woensdag 28 februari 2024

Toertocht Nederland: het Aanzicht van Twente

Twente lijkt op oude ansichtkaarten een mooie bestemming voor een motortocht. Maar wat is er anno 2024 over van de charme van die nostalgische plaatjes? Michiel van Dam en Wim Schoute gingen op onderzoek uit met een stapeltje prentbriefkaarten in de tanktas. Wonderlijk wat je allemaal dankzij een oude ansichtkaart te weten komt.

We overnachten in Twentse stijl. De Hoestinkhof is een verzameling typisch Twentse boerdengebouwen die allemaal zijn voorzien van een rieten dak. Ook het uitzicht is prachtig. Onze blik zweeft over zacht glooiende akkers en weilanden, met markante boomrijen erop. B&B-boerderijmevrouw Diana Bokkinga vertelt ons daarover als ze het ontbijt serveert. ‘Die rijen hoge bomen markeren de voormalige kerkpaden. Waar die bij de Hoestinkhof samenkomen lag vroeger een Joodse begraafplaats. Alle geloven waren hier in Twente vertegenwoordigd.’

Ook de cliëntele van Hoestinkhof is divers, al zijn pensionados met fietsen in de meerderheid. Maar de gemotoriseerde minderheid hoort er ook gewoon bij, daar doet niemand moeilijk over.

Pluk wilde bomen

Na het ontbijt starten we de motor en rijden de provinciale weg N754 op, die slingert tussen de landerijen met pachtboerderijen die vroeger behoorden tot het landgoed Weldam.

Oud en authentiek is Stokkum, een mooie boerenplaats met veel kinderkopjes in plaats van asfalt. Ter plekke loont een korte pauze de moeite om het informatiebord te bestuderen. Want uit de tekst daarop blijkt dat de plaatselijke heuvels niet door de gletsjers zijn opgeworpen, maar door mensenhand. De Twentse ‘es’ is het resultaat van eeuwenlange boerennijverheid. In de tijden voor de kunstmest werden hier veenplaggen afgestoken, die ’s nachts in de schaapskooien werden gelegd zodat ze lekker vol mest raakten. Overdag gingen die plaggen dan het land op, jaar na jaar, eeuw na eeuw. Zo zijn hier dus de verhogingen in het landschap ontstaan.

Rechtlijnig mag soms wel het landschap lijken, door de strenge agrarische lijnen, maar altijd staat er wel weer een vrolijk accent in om de monotonie te doorbreken. Een pluk wilde bomen hier, een weerbarstig begroeid heuveltje daar: het zijn de details die het ‘m doen. De Meenweg slingert wat door dat landschap en spoort dan parallel een stukje met het Twentekanaal op. Een groene tunnel voert naar de brug over het kanaal, aan de overzijde gaan we kijken bij kasteel Weldam, want de bovenste kaart van het stapeltje in de tanktas toont een ‘Landschap bij Kasteel Weldam’. Een stukje verderop langs de Oude Goorseweg schuift naast het bruggetje over de Regge het vergeelde tweedimensionele beeld van toen moeiteloos over de kleurrijke driedimensionale werkelijkheid van nu.

Toerisme Nederland: pontjesroute langs de Maas

Prachtplaatjes

In Diepenheim rijden we over nostalgische kinderkopjes. Het rammelt wel wat, maar ze mochten in Ouagadougou willen dat ze er zulke wegen hadden. Bij Huize Warmelo mogen van de kasteelvrouwe ondanks het inrijverbod even het pad op om een foto te maken met de motor voor de entree van het monumentale pand, dat nog net zo fraai oogt als op de briefkaart in de tanktas. De mevrouw maakt graag een foto van onze oude prentbriefkaart met haar smartphone.

Ook bij Delden Twickel mogen we op de motor eigenlijk de kasteelweg niet in, maar we doen het voorzichtig aan toch; de motor moet samen met huize Twickel op de foto. Niemand die zich daaraan stoort, ook het echtpaar niet dat op de fiets langskomt. Samen ontcijferen we het kriebelhandschrift achterop de kaart. ‘Beste Kees en Ali. Het is hier zeldzaam mooi. We hebben een mooie kamer en het eten is wel bijzonder goed. Alles tezamen hebben we dus wel een zeer aangenaam verblijf.’ Daarna maken we ook een foto van het echtpaar met hun fietsen voor de ophaalbrug. Die sturen ze meteen naar huis, want zo gaat dat tegenwoordig. Vandaag een appje, vroeger moest je een ansichtkaart kopen die met een postzegel van 5 cent frankeren en er een tekst op krabbelen. ‘Hoe gaat het met u? Met ons gaat het goed.’

