2026 wordt een hectisch jaar voor de MotoGP. Onder de paraplu van de nieuwe eigenaar, het Amerikaanse Liberty Media, moeten er wereldwijd in achttien verschillende landen niet alleen 22 GP’s en daarmee 44 races worden afgewerkt. Maar er is meer. Met het oog op de volgende twee jaren moet in de meeste gevallen ook worden besloten welke coureur voor welk merk gaat rijden. Omdat het technisch reglement voor 2027 volledig op de schop gaat, zijn bovendien de fabrikanten gedwongen om compleet nieuwe machines te construeren en te ontwikkelen. Daardoor is niets zeker!
Voor het seizoen 2002 vond de tot nu grootste verandering op technisch gebied in de koningsklasse van het WK-wegracen plaats. Want toen maakte de 500cc-klasse plaats voor de zogenaamde ‘MotoGP’. Hiervoor werd de tweetaktmotor in de ban gedaan en mochten er na een overgangsjaar alleen maar viertakten met een maximale cilinderinhoud van 990 cc aan de start verschijnen. Met Bridgestone, Dunlop en Michelin waren er drie bandenfabrikanten in de nieuwe koningsklasse actief. Maar omdat de machines al snel te snel werden, werd voor 2007 de cilinderinhoud teruggebracht naar 800 cc en mochten de motoren niet meer dan vier cilinders hebben. Natuurlijk ging de technische ontwikkeling door. Met meerdere reglementswijzigingen tot gevolg. Zo werd in de loop der jaren de veroorloofde hoeveelheid brandstof, het aantal te gebruiken motorblokken en het aantal banden teruggebracht. In 2009 werd met Bridgestone voor het eerst slechts één bandenleverancier in de MotoGP toegestaan. Omdat het wedstrijdbeeld met de 800cc-motoren tegenviel, werd voor 2012 de maximale cilinderinhoud tot 1000 cc vergroot. De maximaal vier cilinders mochten niet meer dan een doorsnee van 81 mm hebben, dit om het toerental te beperken. In grote lijnen bleef het technisch reglement tot nu toe hetzelfde. Alleen kwam er een vorm van eenheidselektronica en wisselde Michelin in 2016 Bridgestone af als enige bandenleverancier.
Omdat de machines andermaal te snel zijn geworden en er moeilijk mee kan worden ingehaald, komen er voor 2027 ingrijpende technische maatregelen. Zo gaat de maximale inhoud van de viercilinders naar 850 cc (met een maximale boring van 75 mm), worden de ride-height- en holeshot-devices verboden en worden ook de aerodynamische hulpmiddelen, oftewel de ‘vleugels’, kleiner. Bovendien komt er met Pirelli andermaal een nieuwe bandenleverancier. Vol spanning wordt uitgekeken naar de eerste tests met de 2027-prototypes en banden. Die gaan plaatsvinden na de GP’s van Tsjechië en Oostenrijk.
Ducati als maatstaf
Maar eerst nog het 25e MotoGP-seizoen dat tevens dus een afsluiting van andermaal een technisch tijdperk is. Een tijdperk dat door Ducati de laatste vier jaar werd beheerst bij de coureurs en maar liefst zes achtereenvolgende jaren bij de constructeurs. Tijdens de eerste test van 2026 in Maleisië werd onmiddellijk duidelijk dat het Italiaanse merk ook voor dit seizoen de maatstaf vormt. Want de vijf aanwezige Ducati-coureurs — Fermín Aldeguer is nog herstellende van een dijbeenbreuk — klasseerden zich op de laatste testdag bij de snelste zes. Alleen Marco Bezzecchi (Aprilia) wist als tweede een complete Ducati-dominantie te voorkomen. Álex Márquez, die intussen als ‘Sepang-specialist’ kan worden betiteld, was zowel de snelste over één ronde als over een race-(Sprint)-simulatie. De Gresini-coureur heeft dit seizoen de beschikking over de nieuwste Ducati. Als derde volgde een andere GP26-rijder. Dat was VR46-coureur Fabio Di Giannantonio. Vlak hierachter zaten Pecco Bagnaia en Marc Márquez, oftewel de beide Ducati-fabriekscoureurs. Dat was voor velen een opluchting. Zeker in het geval van Bagnaia. Na een desastreus 2025-seizoen toonde de tweevoudig MotoGP-wereldkampioen zich zeer ingenomen met met name het gevoel in de voorkant van de nieuwe GP26. En Marc Márquez bleek na zijn zoveelste blessureleed onmiddellijk weer hard te kunnen gaan.

Hoewel testen slechts testen is (en blijft), is toch de eerste indruk dat de machtsverhoudingen ten opzichte van verleden jaar niet veel zijn veranderd. Want tijdens de eerste vergelijking in 2026 werden Ducati en Aprilia gevolgd door KTM (Pedro Acosta als achtste), Honda (Joan Mir, die verrassend op de tweede dag de snelste was geweest, als negende) en vervolgens Yamaha. Laatstgenoemde fabrikant doet, net als Honda, er heel veel aan om terug te keren aan de top van de MotoGP. Zo werden er minimaal tien nieuwe V4-machines gebouwd voor haar vier GP-coureurs en meerdere testrijders. Een hele investering. Ook al omdat die machines slechts één seizoen zijn te gebruiken. De eerste grote test ervan verliep in Sepang bepaald niet naar wens. Zeker niet voor kopman Fabio Quartararo. De Fransman kwam op de eerste dag van de officiële test hard ten val, met als gevolg dat hij met een gebroken linker middelvinger onmiddellijk huiswaarts keerde. Nog was alle leed voor Yamaha nog niet geleden, want tijdens de middagsessie verschenen de andere rijders van de Japanse fabrikant ook niet meer in de baan. Volgens een woordvoerder had dit niets met de val van Quartararo te maken, maar was er sprake van een ander technisch probleem waardoor de veiligheid van de coureurs in het geding kwam. De volgende en laatste testdag kwamen de Yamaha-coureurs wel weer in actie, maar wel op machines die minder toeren draaiden.
