende design, de degelijke materialen en afwerking, waarbij geld nauwelijks of geen rol speelt. Aan de Street is echter wel te zien dat bij de ontwikkeling de verkoopprijs centraal stond. Niet zo heel fraaie bouten en moeren van minder goed ogende kwaliteit. Wat grof afgewerkte schetsplaten voor de ophanging van voetsteunen en pedalen. Veel open en bloot liggende, bont gekleurde bedrading en in het zicht liggende stekkerverbindingen. Een enkele remschijf in het voorwiel met slechts een tweezuiger remklauw. Summier dashboard, plastic richtingaanwijzers. Je kunt je afvragen of het Harley waardig is, maar bij het geven van het antwoord moet je wel de verkoopprijs van slechts € 8.600 in ogenschouw nemen!

Wie bepaalt?

Los van de vraag wie beoordelen mag of de Street een echte Harley is of niet, en wie mag bepalen wat mooi is en niet mooi: we leven in een tijd waar de grens tussen ‘echt’ en ‘onecht’ steeds vager wordt: de lach van ‘Geer’, de borsten van Bobbi Eden, het verchroomde plastic op de huidige motorfietsen. Maar ook: Porsche maakt al jaren SUV’s en vierzitters en laatst reed een Koreaanse ogende auto met Mercedes ster op de kop mij hopeloos in de weg (bedoeld wordt waarschijnlijk de nieuwe kleine Mercedes, A-180, aldus de automannen van de ANWB). Wat is dus nog echt? En maakt dat iets uit? Wellicht dat onderstaande twee anekdotes, opgetekend tijdens één van de vele stops down The Street dat kan relativeren:

1

Een Sportster 1200 rijder (ja inderdaad: vol ijzer en tattoo’s) bekijkt de nieuweling en weet deze te bekoren. Toegegeven: volkomen onverwacht. De lijnen, de manier waarop de uitlaatbochten lopen, het vele zwart, vorm van zadel en benzine tank, ja: hij is positief over het uiterlijk en voorkomen van de Street. Maar wanneer de motor gestart wordt zegt hij verschrikt: ‘Het is een Honda!’

2

Een 80-jarige vrouw (ja inderdaad: vol rimpels en met rollater) ziet de motor staan, gaat vol in de remmen en zegt: ‘Goh, wat een mooie motor’. Maar dan ziet ze het embleem op de tank en vervolgt verbaasd: ‘Oh, is dit een Harley-Davidson? Ik vond Harley’s anders helemaal niet zo mooi…’

HarlyD-8661

Goed blok

Naar de orde van de dag nu, het gaat er uiteindelijk niet om of de Street echt is of niet, maar of goed is, fijn rijdt en zijn geld waard is.

Ergens heeft die Sportster rijder wel gelijk: de Street klinkt inderdaad des Honda´s, maar dat geldt ook voor de draai-eigenschappen! Om te beginnen: geen wat moeizaam zwoegende startmotor maar een Jing- en Jang rondzingend Nippon-Denso equivalent. Starten en lopen. Mechanisch is de waterkoeler vrij stil en draait’ie eerst op licht verhoogd toerental totdat hij lekker warm is. Vanaf dat moment kun je er mee op pad. De koppeling gaat ongebruikelijk licht, de versnellingsbak ook. De gebruikelijke oerknal bij het inschakelen van de eerste versnelling blijft achterwege. Al snel blijkt het hele schakelproces voorbeeldig te verlopen. Licht, precies en zonder nare bijgeluiden laat de zesbak zich licht, soepel en exact bedienen. En eenmaal gewend aan het vrij korte werkgebied van de koppeling, is deze uiteindelijk ook best goed doseerbaar. Daarmee houdt het nog niet op: het blok, vooruit: blokje, toont zich erg levendig en soepel. Draait net zo makkelijk laag in toeren door de stad in zijn zes, als het zich laat uitmelken in een sprint met staande start om als eerste voor het volgende verkeerslicht te mogen wachten. Daarbij: het blok trilt niet af nauwelijks, maar het pulseert licht zoals een echte V-twin betaamt. En dat is een veel aangenamer gevoel dan dat fijne miezerige gekriebel dat een viercilinder lijn motor kan veroorzaken. Het geluid uit de gitzwarte enkele uitlaatdemper is zeer ingetogen, de buren zullen er blij mee zijn, maar of dat ook voor de nieuwe Harley adept geldt?

Maar toch

Het lijkt een voorbeeldig motorblok te zijn, maar er is echter één probleem. En dat is de injectie. Preciezer: de dosering van het gas. Die is ronduit slecht en dat komt vooral bij langzaam rijden aan het licht. De gasreactie is niet alleen aan uit, maar ook sterk vertraagd, overcompenserend en heftig. Een voorbeeld uit de praktijk: het is gewoon niet mogelijk om een constante snelheid te handhaven bij snelheden onder de 30 km/u en lastig bij snelheden tot 60 km/u. Ook is het haast ondoenlijk om mooi op het gas een bocht uit te accelereren vanwege de vertraagde reactie en een rotonde in een mooie cirkel te ronden. We kunnen er een hele alinea aan wijden, maar ook volstaan met: het doet afbreuk aan het rijplezier in de stad en moet gewoon beter.

