woensdag 8 april 2026
Home Blog Pagina 44

Techniek MV Agusta 5-cilinder motorconcept: geen V, geen lijn

1
MV Agusta 5-cilinder motorconcept

MV Agusta presenteerde in Milaan een bijzonder motorblok. Dit motorconcept had vijf cilinders, maar ze stonden niet in lijn. Toch was het ook geen V-motor. Het is een uniek concept.

Waarom zou je het gemakkelijk doen als het ook moeilijk kan? Dat moet Honda hebben gedacht toen ze met de V3 op de proppen kwam en ook MV Agusta lijkt dit credo nu te volgen. Elk merk heeft immers wel een tweecilinderlijnmotor – die ze al of niet terecht een paralleltwin noemen –, viercilindermotoren zijn net zo gewoon als een gesneden bruinbrood en driecilinderlijnmotoren, ach, daar zijn er ook al zo veel van. Als je als klein merk wilt opvallen en de markt wilt aanboren van motorrijders die graag iets origineels willen, dan moet je ‘outside the box’ denken. En dat heeft MV Agusta hier op meerdere manieren gedaan.

Techniek motorblok 2026 Ducati Desmosedici Stradale R: ‘RSVP van één miljoen’

Alles is anders

Wat opvalt aan het nieuwe motorblok van MV Agusta is dat er twee rijen cilinders zijn: een van drie en daarachter een van twee. Dat op zich is al bijzonder. Er zijn natuurlijk veel V-motoren, waarbij er twee rijen cilinders achter elkaar staan. Doorgaans heb je dan twee cilinderblokken die onder een hoek op hetzelfde carter staan. Maar die hebben dan meestal beide hetzelfde aantal cilinders, behalve bij de Honda V3 dan. Ook bij de MV Agusta-krachtbron is dat anders, maar er is meer. Bij de vijfcilinder zitten de boringen van alle vijf de cilinders in één gegoten blok. Op zich is ook dat niet uniek: Volkswagen heeft dat jarenlang gedaan met de VR5- en VR6-blokken (V voor V, R voor Reihe). Bij deze techniek worden de cilinders wel in een V-vorm gezet, maar met zo’n kleine blokhoek dat ze allemaal in één cilinderblok passen. De achterste cilinders passen dan min of meer in de ‘V’ die tussen de rondingen van de voorste cilinders ontstaat. Dat houdt het blok compact. Ook motormerk Horex, dat een jaar of vijftien geleden probeerde van de grond te komen, had een VR-blok, waaruit de banden met VW duidelijk bleken. Het Horex-blok was inderdaad zeer compact gebouwd. Ter hoogte van de cilinderkop was het slechts 429 mm breed. Ook in lengterichting was het cilinderblok vrij smal, aangezien de cilinders onder een zeer scherpe blokhoek van 15° stonden. Elke cilinder had daarbij zijn eigen kruktap. En omdat de cilinders onder een hoek stonden, maar beide cilinderrijen hetzelfde pasvlak voor de cilinderkop hadden, waren de zuigers voorzien van een schuine zuigerbodem, waarmee ze de cilinderboring netjes opvulden als ze bovenin stonden.

