Een zeldzame Ducati Desmosedici GP8 MotoGP-machine met een bijzondere geschiedenis is onlangs voor een indrukwekkend bedrag van ongeveer €267.500 geveild. Het betreft een motorfiets met een unieke ‘Stars and Stripes’-livery die door de legendarische Nicky Hayden werd bereden tijdens zijn eerste tests na de overstap van Honda naar Ducati eind 2008.
De geveilde Ducati GP8 is niet zomaar een MotoGP-machine. Deze motorfiets markeert een belangrijk moment in de carrière van Nicky Hayden, die in 2006 wereldkampioen werd met Honda voordat hij de overstap maakte naar het Ducati-team. Vanwege contractuele verplichtingen kon Hayden tijdens zijn eerste test met Ducati nog niet in de officiële Ducati-kleuren rijden, wat resulteerde in de opvallende rood-wit-blauwe ‘Stars and Stripes’-livery die deze motorfiets zo bijzonder maakt.
Deze GP8 is voorzien van talrijke labels en stickers op het frame, velgen en remleidingen met de initialen “NH”, wat aangeeft dat deze onderdelen specifiek door Hayden werden gebruikt. Het frame is een authentiek Ducati-exemplaar uit 2008, gecombineerd met nieuwe en ongebruikte motorcarter- en krukasdelen.
Prestaties in het 2008 MotoGP-seizoen
In 2008 was de Ducati Desmosedici GP8 een serieuze uitdager in het MotoGP-kampioenschap. Casey Stoner, die destijds voor Ducati reed, behaalde zes overwinningen en eindigde als tweede in het kampioenschap, wat de competitiviteit van de machine onderstreept. De GP8 stond bekend om zijn krachtige motor en uitstekende remprestaties, hoewel het chassis soms te kampen had met chatter-problemen en de motorfiets in natte omstandigheden uitdagend kon zijn.
Belangrijke concurrenten in het 2008 MotoGP-seizoen waren de Yamaha YZR-M1 van Valentino Rossi en de Honda RC212V van Dani Pedrosa en later Nicky Hayden zelf. De Yamaha stond bekend om zijn soepele vermogensafgifte en uitzonderlijke bochtgedrag, terwijl de Honda uitblonk in het middengebied van het vermogensbereik en zijn wendbaarheid.
1 van 2
Het erfgoed van ‘The Kentucky Kid’
De geveilde motorfiets is volledig geassembleerd maar bevindt zich momenteel in een ‘showbike-configuratie’. De motor draait niet, maar zou volgens de veilingbeschrijving weer in staat kunnen worden gebracht om op het circuit te worden gebruikt. Ondanks deze beperking overschreed de veilingprijs ruimschoots de oorspronkelijke schatting van ongeveer €193.000.
De hoge veilingprijs weerspiegelt niet alleen de technische specificaties en zeldzaamheid van de motorfiets, maar ook de blijvende erfenis van Nicky Hayden. De in 2017 tragisch overleden Amerikaan, ook bekend als ‘The Kentucky Kid’, was de laatste Amerikaanse MotoGP-kampioen en een van de meest geliefde rijders in de sport. Zijn overgang van Honda naar Ducati was een belangrijk moment in de MotoGP-geschiedenis, en deze specifieke motorfiets vertegenwoordigt dat keerpunt.
Voor verzamelaars en fans van motorracen vertegenwoordigt deze Ducati GP8 meer dan alleen een stuk techniek; het is een tastbaar stuk motorsportgeschiedenis met een emotionele verbinding met een van de meest gerespecteerde rijders uit de moderne era. De combinatie van de unieke livery, de verbinding met Hayden en de technische specificaties van de Desmosedici GP8 maken deze motorfiets tot een buitengewoon verzamelobject.
Het is dan ook geen verrassing dat deze bijzondere Ducati ruim boven de verwachte veilingprijs werd verkocht, wat onderstreept hoe waardevol motorsporterfgoed kan zijn voor verzamelaars wereldwijd.
Stark Future, het merk dat eerder indruk maakte met de elektrische crossmotor VARG, maakt zich op om de avonturenmotor-markt te betreden. Met de aankondiging van de Älg (Zweeds voor eland) richt het bedrijf zijn pijlen op het populaire 800cc-segment. De nieuwe elektrische adventure bike, die naar verwachting in 2026 in productie gaat, belooft een directe uitdaging te vormen voor gevestigde merken en modellen met verbrandingsmotoren. Volgens Stark Future zal de Älg meer vermogen, minder gewicht en snellere laadmogelijkheden bieden dan zijn concurrenten met verbrandingsmotoren.
Hoewel de officiële specificaties nog niet volledig zijn vrijgegeven, heeft Stark Future wel enkele ambitieuze doelen gedeeld. De Älg wordt ontwikkeld als equivalent van een 800cc adventure motor, maar dan met de voordelen van elektrische aandrijving. Het beoogde vermogen ligt tussen de 80-95 pk (60-71 kW), wat volgens het merk een verhoging van 50% zou betekenen vergeleken met vergelijkbare modellen met verbrandingsmotoren in dezelfde klasse.
De elektromotor met een koolstofvezel behuizing werkt op 360V en zou indrukwekkende koppelwaarden van 700-850 Nm aan het achterwiel moeten leveren. Het directe koppel dat elektromotoren kenmerkt, kan een significant voordeel opleveren bij zowel offroad rijden als avontuurlijke routes. De batterijcapaciteit wordt naar verwachting tussen de 6,0 en 7,5 kWh, waarbij Stark Future een balans probeert te vinden tussen een competitief bereik en een minimaal totaalgewicht.
Qua laadtijd mikt het merk op 1-2 uur met een Level 2-lader, wat aansluit bij hun claim dat het opladen ‘sneller gaat dan het drinken van een kop koffie’. Het frame zal worden vervaardigd uit hoogwaardig staal, en de beoogde topsnelheid ligt rond de 160 km/u.
Laag zwaartepunt
Informatie over het rijgedrag van de Älg is nog beperkt aangezien de motor nog in ontwikkeling is. De nadruk op een lichtgewicht ontwerp suggereert echter een focus op wendbaarheid en responsief stuurgedrag. De expertise van Stark Future in het ontwikkelen van crossmotoren, met name de VARG, wijst op een toewijding aan het creëren van een goed uitgebalanceerde en capabele avonturenmotor.
Het zwaartepunt van de motor zal waarschijnlijk lager liggen dan bij traditionele adventure bikes vanwege de plaatsing van het batterijpakket, wat mogelijk de stabiliteit en wendbaarheid verbetert, vooral op uitdagende terreinen. Verwacht wordt dat de Älg, gezien de technologische focus van Stark Future, zal worden uitgerust met een uitgebreid pakket aan elektronische rijhulpmiddelen en connectiviteitsfuncties, waaronder instelbare tractiecontrole, meerdere rijmodi, en mogelijkheden voor over-the-air software-updates.
