Test Kawasaki Z H2 2020

Het bal der hypernakeds is met een fikse mokerslag geopend door Kawasaki’s Z H2. Niet eens zo lang geleden werd je opgenomen als je de komst van een 200 pk sterke naakte motorfiets met compressor voorspelde. Nu rijden we er ‘gewoon’ mee. Het gaat geen gewoonte worden om te beginnen met de conclusie, maar voor de Z H2 wordt een uitzondering gemaakt. Kawasaki gaat er met deze motorfiets namelijk weer ouderwets met een gestrekt been in. Aan subtiliteiten hebben de Groenen dit keer lak, het is als vanouds ‘van dik hout zaagt men planken’ wat de klok slaat. Wees er ...
Het bal der hypernakeds is met een fikse mokerslag geopend door Kawasaki’s Z H2. Niet eens zo lang geleden werd je opgenomen als je de komst van een 200 pk sterke naakte motorfiets met compressor voorspelde. Nu rijden we er ‘gewoon’ mee. Het gaat geen gewoonte worden om te beginnen met de conclusie, maar voor de Z H2 wordt een uitzondering gemaakt. Kawasaki gaat er met deze motorfiets namelijk weer ouderwets met een gestrekt been in. Aan subtiliteiten hebben de Groenen dit keer lak, het is als vanouds ‘van dik hout zaagt men planken’ wat de klok slaat. Wees er blij mee. Kers op de taart De Z H2 past naadloos in een lange rij klassiekers. Op Kawasaki’s legendarische tijdlijn staan gillende tweetakt-driecilinders, die zo woest zijn dat ze decennia later nog altijd indruk maken. Er staan vette vier- en zescilinders op de tijdlijn, die gehakt maakten van Honda’s CB750 en CBX1000. Bij het imposante rijtje van spierballenvertoon en pure snelheid voegt zich de Z H2. Het is een typische Kawa-exponent, de Japanse motorfietsfabrikant die als geen ander snelheid in de genen heeft zitten. Elke vezel van Kawasaki is ermee doordrenkt. Hier leeft het voor – ondanks alle verstandige motoren die het eveneens bouwt –; snelheid en vermogen zijn altijd de kersen op de taart. Kawasaki verandert nooit, dat blijft kicken op pk’s. Deze Z H2 is niet besprenkeld met een delicaat Kawasaki-sausje, hij is bedolven onder een enorme plas. Hersens eruit geblazen? Kawasaki laat ons in de Verenigde Staten kennismaken met de Z H2. Gokwalhalla Las Vegas en de hypernaked zijn voor elkaar geschapen. Beide zijn extravagant, vet, overdadig en over the top. Vegas heeft wel een serieus nadeel voor een introductie van een überpotente naked: de Amerikaanse politie schiet je af als je iets harder rijdt dan de dodelijk saaie maximumsnelheid. Kawasaki lost dat op door naast de nodige straatkilometers ook circuitsessies in te lassen. Om het feest af te ronden gaan we los op de oval van de Las Vegas Motor Speedway. Klinkt dat onbekend in de oren? Deze kombaan van 2,4 kilometer lengte heeft bochten die tot twintig graden zijn verkant. Tijdens Nascar-races razen de wagens hier met 350 km/u overheen. Alsof een Z H2 van zichzelf al niet spannend genoeg is… Want laten we eerlijk zijn: motorrijders worden altijd een beetje opgewonden als ze de cijfer-lettercombinatie H2 lezen. Toen Kawasaki vijf jaar geleden de H2 en H2R op de markt bracht, was dat een sensatie. Het sportieve duo – samen goed voor meer dan vijfhonderd pk – vormde het ultieme technologische en krachtige visitekaartje van Kawasaki. De twee jaar geleden geïntroduceerde sporttoerfiets H2SX maakt ook nog altijd de tongen los. Niet alleen door zijn buitenissige voorkomen, maar ook door zijn geweldige vier-in-lijn met compressor. Exact dat blok, met een indrukwekkende 200 pk en 137 Nm, lepelt Kawasaki in een naakte motorfiets. Heeft diezelfde compressor soms wat hersens eruit geblazen in Kobe? Snelheid en een ruig randje Tweehonderd pk in een naked blijft onwaarschijnlijk klinken. De Z H2 zet krachtpatsers als KTM’s 1290 Superduke R (174 pk) de Aprilia Tuono V4 (175 pk) en Yamaha’s MT-10 (160 pk) weg als brave schooljongetjes. Verdomd