maandag 13 april 2026
Home Blog Pagina 320

Nieuwe Honda CB1000 Hornet belooft prestaties en betaalbaarheid

0

Honda heeft details onthuld over de nieuwe CB1000 Hornet, die eind 2024 op de markt zal komen. De sportieve naked belooft krachtiger en betaalbaarder te zijn dan de huidige CB1000R, met een motor die is afgeleid van de 2017 CBR1000RR Fireblade. Het vermogen wordt verwacht de 148 pk te overschrijden en het koppel zal boven de 100 Nm liggen.

Naast het nieuwe blok valt de innovatieve luchtinlaatoplossing van de Hornet op. Gepositioneerd achter de voorvork en gevoed door het buizenframe, profiteren de inlaten van een ontwerp dat een soepele en directe luchtstroom naar de airbox garandeert. Drie lamellen in de inlaten zorgen ervoor dat de lucht wordt gefilterd en regenwater wordt afgeleid, waardoor het luchtfilter wordt beschermd.

Vergelijkingstest Honda CL500 vs. Voge 500AC: ode aan weleer of advanced classic?

Deze eenvoudige en effectieve oplossing draagt niet alleen bij aan de prestaties van de motor, maar zorgt ook voor een meer hoorbare inlaatklank voor de rijder. De Honda CB1000 Hornet van 2024 belooft een opwindende en veelzijdige motor te worden, die rijders een unieke combinatie van prestaties, stijl en praktische bruikbaarheid biedt.

De combinatie van de kleine koplampbehuizing, die de luchtstroom voor de vorkpoten stroomlijnt, en de voorwaarts stekende panelen bevestigd aan elke zijde van de brandstoftank, helpt de lucht naar de inlaten te leiden.

Hoewel dit een oplossing is die eenvoud waardeert, brengt het ook enkele nadelen met zich mee, wat tot Honda’s octrooiaanvraag heeft geleid. Hoewel de inlaten strategisch zijn geplaatst om lucht in het motorblok te krijgen, ondersteund door de carrosserie van de motor, zijn er twee belangrijke luchttoevoerproblemen om rekening mee te houden.

MV Agusta: een exclusieve toekomst

0

MV Agusta heeft nieuwe toekomst gekregen na jaren van moeilijkheden, nadat het is overgenomen door de Pierer Mobility-groep. Ondanks het Oostenrijkse eigenaarschap is het de bedoeling dat de activiteiten in Italië worden voortgezet, inclusief de productie.

Hubert Trunkenpolz, president van MV Agusta en lid van de raad van bestuur van de groep, verklaarde: ‘Het productie-plafond hier op basis van een enkele werkploeg is tussen de 13.000 en 15.000 eenheden per jaar, afhankelijk van de mix van modellen, dus daar kijken we naar. Het hangt ervan af hoeveel productielijnen we in de toekomst willen inzetten – misschien gebruiken we de nieuwe met twee shifts werknemers, en houden we de oude alleen voor speciale modellen of limited edition motoren. Maar dat moet allemaal nog worden besproken en beslist.’

Eerste indruk 2024 MV Agusta Enduro Veloce: verwachtingen overtroffen op Sardinië

De Oostenrijker wil echter niet dat MV Agusta grootschalige productie heeft: ‘Vanuit mijn oogpunt, als we van MV Agusta echt een exclusief merk willen maken, kunnen we niet in grote volumes gaan. Dus niet alleen is de productiecapaciteit een beperkende factor, ik denk ook dat het de markt is, want je vindt niet 30.000 mensen per jaar die zo’n motorfiets kopen die meer dan €25.000 kost, net zomin als je 30.000 mensen vindt die elk jaar een Lamborghini kopen – dat gaat gewoon niet gebeuren.’

Daarom is de huidige productiecapaciteit volgens Trunkenpolz niet buiten proporties: ‘Ik zal echt blij zijn als deze fabriek de 10.000 eenheden productie overschrijdt, want dan zitten we op een zeer veilige plek qua winst, met de mogelijkheid dat we dat aantal kunnen opvoeren tot een maximum van 15.000 eenheden, afhankelijk van hoe de markt zich ontwikkelt. Maar niet meer dan dat, ooit.’

MotoGP Nederland & Duitsland 2024: perfecte slag Bagnaia, drama Martin

0
De machtige coulissen van het TT-circuit met in totaal 252.826 toeschouwers over drie dagen.

De 93e Dutch TT Assen verliep perfect voor Pecco Bagnaia. De regerend wereldkampioen pakte er niet alleen de pole, hij reed vervolgens zowel tijdens de Sprint als in de GP-race alle ronden aan de leiding. En passant brak de Italiaanse Ducati-coureur ook nog eens de twee baanrecords van het Assercircuit.

In Duitsland ging de Sprint weliswaar naar Jorge Martin, maar omdat de Spanjaard in de GP aan de leiding liggend onderuitging, pakte Bagnaia hier niet alleen weer de zege maar nam ook de WK-leiding van Martin over.

Moto2 Nederland en Duitsland 2024: Bendsneyder krijgt duidelijkheid over nabije toekomst

Heel uitzonderlijke coureurs zijn niet alleen het snelst op de baan, maar krijgen er buiten ook zaken voor elkaar die voor een ‘doorsnee’ coureur niet zijn weggelegd. Neem Valentino Rossi. Na vier keer met Yamaha MotoGP-wereldkampioen te zijn geworden, keerde de Italiaan eind 2010 zijn Japanse werkgever de rug toe, omdat hij vond dat hij te weinig waardering kreeg voor het ontwikkelingswerk wat hij met de M1 had verricht en de successen die hij ermee had behaald. Immers, de acht jaar jongere Jorge Lorenzo behaalde in 2010 de titel voor Yamaha. En Rossi vond dat zijn Spaanse teamgenoot dat had gedaan met ‘zijn’ machine. En dat stak ‘The Doctor’. Daarop stapte hij verbolgen over naar Ducati. Zoals bekend volgden er twee desastreuze jaren voor de Italiaanse combinatie. Ondanks het feit dat de verhouding tussen Rossi en Yamaha na de scheiding danig was bekoeld, kwam het voor 2013 al snel tot een verzoening en tevens hereniging. Waarom? Gewoon omdat ze elkaar nodig hadden. Yamaha verlengde het contract met de Amerikaan Ben Spies niet en zo werd de Italiaanse superster opnieuw de teamgenoot van Jorge Lorenzo, die door het veroveren van een tweede MotoGP-wereldtitel inmiddels ook de status van ‘superster’ had bereikt. En hoewel #46 geen wereldtitel meer zou weten te veroveren, volgden er – zeker uit publicitair oogpunt – nog negen fascinerende seizoenen voor de combinatie Rossi en Yamaha.

Een ander voorbeeld van een uitzonderlijk coureur die heel veel macht heeft, speelt dit seizoen. Beter gezegd voor 2025. Ducati-CEO Claudio Domenicali en de racebaas van het Italiaanse merk, Gigi Dall’Igna, dachten het voor hen perfecte MotoGP-teamplaatje voor de komende twee seizoenen te hebben. Omdat Jorge Martin al in een eerder stadium had aangegeven na vier seizoenen niet langer voor het Pramac Ducati satellietteam uit te willen komen, zou de Spanjaard naast wereldkampioen Pecco Bagnaia het fabrieksteam gaan vormen. Vervolgens zou Ducati-nieuwkomer Marc Márquez met het nieuwste fabrieksmateriaal plus technische ondersteuning bij Pramac worden ondergebracht. Maar de achtvoudig wereldkampioen gaf direct aan dat niet te willen. Hij wilde maar één ding: dat was een roodgekleurde fabrieks-Ducati! Bang om MM93 aan de concurrentie te verliezen, besloten de Ducati-bazen onmiddellijk aan de wens van Márquez te voldoen. Dat viel (en valt) te begrijpen, want hij heeft uit commercieel oogpunt veel meer te bieden dan Jorge Martin. Hoe goed die als coureur dan ook mag zijn. En dat geldt al helemaal voor de Aziatische markt. Want vooral in dit deel van de wereld is Marc Márquez na het stoppen van Valentino Rossi enorm populair. Ook blijkt de ontwikkeling van de machine, die voor 2027 aan een nieuw technisch reglement moet voldoen, een rol bij de keuze voor Márquez te hebben gespeeld. Al met al was de beslissing van de Ducati-leiding voor Martin aanleiding om (voordat die keuze openbaar was gemaakt) een fabriekscontract met Aprilia te ondertekenen. En dat kan logisch worden genoemd.

Verlies

Tijdens de 93e Dutch TT werd duidelijk dat het vertrek van Martin niet het enige verlies voor Ducati is. Nadat eerder al bekend was geworden dat Enea Bastianini – die bij het Italiaanse merk plaats moet maken voor Marc Márquez – overstapt naar Red Bull KTM Tech3, kwam in Assen de bevestiging dat na een samenwerkingsverband van maar liefst twintig jaar het Prima Pramac-team Ducati ingaande 2025 inwisselt voor Yamaha. En dat voor een periode van maar liefst zeven jaar. Zo zorgt Lin Jarvis in zijn laatste jaar als Managing Director van Yamaha Motor Racing ervoor dat zijn Japanse werkgever het zo gewenste tweede MotoGP-team krijgt. Ook krijgt Pramac het Moto2-project van Yamaha, met als doel het opleiden van MotoGP-coureurs, onder haar hoede. Dit project wordt nu nog, zonder grote successen, uitgevoerd door de VR46-organisatie van Valentino Rossi. En het blijft vreemd dat laatstgenoemde niet het tweede Yamaha-MotoGP-team wilde hebben. Ook al omdat Rossi sinds verleden jaar merkambassadeur voor zijn vroegere werkgever is. In dit kader reed de negenvoudig wereldkampioen onlangs nog in Jerez tijdens een evenement van de Yamaha Racing Heritage Club op een Yamaha YZR500 waarmee Eddie Lawson in 1988 500cc-wereldkampioen werd. Ook bedient Rossi’s VR46 Motor Ranch in Tavullia zich van motoren, die door Yamaha beschikbaar zijn gesteld en worden er meer zaken voor het Japanse merk georganiseerd. Het wordt interessant om te zien hoe de relatie tussen Rossi en Yamaha zich ontwikkelt nu Pramac-eigenaar Paolo Campinoti verantwoordelijk wordt voor de inzet van het tweede Yamaha-MotoGP-team.

