maandag 16 maart 2026

In de winter kunnen frustraties hoog oplopen. De motor staat werkeloos in de stalling, terwijl je ermee de wijde wereld in wilt trekken. Als dan eindelijk de lente aanbreekt, is het hoog tijd om stoom af te blazen. Dat doen we dit jaar op zaterdag 25 april tijdens de Primavera Toertocht, een waanzinnige route langs een aantal stoomgemalen in Noord-Holland. De echte liefhebber bestelt direct een gelimiteerd event t-shirt mee. Rij je mee?

Rij mee met de Primavera Toertocht 2026

Datum: zaterdag 25 april 2026
Startpunt: omgeving Cruquius
Eindpunt: omgeving Den Oever
Afstand: ca. 245 km
Prijs regulier: € 60,00 (incl. ticketfee) – let op: géén deurverkoop
Prijs RIDERS-leden: € 54,00 (incl. ticketfee) – let op: voor je persoonlijke vouchercode moet je eerst inloggen op riders.nu. Via de tab ‘Events’ kom je bij deze Primavera tocht. Daar vind je jouw persoonlijke voucher waarmee je korting krijgt op je ticket.
Arrangement: waanzinnige toertocht, inclusief ontvangst met koffie en gebak, lunch en diner
Route: deelnemers die zich vóór 17 april inschrijven, ontvangen op vrijdag 17 april de GPX-bestanden via de e-mail. Vragen over de route kun je stellen via info@riders.nu
Thema: Stoom Afblazen – een unieke route langs stoomgemalen en -machines in Noord-Holland (zie themaverhaal verderop op deze pagina)

Inschrijven: ticketpoint.nl/primavera

Wat is een clubtocht en wat krijg ik voor mijn inschrijfgeld?
De clubtochten van RIDERS zijn all-inclusive toertochten waarbij doorgewinterde routemakers je iedere keer weer verrassen. Je ontdekt nieuwe wegen, ook in gebieden waar je zelf al bekend bent. Stuk voor stuk hebben ze een bijzonder thema.

Na inschrijving ontvang je een week voor de toertocht de route, zodat je goed voorbereid aan de start kunt verschijnen. Je rijdt de route alleen, of in je eigen groepje. Uiteraard kun je ook bij een ander aansluiten. Kortom, het gaat er heel gemoedelijk aan toe en we rijden niet in grote groepen. Bij de tussenstops is het daarentegen een gezellig samenzijn. Iedereen is welkom, van jong tot oud, ongeacht de motor waarop je rijdt.

Met het inschrijfgeld zorgen we voor goede en gastvrije horecalocaties. De start begint doorgaans met lekkere koffie en gebak. Vervolgens krijg je een lunch en volledig verzorgd diner. Ons motto is dat iedere motorrijder na een clubtocht een kilo zwaarder huiswaarts keert.

Thema Primavera Toertocht 2026: Stoom Afblazen
Willempie zag je overal. Als het om vooruitgang ging, was koning Willem I present. In de zuidelijke Nederlanden steunde hij Engelse ondernemers die hun industriële revolutie naar het Europese vasteland wilden exporteren. In de noordelijke Nederlanden liet de koning-koopman wegen, kanalen en spoorlijnen aanleggen. En polders droogmalen.

De Belgen bedankten Willem met de waterpomptang door zich onafhankelijk te verklaren, waardoor zijn koninkrijk in 1830 wat Nederland verloor. Maar in de Haarlemmermeer werd er juist landwinst geboekt. Midden tussen Hollandse steden lag het Haarlemmermeer – toen het grootste meer van Nederland. Door de eeuwen heen waren er telkens overstromingen, en als de landstrook tussen het Haarlemmermeer en de Zuiderzee het zou begeven, zou er een onbeheersbare binnenzee ontstaan.

Vissers en transportschippers wilden het water niet kwijt waarop ze hun brood verdienden. Maar Willem zette door en liet het grote meer leegpompen met stoomgemalen. Gemaal Leeghwater begon daarmee in 1848, de gemalen Lynden en Cruquius volgden een jaar later. In 1852 was de monsterklus geklaard dankzij de stoommachines die de gemalen aandreven aan de ringvaart van de Haarlemmermeerpolder, die door duizenden arbeiders met de hand was gegraven om het water af te voeren. Bijna 832.000.000 liter water moest in één keer daarin worden weggepompt over een hoogteverschil van vijf meter. Voor windmolens was dat een onmogelijke opgave, maar voor stoomgemalen een peuleschil.

