Het zuiden van Zweden heeft echt een imagoprobleem. Veel motorrijders zweren dat het landschap saai en eentonig is, vooral als je het vergelijkt met het ruige Noorwegen. Maar de Zweden zijn vastberaden om dat vooroordeel de wereld uit te helpen, en de foto’s op de website van het Zweeds verkeersbureau doen je watertanden. Wij gingen op ontdekkingstocht in dit ondergewaardeerde deel van Scandinavië, met zijn prachtige natuur, typische rode huizen en… getunede Volvo’s.
Ik ben altijd al gefascineerd geweest door Scandinavië en keer op keer ben ik weer onder de indruk van de uitgestrektheid en schitterende natuur. Deze keer neem ik drie motoren – en rijders – mee naar het noorden. Gezien de afstand van 1.100 km naar Landskrona – het startpunt van onze trip – besloot ik een trailer te huren. Het weer was onvoorspelbaar, en we wilden niet drijfnat aan deze tocht beginnen.
Toertocht Frankrijk: XXL-rotonde om de Mont Blanc
‘Zijn ze kapot?’ vraagt de Deense grenswachter, wijzend naar de drie fonkelnieuwe motoren op de aanhanger. Als ik ontkennend antwoord geef, laat hij ons met een meewarige blik doorgaan. ‘Pussies,’ hoor ik hem mompelen. Tja, ik kan hem moeilijk ongelijk geven. In Denemarken moeten we drie bruggen oversteken om in Malmö te komen. Een dure aangelegenheid: de Storebæltsbroen kost ons al 47 euro, en voor de Öresundsbron, die de grens met Zweden vormt, moeten we 130 euro neertellen voor een enkele rit, inclusief aanhangwagen. Maar goed, er zijn meer vakantielanden die op een of andere manier een centje verdienen aan de landreiziger. En je krijgt de kans om over twee indrukwekkende bouwwerken te rijden. Ook aan de Zweedse grens worden we weer aan de kant gezet door de grenswacht. De blonde inspectrice is duidelijk onder de indruk van het mooie spul op onze trailer.
Stuga aan zee
Zweden is een gigantisch land dat je onmogelijk in een paar dagen kunt bereizen, dus focussen we ons op het zuiden. Onze eerste stop is Landskrona, net boven Malmö. Zweden heeft niet veel grote steden, maar ik probeer ze altijd te vermijden tijdens motortrips. Voor onze overnachtingen vertrouwen we op de SCR, de Zweedse campingbond. Op hun website vind je meer dan driehonderd kampeerlocaties verspreid over het land. Je kunt het aanbod eenvoudig filteren op je voorkeuren. De campings bieden meestal de keuze uit kampeerplekken of chaletachtige huisjes, de stuga’s. Die leken me ideaal voor onze vijf overnachtingen, omdat we dan geen campingspullen mee hoeven te nemen. Na aankomst in onze eerste stuga, aan zee, tel ik vooral de uren af tot de volgende ochtend. Ik voel een onweerstaanbare drang om de eerste etappe af te trappen.
De volgende ochtend miezert het, maar de eerste koffie (fika in het Zweeds, een omdraaiing van kaffi) doet wonderen. De Yamaha Tracer 9 GT, de Ducati Multistrada V2 S en de Honda NT1100 zijn onze tweewielers van dienst. Het bosrijke land nodigt uit om het onverharde op te zoeken, maar dat kunnen we met deze motoren beter vergeten. De route gaat volledig over asfalt, want er zijn weinig motoren die zo geschikt zijn voor deze ondergrond als onze drie speelkameraden.
De kust in het uiterste zuiden van Zweden is bezaaid met vlakke landbouwvelden, niet meteen onze favoriete omgeving. Hoewel de velden mooi in bloei staan, willen we zo snel mogelijk richting de onbewoonde wereld. Eerst rijden we een uur over de snelweg naar het noorden, waarna we verder noordwaarts trekken over N-wegen die parallel aan de kust lopen. We kopen ontbijtkoek bij een supermarkt en installeren ons op een bankje voor de winkel. Het is een komen en gaan van lokale pubers. Opvallend hoe de TikTok-jeugd overal ter wereld er hetzelfde uitziet. Die uniformiteit wordt doorbroken door de verschijning van een grijze, oudere heer, die ons uitgebreid vertelt over de ooit bloeiende luciferindustrie in Jönköping en hoe die jammerlijk in verval is geraakt.