Waarom de succesvolle Italiaanse zakenman en bovenal raceliefhebber gebroken heeft met Ducati kwam langzamerhand naar buiten. Zo ergerde hij zich aan het feit dat een deel van de Ducati-leiding uit hun dak ging toen Enea Bastianini in de laatste bocht van de Italiaanse Grand Prix Jorge Martin naar de derde plaats verwees. Uiteindelijk is Martin niet alleen een Pramac-rijder, maar ook een Ducati-coureur die zelfs bij de fabriek op de loonlijst staat. Omdat ze niet voor Martin maar voor Márquez hebben gekozen, voelt Campinoti, die nota bene met zijn team regerend wereldkampioen bij de teams is, zich door Ducati in de steek gelaten. De Italiaan, die zijn team altijd als opleidingsinstituut voor het fabrieksteam heeft gezien, vindt dat Jorge Martin die plaats verdient. Zoals eerder met de vroegere Pramac-coureurs als Danilo Petrucci, Jack Miller en Pecco Bagnaia is gebeurd. Buiten Martin en Bastianini verliest Ducati, dat in 2025 dus niet meer met acht maar met zes rijders op de grid staat, ook nog Marco Bezzecchi. De huidige VR46-coureur wordt Aprilia-fabriekscoureur. Fabio di Giannantonio lijkt het team van Rossi wel trouw te blijven en krijgt waarschijnlijk de beschikking over een Ducati GP25. VR46-lid Franco Morbidelli wordt waarschijnlijk zijn teamgenoot. Mocht dat het geval zijn, dan wordt MotoGP-nieuwkomer Fermin Aldeguer door Ducati ondergebracht bij Gresini Racing als teamgenoot van Alex Márquez, die voor twee jaar bijtekende bij zijn huidige team.

Geen transferperikelen

Omdat het contract tussen Pecco Bagnaia en Ducati al aan het begin van dit seizoen was verlengd, had de regerend wereldkampioen geen transferperikelen aan zijn hoofd en kon hij zich helemaal op het racen concentreren. Na overwinningen in Catalonië en twee keer tijdens zijn thuis-GP op Mugello zette de Italiaan zijn zegetocht voort op het door hem zo geliefde circuit van Assen. Het begon al tijdens de kwalificatie waarin Bagnaia als snelste een tijd van 1’30.540 min. op de klokken bracht. Oftewel een absoluut ronderecord voor Assen. Met een gemiddelde van 180,5 km/u benaderde hij zelfs de hoogste gemiddelde snelheid ooit op het Drentse circuit gerealiseerd. Dat record staat nog altijd op naam van Valentino Rossi. Die kwam in 2004 op een Yamaha tot een gemiddelde van 181,609 km/u. De snelle technische ontwikkelingen in ogenschouw nemend zouden we er niet van opkijken als dit record volgend jaar, als de TT Assen haar honderdste verjaardag viert, gebroken gaat worden.

Wat tijdens deze aflevering nog in het voordeel van Bagnaia werkte, was dat zijn grootste concurrent Jorge Martin vanwege een straf niet van de tweede maar van de vijfde startplaats moest vertrekken. Na op zaterdag in de Sprint alle dertien ronden aan de leiding te hebben gereden, deed de titelhouder dat op zondag nog eens dunnetjes over. Maar dan 26 keer. Beide keren finishte Martin als tweede.

Met een totaaltijd van 40’07.214 minuten deed Pecco Bagnaia, die in de race ook nog een nieuw ronderecord reed, maar liefst dertig seconden minder over de 26 ronden dan in 2023. Dat is dus ruim een seconde per ronde! Een verdere analyse laat zien dat Jorge Martin (verleden jaar vijfde) er nu 29 seconden minder overdeed. In 2023 was Aleix Espargaró als derde de best geklasseerde Aprilia-coureur. Dit jaar was dat Maverick Viñales als vijfde. Maar laatstgenoemde was nu wel 24 seconden sneller dan zijn teamgenoot een jaar geleden. Brad Binder was als vierde en zesde beide keren de hoogst geklasseerde KTM-rijder. Maar dit jaar was de Zuid-Afrikaan wel zestien seconden sneller. Met andere woorden: de technische ontwikkeling gaat snel bij alle drie genoemde merken. Maar bij Ducati nog steeds het allersnelst. Ook is het zo dat Yamaha en Honda nauwelijks dichterbij komen, ondanks alle extra testmogelijkheden.

Grootste verliezer bij de 93e TT, die door maar liefst 192.554 toeschouwers werd bijgewoond, was Aleix Espargaró. Want bij een harde val in de Sprint liep de nummer drie van de TT van verleden jaar een breuk in zijn rechterhand op. Door deze blessure moest de Aprilia-coureur niet alleen de GP-race aan zich voorbij laten gaan, maar een week later ook de Grote Prijs van Duitsland. Ook Marc Márquez viel in Assen tijdens de Sprint. Op zondag had de Gresini-coureur de pech dat hij een vierde plaats zag omgezet in een tiende, omdat de druk in de voorband van zijn Ducati te lang te laag was geweest. Heel wat minder verging het Alex Rins. Want deze Spanjaard verloor al in de eerste bocht van de GP-race de macht over zijn Yamaha. Bij de daaropvolgende highsider liep Rins breuken in zijn rechterpols en voet op. Hieraan werd hij in Madrid geopereerd. Op de Sachsenring werd de ongelukkige Spanjaard vervangen door voormalig Moto2-wereldkampioen Remy Gardner. Ook Marco Bezzecchi kende een heel slechte TT. Werd de Italiaan verleden jaar nog eerste en tweede in Assen, nu scoorde hij er geen enkel punt maar wel drie valpartijen.

Spectaculair

Onmiddellijk na de Asser TT toog het hele racecircus naar de Sachsenring voor de GP van Duitsland. Ook hier deden zich direct de nodige valpartijen voor. En met name in de beruchte razendsnel, naar beneden lopende ‘Wasserfall’, die tegenwoordig ‘Ralf Waldmann Kurve’ heet. Tot de ongelukkigen behoorden Marco Bezzecchi, Fabio Di Giannantonio (die met een vijfde en vierde plaats uitstekend in Assen had gescoord), Enea Bastianini en Marc Márquez. Vooral de highsider van laatstgenoemde was spectaculair te noemen. Het leverde de achtvoudig wereldkampioen buiten een gebroken linker wijsvinger ook een aantal gekneusde ribben op. Maar dat weerhield de Spanjaard er niet van om toch weer op zijn motorfiets te kruipen. Wel gebeurde dat na het nemen van de nodige pijnstillers. Márquez, die bij zijn elf starts nog nooit op de Sachsenring was verslagen, kende aanvankelijk een zeer moeilijk weekend en wist zich pas als dertiende te kwalificeren.

De pole op dit ‘Mickey Mouse-baantje’ ging zoals verwacht naar Jorge Martin. Wel verrassend was dat de beide coureurs van Trackhouse Racing, Miguel Oliveira en Raul Fernandez, op hun Aprilia’s van de plaatsen twee en drie mochten vertrekken. Pecco Bagnaia stond op startplek nummer vier. In de Sprint zou laatstgenoemde iets te behoudend te werk gaan. Dit om zijn banden te sparen. Martin deed dat niet. Hij gebruikte het zachtste rubber op de juiste manier en maakte zo een einde aan de serie van vijf achtereenvolgende zeges van Bagnaia. Die werd op zijn beurt in deze Sprint achter Oliveira derde.

De verwachting was, dat bandenmanagement in de twee keer zo lange Grand Prix nog crucialer zou worden. Dat gebeurde dan ook. Het weerhield de coureurs er niet van om op prachtige (en harde) wijze met elkaar aan de slag te gaan. Dat gold niet alleen voor de koplopers Jorge Martin en Pecco Bagnaia, maar ook voor hun achtervolgers. En dan met name voor Marc Márquez, die van de dertiende plaats naar voren denderde. En voor het eerst dit seizoen bemoeide ook Franco Morbidelli zich met de strijd om de podiumplaatsen. Terwijl Martin andermaal een heel hoog tempo op het asfalt legde, hield Bagnaia zich wat gedeisd en volgde de leider in de WK-stand op iets minder dan een seconde. Achter de rug van de wereldkampioen zaten de gebroeders Márquez tegen het einde van de race op de plaatsen drie en vier. Zoals verwacht zou die slotfase beslissend worden. Bagnaia voerde de druk op, maar voor Martin leek niets aan de hand tot hij met nog maar twee ronden te gaan bij het aanremmen voor de eerste bocht toch wel onverwachts onderuit schoof. Was de Prima Pramac-coureur dan toch bezweken onder Bagnaia’s druk? Ja dus! In ieder geval was het zo dat de ongelukkige Martin op deze manier niet alleen een GP-zege, maar ook zijn WK-leiding verspeelde. Een dure fout dus.

Marc Márquez werd dit keer dan wel geen ‘King of the Ring’, maar het feit dat hij als tweede voor het eerst samen met zijn jongere broer Alex (derde) op het podium stond, vergoedde veel. Zo niet alles. Bovendien blijft MM93 de jongste winnaar in de koningsklasse ooit. Want Pedro Acosta had daarvoor deze Grand Prix moeten winnen. De 20-jarige Spanjaard, die in Assen als zevende in de laatste ronde ten val was gekomen, passeerde nu wel de finish. Niet als winnaar, maar als zevende. Dat was goed, maar niet goed genoeg om geschiedenis te schrijven.

Nog geen tien of elf GP’s

De Grand Prix van Duitsland was de negende van het seizoen 2024. Hoeveel er nog zullen volgen is op moment van schrijven niet geheel duidelijk. Want het ziet er naar uit dat de eerder op 14 t/m 16 juni geplande GP van Kazachstan ook niet op de nieuwe datum van 20 t/m 22 september verreden gaat worden. Dorna doet er alles aan om een vervangende locatie te vinden. In dit kader wordt Brno genoemd. Mocht dat niet lukken, dan staan er na de zomerstop nog tien GP’s op de kalender. De eerstvolgende is die van Groot-Brittannië. Die vindt op 2 tot en met 4 augustus traditiegetrouw plaats op het circuit van Silverstone. Met 222 WK-punten achter zijn naam komt Pecco Bagnaia als koploper in de tussenstand van het wereldkampioenschap naar het legendarische Engelse circuit. In die stand is Jorge Martin nu tweede met 212 punten, terwijl Marc Márquez als derde 166 punten achter zijn naam heeft staan.

