Getest: Honda CTX700N DCT

Honda lanceert dit jaar twee CTX-modellen, een soort cruiserachtige machines. De grootste is de CTX1300, wat in grote lijnen een gechopte Pan-European is en deze CTX700 die dan weer een soort gechopte NC700 is. 

Honda haalt het maximale uit het middenklasserplatform van de NC-serie. Een jaar of twee geleden begon het met een drietal modellen die technisch min of meer gelijk waren en waar drie verschillende motoren omheen gebouwd waren: een naked, een softe-allroad en een scooterachtige. Tot de unique sellingpoints behoorden de meer dan fatsoenlijke aanschafprijs en de interessante zuinige omgang met brandstof. Het was dus geen verrassing dat er behoorlijk wat van die motoren zijn verkocht. Die NC700’s zijn dit jaar geëvolueerd tot, maar met het originele 700-blok als basis werd nog een vierde versie gelanceerd: de CTX700, een soort compacte cruiser.

Het woord ‘urban’ ligt steeds op de lippen van de marketeers die dit soort modellen aan de man willen brengen. Geen cruiser voor de eindeloze highways, maar een stoere motor om gewoon mee naar je werk te gaan. Harley lanceert later dit jaar de Street-serie, met niet meer dan 750 cc en ook compacte afmetingen. Honda is de Amerikanen een stap voor met deze CTX700 en hij is bijvoorbeeld ook echt veel lichter en handzamer dan een VT750, die met een echte V-twin nog veel meer in dat klassieke cruiserbeeld past.

En eerlijk is eerlijk, met z’n matzwarte tank, zwart gespoten frame en eigenlijk gewoon alles zwart oogt hij zonder meer ruiger dan z’n bravere broertjes. 

Geen stampende V-twin in de CTX. Maar een uitgekiende paralletwin. Uitgekiend omdat het de makers is gelukt om uit het blok relatief veel koppel te persen, hem spaarzaam met brandstof om te laten springen en bovendien nog een lekker brommetje te laten hebben. Visueel is het daarentegen geen smaakmaker en Honda heeft het blok zoveel als mogelijk weggewerkt achter het frame en andere stylingelementen. Standaard maakt de CTX700 gebruik van de Dual Clutch Transmission van Honda, de bak met automatische dubbele koppeling. Een koppelingshendel ontbreekt, evenals een schakelpedaal. En deze combinatie is net zo urban als een scooter met CVT: gasgeven, sturen en remmen zijn het enige dat je hoeft te doen. De rest gaat vanzelf en onmerkbaar.

Deze DCT verdient absoluut een pluim, want hij doet z’n werk onmerkbaar. Hij is voorgeprogrammeerd in twee standen: een relaxte D-stand, die gaat voor rust en een gunstig verbruik en een S-stand die beste mogelijke prestaties levert. In D schakelt hij zo snel mogelijk door, en in S houdt hij de versnelling langer vast en bij gas los, schakelt hij vast even terug. En wie écht wil kan een handmatige stand kiezen en met flippers zelf bepalen welke van de zes versnellingen wordt ingeschakeld. De CTX is uitsluitend met DCT leverbaar.

De zitpositie is heel anders dan op de andere NC700/NC750-modellen, vanzelfsprekend. Je zit harstikke laag, zelfs 70 mm lager dan op de naked en de voetsteunen zitten ver naar voren. Je zou het op het oog misschien niet zeggen, maar de wielbasis van de CTX is slechts 5 mm langer dan van de NC700S. Dat komt omdat de voorvork een fractie minder steil staat. Het rijgedrag laat zich het best als gemakkelijk omschrijven. De CTX gaat waar je wilt, en het is nooit duwen, trekken of wringen. Hij is niet zwaar op de hand en een straatje keren gaat net zo gemakkelijk als op de buitenweg een auto inhalen. Die lichtvoetigheid heeft als bijwerking dat je bijvoorbeeld zo enthousiast over rotondes gaat, of haakse bochten neemt, dat de slijtboutjes onder de voetsteunen al snel over straat schrapen…

Wel voor verbetering in aanmerking komt is de achterveer. Met name korte oneffenheden (toch wel typisch voor een ‘urban’ omgeving…) worden nogal rauw doorgegeven. Je krijgt soms flinke klappen en dat past niet bij het soepele, vriendelijke karakter dat deze motor heeft. Aan de vering is overigens niets in te stellen.

Die NC’s zijn allemaal fatsoenlijke, doodgoeie motoren. Spannend zijn ze niet, wel verstandig – en dat stralen ze uit. Deze CTX is een beetje het buitenbeentje. Welk die blanke pit, maar met een ruwe bolster eromheen. En dat is een leuke combi en de prijs van € 8999 is ook niet te gek.

 

[justified_image_grid ids=19932,19933,19934,19935]

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73 en Promotor. Redacteuren Marien Cahuzak, Jan Kruithof, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Misschien vind je dit ook interessant?