maandag 27 april 2026
Home Blog Pagina 321

Jamathi: drama met een happy end

1

Op 28 juli is het exact vijftig jaar geleden dat er ‘officieel’ een einde kwam aan de GP-activiteiten van Jamathi. Of te wel het 50cc-geesteskind van Jan Thiel en Martin Mijwaart. Dat gebeurde in het verre Finse Imatra, op nog geen vijf kilometer van de Russische grens. Het werd een roemloos einde. Maar de motoren die toen werden gebruikt, zorgden jaren later voor een happy end.

In 1968 haalden Jan Thiel en Martin Mijwaart het landelijke nieuws (en in motorsportkringen zelfs wereldnieuws) nadat Paul Lodewijkx op 26 juni heel verrassend de 50cc-klasse van de TT van Assen had weten te winnen. De coureur uit Nederhorst den Berg deed dat op een Jamathi. Of te wel een eigenbouwmachientje dat het levenslicht in een schuurtje zag en was vernoemd naar de constructeurs: JAn MArtin THIel. Na de aansluiting van Lodewijkx bij Thiel en Mijwaart werd er altijd gesproken over ‘Het Jamathi-trio’. Een jaar na de sensationele TT-zege en tweede plaats in het 50cc-wereldkampioenschap won Lodewijkx maar liefst drie GP’s op de door het drietal geconstrueerde machine. En ondanks het feit dat die machine pas halverwege het seizoen gereed was, waren ze in 1969 zelfs wereldkampioen geworden als Lodewijkx tijdens de GP van Ulster niet door zijn grote concurrent Angel Nieto van zijn machine was gereden. Nu ging de titel naar de Spaanse Derbi-coureur. Het noodlot wilde dat Lodewijkx twee maanden later bij een motorongeluk in Amsterdam ernstig hoofdletsel opliep. Het betekende niet alleen het einde van de veelbelovende racecarrière van de zeer getalenteerde coureur, maar ook het WK-sprookje van het kleine Jamathi-team.

Lodewijkx werd bij Jamathi opgevolgd door Aalt Toersen. De van Van Veen Kreidler overgekomen coureur was bij Jamathi alleen rijder. Hij hield zich niet met de bouw en ontwikkeling van de racertjes bezig. In zijn eerste seizoen als Jamathi-coureur wist de Staphorster drie GP’s te winnen en als tweede in het wereldkampioenschap te eindigen. De titel ging dat jaar opnieuw naar Nieto op Derbi. In 1971 ging het minder goed met Jamathi, omdat de machines van de concurrentie, Van Veen Kreidler en Derbi, gewoon sneller waren. Een jaar later maakte Aalt Toersen bij Jamathi plaats voor Theo Timmer. Omdat de jonge Amsterdammer zich buiten het rijden op de machine ook bezighield met de bouw en ontwikkeling ervan kon er weer van een ‘Jamathi-trio’ worden gesproken.

Nummer A36260M

Nadat er voor 1972 voor het eerst een Jamathi voorzien van een monocoque frame en een uit vol aluminium gefreesd motorblok met liggende cilinder was geconstrueerd, volgde voor het seizoen erop een tweede, verbeterde versie. Voor het noodzakelijke carnet (douanedocument) werd in het motorblok het nummer A36260M geslagen. Niemand wist op dat moment dat deze krachtbron niet alleen een zeer succesvolle en heel lange, maar bovenal een fascinerende carrière zou krijgen.

Het begon al tijdens het GP-debuut van de ’73-er Jamathi’, zoals elke Jamathi-racer naar zijn bouwjaar werd vernoemd. Tijdens de trainingen voor de GP van West-Duitsland werd Theo liefst vier keer met een vastloper geconfronteerd. Daarop besloten Jan en Martin vroegtijdig terug naar Nederland te gaan om nieuwe onderdelen voor de volgende GP, die van Italië, te maken. Omdat het startgeld goed gebruikt kon worden, bleef Theo in Hockenheim om als twintigste aan de race te beginnen. Dat moest voorzichtig gebeuren, omdat de kans groot was dat de zuiger weer zou vastlopen. Maar tot ieders verbazing gebeurde dat niet. Sterker nog; terwijl alle grote kanshebbers uitvielen met pech, bleef de Jamathi nu wel heel en won blok A36260M direct zijn eerste Grand Prix! Natuurlijk konden Jan en Martin hun oren niet geloven, toen Theo gelijk na dit totaal onverwachte succes hen in Breukelen belde. Met onder andere een tweede plaats tijdens de TT van Assen en derde plaatsen in België en Zweden werd Theo Timmer in het seizoen 1973 uiteindelijk achter Jan de Vries en Bruno Kneubühler (Van Veen Kreidler) WK-derde en Jamathi tweede in het constructeurskampioenschap.

Het mirakel Freddie Spencer: wonderkind uit Louisiana

Nog één keer

Eind 1973 stond de wereld in het teken van een oliecrisis. Die crisis zorgde ervoor dat de hele racerij voor 1974 op losse schroeven kwam te staan. Jan Thiel en Martin Mijwaart vroegen zich af wat te doen. Voor het tweetal werden de problemen nog groter, toen Theo Timmer te kennen gaf op privébasis te willen gaan racen. Hij kreeg z’n deel in de vorm van het ’73-er frame met het ’72-er blok. Jan en Martin waren weer op hetzelfde punt aangeland, waarop ze elf jaar eerder waren begonnen. Met z’n tweeën en zonder geld!

Ze besloten om nog één keer alles op alles te zetten met één doel voor ogen. Dat was het vinden van een goede betrekking. En dan het liefst in de racerij. Door de 68-er en de 71-er Jamathi te verkopen, kon Jan ontslag bij zijn baas nemen om zich helemaal op de racerij te storten. Jan Bruins werd voor het seizoen 1974 de nieuwe Jamathi-coureur. De garagehouder uit Deventer behoorde al jaren tot de nationale 50cc-top en wist in 1972 op een privé-Kreidler zelfs de GP van Joegoslavië te winnen. Bruins was niet alleen een goed coureur en kundig technicus, maar ook een slimme zakenman. Zo slaagde hij erin om met Parade Tapijt een sponsor binnen te halen, die nodig was om op de Jamathi te kunnen gaan rijden. Het sponsorbedrag bedroeg tienduizend gulden. Na lang wikken en wegen kon ook Martin fulltime in de Jamathi-werkplaats in Breukelen aan de slag gaan. De zaak werd zo geregeld, dat Jan Bruins zich naast het runnen van zijn eigen autobedrijf alleen met racen zou bezighouden. De machines werden ontwikkeld en onderhouden door Jan en Martin. Ze werden daarbij geholpen door mij, de auteur van dit artikel, die naast zijn studie zoveel mogelijk vrije tijd aan Jamathi besteedde. Er werd besloten om twee nieuwe monocoque-frames te bouwen. Verder moest er halverwege het seizoen een tweede blok gelijk aan dat van 1973 gereed zijn. Samen met Harry de Boer werd de door hem ontwikkelde DRM-cilinder verbeterd en niet langer van een chrome wand maar van nikasil voorzien. Dit gebeurde bij de firma Mahle in Stuttgart en moest een hele verbetering, beter gezegd meer pk’s, gaan opleveren. Vol spanning werd er dan ook uitgekeken naar de eerste test op de proefbank. Die vond plaats in de winter van 1973/1974. Het eerste resultaat met 20 pk was zeer hoopvol. Maar helaas viel er tijdens de test een stuk porselein uit de Champion bougie. Iets wat zelden voorkwam, maar er wel voor zorgde, dat de zuiger vastliep en het loopvlak van de cilinder ernstig beschadigd raakte. En juist op dat moment! Reden genoeg voor mij om onmiddellijk het Hanomag-busje te starten om met de cilinder de 600 kilometer naar Stuttgart (Duitsland) te overbruggen. De Mahle-technici verleenden meteen alle medewerking en twee dagen later was de gerepareerde cilinder terug in Breukelen en kon er verder worden getest. De eerste nieuwe racer, met het ’73-er blok, was in de nacht voor de openingswedstrijd van het seizoen gereed. Vervolgens sloot Jan Bruins in Hilvarenbeek zijn Jamathi-debuut als winnaar af. Al met al was dat loon naar (dag en nacht) werken.

Imatra, Finland, 28 juli 1974. De laatste GP-start van Jamathi met Jan Bruins (12). De Belg Julian van Zeebroek (26) vertrekt van pole voor Henk van Kessel (4).