Na Delden rijden we een lang stuk door bos, maar we zoeken tevergeefs naar een beeld dat overeenkomt met de prentbriefkaart ‘Delden Lange Laan’. Die zwartwitbomen daarop zijn natuurlijk ook verder gegroeid sinds het poststempel uit 1944 en de weg is inmiddels geasfalteerd. In Bad Boekelo lukt het niet om de ‘Zee op de Heide’ op de ansichtkaart te fotograferen bij het voormalige badhotel. Was dat het huidige resort, waar de toegang zonder reservering verboden is? Die kaart met de tekst ‘BAD BOEKELO (tel. 217) o.a. Medische Inrichting voor Rheuma enz.’ hebben we dus voor niks meegenomen. Maar we zien onderweg ook prachtplaatjes waar we dan weer géén ansichtkaart van hebben. Zoals de zouttoren aan het stoomtreinstationnetje van Boekelo, waarin de VVV zit.

Zo’n zouttoren is tegenwoordig eigenlijk een industrieel monument, want de zoutwinning vindt nu plaats met lagere, verplaatsbare zouthuisjes die overal in het Twentse landschap staan. Ongeveer 260 miljoen jaar bedekte de tropische Zechsteinsee Noordwest-Europa. Het zeewater verdampte en een dikke zoutlaag bleef achter, die in de loop der eeuwen werd bedekt door honderden meters dikke sedimentlagen. In 1886 ontdekten ze op zoek naar schoon drinkwater de zoutkorst in de grond bij Boekelo. Tot 1919 haalden we het zout uit Duitsland, maar door de Eerste Wereldoorlog ontstond de noodzaak om zout uit onze eigen Nederlandse bodem te tappen. En zo kwam dus de zouttoren van Boekelo in beeld.

Ordinaire grenskoopgoot

Klik zegt de iPhone en luttele seconden later weet de hele wereld waar de heren Van Dam en Schoute zich op dat moment bevinden. Dat lukte vroeger niet met een ansichtkaart. Maar zal zo’n bericht over vijftig of honderd jaar nog te vinden zijn? Wim en ik struinden internet af op ansichtkaarten uit Twente en konden zo onze route uitstippelen aan hand van in papier gegoten herinneringen. Zo pompten we waypoints in de routeplanner en zo kwam ons Aanzicht van Twente tot stand. Zonder die op internet gekochte, oude ansichtkaarten waren we bijvoorbeeld nooit in Buurse gekomen. Terwijl daar naast kerk en waterpomp een heel gezellig terras op motorrijders ligt te wachten. Uitspanning Winkelman heeft ook een sticker op de ruit geplakt: ‘Hier nemen we de tijd. Tijd zat in Twente’.

’s Lands eer, ’s lands wijs: we bestellen een consumptie en bekijken op ons gemak de ‘R.K. Kerk te Buurse’ die ook weinig lijkt te zijn veranderd sinds ‘afz Ali’ in 1958 een postkaart stuurde aan ‘mevr de P te Overveen’, met wel een postzegel van 4 cent erop, maar geen verdere boodschap. Markant detail: de kaart werd uitgegeven door ’t Twentse Ros, Café H. Winkelman, Buurse… alsof ze toen al voelden dat wij daardoor in 2024 op hun terras voor klandizie zouden zorgen.

Vanuit Buurse rijden we een stukje door Duitsland naar de volgende briefkaart met een ingekleurde afbeelding van een trammetje langs een kloosterachtig geheel naast de met bomen omzoomde Rijksweg van Glanerbrug. Helaas is er, eenmaal weer op Nederlandse bodem, van dat idyllische plaatje niets meer terug te vinden. De Gronausestraat is een ordinaire grenskoopgoot geworden die we het liefste maar zo snel mogelijk achter ons laten. Gelukkig laat de volgende etappe, scherend langs de grens met Duitsland, de olie in het motorblok en het bloed in de aderen weer sneller stromen.