Twee krukassen

De nieuwe MV Agusta-krachtbron mag dan enigszins lijken op het VR-blok, maar er is een cruciaal verschil: de cilinders staan niet in een V, maar volledig parallel aan elkaar. Je zou het een PR (Parallel Reihe)-blok kunnen noemen. Hoe kan dit? Door de beide cilinderrijen een eigen krukas mee te geven. Een beetje zoals de Riemersma Suzuki GP-racer, waarmee Wil Hartog in 1977 de TT won. Die constructie heeft interessante gevolgen voor de balans. In theorie kun je bij een eencilinder slechts 50% van de onbalans die de zuiger veroorzaakt, compenseren met het contragewicht op de krukwangen. Die bewegen namelijk niet alleen in de richting van de zuiger, maar draaien ook naar voren en naar achteren. Voor elke gram onbalans die je in verticale richting compenseert, krijg je een gram horizontale onbalans terug. 50% is dus het maximaal haalbare, de rest zul je moeten doen met een balansas die je tegengesteld laat draaien aan de krukas. Zo compenseert zo’n as niet alleen de 50% resterende verticale onbalans van de zuiger, maar ook de horizontale onbalans van het contragewicht op de krukas. Job done. Maar als je nu twee cilinders met twee tegengesteld draaiende krukassen hebt, dan kun je 100% van het zuigergewicht compenseren met een contragewicht op de krukwangen: de twee gewichten slingeren horizontaal gezien tegelijkertijd naar elkaar toe en tegelijkertijd van elkaar af, dus de resultante is 0. Nou werkt dat met twee, vier en zes cilinders, maar hoe zit het met vijf? Het zou interessant zijn om te weten wat de offset van de kruktappen per cilinder is en wat het uiteindelijke ontstekingsinterval is. Maar dat vertelt MV Agusta nog niet, al zeggen ze wel dat de achterste krukas een ‘U’-configuratie heeft. Dat zou betekenen dat de achterste bank fungeert als een (echte) paralleltwin: de zuigers gaan dan tegelijkertijd omhoog en omlaag.

Eén kop

Kijken we naar de cilinderkop van de nieuwe MV Agusta-krachtbron, dan zien we dat beide cilinderrijen het doen met één cilinderkop. Aan de rechterzijde zien we drie zwarte stoppen tussen het kleppendeksel en de kop, wat suggereert dat de kop gebruikmaakt van drie bovenliggende nokkenassen. Dan kijken we weer even met een schuin oog naar Horex. Ook het VR6-blok heeft namelijk drie bovenliggende nokkenassen. Die kop heeft drie kleppen per cilinder: twee inlaatkleppen en één uitlaatklep. De voorste as bedient de uitlaatkleppen van de voorste cilinderrij, de achterste de inlaatkleppen van de achterste cilinderrij. De middelste as bekommert zich om de overgebleven kleppen van beide rijen. Van elke cilinderrij zijn de voorste kleppen de uitlaatkleppen, de achterste de inlaatkleppen. De inlaatkanalen lopen van bovenaf naar de inlaatkleppen, de uitlaatkanalen lopen allemaal naar voren weg. De kleppen zijn bij Horex per cilinder radiaal rond de centraal geplaatste bougies in de verbrandingskamer geplaatst. De middelste nokkenas is daarom voorzien van conisch geslepen nokken.

Twee krukassen in één blok. Het is eerder gedaan. Bij de TT-winnaar van 1977…

Vierklepper

Vergelijken we de Horex-kop met de MV Agusta-kop, dan zien we een aantal duidelijke verschillen. De eerste is dat de uitlaatkanalen van de achterste kop naar achteren wijzen, die van de voorste cilinder naar voren. De achterste kop stroomt dus de andere kant op dan bij Horex: de uitlaatkleppen zitten op de voorste en de achterste nokkenas, de inlaatkleppen op de middelste. De ‘bulten’ in de kleppendeksels zijn de loopbanen van de uitlaatnokken, dat zijn er dus twee per cilinder, dus zal hij twee uitlaatkleppen per cilinder hebben. Gezien het feit dat we tien inlaatkelken zien, zijn er ook twee inlaatkleppen per cilinder, dus hebben we hier te maken met vier kleppen per cilinder. Daartussen zullen de bougies moeten zitten, maar die zijn buiten beeld. Wat verder op de foto’s nog te zien is, is dat elke uitlaat en daarmee elke cilinderrij een eigen lambdasonde heeft. De mengselsturing wordt dus per cilinderrij geregeld. Logisch, want de achterste cilinderrij zal ook warmer worden, aangezien die niet in de rijwind zit. Opvallend is dat MV stelt dat er geen variabele kleptiming wordt toegepast, omdat dit dankzij de vijfcilinderconfiguratie niet nodig is.

