zondag 24 mei 2026
Home Blog Pagina 979

Terugblik: Bijzondere band Jarno Janssen en Roelof Waninge

0

Dat Jarno Janssen tegenwoordig teammanager is van NTS RW Racing GP weet iedereen, maar dat de relatie tussen teameigenaar Roelof Waninge en Jarno al veel langer bestaat, is minder bekend. Jarno leerde Sjarno, de zoon van Roelof en Alie Waninge, kennen toen ze allebei op de Auto Technische School in Apeldoorn zaten. Omdat Jarno toen al coureur was, werd de band met de race-gekke familie Waninge steeds intenser. Sterker nog: ze zijn min of meer vanaf het begin als sponsor betrokken geweest bij Jarno’s carrière in de racerij en dat kreeg in 2013 een passend vervolg toen Jarno teammanager van RW Racing GP werd. Op de foto zien we Jarno, Roelof en Alie na de EK-race van 2001 op Assen. Jarno is net als tweede geëindigd in de 250cc-race en dan heb je reden tot lachen. Die reden is er nu helaas een stuk minder en met de wetenschap van hierboven wordt de turbulente periode waarin RW Racing nu zit alleen maar zuurder…

Foto-info

FotograafHenk Keulemans
PublicatieMOTO73
Jaar2001
OnderwerpEK 250cc-race Assen

Wetenswaardigheid

Met 45 Grand Prix-starts weet Jarno Janssen hoe het is om te starten in een GP-klasse en dat is als teammanager een absolute pré. De eerste drie keer waren telkens Dutch TT-wildcards in de 125cc (2x) en 250cc (1x). Daarna reed hij twee volledige GP-seizoenen in de 250cc en behaalde in totaal zes punten. Een jaar later – 2001 – behaalde hij één punt. Maar wel eentje in de 500cc! Als vervanger van Haruchika Aoki op Le Mans voor Arie Molenaar Racing. Met Barry Veneman (Dee Cee Jeans Racing Team) op veertiende plek  en Jurgen van den Goorbergh (Proton TEAM KR) zelfs op de tiende plek was dat bepaald geen matige GP voor Nederland.

Jarno Janssen en Roelof Waninge

Zondagmorgenfilm: F1-coureur Norris en Valentino Rossi

0

Valentino Rossi staat altijd in de belangstelling maar nu helemaal vanwege het aantal MotoGP-podiums en vanwege zijn plannen voor 2021. Maar ook buiten de motorrace wordt hij nauwlettend in de gaten gehouden. Zoals door Lando Norris, inderdaad die bijzonder grappige en eigenzinnige Formule 1-coureur. Vorig jaar was hij te gast bij Rossi op Silverstone en maakte daar een geweldig filmpje van.

Toerisme: De Laars van Henegouwen (incl. route)

0
Henegouwen

Ardennen, Eifel, Sauerland en de Mergellandroute. Iedereen kent het, iedereen rijdt er. Maar er zijn ook gebieden waar maar weinig motorrijers komen. Op de een of andere manier ontsnappen ze steeds aan onze aandacht. En onbekend maakt onbemind. De hoogste tijd daar verandering in te brengen. Aflevering 4: De Laars van Henegouwen.

Koffie op de Grote Markt van Bergen, of Mons zoals ze hier zelf zeggen. In de hoofdstad van de provincie Henegouwen is het gezellig. Winkelstraten, musea, terrasjes. Met een druk op de knop van de navigatie begint zo meteen de route door de Laars van Henegouwen, een streek die als een toegift aan de onderkant van België is geplakt.

Om een behouden rit af te dwingen, loop ik langs het bronzen aapje naast de deur van het oude stadhuis. Een aai over zijn kop zou geluk brengen. Waarom het beestje daar staat is niet helemaal duidelijk, al worden er met liefde grappen gemaakt over de verstandelijke vermogens van de aap en dat van de bestuurders binnen. Volgens sommigen is het een mini-schandpaal die eeuwen geleden werd gebruikt als straf voor kinderen.

Hoe dan ook. Aai over de kop en op zoek naar de Moto Guzzi V85 TT, die aan de rand van de Grand Place geparkeerd staat. Na de snelwegkilometers is de motor klaar voor het betere werk: lichtvoetig sturen door klein, verstild land. Soepel en speels gaat het de stad uit en langzaam maak ik me los van Mons.

Vierves-sur-Viroin, mooie halteplaats in Viroinval

Eenmaal uit de greep van de bebouwing ontvouwt zich een mooi golvend heuvelland, precies waarop ik had gehoopt. Met kleine weggetjes, verstopte hoeken en af en toe een verrassend steile afdaling of klim. In Merbes-le-Château mis ik het kasteel. Omdraaien? Nah, ben net zo lekker aan het sturen. Goed besluit, want verderop in Solre-sur-Sambre staat er eentje uit het boekje: robuuste donjon in het midden, twee ronde wachttorens op de hoeken.

Toerisme: De ronde van Bretagne

Rijdend door het bovenste deel van de Laars van Henegouwen probeer ik het gebied te plaatsen. Serieuze bergen ontbreken, maar grote vlaktes zijn er evenmin. Het decor golft en heuvelt. Zonder ophouden. Meestal vriendelijk, soms wat scherper. Bovendien word ik telkens op het verkeerde been gezet. Net als twee half verlaten dorpen me wat neerslachtig maken, duikt er een droomplek op zoals Ragnies of Barbençon.

Kasteel van Solre-sur-Sambre

Klein avontuur

Het landschap, gevormd door riviertjes als de Sambre, Thure en Hantes, wint ondertussen steeds meer aan schoonheid. Ik slinger naar het Kasteel van Fosteau en bereik daarna het eerdergenoemde Ragnies, één van de vijf dorpen in de streek die op de lijst van Les Plus Beaux Villages de Wallonie staan. Ragnies dankt het aan zijn onversneden authentieke dorpsbeeld van kerk, huizen, kapellen en versterkte hoeves. Allemaal gebouwd met de natuursteen uit de omgeving.