Gemaal Cruquius
De grootste stoommachine ter wereld, die van gemaal Cruquius, is nog steeds in volle glorie te bewonderen. Als een industrieel kasteel rijst het gevaarte op dat een van de mooiste industriemusea van Nederland, nee: van de hele wereld is. Want De Cruquius leeft! Een prachtig staaltje retro-sciencefiction, nog versterkt door het spinachtige uiterlijk van de robot met acht armen.

Als dat gevaarte in beweging komt, is de magie totaal. Piepend, fluitend en krakend komt het gevaarte tot leven en doet de mastodont zijn werk en pompt met vijf slagen 64.000 liter water per minuut erdoorheen. Dat het ballet mécanique niet meer met stoom maar hydraulisch wordt aangedreven, maakt voor de beleving geen verschil.

Gemaal Halfweg
Schepen en treinen liepen nog op stoom. Vliegtuigen zijn van na het stoomtijdperk, de gevleugelde mastodonten die op de route langs Schiphol in de nu droge Haarlemmermeer langs zeilen, doen dat op kerosine. Ook in Halfweg komen de vliegmachines laag over. Al van verre wijst de bakstenen toren van het stoomgemaal daar de weg. Zoals dat vroeger ging, is die toren niet alleen functioneel, maar ook nog eens mooi om te zien, verfraaid met gele sierelementen. Trots op de vooruitgang, dat werd vroeger uitgedragen. Ook binnen is het smullen van de schoonheid van de techniek van toen.

Niks microchips, weggestopt in een plastic doos. De oude ijzeren ketels en machines zijn beslagen met klinknagels en veel van het bewegend mechaniek is aan de buitenkant zichtbaar. Net zoals bij antieke motorfietsen, denk maar aan Indian, Harley-Davidson, Vincent of Rudge. Waarom zou je al dat moois achter plastic wegstoppen?

Gemaal Halfweg werd gebouwd in 1852 en bleef werken tot 1977. Het ruikt er heerlijk naar ijzer, olie en koude stoom. Een van de stoomketels wordt op gezette tijden nog steeds opgestookt. In het gebouw naast het ketelhuis draaien dan de zeveneneenhalve meter grote schepraderen hun rondjes.

Het Limmergemaal
Opstijgen, gasgeven, opschakelen. Met de pont van Buitenhuizen over het Noordzeekanaal. Frustraties verdwijnen als sneeuw voor de zon op de slingerende dijkwegen, die er nu alleen nog liggen om motorrijders een mooi uitzicht te bieden op de droogmakerijen. Achter Akersloot nam het Limmergemaal in 1879 de plaats in van de Zuidermolen. Stoom in plaats van wind, daarna volgden diesel en elektra – de motoren werden steeds weer door andere energiebronnen aangedreven. Maar de functie bleef dezelfde: water wegmalen, land drooghouden.

Het Limmergemaal werd in 1990 vervangen door een moderner systeem, maar kreeg in 2022 opnieuw een plek in de waterhuishouding van de Groot-Limmerpolder. De grijsaard kan nu worden ingezet als ondersteuning bij extreme weersituaties als gevolg van klimaatverandering.

Aan Willem I danken wij ook het Noordhollands Kanaal. De weg daarlangs voert naar het Oude Gemaal bij Heerhugowaard, dat nu als Poldermuseum door het leven gaat. Veel van de sfeer van het uit 1907 stammende gebouw is behouden gebleven, maar de maalfunctie werd in 1994 overgenomen door het gemaal Huygendijk pal ernaast. Een blikvanger in het museum is zeker het houten model van de voormalige stoommachine, dat polderopzichter Willem Wijte maakte en dat op miniatuurformaat alle bewegingen van de grote broer nabootst.