Teleurstellingen en het einde

Jammer genoeg draaide het GP-seizoen 1974 daarna door mechanische pech, slechte starts en valpartijen op een grote teleurstelling uit. Beste resultaten van Jan Bruins waren een tweede plaats in de Italiaanse Grand Prix en een derde tijdens de TT van Assen. Door ziekte van Martin kwam de tweede Jamathi pas voor de Zweedse GP gereed. Na twee nachten te hebben doorgewerkt, werd er vol goede moed en met twee prachtige, blauw/gele machientjes aan de reis naar Scandinavië begonnen. Eerst naar Anderstorp en vervolgens door naar het Finse Imatra. Het was de eerste keer, dat een Jamathi-rijder de beschikking over twee gelijkwaardige machines had. In Zweden lag een podiumplaats voor het grijpen tot Jan Bruins onderuitging. Gelukkig kon de machine in de werkplaats van Leif Rosell, die met de ’70-er Jamathi aan de GP’s deelnam, worden gerepareerd en op het plaatselijke circuit zelfs nog even door de Zweedse coureur worden getest. Vanuit Karlskoga werd vervolgens de reis voortgezet naar Imatra, waar niet ver van de Russische grens de Finse Grand Prix plaats vond. Het werd helaas een zwarte bladzijde in de geschiedenis van Jamathi. Tijdens de training op het beruchte stratencircuit kwam Bruins andermaal ten val. Hierbij raakte het monocoque-frame ontzet. Gelukkig was er voor de wedstrijd de tweede machine. Naar later zou blijken, zou het de laatste GP-deelname van een officiële ‘fabrieks’ Jamathi worden. Na weer eens een slechte start was Jan Bruins opgeklommen tot de derde plaats om…. opnieuw onderuit te gaan. Gelukkig mankeerde hij niets, maar nu was ook de tweede machine ernstig beschadigd. Financieel betekende dit zo’n grote klap, dat Jan Thiel en Martin Mijwaart moesten besluiten om direct te stoppen met GP-racen. Er was gewoon weg geen geld meer voor. In het seizoen dat Henk van Kessel op een Van Veen Kreidler de wereldtitel greep, ging Jan Bruins in de laatste drie GP’s van 1974 niet meer van start. In onderling overleg werd besloten dat hij nog wel drie races in Nederland zou rijden. Maar al met al was er zo wel een roemloos einde aan het Jamathi Grand Prix tijdperk gekomen.

Een onverwachte titel

Ondanks de teleurstellingen Scandinavië was er niet veel tijd om bij de pakken neer te gaan zitten. Na de lange terugreis uit Finland werd er in de Jamathi-werkplaats in Breukelen meteen begonnen om van de twee beschadigde machines één rijdbaar exemplaar op te bouwen, zodat Bruins op zaterdag in Oldebroek kon rijden. Dat betekende ’s ochtends de trainingen en ’s middags de wedstrijd. Omdat er veel te repareren viel en Jan en Martin het wel even hadden gehad met Jan Bruins, ging ik alleen met de Hanomag met daarin één machine naar Oldebroek. Bruins reed er de snelste trainingstijd mee. Maar een slechte start zorgde ervoor dat hij in de race achter de Duitser Herbert Rittberger genoegen moest nemen met de tweede plaats. Terug in de werkplaats in Breukelen bleek dat aan alle Jamathi-leed ondanks die tweede plaats nog geen einde was gekomen. Want hier had Juup Bosman zich gemeld met een zwaar beschadigde ’68-er. De jonge coureur uit Aalsmeer kon in hetzelfde weekend met deze machine op Zandvoort Nederlands 50cc-kampioen worden, maar was dus gevallen. Omdat de tijd te kort was om de machine te repareren, boden Jan en Martin Juup de GP-racer aan. Maar die moest in de nacht van zaterdag op zondag nog wel even van een nieuw big end worden voorzien. Dat lukte allemaal. Zo ook de testrit langs het Amsterdam – Rijnkanaal in het holst van de nacht. In het pikkedonker met een zaklamp op de toerenteller gebonden! En in die tijd ook nog eens met een expansie uitlaat zonder demper. Het was een wonder dat er geen politie op de nachtelijke test afkwam…. Toch leek het nog fout te gaan, want bij terugkomst in de werkplaats lekte de machine benzine. Er bleek een scheurtje in het monocoque-frame te zitten! En dat viel niet zomaar te dichten. Met twee componentenlijm en het nodige schuimrubber werd de lekkage provisorisch een halt toegeroepen. Gelukkig hadden de heren van de machinekeuring niets in de gaten. En hoewel Juup nog nooit op deze machine had gereden, won hij de wedstrijd en stelde zo zijn nationale titel veilig. Tevens de eerste (en totaal onverwachte) titel voor motorblok A36260M.

Happy end

Niet lang na dit heugelijke feit kwam er definitief een einde aan ‘Jamathi’. Want Jan en Martin hadden intussen in Italië bij Egidio Piovaticci hun gewenste baan in de racerij gevonden. Piovaticci was een industrieel uit Pesaro, die als sponsor van de eveneens uit deze stad stammende Eugenio Lazzarini optrad. Het Nederlandse duo moest voor de kleine Italiaanse coureur 50cc- en 125cc-racers gaan construeren. In dit kader gingen de complete ’74-er-Jamathi en het ’73-er blok mee naar Italië, waar ze werden omgedoopt tot ‘Piovaticci’. Hoewel die machine in 1975 meestal de snelste fiets van het 50cc-veld was, werden Thiel en Mijwaart (opnieuw) geen wereldkampioen. Als coureur was Angel Nieto, ja hij weer, namelijk sneller en vooral ook slimmer dan Eugenio Lazzarini. Laatstgenoemde wist dan wel de 50cc-GP van Zweden te winnen, Nieto pakte op een Van Veen Kreidler de wereldtitel. Voor 1976 pleegde de Spaanse racelegende een enorme coup. Hij wist niet alleen dat de 50cc-Piovaticci razendsnel was, maar ook dat de Italiaanse firma in financiële problemen verkeerde. Dus zag Angel zijn kans. Hij wist Jan Thiel en Martin Mijwaart ervan te overtuigen naar Barcelona te komen om voor hem te gaan werken. Bovendien regelde Nieto dat de Spaanse motorbond de complete Piovaticci-raceafdeling (inclusief machines) over nam en onder bracht bij het legendarische Spaanse motormerk Bultaco. De hele operatie werd een groot succes. Want met Nieto veroverden Thiel en Mijwaart in 1976 eindelijk hun eerste 50cc-wereldtitel bij de coureurs en ook bij de constructeurs. En dat gebeurde ook nog eens met motorblok A36260M. Dit succes werd het jaar erop herhaald. En in 1978 werd Ricardo Tormo, als de opvolger van Angel Nieto bij Bultaco, 50cc-wereldkampioen. Hoewel Bultaco in die jaren 25 stuks 50cc-motoren (met gegoten carters) produceerde als krachtbron voor een serie productieracers, bleven de twee Jamathi-motoren het populairst. Dit omdat ze het snelst en betrouwbaarst waren. Nadat de Spaanse fabrikant eind 1979 een punt achter haar raceactiviteiten had gezet, slaagde Ricardo Tormo erin om met sponsoring van de oliefirma Motul één van genoemde blokken te kopen. Vandaar dat de machine van de Spanjaard, die werd geprepareerd door zijn landgenoot Angel Carmona, nu ‘Motul Bultaco’ heette. Op 12 juli 1981 won Tormo er in Imola niet alleen de Grote Prijs van San Marino mee, hij mocht zich vanaf dat moment ook weer 50cc-wereldkampioen noemen. Of te wel ruim acht jaar(!) nadat Theo Timmer (op 13 mei 1973) de eerste GP-zege met blok A36260M had geboekt, was het geesteskind van Jan Thiel en Martin Mijwaart opnieuw succesvol.

Waar de twee gedenkwaardige Jamathi-motoren zich anno 2024 en zo vijftig jaar later bevinden, is niet zeker. Maar het vermoeden bestaat dat er eentje in het bezit is van de familie Nieto en de andere in het bezit van de familie Tormo. Nieto en Tormo zijn ons net als Paul Lodewijkx, Martin Mijwaart en Jan Bruins veel te vroeg ontvallen.

MECCANO EN LEGO

Het Jamathi-blok A36260M is een soort van uit massief aluminium gefreesde en gedraaide bouwdoos. Hierin zijn de constructiemogelijkheden, zoals ook toepast bij Meccano- en Lego-speelgoed terug te vinden.

Foto 1: De ‘grondplaat’. Aan de binnenkant ligt de primaire aandrijving. Aan de buitenkant de droge koppeling.

Foto 2: Op de ‘grondplaat’ komen de twee verticaal deelbare carterdelen. Hierin ligt de krukas. In het (linker) carterdeel op deze foto moet nog het inlaatgat worden gefreesd. In dit deel draait de inlaatschijf op de krukas. Hierop wordt het inlaatdeksel met de carburateur gemonteerd. Op de foto links komt de horizontaal liggende cilinder.

Foto 3: Op de ‘grondplaat’ wordt vervolgens het versnellingsbakhuis gemonteerd. Dit huis vormt dus geen directe eenheid met het carter. Dit heeft als voordeel dat je bij monteren en demonteren van de versnellingsbak, om de verhoudingen te veranderen, niet het carter, de cilinder en de krukas hoeft te gedemonteren.

Foto 4: Op het versnellingsbakhuis komt het deksel. En vervolgens de bediening van het trekspieschakelmechanisme en het kettingvoortandwiel.

Foto’s: Henk Keulemans

Zomerbonus op negen Royal Enfields

0
Royal Enfield Scram 411.

Royal Enfield komt met een interessante actie voor de zomermaanden. Klanten kunnen profiteren van een bonus tot €650 bij aankoop van één van de negen geselecteerde modellen. De actie loopt van 19 juli tot en met 31 augustus 2024.

De Mid-Summer Bonus is van toepassing op een brede selectie uit het Royal Enfield-assortiment. Zowel de karaktervolle 650cc-modellen zoals de Super Meteor, Interceptor en Continental GT, als de toegankelijke 350cc-modellen waaronder de HNTR, Classic, Meteor en Bullet vallen onder de actie. Ook de avontuurlijke 411cc-Scram en Himalayan doen mee.

