zondag 17 mei 2026
Home Blog Pagina 1299

Elektromobiliteit 2.0?

0

Onlangs trok Kymco in Japan het doek van de nieuwe iONEX; een nieuwe elektrische bromscooter die je niet zo gauw zult verwachten op een motorsite zoals deze. Maar, het gaat om de achterliggende techniek die wel degelijk oplossingen biedt die we binnen afzienbare tijd ook kunnen verwachten in elektrische motoren en motorscooters. Zeker als je nagaat dat Kymco zo’n beetje hofleverancier is bij vele andere motorfabrikanten. Herinner je de Kawasaki J300 nog?  Jawel, die kwam uit de fabriek van Kymco. Ook BMW winkelt graag bij de Taiwanese fabrikant, bijvoorbeeld voor de motorblokken van de C650-scooterserie. Kymco heeft de grote scootermarkt inmiddels zelf ook ontdekt, getuige de AK550. Ofwel; het is de moeite waard om Kymco’s nieuwe project eens goed te bekijken. 

De problemen
Tijdens de presentatie belicht Allen Ko, grote baas bij de Taiwanese fabriek, de problemen die de consument tot nu toe ervaart bij elektrische tweewielers: 

1. Het opladen duurt te lang
2. De actieradius is beperkt
3. Er zijn niet genoeg oplaadmogelijkheden
4. Het design van de tweewielers is onaantrekkelijk.

In die eerste drie kunnen we ons vinden, maar de BMW c-Evolution is qua design toch op z’n minst vooruitstrevend te noemen. 

De oplossingen
Kymco’s iONEX-project biedt, naar Kymco’s zeggen, oplossingen voor de vier problemen. Puntsgewijs lopen we ze langs.

1. Niet meer wachten op een volle accu
In motorland is het nog heel simpel; je moet inpluggen en wachten totdat de accu voldoende is opgeladen. Voor elektrische brommers en scooters zijn er al mogelijkheden met draagbare accu’s, maar feit blijft dat je moet wachten totdat ze zijn opgeladen. Kymco werkt met iONEX echter met één niet verwijderbare interne accu, met daarbij losse accu-packs. Wanneer de mobiele batterij(en) opladen, kun je altijd nog rijden met de interne accu die dan al de energie uit de losse accu’s heeft gehaald. Wanneer er meerdere accu’s zijn ingeplugd, laadt iONEX altijd de interne accu op terwijl de benodigde energie voor aandrijving uit een mobiele accu wordt gehaald zodat de interne accu zoveel mogelijk vol is.

2. Mobiele accu’s verlengen actieradius
Met de mogelijkheid om vijf mobiele accu’s mee te nemen, claimt Kymco een actieradius van 200 kilometer. Waar je al die accu’s laat? Er kunnen er drie onder het zadel, en twee onder je voeten. De mobiele accu’s wegen net geen vijf kilo, zijn makkelijk draagbaar en gemakkelijk in te pluggen in zowel laadstations als mobiele thuisladers. We moeten hierbij wel opmerken dat deze actieradius voor motoren of motorscooters natuurlijk nog lang niet genoeg is; maar zogauw dit systeem doorvloeit naar de motormarkt, zal het ongetwijfeld veel hoger liggen i.v.m. de extra ruimte.

3. Netwerk van oplaadmogelijkheden
Opladen terwijl je onderweg bent, moet ook makkelijker. Binnen afzienbare tijd wil Kymco in tien landen een netwerk hebben vol laadstations en service-punten. De laadstations zijn kasten waarin je je accu simpelweg kunt inpluggen, bij de service-punten kun je de accu inleveren om ‘m later weer op te halen. Bij de laatste gaat het vooral kroegen, koffietentjes en andere zaken waar stadsmensen zich graag ophouden.
Nederland behoort nog niet tot de landen waarin aan zo’n netwerk wordt gewerkt, maar als het lukt om deze iONEX-accu’s tot dé standaard te krijgen in de andere landen, kan het verder uitgerold worden.

Samengevat? Kymco mikt op een toekomst waarbij één interne accu de mogelijkheden vergroot. Dankzij die accu kun je de mobiele accu’s aan de lader leggen, maar nog wel een ritje maken naar een oplaadstation of omruilpunt voor mobiele accu’s. 