jammer voor Kawa dat Ducati’s nieuwe Streetfighter V4 208 pk produceert en 178 kilo (leeg) weegt. De Z H2 zet rijklaar 239 kilo op de weegschaal. Dat gewicht laat zich voelen op het circuit. Sterker nog: het circuit vergroot genadeloos elk nadeel. Het 3,9 kilometer lange baantje is stoffig, de temperatuur laag en het asfalt geaccidenteerd. Laten we het er op houden dat het rijwielgedeelte al het geweld niet beteugelde. Je vraagt je waarschijnlijk af waarom een motorfietsfabrikant een motor, waarvan het zelf ook wel weet dat het niet de ideale circuitfiets is, introduceert op een circuit. Het is geen blunder van Kawasaki, het is juist het gave aan Kawasaki. Daar houden ze van snelheid en van een ruig randje. Ze willen dat wij testrijders genieten van de verschroeiende acceleratie na een schrapend genomen 180-gradenbocht. Daar is het ze om te doen. Dat we allemaal leren dat de Z H2, ondanks die enorme bak vermogen, geen ideale circuitfiets is, neemt Kawa op de koop toe. Daarvoor is de – instelbare – vering toch echt te veel op comfort gericht. Bij het remmen dweilt de achterkant van links naar rechts en als het niet-uitschakelbare ABS ingrijpt, schiet je zo een bocht voorbij. Overigens zijn het wel prima remmen – een combinatie van Brembo-monoblocs en Nissin –, die uitblinken in comfort en mooi opbouwende remdruk. Bij het opkomen van het rechte eind wordt de voorkant licht. Op zulke momenten verlang je naar een stuurdemper, maar die is op straat echt niet nodig. In slaap gesust Op straat valt alles, in tegenstelling tot het circuit, op zijn plaats. De ogenschijnlijk grote motorfiets stuurt plotseling verrassend licht. Insturen gaat gemakkelijk en hij houdt de ingeslagen koers stabiel vast. De voor het circuit te comfortabele vering is ineens wel goed in balans en gedempt. Bovendien ben je op het pokdalige Amerikaanse asfalt blij met wat vering. De zitplek biedt meer dan voldoende ruimte, maar is, zoals het een Kawasaki betaamt, wel lekker agressief. Je zit bovenop het smalle stuurtje en de voetsteunen staan ver genoeg naar achter om je schrap te kunnen zetten. Ze staan bovendien laag genoeg voor een aangename kniehoek zonder dat de grondspeling bij straatgebruik in gevaar komt. Alleen drukt de brede benzinetank je benen erg ver uit elkaar. Het blok sust je op straat met liefde in slaap. Het gedraagt zich poeslief en boterzacht als je normaal rijdt. Een minder sterke Yamaha MT-10 voelt agressiever aan dan deze compressorbeauty die weliswaar indrukwekkende hoeveelheden pk’s ophoest, maar dat vloeiend doet. Kawasaki heeft het blok een goed gevuld laag- en middengebied gegeven. Vreemd dat zo’n kanon moeiteloos door de file rijdt of over een hobbelige kasseienweg. Als op een fluwelen tapijt glijdt het laagtoerig van A naar B. Tot de kolder weer in de kop slaat… Trap dan drie keer op de quickshifter, geef een dot gas en de extreem sterke vier-in-lijn lift in derde versnelling het voorwiel net zo gemakkelijk van de grond. Maar nogmaals: als je het rustig aan wilt doen, helpt de Z H2 je daarbij. De allround beheersbaarheid en inzetbaarheid waar Kawasaki prat op gaat, is er daadwerkelijk. Bij de oorspronkelijke H2 is dat iets anders. Die heeft 231 pk, maar ook een erg directe gasreactie. De Z-variant van de H2 bouwt het vermogen mooi lineair op, al heeft hij er vanaf zo’n 6.000 tpm nog eens extra veel zin in. Amerikaans worstelaar Dat laatste komt mooi van pas op de kombaan, met afstand het mooiste en meest indrukwekkende onderdeel van de test. Rijden op een oval brengt een mens nederigheid bij. Bovendien denk je als vanzelf na over sterfelijkheid als je met 200+, stijf staand van de adrenaline, langs een betonnen wand scheurt. En dan te bedenken dat ik een kleine jongen ben, rijders met meer lef knalden me nog eens met dertig kilometer