De rust is zalvend. Ik stuur de Moto Guzzi over landwegen zonder tegenliggers. Het wegdek wisselt van kwaliteit en formaat. Zoals het hoort bij klein avontuur. Het traject brengt me langs dorpen, verscholen landhuizen, heuvels en veengrond. Af en toe staat er een kapel. Meestal netjes opgepoetst, soms overgelaten aan de genade van de tijd.

Er is nauwelijks nog iets van te zien, maar tot diep in de 19de eeuw was deze streek het centrum van ijzerproductie. De bodem leverde ijzeroer, de bossen het brandhout voor de ovens en de rivieren zorgden voor de aandrijving van de hamers en blaasbalgen. Tijdens de industriële revolutie werd de rol volledig overgenomen door Charleroi, waar de fabrieken de moderne stoommachines hadden omarmd.

In Chimay rijd ik direct naar het compacte centrum met sfeervolle smalle straatjes en een vorstelijke Grand Place. Het stadsbeeld wordt niet beheerst door een kerk of stadhuis, maar door de torens van een kasteel. Hier resideert de 15de generatie Riquet de Caraman: Philippe en Françoise, prins en prinses van Chimay.

Op het terras lees ik over de bijzondere bewoners die het kasteel door de eeuwen heen heeft gehad, met madame Tallien als blikvanger. Deze Spaanse dame trouwde eind 18de eeuw met een Franse revolutionair, speelde een rol bij de val van Robespierre, vroeg de scheiding aan, hertrouwde met de prins van Chimay, liet een theater bouwen en maakte van het stadje een centrum van muziek en cultuur, wat het nog altijd is.

Oh, en niet onbelangrijk: de prinsen van Chimay zorgden ook voor de benodigde grond voor de nabije Trappisten abdij van Scourmont, ja, die van het bier.

Stampen en sleuren

Bijna ongemerkt steek ik even de Franse grens over, zoals later ook de Belgische provincie Namen nog even aan de beurt komt. Doel is de vestingstad Rocroi met een nog onaangetast stratenpatroon. Die begint in het hart van de bebouwing en waaiert in stervorm uit tot aan de bastions en ravelijnen die het stadje nog altijd omringen. Ik rijd de Guzzi eerst door het historische centrum om hem daarna aan de stadswallen te parkeren. Vanaf boven heb ik aardig uitzicht op de toegangspoort en een deel van de verdedigingswerken.

Een wat grotere doorgaande weg brengt me terug naar België. Na al het kleine stuurwerk van vandaag, is het fijn om stevig door te trekken. Op de rechte stukken en in de luie bochten. De Moto Guzzi V85 TT laat zich heerlijk insturen en houdt de lijn strak vast. Gezien de souplesse van de motor in het korte werk, is dit meer dan ik had verwacht.

Remmen, afslaan, Viroinval. Dit is een van de mooiste valleien van Wallonië. Ik rijd heuvel op, heuvel af. Fagnolle, een idylle van eenvoud. In het dorp staat aan de rand van een parkeerterrein een scorebord. Fagnolle 16, Visiteurs 1. Het heeft iets te maken met een gespeelde wedstrijd, maar het zou ook om het aantal aanwezige personen kunnen gaan.

Vergezicht op een Ardens landschap.

Volgens de kaart is dit Naams grondgebied, de Fagne, een gebied van veenweidegrond. Het terrein is wat meer geaccidenteerd, wat goed is voor de vergezichten. En dankzij de kalkstenen ondergrond oogt het landschap zacht en rond. Het is er fijn spelen met het twinblok van de Guzzi, die voldoende power onderin heeft om het vermogen na de bocht lekker rauw op te laten komen. Stampen en sleuren zoals de Italiaan dat altijd al gedaan heeft.

Ik laat de motor rustig uitrollen in Vierves-sur-Viroin, opnieuw één van de Plus Beaux Villages, van Wallonië. Een rondje door het dorp laat daar geen twijfel over bestaan. Met dank aan het kasteel hebben de huizen een zekere allure gekregen. Iedereen die een beetje ‘op stand’ wilde wonen, moest wat moois bouwen natuurlijk. Vanaf het oude stationnetje vertrekt ’s zomers een stoomtrein die door de valleien van de Viroin, Eau Blanche en Eau Noire rijdt.

Een prachtbocht

De Guzzi doet dat zonder stoom. Bovendien is het wel zo fijn om zelf het stuur vast te houden. De meeste bezienswaardigheden onderweg zijn kleinschalig en zonder pretenties. Het rijden door het heuvelland zelf is groots genoeg. Het wordt nooit en nergens saai. Steeds is er een uitzicht, een bijzonder dorp, een stoer kasteel of een prachtbocht om scherp in te sturen en stevig uit te accelereren.

Als vanzelf lijk ik door het landschap te gaan. Zweven, vloeien, glijden. Het gevoel dat alles bijna vanzelf gaat. Ik passeer Soulme met zijn schilderachtige huizen, Surice en Franchimont, wordt even opgehouden door vestingstad Philippeville en gooi het tempo daarna weer omhoog door leeg land.

Het gaat nog een laatste keer bergop. Het stadje Walcourt bevindt zich op een rotspunt boven de rivieren Eau d’Heure en Eau d’Yves. Vanaf de top zou ik de hand van het gas kunnen halen om uit te rollen tot aan de stuwmeren van Eau d’Heure, mijn eindpunt. Maar dat zou zonde zijn. De laatste kilometers naar de finish liggen nog vol mooie bochten. Het koude glas Chimay kan wel even wachten.

Praktisch

Erheen

Mons ligt op ongeveer 245 kilometer rijden vanaf Utrecht. De stad heeft de laatste jaren steeds meer sfeer gekregen en kan als uitvalsbasis dienen. Op de Grand Place is het ’s avonds gezellig op de terrassen.