Korter en smaller

Uniek zijn is leuk, maar MV doet dit allemaal niet alleen om uniek te zijn. De vijfcilinder heeft ook praktische voordelen: het blok is namelijk smaller dan een viercilinderlijnmotor en korter dan een V4, met een gewicht van minder dan 60 kg. Daarmee wordt volgens MV een nieuwe norm gezet voor compact, hoogwaardig ontwerp. Het blok zal worden toegepast in een model dat ‘momenteel niet meer in het assortiment zit en dat in de komende jaren zal worden onthuld’, aldus het persbericht van MV, dat stelt dat ‘het nieuwe 5-cilinder ‘quadrato’-motorplatform de volgende stap in prestaties, innovatie en Italiaanse technische uitmuntendheid vertegenwoordigt’. Dit nieuwe platform is in elk geval bedoeld om in verschillende inhoudsklassen mee te strijden om de gunst van de motorrijder. MV denkt dan aan een modulair cilindervermogen van 850 cc tot 1150 cc, met een vermogen van meer dan 240 pk bij meer dan 16.000 tpm en een koppel van 135 Nm bij 8.500 tpm, bij een relatief hoge efficiëntie dankzij een elektrische waterpomp en een eveneens elektrisch aangedreven oliepomp.

Dit zijn de meest gestolen motoren van Nederland

0
diefstal motoren

In 2025 werd een significante daling van het aantal motorfietsdiefstallen geregistreerd, dit meldt Stichting Verzekeringsbureau Voertuigcriminaliteit (VbV). Met een afname van 7% tot 1.866 voertuigen ten opzichte van 2024, waarin nog 2008 motoren als gestolen werden opgegeven. Ondanks deze positieve ontwikkeling steeg de totale schadelast licht met 4%, wat resulteerde in een geschatte schade van ongeveer €12 miljoen. Deze stijging is te danken aan een hogere gemiddelde schadelast per gestolen voertuig.

Het terugvindpercentage van gestolen motorfietsen steeg licht naar 29%, vergeleken met 26% in 2024. Dit betekent dat motorfietseigenaren iets meer kans hebben om hun gestolen voertuigen terug te vinden. De meest gestolen modellen in 2025 zijn de Honda NC 750 X-ADV (bouwjaar 2021-2024) en de BMW R 1250 GS (bouwjaar 2018-2023), met de Yamaha MT-07 ABS (2014-2020) als derde. Opvallend is dat juist de nieuwere modellen steeds meer in trek zijn bij dieven.

Techniek Smart Theft Control: diefstalbeveiliging wordt “smart”

In Amsterdam werden de meeste diefstallen geregistreerd, in totaal 412 motoren. Rotterdam volgt met 156 motoren en Den Haag staat op plek 3 met 152 gestolen motoren. Hoewel Amsterdam nog steeds verreweg de koploper is, is het aantal diefstallen toch met 20% afgenomen ten opzichte van 2024.

Hoewel de cijfers een positief beeld schetsen, blijft het belangrijk voor motorrijders om waakzaam te zijn en hun voertuigen goed te beveiligen. De stijging van de schadelast en het aantal diefstallen van specifieke modellen wijzen op de noodzaak voor extra aandacht en preventiemaatregelen in de motorwereld.

