dinsdag 27 februari 2024

Toerisme Sierra Nevada: Zo ver, zo goed

Toerisme Sierra Nevada. In de hoogste bergen van het Iberische schiereiland is de hemel dichtbij, de dichtgebouwde Costa del Sol aan de Middellandse Zee lijkt ver weg. Als je niet tegen de verre reis naar Spanje op ziet, kun je hier in het besneeuwde gebergte van een bochtenparadijs genieten.

68 E 5. Wat hebben deze coördinaten mijn fantasie en reislust ooit gevoed. Lang geleden, toen je op school in de Diercke-atlas met alleen je wijsvinger en je verbeelding al op reis kon gaan. Juist omdat de Sierra Nevada op pagina 68 – niet te verwarren met de Californische collega op pagina 134 G 7 – in het echte leven onbereikbaar was. Op zijn best sleepten je ouders je mee op een all-inclusive vakantie naar Torromolinos of Malaga aan de Costa del Sol, in de tijd dat de R90S bij BMW het vlaggenschip van de modelrange was.

En nu? Nu zijn we onderweg met een gepimpte R1200GS Rallye met een volledig afgevinkte optielijst. We doorkruisen het Zwarte Woud al begin mei en stoten via Frankrijk door naar de Spaanse Middellandse Zeekust. Met een lege snelweg en cruisecontrole kun je daar in die periode zelfs nog 27 kilometer met losse handen rijden. Dan een flinke schok vlak voor Valencia: 36 euro tol. Slik. Ook in Mojácar-Playa, waar hotels en appartementen woekeren als kankergezwellen, kun je het beste geen oude koeien uit de sloot halen. En wie zich ergert aan de langs de kust uitdijende, 350 vierkante kilometer bestrijkende kassen – meestal labiele constructies uit banen stof en plastic, waaronder uitbuiting en slavernij welig tieren – die moet zijn groente en fruit voortaan alleen uit lokale productie of met een Fairtrade-label kopen.

Nu komen we eindelijk bij de zonnige kant van het leven. Het is alsof de AL 5105 bij Sopalmo bestaat uit aan elkaar geregen bochten van een Faller-speelgoedracebaan. Het lichtgrijze asfaltlint slingert tussen de turquoise zee en de groen-bruine cactuskoloniën naar het zuiden. Dan voert hij ons met wat zigzag-bochten naar Cabo de Gata. Fantastisch. Een lang, ongerept zandstrand met enkele bootjes erop, die met een handlier aan land zijn getrokken; sommige zijn schilderachtig rot. Ze komen waarschijnlijk uit het tijdperk van de BMW/6-serie. Met de GS Rallye rijd ik nog een laatste, ‘special stage’ omhoog tot aan de vuurtoren bij Faro de Gata. Een spannend duel om het laatste licht voor een fraaie foto, een duel tussen 125 watergekoelde paardenkrachten van de bergop stormende R1200GS en de onherroepelijk in de zee zakkende zonnebal, en dan terug naar het strand, waar het familiehotel Las Salinas niets te wensen overlaat. De keuken serveert borden met kunstig gedrapeerde calamares.

Van Bologna naar de Poolcirkel en terug

Spaghettiwesterns

De volgende dag verschijnen de bergtoppen aan de horizon, zo oogverblindend wit als de shirts van Ronaldo en Co. Sneeuw? We zullen zien. We nemen de komende dagen – tijdens de slalom door de provinciehoofdstad Almeria – afscheid van rode stoplichten en andere hindernissen, geven de caballo’s de sporen en rijden vervolgens diep de ruige Sierra de los Filabres in. We komen langs Tabernas, waar veel zogenaamde ‘spaghettiwesterns’ zijn gefilmd, van ‘A Fistful of Dollars’ tot ‘One Upon a Time in the West’. De decors met de saloon en de galg staan er nog steeds en kunnen worden bekeken in westerndorpjes, zoals de Mini Hollywood Oasys of Western Leone, inclusief een show met buskruitrook en trappelende paarden. Maar daarvoor hebben we onze ijzeren paarden niet opgezadeld. We rijden dus zelf lekker over de prairie. Vooral omdat het arendsoog het volgende doelwit al heeft gespot: een UFO – we veranderen snel van genre – die op de top van de bergen lijkt te zijn geland.