Foto’s: Keulemans, MotoGP.com en ANP

MotoGP uitslagen

Sprint Nederland

Positie Naam & Motor Tijd
1 Francesco Bagnaia (I) – Ducati 19.58,090
2 Jorge Martin (E) – Ducati +2,355
3 Maverick Viñales (E) – Aprilia +4,103
4 Enea Bastianini (I) – Ducati +6,377
5 Fabio Di Giannantonio (I) – Ducati +8,869
6 Brad Binder (ZAF) – KTM +9,727
7 Fabio Quartararo (F) – Yamaha +10,828
8 Alex Márquez (E) – Ducati +13,196
9 Franco Morbidelli (I) – Ducati +13,560
  • 13 ronden = 59,046 km
  • Racegemiddelde winnaar: 177,4 km/u

MotoGP Nederland

Positie Naam Tijd
1 Bagnaia 40.07,214
2 Martin +3,676
3 Bastianini +7,073
4 Di Giannantonio +8,299
5 Viñales +8,258
6 B. Binder +16,005
7 A. Márquez 21,095
8 Raul Fernandez (E) Aprilia
9 Morbidelli +23,413
10 Marc Márquez (E) Ducati
11 Jack Miller (AUS) KTM
12 Quartararo +24,057
13 Johann Zarco (F) Honda
14 Augusto Fernandez (E) KTM
15 Miguel Oliveira (POR) Aprilia
  • 26 ronden =  118,092 km
  • Racegemiddelde winnaar: 176,6 km/u
  • Snelste ronde (12e): Bagnaia, 1.31,866 = 177,9 km/u (record)

Sprint Duitsland

Positie Naam Tijd
1 Martin 20.18,904
2 Oliveira +0,676
3 Bagnaia +1,311
4 Bastianini +1,458
5 Morbidelli +5,600
6 M. Márquez +6,281
7 Viñales +6,284
8 B. Binder +9,061
9 A. Márquez +9,201
  • 15 ronden = 55,065 km
  • Racegemiddelde winnaar: 162,6 km/u

MotoGP Duitsland

Positie Naam Tijd
1 Bagnaia 40,40,063
2 M. Márquez +3,804
3 A. Márquez +4,334
4 Bastianini +5,317
5 Morbidelli +5,557
6 Oliveira +10,481
7 Pedro Acosta (E) KTM
8 Marco Bezzecchi (I) Ducati
9 B. Binder +15,084
10 R. Fernandez +16,384
11 Quatararo +17,235
12 Viñales +18,865
13 Miller +25,425
14 Takaaki Nakagami (J) Honda
15 Luca Marini (I) Honda
  • 30 ronden = 110,13 km
  • Racegemiddelde winnaar: 162,4 km/u
  • Snelste ronde (6e): Martin, 1.20,667 = 163,8 km/u (record)
Uniek: als broers samen op het podium. Marc geeft zijn jongere broer daarvoor Alex een dikke kus.

Stand MotoGP na 18 van 40 races

Positie Naam Motor Punten
1 Francesco Bagnaia (I) Ducati 222
2 Jorge Martin (E) Ducati 212
3 Marc Marquez (E) Ducati 166
4 Enea Bastianini (I) Ducati 155
5 Maverick Viñales (E) Aprilia 125
6 Pedro Acosta (E) KTM 110
7 Brad Binder (ZAF) KTM 108
8 Fabio Di Giannantonio (I) Ducati 92
9 Aleix Espargaró (E) Aprilia 82
10 Alex Márquez (E) Ducati 79
11 Franco Morbidelli (I) Ducati 55
12 Marco Bezzecchi (I) Ducati 53
13 Miguel Oliveira (POR) Aprilia 51
14 Raul Fernandez (E) Aprilia 46
15 Fabio Quartararo (F) Yamaha 44

Quotes

Moto2 Nederland en Duitsland 2024: Bendsneyder krijgt duidelijkheid over nabije toekomst

0
Bo Bendsneyder scoorde twee WK-punten bij zijn rentree in Assen.

Bo Bendsneyder kreeg in Assen van de nieuwe teameigenaar van het Preicanos Racing Team bevestigd dat zijn zitje voor de rest van het seizoen veilig is. Door lang blessureleed en veel veranderingen binnen het team waren daar twijfels over ontstaan. Bendsneyder rondde zijn comeback in Assen met WK-punten af, terwijl Zonta van den Goorbergh vervelend ten val kwam. Ai Ogura won de Moto2-race op het TT Circuit Assen en Fermin Aldeguer kwam een week later op de Sachsenring als eerste over de finish.

Moto3 Nederland en Duitsland 2024: Alonso profiteert optimaal van crash Veijer

Voor de TT Assen was het langzamerhand niet meer de vraag wanneer Bo Bendsneyder zijn rentree zou maken, maar of hij nog wel zou terugkeren bij zijn onrustige Spaanse team in de Moto2. Nadat de Rotterdammer geblesseerd raakte in Jerez en drie daaropvolgende GP’s moest missen was Eduardo Perales, de teameigenaar van het voormalige Pertamina Mandalika GAS UP team lyrisch over zijn vervanger Daniel Muñoz. De Spanjaard komt normaal gesproken voor het team uit in het Europese Moto2-kampioenschap. Dat Bendsneyder wel aan het trainen was op de motor in Nederland en dat in combinatie met een sleutelbeen- en voetblessure die over het algemeen geen twee maanden duurt, kwamen er steeds meer twijfels of hij nog wel terug zou keren en misschien wel permanent door Muñoz vervangen zou worden. Daar kwamen in de weken voorafgaand aan de TT Assen nog meer onzekerheden bij. Het Pertamina Mandalika GAS UP team stond al niet bekend als financieel gezond. De bedrijfsnaam ‘SAG Team’ werd de afgelopen winter veranderd in ‘GAS UP Team’ en voor de TT Assen werd het team ineens verkocht aan Raúl Castañeda, de CEO en oprichter van het Spaanse advocatenkantoor Preico Jurídicos. Het team werd omgedoopt tot Preicanos Racing Team. Een zeer ongebruikelijke actie midden in een Grand Prix-seizoen. Wel bleven de teamleden en ook voormalig eigenaar Perales werkzaam binnen het team. Bendsneyder kreeg van de dokters en het team groen licht om te starten in Assen, al kreeg hij nog wel een aantal verrassingen te verwerken. Al zijn teamleden waren gewisseld met die van zijn vaste teamgenoot Jaume Masia. Daarnaast was ook Daniel Muñoz als derde rijder actief in Assen. Gelukkig kreeg Bendsneyder op zaterdagavond in Assen duidelijkheid van de nieuwe teameigenaar Castañeda, die de Nederlander in een gesprek bevestigde dat hij ook de rest van het seizoen één van de vaste coureurs van het team zal zijn. Bendsneyder verklaarde na afloop van zijn thuisrace: ‘Ik zal sowieso tot het einde van het seizoen voor het team rijden. Daarna gaan we kijken of de prestaties goed genoeg zijn om te kunnen blijven. Zo niet, dan zullen we uit elkaar gaan.’ En of hij onzekerheid heeft gevoeld over zijn toekomst: ‘Het enige wat ik kon doen om mijzelf te laten zien, was door mijn teamgenoten te verslaan. Dat is gelukt, ondanks dat ik twee maanden geen Grand Prix had gereden.’ In de nieuwe teamkleuren kende Bendsneyder een goede comeback in Assen. De 25-jarige coureur stond in de eerste training zelfs lange tijd in de top-tien. In de kwalificatie had Bendsneyder een probleem met de uitlaat, waardoor hij zich niet kon plaatsen voor Q2. Vanaf een twintigste startplaats reed Bendsneyder een solide race en kwam hij al snel de puntenposities inrijden. De Nederlander leek op weg naar een dertiende plaats, maar dit werd uiteindelijk een veertiende, omdat hij zich in de laatste Geert Timmer-bocht had verremd. Maar om zijn rentree na twee maanden van afwezigheid met WK-punten af te sluiten is gewoon goed. Bendsneyder: ‘Ik ben tevreden, maar natuurlijk wil je altijd meer. Het was in de laatste ronden fysiek wel zwaar. Normaal kan ik aan het einde gewoon doorgaan of nog wat versnellen, dat lukte nu nog niet. Maar dat is denk ik ook niet zo raar.’ Op de Sachsenring begon Bendsneyder ook uitstekend met een vierde plaats in de training op vrijdagmiddag. Deze hoge klassering kon hij tijdens de kwalificatietijd niet vasthouden. Bendsneyder plaatste zich als vijftiende voor de race, maar was daar gezien de kleine verschillen naar de top-tien wel tevreden mee. De race liep uit op een teleurstelling. Vanwege een technisch probleem viel Bendsneyder al na een aantal ronden uit.

Schitterende kleurstelling

De prijs voor de meest bijzondere kleurstelling tijdens de TT Assen ging zonder enige twijfel naar RW-Idrofoglia Racing GP. Het Nederlandse team had speciaal voor de thuisrace de motoren uitgedost in een retro kleurstelling. Zonta van den Goorbergh reed in de kleuren van Wil Hartog, waarmee de ‘Witte Reus’ in 1977 de 500cc-race in Assen had gewonnen. Voor Barry Baltus was er maar één passende optie; rijden in de kleuren van Barry Sheene. Baltus is vernoemd naar de tweevoudig 500cc-wereldkampioen en rijdt daarnaast – net als Sheene vroeger – met startnummer 7. Maar voor Baltus was het geen feestelijke aangelegenheid, omdat zijn moeder kort voor de TT Assen was overleden. De afscheidsdienst was woensdag voorafgaand aan de Nederlandse Grand Prix. Het was dan ook compleet begrijpelijk dat de 20-jarige Belg een moeizaam weekend kende en het was gezien de omstandigheden een knappe prestatie dat hij de race als zeventiende afsloot.