Stark Future wil met de Älg de gevestigde adventure bike-markt verstoren door een elektrisch alternatief te bieden dat traditionele prestatiemaatstaven uitdaagt. Het 800 cc adventure-segment is zeer competitief, met modellen die bekend staan om hun veelzijdigheid en geschiktheid voor zowel on- als offroad avonturen.
Stark Future positioneert de Älg als een premium aanbod, met nadruk op superieure prestaties, innovatieve technologie en milieubewustzijn. Het succes van de Älg zal afhangen van zijn vermogen om een overtuigende combinatie van prestaties, bereik en prijs te bieden in vergelijking met gevestigde concurrenten.
Triumph lijkt haar succesvolle 400cc-gamma verder uit te breiden met een nieuwe Bonneville 400, volgens verschillende betrouwbare bronnen in de motorwereld. Na het wereldwijde succes van de Speed 400 en Scrambler 400 X zou de Britse fabrikant nu werken aan een klassiek georiënteerd model dat de iconische Bonneville-lijn naar een toegankelijker prijssegment brengt. Dit nieuwe model wordt mogelijk onthuld tijdens de EICMA 2025, de toonaangevende internationale motorbeurs in Milaan.
De uitbreiding past in Triumph’s strategie om haar bereik te vergroten in het middensegment, waar ze directe concurrentie aangaat met merken als Royal Enfield. Met de introductie van de Speed 400 en Scrambler 400 X heeft Triumph al bewezen dat ze kwaliteitsmotoren in een kleiner formaat kan produceren zonder concessies te doen aan de merkidentiteit en rijkwaliteiten.
De Bonneville 400 zal naar verwachting gebruik maken van dezelfde technische basis als de bestaande 400cc-modellen. Centraal staat waarschijnlijk de reeds bewezen 398cc vloeistofgekoelde ééncilinder motor met dubbele bovenliggende nokkenassen (DOHC). In de huidige modellen levert deze krachtbron ongeveer 40 pk bij 8.000 toeren per minuut en 37,5 Nm koppel bij 6.500 toeren.
Qua rijwielgedeelte valt te verwachten dat Triumph het bestaande frame van de Speed/Scrambler 400 als uitgangspunt neemt, maar dit aanpast aan de karakteristieken van een Bonneville. Dit betekent waarschijnlijk een meer ontspannen zitpositie en aangepaste veerafstelling gericht op comfort en stabiliteit. De vering zal vermoedelijk bestaan uit conventionele voorvorken en dubbele schokdempers achter, passend bij het klassieke uiterlijk.
De Thruxton 400 is onlangs op de Indiase markt geïntroduceerd, maar is nog niet verkrijgbaar in Europa.
Design en styling
Het design van de Bonneville 400 zal hoogstwaarschijnlijk trouw blijven aan de iconische Bonneville-esthetiek, met een druppelvormige tank, vlakke zadel en verchroomde uitlaatpijpen. In lijn met de grotere Bonneville-modellen kunnen we een combinatie van moderne technologie en retro-uiterlijk verwachten, met LED-verlichting en een mix van analoge en digitale instrumenten.
De afwerking van de motor zal vermoedelijk premium aanvoelen, met aandacht voor details en hoogwaardige materialen, ondanks de positionering in het middensegment. Dit past bij Triumph’s imago als producent van kwaliteitsmotoren, zelfs in de meer toegankelijke prijsklassen.
Beschikbaarheid
Als de geruchten kloppen, zou de Bonneville 400 eind 2025 worden onthuld, mogelijk tijdens de EICMA in november. Dit zou betekenen dat de motor begin 2026 in de Europese showrooms zou staan.
Tijdens het Ducati V2-testevent bij Ducati Zaltbommel stonden drie motoren klaar voor onze volgers: de Multistrada V2, de Panigale V2 en de Streetfighter V2. Nieuwsgierig naar de indrukken?
Of je nu in de stad rijdt, een weekendtocht maakt of op lange reis gaat – de juiste motorlaars maakt het verschil. Hij biedt veiligheid tijdens elke rit, beschermt tegen wind en weer en zorgt voor optimaal draagcomfort van vertrek tot aankomst.
De Vanucci Lady-serie combineert een moderne uitstraling, perfecte damespasvorm en gecertificeerde veiligheid – ideaal voor motorrijdsters die waarde hechten aan zowel functie als design. Met vier modellen in verschillende schachthoogtes is er voor iedere rijder een passende keuze: van de luchtige, lage VUB‑3 Lady Air, via de sportieve VUB‑5 SympaTex Lady en de veelzijdige, middelhoog gesneden VAB‑11 STX Lady, tot de hoogsluitende en extra beschermende VAB‑12 STX Lady.
✦ Vanucci VUB‑3 Lady Air – de lage zomerschoen
De VUB‑3 Lady Air combineert hoogwaardig nubuckleer met grote meshpanelen voor uitstekende ventilatie – ideaal voor warme dagen of stadsritten. Het anatomisch gevormde voetbed, de reflecterende hiel en de enkelversteviging bieden comfort en extra zichtbaarheid. Met een schachthoogte van ca. 15 cm zit hij net boven de enkel – flexibel, luchtig en toch gecertificeerd volgens EN 13634:2017.
Vanucci VUB‑3 Lady Air.
1 van 2
✦ Vanucci VUB‑5 SympaTex Lady – de motorsneaker
Voor wie houdt van de look van sneakers maar de bescherming van een motorlaars wil: de VUB‑5 Sympatex Lady combineert suède met textielvoering, een antisliprubberen zool en de SympaTex‑klimaatmembraan voor waterdichte, winddichte en ademende bescherming. Dankzij de zijritssluitingen is instappen eenvoudig. Met enkelprotector, 5 mm Ortholite‑X40 inlegzool en een schachthoogte van ca. 12 cm is het een lichte, comfortabele keus – uiteraard ook gecertificeerd volgens EN 13634:2017.
Vanucci VUB‑5 SympaTex Lady.
1 van 2
✦ Vanucci VAB‑11 STX Lady – de middelhoge tourlaars
De VAB‑11 STX Lady is ideaal voor wisselende weersomstandigheden: robuust, hydrofoob rundleer en een SympaTex‑membraan maken hem waterdicht, winddicht en ademend. De Michelin Touring‑zool biedt uitstekende grip, terwijl de 5 mm Ortholite‑X40 inlegzool langdurig comfort geeft. Met enkelbescherming, versteviging op de teen en schakelpookbescherming, en een schachthoogte van ca. 19 cm (maat 39) – gecertificeerd volgens EN 13634:2017.
Vanucci VAB‑11 STX Lady.