Bron: Stichting Verzekeringsbureau Voertuigcriminaliteit (VbV)

Top 10 gestolen motorfietsen in 2025

Merk Model Productieperiode Aantal
HondaNC 750 X-ADV2021/01 – 2024/0181
BMWR 1250 GS Adventure2018/11 – 2024/0277
YamahaMT-07 ABS2014/02 – 2020/0844
Piaggio125 Skipper LX SKR1993/07 – 2000/1231
YamahaMT-09 ABS2021/01 – 2024/0231
BMWR 1250 GS2018/09 – 2023/1028
HondaNC 750 X-ADV2017/02 – 2020/1224
YamahaTMAX 560 ABS2019/12 – 2024/0124
BMWR 1200 GS Adventure2013/11 – 2018/1022
YamahaTMAX 560 ABS2019/12 – 2024/0122

Indian Motorcycle viert 125 jaar met jubileumcampagne ‘Never Finished’

0

Indian Motorcycle viert in 2026 een indrukwekkende mijlpaal: het iconische Amerikaanse motormerk bestaat dan 125 jaar. Ter ere van dit jubileum lanceert het merk de campagne ‘Never finished’. Daarmee eert Indian zijn pioniersgeest én kijkt het vol vertrouwen vooruit naar de toekomst.

Van pioniersdroom tot motorlegende

De allereerste Indian-motor rolde in 1901 uit de fabriek in Springfield, Massachusetts. Oprichters George Hendee en Oscar Hedstrom waren aanvankelijk succesvolle wielrenners aan het einde van de 19e eeuw. Hun ambitie? Gemotoriseerde fietsen bouwen die snel, betrouwbaar en competitief waren.

Dat was in die tijd allesbehalve vanzelfsprekend. Veel vroege motoren lieten het afweten tot hilariteit van het publiek. Hendee en Hedstrom pakten het anders aan. Hun machines waren krachtig, degelijk en wonnen races. Het respect dat ze daarmee afdwongen, vormde de basis voor productie op grotere schaal – en zo werd Indian Motorcycle geboren.

Indian Concept Girder: eerbetoon aan 80 jaar voorvorkgeschiedenis

De opmars van Indian Motorcycle

Het succes volgde snel. In 1913 was Indian Motorcycle marktleider en produceerde het merk maar liefst 30.000 motorfietsen per jaar in de grootste motorfabriek ter wereld. De sleutel tot dat succes? Een ijzersterke reputatie op het gebied van betrouwbaarheid, innovatie en techniek. Waarden die tot op de dag van vandaag centraal staan.

125 jaar later: Never Finished

Na 125 jaar vol doorzettingsvermogen en innovatie kijkt Indian Motorcycle vooruit. In 2026 staat het jubileum centraal met speciale modellen, projecten, events en promoties. Details volgen later dit jaar, maar de boodschap is duidelijk: Indian rust nooit op zijn lauweren. Never Finished is geen slogan, maar een mentaliteit.

Check zeker onderstaande campagnevideo waarin verleden, heden en toekomst op een geweldige manier samenvloeien!

Black Widow: Vins eigen ‘one of a kind motorcycle’

0

Voor customizer Vins Simons was het zonneklaar dat het losse Shovel blok, het rondslingerende halve frame, dat spatbord en die benzinetank niet ontworpen waren om in zijn atelier eindeloos stof te gaan verzamelen. Daar viel volgens hem wel iets uit te destilleren en hij gebruikte de gedumpte onderdelen voor de creatie van een buitengewoon exotische machine.

De sleutelpassie van Vins begon ruwweg 30 jaar geleden met het personaliseren van een bescheiden Honda’tje Camino. Doch, het echte werk en de ideeën kwamen pas later, nadat een kameraad zijn Harley had verchopperd. “De gozer had achteraan een autoband gemonteerd, want vette 240 achtersloffen bestonden toen nog niet”, lacht hij. “Daar was ik zodanig van onder de indruk, dat het mijn leven ingrijpend heeft veranderd. Deze schijnbaar onbelangrijke gebeurtenis was namelijk het fundament van mijn beslissing om zelf motoren te gaan verbouwen.”