Overnachten

In de Laars van Henegouwen is het toerisme minder uitgebreid ontwikkeld dan in de bekende stadjes in de Ardennen. Hoewel kleiner in aantal, is er wel voldoende keuze en variatie in accommodatie. Van B&B’s en campings tot hotels. Relatief nieuw en comfortabel is het Golden Lakes Hotel aan de meren van de Eau d’Heure. Ideaal om aan het eind van de rit nog even te zwemmen. www.goldenlakeshotel.be

Eten en drinken

Als je eens echt lokaal wilt eten, bestel je escavèche, riviervis in gelei. Elke streek, elk dorp, iedere kok heeft zijn eigen recept. En van haute cuisine tot eerlijk eenvoudig met dikke frites erbij.

3 x Afstappen

Chimay

Het leukste stadje in de Laars van Henegouwen. De Grand Place biedt gezellige terrassen en uiteraard nodigt het kasteel uit tot een bezoek. Er wordt een film getoond en tijdens rondleidingen komt ook het prachtige privétheatertje aan bod. www.chateaudechimay.be

Meren van de Eau d’Heure

Eigenlijk hoef je hier niet eens uit het zadel. Een speciaal parcours voert je dwars door dit complex van meren en stuwdammen. Dit is watermanagement op zijn Belgisch. De meren zijn gemaakt voor het winnen van elektriciteit, maar worden vooral ook gebruikt als recreatiegebied voor zwemmers, zeilers en andere watersporters. Er zijn hotels en vakantiedorpen. De waterwerken zijn te bezoeken. www.lacsdeleaudheure.be

Abdij van Scourmont

Bezoek de kerk, de tuinen, maar vooral ook de Espace Chimay, waar je een kijkje kunt nemen in de productie van de beroemde kazen en bieren. Uiteraard zijn er mogelijkheden om te proeven. www.chimay.com

Informatie

www.walloniebelgietoerisme.be
www.hainauttourisme.be

Motortips van Michael van der Mark #2: Zitpositie

0
Michael van der Mark

Nadat WorldSBK-topper Michael van der Mark in het vorige item zijn geheimen over de kijktechniek prijsgaf, is het nu tijd voor de zitpositie. Cruciaal op de motor, zo blijkt als Van der Mark begint: ‘Motorrijden is een enorm actieve bezigheid. Alleen denk ik dat niet iedereen dat zo ziet.’ En precies daarom valt er heel veel winnen!

1. De basis

‘Weet je, motorrijden is een enorm actieve bezigheid. Alleen denk ik niet dat iedereen die op straat rijdt dat zo ziet. Neem bijvoorbeeld de zitpositie. Als ik onderweg ben, zie ik altijd heel veel mensen als een zoutzak op de motor zitten. Oké, dat is nog altijd beter dan als een plank, zo recht met je armen op slot. Zoek liever iets er tussenin. En dynamische zithouding. Doe je dat niet, doet de motor waar-ie zin in heeft. En dat is het gevaarlijkste wat er kan gebeuren. Zodra je een passagier bent van je eigen motor kan het heel vervelend echt worden. Hoe soepeler je zit, hoe soepeler het rijden gaat. Niet voor niets is dit ook het geheim in de endurance-racerij. Zoals wij rijden in het WorldSBK ga je natuurlijk ook nooit een paar uur volhouden. Zelfs niet als je echt getraind bent, maar dat terzijde. Als je eenmaal alert en dynamisch rijdt, geeft je dat zoveel rust. Je zult namelijk merken dat je veel actiever bezig bent met het rijden. Als je weet wat je gaat doen, kun je jezelf nooit verrassen. Het rustiger je bent, hoe meer overzicht je hebt en hoe meer ruimte je hebt om te kunnen denken en dus om te kunnen anticiperen op wat er gebeurt.’

‘Beter als een zoutzak op de motor, dan als een plank. Maar het liefst er een beetje tussenin…’

2. Het voorbeeld

‘Ik zit altijd zo ver als kan naar voren, om zoveel mogelijk druk te hebben op de voorkant. Daarbij kijk in mijn geval door het scherm heen. Irritant? Het scherm beweegt wel iets, maar daar let je niet op als je heel hard gaat haha. Het zitten achter het ruitje heeft voor mij nog een groot voordeel en dat is dat je helm volledig uit de wind zit. Lig je niet plat op de tank, is dat niet het geval en krijg je bijna altijd te maken met turbulentie waardoor je zicht telkens niet stabiel is en dat kan behoorlijk link zijn als het hard gaat. Doordat ik zo ver naar voren zit, heb ik ook meteen een actieve zit. Ik snap dat dit op een toermotor een ander verhaal is, maar toch kun je dit ook vertalen naar welke motor je ook wilt. Probeer iets naar voren te zitten en zorg dat je helm uit de turbulentie blijft, want van turbulentie word je echt gek. Dan nog liever vol in de wind!’

3. De vertaling naar straat

‘De meest gemaakte fout qua lichaamshouding op straat is zonder enige twijfel dat motorrijders er veel te veel naast gaan hangen. Dat is vaak helemaal niet nodig en zelfs iets wat je eigenlijk niet wilt, want je bent elke keer bezig met het veranderen van het zwaartepunt. Los van het feit dat dit niet echt een ideale rijstijl voor op straat is.

Zeker niet als je bijvoorbeeld op een mooi dijkje rijdt. Als je dan als een malle aan de motor hangt in de eerste bocht, ben je zomaar te laat voor de tweede… Beter bocht 1 iets opofferen zodat je ook bocht 2 haalt. Dat doen we zelfs op het circuit!

Gouden tip

‘Voor de zitpositie van een duo geldt maar een regel; laat hem precies hetzelfde doen als de bestuurder. Bocht naar links? Lekker een beetje meehangen. Bocht naar rechts? Lekker een beetje meehangen. En anders direct laten afstappen.’