De stad

En daar is de Street nou juist voor bedoeld. Met zijn gewicht van rijklaar slechts 222 kilo en beperkte afmetingen lijkt de Street verder alles in huis te hebben om de stad onveilig te maken. Om te zeggen dat deze schijn bedriegt gaat te ver, maar een stadswonder is deze Harley toch niet. De voor een cruiser weliswaar relatief korte, maar voor een stadsmotor absoluut lange wielbasis van 1.534 mm, gecombineerd met een balhoofdhoek van 58 graden en een naloop van 115 mm maken hem niet tot een Tarzan in de stadsjungle. Een motor met een rijwielgedeelte met deze geometrische waarden wil op lage snelheid maar één ding: omvallen. En dat is net niet de karaktereigenschap die je in de stad zoekt. De Street volgt niet uit zichzelf een rechte lijn, wat zeker op lage snelheid tot lichte slingerbewegingen leidt. Je moet dus je best doen om je lijn te houden totdat je harder mag dan binnen de bebouwde kom. De gekozen geometrie is een duidelijk geval van optiek voor rijgemak. In de basis geldt dat voor elke cruiser, ook al is het een stadscruiser, maar super gemakkelijk in de omgang maakt hem dat niet. Daar komt nog een speciaal voor de Street gemaakte Michelin achterband bij die opvalt door zijn vlakke ‘autoband’contour. Wat onhandig omdat er dankzij de unieke maten (140/75-15) geen alternatief voor is. Hoewel: Michelin heeft ook een hele mooie ronde ´niet Harley´ achterband in de maat 140/80-15.

En daar buiten

Gaat het allemaal wat sneller, dan verdwijnt deze wat diffuse eigenschap echter als de ijsbeer van de Noordpool en ontpopt de Street zich in een vrij makkelijke wendbare en vlotte stuurmachine. Zéker voor Harley begrippen is de Street een gooi- en smijtfiets waarmee je hoge bochtensnelheden kunt halen. Ook de stuurprecisie is prima in orde. Voorwaarde is wel dat het asfalt van goede kwaliteit is, want met hobbels weet de Street zich niet zo goed raad. Cruiser-eigen is de voorvork zeer zacht (en dus comfortabel) afgeveerd is, met meer dan acceptabele veerweg. Achter zijn de stereodempers weinig genegen om veel veerweg te bewandelen en is de vering hard en tamelijk oncomfortabel. Daar komt bij dat de achtervering nauwelijks uitveert. Dat levert een wat onrustig weg- en stuurgedrag op op minder vlak asfalt. Jammer, want mede dankzij de best ruime grondspeling zou je ook op matig wegdek vlot kunnen sturen.

HarlyD-8675

En weer terug

Zoals gezegd: de Street is voor de stad bedoeld en niet voor grote afstanden. Korte ritjes in plaats van lange dagetappes, kleine boodschapjes in je rugzak in plaats van kampeerspul in je roltas. Er zijn absoluut geen bagagemogelijkheden en geen bagagehaakjes anders dan de richtingaanwijzers en veerelementen. Ook de zithouding en het comfort nodigen niet uit om naar de jaarlijkse Harley-Davidson Super Rally of de Fakersee te gaan, tenzij je een echte bikkel bent of ik een watje. De ‘midplaced’ voetsteunen zitten tussen een relaxte en actieve zitpositie in, het zadel zit laag. Goed om makkelijk bij de grond te komen voor de kleine India-nen, Brazilianen, Zuid-Europeanen, kortom iedereen. Maar deze zithouding maakt het gevecht tegen de rijwind rap vermoeiend. Het fraai ogende schermpje biedt geen bescherming tegen de wind.

Dit vindt Mink

Het siert Harley-Davidson dat ze aan hun en onze toekomst denken en niet dezelfde fout maken als de Engelse motorindustrie in de jaren ’60 en’70. Hun elektrische motor draait al proef in Amerika en volgend jaar in Europa en de Street is het huidige bewijs dat ze vooruit denken. Maar het is ook moedige omdat ze daarmee af lijken te wijken van hun bestaansrecht: de luchtgekoelde 45 graden V-twin. De Street is zo anders, dat de kans uitgesloten is dat een bestaande Harley rijder er ook maar over peinst de Street te kopen. Maar voor hen is de Street 750 ook niet bedoeld. Hij is bestemd voor de toekomstige Harley rijder, de jongeren, de nieuwkomers.

Dat neemt niet weg dat er nogal wat verbetert kan worden aan de Street 750. Misschien dat een instapper niet eens één van die dingen op zal vallen en/of voor het logo en de magie van het merk gaat, maar veel kleine dingetjes kunnen bij elkaar opgeteld zouden voor een serieus betere motor kunnen zorgen.

Gerelateerd

REAGEER OP DIT ARTIKEL