Over Vins

NaamVins
BouwjaarOldtimer
BeroepMechanieker
TypeWreed rustig
DrankZoveel mogelijk
Beste filmPorky’s
Muziek’70-’80 rock
BoekDe Bijbel
SportSex
HobbyMotoren verbouwen
AmbitieDe Bigtwin cover halen
Motoren zijn voor mijOnderdeel van het leven
DroommotorMijn ’65 Panhead die in de living staat
Meest pijnlijke momentVal, kort na behalen rijbewijs
Zonder motor zou ikMet de auto rijden
Gebruikt de motor voorRecreatie
Wat maakt deze motor speciaalEigen hart en ziel
Gevoel bij eerste opstart motorZweet op de rug
Zonden in het verkeerBen meestal ‘superbraaf’
Persoonlijk voorbeeldMijzelf?
LijfspreukFTW – For ever Two Wheels

TOOGHANGER 

Vins: “Net zoals mijn onlangs voltooide Mexicano bike, werd mijn eerste Shovel uitgedost met een opvallend lang achterspatbord, zoals indertijd vrij klassiek was op Arlen Ness Customs. Ik heb het Shovel spatbord destijds zelf geplooid en de zijkanten waren vervaardigd uit verwarmingsbuizen. Uiteindelijk is die motor boven de toog van een Amerikaans restaurant, ‘The Filling Station’, in Lanaken terecht gekomen. Dat was een hele eer en de motor hangt er nog steeds. Vanwege mijn passie evolueerde ik tot zelfstandig customizer, maar enige tijd geleden heb ik het roer schielijk omgegooid om leraar te worden. Door het vele bijkomende computerwerk verdween het enthousiasme voor die nieuwe baan echter betrekkelijk snel, want ik klus liever met de handen. Momenteel werk ik bij ‘De Lijn’, waar ik als mechanieker ernstige technische problemen aan bussen tracht te verhelpen. Ondertussen ben ik al een dagje ouder maar, drie decennia na mijn eerste Shovel, werk ik in mijn eigen werkplaats nog steeds aan motoren. Bij voorkeur oldskool carbu motoren, waarop ik mijn creativiteit kan loslaten. Projecten waar ik echt zin in heb, voor bikers die enkel een provisionele lijn uitzetten en me voor de rest carte blanche geven.”

Flaky IV: Earley Shovel Chop ‘Made in Sweden’

LE PENSEUR

Reeds voor aanvang had Vins drie onvoorwaardelijke vereisten voor zijn eigen ‘one of a kind motorcycle’: de machine moest luchtvering krijgen, er moesten flamethrower uitlaten op en 30 inch wielen met 100 lange, kaarsrechte spaken. Dat was minder makkelijk dan gedacht. “Gespaakte wielen met deze afmetingen worden eigenlijk niet gemaakt”, oppert hij. “In een eerste fase heb ik de velgen zelf vervaardigd en dunne spaken laten maken. Tot mijn verbijstering moest ik tijdens een eerste proefrit vaststellen dat de wielen instabiel waren en begonnen te zwabberen. Vermoedelijk lagen de lange en fijne spaken aan de basis. Met nieuwe, uit Inox gemaakte wielen en dikkere spaken is dat euvel inmiddels opgelost. Van het FXR kader had ik enkel nog het ondergedeelte en de reden daarvan is me tot op heden een mysterie. Het ontbrekende fragment heb ik zelf gelast en aangepast aan de verhoogde en verlengde afmetingen. Met enkel het frame en de gemonteerde wielen op de heftafel zat ik, met een frisse pint in de hand, dikwijls urenlang te filosoferen hoe ik de verdere lijnen zou uitzetten. “In een volgend stadium werd de air ride gemonteerd, want ik wou de motor absoluut met de buik tegen de grond kunnen stationeren. De bediening zit in de dash cover van de dik 20cm verlengde benzinetank. De achterbrug werd uiteraard aangepast aan de reeds opgebouwde dimensies. Verder werd het spatbord gemodificeerd om niet tegen de band aan te komen tijdens het zakken.