Model Bonus Adviesprijs incl. bonus vanaf
Super Meteor 650 € 650,- € 8.849,-
Interceptor 650 € 650,- € 8.249,-
Contentental GT 650 € 650,- € 8.549,-
Scram 411 € 600,- € 5.999,-
Himalayan 411 € 400,- € 6.399,-
Classic 350 € 500,- € 5.949,-
HNTR 350 € 400,- € 5.099,-
Meteor 350 € 400,- € 5.499,-
Bullet 350 € 400,- € 5.999,-

Kopers kunnen het bonusbedrag naar keuze gebruiken als korting op de aanschafprijs of besteden aan accessoires uit het uitgebreide Royal Enfield programma. Geïnteresseerden kunnen online een proefrit boeken of langsgaan bij de dichtstbijzijnde dealer voor meer informatie.

Let op: de actie geldt bij aankoop en tenaamstelling binnen de actieperiode en zolang de voorraad strekt. Informeer bij de Royal Enfield dealer naar de precieze actiemodellen en -voorwaarden.

Vijf redenen waarom de Royal Enfield Guerrilla 450 zo aantrekkelijk is

WorldSBK Donington Park en Most 2024: 10 op een rij voor Razgatlıoğlu

0
Toprak Razgatlıoğlu (54) is momenteel van een ander niveau in de WorldSBK.

Toprak Razgatlıoğlu domineert momenteel in de WorldSBK en staat na zijn hattricks in Donington Park en Most op tien zeges op een rij. De eerste wereldtitel van BMW in de WorldSBK lijkt almaar dichterbij te komen. Zijn teamgenoot Michael van der Mark sloot sterk af in Tsjechië, waar hij lange tijd op een derde plaats reed en als vijfde over de finish kwam.

Niemand had het voor mogelijk gehouden dat Toprak Razgatlıoğlu na zijn transfer van Yamaha naar BMW in de eerste seizoenshelft meteen twaalf van de achttien races zou winnen. De BMW M 1000 RR stond bij aanvang van het seizoen niet bekend als een winnende motor in de WorldSBK. De Duitse fabrikant kende moeizame jaren, maar viert dit jaar het ene succes na het andere. De BMW had altijd al veel vermogen, maar is dit jaar veel beter gaan sturen. Het Turkse megatalent en de BMW blijken in ieder geval een perfecte match. Zijn teamgenoot Michael van der Mark legt uit: ‘De motor is beter geworden, maar buiten Toprak om zijn we soms nog wat wisselvallig. Toprak kan met zijn talent om de problemen heen rijden. Ik probeer dat ook, maar dat lukt nog niet in alle bochten. Toprak rijdt op een manier zoals niemand anders rijdt.’ Tweevoudig wereldkampioen Álvaro Bautista heeft het – mede door de nieuwe gewichtsregel en veranderingen aan de motor – een stuk lastiger dan in voorgaande jaren.

WorldSBK Misano 2024: Michael van der Mark verlengt bij BMW

Razgatlıoğlu won in juli ook overtuigend alle races op Donington Park en Most. Niemand was in geen enkele race een serieuze bedreiging. Ook in de kwalificaties was Razgatlıoğlu beide keren meer dan een halve seconde sneller dan de rest van het veld. De BMW-rijder voert in de uitloopronde tegenwoordig iedere keer een show op om zijn zege te vieren. Iets wat je vooraf toch moet bedenken en wat zijn vertrouwen in een racezege bevestigt. De show na de tweede race op Donington Park was het meest spaakmakend. Razgatlıoğlu liet langs de baan door een aantal teamleden een ’technische controle’ uitvoeren. Dit deed hij omdat er zaterdag door de andere teams – onder aanvoering van Ducati – geklaagd was over zijn zitpositie. Die zou te laag zijn. Het is een regel waar het WorldSBK-reglement niet heel duidelijk over is. Razgatlıoğlu’s zitpositie werd na de controle van de organisatie wel iets naar boven aangepast, maar nog steeds was hij een dag later niet te verslaan. Sinds de tweede race in Assen is de Turkse rijder ongeslagen en staat hij op tien zeges op een rij. Jonathan Rea en Bautista delen het record in de WorldSBK met elf zeges een op rij. ‘Nog twee zeges en dan heb ik het record’, zei Toprak na de races in Most. Vol zelfvertrouwen vertelde hij verder: ‘Elk weekend proberen we iets nieuws te bedenken om de racezege te vieren. Nu gaan we naar Portimão, een circuit waar ik ook altijd erg sterk ben.’

Toprak Razgatlıoğlu (54) is momenteel van een ander niveau in de WorldSBK.

Podiumstrijd

Over Razgatlıoğlu’s talenten twijfelt niemand, ook zijn teamgenoot Van der Mark niet. ‘Naar mijn mening is hij veruit de beste coureur in dit veld. Met de Yamaha werd hij voorgaande jaren op de rechte stukken telkens voorbijgereden door Bautista. Nu bij BMW heeft hij het vermogen dat hij eerder tekort kwam en dan zie je wat er gebeurt. Ik ben ervan overtuigd dat als hij een echte kans krijgt in de MotoGP, dat hij daar ook voorin kan rijden. Ik zie geen reden waarom het met zijn rijstijl niet zou werken.’ Van der Mark begon uitstekend op Donington Park, waar hij zich als zesde wist te kwalificeren. Meestal zijn zijn races sterker dan de kwalificatie, maar in Engeland was het omgekeerde het geval. Van der Mark kende moeizame races waarin hij als negende en tweemaal als twaalfde over de finish kwam. ‘We hadden gewoon niet het tempo om te vechten voor een topklassering, we moeten uitzoeken waardoor dit komt.’ Gelukkig ging het een week later in Tsjechië beter, maar niet in de kwalificatie overigens.

Van der Mark kwam ten val in de Superpole, waardoor hij als zestiende aan de eerste race en Superpole Race moest beginnen. Beide keren wist hij zich op eigen kracht op te werken naar een negende plaats. Dit leverde hem een plek op de derde startrij voor de tweede race op. Van der Mark gebruikte dit voordeel optimaal, want na een geweldige start reed hij gelijk vijfde. Bij het ingaan van de tweede ronde wist de BMW-rijder zelfs naar een derde plaats te komen. Lang had hij deze podiumplaats in handen. Het zou de eerste podiumplek op een droge baan sinds 2020 – nog voor Yamaha – betekenen. Het mocht net niet zo zijn. In de slotfase werd Van der Mark gepasseerd door Andrea Locatelli en Remy Gardner, waardoor hij als vijfde de finishlijn passeerde. Het was wel veelzeggend over zijn sterke optreden dat Van der Mark tekende voor de snelste raceronde. ‘Het was een heel mooie race. Natuurlijk wil je op het podium staan, maar ik heb, denk ik, net iets te hard gepusht in het begin. Het was gewoon weer even wennen, maar zo’n race geeft een goed gevoel. Ik denk dat we het in Portimão nog beter kunnen doen’, sloot hij hoopvol af. En dat laatste kan maar zo, want de Nederlander – die negende staat in het WK – heeft in het verleden mooie resultaten gescoord in Portugal, waar van 9 t/m 11 augustus wordt geracet.

Bautista wil door

Razgatlıoğlu heeft halverwege het seizoen een voorsprong van 64 punten in het WorldSBK-kampioenschap. Er zijn maximaal 62 punten per raceweekend te verdienen, wat aangeeft dat de BMW-rijder een ruime marge heeft. Nummer twee in het kampioenschap is niet Bautista, maar zijn Ducati-teamgenoot Nicolò Bulega. De Italiaan werd vorig jaar WorldSSP-kampioen en scoort in zijn debuutseizoen constant podiumplaatsen achter Razgatlıoğlu. Bulega werd tweede in vier van de zes races in Engeland en Tsjechië. Bautista had het niet makkelijk in Donington Park en kende helemaal een slechte zondag in Most, ondanks dat zijn gevoel met de motor beter was dan in Engeland. In de Superpole Race ging de Spanjaard bij het ingaan van de laatste ronde onderuit toen hij probeerde de tweede plaats van teamgenoot Bulega af te pakken. In de tweede race ging de regerend wereldkampioen samen met Danilo Petrucci direct na de start onderuit. De 39-jarige coureur sprak de afgelopen tijd vaak zijn twijfels uit of hij zijn contract met nog een jaar wilde verlengen. De voornaamste reden was het gebrek aan plezier door het ontbreken van het goede gevoel met de Ducati Panigale V4R. Petrucci en Andrea Iannone – beiden uitkomend voor Ducati satellietteam – solliciteerden al openlijk voor Bautista’s zitje in 2025. Maar het lijkt er meer en meer op dat Bautista ook als 40-jarige nog in de WorldSBK actief zal zijn. Na Most zei hij het volgende: ‘Ik wil doorgaan en we praten met Ducati om het contract te verlengen. Ondanks dat de resultaten niet goed waren in Most, kon ik hier voor de eerste keer in 2024 de Ducati zo rijden zoals ik graag wil. En dat is voor mij heel belangrijk.’ De beslissing ligt nu bij Ducati of zij Bautista’s eisen zullen accepteren.

Een andere, meervoudige wereldkampioen – Jonathan Rea – begint beetje bij beetje een beter gevoel te krijgen op de Yamaha. Op Donington Park scoorde hij zijn eerste podiumplaats door als derde te finishen in de Superpole Race. Het probleem voor Rea zit nog in de eerste ronden van de race om op snelheid te komen. Wanneer hij dat voor elkaar krijgt in combinatie met een betere kwalificatie, kunnen we de zesvoudig wereldkampioen nog vaker op het podium verwachten in 2024.