4. Extra tips

‘Je kunt de rijwind ook gebruiken als een soort van rem. Voor het insturen van de Ramshoek rem ik bijvoorbeeld amper. Dat doe ik voornamelijk met mijn lichaam. Het remt net een klein beetje. Als je dan ook nog een beetje gaat hangen, stuur je dus ook nog eens en kun je in theorie op hoge snelheid door de Ramshoek. Daarbij is het zaak om met je knieën goed te klemmen op de tank – plaats desnoods van die grippads erop zodat je niet elke keer wegglijdt. Vinden je armen ook prettig. Pijnlijke onderarmen zijn bijna altijd het gevolg van teveel druk op de armen bij het remmen. Druk die dus voor een groot gedeelte weg te halen is met een juiste zithouding.’

Wel doen

  • Ontspannen zitten
  • Actief rijden
  • Druk houden op het voorwiel
  • Knieën goed klemmen aan de tank

Niet doen

  • Als een zoutzak zitten
  • Als een plank zitten
  • Naast de motor hangen

In deze serie verschenen al:

Michael van der Mark

Michael van der Mark in beeld: Viva Hollandia

0
Michael van der mark

Een verhaal, hoe kort dan ook, beginnen met een nummer van Wolter Kroes is altijd goed voor discussie. Maar vanwege het resultaat in de WorldSBK-sprintrace mag het. Want dankzij een fantastische race van Michael van der Mark wonnen ‘we’ op Circuit de Barcelona-Catalunya. Maar daarmee was het nog lang niet gedaan met de Nederlandse inbreng op het podium. Jonathan Rea, die naar eigen zeggen leerde racen bij Gerrit en Ronald Ten Kate, eindigde als tweede. Voor de huidige coureur van Ten Kate Racing Yamaha, Loris Baz. Precies, Viva Hollandia!

WorldSBK: Michael van der Mark wint!

Jeffrey Herlings wacht nu vooral een mentale uitdaging

0
Jeffrey Herlings

Door een nekblessure lijkt Jeffrey Herlings opnieuw de wereldtitel aan zich te moeten laten voorbijgaan. De 26-jarige motorcrosser ging met een forse voorsprong aan kop van het kampioenschap, maar mist nu een aantal Grands Prix. Is het simpelweg pech dat hij weer geblesseerd is, of zijn er andere oorzaken? ‘Jeffrey is extreem in alle opzichten.’

Als je de cijfers van Jeffrey Herlings in het wereldkampioenschap op een rij zet, dan zijn die ronduit indrukwekkend. Hij won tot dusver negentig Grands Prix en drie wereldtitels (MX2 en MXGP samen). En dan is hij nog altijd maar 26 jaar. En die cijfers hadden nog een stuk indrukwekkender kunnen zijn als hij niet zo vaak geblesseerd was geweest.

Hoewel de drievoudig wereldkampioen normaal gesproken zeker nog zo’n vier jaar op topniveau zou moeten meekunnen, heeft Herlings inmiddels behoorlijk wat ernstige en minder ernstige blessures opgelopen. Zijn nekblessure, het gevolg van een crash tijdens de vrije training van de Grand Prix van Faenza, is opnieuw een ernstige. De vraag is niet alleen hoe hij hiervan herstelt, ook hoe hij er mentaal mee omgaat.

Op mentaal vlak

Volgens drievoudig Grand Prix-winnaar Marc de Reuver – die tijdens het crossen zelf onder andere zijn nek brak en zwaar hersenletsel opliep – kan het niet anders dan dat al het blessureleed door Herlings’ hoofd gaat malen. ‘Je wil niet weten wat het op mentaal vlak met je doet’, zegt hij. ‘Je kunt er niet mee aan de gang blijven. Op een gegeven moment kom je er niet meer onderuit en zit je in de rolstoel. Ik zit nu plankgas in de sportschool. Als ik dat niet doe, kan ik mijn bed niet uit ’s morgens en als het koud is, heb ik een kwartier nodig om warm te worden, voordat ik recht loop. Ik heb artrose in mijn heupen, onderrug en nek.’ Hij vervolgt: ‘In het begin van mijn carrière dacht ik bij aankomst op een circuit: hier ga ik springen, daar ga ik gek doen. Na een aantal jaar was het: hier moet ik niet vallen. Als je dat denkt, moet je stoppen, want juist dan ga je vallen.’

Tienvoudig wereldkampioen Stefan Everts snapt wat De Reuver bedoelt. ‘In 2000 liep ik een heel zware onderarmblessure op. Het was: nog één keer en ik stop ermee’, aldus de Belgische crosslegende, die vroeger bij KTM intensief samenwerkte met Herlings. ‘Zo’n blessure doet veel met een rijder. Het geeft je heel veel tijd om na te denken en dingen op een rijtje te zetten. Daarom moet het niet te vaak achter elkaar gebeuren.’

Jeffrey Herlings

Krachten doseren

Oud-wereldkampioen Dave Strijbos denkt dat het wel meevalt. ‘Zodra je fit bent, ben je alles vergeten. Herlings is op een leeftijd dat hij er nog gemakkelijk overheen stapt. Als je weer fit bent, krijg je weer motivatie om alles te geven.’

Dat zal in Herlings’ geval geen probleem zijn. Het zal ook wel moeten, weet Everts. ‘Dit seizoen is één van de beste van de laatste tien jaar. Er wordt serieus geknald.’ Wel zou de toprijder zijn krachten beter kunnen doseren. ‘Je moet weten wanneer het je dag is en je volledig voor de winst kunt gaan. Op mindere dagen moet je kunnen zeggen: tweede of derde is ook goed. Ik denk dat het voor Jeffrey heel moeilijk is iets ertussenin te vinden.’

De Reuver: ‘Bij Jeffrey is het nooit genoeg. Dat is geen goede eigenschap. Hij wil alleen maar eerste worden. Zo was ik ook, maar je wordt een keer afgestraft. Je moet af en toe een pas op de plaats maken. Tegelijkertijd beginnen jonge rijders als Jeremy Seewer en Jorge Prado aan de deur te kloppen en die hebben nog geen schrik.

