Op maandagochtend om negen uur namen de eerste auto’s het asfalt van Spa-Francorchamps weer in bezit. Met deze trackday is het seizoen 2026 officieel van start gegaan.
Terwijl op het legendarische tracé alweer volop wordt gereden, werkt men achter de schermen aan een reeks vernieuwingen. De Uhoda Tower en de nieuwe passerelle tussen de Fan Zone en de paddocks krijgen vorm, en een aangepaste toegangsweg bij La Source verbetert de logistiek. Ook aan de veiligheid en de waterafvoer op de baan zelf wordt gewerkt, onder meer met het groeven van de Kemmel Straight.
Ondanks al die bouwactiviteiten blijft het kenmerkende karakter van Spa-Francorchamps onaangetast. De piste, diep verscholen tussen de Ardense heuvels, behoudt haar natuurlijke reliëf en uitdagende bochtencombinaties. Hier draait alles nog steeds om rijden, beleven en grenzen verleggen.
Directeur-generaal Amaury Bertholomé vat het samen: Spa evolueert, maar haar ziel blijft behouden. 2026 belooft opnieuw een seizoen vol actie, traditie en vooruitgang te worden op dit historische asfalt.
Steeds meer gemeenten verlagen de maximumsnelheid naar dertig kilometer per uur, maar handhaving blijft een groot probleem. Volgens onderzoek van de NOS ontbreekt het aan flitspalen en negeren veel gemotoriseerde voertuigen de nieuwe limiet.
In Amsterdam, vertelt wethouder Van der Horst, blijft het op straten als de Amstelveenseweg een racebaan. Omwonenden klagen, maar de gemeente kan pas optreden als het Openbaar Ministerie een flitspaal goedkeurt — en dat gebeurt alleen wanneer de weg volledig is ingericht als dertigzone, met drempels, versmallingen en klinkers. Dat is volgens Van der Horst onhaalbaar en duur.
Verkeersdeskundige Marc Schenk stelt dat alleen een verkeersbord ophangen geen zin heeft. “De weg moet de snelheid afdwingen,” zegt hij tegenover de NOS. Doet die dat niet, dan vinden bestuurders boetes onterecht en raken de rechtbanken overbelast. Het OM wil daarom pas handhaven als de inrichting klopt.
Minister Karremans begrijpt de frustratie, maar benadrukt dat goede infrastructuur de basis blijft. Tot die tijd blijft het aan de bestuurders zelf om hun snelheid aan te passen — want ook zonder flitspaal geldt nog steeds: dertig is dertig.
De eerste twee GP-ronden van het WK ijsspeedway zijn voor Jasper Iwema uitgelopen op een deceptie. De verwachtingen rond de 36-jarige Drent waren in Inzell hooggespannen, maar al tijdens de trainingen kwam hij ten val. En dat zette direct de toon voor het weekend. Iwema vocht in de races voor elke meter, maar zijn starts lieten hem in de steek. Bovendien leek zijn materiaal niet snel genoeg om aan te haken bij de toppers. Een nieuwe valpartij en een gebroken ketting maakten de malaise compleet. Met een twaalfde plaats na twee races is een medaille voor de nummer vier van de wereld dit jaar buiten bereik.
In het kamp van de 19-jarige Sebastian Reitsma was de stemming een stuk positiever. Reitsma scoorde beide dagen constant en staat na twee racedagen in de top tien van het klassement. Voor WK-debutant Leon Kramer stonden de wedstrijden in Inzell vooral in het teken van ervaring opdoen. Ondanks twee crashes tijdens de race op zaterdagavond staat Kramer op de vijftiende plaats.
Met slechts drie races op de kalender werd er in Inzell met het mes tussen de tanden gereden. Regerend Europees kampioen Heikki Huusko was het belangrijkste slachtoffer. De Fin moest zich laten hechten na een val in de openingsrace op zondagmiddag. Daarna kwam hij nog wel terug in de baan, maar in de strijd om de titel liep hij te veel averij op om nog kans te maken op een medaille.
Tijdens de finale op 11 april in Thialf in Heerenveen zijn er nog vier kanshebbers over. Titelverdediger Martin Haarahiltunen uit Zweden gaat aan de leiding in het klassement, maar kwam ook niet ongeschonden uit de strijd. Bij een crash in de finale op zondagmiddag liep hij een knieblessure op. Zijn landgenoot Niklas Svensson staat tweede, gevolgd door de Fin Max Koivula en de Duitser Luca Bauer.
Sebastian Reitsma leverde een uitstekende wedstrijd af in Inzell. Hij liet daarbij Jasper Iwema achter zich.
ONK zijspancross Eersel & Oss
De eerste twee ONK Sidecar Masters stonden gepland in Eersel en Oss. Maar de tweede wedstrijd in Oss viel letterlijk in het water. De wedstrijdleiding kon vroeg in de ochtend niet anders dan de wedstrijd af te lasten omdat het circuit onbegaanbaar was door de vele regenval.
Hoe anders was dat de week daarvoor in Eersel! Toen de ochtendmist was opgetrokken, werden in Eersel onder een stralende lentezon de eerste twee heats van het internationaal sterk bezette ONK Zijspancross verreden. In de eerste heat namen de broers Leferink kopstart met Hermans/Rietman en de Britten Wilkinson/Millard in hun kielzog. De vreugde bij team Wilkinson was van korte duur. Al na een kleine 500 meter doken ze in een gat en crashten hard, en dat met het hele veld nog in aantocht. De Britse rijder en bakkenist verlieten bont en blauw het strijdtoneel en gaven aan, ongetwijfeld nog vol adrenaline, dat er wel gewacht kon worden met medische assistentie tot na de race. Na een goed kwartier bleek er toch assistentie nodig en zwaaide de wedstrijdleidster de rode vlag omdat Wilkinson was gestrand op een punt dat niet veilig te bereiken was voor de hulpdiensten. Op dat moment Leferink nog fier aan de leiding en won zo de verkorte heat. Hermans/Rietman werden op kleine afstand tweede.
Voor de derde plek ontspon zich de gehele heat een gevecht met een grote groep zijspannen waaronder Wijers, Prunier, Grondman en Van de Lagemaat. Prümmer lag even derde en ook Sanders lag dan ineens derde. Er gebeurde constant wel iets in het zware zand van Eersel. Zo reed de Fransman Prunier zich vast op een achterblijver, waardoor onder andere ook Sanders het slachtoffer werd, en viel terug. Uiteindelijk bleek de verrassing van de dag de sterk rijdende Grondman/Vincent, die de derde plek binnenhaalden voor Prümmer/Van de Putten op vier en Wijers/Hoffmann op vijf.
Start eerste heat: Wilkinson/Miljard (199), Leferink/Leferink (75) en Hermans/Rietman (1)
Fenomenale inhaalrace
In de tweede heat pakten de Franse broers Prunier de kopstart voor Hermans en Prümmer. De motor van Leferink viel stil bij de start en de machine kwam pas weer tot leven toen het hele veld zijspannen er al 300 meter wedstrijd op had zitten. Vooraan kwam Prümmer snel aan de leiding met Hermans er net achter. Hermans kon nooit een volledige aanval inzetten en Prümmer leek gedecideerd op de heatwinst af te stevenen, totdat bakkenist Van der Putten uit het zijspan crashte en zijn arm uit de kom schoot. Zodoende namen Hermans/Rietman de leiding over en wonnen met grote voorsprong de tweede heat én de totale ONK te Eersel. Sanders/Vincent werden tweede en konden op de finish nog net het vege lijf redden van… Leferink!