Friese turfstekers

Richting Denekamp ligt er namelijk weer een onvervalst fraai stukje Twente voor de wielen. Bos, cultuurland, bochten en hier en daar een dorpje wisselen elkaar in ondertussen vertrouwde Twentse viertakt af. De Denekamperdijk volgt nog net niet het aantal bochten van het ernaast gelegen riviertje de Dinkel, maar vanuit het zadel lijkt het weinig te schelen. Zo bereiken we opperste best geluimd het plaatsje Singraven, waar we de, na een even kortstondig als illegaal heen-en-weer op de oprijlaan ten behoeve van een foto het ansichtkaartobject ‘Watermolen van Singraven bij Denekamp’ bereiken. Poststempel uit 1947, de zegel beeldde en profiel een Nederlandse vorstin uit, maar die kostte ondertussen wel zeven-en-een-halve cent.

Naast de watermolen strijken we weer neer op een terrasje. Hier is helaas geen fietsechtpaar aanwezig om de kriegelletters op de kaart te helpen ontcijferen, maar dat is geen bezwaar. Want de molen is op moderne wijze verluchtigd met een expositie waarin onder andere dramatische schilderijen van de molen worden getoond, in de 17de eeuw geschilderd door Meindert Hobbema. Al eeuwen voor Tik-Tak-Tok, Feestbroek en andere digitale media maakten landschapsschilders er ook een potje van, als het erop aankwam de werkelijkheid zo getrouw mogelijk weer te geven.

De Dinkel is een van de meest bochtige riviertjes van Nederland, maar helaas heeft Rijkwaterstaat op onze volgende etappe geen weg langs de oevers daarvan gelegd. Net als de Napoleonsweg tussen Oldenzaal en Denekamp is ook de weg die ons langs landgoed Singraven naar Ootmarsum brengt lang niet zo bochtig als Dinkel. In het toeristische vestingstadje Ootmarsum zijn in de Marktstraat de gevels op de ansichtkaart nog duidelijk te herkennen.

Toerisme Nederland: FoodRoute door Noord-Brabant

Richting Almelo voert onze route langs de Kuiperberg, ieder weiland lijkt hier wel een eigen hellingspercentage te hebben. Ver weg en dichtbij staan bomen en daartussen stromen watertjes zoals de Hazelbeek waarachter onze ansichtmolen ‘De Mast’ bij Vasse er nog net zo bij staat als op de prent uit 1960. Als gebouwen niet zijn gesloopt, bieden ze voor ansichtspoorzoekers een beter houvast dan landschapselementen. Het Geboortehuis van Dr. Schaepman in Tubbergen, het Gemeentehuis en het hoekhuis achter de Kanaalbrug in Vriezenveen en de Nassaustraat met Chr. U.L.O in Vroomshoop zijn duidelijk herkenbare waypoints op onze Aanzicht van Twente-toer. In het Gemeentehuis van Vriezenveen zit tegenwoordig het Historisch Museum, waar we leren over de komst van Friese tufstekers en boeren hier in Twente, in de 14de en 15de eeuw gevlucht voor het water. Maar in Vriezenveen kregen ze te maken met verwoestende branden die het dorp in de as legden. Wonderlijk wat je allemaal dankzij een oude ansichtkaart te weten komt.

Vol paling

De afbeeldingen op de kaarten ‘Ingang van het dorp van Hellendoorn’ en ‘Grotestraat in Nijverdal’ komen niet meer met de werkelijkheid overeen, maar bij de ‘Brug over de Regge bij Enter’ spiegelt de karakteristieke witte gevel nog steeds in het water. Een passerende fietsmevrouw weet te melden dat daar vroeger postbode De Poorte woonde. Ook horen we van haar dat de Regge vroeger een open riool was. ’Als het op een zomerdag warm weer was, dan konden wij thuis in Nijverdal nog geen raam los hebben, zo vies was het. Iedereen, ook de textielfabrieken, loosde de troep gewoon ongefilterd op het water. Maar nu zit de Regge vol met vis en paling.’  Samen zijn we het erover eens dat niet iedere verandering een verslechtering is.

We laten de mevrouw onze ansichtkaart zien, die moet wel van rond 1900 zijn: kijk maar naar die versieringen en het lettertype in Jugendstilstijl. ‘Hé,’ zegt de mevrouw, wijzend op de onderste afbeelding op de kaart, ‘in die kerk ben ik gedoopt.’ Nou, dan mag ze die kaart toch hebben! Als dank mogen we mevrouw fotograferen, met haar echtgenoot en de kaart, bovenop de’’Rectumbrug te Enter’. In Enter rijden we ook nog langs de grootste klomp van Nederland, onder een afdakje op de stoep, maar daar hebben we geen ansichtkaart van in de tanktas zitten. Op dus naar het volgende ansichtkaartwaypoint.