1 van 2
✦ Vanucci VAB‑12 STX Lady – de hoogsluitende tourlaars
De keuze voor maximale veiligheid: de VAB‑12 STX Lady is ca. 23 cm hoog (maat 42) en voorzien van geteste enkel‑ en scheenbeschermers (IPA‑ en IPS‑tests geslaagd). Het robuuste, hydrofobe rundleer in combinatie met het SympaTex‑membraan houdt wind en regen buiten, terwijl het toch goed ademt. Twee zijritssluitingen, een 5 mm Ortholite‑X40 inlegzool, teenversteviging en schakelpookbescherming verhogen het comfort. De Michelin Touring‑zool biedt een stabiele grip – gecertificeerd volgens EN 13634:2017.
Bekend: Michael Jordan, zo’n beetje de beroemdste atleet aller tijden en door velen genoemd als de beste basketbalspeler uit de historie, dankzij zes NBA-kampioenschappen die hij bereikte met de Chicago Bulls. Inmiddels een succesvol zakenman. Voormalig eigenaar van het Charlotte Hornets basketbalteam en samen met Nike eigenaar van het schoenen- en kledingmerk Air Jordan. Niet zo bekend: Michael Jordan is een heel fanatieke motorrijder. Zo fanatiek dat hij ooit een eigen motorraceteam gehad heeft: Michael Jordan Motorsports. Daar wilden we meer van weten.
Het is de lente van 2003
Michael Jordan maakte met zijn Ducati een nachtelijk ritje in Chicago toen hij ingehaald werd door een groep motorrijders. In die periode was het gebruikelijk dat groepjes motorrijders ’s nachts met elkaar afspraken en elkaar vervolgens op snelheid af probeerden te troeven omdat er dan weinig verkeer was. Het was de underground motorscene van het Chicago uit die tijd. Kort daarna draaide de groep de oprit van een tankstation op en Jordan volgde hen. Hij werd herkend toen hij zijn helm afdeed. Een van de rijders was een bewaker die Jordan weleens had ontmoet tijdens een wedstrijd. Hij stapte op Michael af en begon een babbeltje met hem. Hij gaf Jordan zijn visitekaartje. Als hij zin had een keer mee te willen rijden, dan wist hij hoe het groepje te bereiken was. Dat gebeurde niet al te lang daarna.
Michael Jordan was niet onbekend met motorfietsen en gemotoriseerde sporten. Hij groeide op in North Carolina, een staat waar NASCAR gigantisch populair is. Vanaf zijn zesde reed hij rond met een minibike en bleef motorrijden tot zijn professionele sportcarrière goed op gang kwam en motorrijden verboden terrein werd in verband met de risico’s op blessures. Het klikte tussen Jordan en het groepje. Na verloop van tijd waren het vaste rijmaatjes van Jordan geworden. Ze reden ’s nachts. De 30-jarige Afro-Amerikaanse coureur Montez Stewart maakte ook deel uit van de groep. Hij raakte bevriend met Jordan en gaf de relatief onervaren Jordan allerhande rijtips en technische tips over de instellingen van bijvoorbeeld de vering van zijn motor. Michael was erg onder de indruk van de rijkwaliteiten van Montez, die hem voorstelde om eens een keer een circuit af te huren zodat ze veiliger konden oefenen in het echt sneller rijden. Dat deed Jordan in september 2003 toen hij de Blackhawk Farms Raceway in Illinois afhuurde. Dit was een paar maanden nadat hij zijn afscheidswedstrijd in het basketbal had gespeeld bij de Washington Wizards.
Leren circuitrijden
Montez Stewart: “Op de Blackhawk Raceway leerde ik hem hoe hij in de bocht zijn knie aan de grond kon krijgen en wat je moet doen als je de controle over de motor verliest en valt. Dat gebeurde ook een aantal keer. Hij vond het fantastisch en kreeg geen genoeg van het rijden. Een paar dagen later belde hij me op en nodigde me uit voor een ontmoeting op zijn kantoor. Daar spraken we over mijn racecarrière en hoe moeilijk het is om altijd maar op zoek te gaan naar sponsors voor financiële steun als je echt competitief wilt zijn. Jordan bood me aan dat hij wel wilde helpen. Hij vroeg me of ik een voorstel wilde schrijven om een raceteam op te richten. Ik kreeg daarbij wat hulp en ging een week later terug naar Michael met mijn voorstel. Nog geen maand later werd het nieuwe Michael Jordan Motorsports raceteam formeel opgericht,” besluit Stewart.
1 van 6
Michael Jordan en Aaron Yates in 2008.
Aaron Yates in 2008 op de Suzuki GSX-R1000 met het beroemde #23.
Michael Jordan op zijn Suzuki GSX-R1000 op Road Atlanta in 2007.
Het ging niet alleen om SBK, zoals deze MJM Yamaha R6 uit 2004 laat zien.
Ook Roger Lee Hayden, de jongere broer van Nicky, reed voor Michael Jordan.
Michael Jordan op Sears Point in 2009.
Vliegende start
Het nieuwe raceteam van Jordan kende een vliegende start. Zijn zakelijk manager van destijds had de leiding over de SFX Sports Group, een dochteronderneming van C.C.C., Clear Channel Communications. Dit bedrijf organiseerde niet alleen de Amerikaanse AMA Supercross, maar bezat ook de commerciële rechten van die raceserie. Samen met Dorna Sports bezat C.C.C. ook de rechten van zowel het Amerikaanse AMA Supercross als het World Supercross en ze organiseerde ook wedstrijden voor beide kampioenschappen. In de wegracerij was C.C.C. ook actief. In Amerika organiseerde ze amateur Championship Cup Series, maar ook het Formula USA nationale kampioenschap. Tot slot verzorgden ze destijds ook de PR rond de Engelse GP op Donington Park. Ken Abbott werkte destijds bij C.C.C. Hij herinnert zich nog goed het telefoontje dat Jordans manager met hem maakte. “Hij belde me op en vertelde me dat Michael een motorraceteam wilde beginnen. Ik was niet heel verbaasd, want ik wist dat Michael weer motor was gaan rijden toen hij gestopt was met basketbal. Wat me wel verbaasde, was de termijn die hij stelde. In maart 2004 wilden ze starten in Daytona. Het belletje kwam eind januari, dus we hadden ongeveer zes weken om het team samen te stellen en alle motoren te regelen. Gelukkig konden we gebruikmaken van al onze zakelijke contacten. Ik besloot me op te werpen als algemeen teammanager en al snel kwam Steve Mauhar aan boord als technisch teammanager. Mauhar had het moeilijk. In zo’n korte tijdspanne een raceteam vormen, is eigenlijk onmogelijk,” aldus Abbott.