Aalt Toersen over de impact van schrapresultaten: de meeste punten, maar geen wereldkampioen
Heel vroege transferperiode
De problemen konden voor Yamaha niet op een slechter moment komen. Want de kans dat Fabio Quartararo het merk gaat verlaten, is er alleen maar groter door geworden. Voor alle malheur werd de wereldkampioen van 2021 al in verband gebracht met een overstap naar Honda voor de seizoenen 2027 en 2028. Op het moment van schrijven is alleen zeker dat van de topcoureurs Marco Bezzecchi ook in het 850cc-tijdperk bij Aprilia rijdt. Het ligt voor de hand dat de verbintenis tussen Marc Márquez en Ducati wordt verlengd. Zeker is dat Jorge Martín Aprilia gaat verlaten om waarschijnlijk naar Yamaha te gaan. Pedro Acosta heeft zijn zinnen gezet op een fabrieks-Ducati. Dit zou dan ten koste gaan van Pecco Bagnaia. Op zijn beurt is de Italiaan welkom bij alle andere fabrieksteams. En wat gaat Álex Márquez doen? Blijft hij bij Gresini-Ducati of stapt hij eventueel over naar KTM? De verwachting is dat het merendeel van de rijdersbezetting voor 2027 duidelijk zal zijn voor de start van het seizoen 2026. Overigens zorgt het zo vroeg starten van de transfermolen er wel voor dat er dit seizoen een vreemde situatie ontstaat. Zo zullen de vertrekkende coureurs vast niet de nieuwe 850cc-machines van hun huidige werkgever gaan testen. En het is natuurlijk een vraagteken welk merk met de beste 2027-machine op de proppen komt.
Marc Márquez is favoriet
Maar eerst dus nog genieten van het laatste seizoen van het 1000cc-tijdperk. Hoewel hij kort na het behalen van zijn zevende MotoGP-wereldtitel in Japan buiten zijn schuld geblesseerd raakte en zo vier maanden niet op een MotoGP-machine had gereden, liet Marc Márquez bij zijn eerste optreden in 2026 zien dat hij nog niets van zijn motivatie en snelheid heeft verloren. Een kwestie van instinct en talent. De nu 33-jarige regerend wereldkampioen gaat zo ook in 2026 als grote favoriet voor de titel van start. Mocht hij opnieuw de titel behalen, dan komt de Spanjaard wat het totaal aantal wereldtitels in de koningsklasse (500cc en MotoGP) betreft op gelijke hoogte met Giacomo Agostini. Bovendien gaat MM93 dan wat het totaal aantal kampioenschappen betreft zijn grote rivaal Valentino Rossi voorbij. Want met tien titels op zak nestelt de Spanjaard zich dan in het klassement ‘Meest succesvolle motorwegracecoureur aller tijden’ achter Giacomo Agostini (met vijftien titels) en Ángel Nieto (met dertien) alleen op plaats drie.
Na eerst nog twee testdagen op 21 en 22 februari te hebben afgewerkt, gaat het weekend erop in het Thaise Buriram het 78e Wereldkampioenschap wegrace van start.
Foto’s: MotoGP.com, ANP en Teams
MOTOGP-wereldkampioenen bij de coureurs
| Positie | Coureur | Titels | Jaren |
|---|---|---|---|
| 1 | Marc Márquez (E) | 7x | 2013, 2014, 2016, 2017, 2018, 2019, 2025 |
| 2 | Valentino Rossi (I) | 5x | 2002, 2003, 2004, 2005, 2009 |
| 3 | Jorge Lorenzo (E) | 3x | 2010, 2012, 2015 |
| 4 | Francesco Bagnaia (I) | 2x | 2022, 2023 |
| 5 | Casey Stoner (AUS) | 2x | 2007, 2011 |
| 6 | Nicky Hayden (USA) | 1x | 2006 |
| 7 | Jorge Martin (E) | 1x | 2024 |
| 8 | Joan Mir (E) | 1x | 2020 |
| 9 | Fabio Quartararo (F) | 1x | 2021 |
Bij de contructeurs
| Plaats | Merk | Aantal zeges | Jaren |
|---|---|---|---|
| 1 | Honda | 12x | 2002, 2003, 2004, 2006, 2011, 2012, 2013, 2014, 2016, 2017, 2018, 2019 |
| 2 | Ducati | 7x | 2007, 2020, 2021, 2022, 2023, 2024, 2025 |
| 3 | Yamaha | 5x | 2005, 2008, 2009, 2010, 2015 |
Coureurs met de meeste titels in de koningklasse
| Positie | Coureur | Land | Titels |
|---|---|---|---|
| 1 | Giacomo Agostini | I | 8 |
| 2 | Marc Márquez | E | 7 |
| 2 | Valentino Rossi | I | 7 |
| 3 | Michael Doohan | AUS | 5 |
| 4 | Geoff Duke | GB | 4 |
| 4 | Mike Hailwood | GB | 4 |
| 4 | Eddie Lawson | USA | 4 |
| 4 | John Surtees | GB | 4 |
| 9 | Jorge Lorenzo | E | 3 |
| 9 | Wayne Rainey | USA | 3 |
| 9 | Kenny Roberts sr | USA | 3 |