Kort na deze crash met Danilo Petrucci in Most gaf Alvaro Bautista aan dat hij voornemens is om nog een jaar door te gaan.

WorldSBK Donington Park, Groot-Brittannië 2024 uitslagen

  • Circuit: Donington Park Circuit
  • Lengte: 4,023 km
  • Superpole: Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 1’24.629
  • Snelste raceronde: Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 1’25.733 (Superpole Race) 
  • Ronde 5 – Groot-Brittannië
RACE 1 – 23 ronden = 92,529 km
1. Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 33.16,535;
2. Alex Lowes (GB), Kawasaki, +11,384;
3. Alvaro Bautista (E), Ducati, +13,167;
4. Nicolò Bulega (I), Ducati, +14,913;
5. Jonathan Rea (GB), Yamaha, +16,349;
6. Andrea Locatelli (I), Yamaha, +16,611;
7. Danilo Petrucci (I), Ducati, +17,634;
8. Dominique Aegerter (CH), Yamaha, +24,648;
9. Michael van der Mark (NL), BMW, +25,099;
10. Remy Gardner (AU), Yamaha, +25,563;
11. Andrea Iannone (I), Ducati, +27,272;
12. Axel Bassani (I), Kawasaki, +28,838;
13. Iker Lecuona (E), Honda, +30,210;
14. Garrett Gerloff (US), BMW, +30,467;
15. Michael Ruben Rinaldi (I), Ducati, +33,306.
SUPERPOLE RACE – 10 ronden = 40,230 km
1. Razgatlıoğlu, 14.23,681;
2. Bulega, +4,826;
3. Rea, +6,526;
4. Scott Redding (GB), BMW, +8,375;
5. A. Lowes, +8,576;
6. Bautista, +9,188;
7. Locatelli, +10,037;
8. Sam Lowes (GB), Ducati, +11,760;
9. Petrucci, +12,229;
12. Van der Mark, +13,108.
RACE 2 – 23 ronden = 92,529 km
1. Razgatlıoğlu, 33.11,699;
2. Bulega, +8,062;
3. A. Lowes, +10,026;
4. Redding, +12,275;
5. Bautista, +13,476;
6. Petrucci, +15,562;
7. Locatelli, +16,343;
8. Rea, +16,742;
9. Aegerter, +18,919;
10. Bassani, +23,306;
11. Gardner, +25,980;
12. Van der Mark, +26,107;
13. Gerloff, +27,579;
14. Lecuona, +29,658;
15. Xavi Vierge (E), Honda, +30.026.

WorldSBK Autodrom Most, Tsjechië 2024 uitslagen

  • Circuit: Autodrom Most
  • Lengte: 4,212 km
  • Superpole: Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 1’30.064
  • Snelste raceronde: Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 1’31.180 (Superpole Race) 
  • Ronde 6 – Tsjechië
RACE 1 – 22 ronden = 92,664 km
1. Razgatlıoğlu, 33.53,537;
2. Petrucci, +5,740;
3. Iannone, +5,881;
4. Bautista, +9,217;
5. Gardner, +11,622;
6. Bulega, +13,841;
7. Locatelli, +14,186;
8. Gerloff, +14,596;
9. Van der Mark, +19,520;
10. Rea, +23,579;
11. Rinaldi, +25,370;
12. S. Lowes, +25,993;
13. Aegerter, +28,213;
14. Vierge, +29,628;
15. Redding, +32,972.
SUPERPOLE RACE – 10 ronden = 42,120 km
1. Razgatlıoğlu, 15.20,668;
2. Bulega, +3,812;
3. A. Lowes, +4,251;
4. Petrucci, +6,534;
5. Gardner, +6,673;
6. Locatelli, +7,510;
7. Iannone, +7,556;
8. Rea, +10,044;
9. Van der Mark, +10,100.
RACE 2 – 22 ronden = 92,664 km
1. Razgatlıoğlu, 34.04,044;
2. Bulega, +3,239;
3. Locatelli, +5,462;
4. Gardner, +6,569;
5. Van der Mark, +8,529;
6. Rea, +12,577;
7. Rinaldi, +13,808;
8. Iannone, +16,507;
9. A. Lowes, +16,715;
10. Lecuona, +19,250;
11. Vierge, +20,389;
12. Gerloff, +21,132;
13. Redding, +24,596;
14. Tito Rabat (E), Kawasaki, +26,330;
15. Bradley Ray (GB), Yamaha, +28.227.

Stand WorldSBK Kampioenschap (na 18 races)

Positie – Naam – Nationaliteit – Motor Punten
1 – Toprak Razgatlıoğlu – TR – BMW 303
2 – Nicolò Bulega – I – Ducati 239
3 – Alvaro Bautista – E – Ducati 199
4 – Alex Lowes – GB – Kawasaki 179
5 – Andrea Locatelli – I – Yamaha 145
6 – Andrea Iannone – I – Ducati 115
7 – Remy Gardner – AU – Yamaha 112
8 – Danilo Petrucci – I – Ducati 111
9 – Michael van der Mark – NL – BMW 96
10 – Jonathan Rea – GB – Yamaha 75
11 – Dominique Aegerter – CH – Yamaha 64
12 – Axel Bassani – I – Kawasaki 50
13 – Garrett Gerloff – US – BMW 50
14 – Scott Redding – GB – BMW 46
15 – Sam Lowes – GB – Ducati 40
16 – Michael Ruben Rinaldi – I – Ducati 38
17 – Xavi Vierge – E – Honda 33

Foto’s: WorldSBK, teams

Toprak Razgatlıoğlu viert zijn zeges tegenwoordig met een show in de uitloopronde. Na zijn tiende zege op rij in Most speelde de BMW-rijder een traditioneel Turks bordspel.

Nederlanders sterk in MXGP van Tsjechië

0
MXGP van Tsjechië

Vier weken voor de Nederlandse MXGP in Arnhem hebben de Nederlandse crossers prima resultaten geboekt tijdens de in Loket verreden MXGP van Tsjechië. Als ze deze vorm weten vast te houden mag in het weekend van 17 en 18 augustus worden gerekend op veel Nederlands succes in eigen land.

Jeffrey Herlings begon het weekend met een derde plaats achter Tim Gajser en Jorge Prado in de kwalificatierace. In de eerste manche ging aanvankelijk wereldkampioen Prado op kop, maar hij was niet bestand tegen Herlings, die nog voor de helft van de race de leiding overnam. Herlings reed daarna naar een onbedreigde zege en kwam acht seconden voor Prado over de finish. In de tweede manche was Herlings op zijn KTM veruit de sterkste van de 35 deelnemers, maar werd daarvoor niet beloond. Meteen na de start kwam hij ten val en moest zijn race vanuit de achterhoede vervolgen. Hij kwam snel naar voren, maar werd een aantal plaatsen teruggeworpen toen hij het achterwiel van Andrea Bonacorsi aantikte. Herlings gaf niet op en reed nog naar de vierde plaats achter Gajser, Prado en Calvin Vlaanderen. In het dagklassement bezette Herlings met 43 punten de derde positie achter Gajser (45) en Prado (44). In deze volgorde voeren deze drie ook de WK-stand aan. Gajser leidt met 663 punten voor Prado (627) en Herlings (608).

MXGP Indonesië & Indonesië 2024: dubbel podium Herlings en Vlaanderen

Vlaanderen is sinds dit jaar opgenomen in het fabrieksteam van Yamaha. Hij maakt zijn uitverkiezing helemaal waar en is na dertien van de twintig GP’s ‘best of the rest’. Na in de beide GP’s van Indonesië derde te zijn geworden, werd hij vandaag in Loket vierde. Hij finishte als vijfde en derde. In de tweede manche wist hij Herlings net voor te blijven. Vlaanderen staat op 471 WK-punten.

De Fantic-teamgenoten Glenn Coldenhoff een Brian Bogers behaalden beiden goede resultaten in Loket. Coldenhoff eindigde als zevende, na in de manches negende en zevende te zijn geworden. Bogers staat in het dagklassement als tiende. Hij werd in de races tiende en twaalfde. Bogers verspeelde in de tweede manche door een val in het begin een flink aantal plaatsen; op het moment van de val reed hij op de vijfde plaats.

MX2

Kay de Wolf begon het seizoen zeer goed door in Argentinië de eerste GP in de MX2-klasse te winnen. Hij stond daarna de leiding in de WK-stand niet meer af. Hij zegevierde daarna ook in de GP’s van Spanje en Italië. De volgende zeven GP’s leverden winst op voor drie Belgische rijders. De Wolf zegevierde in de eerste GP van Indonesië en toonde zich in Loket voor de vijfde keer dit jaar de sterkste. In de eerste manche werd de Husqvarna-fabrieksrijder derde. In de slotronde wist hij nog de Deen Mikkel Haarup een plaats terug te verwijzen. In de tweede manche was De Wolf vijfde bij de eerste doorkomst. Hij wist zich elke paar ronden een plaats te verbeteren en kwam met nog vier ronden te gaan op kop en bleef de Duitser Simon Längenfelder voor tot het vallen van de finishvlag. In de WK-stand leidt De Wolf met een voorsprong van 46 punten op zijn Belgische teamgenoot Lucas Coenen.

