Weblog Dennis Verbeke

Na alle regenraces van de voorbije maanden kregen we afgelopen weekend eindelijk nog eens wedstrijd op een droge baan. Een wedstrijd waar ik mijn zoekgeraakte zelfvertrouwen eindelijk hoopte terug te vinden, want de voorbije races werd die mentale inhaalslag telkens gedwarsboomd door de wisselvallige weersomstandigheden. Om die reden hadden we ook ingeschreven voor de CRT-circuitdag voorafgaand aan de wedstrijd, want tot dusver hadden we eigenlijk nooit echt opbouwend kunnen werken aan de afstelling van de fiets.

Dat er met mijn snelheid niets mis was bleek uit de rondetijden tijdens de ochtendsessies. Zonder me echt te moeten forceren reed ik meteen een hoge 2.04, wat aardig dicht in de buurt lag van de top-tien-tijden in de wedstrijd. Dat zag er dus veelbelovend uit voor de middagsessies, maar helaas ging het na de pauze helemaal de verkeerde kant op. Terwijl ik voor mijn gevoel veel harder aan het pushen was, werden mijn rondetijden alleen maar langzamer. Dat er iets grondig mis was met de afstelling van het rijwielgedeelte, bleek niet alleen uit de rondetijden maar ook door de abnormale bandenslijtage.

De Pirelli Diablo Rosso’s waar we in de SV Cup verplicht mee rijden zijn behoorlijk slijtvast en hebben een constante en voorspelbare grip, maar nu had ik steeds het gevoel dat de motor in de snelle bochten begon te bokken, terwijl de achterkant constant de neiging had om weg te breken. Dat gevoel bleek naderhand wel te kloppen want het loopvlak van de banden was helemaal opgekruld terwijl de slijtage niet eens tot aan de rand van de banden doorliep. Alle wisselende settings van in- en uitgaande demping die we uitprobeerden, brachten nauwelijks verbetering. Integendeel zelfs; mijn rondetijden werden alleen maar langzamer.

En dat was – op z’n zachts uitgedrukt – ook niet bevorderlijk voor mijn zelfvertrouwen, want al wekenlang had ik uitgekeken naar een droge race en nu leek het dus alsnog op een regelrecht fiasco uit te draaien. Dat we dat probleem nooit eerder hadden geconstateerd, had natuurlijk alles te maken met alle regenraces die we tot dusver hadden gehad. En natuurlijk ook aan het gebrek aan ervaring, want tijdens een training op het Franse circuit van Ecuyeres (in de buurt van Reims) hadden we ook al te maken gehad met dezelfde abnormale bandenslijtage. Maar omdat het die dag bloedheet was met temperaturen dik boven de dertig graden, dachten we toen nog dat het aan de hitte lag. Niet dus…

Zelf kwamen we er niet uit, maar gelukkig kregen we na afloop van de laatste trainingssessie hulp aangeboden van Kor Veldman, de chef-monteur van het RAC BMW-team die ook de vering van concullega Niels Prins aan het afstellen was. Kor wist vrijwel meteen dat de oorzaak van het probleem aan de uitgaande demping van de achterschokdemper lag. “Die staat veel te langzaam, waardoor de motor in de snelle bochten onderin blijft hangen. Daardoor kun je ook niet de volledig hellingshoek maken en heeft de motor de neiging om in de snelle bochten naar buiten te driften”, aldus Kor.

Maar hij voegde er meteen aan toe: “Het probleem is dat de uitgaande demping al op z’n maximum staat. We zullen het probleem dus op een andere manier moeten oplossen.” Na een half uurtje sleutelen aan de veervoorspanning van de schokdemper zei hij: “Ik heb de fiets achter iets hoger gezet. Hierdoor moet-ie makkelijker in te sturen zijn. Of het probleem met de uitgaande demping nu is opgelost? Tja, dat weten we pas na de eerste training morgenochtend…” Eerlijk gezegd had ik er weinig vertrouwen in, maar het was in elk geval een noodoplossing waar ik mee verder kon. Mijn vader vertelde mij dat Kor jarenlang als chef-monteur bij het Ten Kate Honda-team had gewerkt en dat ik me geen zorgen hoefde te maken. Nou ja, dat was natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan…