Na dit boeiende college wijst de kust ons verder de weg en slaan we rechtsaf richting het beboste binnenland. De huizen worden schaarser, net als het verkeer. Landbouwgrond maakt plaats voor dichte bossen, en we rijden rakelings langs de eerste meren, die de bochten van de wegen bepalen. Even later duikt ook een verkeersbord op dat waarschuwt voor overstekende elanden; het nationale symbool is net niet heilig. Een aanrijding met een koe in India zit nog steeds in mijn achterhoofd. Daarom neem ik de nodige voorzorgsmaatregelen en beperk de snelheid. Niet veel later bereiken we onze tweede stuga, die in de buurt van Kinna aan een meer ligt.
Toerisme Zweden: Terug naar onbekend Zweden
Houtindustrie
De volgende ochtend komen we voorbij een authentieke oude houtzagerij in de typische rode kleur. Het museum is gratis toegankelijk en er is geen toezicht. Hier hebben ze nog vertrouwen in de mensheid! In de grote schuur kun je allerlei oude houtbewerkingstechnieken bewonderen. Aan de zijkant van het gebouw wordt de kracht van de rivier benut om via een schoepenrad de machines aan te drijven en het hout te transporteren. Groene techniek avant la lettre… Aan de voorkant van het gebouw liggen enkele boomstammen klaar om bewerkt te worden. Deze plek met zijn primitieve werktuigen straalt een enorme rust uit, en de lekkere geur van het hout doet ons wegdromen.
De donkergroene vlek op de gps waar we op afrijden, voorspelt veel goeds. Straks duiken we nog dieper de wouden in. De nieuwsgierige ree die we tegenkomen, is een eerste voorbode. Naarmate de kustlijn verder achter ons ligt, zien we ook steeds meer meren. Bij een rode vissershut met uitzicht op het meer ploffen we neer op de steiger met enkele snacks als ontbijt. We kijken naar het onderwaterleven, terwijl de zon in het water glinstert. We worden er stil van. En ook een beetje jaloers op de bewoners van de pittoreske huisjes aan de oever, tussen het riet. Wat een rust en natuurpracht hier, en wat een contrast met de Randstad…
Volgens het credo van spontane ontdekkingen draaien we wat later onze steven als we een bordje zien dat een manege aankondigt. De gravelweg stelt de straatmotoren danig op de proef. De gps geeft aan dat we elk moment een weg kunnen kruisen, maar tien minuten later loopt het pad dood. Op de terugweg komen we enkele kolossale machines tegen die bomen uit de grond trekken alsof het stekjes zijn. Boys will be boys, dus we stoppen even om te kijken naar het zoveelste bewijs dat de houtindustrie hier een belangrijke rol speelt. We zetten onze weg voort over asfalt van de hoogste kwaliteit en rijden kilometerslang zonder ander verkeer tegen te komen. De Zweedse natuur toont zich in al haar facetten en de lange, overzichtelijke bochten boosten het vertrouwen, met drie comfortabele motoren onder de kont.

Mobiele grill
De middag nadert en in de supermarkt kopen we barbecuevlees. We hebben een mobiele grill van Skotti bij ons – die is zo compact dat-ie zelfs in de koffers van de Ducati past – en willen die maar wat graag testen. Bij het eerstvolgende meer schuiven we de platen van de grill in elkaar en draaien de gasfles open. Het vlees wordt vliegensvlug heet en vijf minuten later snijden we het aan. We beleven weer zo’n moment waarop alles klopt en het leven even perfect is. Niet veel later nemen we de gratis veerboot naar een schiereiland in een meer. De dichte bossen blijven ondertussen achter ons en maken plaats voor een landelijker omgeving. De woningen die uitkijken over de velden lijken wel poppenhuisjes. De uit lokaal hout opgetrokken huisjes zijn in het bekende falunrood geschilderd en verkeren bijna allemaal in perfecte staat. De naam van deze verf komt van de vroegere kopermijnen bij de Zweedse stad Falun, waar het rode pigment werd gewonnen uit afvalerts. Het was toen een goedkope manier om het onbewerkte hout te beschermen en het is nog steeds de meest gebruikte kleur voor Zweedse huizen. Verderop stoppen we in Växjö, een klein stadje aan een meer – hoe kan het ook anders – waar onze derde stuga is gelegen. Växjö wordt beschouwd als een van de groenste steden van Europa. Tja, hoe moeilijk kan het zijn, denk je dan, in zo’n uitgestrekt land met zoveel natuur, midden in de bossen?