Vaak geblesseerd

Opvallend is dat Jeffrey Herlings relatief vaak geblesseerd is. Dat terwijl hij bekendstaat als een technisch zeer begaafd rijder. Bovendien is hij altijd topfit. Strijbos: ‘Toch wil ik niet zeggen dat Herlings een betere techniek heeft dan andere rijders in het WK. Waarom hij dan zo veel beter is dan zijn concurrentie? Ik denk dat de laatste vijftien procent bij Jeffrey karakter is, doorzettingsvermogen. Hij kan diepgaan.’

Jeffrey Herlings

De wereldkampioen 125cc van 1986 was op het circuit in Faenza toen Herlings zich blesseerde. ‘Ik denk dat-ie door de val verkeerd is terechtgekomen. Dat is funest geweest. Ze hadden de baan net gesproeid. Daardoor was die net iets zachter dan normaal.’ Everts: ‘Herlings’ crash kwam op een raar moment. Hij reed op de goede plaats op de baan. Wel sprong hij in diepe sporen. Als ervaren rijder weet je dat springen in een zacht spoor je afremt, dat je dan niet te snel je gewicht naar voren moet brengen. Een rijder als Jeffrey moet weten wat er op zo’n moment kan gebeuren en hoe hij de situatie moet beoordelen.’

Drie GP’s in een week

Corona zorgde ervoor dat de start van het seizoen werd uitgesteld. Om toch nog tot een volwaardig seizoen te komen zijn de Grands Prix nu kort op elkaar gepland. De Reuver denkt dat drie GP’s in een week net teveel van het goede is. ‘Herlings blesseert zich, Gautier Paulin en Seewer maken capriolen. Dat heeft met concentratie te maken. Zo’n Grand Prix-weekend vereist zo veel focus. Zes GP-manches in een week gaat niet. Dat is hetzelfde als dat Ajax drie Champions League-finales in een week speelt. Twee Grands Prix in een week kan, drie is te veel.’

Stefan Everts daarentegen denkt dat het juist geen probleem is. ‘Drie Grands Prix in een week is geen excuus. Ik vind dat een hoop tralala. Je moet gewoon van de eerste tot de laatste seconde op en top gefocust zijn als je op een motor zit. Als je een topsporter bent, moet die focus er zijn. Je weet dat motorcross een risicosport is. Ik denk dat Jeffrey Herlings in de vrije training niet zo gefocust was als normaal.’

Motorcross anno 2020 vereist sowieso optimale focus. ‘Circuits zijn breder en korter geworden, en sneller. De rijders en de machines zijn ook sneller geworden. Als je binnen de risicogrens blijft, gebeuren er niet zo snel accidenten. Maar als je niet gefocust rondrijdt, is je reactievermogen een stuk minder. Dan kan zoiets gebeuren. Herlings is een speciaal geval. Het is bij hem all-in of all-out. Ik weet niet goed waarom dat zo is. Jeffrey is extreem in alle opzichten.’

Strijbos stelt dat de rijders voldoende tijd hebben om te herstellen. ‘Dat is twee of drie dagen. En anders gaan ze op woensdag wel trainen. De snelheid ligt nu wel hoger dan in mijn tijd, fysiek was het vroeger zwaarder dan nu. De banen waren zwaarder, werden minder afgevlakt dan nu. Bovendien rijden ze nu nog maar dertig minuten en twee ronden in plaats van veertig minuten en twee ronden. Je moet dan dertig minuten gewoon vol kunnen gaan. Degene die dat niet kan, is niet fit.’

Jeffrey Herlings

Cairoli aan de leiding

Nu Jeffrey Herlings drie Grands Prix geblesseerd van de zijlijn heeft moeten toekijken, heeft Antonio (Tony) Cairoli de leiding in het WK gepakt. De 35-jarige Italiaan maakt zich op voor zijn tiende wereldtitel, waarmee hij op gelijke hoogte zou komen met Everts. Opvallend is dat Cairoli in zijn carrière veel minder blessureleed heeft meegemaakt dan Herlings, terwijl hij negen jaar ouder is. ‘Hij gebruikt zo veel minder power dan Jeffrey’, zoekt De Reuver naar een verklaring. ‘Cairoli rijdt nog makkelijker motor, vraagt nog minder energie van zijn lichaam.’

Everts: ‘Je kunt die twee mannen niet vergelijken. Tony is een totaal andere rijder dan Jeffrey. Hij rijdt veel tactischer, heeft veel meer ervaring en titels gewonnen, maar ik denk niet dat dat het verschil maakt met wat er nu is gebeurd. Tony heeft een heel andere aanpak. Hij is veel rustiger. Ik denk dat hij mentaal ook sterker is, hij heeft veel meer zelfvertrouwen dan Jeffrey. Ik denk dat Jeffrey veel meer twijfelt over zijn kunnen. Ook denk ik dat Tony beter met zo’n blessure kan omgaan dan Jeffrey.’

Strijbos: ‘Cairoli is een rijder die continu telt. Herlings telt ook wel, maar bij hem is de wedstrijd winnen nummer één.’

Verloren seizoen?

Wanneer Jeffrey Herlings zijn rentree in het WK maakt, is afwachten. Zijn seizoen lijkt sowieso verloren. De verwachting is dat hij is uitgeschakeld tot en met de Grand Prix van Europa op 4 oktober. Tegen die tijd heeft hij vijf Grands Prix gemist en Antonio Cairoli heeft de leiding in het WK al overgenomen. Niettemin verwacht zijn team KTM dat de Nederlander nog dit seizoen terugkeert in het WK. Strijbos: ‘Het is over voor hem, dit seizoen. De verloren punten krijg je nooit meer teruggehaald.’