De legendarische kleurstelling bracht Van den Goorbergh geen geluk. Wel wist de 18-jarige coureur zich te plaatsen voor Q2 waarin hij zich als veertiende kwalificeerde. In de race streed Van den Goorbergh voor de laatste puntenposities toen hij in de vijfde ronde ten val kwam in Mandeveen. Een nare crash waarbij hij onder de motor bleef liggen. Van den Goorbergh ging voor een check naar het ziekenhuis, maar daar werden geen breuken geconstateerd. Zonta zelf daarover: ‘Het was een vreemde valpartij, want er was op de data niets geks te zien. Toen ik onderuitging bleef ik meteen al onder de motor hangen. Ik kwam ongelukkig terecht en heb daardoor een behoorlijke impact te verwerken gekregen.’

Na zijn nulscore in Assen kon hij een week later wel starten op de Sachsenring, al ging dat fysiek nog niet van harte. Daar kwam in de kwalificatie nog een probleem met de remmen bij, waardoor hij als achtentwintigste van de dertig rijders de race moest aanvangen. In de race ging het ook moeizaam en zakte de jonge Brabander al snel terug naar de laatste plaats. Net over de helft van de race stuurde Van den Goorbergh vanwege zijn fysieke problemen de motor de pitstraat in. Zijn teamgenoot Baltus scoorde met een twintigste plaats ook geen WK-punten.

De top-drie na de Moto2-race in Assen met winnaar Ai Ogura (midden), Fermin Aldeguer (links) en Sergio Garcia (rechts).

Zeges voor Ogura en Aldeguer

Boscoscuro brengt als chassisleverancier slechts vier motoren op de Moto2-grid, maar deze vier rijders zijn allemaal wel constant vooraan in het veld te vinden. Een knappe prestatie aangezien het startveld – op twee Forwards uitgezonderd – vooral chassis van Kalex gebruikt. In Assen werd de eerste startrij met Fermin Aldeguer, Ai Ogura en Sergio Garcia gevormd door drie Boscoscuro-rijders. De race werd tevens een Boscoscuro-feestje. Aldeguer reed lang aan de leiding, maar kreeg een long lap penalty omdat hij vijf keer op het groene deel buiten de curbstones was gekomen. Na zijn straf kwam hij achter Ogura en Garcia terecht. Aldeguer wist kampioenschapsleider Garcia nog wel te passeren, maar Ogura had een sterk eindschot, waarmee de Japanner zijn tweede zege van het seizoen behaalde. Ogura schoof daarmee op naar een tweede plaats in het WK-klassement achter MT Helmets – MSI-teamgenoot Garcia, die in Assen derde werd.

Dat Ogura een plek kon stijgen in de tussenstand kwam mede omdat Joe Roberts – die als nummer twee in het WK naar Assen was gekomen – in de trainingen zijn sleutelbeen had gebroken en niet kon starten in de race. De beste Kalex-rijder van het moment werd wel fit verklaard om een week later te starten op de Sachsenring, waar de Amerikaan met een achtste plaats de schade in de titelstrijd beperkt wist te houden. Ook in Duitsland won een Boscoscuro-rijder – Aldeguer – maar konden de Kalex-coureurs wel beter partij geven. Het was lang spannend vooraan met een grote kopgroep, die bij vlagen op een Moto3-race leek. In de slotfase viel het wat uit elkaar. Achter Aldeguer wist Jake Dixon – die in Assen vierde was geworden – de tweede plaats veilig te stellen. De heftige strijd om de derde plaats werd op de finishlijn beslist in het voordeel van Ogura, gevolgd door Diogo Moreira en polesitter Celestino Vietti. Braziliaan Moreira ontpopt zich meer en meer als de beste nieuwkomer van 2024. Garcia behield met een zevende plaats zijn leidende positie in het WK, maar het verschil met zijn teamgenoot Ogura is nog slechts zeven punten. Met Roberts op 24 punten en Aldeguer op 39 punten achterstand, lijken deze vier rijders te gaan uitmaken wie er in dit onvoorspelbare seizoen Moto2-wereldkampioen gaat worden.

Fermin Aldeguer (54) was het beste op de Sachsenring. De Spanjaard pakte overall de meeste WK-punten in Nederland en Duitsland.

Foto’s: Henk Keulemans, ANP, MotoGP

Moto2 uitslagen en stand

Moto2 Nederland

Positie Naam & Team Tijd
1 Ai Ogura (JP) – Boscoscuro 35.27,293
2 Fermin Aldeguer (E) – Boscoscuro +0,571
3 Sergio Garcia (E) – Boscoscuro +4,252
4 Jake Dixon (GB) – Kalex +8,985
5 Somkiat Chantra (TH) – Kalex +9,949
6 Tony Arbolino (I) – Kalex +10,069
7 Marcos Ramirez (E) – Kalex +12,488
8 Alonso Lopez (E) – Boscoscuro +12,592
9 Manuel Gonzalez (E) – Kalex +12,734
10 Celestino Vietti (I) – Kalex +12,986
11 Senna Agius (AU) – Kalex +12,945
12 Dennis Foggia (I) – Kalex +14,689
13 Jeremy Alcoba (E) – Kalex +17,047
14 Bo Bendsneyder (NL) – Kalex +17,623
15 Darryn Binder (ZA) – Kalex +23,003
DNF Zonta van den Goorbergh (NL) – Kalex
  • 22 ronden = 99,924 km
  • Racegemiddelde winnaar: 169,1 km/h
  • Snelste ronde (8e): Sergio Garcia (E), Boscoscuro, 1.35,977 = 170,3 km/u (nieuw record)

Moto2 Duitsland

Positie Naam Tijd
1 Aldeguer 35.07,384
2 Dixon +2,159
3 Ogura +4,418
4 Diogo Moreira (BR) +4,533
5 Vietti +4,543
6 Chantra +4,651
7 Garcia +5,425
8 Joe Roberts (US) +6,314
9 Arbolino +7,018
10 Lopez +8,255
11 Agius +9,225
12 Gonzalez +9,703
13 Guevara +10,690
14 Alcoba +12,810
15 Jaume Masia (E) +13,845
DNF Bendsneyder
DNF Van den Goorbergh
  • 25 ronden = 91,775 km 
  • Racegemiddelde winnaar: 156,7 km/h
  • Snelste ronde (2e): Tony Arbolino (I), Kalex, 1.23,449 = 158,3 km/u (nieuw record)

WK-stand (na 9 van 20 races)

Positie Naam Punten
1 Garcia 147
2 Ogura 140
3 Roberts 123
4 Aldeguer 108
5 Lopez 93
6 Gonzalez 77
7 Aron Canet (E) 58
8 Chantra 56
9 Vietti 55
10 Dixon 53
21 Van den Goorbergh 13
26 Bendsneyder 4
Het is even wennen, maar dit is Bo Bendsneyder (64) in de kleuren van het nieuwe Preicanos Racing Team, het voormalige Pertamina Mandalika GAS UP Team.

Moto3 Nederland en Duitsland 2024: Alonso profiteert optimaal van crash Veijer

0
Veijer (95) pakt vanaf pole position kopstart op de Sachsenring, maar David Alonso (80) zou de winnaar worden.

De titelaspiraties van Collin Veijer hebben een flinke deuk opgelopen. De Nederlander mocht van pole position starten op de Sachsenring, maar het leverde hem vanwege een vroege crash geen WK-punten op. Kampioenschapsleider David Alonso profiteerde optimaal door zijn zesde zege uit negen races te behalen. Bij aanvang van de zomerstop zakt Veijer van een tweede naar een vierde plek in het WK-klassement.

TT Dagboek Collin Veijer: 0,012 seconde verwijderd van een historische TT-zege

Vorig jaar op de Sachsenring reed Collin Veijer voor de eerste keer aan de leiding in het Moto3-wereldkampioenschap. Een jaar later is het zeer gebruikelijk geworden dat de Nederlander aan kop rijdt. Veijer had voorafgaand aan de Duitse Grand Prix zelfs de meeste ronden in 2024 aangevoerd. Door zijn prachtige tweede plaats in Assen (zie zijn TT-dagboek op pagina 38) was de Staphorster – ten koste van Daniel Holgado – gestegen naar een tweede plaats in het WK en had hij het gat naar kampioenschapsleider David Alonso verkleind tot 39 punten. Tijd om bij te komen van alle indrukken tijdens de TT Assen was er niet, want een aantal dagen later stond de Sachsenring al te wachten. Veijer was flink verkouden, maar dat weerhield hem er niet van om zeer snel rond te gaan. In de kwalificatie kon niemand tippen aan het tempo van de Husqvarna-rijder. In een goed opgebouwde sessie bewaarde Veijer het beste tot het laatst. Hij was de enige die een rondetijd in de 1’24 wist te noteren. De 19-jarige coureur was daarmee 0,336 seconde sneller dan Alonso, die de tweede tijd op de klokken bracht. Het betekende Veijers eerste pole position in 2024 en de derde in zijn carrière. Een mooi succes tijdens de thuisrace van het Liqui Moly Husqvarna Intact GP-team waar Veijer voor uitkomt. Na afloop van de kwalificatie werden er een zeer groot aantal penalties uitgedeeld vanwege langzaam rijden en wachten op andere rijders in de trainingen. Dit leverde onder andere Ivan Ortolá – de winnaar van Assen – een dubbele long lap penalty op.

Collin Veijer (midden) na het behalen van zijn eerste pole pole position in 2024 met naast hem David Alonso (links) en Luca Lunetta (rechts).

Dure crash

Gezien zijn vorm en optreden in de trainingen was Veijer de favoriet voor de race. Net als een jaar eerder pakte de Nederlander de kopstart op de Sachsenring, maar helaas ging het verhaal ook op dezelfde manier verder als in 2023. Toen was het voor Veijer nog zeer ongebruikelijk om met de wereldtop mee te rijden. In een poging om te volgen kwam de Nederlander in de tweede ronde onderaan de ‘waterval’ ten val. In de 2024-editie wist Veijer de eerste anderhalve ronde zeer gecontroleerd de leiding vast te houden, totdat hij voor de tweede keer aan de ‘waterval’-afdaling wilde beginnen. Zijn Husqvarna schoof onderuit. De tweede dure fout van Veijer in 2024, nadat de Nederlander in Amerika crashte toen hij op een tweede plaats reed. Veijer kon zijn weg wel als laatste en op grote achterstand vervolgen. Ondanks een flink beschadigde motor reed hij nog een hoog tempo. Voor Alonso was de crash van Veijer een uitgelezen kans om zijn toch al ruime voorsprong in het WK nog comfortabeler te maken. De jonge Colombiaan pakte deze kans met beide handen aan en reed een groot deel van de race aan de leiding. Maar wegrijden bleek niet mogelijk. In de slotfase waren er nog zeven rijders bij elkaar.