snelheidsverschil voorbij. Met 250 km/u op de teller vond ik het wel weer eens tijd worden om het gas af te sluiten voor de volgende kombocht. Het gemak waarmee de Z H2 bij die exercities van 180 km/u versnelt naar 250 km/u is indrukwekkend. Het kost de viercilinder zo weinig moeite dat het wel een elektromotor lijkt. Zo klinkt hij overigens ook, de uitlaat kwijt zich helaas wel erg goed van zijn zaak. Ook de inlaatkant is een stil type. Kawasaki heeft dat op een Ninja 1000SX veel beter voor elkaar. De beleving komt niet van decibellen maar van paardenkrachten. Je zou de Z H2 op basis van zijn in- en uitlaatgeluid nog bestempelen als een stille jongen, maar door zijn prestaties is hij allesbehalve een verlegen knaapje. Nogmaals: hij kan zich wel degelijk als een bescheiden type opstellen. Het verschil tussen dr. Jekyll en mr. Hyde is een simpele polsbeweging. Qua vormgeving is de Z H2 allesbehalve een muurbloempje. Het is eerder een gespierde Amerikaans worstelaar met veel gevoel voor show. Toch is het zoals gezegd niet allemaal show. Anders dan bijvoorbeeld bij een Yamaha V-MAX kan de Z H2 wel degelijk bochten draaien zonder zichzelf belachelijk te maken. In het dagelijkse drukke verkeer ben je niet op pad met een onwillige motor, maar stelt hij zich – mede door alle ondersteunende software – uitermate coöperatief op. Kwijlende achttienjarigen Wat moet een mens in hemelsnaam met een naakte motorfiets met 200 pk? De vraag is legitiem, maar doet tegelijk niet ter zake. Iedereen mag voor zichzelf uitmaken wat hij met zo’n kanon wil doen. De Z H2 heeft verschillende gezichten en kan daardoor diverse motorrijders aanspreken. Dat zijn vanzelfsprekend techneuten, die genieten van de unieke met niets te vergelijken compressortechniek. Het zijn natuurlijk de patsers, die kicken op het vermogen en het brute voorkomen. De snelheidsliefhebbers komen als vanzelf in beeld. Tot een verkooptopper schopt de motorfiets het waarschijnlijk niet, maar dat is niet erg. De Z H2 is namelijk het ultieme naakte uithangbord van Kawasaki. Het is geen babe- maar een motorrijdermagnet. Een achttienjarige moet hier kwijlend – ‘vet vet vet kicken kicken, ik wil hem’ – omheen lopen en daarna een Ninja 125 kopen, omdat hij onderdeel wil uitmaken van het woeste Kawasaki. Conclusie Misschien komt het door Amerika, maar bij de Kawasaki Z H2 blijft de vergelijking met een muscle-car zich aandienen. De compressorbom, die deze naked aandrijft, heeft spierballen waar Badr Hari u tegen zegt. Het draait bij deze hypernaked allemaal om de explosieve vier-in-lijn. Toch doet de vergelijking met een muscle-car hem tekort. De potige wagens staan er om bekend alleen hard rechtdoor te kunnen, maar de Z H2 weet prima raad met bochten. Verrassend goed zelfs, maar als je dan weer naar die extreem brede schouderpartij kijkt en als een vlag aan het stuur wappert, denk je toch weer: muscle-car.

Doorgaan met lezen?

Om verder te lezen heb je een abonnement nodig. Heb je die al? Dan kun je hier inloggen.

Wil je graag toegang? Kies dan één van onze abonnementen, dat kan al vanaf €2,50 per maand.

MotorNL Digitaal vanaf €2,50 per maand

Alle artikelen uit MOTO73 en Promotor lees je iedere dag vers online via onze Premium artikelen en bladerbare PDF magazines.

Of maak een keuze uit één van onze magazine abonnementen inclusief Digitaal Premium vanaf €4,-

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

Marien Cahuzak, geboren op 3 juni 1982, was amper twee maanden oud toen hij voor het eerst met zijn vader naar de Citadel van Namen ging voor de Belgische cross-GP. Vanaf dat moment speelt de motorsport een grote rol in zijn leven en die rol is als MotorNL-sportcoördinator alleen maar groter geworden. Houdt ook van veldrijden trouwens.

Misschien vind je dit ook interessant?