De broers Leferink hadden een fenomenale inhaalrace ingezet en als een warm mes door de boter werd het ene na het andere zijspan gepasseerd in een spektakelstuk van formaat. Sanders/Vincent bleken net een brug te ver, maar op het dagpodium stond Leferink wel op twee met Sanders/Vincent totaal als derde. Wijers/Hoffmann werden vierde in de tweede heat en Grondman/Vincent vijfde, waarmee zij op een haar na het dagpodium misten.
De volgende wedstrijd, tellend voor het ONK Sidecar Masters Kampioenschap, is op 16 mei in Oldebroek.
1 van 3
Hermans-Rietman wonnen de ONK te Eersel.
Leferink stal op spectaculaire wijze de show.
De ONK zijspancross in Oss werd afgelast door de regen.
Kort door de bocht
Rallyrijder Rob van Pelt sr. is tijdens de Africa Eco Rally, van Marokko naar Senegal, ten val gekomen nadat hij onwel was geworden. Hij werd eerst naar een ziekenhuis in Mauritanië vervoerd en later naar de Canarische Eilanden. Vervolgens werd hij naar Nederland gebracht, waar hij is overleden. Van Pelt startte tien keer als motorrijder in de Dakar en reed tien keer mee als navigator in een auto. Hij is 67 jaar geworden.
Vanwege de onrust in het Midden-Oosten is de MotoGP van Qatar van 12 april verplaatst naar 8 november. De beide weekenden voor Qatar wordt gereden in Australië en Maleisië. Om niet vijf weekenden achter elkaar in actie te komen, zijn de GP’s van Portimão en Valencia een week opgeschoven en worden nu op 22 en 29 november verreden.
Het ONK speedway is uitgebreid van één naar drie wedstrijden. Naast Veenoord (4 april) zijn er nu ook wedstrijden in Lelystad (20 juni) en Vledderveen (3 oktober). De voor 20 juni geplande grasbaanrace in Opende is komen te vervallen.
In Oss kwamen op 15 maart de MX Nationals aan de start. In de eerste race van de 250cc zegevierde Mathis Valin voor Ivano van Erp, die in de tweede race zodanig zwaar ten val kwam dat hij naar het ziekenhuis moest. Dat zorgde voor vertraging in het tijdschema. Vanwege het slechte zicht door de laagstaande zon kwam de tweede manche van de 500cc te vervallen. Jeffrey Herlings won de enige race van de 500cc voor Romain Febvre, Glenn Coldenhoff en Roan van de Moosdijk. Timo Heuver won beide manches van de 125cc.
In Holten is de eerste wedstrijd van het ONK enduro verreden. In de E2/3 zegevierde de Belg Erik Willems voor de broers Wesley en Thierry Pittens. Tommie Jochems won de E1 voor Marc Zomer en de Belg Tim Louis.
Bart Verstappen noteerde het geringste aantal strafpunten in de trial in Zelhem. Randy Kerstjens werd tweede, Fenno Goertz eindigde als derde.
Een ontdekkingsreis naar ‘Made in Germany’, van de Eifel via de Rijn tot aan het Thüringer Woud – een geweldige mix van techniek, natuur en rijplezier.
De missie Polaris Dawn verwijderde zich tot wel 1.400 kilometer van Moeder Aarde. Sinds de Apollo-vluchten naar de Maan in 1972 is niemand meer zo ver in de ruimte geweest. En alsof dat nog niet avontuurlijk genoeg was, verlieten twee van de vier astronauten zelfs de ruimtecapsule Crew Dragon van SpaceX voor een publiciteitsrijke ruimtewandeling, terwijl ze zich slechts 740 kilometer boven onze Blauwe Planeet bevonden. Op dezelfde dag, 12 september 2024, begon er ook een andere missie, niet om ruimtepakken te testen, maar om tijdens een motortocht dwars door Duitsland te ontdekken wat homo sapiens daar verder aan techniek heeft bedacht.
Radiotelescoop Effelsberg
We starten bij de radiotelescoop Effelsberg, de perfecte verbinding tussen hemel en aarde. In een diep uitgesneden dal van de Eifel, beschermd tegen wind en weer evenals storende aardse radiogolven, staat de witte antenneschotel van het Max Planck Instituut voor Radioastronomie. Met een diameter van 100 meter en een gewicht van 3.200 ton is het de op één na grootste, volledig beweegbare radiotelescoop ter wereld. De functie van dit gigantische apparaat? Het ontvangen van signalen uit de ruimte om ons begrip van het universum te vergroten. Voor leken die dieper willen duiken in deze complexe materie zijn er informatieve evenementen in het bezoekerspaviljoen. En nu nemen we afscheid van de witte schotel, waarvan de oppervlakte meer dan vier keer zo groot is als het zeiloppervlak van de Gorch Fock, het opleidingsschip van de Duitse marine. Met een Royal Enfield Himalayan 450 donderen we de Eifel binnen. De motor is vernoemd naar de bergketen waarvan de hoogste top slechts 8.848 meter de lucht in steekt.
1 van 15
Dorpskerk in Lind.
Kapel in de Eifel.
Biker café "Zu den vier Winden", Bernd Dziejak.
Messerschmitt Kabinenroller KR 200 in Waldorf.
Rheinfähre van Remagen/Kripp naar Linz.
Brücklein bij Urbach in Westerwald.
Bezoekersmijn Grube Fortuna.
Veld- en mijnbouwmuseum Fortuna.
Toegang tot de Grube Fortuna.
Rondom de Wasserkuppe.
Duits Segelflugmuseum met modelvliegtuigen.
Legendarische Schneewittchensarg
Ja, de Eifel. Een eldorado voor laagvliegers, maar zelfs met slechts 40 pk een garantie voor bochtige en plezierige momenten, zoals bij Binzenbach, Plittersdorf en Lind. Wanneer bliksemslagen niet van voren komen maar alleen van boven, vaak geïnterpreteerd als een teken van een machtige god, herinneren onderweg kleine kapellen en wegkruisen je daar steeds weer aan. Koffiestop op de kruising van L119 en L210 in Rheinbach-Kurtenberg. ‘Rasten statt Rasen’ staat op de afgeleefde Kawa GPZ500, een opvallende eyecatcher voor het Biker Café Zu den vier Winden. Moge de iconische kroeg en zijn toegewijde eigenaar een eeuwig leven beschoren zijn. Want als de grijzende Bernd Dziejak stopt, wordt het pand radicaal omgebouwd – woonruimte in plaats van ruimte voor motoren – en waarschijnlijk zullen hier ook geen bruiloften en rockconcerten meer plaatsvinden. Als triest voorbeeld van de gevolgen van de zogenaamde hogere macht staat aan de afslag van de B 257 naar het Kesselinger Tal het Café Ahrwind, ooit een populaire motorontmoetingsplaats, tot het game over was door de verwoestende overstromingen van de Ahr in 2021.