Alonso wint weer

In de laatste drie ronden zette Alonso nogmaals aan en reed de groep uit elkaar. José Antonio Rueda zat bij het ingaan van de voorlaatste ronde in het achterwiel van de 18-jarige Colombiaan. Bij het aanremmen voor de krappe eerste bocht blokkeerde het achterwiel van de Spanjaard, waardoor hij op hoge snelheid onderuitging. Enkel Taiyo Furusato en Ortolá – ondanks twee long lap penalties – zaten nog in het achterwiel van Alonso bij het ingaan van de laatste ronde. Furusato nam veel risico’s om zijn eerste Grand Prix-overwinning te behalen, maar de Japanner kreeg geen kans om in de aanval te gaan. Alonso pakte zijn zesde zege uit negen races in 2024. Een knappe prestatie, zeker nadat hij vrijdag op de Sachsenring nog hard ten val was gekomen. Furusato werd tweede en Ortolá derde. Veijer wist in het achterveld nog wel meerdere rijders te achterhalen en finishte als achttiende, maar dat leverde hem geen WK-punten op. Hij zakte naar een vierde plaats in de tussenstand. Ortolá is de nieuwe nummer twee met 58 punten minder dan Alonso en zes punten meer dan Veijer. Holgado finishte als zevende en bleef derde in de tussenstand. Veijer verklaarde na de race: ‘Ik voelde mij goed en ik heb geen idee waarom ik de voorkant verloor. Ik denk dat het gewoon de koudere kant van de band was. Met een flink beschadigde motor heb ik nog geprobeerd om het maximale eruit te halen. Het was een domme fout, waar we van moeten leren.’ Na zijn pole position leek het dat Veijer goede kans maakte om zijn achterstand op Alonso te verkleinen, nu staat hem in de tweede seizoenshelft een enorme uitdaging te wachten als hij nog voor de wereldtitel wil strijden. Zeer waarschijnlijk wordt dit ook de enige en laatste kans voor Veijer om Moto3-wereldkampioen te worden, omdat de Nederlander zo goed als zeker volgend jaar in de Moto2 zal rijden.

Foto’s: ANP, Teams

Moto3 uitslagen en stand

Moto3 Nederland 2024

1. Ivan Ortolá (E), KTM, 33.45,971; 2. Collin Veijer (NL), Husqvarna, +0,012; 3. David Muñoz (E), KTM, +2,197; 4. José Antonio Rueda (E), KTM, +2,430; 5. David Alonso (CO), CFMoto, +2,460; 6. Luca Lunetta (I), Honda, +2,487; 7. Adrian Fernandez (E), Honda, +2,531; 8. Angel Piqueras (E), Honda, +2,689; 9. Stefano Nepa (I), KTM, +2,877; 10. Ryusei Yamanaka (JP), KTM, +2,932; 11. Daniel Holgado (E), GasGas, +5,067; 12. Joel Kelso (AU), KTM, +9,420; 13. Taiyo Furusato (JP), Honda, +20,016; 14. Jacob Roulstone (AU), GasGas, +27,868; 15. Joel Esteban (E), CFMoto, +27,940.

  • 20 ronden =  90,840 km
  • Racegemiddelde winnaar: 161,4 km/u
  • Snelste ronde (3e): Adrian Fernandez (E), Honda, 1.40,405 = 162,8 km/u (nieuw record)

Moto3 Duitsland

1. Alonso, 33.02,956; 2. Furusato, +0,187; 3. Ortolá, +0,339; 4. Fernandez, +2,362; 5. Piqueras, +2,438; 6. Yamanaka, +3,786; 7. Holgado, +3,869; 8. Muñoz, +5,461; 9. Tatsuki Suzuki (JP), Husqvarna, +5,685; 10. Scott Ogden (GB), Honda, +5,817; 11. Kelso, +6,021; 12. Nepa, +13,085; 13. Filippo Farioli (I), Honda, +25,001; 14. Esteban, +25,069; 15. Matteo Bertelle (E), Honda, +25,071; 18. Veijer, +39.387.

  • 23 ronden =  84,433 km
  • Racegemiddelde winnaar: 153,2 km/u
  • Snelste ronde (5e): Ivan Ortolá (E), KTM, 1.25,467 = 154,6 km/u (nieuw record)

WK-stand (na 9 van 20 races)

Positie Naam Punten
1 Alonso 179
2 Ortolá 121
3 Holgado 120
4 Veijer 115
5 Muñoz 84
6 Yamanaka 72
7 Fernandez 67
8 Piqueras 60
9 Rueda 58
10 Kelso 55

Test Bridgestone Adventure A41 vs. AT41 vs. AX41: ik voel een band

0
Bridgestone Adventure A41

Bridgestone heeft met vier verschillende banden een breed adventure-gamma. De Japanse bandenfabrikant nodigde ons uit om de voornaamste drie met elkaar te vergelijken. Een verzoek waaraan wij zonder al te veel tegenzin aan voldeden.

Zowel de A41, AT41 als AX41 hebben wij de voorbije jaren al uitvoerig getest. Op dit moment rijdt onze duurtest-CRF1100L Africa Twin rond op de AX41-noppenbanden. Wat de bevindingen op korte termijn daarover zijn, lees je verderop in dit artikel. Wat we al wel hebben geleerd is dat de AX41-achterband met 3.680 km bijna zijn limiet heeft bereikt. De conclusie dat je met de AX41 een kleine 4.000 km af kunt leggen is enorm volgens noppen-normen.

BMW R 1300 GS met Bridgestone AT41-banden.

Intense test

Bridgestone had de vergelijkingstest zeer grondig aangepakt en maar liefst 25 motoren naar Portugal verscheept, goed voor zestien verschillende modellen. We voelden er in totaal vier aan de tand. Dat lijkt misschien weinig, maar dat komt vooral doordat Bridgestone in het programma héél veel tijd per band had ingeruimd. En als je met een bezig bent, is wisselen van motor vaak lastig. Hoe dan ook: we reden tien uur met de A41 (MV Enduro Veloce en Yamaha Ténéré 700), vijf uur met de AT41 (BMW R 1300 GS) en vijf uur met de AX41 (Yamaha Ténéré 700 Extreme); twintig uur in het zadel dus en dan heeft een mens wel begrepen hoe een band presteert.

Bandentest Bridgestone Battlax Hypersport S23: strepen op Kyalami, Zuid-Afrika

Toertip

Ooit in de Serra da Estrella geweest? Wij evenmin. Het is een natuurpark in Portugal ten zuidoosten van Porto waar naar verluidt amper vijf procent van de toeristen naartoe trekt. Een tip dus voor toeristische motorrijders en top voor ons, want het betekent dat de wegen er wel heel rustig bij liggen. Bovendien is het berglandschap er ronduit indrukwekkend. Op het hoogste punt, blijf je net onder de 2.000 meter, maar dat is hoog genoeg om boven de boomgrens te rijden. Ruwe rotsen en perfect asfalt zijn er de hoofdingrediënten van de rit. Iets lager liggen de bergen ook nog eens bezaaid met offroad-paden. Van makkelijk te behappen tot paden waarop de betere endurist zich honderd procent amuseert.

Dat amusement krijgt nog meer waarde met dank ook aan de AX41, die zich qua offroad-kwaliteiten op dezelfde hoogte bevindt als de gevestigde waarden in deze klasse. Maar de band verbaast vooral op de weg. Dat hadden we al snel door toen we op dag één met de A41 stevig gassend door de Serra da Estrella raasden en de bezemmotor van Bridgestone op een Africa Twin geschoeid met AX41-banden de groep vlot volgde. Later, toen we zelf met de AX41 over de slingerende wegen reden, stonden we te kijken van de grip. Er zijn weinig noppenbanden waarmee je moeiteloos de voetsteunen van een adventure tegen de grond duwt, maar de AX41 had er totaal geen probleem mee. De grootste hinderpaal van de AX41 zit in je hoofd; je moet gewoon vertrouwen dat de band tot dit soort prestaties op de weg in staat is.

MV Agusta met A41-banden.

Vervangingsband

Waarom dan nog kiezen voor een A41 of AT41, horen we je al zeggen. Omdat de grip naar een nog hoger niveau getild kan worden én omdat het rolgeluid van beide banden bij hogere snelheden minder is. De AX41 blijft stabiel tot snelheden waarbij je je rijbewijs verliest, maar stil zijn die noppenbanden niet. De kracht van de A41 en AT41 ligt erin dat ze naast de grip van een sportband, ook nog een groter comfort bieden. Met een pluim voor de voorband, die in beide gevallen de kwaliteit in huis heeft om je motor beter te laten sturen. En dat met een uitstekende feedback. En dat is nou zo moeilijk om het precies in woorden te vatten, maar zowel de MV Agusta Enduro Veloce als de BMW R 1300 GS stuurden scherper dan we in gedachten hadden. Opgestoken duim dus voor de A41-voorband. Toch was de eerste R 1300 GS waarop we nog niet zolang geleden ook met A41’s uitgerust, maar die in Portugal stuurde beter. En daar hadden ze bij Bridgestone een uitleg voor.

Verrassend, maar zeker het vermelden waard…

Hier komt ie: af fabriek gemonteerde banden worden gemaakt naar de specifieke wensen van de motorfabrikant. En die komen niet overeen met de vervangingsbanden van hetzelfde type dat je achteraf koopt bij je dealer of bandenboer. Een fabrikant kan bijvoorbeeld vragen om een lichtere band – bijvoorbeeld om het totaalgewicht van de motor lager te houden. Dan boet je mogelijk in op stabiliteit of op rubberdikte en dus het aantal kilometers. Of een fabrikant kan vragen om een band die voor een grote stabiliteit bij hoge snelheden zorgt, wat dan weer het stuurgedrag kan beïnvloeden. Een A41 die op een nieuwe GS ligt, kan dus afwijken van een vervangende band, die meestal goed scoort op een heel breed spectrum. En wie geen specifieke wensen heeft voor een band, is bijna altijd beter af met zo’n replacement tyre. Andere conclusie: wie een nieuwe motor koopt en niet tevreden is over de band die er op ligt, kan bij exact hetzelfde type vervangingsband wél content zijn. Iets om te onthouden.

Yamaha Tenere 700 met AX41-banden.