Steve Mauhar werkte destijds bij Gemini Racing & Technology Systems. Dit bedrijf kreeg formeel opdracht een raceteam te vormen voor Michael Jordan, met Montez Stewart als rijder. Mauhar: “Toen ik benaderd werd om een AMA Superbike raceteam te vormen voor Michael Jordan dacht ik dat ik voor de gek gehouden werd. Maar het was serieus en ik had maar zes weken de tijd voordat de eerste race van start zou gaan. Dat was op Daytona, dus gelijk de eerste en de belangrijkste race van het seizoen. Echt een evenement waar je goed voor de dag moest komen. Maar om je de waarheid te zeggen, dacht ik dat het niet zou lukken. We moesten motoren regelen, monteurs, onderdelen, gereedschap, vrachtwagens en het belangrijkste van alles, een licentie voor het team om deel te nemen aan het Amerikaanse Superbike kampioenschap. Normaal duurt dit alles minimaal een jaar, maar het was in vijf weken rond en dat was echt ongelooflijk. Jordans naam opende zo’n beetje iedere deur en met name de AMA was heel erg behulpzaam. Ze realiseerden zich dat Jordans teamdeelname heel erg veel voor de pr van de sport zou betekenen. Wel kozen we uiteindelijk voor de Superstock en Supersport raceklassen omdat de reglementen minder modificaties aan de motoren toelieten. Dat kwam ons goed uit vanwege het grote gebrek aan tijd.”
Goede deal met Yamaha
Uiteindelijk koos het team voor Yamaha. Dat had een belangrijke reden. Zo’n beetje alle andere competitieve motormerken konden zo snel geen motoren leveren. Mauhar: “Yamaha was heel erg enthousiast en stuurde per koerier R6’en en R1’s. We hadden geluk, want Yamaha maakte een goede deal voor ons. Ze hadden de prijs van de motoren flink verlaagd. Bij Gemini werden ze na binnenkomst direct onder handen genomen. Toen ze technisch klaar waren, werden ze in de blauwe teamkleuren van Michaels eerste basketbalteam gespoten.” Het prepareren van de motoren was een klus die dit specialistische bedrijf goed toevertrouwd was. Gemini bouwt racers voor diverse teams en was ooit het innovatieve en technische brein achter de Harley-Davidson VR1000 superbike racer. Onder leiding van Mauhar werden het team en de motoren in ijltempo klaargestoomd voor het raceseizoen van 2004. Mauhar: “We hadden alles echt op het laatste moment klaar voor Daytona. Het was nogal chaotisch, want op het circuit waren we een enorme attractie. Dat stoorde nogal wat andere rijders. Daarnaast was Stewart van Afro-Amerikaanse afkomst, net zoals teameigenaar Jordan. Je kon merken dat dit niet zo geaccepteerd werd. Ons werd snel duidelijk dat als we succesvol waren, dat puur door de kapitaalinjectie van Jordan zou komen en niet door de samenwerking binnen het team en het talent van de coureur. Sommige rijders, hun fans en teams uit het diepe Zuiden keken ons met de nek aan. Als ze langsliepen, werd soms in onze richting gespuugd. Ik werkte al langer in de motorracerij en had zoiets nog niet eerder meegemaakt.” Uiteindelijk zou Stewart beide races in de achterhoede eindigen. Destijds was Montez een van de beste coureurs uit het Midden-Westen van Amerika, maar ondanks zijn leeftijd was hij nog behoorlijk onervaren.
1 van 5
Montez Stewart op de MJM 2004 Yamaha R6, Daytona 2004.
Kampioenen hebben altijd oog voor detail.
Het beroemde logo van Michael Jordan past ook perfect op een helm.
Nog een keertje Roger Lee Hayden, ditmaal in 2013.
Ook Ben Bostrom had de eer te rijden voor Michael Jordan.
Van Yamaha naar Suzuki
Mauhar: “Het was een lastige race geweest. Alles moest aan elkaar wennen; het team aan elkaar en de organisatie, de 1m88 lange Montez aan de motoren, enzovoorts. Montez trainde in de achterhoede en zou de Superstock-race als 26e eindigen en de Supersport-race als 39e. Maar vanaf dat moment ging het beter. Michael was bijna bij iedere race aanwezig en al snel kregen we eigen teamkleding, ontworpen door Air Jordan. Jordans kledingmerk was ook een belangrijke sponsor. Dat zorgde ook voor wrevel. Veel jongens die aan de Supersport en Superstock deelnamen, deden dit als privérijder met een budget van enkele tienduizenden dollars per jaar. Wij hadden meer dan een miljoen te besteden, maar moesten dus vanuit het niets beginnen. Montez ging steeds beter presteren en we eindigden het seizoen in beide klassen in de middenmoot, in de Superstock bijvoorbeeld als 23e van de 40. Maar Michael is iemand die gaat voor de winst. Hij beseft ook dat een mechanische sport afhankelijk is van vele factoren. Fabriekssteun, speciale onderdelen, technische knowhow. Zijn vaste overtuiging was dat we vroeger of later een kampioenschap op onze naam zouden schrijven.”
“In 2005 wilde hij het serieuzer aanpakken. We gingen in zee met Suzuki. Hun motoren waren gewoon dominanter op de circuits. We zouden hen trouw blijven, vooral de GSX-R1000 waarmee we in de Pro Superbike reden beviel prima”, vervolgt Mauhar. “We sloten met Suzuki een deal voor motorfietsen voor drie rijders, inclusief monteurs en andere technische steun. Naast Stewart werden ook de professionele rijders Jason Pridmore en Steve Rapp gecontracteerd. Ons budget werd meer dan verdubbeld en we gingen ook deelnemen in de Superbikes. Maar het lukte ons in eerste instantie niet om races te winnen. In 2008 hadden we bijvoorbeeld één podiumfinish geboekt. De top in de periode 2000-2010 was heel erg sterk en werd volledig gedomineerd door het Yoshimura Suzuki fabrieksteam. Zij wonnen het Superbike kampioenschap tien jaar op rij en boekten zelfs een onafgebroken reeks van 53 raceoverwinningen. We hadden steun van hetzelfde Suzuki en hadden verwacht dat we dichter bij de top zouden kunnen komen en niet steeds in de middenmoot zouden eindigen. We keken echt uit naar het seizoen 2009 omdat die onder nieuwe reglementen verreden zou worden die het speelveld wat gelijker maakten. Iedereen kreeg dezelfde banden bijvoorbeeld. Vanaf dat moment begonnen we beter te presteren. Je kon duidelijk zien dat de Yoshimura Suzuki’s langzamer waren. Dat seizoen ging het dus beter; negen races finishten we op de derde plaats. Maar we wilden winnen. Vooral Michael, hij is heel competitief.”
