Getest > Ducati Monster 1100evo

Heeft Ducati zich laten inspireren door Pokémon? Je gaat het je afvragen als je de nieuwe Monster 1100evo ziet. Deze opgepimpte en opgepepte versie van de gewone luchtgekoelde 1100 is niets minder dan een lekkere power-up. En daar zijn we natuurlijk altijd blij mee. Want net als in de digitale wereld van het gelijknamige computerspelletje, biedt een sterker monster meer mogelijkheden! Toch?

De Ducati Monster is al een kaskraker sinds hij in 1992 het levenslicht zag. Zijn geestelijk vader Miguel Angel Galluzi, die de kenmerkende lijnen op papier zette, creëerde een instant-klassieker, een icoon. Grappig genoeg wilde de Argentijn alleen maar de beste onderdelen van andere Ducati’s samenvoegen tot een bruikbare no-nonsense-motor. In 2007 voorzag Pierre Terblanche, bekend van de Supermono en de Hypermotard, het ontwerp van een hippe make-over. Saillant detail: veel van de huidige lijnen komen uit de pen van de Nederlander Bart Janssen-Groesbeek, inmiddels ‘Senior Designer’ bij Ducati. De 2011-versie kreeg nóg hippere velgen en twee modieuze boven elkaar gelegen uitlaten aan de zijkant, met bijbehorende nieuwe voorbochten. De upside-down-vork van Showa is ingeruild voor een Marzocchi en het stuur staat 20 millimeter hoger dan voorheen. Het ziet er prachtig uit, maar is de vernieuwde Monster ook praktisch?

Ook het motorblok is flink onder handen genomen. Verwacht geen waanzinnige prestaties zoals bij een watergekoelde S4RS Testastretta, maar voor het eerst in de geschiedenis beukt Ducati’s luchtgekoelde tweeklepper er toch maar mooi even een vermogen uit dat bestaat uit drie cijfers. Jazeker, de Monster 1100evo met het Desmodue Evoluzione blok is goed voor 100 peekaatjes en wint daarmee 5 pk ten opzichte van zijn voorganger. Dit dankzij een nieuw inlaattraject, verhoogde compressieverhouding en een grotere lichthoogte van zowel in- als uitlaatkleppen. Ook is er een lichter – van de 848 afkomstig – vliegwiel gemonteerd. Bovendien wordt dit vermogen voor het eerst gecontroleerd door een tractiecontrolesysteem, dat met vier standen net iets minder geavanceerd is dan de tractiecontrole die op andere modellen wordt toegepast.

Na het voor Ducati bekende, wat lome aanslaan van de gekietelde L-twin, zijn de mokerslagen van de luchtkoeler als vanouds tot in de wijde omtrek waarneembaar. Ook in het zadel word je verwend met een soort van ‘Ducati Surround Sound’, door het inlaatgeluid dat hoog aan de zijkant van de tank naar buiten komt. Erg prettig, omdat je er middenin zit. Dankzij de grote cilinderinhoud die verdeeld is over slechts twee cilinders en het lichtere vliegwiel aan de krukas, is het blok onderin echt humeurig, zelfs humeuriger dan zijn voorganger. Dit past natuurlijk wel bij een monster, maar pas als het toerental de 3000 toeren per minuut passeert, begint het blok mooier rond te lopen. Daarvoor is het horten en stoten geblazen en is een controlerende hand bij de (wat zwaar werkende) koppeling geen overbodige luxe. Niet echt een boulevardcruiser dus. Tussen de 3000 en 7500 toeren is het blok dan wel beresterk, en als je hem in dit gebied houdt, kan de 1100evo met zijn 100 pk een aardig potje meeblazen. Kortom veel schakelen en dat gaat heel fatsoenlijk met de bak van Monster 1100evo, die zowel tijdens op- als terugschakelen prima meewerkt.

Net als de zithouding, die wat ‘op de polsen’ aanvoelt, is het gevoel in het rijwielgedeelte wat ‘op de neus’, waardoor de Ducati ietwat zenuwachtig aandoet. Vooral in het langzamere, korte werk knikt de tweeklepper nerveus vlug naar binnen. Het kost even voordat je hierin vertrouwen krijgt. Dat geloof is vervolgens wel terecht, want je kunt uiteindelijk toch goed snel kappen en draaien. Loopt de snelheid hoger op en ontstijgen de bochten het niveau ‘rondje om de kerk’, dan voelt de Duc een stuk natuurlijker aan. Mooi strak op lijn, veel gevoel vanuit de vering en een blok dat stoïcijns doorhamert. Ingrediënten om van te genieten.

De mokerslagen van de luchtkoeler zijn als vanouds tot in de wijde omtrek waarneembaar. Ook in het zadel word je verwend met ‘Ducati Surround Sound.’

Gemaakt voor
Hipperdepipperds die wel van een beetje vaderlands design houden. Verwacht echter geen boulevardcruiser, want met een (bijna) afslaande motor bij stapvoets rijden maak je niet echt de blits.

Motor
Humeurig maar beresterk. De luchtkoeler heeft precies 100 pk en de powerband is smal, maar in het juiste gebied zijn de klappen absoluut raak. De trillingen die vanuit de machinekamer door de 1100evo vloeien zijn echter niet gering en zorgen ervoor dat het bloed uit je handen en voeten trekt.

Nukkig beest
De Monster 1100evo is niet in alle opzichten een verbetering. Zo is hij door het lichtere vliegwiel en het hogere vermogen (nog) ongemanierder geworden. Ook de windbescherming is door het hogere stuur niet wat het geweest is. In snel bochtenwerk laat de beperkte grondspeling zich gelden. Ben je desondanks toch verliefd, dan schaar je dit allemaal onder de noemer ‘karakter.’

Bekijk hier de technische gegevens (en die van 10.000 andere motoren!)

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73, Promotor en Classic & Retro. Redacteuren Ad van de Wiel, Jan Kruithof, Eddie de Vries, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Misschien vind je dit ook interessant?