Conclusie Bridgestone Adventure A41

Los daarvan: wat zijn enkele conclusies na drie dagen intensief testen? De AX41 is een uitstekende offroad-band met verrassende wegkwaliteiten. De AT41 ziet er avontuurlijker uit dan de A41, maar heeft vergelijkbare kwaliteiten. Wie zo nu en dan geasfalteerde wegen verlaat, moet de AT niet vergeten omdat die een licht voordeel biedt op onverharde ondergrond. De A41 is een wegband met verbazende grip, hoog comfort en stuurkwaliteiten waardoor je motor plots een stuk beter lijkt dan ie al was. De drie banden bieden natuurlijk de voordelen van een vervangingsband, zoals hierboven beschreven. Maar je kunt ook altijd nog kiezen voor de band waarmee je motor door de fabrikant is geleverd. Een extra letter in de typebenaming toont aan dat dit de band is met de specifieke kenmerken. Een hogere prijs is vaak een tweede indicatie…

Wat moet je dan kiezen? Dat hangt vooral af van je motor en de manier waarop je ermee rijdt. Logischerwijs is voor motoren met bijvoorbeeld twee 17-inch velgen de keuze iets minder dan voor 19- of 21-inch voorwielen, maar Bridgestone heeft een zeer uitgebreid aanbod voor zijn drie banden. De keuze is persoonlijk, de kwaliteit verzekerd.

Foto’s: Bridgestone

Techniek KTM Techdag: technologie onder de radar

0
Techniek KTM Techdag

In moderne motorfietsen zit tegenwoordig veel technologie. Met name op het gebied van assistentiesystemen is er enorm veel vooruitgang geboekt. Het probleem is dat bij het publiek nauwelijks bekend is wat er allemaal mogelijk is. Daarom organiseerde KTM een techdag, die meer duidelijkheid moet verschaffen.

In 1929 werd er voor het eerst een antislipregeling ontwikkeld. Het duurde tot 1978 voordat er voor het eerst een auto met ABS werd uitgerust. Dat was de Mercedes-Benz S-klasse (W116). Het systeem werd samen met Bosch ontwikkeld. Bosch stond ook aan de wieg van het eerste ABS-systeem voor motorfietsen, waarvoor BMW K100 in 1988 de eer kreeg. Sindsdien is de ontwikkeling van ABS echter niet stil blijven staan, met name bij motorfietsen. Dat is opnieuw te danken aan Bosch, dat in 2013 samen met het Oostenrijkse motormerk KTM een bocht-afhankelijk ABS op de markt bracht. Dat werd mogelijk dankzij de ontwikkeling van een sensor, die de acceleratie in de rijrichting, dwars daarop en in de hoogte kon meten, alsmede de rotatie rond diezelfde lengte-, breedte- en hoogte-as. Zo’n sensor heet een Inertia Measurement Unit, kortweg IMU. Omdat zo’n sensor zes grootheden kan meten noemen veel fabrikanten het een 6-assige IMU. Strikt genomen klopt dat natuurlijk niet, het is een 3-assige IMU die op elke as twee grootheden meet.

Techniek tweetakt met kleppen: kan dat wel?

Hydraulische overbrenging

Wanneer je flink in het remhendel knijpt, wordt de trekkracht op de hendel via een overbrenging op de zuiger van de rempomp gezet. Deze heeft een zuigeroppervlak van ongeveer 1 cm2, waarmee je een vloeistofdruk van ongeveer 120 bar kan bereiken. Dat komt omdat het remsysteem is gevuld met remvloeistof. Lucht is samendrukbaar, remvloeistof niet. Bij lucht wordt het volume kleiner, met nauwelijks drukopbouw, bij remvloeistof wordt de kracht direct omgezet in druk, zodra de remblokken tegen de schijf aanliggen. Een andere eigenschap van een hydraulisch systeem is dat de druk in dat systeem overal gelijk is. Dezelfde druk van 120 bar wordt dus uitgeoefend op de zuigers van de wielremcilinders. Die hebben gezamenlijk een oppervlak dat ongeveer twintigmaal zo groot is als de rempomp. Dat betekent dat de remblokken voor elke 10 N (1 kg) die je op het hendel uitoefent, met 200 N (20 kg) op de remschijf worden geduwd. Dat wil zeggen, totdat het ABS ingrijpt.

Hall-sensor

Om in te kunnen grijpen, moet een ‘gewoon’ ABS twee zaken weten: de druk in het remsysteem en de snelheid waarmee de wielen draaien. Daarvoor heeft hij een druksensor in het hydraulisch systeem en een geperforeerde ring in het wiel, waar een hall-sensor vlakbij staat. Bij zo’n hall-sensor zorgt een spoeltje voor een magnetisch veld. Draait er een gat van de geperforeerde ring langs de sensor, dan verandert het magnetisch veld en dat doet het nogmaals als een massief deel van de ring langs de sensor draait. Een veranderend magnetisch veld in een spoel geeft een spanning. Er ontstaat dus een wisselspanning op de hall-sensor, die evenredig is met de draaisnelheid van het wiel. De ECU kan op die manier de draaisnelheid van het voor-en het achterwiel vergelijken en, wanneer hier een verschil tussen is, besluiten de druk te verlagen in de leiding naar het wiel dat dreigt te blokkeren.

Modulator

Het verlagen van de druk is de taak van de ABS-modulator. Dit is een kleppenblokje, dat vloeistof uit het remsysteem kan laten weglekken naar een accumulatiekamertje. Daar zijn er twee van, slechts enkele druppels groot, één voor het voorwiel en een voor het achterwiel. Tegelijkertijd wordt de toevoer vanaf het remhendel of het rempedaal onderbroken, zodat je de druk niet meteen weer kan opvoeren. Dat doet de modulator zelf, wanneer het wiel weer draait. Op de modulator zit een motortje, dat een lager excentrisch ronddraait in een sponning. Uit de zijwanden van die sponning steken twee plunjertjes. Het excentrische lager zorgt dat de plunjers remdruk voor pompen. Ze kunnen tot 120 bar tegendruk geven. Zo zijn er nu drie stadia mogelijk. Fase één: het systeem doet niets, want er dreigt geen gevaar. Fase twee: het systeem detecteert dat een van de wielen mogelijk gaat blokkeren. Dat kan de ECU uitlezen uit de mapping. Dat is een soort matrix of spreadsheet, waarin de fabrikant heeft vastgelegd bij welke snelheid en opbouw van de remdruk dit gevaar dreigt. De modulator kan hierop reageren door de remdruk te beperken tot, bijvoorbeeld, 70 bar. Fase 3 is de paniekstand: als het wiel blokkeert, wordt de remdruk volledig afgelaten, totdat het wiel weer draait.

Fases

Dankzij de IMU kan de ECU over een extra dataset beschikken: de ECU kan namelijk de remvertraging meten. Ze kan dan in de eerste remfase de remdruk beperken. Wanneer de remvertraging toeneemt, wordt het voorwiel harder op het wegdek geduwd en is er meer remkracht mogelijk. De ECU kan dan de remdruk naar het voorwiel toe laten nemen, zodat de remvertraging wordt geoptimaliseerd. De IMU meet echter ook de zijdelingse versnelling en de hellingshoek – 100 x per seconde – wanneer je door een bocht rijdt. In een bocht wordt een deel van de mogelijke wrijvingskracht gebruikt voor de spoorkracht, dus is er minder grip over voor remkracht. Ook daar is een mapping voor, zodat het bochtafhankelijke ABS ook kan voorkomen dat het in paniekfase 3 terechtkomt wanneer je in een bocht flink in de remmen knijpt. Iets dat ervaren motorrijders uit de pre-ABS-tijd niet gauw zullen doen. Vroeger ging je dan gewoon onderuit als je dat deed. En zo niet, dan merkte je dat de motor zich door het remmen oprichtte en een ruimere bochtstraal ging rijden. Je kon dan op de verkeerde weghelft terechtkomen, of in de berm. Met modern bochten ABS is ook dat probleem uit de wereld: het systeem zorgt ervoor dat de achterrem dusdanig hard mee remt, dat de motor zich niet meer opricht en je de oorspronkelijk bedoelde bochtstraal netjes blijft rijden.

Techniek Öhlins Smart EC3: schakelen tussen jouw dempinginstellingen

Offroad/Supermoto-modus

Wanneer je offroad rijdt, stel je andere eisen aan het remsysteem. Op een gravel-pad wil je de achterrem juist wel kunnen blokkeren. Op die manier kun je de motor bij het aanremmen van een bocht al een beetje dwars zetten, zodat de neus al de goede kant uitwijst als je bij de bocht aankomt. Dan kun je sneller de bocht uit accelereren. Ook sportieve Supermoto-rijders vinden het leuk om op die manier op een bocht af te surfen. KTM kent dan ook een speciale offroad- en supermoto-modus. In beide modi kan het achterwiel blokkeren en is het systeem niet hellingshoek-afhankelijk. Ook is de rear wheel lift detectie – opnieuw mogelijk dankzij de IMU –niet actief in offroad- of supermoto-modus. Fase 2 bestaat ook niet, als het systeem ingrijpt is het gelijk fase 3, maar daar is wel verschil in hoe het systeem ingrijpt: de Supermoto-modus staat geen voorwielslip toe en grijpt dus direct in. De offroad-modus staat een kort moment van blokkeren toe, zodat er zich een soort boeggolfje van zand voor de band kan ophopen, wat voor extra vertraging zorgt. Dan is er nog een track of rally-modus: daarin kun je alles zelf instellen.

Tractiecontrole

Tegenwoordig is bijna elke motorfiets uitgerust met ride-by-wire. De gasgreep is een potentiometer geworden, de gaskleppen worden met een stappenmotor bediend, niet met een gaskabel. En aangezien ook ABS gemeengoed is en de wielsensoren er dus al zijn, kom je tractiecontrole ook steeds vaker tegen. Eenvoudige tc-systemen grijpen pas in als het achterwiel dreigt door te slippen. Het meet een verschil tussen voor- en achterwielsnelheid en draait de gaskleppen dicht. Dat is bij motorfietsen eigenlijk ongewenst, wanneer dat in een bocht gebeurt. De motor slipt dan zijdelings iets weg totdat het systeem de gaskleppen dichtdraait. Dan herstelt de grip en komt de achterzijde van de motor terug. Dat geeft onbalans. Dat is al verbeterd doordat de systemen sneller reageren, maar de hellingshoeksensor maakt nog een verbetering mogelijk: wanneer die een hellingshoek detecteert, zal het motormanagement het motorkoppel op de hellingshoek afstemmen, zodat tractieverlies in de meeste gevallen wordt voorkomen.