Naar het WK Superbikes
Door de jaren heen reden verschillende coureurs voor het team van Michael Jordan in zowel de AMA Superstock, Supersport en Superbike raceklassen. Ken Abbott: “Meestal contracteerden we een rijder voor twee tot drie jaar en we probeerden altijd de kampioen of in ieder geval een ex-kampioen in te lijven. Door de jaren heen waren dat Ben Bostrom, Aaron Yates, en Jake Zemke. Maar ook meer onervaren rijders kregen kansen; Corey Alexander, Danny Eslick en Roger Lee Hayden (broer van MotoGP-legende Nicky Hayden) bijvoorbeeld.” Steve Mauhar: “Toen de ervaren professionele rijders aan boord kwamen, werden we steeds succesvoller. Er kwamen steeds meer podiumfinishes en zelfs een kampioenschapstitel, want Aaron Yates won voor ons het AMA Superstock kampioenschap in 2008. Jake Zemke won in 2010 onze eerste en enige AMA Pro Superbike race. Dat was op Daytona en Michael was erbij. Een jaar later werd Ben Bostrom tweede bij de Pro Superbikes in Birmingham op Barber Motorsports Park. Corey Alexander won de Supersport AMA East titel in 2013, wat achteraf het laatste wapenfeit van ons team was.” Datzelfde jaar maakte Michael Jordan Motorsports bekend dat ze stopten in de Amerikaanse AMA Pro raceseries en dat ze deel zouden gaan nemen aan het wereldkampioenschap Superbikes. Ken Abbott legt uit waarom. “Door de jaren heen verloren we steeds meer sponsors. In 2013 was het budget van het Michael Jordan Motorsports raceteam opgelopen naar ruim 5 miljoen dollar. Daarvan nam Michael persoonlijk 1 miljoen voor zijn rekening. De rest kwam van sponsors. Toen die zich terug gingen trekken omdat de AMA Pro Superbikes bijna geen tv-zendtijd kregen, besloten we de overstap naar het wereldkampioenschap te maken. Daar is immers wel tv-zendtijd voor in Amerika. Het was een gok en een poging om onze sponsors en financiers vast te houden. Maar uiteindelijk lukte dit niet en kregen we de financiering niet rond. Dus trokken we om die reden de stekker eruit in 2014.”
Einde van het team
Mauhar: “Toen er een paar grote sponsors afhaakten, betekende dat het einde van het team. Maar er speelde meer. Michael Jordan is iemand die van fair play houdt. Gelijke kansen voor iedereen, dat is een heel belangrijk principe voor hem. Koppel dat aan zijn extreem competitieve karakter en zet dat geheel eens af tegen een mechanische sport waarbij toch altijd een selectie vanuit de motorfabriek plaatsvindt over wie de snelste en beste onderdelen krijgt. Het eigen fabrieksteam heeft altijd de voorkeur, want die hebben de grootste kans om de races te winnen. Ons team kreeg die onderdelen niet, dus we hadden niet de technologie die nodig was om te winnen. No equal playing field. Toen dat besef indaalde, gekoppeld aan de slechte financiële vooruitzichten, besloot Michael in 2014 te stoppen met het team.” Michael rijdt nog steeds motor en is daarmee nog net zo fanatiek als altijd. Al de racers, de correspondentie van het team, reserveonderdelen, teamkledij, vrachtwagens en gereedschappen zijn allemaal netjes bewaard gebleven en staan in opslag in het stadje Beaverton in de Amerikaanse staat Oregon. Daar staat ook het hoofdkantoor van Nike en Air Jordan, het kleding- en schoenenmerk van Michael Jordan.
1 van 5
Michael Jordan met een fan.
Michael Jordan kan zelf ook best aardig de bocht om.
Het beroemde logo van Michael Jordan ontbrak nooit.
Wat een stijl! In dit geval Montez Stewart in 2005.
Het lijkt alsof Roger Lee Hayden hier de Ramshoek instuurt. Lijkt!
Foto’s: Air Jordan/Michael Jordan Motorsports, Archief A. Herl
Met dank aan: Ken Abbott, Steve Mauhar, Montez Stewart, Jack Alant
Afgelopen week bracht de Duitse motorclub Jesus Bikers voor een audiëntie een bezoek aan het Vaticaan. De motorclub was op driedaagse pelgrimstocht naar Rome en het hoogtepunt van deze reis was de schenking van een hagelwitte, speciaal omgebouwde BMW R 18 Transcontinental aan paus Leo XIV.
De R 18 Transcontinental, aangeboden door BMW Motorrad Deutschland en verfijnd door BMW-dealer Witzel, is voorzien van parelmoerlak, lederen zitje, chromen velgen, het pauselijk wapen van Leo XIV én het woord “vrede” in meer dan twintig talen op één van de koffers. Ook een speciaal ontworpen helm, inclusief pauselijk wapen, mocht niet ontbreken.
De paus was onder de indruk van de motor en liet zich – na de zegening en het zetten van een handtekening – op de motor uitgebreid fotograferen. Lang kon Leo XIV overigens niet genieten van de geschonken motor. De motor is van 7 september t/m 15 oktober te bewonderen tijdens BMW Welt in München, en zal op 18 oktober geveild gaan worden bij Sotheby’s, ook in München.
Mocht je interesse hebben, de verwachting is dat het startbod van deze ‘pausmobiel’ zal beginnen bij een getal met zes cijfers. Een dikke portemonnee is dus een vereiste. De opbrengst komt ten goede aan kinderen in Madagaskar.
Michael van der Mark kondigde voorafgaand aan het raceweekend in Magny-Cours aan dat hij in 2026 het World Superbike-kampioenschap zal verlaten. Zijn wens is om binnen BMW actief te blijven in een ander kampioenschap. Alsof er met die mededeling een last van zijn schouders viel, beleefde de 32-jarige coureur zijn beste weekend van het seizoen. Hij reed naar twee knappe top-vijfresultaten.
Tijdens de zomerstop in het World Superbike werden al veel zitjes voor 2026 ingevuld. Zo werd Danilo Petrucci gepresenteerd als opvolger van Toprak Razgatlıoğlu bij het BMW-fabrieksteam. Over de tweede motor – momenteel in handen van Van der Mark – is nog geen duidelijkheid. De Nederlander zelf was wél helder voorafgaand aan de Franse ronde in Magny-Cours: ‘BMW heeft een goede beslissing genomen om Danilo te contracteren. Hij staat derde in het kampioenschap en ik denk dat het team en de motor goed bij hem passen. Aan mijn kant: ik zal niet doorgaan met BMW in de World Superbike. Wel is mijn plan om bij BMW te blijven. We werken aan verschillende opties voor de toekomst. Mijn wens is om in MotoAmerica te gaan rijden, en mijn WK Endurance-ervaring in Suzuka is ook goed bevallen – dus dat is ook iets wat in de pijplijn kan zitten. Soms loopt het anders dan je wilt, zoals dit jaar. Je moet hier (World Superbike) niet blijven alleen maar om te blijven. Maar als ik bij BMW kan blijven en een frisse start kan maken in een ander kampioenschap, dan zou dat fantastisch zijn.’