En vandaag? We slaan af in een mooi, door hoge rotswanden omringd zijdal van de Ahr, zwieren via Kesseling, Heckenbach en Ramersbach langs een vrolijk beekje op niet altijd even goede wegen richting de Rijn. Vanaf de hoogtes van de Eifel gaat het uiteindelijk kronkelend naar Königsfeld. Een mooie gelegenheid om de remmen van de Himalayan te testen, die duidelijk beter zijn dan die van het voorgaande model met 25 pk. Een voorbeeld van motorische bescheidenheid en Duitse ingenieurskunst uit de jaren ’50 vinden we in Waldorf: een Messerschmitt Kabinenroller KR 200, met 10,2 tweetakt-pk’s van Fichtel & Sachs. Stralend wit, met een rode binnenruimte voor twee achterelkaar zittende passagiers en een chique plexiglazen kap. Met pech staat hij daar langs de weg, de legendarische ‘Schneewittchensarg’, vastgemaakt op een aanhanger. ‘Iets met de tandwielen,’ lacht de eigenaar van dit malle juweeltje, gewaardeerd op 38.000 euro, voordat hij met hulp van de buurman het ding de garage inrolt.
Museummijn Grube Fortuna
Per veerboot, aangedreven door vier 221 kW Schottel pomp-jets, steken we van Remagen/Kripp naar Linz de Rijn over. Ter begroeting, hoog boven de rivier, kasteel Dattenberg en kasteel Arenfels. Daarna slaan we af naar het Westerwald, waar je zonder navigatie als Hans en Grietje kunt verdwalen. Hoe dan ook, de volgende vaste stop is de museummijn Grube Fortuna bij Solms-Oberbiel. Daar klinkt op vrijdagochtend om 11 uur voor de ingang van de mijn een luide ‘Glück Auf!’ – start van de ondergrondse reis, vandaag begeleid door de ervaren mijnwerker Frank Paul. In de smeedijzeren lift, niets voor claustrofobische bikers, zakken we naar 150 meter onder NAP en razen daarna per mijnwagon door een donkere, nauwe gang verder naar het winningsgebied. Het delven van ijzererts begon hier in 1847, toen nog in de dagbouw; de laatste delving stamt uit 1983. Gehoorbescherming was er pas sinds 1970, maar altijd was er dat longvervuilende stof. Daarnaast is er 95% luchtvochtigheid bij een constante 13 graden. Een mijnwerker met zijn 25 kg zware boormachine produceerde aanvankelijk ongeveer één ton erts per shift; met modernere techniek werd de hoeveelheid zelfs verdrievoudigd. Mannen, wat een zware arbeid. Respect! Weer bovengronds lunchen we met kumpel Frank terwijl hij uitlegt hoe de eerste laag werd opengebroken, hoe bunkerlaadoperaties verliepen en wat een schraperbediening is. Mijnmuseum Fortuna telt ongeveer zeventig locomotieven, waaronder schatjes als de erwtensoep-groene ‘Monika’ uit 1913. Is dit je allemaal te veel? Een alternatief vind je tegenover de mijn, in herberg ‘Zum Zechenhaus’.
Bamboe zweefvliegtuig
Ons lijstje telt nog drie andere te bezoeken locaties en daardoor zijn de aansluitende etappes nogal kort. In de fast forward-modus dan maar. Terwijl bij Hohenahr-Altenkirchen een paar windturbines ervoor zorgen dat energie uit de lucht wordt geoogst in plaats van uit de aarde, vullen we de verbrandingskamers op het Schottenring geheel tegen de tijdgeest in met benzine en werken we aan onze bochtentechniek. Of technische vooruitgang enorme heersers als Tyrannosaurus rex en co de wereld van zo’n 65 miljoen jaar geleden zou hebben geholpen te overleven? In ieder geval houden we een minuut stilte bij het uit metaal vervaardigde dinosaurus-skelet op een parkeerplaats bij de Hoherodskopf, het begin van een geowandelpad. Een perfecte landing volgt daarna op de Wasserkuppe in de Rhön, waar het Duitse zweefvliegmuseum uitnodigt voor een prachtige tijdreis. De expositie gaat van 1912, toen het de Darmstadter gymnasiast Hans Gutermuth lukte om met een van bamboestokken gebouwde dubbeldekker in een minuut en 50 seconden 840 meter ver te zweven op de Wasserkuppe, tot de huidige tijd met 280 km/u snelle high-performance kunststof zweefvliegtuigen. Die worden door Alexander Schleicher in het nabijgelegen Poppenhausen geproduceerd. In het museum is er ook een eenvoudige flightsimulator, waarin je de piloot kunt uithangen. Ja, ja, het spel met weer en thermiek, dat sinds eeuwen virtuoos wordt beheerst door vogels.
We wisselen van motor en Hermann is dolblij met de Himalayan. We rijden nu niet naar de Radom, het markante radargebouw uit de Koude Oorlog, en ook niet naar het vliegersmonument, de heroïsche stenen piramide met een adelaar bovenop. In plaats daarvan racen we over het traject van de Hauenstein-bergrace van Hausen naar het Schwarzen Moor. In het mooie vakwerkstadje Fladungen staan we stil bij een nostalgisch aangeklede, kleurrijke etalage, waarin een snelle zeepkist en een bijzondere Bianchi Aquiletta nu al reclame maken voor de volgende Fladungen Classics. Dat is een feestelijk event dat om de twee jaar plaatsvindt en waarin het hele dorp versierd is alsof de tijd in de jaren ’60 is blijven steken.
1 van 11
Voertuigenmuseum Suhl.
Gasthuis Goldener Hirsch in Rohr.
Stoomlocomotief Ervaringswereld Meiningen.
Etalage in Fladungen.
Fahrzeugmuseum Suhl
Weer een bochtige omweg, nu via Weimarschmieden, Geba en Stepfenshausen. We gaan verder door de Rhön, het zogenaamde land van de open vergezichten, met schaars struikgewas en bomen, totdat we in Meiningen aankomen. ‘Vandaag ben ik voor het eerst als echte stoker onderweg,’ grijnst Hermann in het stuurhuis van goederenlocomotief 92 739. Voor hem, en daarom valt de omschakeling van racegeoriënteerde stoker hem niet zo zwaar, een hele reeks witte klokken, zoals ze ooit de analoge cockpits van Ducati en Moto Guzzi sierden. We staan dus in de wereld van Dampflok Erlebniswelt in Meininger, waar aan de hand van de 92 739, de enige nog originele loc hier, die aan één kant is opengesneden zodat de werking van zulke rookspuwende kolossen kan worden uitgelegd. Gelijk naast de stoomlocomotieffabriek Meiningen, hét adres voor onderhoud en restauratie van historische spoorvoertuigen, kun je in de zomer elke zaterdag vanaf 10 uur een fabrieksrondleiding maken. Dagelijks geopend is ook het amusements- en natuurpark Thüringer Wald. Dillstädt, Bischofrod, Hirschbach – daar juichen niet alleen de motoren door het walsen door de bochten. Nog enthousiaster zijn de liefhebbers van classics in Suhl, door een bezoek aan het lokale Fahrzeugmuseum. Een belangrijk onderdeel van de uitgebreide tentoonstelling is de Vogelserie van Simson. En zo staan ze daar in hun kleurrijke blikken outfits: Schwalbe, Spatz en Star evenals Sperber en Habicht, plus de sportievere S50. Meer dan vijf miljoen van deze flitsers heeft Simson tot de val van de Muur geproduceerd. Vooral de onverwoestbare Schwalbe is zeer geliefd en gewild, ook in het ‘Westen’. Een 350cc Norton Manx M40, 4-takt straatracer uit de jaren ’60, staat als een paradijsvogel te midden van al het Oost-Duitse gerief. De Engelse motor werd gerestaureerd door de voormalige Simson-racespecialist Harry Riese. Het is een prima voorbeeld van dat de in techniek geïnteresseerde mens graag verder kijkt dan zijn neus lang is, zelfs als dat over het Kanaal of zelfs helemaal uit de ruimte komt.