Van Gérgal rijden we over de A 1178 en AL 4404, en krijgen zo een voorproefje van alle achtbanen die Andalusië verder nog voor ons in petto heeft. Het gebied is eenzaam en leeg. Des te groter is de verbazing als om de bocht ineens een oranje monster nadert, dat grote witte brokken uit zijn stalen mond laat vallen. Een sneeuwploeg. Dat kan nog leuk worden! En dat blijkt te kloppen. In een wit winterlandschap, onder een blauw firmament, bereiken we de zogenaamde ‘UFO’s’ over een schoon geschoven weg. Het is het Centro Observatorio Astronómico op de 2.168 meter hoge Calar Alto, het grootste observatorium van Europa, bestaande uit vijf koepels met spiegeltelescopen. De ronde gestalten doen op de een of andere manier denken aan verrassingseieren. Ze gaan, net als de bloemen van de engelentrompet, alleen ’s nachts open om het heelal te observeren. Daaraan kunnen trouwens ook geïnteresseerde bezoekers op bepaalde data deelnemen.

De gaskleppen gaan om de seconde open en dicht tijdens de bijna eindeloze slingerweg van Calar Alto bergafwaarts naar Las Alcubillas Altas, vergezeld van een oneindige grijns op het gezicht richting Gador over de AL 3407, die is omzoomd met gaspeldoorn en kromme coniferen. En dan elke keer vol ongeloof de vraag: Zijn deze wegen speciaal voor ons aangelegd? Maar dat is blijkbaar niet het geval, want men heeft het de moeite waard gevonden om er een benzinestation neer te zetten, zoals we bij Canjayar tot ons genoegen ontdekken. Uit een luidspreker buiten brullen hits van radio 105,60 je om je oren, binnen zijn er behalve snacks en drankjes ook enorme hammen te koop voor zeventig euro. Een behoorlijk origineel souvenir, dat de aluminium koffers nog niet eerder konden verwelkomen.

Versteende Shar Pei

De ESA is al lang van ‘toer’ naar ‘sport’ gezet, de dynamische modus is eveneens ingeschakeld. Chagrijnig en gespierd baant de bokser zich een weg door de Alpujarras op de zuidelijke hellingen van de Sierra Nevada, een landschap dat wordt gekenmerkt door löss-heuvels en diepe dalen die eruitzien als de vacht van een versteende Shar Pei, een Chinese rimpelhond. In het midden lopen van oost naar west twee parallel lopende scheurroutes. Het woord parallel moet je hier natuurlijk met een korreltje zout nemen. na een sappige serpentine-cocktail tot Mulhacén,. Wat stellen de 37 mijl van Snaefell Mountain Course op het eiland Man dan nog voor? Ten noorden van de ‘geelgroene’ A 348 – en niet zo gevaarlijk voor je rijbewijs – ligt de alternatieve ‘witgroene’ route, in het landschap getekend als door een kind dat voor het eerst probeert te schilderen. Een blik op de kaart zegt meer dan duizend woorden uitleg. En iets over trip 1, waarbij we vandaag niet alleen uitbundig met gas en remmen hebben gespeeld, maar ook het Hotel rural Finca los Llanos in Capileira hebben bereikt, dat voor twee nachten is geboekt: 315 kilometer.

Was het vroeger mogelijk om met lichte enduro-motoren van Capileira naar Mulhacén te rijden, nu kan dat alleen nog te voet. Wij zetten onze Daytona-laarzen echter liever op de gekartelde voetsteunen van onze motorfietsen, want ook op bergen die lager zijn dan de met 3.480 meter hoogste berg van Spanje – alleen overtroffen door de Teide op Tenerife – overspoelt de Sierra Nevada de hersenen met dopamine als beloning voor de lange reis.

De witte huizen van Capileira en Bubion, van Pampaneira en andere dorpen, zien eruit als suikerklontjes die zich vastklampen aan de bergflanken, alsof er geen zwaartekracht is.