Rick Elzinga handhaafde zich op de zevende plaats in de WK-stand. De Yamaha-fabrieksrijder finishte in beide manches als zesde. In de eerste manche begon hij als derde en verloor iets in het verloop van de race. De tweede manche gaf een tegenovergesteld beeld, want daarin begon hij als negende en wist zich te verbeteren.

Jens Walvoort (KTM) zit in zijn eerste jaar in de GP’s. De debutant slaagt erin in elke manche te scoren. Dat deed hij ook in Loket met de klasseringen negen en dertien. In de WK-stand bezet hij de veertiende plaats.

De eerstvolgende Grand Prix is komend weekend in het diepe zand van het Belgische Lommel, een circuit waarop de Nederlanders naar verwachting heel goed gaan scoren.

Recordeditie Zwarte Cross 2024 groot succes

0
Zwarte Cross 2024

De 26e editie van de Zwarte Cross was een groot succes met een recordaantal bezoekers van 265.500. Het festival bood een gevarieerd programma met motorcross, muziek, theater en stunts in een gemoedelijke sfeer.

Dit jaar was er voor het eerst een volledige festivaldag op donderdag, die memorabel begon met een bizarre actie tijdens de openingsact van Bökkers. De Levendenherdenking vond plaats om 20:00 uur, waarbij het hele festivalterrein vijftig seconden stilstond. Hans Klok wijdde het nieuwe Hoofdpodium in met een spectaculaire show.

Fotoverslag RIDERS Festival 2024: terugblik op een fantastisch weekend

Bezoekers genoten vier dagen lang van een divers programma met onder andere funkmetal van Living Colour, rock van Status Quo en een symfonische versie van ‘Oerend Hard’ door The Maestro & The European Pop Orchestra. Op de Theaterweide en in Literair Café Het Ezelsoor waren er optredens en lezingen van diverse artiesten en schrijvers.

De motorcross stond centraal met verschillende klassen en een knock-outsysteem voor de finale van de Zwarte Cross Open. Ondanks tropische temperaturen tot 31 graden en een wolkbreuk op zondag, bleef het publiek enthousiast.

Helaas brandden er drie caravans uit op de camping, maar dankzij adequaat handelen van bezoekers en hulpdiensten bleef de schade beperkt.

Tijdens de traditionele oecumenische kerkdienst op zondagochtend sprak mede-oprichter Gijs Jolink. Tijdens zijn speech werd hij vergezeld door eregast Awn Maarof, die de sterren van de hemel zong terwijl salto’s makende motoren over zijn hoofd vlogen. 

De volgende Zwarte Cross vindt plaats van 17 t/m 20 juli 2025.

MrGPS: hoe interessant is Best Biking Roads?

0

BestBikingRoads.com (BBR) is één van de oude rotten als het gaat om gps-routes. Het werd in 2004 gelanceerd door David Robertson, een Britse softwareingenieurs die alweer jarenlang in België woont en met de motor de hele wereld over ging. 2004 is twintig jaar geleden, in GPS-land een mensenleven. Ga maar na: de Streetpilot III, het eerste volwaardige standalone navigatiesysteem kwam in 2002 op de markt…

BBR was er dus vroeg bij en de routesite bevat een indrukwekkende 1,4 miljoen kilometer aan routes. Maar dat zegt niet alles. Is BBR een beetje meegegaan met de tijd? Hoe verhoudt de site zich tot de tegenwoordig grote jongens als MyRouteApp en RouteYou? Of liever: hoe interessant is het om BBR te gebruiken?

MrGPS: hoe werk je met de nieuwe planner van TomTom?

Net als vele andere routesites kent BBR zowel een gratis als betaalde versie. Zowel qua website als smartphone app. Met de gratis versie kun je de belangrijkste opties gewoon gebruiken maar word je wel tot vervelens toe geconfronteerd met advertenties. Irritant daarbij is dat je drie keer moet kijken voordat je in de gaten hebt dat het inderdaad een advertentie is. Dus voor je het weet heb je doorgeklikt naar een website waar je niets te zoeken hebt. Soit. Niet zo zeuren Hans, voor niets gaat de zon op. En zo is het ook.

BBR vindt zijn oorsprong in het VK en dat zie je ook wel een beetje terug aan het routeaanbod. Ofschoon je routes kunt vinden in de hele wereld vind ik het vooral een interessante bron als je een trip naar het VK, Schotland of Ierland overweegt. Kan ook leuk zijn daarbij het BBR-forum te gebruiken; tips van locals zijn altijd handig.

Op de homepage kun je op de kaart klikken maar ook een werelddeel selecteren of kiezen voor bijvoorbeeld de hoogstgewaardeerde of meest bochtige routes:

En dan meteen ook een waarschuwing: vooral de opties ’twistiest’ en ’top rated’ zijn kennelijk al een tijdje niet meer in gebruik en leveren vrij oude routes:

Op zich hoeft dat niet erg te zijn, maar de kans dat je een route uit 2006 anno 2024 zonder problemen kunt rijden is, ahem, niet heel erg groot. Gelukkig zijn er ook veel actuele routes te vinden, zelfs van de afgelopen weken.

Klik ik op de kaart op Engeland dan zie ik dat alleen daar al 1.975 routes te vinden zijn.

Maar je ziet meteen ook wat ik bedoelde: zo’n irritante advertentie. Je moet telkens klikken op ‘load map’. Vooruit. Ik zou daar niet meer over zeuren. Sterker: ik vind het logisch om te betalen voor een goede dienst. Dus heb ik me geregistreerd inclusief een donatie van iets van 15 euro. En inderdaad: dan ben ik de advertentie kwijt, maar moet ik helaas nog steeds klikken op load map. En dat vind ik toch wel enorm irritant.

Als je dat doet kom je vervolgens in een interface die niet meer helemaal van deze tijd is:

Zoom je verder in dan zie je een enorme routedichtheid:

Klik op één ervan en je ziet de details van de route.

Niet onbelangrijk: met de blauwe knop rechtsonder kun je de gpx downloaden en dat is dan, zoals het hoort, een gpx-bestand met daarin louter de track van de route. Dat is ook bij de gratis versie het geval.

Routeplanner

BBR kent ook een routeplanner, overigens alleen als je genoemde donatie hebt gedaan. Die planner bestaat nog niet zo heel lang, dus dat roept de verwachting op dat de nieuwste technieken gebruikt worden. De wijze van werken is in ieder geval wat anders dan anders: je moet eerst invullen in welke landen je gaat plannen, dan een naam en omschrijving ingeven en dan drukken op ‘load map’.

Het resultaat is het bekende Google Maps-scherm, maar als je goed kijkt zie je een netwerk aan gekleurde wegen:

Die blauwe lijnen volgen niet exact de wegen maar tonen in ieder geval de wegen die deel uitmaken van de routedatabase en daarom vermoedelijk fraai zullen zijn.

Dat kun je vervolgens eenvoudig controleren door voor Streetview te kiezen. Iets dat we tegenwoordig eigenlijk altijd alleen in de betaalde routeplanners tegenkomen, maar wel erg lekker werkt.

Het feitelijk plannen van de route is vervolgens kinderspel: kwestie van viapunten aanklikken zoals je dat gewend bent in Google Maps.

Ben je klaar dan druk je op ‘verder’ en kun je meteen de gpx-track downloaden.

BBR kent ook een smartphone app, zowel voor iPhone als Android. Daarmee kun je bijvoorbeeld routes in de buurt opzoeken. Dat werkt an sich prima. Maar wil je de gpx downloaden, moet je ook hier de betaalde versie hebben. Kost slechts drie euro, dus dat is te doen. Vooral handig als je met een zumo 396 of XT/XT2 werkt. Dan kun je immers eenvoudig een gpx in je smartphone openen met de Garmin-app en zo zonder tussenkomst van een computer snel overzetten naar je toestel.

Conclusie Best Biking Roads

Hoe interessant is Best Biking Roads? Je proeft het al een beetje. David verdient alle eer, want hij heeft belangrijk bijgedragen aan de groei van de mogelijkheden van motor-gps. En nog steeds biedt zijn site een interessante verzameling routes, wereldwijd. Dus ga er zeker eens kijken voor inspiratie. Maar echt lekker werkt het niet. Qua routeverzameling en -presentatie is bijvoorbeeld Routeyou veel prettiger in het gebruik en als het gaat om routeplanning dan werken MRA of Kurviger veel beter.

Eerste winst voor Tobias Dogger in Molenaar NSF100 Cup

0
Molenaar NSF100 Cup 2024

Op de TT Junior Track heeft Tobias Dogger zijn eerste overwinning in de Molenaar NSF100 Cup behaald. Miquel Sinke en Senne Botman stonden beide voor het eerst op het podium met een respectievelijke tweede en derde plaats. Titelkandidaat Milan Hunneman zag zijn kansen op een overwinning in rook opgaan toen hij tijdens de kwalificaties ongelukkig ten val kwam en een enkel brak.