1 van 2
Michael van der Mark sprak openhartig over zijn toekomst en reed vervolgens sterk op Magny-Cours.
‘Veel mensen zeiden dat ik het kwijt was, maar dat is duidelijk niet zo.’ Michael van der Mark kende een sterk weekend op Magny-Cours.
Sterk weekend
Na elf seizoenen lijkt het afscheid van het World Superbike-kampioenschap dus vrijwel zeker voor Van der Mark. De eerste acht raceweekenden voor de zomerstop konden worden samengevat als: tegenvallend. Terwijl teamgenoot Razgatlıoğlu de WK-stand aanvoert en constant races wint, stond Van der Mark slechts vijftiende in het klassement voorafgaand aan de races in Frankrijk. Toch deed de frisse blik op de toekomst hem zichtbaar goed. Voor het eerst dit jaar kon Van der Mark constant meekomen met de top-vijf. De Superpole-kwalificatie is niet zijn specialiteit, maar een achtste tijd was voor zijn begrippen goed te noemen. In de eerste race lag een top-vijfklassering binnen handbereik, maar een crash gooide roet in het eten. ‘Een stomme fout, ik was iets te overenthousiast,’ verklaarde hij na afloop. Een dag later bewees hij dat het geen eenmalige uitschieter was. Na mooie gevechten eindigde de BMW-coureur als vijfde in zowel de Superpole Race als Race 2 – en dat op eigen kracht, zonder dat er veel uitvallers waren. ‘Dit weekend geeft vertrouwen voor de aankomende races,’ vertelde Van der Mark tevreden.
Aan de kop van het veld was het een stuk minder spannend. Razgatlıoğlu domineerde opnieuw en pakte zijn vierde hattrick op rij, waarmee hij zijn voorsprong in het WK uitbreidde tot 39 punten. Het podium was in alle drie de races identiek: Nicolò Bulega en Alex Lowes eindigden telkens als tweede en derde. Vanuit Nederlands oogpunt ging de meeste aandacht naar Van der Marks toekomstplannen. Maar er kwam nóg een groot nieuwsfeit naar buiten: Jonathan Rea maakte in de zomerstop bekend dat hij aan zijn laatste seizoen bezig is. De zesvoudig wereldkampioen kondigde aan dat hij op 38-jarige leeftijd met pensioen zal gaan.
WorldSBK Frankrijk 2025 uitslagen
Circuitinfo
Ronde 6 – Frankrijk Circuit: Circuit de Nevers Magny-Cours Lengte: 4,411 km Superpole: Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 1’34.930 Snelste raceronde: Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 1’35.500 (Superpole Race)
RACE 1 – 21 Ronden = 92,631 km
1. Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 33.41,298; 2. Nicolò Bulega (I), Ducati, +8,597; 3. Alex Lowes (GB), Bimota, +10,979; 4. Danilo Petrucci (I), Ducati, +17,793; 5. Andrea Locatelli (I), Yamaha, +20,648; 6. Remy Gardner (AU), Yamaha, +26,031; 7. Axel Bassani (I), Bimota, +26,509; 8. Dominique Aegerter (CH), Yamaha, +28,229; 9. Sam Lowes (GB), Ducati, +32,931; 10. Bahattin Sofuoglu (TR), Yamaha, +39,617; 11. Sergio Garcia (E), Honda, +40,970; 12. Michael Ruben Rinaldi (I), Yamaha, +49,714, 13: Ryan Vickers (GB), Ducati, +57,520; 14. Tito Rabat (E), Honda, +1’02,585; 15: Zaqhwan Zaidi (MY), Honda, +1’28,759; DNF. Michael van der Mark (NL), BMW.
SUPERPOLE RACE – 10 Ronden = 44,110 km
1. Razgatlioglu, 15.59,137; 2. Bulega, +3,712; 3. A. Lowes, +7,674; 4. Petrucci, +8,854; 5. Van der Mark, +9,660; 6. Andrea Iannone (I), Ducati, +10,287; 7. Jonathan Rea (GB), Yamaha, +11,527; 8. Bassani, +11,700; 9. Xavi Vierge (E), Honda, +11,851.
De Britse elektrische motorfietsproducent Maeving heeft onlangs £8 miljoen (ongeveer €9,4 miljoen) aan financiering veiliggesteld, wat aanleiding geeft tot een nadere analyse van hun strategische koers. Het in Coventry gevestigde bedrijf, dat bekend staat om zijn retro-geïnspireerde elektrische motorfietsen, lijkt klaar voor een belangrijke groeifase in zowel product- als marktontwikkeling.
Retro Elektrische Motorfietsen
Maeving werd in 2018 opgericht door Seb Inglis-Jones en Will Stirrup in Coventry, een stad met een rijke historie in de Britse auto- en motorindustrie. Het bedrijf heeft zich gespecialiseerd in retro-gestylede elektrische motorfietsen die primair gericht zijn op stedelijk woon-werkverkeer. Hun huidige productlijn bestaat uit twee modellen: de RM1 en de krachtigere RM1S.
De recente investering van £8 miljoen is bedoeld om de onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten te versterken, de internationale verkoop uit te breiden en marketinginspanningen te intensiveren. Dit komt op een strategisch moment voor het bedrijf, dat zijn positie in de groeiende markt van elektrische tweewielers wil verstevigen.
Hoewel de Britse markt voor elektrische motorfietsen nog in ontwikkeling is, biedt deze significante kansen. Maeving heeft momenteel een opmerkelijk marktaandeel, waarbij het bedrijf zich voornamelijk richt op stedelijke forenzen tussen de 25 en 45 jaar. Deze consumentengroep hecht waarde aan stijl, duurzaamheid en gebruiksvriendelijkheid, met een voorkeur voor retro-ontwerpen, eenvoudig verwijderbare batterijen en minimale operationele kosten. Veel van deze klanten zijn nieuw in de motorwereld en zoeken een toegankelijk instappunt.
Technische Specificaties
De Maeving RM1 en RM1S delen een gemeenschappelijke ontwerpfilosofie maar bedienen verschillende prestatiebehoeften. De RM1 is uitgerust met een 3kW Bosch-naafmotor die een topsnelheid van 72 km/u levert, terwijl de RM1S is voorzien van een krachtigere 7,2kW borstelloze DB-naafmotor waarmee snelheden tot 110 km/u mogelijk zijn.
Het bereik varieert van 64 km met een enkele batterij op de RM1 tot 128 km met een dubbele batterijconfiguratie. De RM1S biedt tot 128 km bereik met zijn verbeterde dubbele batterijpakket. Beide modellen maken gebruik van LG-batterijcellen met respectievelijk 2 kWh en 2,73 kWh per batterij voor de RM1 en RM1S.