 

[justified_image_grid ids=27348,27349,27350,27351,27352,27353]

Getest: Husqvarna Vitpilen 701

0

De 701 straalt een bepaald soort rust uit, gedomineerd door het schromend gebrek aan overdaad. Het is een blok, twee vijfspaakswielen en een stuur, en niet veel meer dan dat. De brandstoftank is het verreweg het grootste stuk bodywork en een kunststukje van formaat.

De lijnen zijn strak en de details maken het compleet. Denk aan de asymmetrische hartlijn, de chique goudbruinen tankdop en de gele bies bij de aansluiting met het zadel – het klopt perfect. Verder naar voren tref je het dashboard, wat uitblinkt in eenvoud. Helaas wat te eenvoudig wat de interface betreft, want de lettertjes van alles behalve de snelheidsaanduiding is aan de kleine kant. Het is hetgeen je het meest nodig hebt, maar de rest kunnen lezen is ook wel praktisch zo nu en dan.

Terug naar het zadel, krijg je de indruk dat het een eenzitter is, maar vanwaar dan toch de bijrijderssteuntjes? Het duozadel is heel slim gecamoufleerd als zijnde een duokapje. Het zadel zelf is lekker stevig, met een prima balans tussen comfort – voor zover je daar ooit op zou rekenen bij een machine als dit – en controle. De driehoeksverhouding tussen de voeten, polsen en het zitvlak is vervolgens wat langgerekt. Je kniehoek wordt nooit extreem, terwijl de voetsteunen toch wel een eindje naar achteren staan. De polsen krijgen daarentegen wel weer wat te verduren. De zit is sportief, maar toch niet overdreven; noem het actief. Om een reden ook, overigens.

Aanstekelijk enthousiasme
Op het eerste gezicht lijkt de 701 Vitpilen een mooi koppie met weinig aan en met nog minder inhoud. Sommige vallen voor dat soort types, maar er is altijd wel iemand die benadrukt dat je van een mooi bord niet kunt eten. Dat is mijn cue; van dit knappe Zweedse bord kun je niet eten, want je moet er mee rijden.

De stuurschakelaars volgen het credo van de eenvoud dat op de gehele motor terugkomt, en het blok loopt ook in de pas. Starten kost geen moeite en het enthousiasme van de 692cc eencilinder is aanstekelijk. Het blok kreeg twee balansassen, waarvan de ene de krukas temt terwijl de ander de enkele bovenliggende nokkenas in toom houdt. Het zorgt voor een onverwacht soepele beleving, want je krijgt de gretigheid van een dikke mono met een blokloop die je eerder met een twin zou associëren. We hebben hier dan ook met een laatste der Mohikanen te maken, want de eencilinder sterft in rap tempo uit. Als je dit blok beleeft, snap je daar geen snars van; zo leuk en mooi loopt het. Alles boven de 3.000 tpm gaat probleemloos en daaronder valt de bokkigheid ook nog wel mee.

Husky koppelde het blok aan een moderne transmissie, compleet met een voortreffelijk werk leverende slipperkoppeling en een quickshifter met op- en terugschakeling. Al moet er wel een kanttekening bij de schakelhulp, want die verdient niet de hoofdprijs. Hij werkt wel, maar is absoluut niet foutloos – al komt dat voor een groot deel op conto van het eencilinderprincipe. Gaat toch allemaal net wat lomper en minder fijngevoelig. Zelfs op een moderne krachtbron als dit. Houd je vingers bij de koppeling en schakel met lager toerentallen op de ouderwetse manier en er kan je weinig gebeuren.

Paradoxaal
Sowieso is dat ook hetgeen de 701 Vitpilen paradoxaal maakt. Je verwacht iets ouderwets, omdat de machine bezaaid is met retro-knipogen, maar het is echt een modern stukje techniek wat hier staat. Ook verwacht je door dat heel nette en strakke uiterlijk dat de 701 meer een boulevard-cruiser is; iets om de blits mee te maken. Een motor die je koopt voor een ander – om gezien te worden. Kan hoor, maar dan mis je wat.
Getest: Husqvarna Vitpilen 701
De straten van het hip and happening-gedeelte van het havengebied van Barcelona staan de Vitpilen goed, maar in de heuvelachtige wegen ten noordoosten van de Catalaanse hoofdstad komt de ware aard bovendrijven. Aanzettend voor de eerste paar slingers, zoeken de nog koele S21 Bridgestones wanhopig naar warmte om de berijder van vertrouwen te voorzien. Zijn wendbare karakter maakt de 701 een fijne machine om het verkeer mee te doorkruisen in de stad, maar wanneer je het strakke rijwielgedeelte echt aanspreekt word je op je wenken bediend. Zijn drooggewicht van 157 kilo spreekt boekdelen. Hakken en breken is de 701 op het lijf geschreven en daarmee verwijst de Vitpilen de notie enkel een knap koppie te zijn meteen mee naar het land der fabelen – hij staat zijn mannetje!