Maar dan blijkt nog maar eens hoe belangrijk de ervaring van een voltijds Superbike-monteur is, want toen ik de volgende ochtend aan mijn eerste kwalificatietraining begon leek het net of ik op een totaal andere motor reed. Echt fantastisch hoe goed en makkelijk mijn SV nu stuurde. Ik kon gelijk aanpikken bij Niels Prins en Daphne Hop en drie ronden kon ik vrijwel moeiteloos hun tempo aanhouden, iets wat me tot dusver nooit was gelukt. Dat bleek ook uit mijn rondetijden, want ik reed meteen een hoge 2.04, dezelfde tijd waarmee ik een dag eerder was begonnen. In de tweede training ging het nog een stukje beter en kwam ik tot een lage 2.03, wat een elfde plaats op de startgrid opleverde. Ik wist dat ik nog veel tijd liet liggen bij het aanremmen van de Strubben en ik was er mij ook van bewust dat ik nog steeds niet de goeie lijnen reed in Mandeveen-Duikersloot. Maar de afstelling van de fiets was zo goed dat ik de wedstrijd met vertrouwen tegemoet kon zien.

Ik had gehoopt om in de start meteen een paar plekken goed te maken, maar hoewel ik redelijk goed door de Haarbocht en de Strubben kwam, verremde ik me in de Ruskenhoek en dat kostte me gelijk drie plaatsen. Met nog negen ronden te gaan wou ik toch proberen om er alles uit te halen. Het kostte me veel moeite om terug aansluiting te krijgen bij de groep die voor me reed. Ik moest mezelf even wakker schudden en me concentreren om zo foutloos mogelijk te rijden. Maar bij elke remactie werd de afstand kleiner, dus ik wist dat het mogelijk was om eindelijk een top-tien-klassering te behalen. Met nog drie ronden te gaan was ik opgeklommen naar een achtste plaats en leek het vrijwel onmogelijk om in die korte tijd nog het gat dicht te rijden op Jolle Wind. Maar ik zat op dat ogenblik zo goed in mijn ritme dat ik in de voorlaatste ronde toch nog aansluiting kreeg bij Jolle en hem vrij makkelijk passeerde bij het aanremmen van de Ruskenhoek.

Pas nadat ik hem voorbij was gegaan zag ik waarom hij zo vroeg in de ankers was gegaan: in de Ruskenhoek was Ilja Caljauw onderuit gegaan en werd de gele vlag gezwaaid. Daarom leek het mij wel zo netjes om Jelle weer voorbij te laten richting de Bult, want zo wil je natuurlijk niemand verslaan. Het zou er dus op aankomen wie als laatste in de remmen ging in de GT, want ik wist dat die zevende plaats voor het grijpen lag. In de GT dook ik in het gat aan de binnenkant, maar daar zaten helaas ook nog twee langzamere 125-rijders uit de Juniorcup. Met zijn vieren naast elkaar en ik helemaal aan de rechterkant gingen we richting de zwart-wit-geblokte vlag. Jolle had toch de betere lijn en we reden kuip naast kuip over de finish. Het verschil bedroeg slechts een banddikte. Natuurlijk was ik tevreden met dit resultaat, mijn beste tot nu toe. Maar ik weet zeker dat ik nog hoger had kunnen eindigen als ik in het begin van de wedstrijd die remfout niet had gemaakt in de Ruskenhoek. Maar het zelfvertrouwen is weer helemaal terug en dat is het allerbelangrijkste!

De overwinning ging naar Roy van Sambeek die door de nulscore van de gecrashte Ilja Caljauw meteen ook de nieuwe klassementsleider wordt in de SV-Cup. Met nog drie races te gaan (in de laatste race worden twee wedstrijdheats verreden) heeft Roy van Sambeek nu de beste kansen om in zijn debuutseizoen in de SV-Cup al meteen de titel te pakken. Als dat zou lukken dan kun je toch wel concluderen dat de NSF-Cup van Arie Molenaar toch datgene heeft bereikt wat van begin af aan de bedoeling was: de doorstroming van jong talent.

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73 en Promotor. Redacteuren Marien Cahuzak, Jan Kruithof, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Misschien vind je dit ook interessant?