Drie gemaalgeneraties
Toen het Schermermeer werd drooggemalen, was er nog geen stoomkracht. Tweeënvijftig windmolens maakten tussen 1633 en 1635 van het meer een polder. Een aantal daarvan staat nog steeds het puur-Hollandse landschap te verfraaien. In 1929 werd het werk van de Schermer-windmolens overgenomen door gemalen, genoemd naar vorstinnen van Oranje, nazaten van Willem I, die op hun beurt eind twintigste eeuw met pensioen gingen: Emma bij Grootschermer, Juliana bij Driehuizen en Wilhelmina bij Schermerhorn. Dat laatste gemaal is het fotogeniekste van de drie, zeker in het voorjaar als de bollen in de velden erachter bloeien. Wilhelmina is sinds 1995 een museum en is in de zomermaanden elke zondag geopend.

De Primavera 2026 komt nu aardig op stoom. Want ook in het platte Holland liggen prachtige motorroutes, bijvoorbeeld waar bochtige dijken ooit het water keerden. Of dat nog steeds doen, zoals de Zuiderdijk langs het IJsselmeer tussen Hoorn en Enkhuizen. Een onbetwistbare motortopper!

Na een paar bochten staat bij Schellinkhout keurig een ensemble van drie gemaalgeneraties op een rijtje naast elkaar: de Grote Molen uit 1603, het poldergemaal uit 1900 en de opvolger uit 1996. Wind, stoom en elektra – het is onderweg een bekend thema geworden. Langs de kust van de voormalige Zuiderzee, nu Marker- en IJsselmeer, spuwen vanouds verschillende gemalen het water van het land. Ook hier staan dan verschillende generaties in de buurt van elkaar, zoals de gemalen Westerkogge, Drieban, Grootslag en Oosterpolder.

Stoomgemaal De Vier Noorder Koggen
Onder de IJsselmeerdijk bij Medemblik ligt het stoomgemaal De Vier Noorder Koggen, dat vanaf 1869 water naar de Zuiderzee maalde en sinds 1985 als Nederlands Stoommuseum de ontwikkeling van stoommachines laat zien, en op zekere tijden ook laat horen en voelen.

In de grote gemaalzaal staan enorme machines en ook op het buitenterrein en het water van de Kleine Vliet is van alles op stoomgebied te bewonderen. Ook het gebouw zelf is prachtig; het waterschapsbestuur had er iets moois van laten maken waar de mensen trots op konden zijn.

Na het bezoek, dat vanwege het fascinerende mechaniek langer uitvalt dan gedacht, slingert de route om Medemblik heen, over de spoorlijn van de stoomtrein Hoorn-Medemblik heen, om dan de Zuiderzeedijkweg langs het IJsselmeer op te pakken. Daar duikt de volgende blikvanger al op: het witte gemaal Lely, dat water uit de Lage Kwelsloot naar het IJsselmeer pompte. Lely was een van de gemalen die in 1930 het Wieringermeer droogmaalden. In de huidige polder overheersen rechte lijnen het landschap en het wegenplan. Maar saai is dat niet, want hoe noordelijker de Primavera vordert, des te leger en ruimer het wordt.

Voor het laatst klotste in 1945 water in de Wieringermeer, toen de verslagen Duitsers de polderdijken doorstaken. Geen nood: de gemalen pompten onverstoorbaar het water weer in het IJsselmeer. Willem I zou tevreden zijn.

Gemaal Leemans
Vlak voor Den Oever ligt links het eveneens witgepleisterde gemaal Leemans, de trouwe compagnon van gemaal Lely. Ook gemaal Leemans werd in 1930 ingezet om het Wieringermeer leeg te malen en sindsdien houdt het de Wieringermeerpolder droog. Vanwege het zoutgehalte van het kwelwater pompt Leemans niet direct op het IJsselmeer, maar op de iets verder weg gelegen Waddenzee.

Zo. Lekker stoom afgeblazen onderweg? Den Oever heeft aan de open Waddenzee de grootste garnalenhaven van Europa. Stoomschepen liggen er niet, maar de kleurige vissersboten zijn er net zo’n bezienswaardigheid als de gemaalmachines eerder langs de route.

Zin om mee te rijden? Schrijf je dan snel in!

Ticketpoint is het officiële verkooppunt voor tickets van de Primavera Toertocht 2026