Foto’s: Sebas Romero en Marco Campelli

 

 

[justified_image_grid ids=27343,27344,27345,27346]

Getest: Dunlop Sportsmart TT

0

Volgens Dunlop is de vraag naar hypersport-banden tegen de verwachting in de laatste jaren toegenomen en ze hebben daarom kans gezien een gat in de markt te vullen. De Sportsmart TT is bedoeld voor de categorie motorrijders die met hun krachtige straatmotor ook geregeld een circuitdag mee wil pikken zonder daar veel moeite voor te hoeven doen. De al bekende Sportsmart is puur gericht op straatgebruik en dat is deze band dus niet, de toevoeging TT staat dan ook voor Track Technology. 

Dunlop is de hoofdsponsor van de Isle of Man TT-races, een race op een stratencircuit dus. Het zal je daarom ook niet verbazen dat de Sportsmart TT is ontworpen voor een 50/50-verdeling straat- en circuitgebruik en het lijkt erop dat de TT-toevoeging een knipoog geeft aan het legendarische stratencircuit. 

De basis van de voorband is helemaal nieuw en zal gebruikt gaan worden voor de basis van de racevoorbanden. Dat belooft wat. De achterband is een dual compound NTEC rt, ‘rt’ staat hierbij voor Road & Track. De compound is speciaal ontwikkeld voor deze band en is bedoeld voor uitstekende grip op straat en circuit. De compoundverdeling van de achterband is 40/20/40 en kan met een lagere druk, 1,5 bar, worden gereden om een groter raakoppervlak met het asfalt te creëren en daarmee de grip te vergroten. 

De eerste roadster-sessie op een BMW R1200R kom ik wat klungelig op gang. De lage voetsteunen en uitstekende cilinders genieten niet mijn voorkeur. Tot mijn verbazing is er gekozen voor een lay-out van dit Circuito de Monteblanco met vier korte hairpins en slechts twee snelle vloeiende bochten. Echt een kans om onder een grote hellingshoek de grip van de achterband onder acceleratie te testen wordt dus niet geboden. Afgezien van mijn eigen gestuntel op dit bakbeest de eerste paar ronden, maakt de band wel enkele beloften waar. De banden zijn binnen een ronde op gebruikstemperatuur en de stabiliteit en het vertrouwen aan de voorkant bij het inremmen van de bochten is erg goed. De tweede roadster, een BMW R nineT Racer, is iets sportiever en komt prima tot zijn recht op dit circuit. De motor stuurt erg gemakkelijk en stabiel, maar echt de grenzen van de banden opzoeken, is ook op deze motor niet te doen. Bij het volgas bocht-uit accelereren van een hairpin bokt de achtervering heftig, maar geeft de achterband geen kik.

Ik wrijf in mijn handjes, want het is tijd om te zien wat de Sportsmart TT onder een 1000cc-superbike doet, onder een BMW S1000RR en Yamaha R1. Bij deze motoren komt de band echt tot zijn recht. Bij een koude start kan er binnen een ronde vol gas worden gegeven en de banden voelen daadwerkelijk aan als een raceband. Op alle vlakken doet deze band het gewoon goed. Hard op de rem bij 300 km/u in de zesde versnelling terug naar de eerste versnelling, omleggen, en weer vol gas de bocht uit. Bij de Yamaha, BMW en Honda doet de band wat er wordt beloofd en dat komt het rijgenot zeer ten goede. 