Tekst en foto’s: Klaus H. Daams
Reisinformatie
Er is geen gemarkeerde techniekroute zoals de ‘Duitse Alpenroute’ of ‘Wijnroute’. Afhankelijk van interesse moet je dus zelf een route bedenken – zoals het een technicus betaamt.
Heenreis De radiotelescoop Effelsberg is bijvoorbeeld bereikbaar via de A1, afslag Mechernich, vervolgens verder via Bad Münstereifel naar Effelsberg en de markeringen volgen. Vanaf de bezoekersparkeerplaats te voet naar het bezoekerspaviljoen Radio-Observatorium Effelsberg aan de Max-Planck-Straße 16, 53902 Bad Münstereifel.
Overnachten ‘Peterchens Mondfahrt’ en ‘Berghotel Deutscher Flieger’, Wasserkuppe 46 en 48, 36129 Gersfeld, telefoon voor beide 06654/381, www.peterchens-mondfahrt.de, www.deutscher-flieger.de; droomlocatie direct boven op de Wasserkuppe, vlakbij het zweefvliegmuseum en tegenover het vliegveld en de vliegschool, helaas is er op dinsdag en woensdag een rustpauze in het restaurant.
‘Hotel & Gasthaus Sterngrund’, Sterngrund 1, 98544 Zella-Mehlis, telefoon 03682/469911, www.hotel-sterngrund-oberhof.de; traditioneel gasthuis en tegelijk een ontmoetingsplaats voor motorrijders aan een lekkere bocht in het Thüringer Wald. Niet ver van de Sterngrund en iets verborgen in het dal bevindt zich ‘Hotel Waldmühle’, Lubenbachstraße 2, 98544 Zella-Mehlis, telefoon 03682/89890, www.hotel-waldmuehle.de; familiebedrijf met wellness-aanbod en sauna’s, 350 meter verder ligt het techniekmuseum Gesenkschmiede, www.museum.gumv.de/?Technikmuseum.
Zeven jaar geleden publiceerden we in Bigtwin het verhaal van de Dyna Glide van Johan Blom. Een verhaal over pech, bekeuringen, problemen en een vriendin die, laten we het netjes zeggen, de hobby niet geheel begreep… Inmiddels is zijn Dyna geëvolueerd naar versie 2.0.
Johan, 36 jaar jong en als beroeps militair adjudant bij de Luchtmacht, vertelt: “In 2015 heb ik mijn FXDX van mijn stiefzus gekocht. Toen ik hem kocht was hij helemaal standaard en ik vond hem echt super solide en robuust aanvoelen. Het wrinkle black blok toont echt heel vet en geluid is ongeëvenaard. Een Harley is een soort van Barbie voor mannen; je kan er van alles voor kopen en je kan het net maken zoals jij wil. Met als voordeel dat de onderdelen die je wisselt een goede restwaarde houden. Het dagelijks handelen in onderdelen op Marktplaats is een soort hobby waarmee ik de ombouw van mijn Dyna grotendeels bekostig. De in- en verkoop is een leuke bezigheid, je komt op mooie plekken en krijgt bijzondere mensen op de stoep.” Bij zijn vriendin Marieke roept het allemaal echter nog wel de nodige twijfels op… Marieke noemt het ‘De Bodemloze Put. Het project wat nooit af is.’ Johan lachend’: “Ik heb zelfs een tatoeage op mijn been laten zetten, nadat Marieke mij eens vroeg: ‘Kan jij inzichtelijk maken wat de Harley in de maand kost?’”
1 van 7
REDDENDE ENGEL
Sinds de 1.0 versie heeft Johan een lange lijst van modificaties doorgevoerd aan de Dyna. “Stuurdemper gemonteerd op basis van een plaatje, de uitlaatdempers vervangen door een set S&S Slip-ons, een steun voor de koplamp gemaakt om de lamp goed in positie te krijgen, twee steuntjes gemaakt voor de tellers, de bobines zitten nu op de positie van de claxon, ik heb de sissybar smaller gemaakt, andere voorvork, ander spatbord met achterlicht er op gezet, ik heb een kuip en handbeschermers van Memphis Shades gemonteerd en als laatste een lower fairing van een Touring op de Dyna gemeubeld. Dat het allemaal niet van een leien dakje ging, moge duidelijk zijn”, zo vertelt Johan droog. “Zo had ik echt veel gezeik met de levering van een Red Thunder uitlaat, het Ceriani voorvorkje vervangen bleek veel meer werk dan gedacht en ik had de remschijf krom. Die had ik net vervangen, maar was daarna een keer het slot vergeten, dus kon ik weer overnieuw beginnen!” Gelukkig was Dennis Bakker van Small Town Customs vaak de reddende engel en bood hij een helpende hand bij de (verdere) ombouw van zijn Dyna.