IMPOSANTE STEEKVLAM 

Vins verhaalt passioneel verder: “Het 1200cc Shovelblok had ik op het schap liggen als overblijfsel uit een voormalig project en heeft me bijgevolg relatief weinig geld gekost. De Carl’s Speedshop carburateur wordt vaak gebezigd voor snelheidsrecords op de Bonneville-zoutvlakte, maar in onze contreien is de opzichtige joekel amper te vinden. Voor de verkoop heb ik hem van de motor afgevezen, want dat hebbedingetje wil ik graag zo lang mogelijk in mijn bezit houden. De selfmade uitlaten zijn ongedempt, puur natuur dus. Nadat ik een demonstratie gezien had van een Hot Rod met flamethrower stond het vast dat ik dat ooit zelf eens op een motor zou uitproberen. Ik dacht daarvoor benzine als brandstof te kunnen gebruiken, maar een eerste probeersel leverde een zodanig indrukwekkende steekvlam op, dat de veiligheid ernstig in het gedrang kwam. Op zoek naar een veiliger optie kwam ik bij gas terecht. Aanvankelijk wou ik dat gas opslaan in een soda frisdrankbus, maar het vullen was veel te complex. Uiteindelijk is het een doodgewoon aangekocht gasbusje geworden, dat onder het zadel zit en geactiveerd wordt met een knop op het frame. De vlam wordt geactiveerd met de vonkjes van een ordinaire barbecue gasontsteker. Het motorblok hoeft dus niet te draaien om een klein showke op te voeren. Het denkwerk erachter gaf me een ongelooflijke voldoening.”

STEVIG WERKEN

Vins vervolgt:“Het is altijd mijn ding geweest om iets te construeren wat iemand anders niet heeft. Ook al is het met de Suïcide clutch handschakeling, in combinatie met een retro apehanger, stevig werken onderweg. De naam ‘Black Widow’ leek me vrij passend. Toen ik hem voor het eerst aantrapte stond het zweet zowaar in mijn onderbroek. De op zolder aangetroffen handvatten hebben lange oldskool franjes en zijn een regelrecht stijlsymbool uit de hippie- en choppercultuur van de Seventies. De FL olietank- en batterijcovers zijn aan het frame aangepast en ingebouwd in dezelfde stijl als het originele model. Achteraan zit er een rem met Zodiac tandwiel op uit eigen fabricaat; een experiment dat verrassend goed is uitgevallen. Een voorrem zit er niet op. Royal Jack is ondertussen zowat mijn ‘huisspuiter’. Ik werk er al jarenlang mee samen en hij kent mijn verzuchtingen ondertussen al vrij goed. Motoren personaliseren blijft mijn allergrootste passie. In mijn topjaren bouwde ik tot vijf extreem gecustomizede motoren. Het enige wat aangekocht werd, was het motorblok en de versnellingsbak. Je kon de frames ook kant en klaar bestellen natuurlijk, maar ik smeedde ze volgens wens en op maat van de klant.”

ERKENNING

sluit met enige trots af: “Met mijn gefabriceerde exoten heb ik destijds meerdere prijzen en bekers weggekaapt. ‘Best of Belgium’, ‘Best of the Benelux’ en op de Bigtwin Bikeshow ‘Best of Painting’. Deze erkenning is het mooiste wat er is. Het grootste deel van de op de Mexicano gebruikte onderdelen werd op oldskool rommelmarkten en op een Franse swapmeet gesprokkeld, waar ik al 20 jaar heen ga. Meestal worden dan spullen meegebracht die ik totaal niet nodig heb en pas na 10 a 15 jaar gebruikt worden. Zelfs na het Chicano project is mijn ruime zolder dus nog steeds goed gevuld met oud ijzer. Ik heb zo een flauw vermoeden dat daar vroeg of laat nog wel eens een bobbertje zou kunnen uit voortvloeien.”