Wat De Reuver betreft, zou Herlings dit seizoen beter helemaal niet meer in actie moeten komen. ‘Jeffrey gaat alleen voor de eerste plaats, maar er staat niks meer op het spel. Een nekblessure is niet niks. Je nek ik fragiel, daar moet je niet nog een keer op vallen. En je weet het nooit met hem.’

Ook Everts gelooft niet dat Herlings dit seizoen nog een rol van betekenis kan spelen. ‘Een nekblessure is toch heel serieus.’

De indrukwekkende cijfers van Herlings, ondanks zijn blessures

Jeffrey Herlings debuteerde in 2010 in het wereldkampioenschap motorcross in de MX2-klasse tijdens de Grand Prix van Bulgarije in Sevlievo. Sindsdien reed hij 146 Grands Prix. Dat terwijl hij er tot het moment van uitkomen van dit blad er 181 had kunnen rijden. Dat betekent dat hij 35 Grands Prix heeft gemist (plus twee gemiste manches door een blessure die hij opgeliep tijdens een Grand Prix-weekend).

In die periode is hij vier keer wereldkampioen geworden (drie keer MX2 en één keer MXGP). Van de 146 GP’s die hij tussen 2010 en nu heeft gereden, heeft hij 117 podiumplaatsen gepakt (slechts 29 keer stond hij níet op het podium) en won hij 90 Grands Prix. Verder boekte hij 173 manchezeges.

Van de elf seizoenen dat hij op het hoogste niveau uitkomt, heeft hij alleen in 2011, 2012, en 2017 alle manches kunnen rijden. Al moet daarbij worden aangetekend dat hij zich in 2017 in de voorbereiding op het seizoen blesseerde. Daardoor duurde het tot de zesde Grand Prix van dat seizoen voordat hij weer op het podium stond. 

Jeffrey Herlings

Ad van de Wiel: Vier mooie dagen in de Ardennen

0
Ad van de Wiel

Bij de titel van deze column krijg je – excuses daarvoor – direct associaties met een soft-erotische film die net als ‘Vijftig Tinten Grijs’ horden huisvrouwen naar de bioscoop trekt. Misschien is het een deceptie, maar daar gaat ‘Vier dagen’ niet over. Het gaat wel over twee mannen van middelbare leeftijd die er op uit trekken met de motor. Ik neem hier het risico dat ik verschillende lezers teleurstel, maar aan twee mannen van middelbare leeftijd op motorfietsen is niets erotisch. Zelfs de meest bedreven cameraman kan geen opwindende plaatjes schieten van twee grijze kerels die zich bij subtropische temperaturen zweterig en ongeschoren in nylon en leren motorkleding hijsen. Toch zijn ‘Vier dagen’ het beste wat me in tijden is overkomen.

Het afgelopen jaar heb ik zo’n twintig dagen gespeculeerd over de gevolgen van corona, zat ik zestien volle dagen op het toilet, werkte ik een veelvoud daarvan aan de keukentafel, maar vier lullige daagjes waren de absolute top. Op donderdag reden mijn maatje Peter en ik via de kronkelroute naar het onvolprezen motorhotel Baton Rouge in Vielsalm. De dag erop gingen we verder zuidwaarts naar het al net zo onvolprezen motorhotel/camping La Mouche. Daar ontdekten we de volgende dag onder leiding van eigenaar Jos de schitterende Vogezen. Zondag stond in het teken van de terugweg via provinciale wegen en een noodzakelijk staartje snelweg.

We reden in oogverblindende omgevingen waarvan je hoopt dat je nooit een enkel detail vergeet. ’s Avonds dronken we zalig Belgisch of Frans bier, barbecueden wat vlees, kregen bij het ontbijt de beste eieren ooit en spraken Jan en Alleman. De een zo bezeten van motoren dat het gesprek alleen over cc’s, koppel en versnellingsbakverhoudingen ging, de ander gelukkig minder eenkennig.

De groeiende verbroedering tussen twee motormaatjes laat me nooit onberoerd. Het heeft iets ontegenzeggelijks comfortabels als je na een synchroon uitgevoerd ‘momentje’ met een hartslag van 180 kunt relativeren. Het heeft iets fijns als je in cadans de ene na de andere bocht pakt. Twee mannen, twee motoren, vier dagen heeft niets erotiserends; het is een verhaal van broederschap en genieten waarbij de motorfiets het instrument is die het genieten mogelijk maakt.

Het is weliswaar september, maar zeker nog niet te laat om ook jouw vier dagen te plannen. Die schitterende nazomer komt eraan. Vier dagen kost je twee vrije dagen, maar levert je voor weken energie op. Knoop een rolletje bagage achterop en laat je verwennen in een motorhotel. Die gasten hebben door corona een rotjaar achter de rug en kunnen wat mij betreft alle steun gebruiken. Al doe je het uiteindelijk vooral voor jezelf en voor deze ene keer is dat helemaal niet erg.

UPDATE: KouwePotenTocht 2020: Boven Alle Peil

0

UPDATE 16 maart 2021: De KouwePotenTocht van 2020 is de Primavera tocht van 2021 geworden. Tickets voor deze geheel verzorgde tocht, die we op zaterdag 24 april gaan rijden, kun je hier bestellen: https://ticketpoint.nl/evenement/primavera/

Op zaterdag 31 oktober proberen wij het droog te houden tijdens de KouwePotenTocht 2020. We rijden namelijk op de grens van droog of nat. Oftewel: de route poogt zo goed mogelijk de grens van het Normaal Amsterdams Peil te volgen, die onzichtbaar door Nederland loopt.

In Dorst hebben we honger. Bij een café laven we ons ons aan broodjes, koffie en frisse boslucht voordat we de dagtellers op nul schroeven en de motoren starten. Een Belgisch aandoende keienweg schudt ons onder de watertoren van Oosteind door, zo te zien gerenoveerd tot wooneenheden. Hopelijk hebben ze ook een lift geïnstalleerd, want zo’n toren garandeert wel droge poten in geval van overstromingen, maar elke dag met emmers water al die wenteltrappen op klauteren is beslist geen pretje.