De motoren staan telkens vijftien minuten stil voordat ik er een sessie op rij, dus start ik telkens met koude banden. Bij de laatste sessie speel ik een beetje vals en pak ik een BMW S1000RR die net van de baan komt om te kijken of de band ook onder langere belasting goed blijft. Halverwege deze sessie merk ik toch dat het geen echte raceband is. Bij langere hoge belasting verliest de band net dat beetje stabiliteit in de apex van een snelle bocht die een pure raceband wel behoudt. Heel logisch natuurlijk, gezien de duale insteek van deze band. Klagen doe ik dan ook niet, want na acht sessies van vijftien minuten is de grip van de achterband nog uitstekend en tekent de band erg mooi af. 

Als kers op de taart sluit ik de dag af op de Kawasaki Ninja 400. Speciaal voor deze lichtere motoren wordt het 1,5 km lange binnencircuit van Monteblanco gebruikt. Er trekt vlak voor onze eerste sessie een bui over het circuit en daardoor krijg ik ook de kans de band onder natte omstandigheden te testen. Echt kletsnat is het circuit niet, maar ook onder deze omstandigheden geeft de band op de rem en in de bochten een erg vertrouwd gevoel.

Conclusie?
Met de nieuwe Sportsmart TT biedt Dunlop een band voor de straat en het circuit. Een band die past bij je hypersport-motor, die je zo nu en dan over het circuit jaagt. De stabiliteit, grip en het stuurgedrag evenaren bijna dat van een echte race-band. Voor de sportieve straatrijder met circuitaspiraties dus een prima keuze. 

Tekst: Peter Politiek.

 

[justified_image_grid ids=27355,25148,27356,27357]

Yamaha Tracer 900GT 2018 – test Promotor

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/prowww.motor.nl

Joost test in Spanje de Yamaha Tracer 900GT 2018.

Eten bezorgen met de Promotor Bezorgdienst

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/prowww.motor.nl

Bart en Jaap denken aan een carrièreswitch en gaan aan de slag als koerier. Zijn zij hier wel voor geschikt? Aan de motor zal het in ieder geval niet liggen…

Clubstyle Europe Day 2018 – Promotor

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/prowww.motor.nl

Promotor nam een kijkje op de Clubstyle Europe Day 2018 bij Westcoast Motors te Alkmaar.

Kawasaki Z900RS Cafe 2018 – test Promotor

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/prowww.motor.nl

Bart test in Spanje de nieuwste telg uit de Z900RS lijn: Kawasaki Z900RS Cafe. Wat is het verschil ten opzichte van de al eerder verschenen Kawasaki Z900RS? Bart legt het uit.

Promotor TV: aflevering 63 – S5/08

0

Bekijk meer van Promotor op https://www.motor.nl
Abonneer op Promotor Magazine: https://www.motor.nl/aanmelden-promotor
Volg Promotor ook op Facebook: http://www.facebook.com/promotormotome
Volg Promotor ook op Instagram: http://www.instagram.com/prowww.motor.nl

In Promotor aflevering 63 test Bart de Kawasaki Z900RS Cafe, gaan Bart en Jaap maaltijden bezorgen in Den Haag met dikke motoren, rijdt Joost in Spanje de Yamaha Tracer 900 en nemen we een kijkje bij de Clubstyle Europe Day in Alkmaar.

Motorrijders <3 dijken

0

Koning, keizer, admiraal: op dijken rijden willen we allemaal. Lekkere bochten die bovenal overzichtelijk zijn. Veel beter krijg je het in Nederland niet!

Toch is het lang niet overal toegestaan om over deze wegen te sturen. Wij van MOTOR.nl houden al lange tijd een dossier bij met de naam ‘Dijkproblematiek’. Daarin hebben we ons voornamelijk beziggehouden met de gemeenten Lopik en Lingewaard. Twee gebieden waar motorrijders keihard op één hoop worden geveegd door de dijkwegen in de weekenden en op feestdagen verboden gebied te maken. 

Dat die maatregel eigenlijk moeilijk in te voeren is blijkt uit de Wegenverkeerswet uit 1994, waar er geen onderscheid wordt gemaakt tussen motorfietsen of auto’s. Het zijn beiden motorrijtuigen. En omdat je in feite enkel de hele groep kan verbieden zouden de dijken eigenlijk alelen nog voor (brom)fietsers en wandelaars toegankelijk kunnen zijn. Toch werd er in beide gemeenten een verbod voor enkel motorrijder sop poten gezet. Eerst in Lingewaard, waar de borden eind 2016 bij alle toegangswegen tot de Rijn- en Waaldijk kwamen te staan. Begin dit jaar voerde de gemeente Lopik een zelfde beleid in.