Op het internet lees je een hoop informatie over ombouwen, maar veel mensen spreken elkaar tegen, ontdekte Johan “’The proof of the pudding is in the eating’, zeggen de Engelsen en zo is het. In het begin van het verbouwen heb ik nog wel eens spullen aangeschaft die niet pasten. Maar met schade en schande en door het gewoon te doen kom je meer te weten. Sleutelen, meten, proberen en om advies vragen bij de juiste mensen.” Johan heeft van alles geprobeerd, zeker op gebied van uitlaten; Supertrapp, Thunderheader, Vance & Hines, TBR en Screamin’ Eagle. “Ik vond bijvoorbeeld een TBR Two Brothers Racing uitlaat erg mooi. Zo’n systeem werkt echter niet op een carburateur model. Met als gevolg slechte prestaties met veel te veel herrie. Getallen op de testbank gaven inderdaad de slechte performance aan. Het probleem kon niet opgelost kunnen worden door de carburateur per cilinder af te stellen, zoals met injectie wel kan. Vervolgens hebben we de pijp vervangen door een Supertrapp en de motor liep als nooit te voren.” Maar waar de motor uiteindelijk echt goed op loopt, blijkt gewoon met de standaard headers met balanspijp en aangepaste originele ‘open’ dempers. Dat geeft volgens hem bovendien een mooi diep geluid. En nu maar afwachten wat het 3.0 model gaat worden…
Fotografie: Onno “Berserk” Wieringa
TECHNISCHE GEGEVENS H-D BODEMLOZE PUT
Categorie
Details
Eigenaar
Johan Blom
Bouwer
H-D / Johan
Merk
Harley-Davidson
Model
Super Glide Sport Dyna FXDX 2002 Twin Cam
Bouwtijd
Geen flauw idee, heel wat uurtjes door de jaren heen
Motorblok
Bouwjaar
2002
Bouwer
H-D / Zelf opgebouwd en afgesteld door Gertjan Laseur
Vermogen
96.9 pk
Koppel
147.2 Nm
Cilinderinhoud
1550 cc / 95 ci
Type
TwinCam
Zuigers
Screamin’ Eagle flattop 3-7/8”
Cilinders
OEM H-D, opgeboord van 88 ci naar 95 ci
Cilinderkoppen
2006 voor 96 ci
Kleppen
OEM H-D
Nokkenas
Andrews TW37
Nokvolgers
OEM H-D
Camplate
Screamin’ Eagle
Oliepomp
Screamin’ Eagle
Benzinesysteem
CV carburateur met Dynojet, 48 slow jet, 185 main jet en Golan benzinekraan
Luchtfilter
K&N
Luchtfilterhuis
Zwart van een Street Bob
Ontsteking
Dynatek TC2000
Versnellingsbak
5-bak
Koppeling
Barnett Scorpion
Rijwielgedeelte
Frame
Sputhe Positrac stabilizer gemonteerd
Voorvork
V-rod 49 mm onderpoten en binnenpoten van een Street Bob met verstelbare veer voorspanning en triple trees van een Street Bob
Achterbrug
OEM H-D
Schokdempers
Wilbers twin shock met piggyback en swingarm liftkit van Bung King
Voorwiel
OEM H-D cast wheel met Avon cobra banden, grotere lagers voor 1 inch as
Achterwiel
OEM H-D cast wheel met Avon cobra banden
Remmen
Rick’s schijven 13 inch met Tokico remmen en the Speed Merchant adapters met Goodridge remleidingen
Diversen
Voorspatbord
V-rod aftermarket matzwart denim
Achterspatbord
OEM, ingekort
Spatbordsteunen
Covers verwijderd
Benzinetank
OEM, laten spuiten
Dashboard/Tellers
OEM, extra ringen voor meer body
Stuur
Westland Customs Street Track
Spiegels
OEM H-D chroom tapered kort van een Breakout
Handvatten
Arlen Ness fusion knurled
Schakelaarhuizen/rem-koppelingshendel
Afgezaagd en zwart gecoat
Koplamp
Softail uit 2020
Achterlicht
Street Glide
Richtingaanwijzers
Originele behuizing chroom met led inserts
Zadel
Silver Machine, Ermelo
Sissybar
Street Bob, smaller gemaakt
Forward controls
Chroom OEM H-D
Voetsteunen
Arlen Ness fusion knurled
Rem-schakelpedaal
Tribal Collection Harley-Davidson
Tassen
Saddlemen Cruise ‘n’ Deluxe
Spuitwerk
Kleur
Vivid Black / Denim Black
Spuiter
BAS Exclusief Nijkerk
Special Paint / logo’s
Sportster stickers
Idee
Mat zwart, hoogglans zwart en chroom, ontwerpen geïnspireerd door Evil Knievel, subtiele stars en stripes
Dank Aan
Speciale Dank Aan
Dennis Bakker van Small Town Customs, Petersen Magazijninrichting, Wichard, Gertjan Laseur
Het begon allemaal met een simpele vraag: waarom bestaat er geen motorkleding die écht voor vrouwen gemaakt is? Uit die frustratie is Rivetta geboren. En nu, na maanden van ontwerpen, testen en perfectioneren samen met de Italiaanse designer Gioia, is het zover.
Rivetta nodigt vrouwelijke motorrijdsters uit om als eerste de matching suits te ervaren. Niet op een beeldscherm, niet in een webshop, maar in het echt. Voelen hoe het leer valt. Zien hoe jas en broek samen één silhouet vormen. En ja, ze leggen dat moment vast met een professionele video- & fotoshoot, want dit zijn de vrouwen die Rivetta lanceren.
Dit is geen casting. Dit is een uitnodiging aan elke vrouw die ooit op een motor heeft gezeten en dacht: dit kan beter.
Vrouwelijke motorrijdsters kunnen zich aanmelden om de pre productie samples te passen en model te staan voor de officiële productfotografie. Ze hebben beperkt aantal plekken.
In de winter kunnen frustraties hoog oplopen. De motor staat werkeloos in de stalling, terwijl je ermee de wijde wereld in wilt trekken. Als dan eindelijk de lente aanbreekt, is het hoog tijd om stoom af te blazen. Dat doen we dit jaar tijdens de Primavera 2026-toertocht langs een aantal stoomgemalen in Noord-Holland. De inschrijvingen lopen dit jaar hard, dus wil je nog een plekkie hebben? Meld je dan snel aan.
De grootste stoommachine ter wereld, die van gemaal Cruquius, is nog steeds in volle glorie te bewonderen. Als een industrieel kasteel rijst het gevaarte op dat een van de mooiste industriemusea van Nederland, nee: van de hele wereld is. Want De Cruquius leeft! Een prachtig staaltje retro-sciencefiction, nog versterkt door het spinachtige uiterlijk van een robot met acht armen. Als dat gevaarte in beweging komt, is de magie totaal. Piepend, fluitend en krakend komt het gevaarte tot leven en doet de mastodont zijn werk en pompt met vijf slagen 64.000 liter water per minuut erdoorheen. Dat het ballet mécanique niet meer met stoom maar hydraulisch wordt aangedreven, maakt voor de beleving geen verschil.
En dit is pas het begin! Tijdens deze RIDERS-toertocht Primavera 2026 komen we ook onder andere Gemaal Halfweg, het Limmergemaal, drie unieke gemaalgeneraties, Stoomgemaal De Vier Noorder Koggen en Gemaal Leemans tegen. Dat gecombineerd met een waanzinnige toertocht, inclusief ontvangst met koffie en gebak, lunch en diner, maakt deze Primavera tot eentje die je niet mag missen. Dat roepen we inderdaad elk jaar – net als bij de KouwePotenTocht later dit jaar – maar we menen het ook elke keer weer echt! Tot 25 april dus.
Rij mee met de Primavera Toertocht 2026
Datum: zaterdag 25 april 2026 Startpunt: omgeving Cruquius Eindpunt: omgeving Den Oever Afstand: ca. 245 km Prijs regulier: € 60,00 (incl. ticketfee) – let op: géén deurverkoop Prijs RIDERS-leden: € 54,00 (incl. ticketfee) – let op: voor je persoonlijke vouchercode moet je eerst inloggen op riders.nu. Via de tab ‘Events’ kom je bij deze Primavera tocht. Daar vind je jouw persoonlijke voucher waarmee je korting krijgt op je ticket. Arrangement: waanzinnige toertocht, inclusief ontvangst met koffie en gebak, lunch en diner Route: deelnemers die zich vóór 17 april inschrijven, ontvangen op vrijdag 17 april de GPX-bestanden via de e-mail. Vragen over de route kun je stellen via info@riders.nu Thema: Stoom Afblazen – een unieke route langs stoomgemalen en -machines in Noord-Holland (zie themaverhaal verderop op deze pagina) Inschrijven: ticketpoint.nl/primavera
Aan het einde van deze zomer zoeken we naar een ijscozaak om nog een keer te genieten van dat zorgeloze gevoel dat de zomer nu eenmaal met zich meebrengt. Uiteraard rijden we over kronkelige paden op weg naar een ijskoude beloning. Voor dit allesomvattende plezier hebben we de twee crossover-allrounders Honda NC750X en Yamaha Tracer 7 GT vers van de pers geplukt.
