Ad van de Wiel: Ridders van de open knalpot

Laten we een spelletje spelen. Niemand kan de discussie in de media over lawaaimotoren zijn ontgaan. Dagbladen staan vol ingezonden brieven. Schrijfsels die bol staan van de verontwaardiging over decibel brakende motorrijders die het voor alles en iedereen verpesten. Uit welk medium komt volgens jou het volgende stukje tekst dat een lans voor motorrijders breekt?

‘Ook een uitzondering is – gelukkig! – het opnemende van kwaadaardige stukjes in dagbladen over motorfietsen en hun berijders. Zeker, er zijn nog enkele ridders van de open knalpot, maar dit zijn er steeds minder en bij de goede soort motorrijders zijn ze niet welkom. Dat een krant zonder enig commentaar een stukje opneemt, waarin alle motorfietsen als ‘duivelse brouwsels’ en ‘rustverscheurders’ uitgekreten worden, terwijl de schrijver hun berijders voorstelt als ‘de motormonsters’, die ‘de donder uit hun vurige bliksem jagen’, gaat toch een heel stuk te ver!’

Herman Brusselmans: Het einde van de twijfel

Deze heerlijke poëzie komt uit Weekblad MOTOR. Dat is niet zo spannend, wel het jaar waarin het te lezen viel: 1949. Het lawaaivraagstuk is dus van alle tijden en zeker niet exclusief voorbehouden aan tijden van pandemie. Motorrijders kregen in de loop der jaren bovendien ‘iets’ meer luisterend publiek. In 1949 had Nederland tien miljoen inwoners, het zijn er nu zeven miljoen meer. Bovendien hebben we tegenwoordig tienduizend manieren om onze mening te ventileren en dat gebeurt dan ook grif.

Voor- en tegenstanders ruziën dus al zeventig jaar over lawaaipijpen en we zijn nog geen stap verder. Toch zegt iets in me dat het binnenkort gebeurd kan zijn met lawaaipapagaaimotoren. Het ontbreekt de politie nog aan capaciteit, maar er is een breed maatschappelijk draagvlak om herriemakers aan te pakken. Het is een kwestie van tijd voordat het – net als in Duitsland – gaat gebeuren.

Is dat erg? Van het geluid van een klassieke driecilinder, V-twin of boxer die ongedempt het rechte eind van het circuit van Chimay opknalt, kan ik oprecht genieten. Een peloton Moto3-, Moto2- of MotoGP-motoren is goed voor kippenvel. Laat diezelfde ongedempte triple, V-twin of boxer echter langs mijn voordeur rijden en ik vervloek de ‘ridder van de open knalpot’ in het zadel. Vroeger niet hoor. Toen vond ik ‘duivelse brouwsels’ net zo schitterend op de openbare weg als op het circuit. De brave burgerman waart tegenwoordig blijkbaar in mij rond, want op straat vind ik het niet meer kunnen. Alle ingezonden brieven bewijzen dat ik niet de enige ben.

In het kader van ‘Choose your battle’ maak ik me wel sterk voor circuits. Het lijkt me vreselijk als we daar ook alleen naar fluisterbrommers moeten luisteren. Nooit meer kippenvel als coureurs ‘de donder uit hun vurige bliksem jagen’. Vreselijk, daar moet een mens toch niet denken.

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.

Ik meld me hierbij aan voor de volgende mailinglijsten:




Vul een geldig emailadres in
Dat adres bestaat al in ons bestand
The security code entered was incorrect
Dank voor je aanmelding

Gerelateerd

REAGEER OP DIT ARTIKEL

Reacties

  • Tommy 07/07/2020 at 13:56

    Een motor met minimaal 1000 cc mag legaal voorzien zijn van een uitlaatsysteem wat 106 DB produceert bij 4000 toeren. Plus 2 DB marge. En bij meer toeren mag het nog oplopen, bijvoorbeeld een Hayabusa haalt makkelijk meer dan 8000 toeren.

    Tegenwoordig zijn de geluidsnormen op het circuit zelfs al stukken strenger dan die voor de openbare weg.

    De meeste motorrijders willen niet eens zoveel geluid maken, maar de enkeling die dat wel wil, mag het en zorgt er daarmee voor dat er nu steeds meer rijverboden komen voor motoren op mooie wegen.

    Is het mogelijk een idee om de geluidsnormen vanuit de motorsport ook door te trekken naar de openbare weg?

    Dit voorkomt rijverboden en de goedwillende rijders zullen hier met hun originele uitlaatsystemen nooit iets van merken.

    Antwoord