Beide Maeving-modellen hebben verschillende opvallende kenmerken die ze onderscheiden van concurrenten. De uitneembare batterijen zijn misschien wel het meest onderscheidende element, waardoor rijders hun motoren kunnen opladen bij elk standaard stopcontact zonder afhankelijk te zijn van speciale laadstations.
De klassieke instrumentatie combineert een analoge snelheidsmeter met een LCD-display voor essentiële informatie. De LED-verlichting integreert moderne technologie naadloos in de retro-esthetiek van de motorfietsen, terwijl geïntegreerde USB-C-poorten het opladen van apparaten onderweg mogelijk maken.
De RM1S biedt bovendien selecteerbare rijmodi waarmee rijders de prestaties en het bereik kunnen optimaliseren op basis van rijomstandigheden. Het diamantgestikt zadel maakt gebruik van duurzame uPVC, wat Maeving’s toewijding aan milieuvriendelijkheid weerspiegelt. Optioneel is een GPS-tracker met bijbehorende smartphone-app beschikbaar die realtime locatiebewaking en diefstalwaarschuwingen biedt.
Momenteel zijn de Maeving modellen alleen online te bestellen in Nederland. Wellicht dat deze financiële injectie gaat betekenen dat er ook officiële dealernetwerken aan deze kant van het kanaal komen.
Ricardo Brink uitzinnig na het ongeslagen binnenhalen van de titel in de Pro Superstock 1000 Cup.
Ricardo Brink heeft op indrukwekkende wijze de titel gepakt in de Pro Superstock 1000 Cup van het IDM-kampioenschap. De 27-jarige coureur won de eerste race tijdens de voorlaatste IDM-ronde van 2025 op de Nürburgring. Het was zijn zevende zege uit evenveel races, en daarmee stelde hij het kampioenschap drie races voor het einde al veilig. Een dag later wist de BMW-coureur als kersvers kampioen zijn ongeslagen status te behouden door ook de tweede race op zijn naam te schrijven. Twan Smits blijft goed presteren in de IDM Superbike. De jonge nieuwkomer in deze klasse finishte als zevende en achtste. Ook Milan Merckelbagh scoorde punten met een veertiende en elfde plaats. De overwinningen gingen naar Lukas Tulovic. De Duitser verstevigde daarmee zijn leidende positie in het kampioenschap. Rick Kooistra beleefde zijn beste weekend van het seizoen in de IDM Sportbike. De Pearle Gebben Racing-coureur eindigde twee keer op het podium met twee derde plaatsen. In de IDM Supersport wisten Ruben Bijman en Dylan Czarkowski elk één keer een elfde plek te behalen. In de andere race scoorden Nederlanders ook punten. In de Northern Talent Cup kwamen vijf Nederlanders in actie. Twee jonge coureurs wisten punten te scoren: Tom Kuil werd achtste en tiende, terwijl Jaleyn Korporaal met een twaalfde en vijftiende plek ook waardevolle punten pakte.
De naaste concurrentie hielp Lotte van Drunen ongewild op weg naar titelprolongatie. Hoewel Kiara Fontanesi en Daniela Guillen met elk een eerste en een tweede plaats ruim beter scoorden dan de Nederlandse, behaalden ze slechts vier punten meer dan Van Drunen, die in Afyonkarahisar derde en vierde werd. De Italiaanse en de Spaanse kregen beiden vijf punten in mindering omdat ze onder een gele-vlagsituatie geen snelheid minderden.
De beslissing over de titel valt in het weekend van 20 en 21 september in Australië. Van Drunen hoeft daar slechts Fontanesi en Guillen te volgen, want haar voorsprong op Fontanesi is zestien punten, Guillen heeft zeventien punten minder dan Van Drunen.
Fontanesi had kopstart in de eerste manche, maar werd halverwege de race van de leiding verdrongen door Guillen. Van Drunen bezette van de eerste tot de laatste ronde de derde plaats. In de tweede manche kende Van Drunen een minder goede start, maar ze wist zich op te werken van de achtste naar de vierde plaats. Larissa Papenmeier had kopstart, maar moest al snel de leiding afstaan aan Fontanesi, die tot aan de finish aan de leiding bleef. Guillen kwam twee seconden na haar over de finish.
Shana van der Vlist finishte als tiende en achtste, Danée Gelissen werd twaalfde en zevende.
Kiara Fontanesi won de Turkse GP.
Grasbaan Annen: geslaagd jubileum
Voor de twintigste editie van de grasbaanraces in Annen pakte de organisatie flink uit. Het gratis evenement verschoof van de zondagmiddag naar de zaterdagavond onder kunstlicht. Bovendien wist de organisatie een groot deel van de internationale zijspantop naar de grootste groene Brink van Europa te lokken voor de jubileumeditie.
De driewielers maakten er een waar spektakel van op de kleine Annerbaan. Wilfred Detz en Bridget Portijk waren misschien wel de snelste combinatie op de baan, maar werden door mechanisch malheur tot driemaal toe gehinderd in de series. Ook in de finale zat de techniek ze dwars, maar ze wisten nog een derde plaats uit het vuur te slepen. De Britse combinatie van Mitch Godden en Paul Smith won de wedstrijd.
In de specialklasse ging de zege naar Mark Beishuizen. Hij bleef de hele avond ongeslagen. In de Shorttrack 500cc was lokale favoriet Frank Hamming de held van de avond.
Wilfred Detz en Bridget Portijk leiden op de sfeervolle Brink van Annen.
WK longtrack Vechta: Nederland grijpt naast goud
In het Duitse Vechta moest de Nederlandse afvaardiging in het WK longtrack voor landenteams genoegen nemen met het zilver. Het kwartet bestaande uit captain Mika Meijer, Romano Hummel, Dave Meijerink en reserve William Kruit was in de finale niet opgewassen tegen de Britten.
Al voor de start van de finale liep het fout voor de Nederlanders. Romano Hummel moest met technische problemen de machine aan de kant zetten. De twee overgebleven Nederlanders konden geen vuist maken tegen de Britten. Meijer werd op de eerste meters de voet dwarsgezet door de Brit Wajknecht. Met een afgebroken voetsteun was hij kansloos voor een goed resultaat. Meijerink kon geen vuist maken tegen het Britse geweld, waardoor tien jaar na hun eerste titel de Britten zich weer de sterkste natie op de langbaan mogen noemen. Het brons ging naar de Duitsers.
De races in Vechta waren oorspronkelijk gepland op de zaterdagavond. Een stortbui zorgde er echter voor dat de finale na negen races gestaakt moest worden. De wedstrijd werd opnieuw op de zondagochtend gestart. Voor de Nederlanders geen slecht scenario, want op de zaterdagavond waren de resultaten tot het moment van staken nogal teleurstellend.
