Getest > Suzuki GSX650F

Als rechtgeaard crimineel ga je natuurlijk geen bank beroven in je zondagse pak. Sommige mensen denken er anders over, maar een vermomming doet wonderen. Suzuki heeft dat ook begrepen. Tenminste…

Wanneer Suzuki een eenvoudige motor aankleedt als supersporter zie je dat niet direct. De GSX650F oogt door zijn kleurstelling en de van een GSX-R1000 geleende koplamp (en kuip) als een serieuze sportfiets. Maar laat je niet in de luren leggen door deze aangeklede Bandit, de Suzuki heeft net zo weinig op een circuit te zoeken als een tot superbike omgebouwde Honda Cub. Sportprestaties zitten er echt niet in. Als je eenmaal aan dat idee bent gewend, kan de eigenlijke proefrit beginnen. Eens kijken, wat er dan wél in zit! De Suzuki is geen circuitbeest en je zit dus niet opgevouwen, maar het eenvoudige zwarte stuurtje voorkomt het gevoel van thuiskomen. De uiteinden staan te ver naar achteren gedraaid, waardoor ze storend in de handpalmen drukken. Je kunt het stuur naar voren of achteren zetten, aan de vorm verandert dat niets. Dat je vanaf 7000 tpm typische viercilindertrillingen in het stuur voelt, kun je het stuur zelf onmogelijk kwalijk nemen. Maar vervelend is het wel. Naarmate het toerental stijgt, nemen de trillingen gelukkig niet evenredig toe. Voor de rest vind je een prima plekje aan boord. De benen plooien in een aangename hoek door de lage positie van de steps. De vulling mag iets harder, maar het zadel zelf is breed genoeg om een gerieflijk plekje te vinden.

De Suzuki-rijder heeft uitzicht op een sportief dashboard, waarbij de toerenteller een dominante plek in het gezichtsveld opeist. Hetzelfde klokkenwerk vind je terug in de GSX-R1000 K7; dat verklaart de centrale plek van de toerenteller. De eveneens prominent aanwezige schakellamp belooft nog meer sportiefs. Helaas grijpt de toerenbegrenzer op dit exemplaar eerder in dan de lamp oplicht. Het sportieve kuipwerk kennen we van de K5 GSX-R1000. Juist die herkenbare vormen geven de voormalige Bandit zijn bedrieglijk snelle uiterlijk. Parkeer hem onder de juiste hoek op z’n jiffystand voor een terras en je houdt iedereen voor de gek. Nutteloze luchthappers creëren de illusie van een ram-air-systeem en de kuipvorm geeft het idee van een hogesnelheidstrein. Jammer dat die schone schijn verdwijnt zodra je naast de motorfiets staat. De zij- en achterkant zijn namelijk wel erg Bandit.

Het is overdreven om de sportkuip op de GSX toercapaciteiten toe te dichten, maar je vindt een prima plekje achter de transparante kunststof. Ook hier krijg je af te rekenen met een windstroom, maar die raakt het vizier zonder storende turbulentie. Het maakt niet uit in welke versnelling en bij welk toerental je aan het gas draait van de GSX, altijd spint het motortje er vloeiend vandoor. De dubbele gaskleppen in de inlaatkanalen sluiten perfect aan bij het zachte karakter. Aan/uit-reacties blijven uit en de injectie vertaalt elk millimetertje gas naar een doseerbare elastieken acceleratie. Natuurlijk kijkt iedereen door de vermomming van de Suzuki heen. En wat zien ze dan? Ze zien een vriendelijke motorfiets met acceptabele prestaties, een elastieken motorblok en een aanlokkelijke prijs. Spannend kunnen we hem echter moeilijk noemen. De Bandit, pardon GSX650F, moet eens in de leer bij een jeugdcrimineel. Een beetje vernieuwing kan geen kwaad.

Parkeer hem onder de juiste hoek op z’n jiffystand voor een terras en je houdt iedereen voor de gek.

Gemaakt voor
Gevoelige types. De zachte GSX650F poetst rimpels op het geasfalteerde oppervlak heerlijk weg, maar door alle beweging is de balans ver te zoeken. Als je een minirotonde driekwart rondt, dreigt de Suzuki steeds naar binnen te vallen. Een beetje druk op de binnenste stuurhelft lost dat op.

Motor
Geheel in tegenstelling tot het weggedrag tekent het Suzuki-blok lineaalstrakke lijnen. Vanaf 3500 tot 9000 tpm beschik je over nagenoeg het maximum koppel van 61,5 Nm. Op de weg ervaar je dat als een zeer gelijkmatig opbouwend vermogen. Maar bij 9200 toeren is de koek op.

Goed voor de conditie
Even steppend vanuit het zadel de motorfiets draaien gaat gepaard met de nodige sportieve inspanning van de bovenarmen. Een correcte bandenspanning en wat meer veervoorspanning achter helpen wel, maar het sturen blijft nog altijd onder de maat.

Gerelateerd

REAGEER OP DIT ARTIKEL