Ark van Noah

Het fijn vertakte routenetwerk stuurt de dagelijkse planning door al zijn alternatieven steeds weer in de war, vooral omdat tussen de twee hoofdroutes door de Alpujarras diverse net zo bochtige verbindingswegen zijn. Niet bepaald iets voor café-racers, want vanwege het gebrek aan pauzeplekken is een goed gevulde tanktas wel aan te raden. Als je jouw navigatiesysteem of je analoge roadbook met de route wilt voeden: Pampaneira, Orgiva, Almegíjar, Notáez, A 345, GR 5202, GR 6202 en dan de in een rafelig dal liggende Benínar-dam. Die laatste zou een prachtig decor voor een remake van ‘The Treasure im Silbersee’ zijn, zelfs als edelmetaal er slechts op onze motorfietsen te vinden is.

Na alle priegelige bochten volgt er een weidsere pas, over de 2.000 meter hoge Puerto de la Ragua en langs het kasteel van La Calahorra. Dat troont als de Ark van Noah – of net zo massief en stabiel zoals het rijwielgedeelte van de GS – op een heuvel boven het dorp uit, na Guadix. Omdat het buiten al donker begint te worden, skippen we een bezoek aan de lokale Barrio de las Cuevas, waar grotwoningen zijn uitgegraven in de löss. Op de GR 3201 en voorbij Granada gaan we dus weer in competitie met de planeet om tijdig terug te keren naar Bubion en Capileira. Hun huiselijke, gele lichten begroeten ons uiteindelijk als een zwerm vuurvliegjes, met vandaag 325 kilometer op de tripmeter.

Serrano-specialiteiten

De volgende en laatste dag in de Sierra Nevada worden het iets minder kilometers. Waarin we ons, in een variatie op het door een wandelgroep gebezigde motto ‘Omring je altijd met aardige mensen’, voornamelijk omringen met mooi glooiend terrein. Dat leidt tot een soort tweede ontbijt in het hamdorp Trevélez. Overal staat ‘Jamón, Jamón’, terwijl je naar een bakker – voor de basis voor de geadverteerde varkensproducten – moet zoeken tot je een ons weegt. Maar eigenlijk zijn wegen – waar de hammen van de berijder dankzij het aangepaste GS-zadel ook goed gerijpt zijn – onze groenten. De aluminium koffers moeten het dus ook hier zonder de geur van lucht-gedroogde Serrano-specialiteiten doen. In plaats daarvan koersen we via Nieles en Timar, A 346 en Motril om nogmaals de lucht van de Middellandse Zee op te snuiven. Om die na een vluchtig bezoek bij Almuñécar alweer achter ons te laten; Op het eerste gezicht is de Rallye hier het enige dat mooi blauw is, want hier aan de ietwat eufemistisch ‘Costa Tropical’ gedoopte kust overheerst het beton. Tot aan de afslag naar Otívar.

De 5 mooiste provincieroutes door België

Doorademen en opschakelen, Stairway to Heaven. Eerst zonnen citroenen en abrikozen op de vruchtbare hellingen van de Rio Verde, daarna kerft de A 4050 zich een weg door de Sierra del Chaparral en de Sierra del Albuñuelas, waardoor de schouders van de banden behoorlijk heet worden. Twee uur later kunnen ze afkoelen, na een sappige serpentine-cocktail tot Mulhacén, nu vanuit Granada. Het display meldt dat het, 2.500 meter boven de zeespiegel in het wintersportresort Pradollano, slechts 2 graden Celsius is. Daar gaat het wit van de wolken naadloos over in het wit van de bergen, je kunt nauwelijks zien naar welk van de twee je kijkt. Het is ook niet te zien waar de naastgelegen Pico Veleta verscholen ligt. Met 3.384 meter is dit het hoogst berijdbare punt van Europa. Dat mag tegenwoordig echter alleen met een speciale vergunning of een minibus. Het Sierra Nevada-gebergte is sinds 1989 een nationaal park met bijbehorende regels voor natuurgebieden.