Modi

Ride-by-wire heeft het ook mogelijk gemaakt om het motorkarakter aan te passen op de omstandigheden of jouw wensen. Er zijn diverse modi, die vaak ook weer effect hebben op ABS, tractiecontrole, wheelie-detectie en soms zelfs op de veringinstellingen. Zo is er bij de meeste motormerken bijvoorbeeld een street- of road-modus. Bij KTM betekent dit dat de gashendel een normale gasreactie heeft, dat de tractiecontrole geen wielspin toestaat en dat het motorvermogen bij 0°-hellingshoek volledig beschikbaar is. Een lichte wheelie is in deze modus mogelijk. Dat is niet mogelijk in de rain-modus. Daarin is de gasreactie langzaam en is het vermogen beperkt tot maximaal 100 pk. Zoek je wat meer opwinding, dan is daar nog de sport-modus. Daarin is de gasreactie heel direct, de vermogensafgifte is maximaal, er is een lichte achterwielslip mogelijk en er zijn hogere wheelies toegestaan. Op straatmotoren kan er dan nog een track-modus zijn, waarin je alles zelf kunt configureren. Op allroads vind je nog een offroad-stand, waarin je een progressieve gasreactie hebt en achterwielslip is toegestaan om over obstakels te kunnen rijden of om een zandheuvel op te kunnen rijden.

Rally modus

De overtreffende trap van de offroad-modus is de Rally-modus. Die geeft een zeer directe, felle gasreactie, terwijl de wheelie-detectie uitstaat. Zo kun je de motor van voren ‘licht’ maken door flink gas te geven, bijvoorbeeld om het voorwiel over een kuil te tillen. De rally-modus heeft ook nog een in negen standen instelbare drift control, waarmee je kunt instellen hoe ver de motor bij het uitkomen van de bocht mag uitbreken. Interessant is verder dat het dashboard zich aanpast aan de rijmodus, zodat de zaken die in die modus het belangrijkste zijn, het grootst in beeld staan. De modi zijn instelbaar via vier knoppen op de linker stuurhelft.

Adaptive cruise control

In het topsegment zijn motoren al enige tijd uitgerust met cruisecontrole. Nu sijpelt dat langzaam ook door naar de lagere marktsegmenten, terwijl je in het topsegment nu ook af en toe motoren met adaptive cruise control vindt. Dat kennen we natuurlijk van de autosector, maar bij motorfietsen zit er nog wel een addertje onder het gras: een motorrijder zit los op zijn motor, dus kan de adaptive cruisecontrole niet al te hard remmen. Beheerst remmen doet het wel, via de modulator van het ABS-systeem. Accelereren kan het systeem ook, bijvoorbeeld wanneer je het knipperlicht naar links aanzet. Bij wijze van overtake assist zal het systeem dan wat gas bijgeven. Andere systemen, die je tegenwoordig op motoren tegenkomt, zijn actieve bochtverlichting en een regelbare motorremwerking (Motor Slip Regulation). Die werkt door de gasklep iets verder open te zetten, waardoor er minder vacuüm in het inlaatspruitstuk zit. En dan is ook een quickshifter tegenwoordig gemeengoed. Inmiddels zijn er die in twee richtingen werken en die zelf tussen gas geven, zodat je ook kunt terugschakelen zonder de koppeling te bedienen. Tegenwoordig werken die in twee modi: in de snelle modus wordt de ontsteking 0,08 seconde onderbroken zodat je kunt schakelen. Detecteert het systeem via een extra sensor op de schakelklas dat er langzaam geschakeld wordt, dan onderbreekt het de injectie en sluit het de gaskleppen even, zodat je rustig kun schakelen. De beweging van de voet bepaalt dus welke modus de motorfiets kiest.

Bewijs

Zien is geloven, dus had KTM een aantal Adventures en een Husqvarna Norden voor ons klaar staan, waarmee we de paden op konden. En de blubber omdat het al de hele dag stortregende. Een goed moment om het ABS te proberen. In straat-modus merk je al gouw dat je lekker rechtuit over het zandpad kunt remmen, maar dat je wel een lange remweg nodig hebt. In de offroad-modus is die remweg inderdaad een stuk korter, terwijl je het achterwiel wat achter je voelt kwispelen als je die tot blokkeren afremt. Indrukwekkend. Ook de drift-control is bijzonder, op gravel kun je kiezen hoe erg je op je rally-helden wilt lijken en lekker schuin driftend door de bocht wilt zeilen. Tot het wat al te blubberig werd. Als er helemaal geen grip meer is, kun je beter naar de café-modus.

Perspectief

Veel motoren hebben ABS en tractiecontrole. Maar de ene ABS is de andere niet, niet alle tractiecontrolesystemen kunnen hetzelfde. Het is dus verstandig om bij het kopen van een motor even door te vragen wat er nu eigenlijk precies op zit en wat het allemaal kan. Zo heeft een KTM 390 Adventure al tractiecontrole, bochtafhankelijke ABS, een offroad-modus en een quickshifter. Zijn 400 euro duurdere concurrent uit Beieren heeft alleen ABS. Dat zet de zaak in perspectief.

Video’s

KTM heeft een paar video’s op youtube staan waarop de werking van bochtenabs en offroad abs heel duidelijk te zien is. Check Offroad ABS en voor Cornering ABS.

Langverwacht: de BMW R 1300 GS Adventure

1
BMW R 1300 GS Adventure 2024

Uiteraard werd deze versie al een tijdje verwacht door fans, maar daar is hij dan. De BMW R 1300 GS Adventure. De tweecilinder boxermotor vormt wederom de kern van de nieuwe R 1300 GS Adventure. De nieuwe motor, voor het eerst geïntroduceerd voor de R 1300 GS, is compacter dan bij de voorgaande R 1250 GS Adventure mede door de plaatsing van de transmissie onder de motor. De 1.300 cc motor levert 107 kW (145 pk) bij 7.750 t/min en het maximale koppel bedraagt 149 Nm bij 6.500 t/min. Dat maakt hem met stip de krachtigste BMW boxermotor ooit in serieproductie. In Nederland kent de BMW R 1300 GS Adventure haar marktintroductie aan het einde van dit jaar met een consumentenadviesprijs vanaf €26.950,-.

In het rijwielgedeelte speelt het uit staal opgebouwde frame de hoofdrol met een duidelijk toegenomen montageruimte voor componenten en met een grotere stijfheid ten opzichte van het voorgaande GS-frame. Het aangeschroefde achterframe is nu van aluminium en bestaat dus niet meer uit stalen buizen. De nieuwe EVO Telelever voorwielgeleiding en de herziene EVO Paralever achterwielgeleiding dragen bij aan de toegenomen stuurprecisie en rijstabiliteit.

Standaard nieuwe elektronische Dynamic Suspension Adjustment (DSA)

De nieuwe elektronische Dynamic Suspension Adjustment (DSA) gaat nog een stap verder door de dynamische aanpassing van de demping voor en achter met tegelijk aanpassing van de veerstijfheid – afhankelijk van de gekozen rijmodus, omstandigheden en manoeuvres. De automatische aanpassing van de vering zorgt ook voor beladingscompensatie.

Optionele adaptieve rijhoogteregeling

Optioneel leverbaar voor de R 1300 GS Adventure is adaptieve rijhoogteregeling, waarmee de hoogte zich automatisch aanpast op de rijcondities. Zo ontstaat maximaal comfort zonder compromis op gebied van rijdynamiek of de vrijheid bij het schuin aansnijden van bochten. Bij stilstaan en lage snelheden wordt de rijhoogte met 30 mm verlaagd. Eveneens optioneel is een aanvullend comfortsysteem voor kleine berijders, of voor een nog toegankelijker handling. De standaard rijhoogte is hiermee 20 mm lager dan de standaard rijhoogte zonder dit aanvullend comfortsysteem.

Vier rijmodi nu standaard, inclusief Enduro voor nog betere offroad-ervaring.

De nieuwe R 1300 GS Adventure beschikt nu standaard over vier rijmodi. Naast Eco, Road en Rain is er de Enduro rijmodus. In deze rijmodi is sprake van een offroad-setup voor betere handling op onverharde ondergrond.

Optionele Automated Shift Assistant (ASA)

Met de nieuwe Automated Shift Assistant (ASA) biedt BMW Motorrad een innovatieve oplossing die motorrijden nog gemakkelijker en comfortabeler maakt. Met dit systeem verlopen het koppelen en schakelen automatisch, zonder dat de begeerenswaardige dynamiek van het schakelen verloren gaat. Vanaf 1 augustus 2024 is de ASA ook optioneel leverbaar voor de BMW R 1300 GS.

Koplampen met Matrix LED verlichting en kenmerkend lichtdesign

De nieuwe R 1300 GS Adventure is voorzien van een zeer compacte full-LED koplamp met opvallend lichticoon. De lichtunit bestaat uit één LED unit voor dim- en grootlicht, aangevuld met vier LED units voor de dagrijverlichting en zijverlichting. Ook zijn er twee extra platte aanvullende LED schijnwerpers, die naadloos zijn opgenomen in de kuip. In de handkappen geïntegreerde LED richtingaanwijzers maken het opvallende lichtconcept van de R 1300 GS Adventure compleet.

Optioneel Active Cruise Control (ACC), Front Collision Warning (FCW), Lane Change Warning en het nieuwe Rear End Collision Warning (RECW)

De nieuwe R 1300 GS Adventure is standaard voorzien van Dynamic Cruise Control (DCC) met remfunctie. Optioneel biedt de Riding Assistant nog meer functies, met Active Cruise Control (ACC), Front Collision Warning (FCW), Lane Change Warning en het nieuwe Rear End Collision Warning (RECW). Dat laatste systeem waarschuwt achteropkomend verkeer met snel knipperende alarmlichten. Vanaf 1 augustus 2024 is RECW ook optioneel leverbaar voor de BMW R 1300 GS.