Google weet alles, wij hoeven niets meer te onthouden. Wie weet er nou zelf nog van de Sint-Elisabethvloed, een watersnoodramp die in 1421 delen van Zeeland en Holland overstroomde en duizenden mensen en zo’n dertig dorpen wegvaagde? Dat drama is diep weggezakt in de modderlagen van ons collectieve geheugen, waar alleen hier en daar nog wat mastpunten van de Zeeuwse Watersnoodramp van 1953 uitsteken.

Achter de schermen werken de experts er aan dat dergelijke rampen ons land niet zullen treffen. Heel precies houden zij bij welke punten onder of boven Normaal Amsterdams Peil liggen en hoe we allemaal droge poten houden.

Ardennen kwijt

De Sint-Elisabethvloed veranderde het landschap ingrijpend. Zo ontstond het typische Nederlandse Biesboschgebied, dat we rechts inhalen als we via de A27 de Bergsche Maas oversteken, van Brabant naar Gelderland. Op de weidse prairies ploegen tractoren even onverstoorbaar voort als vrachtwagens op onze snelwegen en vrachtschepen op onze talrijke waterwegen.

We steken de imaginaire grenslijn van de Moerdijk over. Boven en onder: historisch, religieus en taalkundig scheidt die lijn de Nederlanden in een zuidelijk en een noordelijk deel. Bij de Belgische Opstand van 1830 vonden sommige Vlamingen dat hier ook de noordgrens van Vlaanderen moest liggen: ‘België vrij tot aan de Moerdijk,’ luidde hun leus die elke rechtgeaarde Nederlander nog doet huiveren. In 1839 erkende ook Nederland de onafhankelijkheid van België, onder een andere kroon dan die van Oranje. En daarmee waren we de Ardennen kwijt, aar droge voeten hoe dan ook verzekerd zijn.

Was het hun zoete wraak voor onze Belgenmoppen? De televisieserie ‘Als de Dijken Breken’ uit 2016 was met name in Vlaanderen populair. In zes afleveringen schetste die een beeld van Nederland dat door een tsunami wordt verzwolgen, waarbij geen voetje droog blijft. In werkelijkheid verloopt zo’n Natte Potendrama een stuk trager. Het is alleen de vraag waar al die miljoenen inwoners van West-Nederland heen moeten, als het ooit zover komt. Dan wordt het dringen op de wegen richting het Hoge Land in het oosten. Zoals op de dijkweg langs de Boven Merwede, die wij nu zo’n beetje voor ons alleen hebben.

Ramptoerist

Op een landtong van de Bommelerwaard ligt Slot Loevestein aan het eind van een subliem weggetje dat ons langs schitterende natuurdecors leidt. Waanden we ons net nog op prairies, hier lijken we wel door moerassen te rijden, met droge banden dankzij de niet-aflatende ijver van Rijkswaterstaat en aanverwante diensten. Het slot ligt zelf ook weer aan een ringgracht, wat niet alleen de sokken van de kasteelbewoners drooghield, maar ook eventuele onverlaten uit Vlaanderen of nog verder weg moest afschrikken. Want in vroeger tijden leidden natte poten maar al te snel tot een verkoudheid met fatale gevolgen.

We bouwen dijken en dammen om droge poten te houden, maar zoeken als het even kan ook het water weer op. Hele families zitten met meegebracht tuinmeubilair onder de bomen in de uiterwaarden.
Terwijl wij op de oever bij Brakel op de overvaarschipper wachten, scheurt er een waterscooter over het Waalwater. Wat een briljante uitvinding eigenlijk, je hoeft geen helm of protectiekleding aan, want als je valt val je altijd zacht. De eerste flitspaal op een boei moet nog door de autoriteiten worden uitgezocht, aangeschaft en geïnstalleerd.

En zo’n waterski heeft nóg een voordeel boven motorfiets. Als de dijken breken blijven we gewoon toeren op zo’n ding: dan zit je als ramptoerist op de eerste rang.

Zulke gedachten zijn voor motorrijders beneden alle peil. Gelukkig is daar de veerman al, om deze ketterse gedachten uit ons hoofd te jagen. De Waalbandijk hebben ze in het kader van het Deltaplan Grote Rivieren zo mooi opgehoogd, dat geen tsunami uit Zwitser- of Duitsland ons hierop van de wielen kan vegen. We hebben boven alle peil fraai uitzicht naar alle kanten, tot in de zolderkamers van dijkbewoners en op de kruinen van de fruitbomen aan toe. Bij Beusichem brengt een volgend pontje ons over de Lek en daarmee van Gelderland naar Utrecht. De stuurpret gaat onbekommerd voort op de Lekdijk, die kilometer na kilometer doorslingert tussen water en land.

Pompen of verzuipen

Aan het Amsterdam-Rijnkanaal zijn de Prinses Irenesluizen slechts een radertje in de machtige machine van Neerlands Watermanagement. Onze Vlaamse vrienden hebben nog geen aanspraak gemaakt op de prachtige gebieden die plukrijp als Betuuws fruit aan het Amsterdam-Rijnkanaal liggen. Maar dat die Vlaamse reuzen niet op onze wateren azen kan veranderen.

Pessimisten verkondigen namelijk dat we in de toekomst wereldwijd meer oorlogen gaan voeren om water. Daar hebben we geen Google voor nodig: onze zomers worden heter en droger en als het dan eens flink plenst spoelt het water rond onze enkels weg naar de zee, zonder dat we het kunnen vasthouden voor later gebruik. Eeuwenlang hebben we het water zo snel mogelijk afgevoerd, nu moeten we leren om dat kostbare goedje juist te bewaren. Pappen en nathouden in plaats van pompen of verzuipen.

Doe je mee aan de KouwePotenTocht 2020?