Molenaar NSF100 Cup klaar voor het nieuwe seizoen

Op zaterdag 20 juli werd er voor de derde keer dit seizoen gereden op de TT Junior Track in Assen. Deze keer was er geen sprake van regen maar van tropische temperaturen. Er werd wederom op een andere lay-out gereden, die samen met rijderscoach Dion Otten uitvoerig werd doorgenomen voordat de eerste kwalificatie van start ging. Daarin was leider in de tussenstand Milan Hunneman veruit de snelste. Vroeg in de tweede kwalificatie ging het voor hem echter mis toen hij met een highsider hoog uit het zadel van de Honda NSF werd geworpen. Hunneman kwam ongelukkig ten val en zou met pijn aan zijn enkel en heup naar het ziekenhuis worden overgebracht. Daar zou blijken dat de enkel gebroken was en in het gips gezet moest worden. Het jonge talent stond erop om zo snel mogelijk weer terug naar de Junior Track te gaan om zijn mede-coureurs aan te kunnen moedigen. Het was nu Tobias Dogger die van polepositie zou mogen vertrekken voor Senne Botman en Miquel Sinke. Mick Koomen mocht met een vierde tijd op de tweede startrij plaatsnemen met de gebroeders Quinn en Vince de Joode naast zich.

Chased by Murphy’s Law: Razvan en Alain beleven een Brits beachracertje

0

Het ijverige sleutelduo Razvan Barbu en Alain Deneyer verbouwde reeds talloze machines. Meestal motoren van Japanse origine of Oostblok makelij. Dat langgerekte lijstje werd onlangs aangevuld met een 500 cc beachracertje van historische, Engelse komaf. 

Na de afwerking van een Savage choppertje in Frisco style, (waarmee ze zelfs de cover van Bigtwin editie 449 scoorden!), kwam het handige stel eventjes in het luchtledige terecht. Die periode was slechts van korte duur. Razvan: “We gingen onmiddellijk op zoek naar een nieuwe uitdaging en besloten om dit keer iets in elkaar te flansen met een karaktervol, oldskool tweecilinderblokje.”

Martin is al zestig jaar motorliefhebber en -verzamelaar en heeft unieke Oldtimer Collectie

Kwijl op de lippen

Hij vervolgt: “Alain heeft enorm veel vrienden in Zweden. Engelse motoren zijn daar verschrikkelijk populair en de meeste van zijn vrienden zijn er nog in het bezit van de machine waarmee ze in hun apenjaren biker werden. In de loop der jaren zijn daar talrijke machines tot chopper verbouwd en toen Alain me daar een aantal foto’s van liet zien, kwam het kwijl me op de lippen. Volgens Alain had Jan Van Den Bossche, de voorzitter van de Belgische Triumph Club, nog een motorblokje liggen waar hij niet onmiddellijk grootse plannen mee had. Dat blok had Jan in 2019 doelloos meegebracht van een excursie naar de Classic Motorcycle Show in Stafford, UK. Ondanks het feit dat Jan meerdere Tigers van midden vijftiger jaren in zijn bezit had, wou hij absoluut niet met lege handen thuiskomen van zijn uitstapje. Het 28 kg zware tweecilinder blokje was afkomstig van een Tiger 100S, het 500 cc race model met full aluminium blok. Het is een pre-unit exemplaar, dus uit de periode voordat het motorblok en de versnellingsbak uit één geheel gemaakt werden. Volgens de overzeese verkoper was het blok volledig gerestaureerd, inclusief speciale kleppen en klepveren. Uitwendig bleek dat te kloppen en zodoende ging Jan te goeder trouw op het aanbod in.”

Grootse plannen

Razvan lacht en vertelt: “Om het motorblokje ooit eens efficiënt te benutten, is niet veel in huis gekomen. Alain, die een goede band heeft met Jan, vertelde hem over onze grootse plannen. Een ambitieus ‘one of a kind’ project, waar echt mee gereden zou worden. Jan was net met een verhuizing bezig en voor deze nobele doelstelling wou hij de twin wel van zijn vaste decoratiestekje naast de open haard bevrijden. Het was de bedoeling om zelf een frame te lassen om het blokje in te huisvesten, maar toen dook er in Nederland onverwachts een origineel Triumph T3A 350 kader op. De verkoper begon met een flinke vraagprijs, maar na een nieuwsgierig belletje kwamen we toch tot een akkoord. Het ritje naar het verre Hollandse noorden leverde niet allen een perfect frame op, we brachten ook nog een achternaaf en olietank mee. Zo’n waardevol, gedateerd frame genadeloos verslijpen leek ons onvergeeflijke barbarij. Na een korte beraadslaging besloten we het uitgestippelde chopperplan te schrappen. Met de reeds tezamen geschraapte onderdelen konden we evengoed een klassiek beachracertje construeren. Liefst met zoveel mogelijk originele en historisch correcte onderdelen, alsof het motorrijwiel regelrecht uit de jaren ’50 kwam binnengeploft.”

Engels allegaartje

De inbouw van het 500 cc tweecilinderblok in een 350 cc frame verliep volgens Razvan niet geheel volgens plan. “Met een aantal zelfvervaardigde schetsplaten en enkele rekenkundige capriolen slaagden we er alsnog in om het blokje minutieus tussen de buizen te wurmen en de primaire ketting uit te lijnen. Het 125 cc Motobécane D45 benzinetankje uit mijn ruime collectie verzamelstukken was net te klein, maar bleek toch nuttig als inspiratiebron voor het fabriceren van een gelijkaardig aluminium reservoir, met extra volume en dubbele benzinekraan. Het achterspatbord werd gerold uit dezelfde aluminiumplaat, afkomstig van een gerecupereerde oude buitendeur. De veren onderaan het zadeltje waren in een vorig leven actief als klepveren in een 650 cc Bonneville. De voorvork is een allegaartje selfmade en BSA Girder onderdelen, aangevuld met een T-stuk van onbekende origine. Met een aangekocht BSA B40 voorwiel en een lekker in de hand liggend AJS stuurtje uit het rommelarsenaal, bleven we loyaal aan de Engelse roots. De koplamp is als unicum het enige, nieuw aangekochte onderdeel van Chinese makelij. Achteraan werd de originele T3A naaf gecombineerd met een iets bredere 19” Norton Commando 850 velg. Uit de restanten van drie zwaar gehavende versnellingsbakken puzzelden we de perfecte bak in elkaar, waar een Triumph T140 koppeling op gemonteerd werd. De gebruikte open triplex primaire aandrijving is afkomstig van een 750 cc Triumph en die schenkt ons racertje het ideale, coole smoeltje.”

Murphy’s Law

Erg gemakkelijk is het allemaal niet gegaan, sakkert Razvan. “Het project heeft ons liters zweet gekost”, verklaart hij, “maar toch was het nooit de bedoeling om het concept onder een glazen stulpje te plaatsen. Na twee jaar nachtelijke sleutelarbeid hadden we het ambitieuze plan bedacht om ermee te pronken op de befaamde beach races in Normandië. Vanaf dat moment kregen we genadeloos te maken met de Wet van Murphy. Tijdens het eerste proefritje verloor ik de motordocumenten en kwam aan het licht dat het motorblok, in tegenstelling tot wat de Engelse verkoper had verzekerd, totaal niet gerestaureerd was. Er zaten afgetakelde zuigers in, de compressie lekte weg langs de bougiegaten en de schroefdraad was ernstig beschadigd. We hadden dus geen andere optie dan het blokje terug te demonteren om de cilinders opnieuw te boren, nieuwe zuigers te installeren en narigheid met o-ringen en scheefzittende stoterstangen op te lossen. Door noeste arbeid kregen we de machine net op de valreep van het Franse raceweekend klaar. Een trailer is voor ons min of meer gemakzuchtige ketterij, dus vertrokken we heldhaftig op twee oude Triumphs richting de Normandische stranden. De motoren die we bouwen zijn immers gemaakt om mee te rijden!”

Onversaagde volharding

Die bewonderenswaardig dappere instelling van de mannen zal hen echter nog nadrukkelijker met de onverbiddelijke Wet van Murphy confronteren: “Omdat het racertje nog moest worden ingereden, besloten we het traject via binnenbaantjes af te leggen”, vertelt Razvan. “Het regende die dag ‘ouwe wijven’ en we gokten het 500 km lange traject met twee dagen te kunnen afleggen. Dat verliep vrij vlot tot net voor Amiens de koppelingskabel brak. Na een kleine interventie werd de rit verder gezet. Niet voor lang echter, want de reservestand van de benzinekraan bleek niet te werken, waardoor we zonder benzine langs de graskant strandden. Met behulp van een fles van een passant konden we wat brandstof overhevelen en de reis vervolgen. Ondertussen was het donker geworden en even later kregen we af te rekenen met een doorgebrande koplamp. Met een om het stuur gebonden zaklamp zetten we de reis verder. Tot het moment dat de primaire ketting los trilde, tussen de ketting sloeg en middendoor brak. Opgeven staat evenwel niet in ons woordenboek en midden de nacht belden we een kameraad aan het thuisfront, met het verzoek een reserveketting uit onze werkplaats op te halen en naar Amiens te brengen. Ondertussen sleepten we het dekselse mormel met een sleeptouw 20 km verder tot aan een hotelletje, waar we om 3 uur ’s nachts eindelijk onderdak en rust vonden. De volgende morgen stond onze kameraad Gunter al met een halve primaire ketting voor de deur. Daarmee konden we het euvel fiksen en de lijdenstocht verder zetten. De volgende dag verliep helaas even hectisch, want door verschillende lullige akkefietjes zaten we tussen de plenspuien door, nog een aantal keren naast onze Engelse kwelgeest op de knieën. Door onversaagde volharding en standvastige teamspirit zijn we alsnog in Normandië geraakt. De vele lofbetuigingen die we voor de machine ter plaatse kregen gaven ons een euforisch gevoel en lieten ons de afschuwelijke martelgang snel vergeten. Voor de zekerheid zijn we teruggereisd in de camionette.”