Optionele nieuwe aluminium koffers met magnetische koppelingen en volume-uitbreidingen

Optioneel leverbaar is een robuuste aluminium topkoffer met een inhoud van 37 liter, gemonteerd op een vibratievrije houder en met een elektrische interface voor verlichting en USB-aansluiting. Ook heeft de koffer geïntegreerde handgrepen voor de passagier. Het laadvermogen is 8 kg.

De nieuwe aluminium zijkoffers hebben een laadvermogen van tot 10 kg en een inhoud van samen meer dan 73 liter (37 liter links, 36,5 liter rechts). De magnetische koppeling van de linker koffer doet dienst als elektrische interface voor de USB-aansluiting in de koffer. Eveneens optioneel zijn aluminium volume-uitbreidingen van 10 liter per koffer.

Beschermd tegen weer en wind, 30 liter brandstoftank met bevestigingselementen voor bagage en met rubber beklede opbergvakken

Met zijn nieuwe design onderscheidt de BMW R 1300 GS Adventure zich nog meer van zustermodel BMW R 1300 GS. Een belangrijk onderdeel daarvan is de aluminium brandstoftank met een inhoud van 30 liter. De tank kan ook worden gebruikt voor het meenemen van bagage. Daarvoor zitten er drie bevestigingselementen boven op het tankpaneel, waarmee de tankdop en het compartiment met smartphone-lader toch snel toegankelijk blijven. Optioneel leverbaar is een 12 liter grote waterdichte tanktas. Standaard zijn de met rubber ingelegde opbergvakjes links en rechts van de tank.

De breedte van de tank wekt vertrouwen en beschermt ook effectief tegen weer en wind. Daarnaast is er het grote windscherm met twee transparante windgeleiders. Het resultaat is een uitzonderlijk stille en comfortabele rit.

De nieuwe BMW R 1300 GS Adventure: naast de aantrekkelijke standaarduitvoering ook als Triple Black, GS Trophy en Option 719 Karakorum

Met zijn Racing Red unilak heeft de nieuwe R 1300 GS Adventure in standaarduitvoering al een atletische en afgetrainde uitstraling, die uitnodigt tot het maken van nieuwe motoravonturen. De zilverkleurige tank, zwarte of rode buddyseats, zwarte handvatten, zwarte wielen en rode handkappen vormen een opvallend contrast.

Als Triple Black toont de nieuwe R 1300 GS Adventure zich van zijn elegante kant. Zwarte accenten en de in hoogwaardig Tinted Clear Coat uitgevoerde aluminium brandstoftank geven hem zijn uitzonderlijke karakter. Zilverkleurige inserts op de valbeugel van de motor, grijze handkappen, grote aluminium radiatorkappen en een zwart-grijze verwarmde buddyseat maken het contrast met de zwarte elementen compleet.

De GS Trophy heeft een sportief kleurenschema. Racing Blue metallic wordt gecombineerd met opvallende Light White unilak en strepen in Racing Red. Gepoedercoate elementen in Avus Black mat metallic vormen een spannend contrast met de aluminium onderdelen. Rode/zwarte buddyseats, rode handkappen, roestvaststalen motorbescherming en zwarte kruisspaakwielen zorgen voor een aantrekkelijk totaalbeeld. Zwarte grilles voor de radiatoren en koplamproosters bieden effectieve bescherming tegen steenslag. Het kleinere windscherm en de sportieve handgrepen voor de passagier benadrukken het sportieve karakter van de GS Trophy.

Als Option 719 Karakorum is de R 1300 GS Adventure uitgevoerd in de exclusieve kleur Aurelius Green Metallic mat. Goudkleurige lijnen, de ‘Option 719’-badge op de tank en het pakket met componenten van Shadow gefreesd aluminium maken de hoogwaardige uitstraling compleet. De goudkleurige wielen en handvatten springen direct in het oog. De standaard valbeugel voor de motor is uitgevoerd in zwart en de handkappen zijn grijs. Kleine radiatorkappen, een beschermrooster voor de extra koplampen, zwart-grijze verwarmde buddyseat, een bagagerek en een klein, sportief windscherm maken de uitrusting compleet.

De innovatieve Avadi MA-250: een nieuwe weg in motortechnologie?

0

De wereld van verbrandingsmotoren is sinds de uitvinding niet fundamenteel veranderd. Maar de Avadi MA-250 uit de VS belooft een revolutie in motortechnologie. Deze eencilinder combineert de voordelen van een Otto- en wankelmotor en heeft (dus) geen kleppen. Het blok werd ontwikkeld door Avadi Engines uit Yakima, Washington. Zou deze innovatie de markt voor lichte motorfietsen en andere toepassingen kunnen veranderen?

De Avadi MA-250 is een viertaktmotor zonder conventionele kleppen. In plaats daarvan gebruikt hij een oud principe van de roterende kleppen, maar op een moderne manier. Binnenin de motor beweegt een draaiende zuiger in een cilinder. Maar in tegenstelling tot traditionele motoren ontbreekt de klassieke krukas. In plaats daarvan is de zuiger via twee drijfstangen verbonden met een vaste tandkrans, die de beweging van de slag direct omzet in een draaiende beweging.

De drijfstangen zijn in een hoek van 180 graden geplaatst en via een tandwielmechanisme met de tandkrans verbonden. Dit maakt een regelmatige ontsteking van 360 graden mogelijk en zorgt voor een soepele motorwerking. De cilinder draait zelf ook en gebruikt een stuurschijf met keramische afdichtingen om de gasuitwisseling te regelen.

Vermogensgegevens en efficiëntie

Het prototype van de Avadi MA-250 heeft een slagvolume van 250cc en levert 15,8 pk (11 kW) @ 3.700 tpm. Het maximale koppel bedraagt 30 Nm @ 3.500 tpm. Met een gewicht van slechts elf kilogram is dit blok extreem licht en compact. Ter vergelijking: een conventionele Honda GX240 – een blok voor velerlei toepassingen – levert 8 pk (6 kW) @ 3.600 tpm en 17 Nm bij 2.500 tpm, maar weegt 35 kilogram.

Voordelen van de constructie

  • De Avadi MA-250 biedt verschillende belangrijke voordelen:
  • Hoog rendement: met een rendement van 42% komt de motor overeen met moderne dieselmotoren. Conventionele motorfietsblokken bereiken meestal slechts 30 tot 35%.
  • Lage wrijving: door de speciale constructie van de zuiger en de cilinder, die licht ten opzichte van elkaar roteren, wordt de wrijving geminimaliseerd. Dit vermindert de slijtage en verhoogt de efficiëntie.
  • Eenvoudigere koeling: de motor komt zonder waterkoeling en oliepomp uit, omdat de smering vooral via de centrifugale kracht plaatsvindt. Dit vermindert het aantal bewegende onderdelen en daarmee de potentiële wrijvingsverliezen.

Potentiële toepassingen

De Avadi MA-250 is vanwege zijn compacte constructie en efficiëntie vooral geschikt voor toepassingen die een continuvermogen bij lage toerentallen vereisen. Hieronder vallen:

  • Lichte motorfietsen en scooters: met name in stedelijke omgevingen zouden deze voertuigen kunnen profiteren van het lage gewicht en de hoge efficiëntie.
  • Last Mile Vehicles (LMV’s) en range extenders: de motor zou kunnen worden gebruikt in lichte bedrijfsvoertuigen of als extra aandrijving in elektrische voertuigen.
  • Stroom- en koelaggregaten: ook stationaire toepassingen zoals generatoren of koelsystemen zouden kunnen profiteren van de nieuwe technologie.
  • Lichte vliegtuigen: de combinatie van laag gewicht en hoge efficiëntie maakt de Avadi MA-250 ook interessant voor gebruik in de luchtvaart.

Vooruitzichten en verdere ontwikkeling

Hoewel de Avadi MA-250 momenteel nog in de prototype-fase is, laten de huidige testresultaten veelbelovende aanknopingspunten zien. Volgens CEO Landon Wilkinson zijn de compressieresultaten positief en staan er verdere tests op de planning. Als deze tests succesvol verlopen, zou de Avadi MA-250 een belangrijke rol kunnen spelen in de verdere ontwikkeling van verbrandingsmotoren.

Terwijl de wereld zich steeds meer op elektrische mobiliteit richt, biedt de Avadi MA-250 een innovatief alternatief dat de voordelen van traditionele en moderne motortechnologieën combineert. Het blijft af te wachten hoe deze technologie zich in de praktijk zal bewijzen en welke nieuwe mogelijkheden hij opent voor de toekomst van mobiliteit.

Royal Enfield Guerrilla 450: foto’s van de definitieve versie

0

Met de nieuwe Guerrilla, gespot tijdens een fotoshoot, zal Royal Enfield het 450cc-gamma op basis van het platform van de nieuwe Himalayan 450 uitbreiden. Waarschijnlijk is dit het model dat we half juli gaan testen in Spanje. De foto’s van de Royal Enfield Guerrilla 450, zoals deze motor zou kunnen heten, werd werden ‘gelekt’ na een fotosessie. Het is altijd hetzelfde verhaal, zijn deze gelekte foto’s echt gelekt of gewoon ‘per ongeluk’ gepubliceerd via een Indiase motorsite om de nieuwsgierigheid aan te wakkeren. We weten het niet en onze journalistieke paranoia helpt niet om daar een duidelijk antwoord op te vinden. Hoe dan ook, deze motor lijkt goed te passen als volgende stap op het Himalayan 450-platform.

De Guerrilla 450 heeft de kenmerken van een roadster, enigszins klassiek in zijn presentatie, maar toegankelijk voor het grote publiek. Zowel qua rijhouding, zithoogte als prijs. Aangezien de Himalayan 450 voor €7.699 in de showroom staat, zou deze Guerrilla betaalbaarder kunnen zijn. Met zijn watergekoelde eencilinder van 40 pk is hij ook veel krachtiger dan de HNTR 350, die op dat vlak nogal beperkt is.

De Guerrilla 450 belooft al met al een aantrekkelijke motorfiets te zijn, die natuurlijk de concurrentie aangaat met de Triumph Speed 400, waarvan de prijs-prestatieverhouding, productie en prestaties erg indrukwekkend zijn. En dat vinden wij niet alleen. Triumph laat weten dat het wereldwijd al meer dan 50.000 stuks van hun Speed 400 en Scrambler 400 X heeft verkocht. Een enorm aantal dat aangeeft dat de interesse in lichte motoren wereldwijd groot is. Of we in Nederland ook overstag gaan, zoeken we uit.