Gestripte Volvo’s
Na Växjö trekken we zuidwaarts richting Nationaal Park Åsnen, bekend om zijn talloze meren en moerassen. Op de weg blijven is een aanrader. Omdat morgen de nationale feestdag is, komen we deze keer wel verkeer tegen. De Zweedse mentaliteit wordt goed weerspiegeld in het nationale automerk Volvo, bedenk ik me: bescheiden degelijkheid. De jeugd rebelleert hiertegen door oude Volvo’s te strippen en ze zo van hun waardigheid te ontdoen. We komen meerdere hilarische getunede Volvo’s tegen, met neonverlichting en altijd in een schreeuwerige kleur. Soms halen de jongeren het dak eraf om er een soort Amerikaanse pick-up van te maken. Ze schrapen over de grond met hun veel te grote chromen velgen, terwijl muziek uit de ingebouwde speakers knalt. Meestal staat er een gigantische gevarendriehoek op de achterkant. Zestienjarigen mogen ermee de weg op, want deze auto’s gaan niet harder dan 25 km/u.
Naast deze creaties zien we opvallend veel Harley-Davidsons. Er blijkt een grote meeting te zijn op het eiland Öland aan de oostkust van Zweden. Bij een tankstation ergens in de bossen komen we een groepje rijders tegen, en dat levert een fraai contrast op: wij in onze textielpakjes en airbagvesten met onze drie ‘rationele’ motoren, tegenover de schaars geklede, getatoeëerde Harley-minnaars op hun afgeleefde maar karaktervolle motoren. We kijken naar elkaar en denken hetzelfde. De omgeving voelt overigens best Amerikaans aan, net als de personages die voor ons staan. Even verderop stuiten we op de stad Kalmar, waar de verbinding naar het eiland Öland is. We hebben helaas geen tijd om het te bezichtigen, maar we houden even halt bij het kasteel Kalmar slott, waarvan de geschiedenis teruggaat tot 1180. Het is een van de best bewaarde kastelen in renaissancestijl van Noord-Europa. Aan de overkant hebben we een leuk terrasje waar we nog maar eens een lekker hapje eten. We verlaten de kustweg even om in het gezellige dorp Kristianopel te kijken, waarna we via een boog in Karlskrona eindigen. Deze stad is verdeeld over verschillende eilanden en op één ervan ligt onze camping – weer kamperen aan het water! We rijden door de stad bij zonsondergang en genieten van het zicht op de gekleurde huizen, die op verschillende hoogtes aan het water liggen. Kan het nog beter worden dan dit?
Absolute aanrader
De laatste dag besluit de zon vroegtijdig afscheid te nemen. We mogen niet klagen, want we hebben uitstekend weer gehad en het grijze plaatje past evengoed bij het landschap. We rijden onze laatste kilometers door bossen en langs meren tot we opnieuw Landskrona bereiken, om de motoren terug op de trailer te laden.
Ik kwam met weinig verwachtingen naar Zuid-Zweden. Het heeft nu eenmaal de reputatie weinig spannend en landschappelijk eentonig te zijn. Natuurlijk, je vindt er niet de ruigheid van Noorwegen of de Alpen, maar op zijn manier is het een heerlijke plek om motor te rijden. Er is amper verkeer, de wegen zijn uitstekend en de natuur is altijd aan je zijde. De inwoners zijn vriendelijk en stralen, net als de natuur, een aangename rust uit. Bovendien spreken Zweden perfect Engels en kun je overal elektronisch betalen (dus geen gedoe met Zweedse kronen). Het prijspeil is trouwens vergelijkbaar met dat van Nederland, alcohol buiten beschouwing gelaten. Via de website van de SCR kun je op voorhand een route uitstippelen met overnachtingen op unieke locaties, tegen behapbare prijzen. Zweden zet er duidelijk op in om meer toeristen te trekken, en terecht. Gelukkig is het land uitgestrekt genoeg, zodat je nergens de overrompeling ervaart die sommige Alpenpassen wat minder aangenaam maken. Het solitaire gevoel op die bochtige wegen door de bossen is gewoon heerlijk. Kies een meer uit om te stoppen en je kunt er zeker van zijn dat je er helemaal alleen bent. Plan zeker voldoende kilometers, want je rijdt altijd vlot door: er is weinig verkeer, amper verkeerslichten en overal ruime wegen zonder krappe bochten. Een absolute aanrader.
Download de route Zweden