Edo’s motoravontuur in Australië: een roadtrip langs de Great Ocean Road

Het grote avontuur

Alain zegt: “Wanneer we iets voor ogen hebben, dan worden er nooit compromissen gesloten. Hoe moeilijk het ook mag zijn, hoeveel keer we ook moeten herbeginnen, het doel zal bereikt worden. Dat venijnige karaktertrekje heeft me al vele uren en dagen gekost, maar het heeft ook meermaals unieke creaties opgeleverd. Sleutelmiserie is geen verloren tijd, je steekt er altijd wel iets van op. We doen alles zelf en voor wat we niet kunnen, daar kennen we wel iemand voor”, knipoogt hij. “Verder halen we bij onze vrienden geregeld wat ouwe rommel op en smijten we nooit iets weg. Alles wordt deskundig gerecupereerd. We kunnen wellicht nog verder voor twee mensenlevens. Elke vrijdagavond zijn we in de garage te vinden. Onze arbeid fleuren we graag op met een Belgisch streekbiertje. Aanvankelijk hadden we bij het stoppen om 2 uur ’s nachts 4 geestrijke Omers op. Langzamerhand is dat opgeschoven naar 5 uur en bijkomend gerstenat. Soms zijn we dagenlang aan de slag. Werkuren zijn voor ons niet belangrijk, amusement daar draait het om. Het construeren en rijden van zelfgebouwde klassiekers is het grote avontuur waarvoor we leven. Wat legt het af om 10.000 euro te cashen als je daardoor een pak plezier moet missen.” 

Tekst & foto’s: Patrick De Muynck 

TECHNISCHE SPECIFICATIES TRIUMPH 500 BEACHRACER

ALGEMEEN
Eigenaar: Razvan Barbu
Bouwers: Razvan Barbu/Alain Deneyer
Bouwtijd: 2 jaar
MOTORBLOK
Merk en type: Triumph pre unit twin
Bouwjaar: 1958
Cilinderinhoud: 500 cc
Ontsteking: Magneto
Dynamo: 12V Lucas
Carburateur: Amal
Uitlaten: homemade
Versnellingsbak: recuperatie
Koppeling: Triumph T140
RIJWIELGEDEELTE
Frame: Triumph T3A (’49)
Achterbrug: hardtail
Voorvork: Girder BSA
Voorwiel: BSA B40 (jaren ’60)
Voorrem: BSA B40
Achterwiel: Triumph naaf/Norton Commando velg
Achterrem: Triumph
ACCESSOIRES
Koplamp: Made in China
Stuur: AJS
Tellers: Huret
Benzinetank: aluminum, selfmade
Zadel: Chico Leatherwork
Achterspatbord: selfmade
Achterlicht: oud fietslicht
Voetsteunen: homemade
Kentekenplaathouder: homemade

De TT van de TT-voorzitter Arjan Bos

0
De TT van de TT-voorzitter Arjan Bos

Arjan Bos is sinds 2008 voorzitter van het TT-bestuur. Vanuit die rol is hij een drukbezet man tijdens de TT. Wat moet hij allemaal doen en wat komt er op hem af? Motor.NL volgde zijn bezigheden tijdens de 93e Motul TT Assen.

Wat het meest opviel tijdens de TT was dat in alle hectiek Arjan Bos steeds rustig en vriendelijk blijft. De woorden paniek en stress komen in zijn woordenboek niet voor. Hij blijft kalm, maakt voor iedereen die hem aanspreekt wel even tijd, maar houdt zijn agenda wel goed in de gaten, zodat hij geen afspraak mist. En die heeft hij veel, op alle drie dagen van de TT.

Digitaal podium

Arjan Bos en ik nemen op donderdagmiddag zijn agenda door als hij een telefoontje krijgt van TT-directeur Peter Oosterbaan. Die laat hem weten dat de basis van het nieuwe podium gereed is. Bos gaat meteen kijken. ‘Ik zag het bij de Formule 1 van Mexico. Daar werd de winnende auto op het podium gezet. Zoiets is in de MotoGP nog nooit gedaan en nu heeft Assen de primeur.’ Arjan Bos is enthousiast als hij het podium met z’n digitale achterwand ziet. ‘Daarop worden de vlaggen van de landen van de eerste drie getoond.’ Op dat moment was het nog niet helemaal zeker hoe de huldiging zou uitpakken, maar na de races van zondag mogen we stellen dat het podium een schot in de roos was geweest. Rechtenhouder Dorna was zeer gecharmeerd en ook de coureurs en de toeschouwers waren enthousiast. Wellicht krijgt het podium van Assen navolging bij andere Grands Prix. Zeker is dat we in Assen dit podium vaker te zien krijgen.

Een enthousiaste Arjan Bos tijdens de huldiging van Francesco Bagnaia op het op initiatief van Bos gebouwde nieuwe podium (foto ANP/Marcel J. de Jong).

Op de donderdagavond dineert Bos altijd met Carmelo Ezpeleta, de CEO van Dorna. Ook na de overname door Liberty Media is Ezpeleta nog steeds de grote man bij Dorna, hoewel zijn zoon Carlos wel steeds meer naar voren wordt geschoven. Bos heeft in de loop der jaren zo’n goede verstandhouding met de Spanjaard opgebouwd dat de TT-organisatie het bestaande contract met een flink aantal jaren kon verlengen. De komende zeven jaar staat TT Assen weer op de MotoGP-kalender. Ezpeleta en Bos aten in De Vlindertuin in Zuidlaren, een restaurant met één Michelinster. Na het diner reed Bos terug naar zijn woonplaats Zwolle, maar de volgende nachten zou hij in Assen slapen.

Veel praten

Decennia waren het de toeschouwers die voor de inkomsten zorgden, tegenwoordig doet het zakenleven ook een behoorlijke duit in het zakje. Het TT Circuit beschikt over 34 VIP Rooms, waar je gasten kan ontvangen en waar iedereen een mooi uitzicht op de Geert Timmerbocht heeft. Voor de huurders van een VIP Room was er vrijdagmorgen om half negen een TT-ontbijt in de Haarbochtlounge. Een prachtige plek voor een samenzijn, want vanaf die hoge positie kan je de hele Noordlus en het rennerskwartier overzien. Bos kon de huurders van een VIP Room zekerheid geven voor de lange termijn: ‘Ik ben blij dat we voor de overname door Liberty ons contract hebben verlengd, waardoor we tot en met 2031 zekerheid hebben.’

Volgend jaar is het honderd jaar geleden dat de eerste TT werd verreden. Dat zal uitgebreid worden gevierd. Eén van de dingen waar velen naar uitkijken is een film over honderd jaar TT. Tijdens de persconferentie begin juni werd al een kort stukje van enkele minuten getoond. Bos: ‘Dat vond ik wel heel erg gaaf.’ De film van regisseur Roy Ferwerda gaat ruim een maand voor de 94e TT in première. Naast actie- en sfeerbeelden uit het verre en recente verleden komen er ook interviews in met ‘TT-personages’. Daarin mag de voorzitter natuurlijk niet ontbreken, dus werd hij tijdens de eerste trainingsdag geïnterviewd.

Het wordt hoe dan ook een dag van veel praten met tal van mensen. ’s Avonds kregen de gesprekken een vervolg in informele sfeer met een diner bij Galerie Wildevuur in Hooghalen. Daar waren onder andere vertegenwoordigers aanwezig van de KNMV, politici uit Assen en omgeving, een delegatie van Dorna en enkele media.

TT Journaal

Uitslapen is er niet bij dezer dagen, want één van de gesprekspartners op zaterdagmorgen was Carmelo Ezpeleta. De heren ontmoetten elkaar in het mobiele kantoor van Dorna in het rennerskwartier. Even rustig naar de trainingen kijken was er daarna niet bij, want in de bestuurskamer van het TT-bestuur op de derde verdieping van de toren kwamen Karel Bonsen (voorzitter KNMV) en Wim Mulder (directeur van de KNMV) bij elkaar voor een informeel gesprek. ‘Even bijpraten,’ volgens Bos. Later schoven ook Bos’ mede-bestuursleden aan.

Een van Bos’ vaste gesprekspartners is promotor Lee van Dam. ‘Hij is een belangrijke promotor van het circuit met veel evenementen. En we vinden het gewoon leuk om even met Lee te praten.’

Een vast item aan het eind van elke dag is een gesprekje met Karin Mulder. Zij doet het TT Journaal van RTV Drenthe. Om kwart over zes komt Bos in dit programma live in de lucht. Bos: ‘Daar werk ik altijd aan mee. Het is belangrijk voor de regio en RTV Drenthe doen altijd een uitstekend verslag.’

Niet alles gezien

Op zondag verwelkomt Bos veel gasten. ‘Soms zijn dat persoonlijke vrienden, die in de TT geïnteresseerd zijn. En verder CEO’s van grote bedrijven, bedrijven met duizenden werknemers.’ Even later is Bos op de grid te vinden, waar het voor de start van de races altijd erg druk is. Bos praat er met velen, ook met Collin Veijer. Bos, na afloop van Veijers race: ‘Ik heb wel een half uur stevig gebaald nadat Veijer nipt was geklopt. Die jongen heeft heel veel druk op zijn schouders gehad door alle belangstelling. Het is daarom heel erg knap wat hij heeft gepresteerd. Er stonden heel veel fotografen om hem heen voor de start. Collin vertelde me heel erg trots te zijn dat hij nu tweede in het klassement staat.’