De Nederlanders Hummel (13), Meijer (14) en Meijerink (15) zijn te sterk voor het team uit Denemarken.
GP Zijspan Vesoul: WK-strijd komt tot een absolute climax na dramatische GP Vesoul!
De Franse broers Prunier hebben hun thuis-GP in Vesoul dominant gewonnen. Met tweemaal de heatwinst op de technische baan met veel dubbelsprongen en tafelbergen was Prunier de koning te rijk. Verrassing van de dag waren Foden/Weinmann. Het Brits-Duitse duo, uit nood geboren, reed pas hun tweede GP, maar in beide heats sleepten ze een verdiende tweede plek binnen. Achter Prunier en Foden was het spel duidelijk op de wagen! In de eerste heat was er een fel gevecht tussen Lielbardis en Wilkinson om plek drie. Lielbardis werd derde en Wilkinson vierde, maar de Brit pakte zo wel een bult WK-punten die met name Hermans liet liggen. Hermans/Van den Bogaart lagen in de top vijf, maar de radiator begon los te raken en zo moesten de Nederlandse WK-leiders het tempo laten zakken. Meer dan plek zeventien en maar vier WK-punten zaten er niet in voor Hermans. Op plek vijf lagen dan Keuben/Rietman, totdat zij in de een-na-laatste ronde hard crashten. In de lucht schoot de motor in zijn vrij en ze haalden het einde van een tafelberg niet waardoor ze een harde smak maakten waarna het zijspan als een stuiterbal vervaarlijk de lucht in bleef stuiteren. Leferink reed er net achter en kon alles gelukkig ontwijken en pakte de vijfde stek. De lichamelijke schade leek, waarschijnlijk volgepompt door adrenaline, mee te vallen voor Keuben/Rietman. Maar terug in Nederland was het verdict hard. Rietman heeft een breuk in de hak en Keuben heeft zijn dijbeen, net als twee jaar geleden, opnieuw gebroken en een gecompliceerde breuk in de pols. Met name die laatste zorgt ervoor dat niet alleen 2025 over is voor Keuben, maar ook dat ze zelfs in 2026 niet aan de start verschijnen. Voor Hermans/Van den Bogaart ging de tweede heat beter en ze pakten plek drie achter Prunier en Foden. Wilkinson deed het weer goed met plek vier en werd totaal derde in de Franse GP. Na alle drama in Vesoul komt de WK-strijd tot een absolute climax. De Fransman Prunier leidt nu het WK met Hermans op slechts vier punten achterstand en de Brit Wilkinson op maar zes punten achter Prunier. Met nog maximaal 55 punten te behalen in de laatste Grand Prix te Rudersberg maken er zo nog drie zijspannen serieuze kans op het wereldkampioenschap zijspancross 2025!
Kort
Wayne Tessels heeft zijn koppositie in het IDC Dutch Superbike behoorlijk verstevigd. De Kawasaki-coureur won op het TT Circuit Assen met grote voorsprong op zijn teamgenoot Thijs Westenbrink. Grootste pechvogel was Ducati-coureur Eddie de Boer die al na de eerste ronde vroegtijdig de strijd moest staken. Als koploper maakte hij een remfout waardoor hij ten val kwam.
De strijd om de titel in de Dutch Supersport is ongekend spannend. Sven Wind won op zijn Yamaha de race, gevolgd door Suzuki-coureur Kay van Steenbergen. Julian van Kalkeren (Yamaha) wist niet verder te komen dan de vierde plaats en daarmee is het verschil tussen beide kemphanen slechts twee punten. Tijdens de laatste race op 4 oktober valt de beslissing om de titel.
De laatste wedstrijd van de EMX250 werd verreden zonder Nederlandse deelnemers, omdat zowel Gyan Doensen als Ivano van Erp geblesseerd zijn. In het Turkse Afyonkarahisar ging de zege naar de Spanjaard Francisco Garcia, die beide manches won. De titel ging naar de Let Janis Martins Reisulis. Het EK-zilver is voor de Hongaar Noel Zanocz, brons is er voor Garcia. Met zijn zesde plaats is Doensen de beste Nederlander.
Toni Bou is opnieuw wereldkampioen trial geworden. Het is voor de Spanjaard zijn negentiende titel. Eerder dit jaar behaalde hij al de wereldtitel indoortrial. Ook dat was zijn negentiende titel.
Slechts twaalf dagen na zijn sleutelbeenbreuk stapte Jaimie van Sikkelerus alweer op de motor tijdens de British Superbike-ronde op Donington Park. De Honda-coureur voltooide de trainingen, maar bleek fysiek nog niet in staat om de races te volbrengen. Van Sikkelerus hoopt dat hij wél volledig kan deelnemen aan zijn thuisrace in Assen. Kas Beekmans moest de British Sportbike-race aan zich voorbij laten gaan vanwege een eerder opgelopen blessure, maar wist zijn leidende positie in het kampioenschap te behouden. Jorel Boerboom kwam in de eerste British Supersport-race ten val en eindigde in de tweede race als drieëntwintigste.
De Pool Bartosz Zmarzlik werd in het Deense Vojens wereldkampioen speedway. De Australiër Brady Kurtz won in Denemarken zijn vijfde GP op rij, maar dat was niet genoeg om Zmarzlik van zijn zesde wereldtitel af te houden. Kurtz kwam één punt te kort. Het brons ging naar de Brit Daniel Bewley.
De voorlaatste ronde van de 160cc-klasse in het Nederlandse FIM MiniGP-kampioenschap werd verreden op het Midland Circuit in Lelystad. De overwinningen gingen naar Milan Hunneman en Sep van der Zwart. Hunneman verzamelde de meeste punten en start als leider in het klassement tijdens de finaleronde, die eind september plaatsvindt op de TT Junior Track in Assen.
Jurrien van Crugten is als zeventiende en achttiende geëindigd tijdens de laatste ronde van de Red Bull Rookies Cup 2025 op het Misano World Circuit Marco Simoncelli. In het eindklassement sluit de 17-jarige coureur het seizoen af op de eenentwintigste plaats met in totaal twaalf punten. Het beste nieuws kwam na afloop: Van Crugten heeft van de organisatie te horen gekregen dat hij in 2026 voor het tweede seizoen mag deelnemen aan de talentencompetitie van het Grand Prix-circus.
Tekst: Jan Boer, Gert Bos, Emil Bilars, Asse Klein, Ad de Graaf Foto’s: Jan Boer, Gert Bos, Emil Bilars, Damon Teerink
Net als olie in je blok zorgen cookies ervoor dat alles soepel loopt. We gebruiken ze om de website goed te laten werken en je de beste ervaring te bieden. Door verder te gaan, geef je toestemming voor het gebruik van cookies.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.