‘Hé Volker, heb je vandaag nog tijd voor wat foto’s?’ De weersvoorspelling liet ons behoorlijk schrikken: de volgende dag zou de zomer voorbij zijn en hevige neerslag zou de herfst aankondigen. Gelukkig weten we met wie we te maken hebben: haast noch bloedspoed brengt onze fotograaf uit balans. Hij belt, schuift met wat afspraken in zijn agenda en al snel staat de afspraak voor de fotoshoot van deze vergelijkingstest in het prachtigste nazomerweer vast.
Op de ontmoetingsplek in het Sauerland komt collega Thomas aan met de Honda NC750X DCT, die sinds afgelopen voorjaar opgefrist over onze wegen rijdt. Ik arriveer met de nieuwe Tracer 7 GT, die net op de markt is gekomen. Qua timing niet ideaal, maar dit jaar komen veel gewilde modellen pas erg laat bij de dealers binnen – tot hun verdriet. In het geval van de Tracer zorgden capaciteitsproblemen voor vertraging, aangezien het vernieuwde CP2-blok ook de MT-07 en de Ténéré aandrijft. En die zijn wereldwijd gezien qua aantallen net wat gewilder dan de Tracer. Daarom kregen die voorrang.
Voordat we aan de slag gaan en daarna van een welverdiend ijsje gaan genieten, wisselt Volker van rijder en motor: ‘Thomas, jij neemt de Yamaha, Thilo ziet er op de Honda gewoon beter uit.’ Wat een compliment van iemand die veel waarde hecht aan uiterlijk! Ook al is het misschien te wijten aan een gelukkig toeval van motorkleur en outfit…
Ik had mijn kleding een beetje afgestemd op de Tracer en zijn bekende scherpe uitstraling, die voer is voor discussie. Volledig aangescherpt, met gouden voorvorken onder de agressieve voorkant en in het chique ‘Icon Performance’ met blauwe velgen, benadrukt de Yamaha de sportieve kant van het allrounder-bestaan in het middensegment. Hoog op de wielen geeft de Yamaha het gevoel van een straatgerichte crossover.
De Honda NC750X in het matte ‘Earth Khaki’ kiest daarentegen voor een bescheiden uitstraling en aantrekkelijke vormen. Het weinig rebelse uiterlijk staat voor veel pragmatisme zonder franje.
Honda zit lekker
Bij de overstap naar het dik gepolsterde Honda-zadel – het comfortzadel uit het accessoireprogramma is 15 millimeter dikker, biedt betere steun aan de lendenen en kost 150 euro – opent zich een heel andere wereld dan op de Yamaha. Ik zit laag in de NC, met redelijk veel ruimte, maar toch zeer geïsoleerd en zonder veel mogelijkheid om me te bewegen. Voor het afstappen, een veilige plek voor de voeten en daarmee een goed gevoel zorgen de slanke taille in combinatie met het zadel op een aardse 810 millimeter. Maar op de lange termijn is de kniehoek voor lange rijders te ongemakkelijk door de geringe afstand tot de voetsteunen. Dat kan de rechtopzitpositie met een stevige greep aan het brede stuur slechts gedeeltelijk compenseren.
Op de MT gaat het allemaal veel intenser en meer geïntegreerd toe. Het gesplitste zadel met de duidelijke overgang naar de passagiersplek zorgt dankzij de stevige bekleding en de strakke grip van de knieën om de tank voor veel contact en dus controle. Ondanks de aanvankelijk vrij harde constructie bewijst het zadel uitstekende kwaliteiten voor lange ritten, want het zakt niet door en voorkomt daardoor een ‘dode kont’. Voor Thomas is de overstap van de NC naar de Tracer een zegen – ook al lijkt de Japanse stemvork onder zijn lengte van 1,86 m bijna fragiel. Het zadel kun je zonder gereedschap twee centimeter hoger plaatsen, wat de kniehoek merkbaar meer ontspannen maakt. Voor mij is de basishoogte van de Honda voldoende. Zou het zadel nog hoger staan, dan kom ik niet meer met de voeten aan de grond.
Speels en aangenaam
Dat mijn menselijke centrale computer tijdens de heenreis op geen enkel moment het risico liep in de slaapstand te vallen, danken we aan de constante afgifte van gelukshormonen als gevolg van de zeer actieve rit. Dankzij het ten opzichte van vorig jaar verbrede en hoger gepositioneerde stuur voel je je als een kapitein op de brug. Je hebt zoveel overzicht dat het bijna altijd uitdaagt tot een vrolijke rit. Een korte impuls op de tank is genoeg om de Tracer vlot over de beoogde lijn in de bocht te laten hellen.
Dankzij de verbeterde geometrie met een langere swingarm en het verstevigde frame is de Yamaha veel volwassener dan vorig jaar. Toch stuur je de Tracer bijna speels en aangenaam neutraal de bocht in. Ook rechtuit rijdt ’ie altijd voorspelbaar en precies. De Yamaha houdt z’n koers en stimuleert met z’n actieve karakter de betrokkenheid van de rijder, onbelemmerd door hoge snelheden.
Hierbij dragen de volledig opgeknapte CP2-motor en de verbeterde elektronica hun steentje bij. Drie rijprogramma’s combineren drie mappings voor de vermogensafgifte met de tweestaps tractiecontrole. Maar zelfs in de agressiefste modus blijft de CP2 de gehoorzame motor die de Tracer zoveel fans heeft opgeleverd. In die zin voelt het iets moeizame uitschakelen van de tractiecontrole via het menu geenszins als harakiri – zelfs als de aandrijving van onze testmotor met 75 pk en 71 Nm koppel beter scoort dan in de brochure wordt beschreven.
Met een krachtige noot onderstreept de 689 cc 270-graden twin zijn brede koppel, dat met een toenemend toerental vooral het rijplezier aanwakkert. Korte, scherpe schakelwegen met de precies aangrijpende tandwielen van de zesversnellingsbak en de soepele koppeling maken de klassieke rijervaring tot een volwaardig plezier en zorgen niet alleen tijdens de metingen, maar ook gevoelsmatig voor een duidelijke voorsprong ten opzichte van de NC.