Fotografie: Patrick De Muynck

SPECIFICATIES BLACK WIDOW

Eigenaar en BouwerVins, VS Bikes
BouwtijdLang

Motorblok

Merk en TypeHarley-Davidson Shovel
Bouwjaar1975
Cilinderinhoud1200 cc
OntstekingContactpunten
DynamoDyna
CarburateurCarl’s Speed Shop
OlieleidingenVS Bikes
LuchtfilterCarl’s Speed Shop
UitlatenVS Bikes
Versnellingsbak4-bak
Primaire KastBelt
Andere AanpassingenBobine in tank

Rijwielgedeelte

Merk en Type FrameGedeeltelijk FXR, zelfbouw
AchterbrugVerlengd
SchokdempersAir Ride
VoorvorkHarley-Davidson FL
BalhoofdplatenHarley-Davidson FL
VoorwielSelfmade, 100 spaaks, 30’
VoorremNone
AchterwielSelfmade, 100 spaaks, 30’
AchterremVS Bikes

Diversen

KoplampHarley-Davidson FL, aangepast
StuurApehanger, zoldervondst
KnipperlichtenOldskool handgebaren
TellersDigitaal, Zodiac
HandvattenZoldervondst
BenzinetankHarley-Davidson, verlengd
ZadelVS Bikes
OlietankHarley-Davidson FL
VoorspatbordMCS, verlengd
AchterspatbordHarley-Davidson FL, verlengd
AchterlichtCateye
VoetsteunenHarley-Davidson
KentekenplaathouderVS Bikes

Spuitwerk

SpuiterVS Bikes
KleurMatzwart
PinstripingRoyal Jack

Michelin introduceert Anakee Adventure 2

0
Michelin Anakee Adventure 2

Michelin heeft met de Anakee Adventure 2 een nieuwe generatie Trail-banden gelanceerd die de perfecte combinatie biedt van veiligheid, comfort, prestaties en vrijheid. Deze band is primair ontworpen voor gebruik op de weg, maar presteert ook betrouwbaar buiten het asfalt. De Anakee Adventure 2 is een onderdeel van Michelins wereldwijde groeistrategie in het Trail-segment, dat een snelle groei doormaakt in de motorwereld. De band zal wereldwijd beschikbaar zijn vanaf januari 2026 en fungeert als het vlaggenschip binnen Michelins Trail-assortiment.

Trail als evoluerend segment

De Trail-categorie heeft in de afgelopen jaren een duidelijke verschuiving doorgemaakt. Deze omvat onder andere een overgang van puur offroad rijden naar een balans tussen weg en terrein. Het publiek is diverser geworden, van ervaren rijders naar een breder publiek dat avontuurlijke ervaringen zoekt.

Michelin vervangt Pirelli in WorldSBK vanaf 2027

De kern van de Anakee Adventure 2

De Anakee Adventure 2 is gericht op rijders die dagelijks pendelen en tegelijkertijd willen verkennen. De band biedt zekerheid op de weg en de mogelijkheid om spontaan van het asfalt af te wijken. Belangrijke verbeteringen zijn onder andere:

  • Betere grip op nat wegdek door nieuwe silica-compounds.
  • Langere levensduur: +7% voorband en +21% achterband vergeleken met de vorige generatie.
  • Meer comfort: minder rijgeluid en dus minder vermoeidheid.
  • Sterke veelzijdigheid: M+S-markering en profiel voor tractie op onverhard terrein.

Technologie en prestaties

De Anakee Adventure 2 is ontworpen voor een rustiger en stabieler rijgedrag. De band maakt gebruik van Michelins nieuwste innovaties zoals de 2CT dual-compound en een nieuw profielontwerp dat zorgt voor een optimale balans tussen asfaltcomfort en tractie op losse ondergrond.

Deze band is geschikt voor populaire motoren zoals de BMW R1250/1300GS, Honda Africa Twin, en KTM Super Adventure, onder anderen.

Strategische groei in het trail-segment

De wereldwijde verkoop van Trail-banden is in zes jaar tijd verdubbeld, waarbij deze categorie ongeveer 20% van Michelins vrijetijdsbandenverkoop vertegenwoordigt. De introductie van de Anakee Adventure 2 past in Michelins strategie om tegen 2030 een leidende positie in dit segment te veroveren.