Wanneer: Zaterdag 31 oktober 2020
Van waar naar waar: Van Dorst (Noord-Brabant) naar Hattem (Gelderland)
Afstand: zo’n 250 km
Kosten: MotorNL-abonnees € 55,- (ook voor introducees), niet-leden resp. € 85,-, T-shirt € 9,50,-.
Inclusief: Koffie, gebak, lunch, diner (buffet)
Inschrijven: Onderaan deze pagina

We zullen toch niet weer een akkefietje krijgen met de Belgen, over grond- of watergebied? Dan krijgen de Ardennen meteen code oranje en blijft het gros van de Nederlandse motorrijders boven de Moerdijk om deze KouwePotenTocht te rijden, terwijl we die juist voor onszelf willen houden.
De Utrechtse Heuvelrug garandeert droge poten en daarna rijden we over het Nijkerkernauw het Nieuwe Land van de Flevopolder op. Lelystad ligt ongeveer vijf meter onder Normaal Amsterdams Peil, wat ongeveer gelijk is aan het gemiddelde niveau van de Noordzee.

Maar voordat je hier natte poten krijgt, moeten eerst de Afsluitdijk en de dijk rond Flevoland breken. Die kans is geruststellend berekend ongeveer een keer per 4000 jaar. Flevoland heeft nog weidsere prairies dan Gelderland en de weg loopt ook door bossen. Alles is hier op de tekentafel ontworpen. Wegen langs koele wateren leiden niet naar verstilde lagunes of schilderachtige vissersdorpjes, maar naar recreatiegebieden met slagbomen en parkeergeldautomaten.

Vernatten

Ook terug op het oude land bij Elburg hoeven we ons om natte poten niet druk te maken. In tegendeel zelfs, het oosten van ons land wordt juist in toenemende mate bedreigt door droogte. Boeren irrigeren de landerijen die ons voedsel maken, wij recreëren, autowassen, badderen en besproeien onze fraaie tuinen. Zo geraken waterleveranciers al snel aan de limiet van wat ze uit de bodem kunnen pompen, zonder dat het grondwaterpeil daarmee op den duur daalt. Na eeuwenlang het water te hebben geweerd met wierden, terpen, dijken en dammen moet Nederland nu juist gaan vernatten. En dan pakken we in één moeite de Vlaamse gewesten ook mee. Zodat we geen heibel met onze Vlaamse buren krijgen en we ongestoord ook ten zuiden van de Moerdijk kunnen blijven toeren. Met gegarandeerd droge poten.

De (indicatieve) route

Route nog onder voorbehoud

Voor een MotorNL clubtocht geldt dat ie zo maar vol is. We hanteren een maximum aantal deelnemers. En als dat is bereikt, sluiten we de inschrijving. Waarom we dit zo benadrukken? Als je er nu al zeker van bent dat je met ons meerijdt, aarzel dan niet met het reserveren van een plekje.

Deelname kost voor MotorNL-, MOTO73-, Promotor- en Classic & Retro-abonnees € 55,- per persoon, inclusief koffie/thee en gebak, lunch en diner. Niet-abonnees betalen € 85,-. Wil je er ook nog een T-shirt bij? Kost dat € 9,50,- extra.

Inclusief

  • Koffie/iets lekkers
  • Lunch
  • Diner
  • Route

Nieuwe kleuren voor Kawasaki Ninja 1000SX

0
Kawasaki

De voor dit jaar compleet vernieuwde Kawasaki Ninja 1000SX krijgt er een aantal nieuwe kleurenstelling bij. Drie om precies te zijn.

Vanaf december kun je ‘m in de showrooms terugvinden in het Emerald Blazed Green / Metallic Diablo Black / Metallic Graphite Gray, Metallic Moondust Grey / Metallic Diablo Black en ook nog in het Metallic Carbon Gray / Metallic Diablo Black. Een hele mond vol inderdaad, maar dat maakt het allemaal niet minder mooi.

Net zo mooi is dat er, net als in het voorgaande jaar, wederom Touring en Performance accessoire-pakketten beschikbaar zullen zijn voor de 2021 Ninja 1000SX.

Prijzen worden helaas pas later dit jaar bekend gemaakt, meldt Kawasaki. Surf voor alle dealers naar www.kawasaki.nl.

Niet vergeten! Zondag is de Distinguished Gentleman’s Ride

0

Aanstaande zondag is het zover en doen tienduizenden keurige heren in honderden steden over de hele wereld hun stropdas aan, werken ze hun snorren bij, trekken iets heel nets aan en toeren op klassieke en vintage motoren. En ja, uiteraard zijn er ook dames van de partij. Gelukkig maar zelfs!

Dit alles om geld in te zamelen en bewustzijn te creëren voor de gezondheid van mannen, en in het bijzonder voor onderzoek naar prostaatkanker en programma’s rondom zelfmoordpreventie

The Distinguished Gentleman’s Ride werd opgericht in Sydney door Mark Hawwa. Hij werd geïnspireerd door een foto van Mad Men’s Don Draper op een klassieke motorfiets in zijn mooiste pak. Mark besloot dat een themarit een geweldige manier zou zijn om de vaak negatieve stereotypering van mannen op motoren te bestrijden en tegelijkertijd de wereldwijde motorgemeenschap te verbinden en geld in te zamelen voor iets dat belangrijk is voor elke motorrijder.

116.000 deelnemers in 104 landen

Het evenement trekt sinds 2012 steeds meer rijders aan en in 2019 werd een nieuw record van $ 6M bereikt voor het goede doel met meer dan 116.000 deelnemers in 104 landen, zo meldde hoofdsponsor Triumph eerder.

Maarrrrr, zoals bij zo veel evenementen op dit moment is het allemaal wel een beetje anders. De DGR 2020 is voor het eerst een solo-evenement , waarbij de deelnemers de sfeer en uitstraling van de Distinguished Gentleman’s Ride behouden door alleen of met hun duopassagier (uit hetzelfde huishouden) te rijden. Het mag hopelijk de pret niet drukken.

Meer informatie staat op www.gentlemansride.com.