De KNMV en M.A.G. dienden destijds natuurlijk eerst al bezwaar aan bij de gemeente Lingewaard, maar nadat het college van B & W dat bezwaar naast zich neerlegde werd er een rechtzaak aangespannen. De rechtbank bleek een flinke kluif te hebben aan het dossier en moest de uitspraak een keer uitstellen om meer tijd te hebben. Na die extra bedenktijd was het oordeel helder: deze maatregel kan niet gedaan worden op basis van de gegeven argumenten. Er moest meer onderzoek gedaan worden om aan te tonen dat motorrijders daadwerkelijk de bron van overlast zijn bij aanwonenden. Voordat dat gedaan is moeten de verbodsborden weg gehaald worden.

Lingewaard had nog tot deze week om in hoger beroep te gaan en liet de borden daarom staan waar ze stonden. Dinsdag heeft de gemeente pro forma in hoger broep te zullen gaan. Hiermee krijgen ze meer tijd zodat de inmiddels nieuwe gemeenteraad tijd heeft om te beslissen of ze daadwerkelijk in hoger beroep willen gaan. Het college van B & W adviseert de gemeenteraad echter wel om het hoger beroep niet door te zetten. Ook zijn gisteren de verbodsborden verwijderd en daarmee is het – voor nu – dus zo dat motorrijders weer welkom zijn in Lingewaard, mits ze zich gedragen natuurlijk.

Dus daarmee is de Lekdijk die zich een weg langs de rivier opbaant door de gemeente Lopik de enige plek waar je – enkel als motorrijder – dit weekend nog niet welkom bent. Ook hier zijn de KNMV en M.A.G. in gesprek met de gemeente. Al jaren zelfs, want in 2015 werd de dijk al eens afgesloten voor al het verkeer. Die afsluiting werd kort daarna toch weer opgeheven omdat het teveel problemen zou geven op de ontsluitingswegen. Er wordt al wel langer onderzoek gedaan naar de verkeersstromen op de Lekdijk, anders dan dat in Lingewaard het geval was, dus wellicht – mocht het tot een rechtzaak komen – dat de rechtbank meer begrip heeft voor de situatie daar. 

Is Assen het Wilhelmus onthouden?

0

Race-organisator Dorna heeft de World Supersport 300 op de korrel. Het onderzoekt de race op Assen van afgelopen weekend op illegale praktijken. Normaal ligt een coureur en/of zijn motor onder de loep, maar nu is het een complete klasse. Mogelijk hebben coureurs met een illegaal hoog toerental gereden.

Wie wint in hemelsnaam?
Na de eerdere wedstrijd op Aragon diende Yamaha een klacht in tegen KTM en Kawasaki. Die twee reden de rest van het deelnemersveld volledig aan gort. Dorna en FIM besloten daarop het minimum gewicht en het maximum toerental van de KTM en Kawa aan te passen. Dat moet de competitie eerlijker maken.
De wedstrijd op Assen bewees dat de nieuwe regels niet werken. De podiumplaatsen waren weer een prooi voor KTM (Luca Grünwald) en Kawasaki (Glenn van Straalen en Scott Deroue). Na een protest van vier teams onderzoekt Dorna nu of sommige rijders met het oude en dus te hoge maximum toerental reden.

Zo moet het dus wel
Het is nu aan de technici van de Dorna om de data van alle motoren te analyseren. Pas dan maakt het de uitslag van Assen bekend. Misschien heeft Van Straalen dan wel gewonnen in plaats van Grünwald. Of misschien is het net als in de Tour de France van jaren terug waarbij nummer acht pas schoon reed. We weten het pas bij de volgende wedstrijd op Imola.
Volgens de regels van de World Supersport 300 moeten de motoren aan de volgende regels voldoen: KTM RC390R 136 kg, 10.450 tpm (was 11.000 tpm). Kawasaki Ninja 400 150 kg, 10.850 tpm (was 12.000 tpm). Yamaha YZF-R3 140 kg 13.100 tpm (was 12.850 tpm). Honda CBR500R 143 kg (was 156 kg), 11.200 tpm (was 9.500 tpm).