Schimmige gedaantes

Volgende bestemming is de ‘Autoweg Holterberg, Holten’. Deze Toeristenweg is de Route des Grandes Alpes van de Lage Landen. Die vergelijking is helemaal niet zo gek, want beide wegen werden speciaal aangelegd voor toeristen in hun automobielen en motorrijders, dwars door een prachtig landschap. Op onze oude ansicht is de Holterbergweg nog onverhard, dat kan natuurlijk niet meer in het Nederland van 2024. Maar het landschap achter de bermen oogt nog verrassend gelijk.

Op het heidegebied van de Sallandse Heuvelsrug tokkelt de laatste levensvatbare groep korhoenders van ons land rond, maar dat pluimvee laat zich vandaag niet buitensnest blikken.

De weg is echt een klassieker op Nederlandse schaal, met ’n bejaardensfeertje dat echter ook z’n charme heeft. Je mag nergens stoppen langs de weg, om het een of ander nader te bekijken. Daar zijn officiële gedoogkijkpunten voor gecreëerd. Onderweg is een maximale snelheid van dertig kilometer per uur van kracht. Want voor je het weet heb je jezelf overschat op de rechte stukken, waar je met de duizelingwekkende snelheid van misschien wel vijftig kilometer per uur hebt gereden.

Zo hier en daar verrijzen uit de gedekte aardtonen van het heidelandschap wat schimmige gedaantes, die roerloos stil staan. Het zijn de jeneverbesstruiken, waarvan de bessen allang niet meer voor de stook worden gebruikt. Wel brengen ze nog zuurkoolschotels op smaak. Het landschap is gevarieerder dan je zou verwachten. Want in de IJstijd hebben de uit Scandinavië oprukkende gletsjers heuvels opgeworpen, het smeltwater sleet dalen in de aarde uit. Die sporen zijn nog duidelijk zichtbaar in het landschap. En het uitzicht over de heuveltjes, woeste heide en spontane boomgroei maakt het rijden van deze kilometers ook niet bepaald tot een marteling. Heuvels in Nederland, ze blijven een bezienswaardigheid.

Nadat we hebben geconstateerd dat de TV-toren van Markelo in het echt nog net zo fier boven de landerijen uitsteekt als op onze gekleurde ansichtkaart komen we terug in Stokkum. In het licht van de ondergaande zon steken de Twentse hoeves met hun rieten kappen dramatisch af tegen de achtergrond van boomrijen, akkers, weides en essen. Aan zo’n klassieke 3-D ansichtkaart kan geen Hobbema of Insta iets verbeteren.

Hoe Tuihanti Twente werd

Al eeuwen voordat Twente op ansichtkaarten stond, prijkte die naam op een Romeinse altaarsteen in de Muur van Hadrianus, die rond 130 na Christus op bevel van de Romeinse keizer Hadrianus werd gebouwd op de grens tussen het Romeinse Engeland en het barbaarse Schotland. Volgens die inscriptie was het ‘volk van de Tuihanti’ ingedeeld bij een groep Friese ruiters die behoorde bij de Romeinse legermacht die tegen de Schotten vocht. De naam ‘Tuihanti’ komt nog vaker voor in oude documenten. Rond 800 wordt geschreven over boerenerven in ‘Nordtuihanti’. Later wordt de streek ‘Tuhente’ genoemd, al in 1100 blijkt de naam Twente voor deze streek te zijn ingeburgerd.

Overnachting

High tea of overnachten in een typische Twentse boerenhoeve? Dat kan bij de Hoestinkhof in Stokkum. www.hoestinkhof.nl.

Download de route ‘het Aanzicht van Twente’

Foto’s: Michiel van Dam

Michiel van Dam
Michiel van Dam
Michiel van Dams schrijft als freelance redacteur prachtige reisverslagen voor Motor.NL. Reizen die de fervente motorrijder inspireren om erop uit te trekken. Wordt het Slovenië om die prachtige privé-collectie motoren te bekijken? Een rondje bergpassen in de Dolomieten? Of de Nederlandse herberg in de Vogezen, exclusief voor motorrijders?

Stay tuned

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en mis nooit het laatste nieuws! Onze nieuwsbrief wordt iedere week op dinsdag (bij veel nieuws) en donderdag verstuurd.


Gerelateerde artikelen