Maar dat interesseert de Honda geenszins, want de NC750X is helemaal niet gericht op de levendige dynamiek van een bochtenzoeker. Het concept van de Honda is gericht op een uitstekende dagelijkse bruikbaarheid, gecombineerd met veel comfort, waar ook de verfijnde DCT verantwoordelijk voor is. Het door sommigen belachelijk gemaakte en door velen niet begrepen Honda-unicum legt de lat van ontspanning vooral in een stadsomgeving heel hoog: hier zijn de drie automaatmodi een droom – verkeerslichten, files, oversteekplaatsen, alles passeer je zonder stress, zonder de onderarmspieren te belasten met koppelen of het risico van afslaan. Op binnenwegen daarentegen zorgt de manuele schakelmodus – handmatig schakelen door de versnellingen met instelbare motorrem – voor het echte rijplezier. Het geeft je net een beetje meer vrijheid.
Maar de waarheid is ook dat de langeslagtwin omwille van zijn efficiëntie, zuinigheid en motorloop geen enkel voordeel haalt uit zijn cilinderinhoud van 745 cc ten opzichte van de 689 cc van de Yamaha. Het uiterst eerlijke motorblok ontwikkelt z’n 59 pk en 69 Nm koppel bijzonder gelijkmatig en zonder verrassingen. Maar het gebrek aan pure stootkracht maakt de Honda ook wel wat braafjes. Om bij de Tracer in de buurt te blijven, moeten we de Honda-twin helemaal uitwringen.
Het is dan ook verrassend dat de 750 tijdens de acceleratietests, met de dynamische DCT-modus ‘Sport’ geselecteerd, de Tracer overtreft. Dat is een kwestie van hoe de elastische waarden van zulke verschillende aandrijfsystemen in te schatten. Want op binnenwegen rijdt niemand de Yamaha in de hoogste versnelling met 60 km/u de bocht uit, maar schakel je al voor de bocht een versnelling lager dankzij de goed werkende antihopkoppeling. Aan de andere kant komt ook niemand op de gedachte de Honda in de manuele modus door het bochtenlabyrint te dwingen in de laatste, bijzonder lange versnelling. Tot zover de realiteitscheck ‘uit de praktijk’.
Hard geveerd
Daar hoort natuurlijk ook de sterk variërende kwaliteit van het wegdek bij, waarmee we geconfronteerd worden. Op de typische afwisseling van fijn vijfsterren- en robuust opgelapt Sauerland-asfalt is de uitbundig geprezen glorie van de Yamaha ineens niet meer zo vanzelfsprekend. Ondanks duidelijk langere veerwegen gedraagt de Tracer zich behoorlijk onbehaaglijk en reageert ze ongevoelig op het door het weer aangetaste ‘lappentapijt’.
De onrust komt voornamelijk van achteren; de schokdempers zijn te hard afgesteld en geven de rijder een duw in de rug. Het helpt ook niet dat je de schokdemper met het handige stelwiel probeert af te stellen.
De Honda glijdt met z’n weggerichte veerwegen van 120 millimeter voor en achter soepel en ontspannen over hobbels en gaten door het heuvellandschap. Door de comfortabele afstelling verliest de vering onder zware belasting een beetje voorspelbaarheid, maar de solide wegligging met z’n uitgesproken rechtuitstabiliteit zorgt ook voor veel vertrouwen in de bocht. Maar eventuele handlingvoordelen worden door de smalle 160-achterband tenietgedaan door de bijzonder stabiele geometrie van het frame met z’n lange wielbasis en veel naloop. Wat betreft wendbaarheid kan de logge NC de Tracer niet bijbenen.
Haperende verbinding
Maar wel bij het afremmen. De zwevende blokken mogen in vergelijking met de radiale remklauwen van de Yamaha vrij bescheiden overkomen, maar ze remmen op een zeer respectabel niveau. De remmen van de Tracer kunnen daar qua efficiëntie of gevoel niet tegenop, het drukpunt is te zacht, de werking te weinig direct.
Op de terugweg van de fotoshoot komen de toeristische voordelen van de motoren wat meer aan bod dan de dynamische kwaliteiten. De zon piept inmiddels nog maar half boven de horizon uit en de thermometer op de Honda-TFT geeft een eencijferige temperatuur aan. Voor de snelste weg naar huis heb ik mijn telefoon gekoppeld en laat ik de route via een pijltje aangeven – het werkt. Op de Yamaha was de Bluetooth-verbinding, inclusief geweldige kaartweergave via de Garmin StreetCross-app, tijdens de heenreis niet helemaal stabiel.
Gelukkig warmt de optionele handverwarming van de Honda mijn handen, terwijl de vingers van Thomas op de Yamaha standaard verwarmd worden. Ik mis naast de handbeschermers ook het met één hand verstelbare windscherm van de Tracer, dat niet alleen mij, maar zelfs lange mensen bijna volledig tegen weer en wind beschermt. Dat ik mijn rugzak nu op mijn rug moet dragen in plaats van ’m op te bergen in een van de twee zijkoffers stoort me op de terugweg minder. Een rugzak biedt net wat meer warmte op de rug en verhindert tocht langs de kraag.
Dat brengt me op de vraag: kan een NC nog worden opgewaardeerd naar het hoge uitrustingsniveau van de Tracer? En zo ja, wat kost dat dan? Thuis raadpleeg ik met de computer de configurator en ontdek dat je de Tracer verder kunt optuigen met een middenbok (€253), topkoffer (€230) en een verwarmd zadel (€454), maar dat Honda een langeafstandsvriendelijke cruisecontrol voor de NC750X niet in het programma heeft. In 2025 ontliepen de prijzen van beide motoren elkaar niet veel: 1.100 euro. Dat is voor 2026 beduidend anders. De Honda kost €10.899 en de Yamaha €13.199. Uniek voor de Honda is het DCT-systeem, waar Yamaha voor de Tracer 7 GT vanaf 2026 het geautomatiseerde Y-AMT tegenoverstelt voor €13.699.
Hoe leuk het vlotte uitje onder geweldige weersomstandigheden ook was, uiteindelijk bleven we toch nog met een teleurstelling zitten: nergens vonden we een ijspaleis om de zomer in stijl af te sluiten. In plaats daarvan was er cheesecake. Maar wat maakt het uit? Een gevoel van geluk houdt altijd langer stand dan likken aan een ijsje.
Honda NC750X.
1 van 9
Hoewel de vierweg-joystick klein lijkt, kan je het menu in het display zelfs met zomerhandschoenen nog vrij goed bedienen - ook 's nachts, want de schakelaar is verlicht.
Sinds dit jaar remt de NC750X vooraan met een dubbele schijfrem met zwevende klauwen, wat merkbaar zijn vruchten afwerpt.
Honda NC750X
Met de onder ‘Adventure’ iets misleidend ingedeelde NC750X onderbouwt Honda zijn imago: de straatgerichte crossover is ongelooflijk praktisch, uiterst efficiënt en vertoont geen zwakheden. Bovendien verbaast de Honda met een op hoog niveau functionerende dubbele koppeling, die bij geen enkele andere fabrikant verkrijgbaar is. Maar bij al die perfectie en comfort gaat ook een beetje de kick van het motorrijden verloren. Dynamisch gezien rijdt de NC750X ergens achteraan in het peloton. Maar wat de prijs betreft is de X een interessant aanbod voor motorrijders die er dagelijks gebruik van gaan maken. Wie inzet op het maken van reizen, moet enkele euro’s bijleggen en komt dan al snel in het vaarwater van de Yamaha Tracer 7 GT terecht.