TT Dagboek Collin Veijer: 0,012 seconde verwijderd van een historische TT-zege

Sinds kort is ook het zingen van het Wilhelmus, enkele minuten voor de start van de MotoGP-race, een vast item. Daarvoor werd dit jaar de 16-jarige Emma Kok uitgenodigd. Zij werd begeleid door de Koninklijke Militaire Kapel Johan Willem Friso. Bos: ‘Voor haar optreden ben ik bij haar in de kleedkamer geweest en heb haar een cheque overhandigd.’ Kok lijdt aan de ziekte gastroparese, waardoor zij tweeëntwintig uur per dag vastzit aan een sonde. De cheque is voor haar Stichting Gastrostars, die de kwaliteit van leven van mensen die aan deze ziekte lijden wil verbeteren.

Is het voor de voorzitter mogelijk tijdens de TT alle races te volgen? Bos: ‘De race van Collin heb ik gezien, maar tijdens de Moto2 had ik een aantal verplichtingen. Die heb ik dus grotendeels gemist. En van de MotoGP heb ik de laatste tien ronden gezien.’ Over winnaar Bagnaia is hij heel enthousiast: ‘Dat hij voor de derde keer in Assen wint. Dan ben je toch wel een heel grote kampioen. Hij is het nieuwe kind van Assen. Na Valentino Rossi opnieuw een Italiaan die echt bij Assen hoort.’

Na afloop van de races is Bos uitermate tevreden. De TT Assen werd in drie dagen door 192.554 motorsportliefhebbers bezocht. Zoveel waren het er sinds 1992 niet meer geweest! ‘En dat waren er ook weer een stuk meer dan vorig jaar. Het had niet beter gekund. We zitten in de lift!’

De TT Assen is schatplichtig aan honderden vrijwilligers. Die komen na de laatste race steevast in de paddock bij elkaar voor een bittergarnituur en om wat te drinken. Bos laat zich daar altijd zien en spreekt dan met een pilsje in de hand zijn bewondering uit: ‘Ik ben heel trots op jullie, op wat jullie allemaal doen, dankjewel. Deze 93e editie van de TT was super.’

Met vrouw Catharina en dochter Phileine.

Blik op 2025

Omdat circuitdirecteur Peter Oosterbaan begin 2026 met pensioen gaat, blijft Bos nog een paar jaar aan als voorzitter. Het is niet wenselijk dat een nieuwe circuitdirecteur ook meteen te maken krijgt met een nieuwe voorzitter. En na zijn voorzitterschap? ‘Ik zou heel graag een keer op zondagmorgen op de motor naar het circuit willen rijden, dat lijkt me gaaf.’

Maar eerst richten Bos en zijn mede-bestuursleden en iedereen die op werkzaam is op het TT-bureau zich op het jubileumjaar 2025. De eerste voorbereidingen daarvoor zijn al getroffen. Zo is er al een uitnodiging naar het Koninklijk Huis gestuurd en hoopt iedereen dat de TT de koninklijke status krijgt. Die status kun je aanvragen als een bedrijf of instantie het eeuwfeest viert. Dus wellicht kunnen we vanaf volgend jaar spreken over de Koninklijke TT of de Royal Dutch TT. Maar of dat doorgaat of niet; Bos en alle andere betrokkenen gaan er de komende jaren weer vol energie tegenaan.

Foto’s: Jan Boer

Vijf caferacers die er ook in 2024 toe doen

0

Hoewel er discussie is of fabrieksgebouwde caferacers daadwerkelijk caferacers zijn, heeft deze motorstijl enthousiaste volgers over de hele wereld weten te boeien vanwege de schoonheid van het ontwerp. Wij hebben vijf fabrieksgebouwde caferacers ‘geselecteerd’ die er toe doen.

Het Wraque: een caféracer met karakter en persoonlijkheid

Triumph Thruxton RS Final Edition

  • Prijs: v.a. €21.195
  • Motor: 1200cc parallel-twin
  • Vermogen: 103 pk

Dit limited edition model markeert het einde van een tijdperk door de iconische Triumph caferacer te vieren met een exclusief Competition Green kleurenschema met handgeschilderde gouden streep, waarbij alle bekende en geliefde Thruxton-details behouden blijven, zoals het solo zadel, Monza-stijl tankdop en roestvrijstalen tankriem.

De Thruxton staat al lang bekend door de combinatie van klassieke caferacer-esthetiek en moderne technologie met functies als ride-by-wire. Daarbij blijft de Final Edition de 103 pk sterke motor van de reguliere RS gebruiken.

Triumphs beslissing om de Thruxton-lijn af te sluiten met deze speciale editie onderstreept de nalatenschap en betekenis van het model in de caferacer-scene, wat de reden is waarom het een plaats op deze lijst verdient.

Royal Enfield Continental GT 650

  • Prijs: v.a. €9.499
  • Motor: 648cc-parallel-twin
  • Vermogen: 47 pk

Een ander bekend Brits merk (eigenlijk Indiaas) in de caferacer-scene; de Continental GT 650 heeft aan populariteit gewonnen vanwege zijn authentieke vintage ontwerp, prestaties en uitzonderlijke prijs-kwaliteitsverhouding.

Het 2024 model is een knaller omdat het een nostalgische rijervaring uit de oude doos biedt en je kunt natuurlijk niet ontkennen dat het eenvoudige en klassieke ontwerp het perfecte canvas biedt voor degenen die hun motoren verder willen personaliseren.

De 648cc-paralleltwin geeft hem voldoende pit met moderne voorzieningen zoals elektronische brandstofinjectie, ABS-remmen en telescopische vork, dus je zult genieten van een veilige maar opwindende rit.

BMW R nineT Racer S

  • Prijs: v.a. €20.990 (R 12 nine T)
  • Motor: 1170cc lucht/olie-gekoelde boxer
  • Vermogen: 110 pk

Hoewel BMW voor 2024 de R 12 nine T heeft uitgebracht, is de BMW R nineT Racer S – niet meer leverbaar – nog steeds een favoriet die retro-styling combineert met moderne prestaties. De BMW werd geproduceerd tussen 2017 en 2019, maar valt op door zijn opvallende retro-ontwerp dat geïnspireerd is op sportmotoren uit de jaren 70.

Aangedreven door een 1170cc lucht/olie-gekoelde boxer met 110 pk en 116 Nm koppel, geven de spaakwielen, de half-fairing en gestrekte rijpositie een uitgesproken caferacer-look. Door de clip-ons is de rijpositie helaas nogal oncomfortabel.

Desalniettemin combineert de Racer S old school-charme met die goede, oude BMW-techniek, waardoor hij een populaire keuze is ondanks zijn korte productieperiode.

Wie geniet er nu niet van een lekker luchtgekoelde boxer en indrukwekkende handling?

Yamaha XSR900 GP

  • Prijs: €15.099
  • Motor: 890cc-triple
  • Vermogen: 119 pk

We houden echt van het uiterlijk van de 2024 Yamaha XSR900 GP. Deze moderne motorfiets vangt de essentie van Yamaha’s racesuccessen terwijl het gebruik maakt van geavanceerde technologie en prestaties, met een half fairing en seat hump geïnspireerd op Yamaha’s Grand Prix-racers uit de jaren ’80, met een opvallende achterkant en cockpit in retro-stijl.

Je geniet van moderne voorzieningen zoals een 5-inch full-color TFT-display, Bluetooth-connectiviteit en verschillende weergavethema’s.

De motor is uitgerust met Yamaha’s 890cc CP3-motor, goed voor 119 pk. Hij heeft ook een twee weg quickshifter, cruisecontrol en geavanceerde elektronica zoals een zes-assige IMU, hellingshoekgevoelige tractiecontrole, ABS, wheelie control en een motor slip regulator voor verbeterde rijveiligheid.

Maar het beste is: hij is concurrerend geprijsd (relatief gezien) met een vanafprijs van €15.099. De motor heeft het allemaal en heeft nauwelijks iets anders nodig. Als je een racer én een caferacer-liefhebber bent, dan zou dit wel eens de motor voor jou kunnen zijn.

Ducati Scrambler Nightshift

  • Prijs: v.a. €13.590
  • Motor: 803cc L-twin
  • Vermogen: 73 pk

Ter afsluiting de 2024 Ducati Scrambler Nightshift: een elegante, hoogwaardige motorfiets die hulde brengt aan klassieke caferacers terwijl het de nieuwste Italiaanse techniek en ontwerp incorporeert.

Wat we er in het bijzonder leuk aan vinden, is het slanke ontwerp dat ook een klassieke soberheid brengt. De volledig zwarte spaakwielen en minimale LED-indicatoren geven hem een ingetogen look die zegt: ‘Ik heb de power, maar ook de klasse.’

De Nightshift wordt aangedreven door Ducati’s 803cc L-twin met 73 pk en 65 Nm koppel, wat genoeg vermogen levert voor stedelijke ritjes en opgewekte tochten in het buitengebied

Net als de andere motoren in Ducati’s vloot, is de Nightshift uitgerust met een 4,3-inch TFT-display, ride-by-wire gasklep en moderne elektronica zoals ABS en tractiecontrole. Smartphone-connectiviteit maakt deel uit van het Ducati-multimediasysteem.