Alhambra

Dan komen we bij Granada. We rijden met de motoren tot in het centrum van de oude Moorse koningsstad, die zich kenmerkt door een turbulente geschiedenis en een bruisend heden. Daar vind je ook het Alhambra, een prachtig voorbeeld van islamitische architectuur. Dat willen we in de vroege avond gewoon even ‘meenemen’. Hoe naïef. Zonder een vooraf online gereserveerd ticket krijg je het deksel op de neus wanneer je het meest bezochte monument in Spanje wil bezoeken. De beschikbare tickets zijn beperkt, de tijd-intervallen precies getimed. Privévoertuigen moeten een beetje buiten de gebaande paden worden geparkeerd. En hoe overweldigend de binnenkant van de ‘Rode Vesting’ ook mag zijn: als je van buitenaf dichterbij probeert te komen, lijkt het gigantische complex, dat achter veel groen verborgen ligt, niet echt spectaculair of uitnodigend. Het is bovendien niet ideaal voor motorrijders in vol ornaat. Dat ornaat kunnen we even later na wat kleine, onbedoelde omzwervingen, eindelijk uittrekken in het hotel Abba. Onder een gezellige, nachtelijke hemel voor het restaurant La Oficina aan de Avenida de la Constitucion en trekken we met heerlijke Pulpo Braseado voor de neus onze conclusie: we zouden graag nog eens terugkeren naar de Sierra Nevada en een tweede poging wagen bij het Alhambra, maar alleen met een kaartje en dan te voet met een vooraf verkende stadsplattegrond.

Reisinformatie

Hoge bergen vlak bij de zee zijn altijd fascinerend. Dat geldt dus voor het gebied tussen Almeria en Granada in de Sierra Nevada rond de Mulhacén, met 3.483 meter de hoogste top van het Spaanse vasteland. De kronkelende bergweggetjes zijn echter duizend keer aantrekkelijker voor motorrijders dan de kust, die wordt gedomineerd door kassenkolonies en kastelen.

Heenreis

Vanuit, bijvoorbeeld, Rotterdam is het een flinke 2.250 kilometer naar Almería: ofwel via Parijs, Biarritz en Madrid, ofwel via Parijs, Clermont-Ferrand, Barcelona en Valencia. Dat is hoe dan ook een grote afstand, waarbij op de Franse en Spaanse snelwegen nog steeds een behoorlijk hoge tol wordt geheven. Als je de tijd hebt, kun je in plaats daarvan genieten van een fraaie secundaire rit dwars door het hele land; als je geen tijd hebt of voor comfort gaat, kun je naar Almeria of Malaga vliegen en daar een motorfiets huren. Als alternatief kan je jouw eigen motor – eventueel in samenwerking met een touroperator – ook met collectieve transporten naar het zuiden laten brengen. Het feit dat er in Andalusië, ten westen van de Sierra Nevada, nog meer ‘achtbanen’ verscholen liggen, bijvoorbeeld in Ronda, maakt de regio ondanks de afstand nog aantrekkelijker.

Reistijd

Begin mei is het lenteachtig warm, alleen hoog in de bergen kan de temperatuur naar enkele cijfers dalen. In de zomer loop je aan de kust het risico op een hittegolf, tot laat in de herfst zijn de temperaturen weer ideaal voor motorrijders. Als je op eigen gelegenheid uit het noorden komt: onderweg kan het weer natuurlijk ook heel anders zijn.

Logies

* Het fraaie Hotel las Salinas aan de Capo de Gata ten zuidwesten van Almeria scoort met een prachtig zandstrand voor de deur. Tel: 00-34-950370103.

* Midden in de ruige Alpujarras vind je in het ‘suikerklontjesdorp’ Capileira aan de voet van de Mulhacén het Hotel rural Finca los Llanos, tel: 00-34-958763071, www.hotelfincalosllanos.com.

* Op loopafstand van het Alhambra in Granada ligt het functionele Abba Granada Hotel, tel: 00-34-958807807.

Handige websites

Download de route

Redactie
Redactie
De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73 en Promotor. Redacteuren Marien Cahuzak, Jan Kruithof, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Stay tuned

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en mis nooit het laatste nieuws! Onze nieuwsbrief wordt iedere week op dinsdag (bij veel nieuws) en donderdag verstuurd.


Gerelateerde artikelen