Yamaha Tracer 7 GT.
1 van 9
Yamaha Tracer 7 GT
Na de uitgebreide vernieuwing slaat de duidelijk volwassener Tracer 7 GT met succes een brug tussen een goed uitgeruste reismotor en een dynamische bochtenkunstenaar. Dit dankt de Yamaha aan het karakteristieke CP2-blok, dat bijna alle rijstijlen beheerst, van laagtoerig glijden tot min of meer sportief knallen. Daarnaast is de Tracer van huis uit al met een zeer uitgebreide uitrusting uitstekend voorbereid op de dagelijkse praktijk en toeren. Maar het zal niet ieders favoriet zijn vanwege de wat sportieve en daardoor ongemakkelijke vering. Ongeacht dit biedt de Tracer veel motorfiets voor je euro’s.
Vergelijking: Honda NC 750 X DCT vs. Yamaha Tracer 7 GT
Nadat de Britse Hannah Meakin in 2016 voor het eerst van haar leven een bescheiden choppershow (inmiddels uitgegroeid tot de fameuze Hook Up) bezocht had, wist ze het zeker: ‘Vanaf nu gaan choppers een deel van mijn leven zijn!’ Hoe het verder ging, vertelt ze hier zelf…
Hoewel echt iedereen het me sterk afgeraden had verchopperde ik na die show mijn eerste motor, een Suzuki Maurauder 125, bij een vriend van me in zijn garage. Het voelde meteen goed en ik begon daarna met het verzamelen van onderdelen voor een toekomstige grote chopper. Mijn eerste onderdeel was een Wessel tank.
JAREN 70
De Shovel kwam in mijn leven op 1 januari 2021. Op Nieuwjaarsavond had mijn partner James, (terwijl hij op de wc zat…), op eBay een prachtige, dikke, fel oranje 1977-er Shovelhead gevonden. Het zal liefde op het eerste gezicht zijn geweest want op Nieuwjaarsdag reden we naar Telford om de motor op te halen. In de jaren daarna reed ik de motor vrijwel standaard, zoals ik hem gekocht had. Ik wilde zeker weten dat het blok betrouwbaar was en de motor goed leren kennen. Hoewel ik er meet veel plezier op reed, zat het plan om hem tot chopper om te bouwen altijd al in mijn achterhoofd. In 2023 begonnen James en ik met ons project. Voor mij stond al vast dat we voor de klassieke jaren 70 stijl chopper zouden gaan: lange voorvork, 21 inch voorwiel en een hoge sissy bar.
1 van 8
STRIJDKNOTS
Die sissy bar, daar hebben we veel tijd aan besteed. Ik speelde met het idee om iets met een bal aan een ketting te doen, maar had eerst nog geen beeld van wat het nou moest gaan worden. James en ik hadden het al uitvoerig overlegd zonder enig resultaat tot ik een stuk gedraaid metaal zag liggen in onze werkplaats. Het was een rest van een stuk dat James een jaar eerder voor de sissybar van zijn chopper had gebruikt. ‘Dat zou het touw van een strijdknots kunnen zijn’, dacht ik. We kochten een holle metalen bal en gingen aan de slag met rvs studs zoals ik die in mijn schooltijd -toen heel cool- op mijn riem had. Uiteindelijk ben ik heel tevreden met het resultaat. Nadat we de sissybar complete hadden kon hij volledig verchroomd worden waardoor het ook meteen veel meer een geheel werd.
ZADEL
Nadat we de sissy, het achterspatbord en de olietank hadden gemonteerd, begon ik aan het zadel. Ik maakte eerst een kartonnen mal die ik daarna uit plaatmetaal sneed. James had een houten blok gemaakt in de vorm van mijn achterspatbord, zodat ik het metaal eroverheen kon hameren en het perfect op mijn spatbord zou aansluiten. Het kostte wat tijd om dit goed te krijgen, maar het werkte geweldig. Toen ik tevreden was met de vorm en de bevestigingen, ging de zadelbasis naar Margate om door Baz bekleed te worden en hij heeft fantastisch werk geleverd.
Voor de kleur wist ik dat het sowieso iets anders dan zwart moest zijn. Mijn woon-werk bike is een zwarte 883 Sportster, dus ik wilde iets heel anders. Nu heb ik altijd al een zwak gehad voor de combinatie van rood en roze. Het zou eigenlijk helemaal niet moeten werken, maar voor mij is het juist perfect. Ik heb me ook laten inspireren door kunstenaars zoals Linda van Creepy Gals, die bijna uitsluitend met deze kleurcombinatie werkt. Het contrast van de kleuren met het frisse chroom en het zwart van de motor vond ik ook mooi. Ik heb veel tijd doorgebracht met de dames van de plaatselijke autospuiterij om verschillende tinten roze en rood te mengen voordat ik uiteindelijk de juiste combinatie had gevonden. Na uren en uren plamuren en schuren, en nog eens plamuren en schuren, was alles eindelijk klaar om te spuiten (godzijdank!). James en ik brachten een paar avonden door bij een plaatselijk bedrijf dat zo vriendelijk was ons hun spuitcabine te lenen. Ik had nog een oude Sportster-tank liggen waar we eerst op oefenden, aangezien deze paintjob voor ons beiden de eerste keer was. Nadat de roze laag was aangebracht, ben ik aan de vlammen begonnen. Ik heb een paar dagen besteed aan het perfectioneren van het patroon voordat ik de rode laag aanbracht. Daarna heb ik mijn airbrush gebruikt om zilveren details aan te brengen.
PUNTERS PICK
Nadat de motor klaar was, maakten James en ik een trip naar Zuid-Frankrijk en besloten we de motoren mee te nemen. We hebben twee weken langs de Côte d’Azur gereden, wat, gezien het feit dat mijn motor nog maar net klaar was, een behoorlijke testrit was! Gelukkig geen pechgevallen meegemaakt! Ik had ook het geluk om wat later de ‘Punters Pick’-prijs te winnen bij de Early Hook Up. Een mooi moment, waar ik ontzettend dankbaar voor ben en waarmee de cirkel voor mij persoonlijk op een geweldig mooie manier weer rond is.
Tekst: Hannah Meakin Fotografie: Del Hickey
SPECIFICATIES PINK & RED SHOVELCHOPPER
Categorie
Details
Eigenaar
Hannah Meakin
Bouwer
Hannah Meakin en James Bull
Basis
Harley-Davidson FLH Shovelhead, 1977
Motorblok
Type
Luchtgekoelde 45 graden V twin
Carburatie
Standaard CV carburateur
Luchtfilter
Custom door Jicaya Machine Shop
Primair
Ketting
Transmissie
Standaard Harley-Davidson (4 versnellingen)
Uitlaatsysteem
Aftermarket fishtails met squish pipe
Rijwielgedeelte
Frame
Standaard Harley-Davidson met Craig House hardtail kit
Net als olie in je blok zorgen cookies ervoor dat alles soepel loopt. We gebruiken ze om de website goed te laten werken en je de beste ervaring te bieden. Door verder te gaan, geef je toestemming voor het gebruik van cookies.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.