Beschikbaarheid

De MICHELIN Anakee Adventure 2 zal vanaf heden wereldwijd beschikbaar zijn bij erkende dealers.

Wie in Frankrijk te hard rijdt, riskeert vanaf nu een strafblad

1
Italie flitspaal

In een poging om het aantal verkeersdoden terug te dringen, heeft de Franse overheid de regels rondom snelheidsovertredingen aangescherpt. Sinds 1 januari van dit jaar worden bestuurders die 50 kilometer per uur of meer boven de toegestane snelheid rijden, beschuldigd van een zogenoemde délit, een ernstigere categorie strafbare feiten.

De sancties zijn fors: een maximale boete van 3750 euro, een mogelijke gevangenisstraf van maximaal drie maanden en onmiddellijke inbeslagname van het voertuig. Daarnaast kan er een rijverbod van maximaal drie jaar worden opgelegd. Deze regels gelden niet alleen voor Franse bestuurders, maar ook voor buitenlandse automobilisten, waaronder Nederlanders.

Deze motorfietsen zijn het populairst bij dieven in Frankrijk

Voorheen werd extreem hard rijden gezien als een zware verkeersovertreding met een maximale boete van 1500 euro. Met de nieuwe wetgeving wil de Franse regering een duidelijk signaal afgeven dat roekeloos rijgedrag niet langer getolereerd wordt. Dit is vooral van belang voor buitenlandse vakantiegangers, die ook onder het Franse rechtssysteem vallen en ter plekke geconfronteerd kunnen worden met hoge boetes.

Volgens recente cijfers registreerde Frankrijk in 2024 meer dan 63.000 gevallen van extreem hard rijden, een stijging van 69 procent ten opzichte van 2017. De Franse staatssecretaris voor Binnenlandse Zaken, Marie-Pierre Vedrenne, benadrukt dat dit gedrag levens in gevaar brengt. Met de nieuwe wetgeving en de mogelijkheid om verkeersdoding aan te klagen, hoopt de overheid kwetsbare weggebruikers beter te beschermen.

Ook in Nederland zijn de boetes in 2026 opnieuw verhoogd. Je krijgt bij ons geen strafblad, maar de prijzen liegen er niet om. Bekijk hier het overzicht van de bedragen per overtreding.

Deze kerstkaart wilde je liever niet ontvangen: politie waarschuwde verkeersovertreders

0

Een kerstkaart ontvangen is altijd leuk, maar of je ook met deze kaart blij moet zijn… Rond de feestdagen heeft de politie brieven gestuurd aan gemotoriseerde weggebruikers die het afgelopen jaar herhaaldelijk verkeersovertredingen hebben begaan. Alleen al in Oost-Nederland ging het om meer dan duizend brieven, bevestigt een woordvoerder na berichtgeving van Omroep Gelderland. De actie, die daar is begonnen, wordt inmiddels door meerdere regionale eenheden overgenomen.

Instructeur spoorloos: politie haalt drie lesmotoren van de A5

De brief moet bestuurders bewustmaken van hun risicovolle rijgedrag. Volgens de politie brengen de overtredingen niet alleen de bestuurder zelf, maar ook andere weggebruikers in gevaar. Ontvangers worden gewaarschuwd dat ze het komende jaar extra gecontroleerd kunnen worden. Bij nieuwe overtredingen kan een verplichte cursus of onderzoek volgen.

De geselecteerde bestuurders kregen het afgelopen jaar vier of meer bekeuringen, steeds na daadwerkelijke aanhouding. Eén van hen werd zelfs negentien keer betrapt tussen 1 oktober 2024 en 1 oktober 2025, terwijl meer dan tweehonderd anderen minstens zes boetes ontvingen. Met de kerstactie hoopt de politie dat deze groep het nieuwe jaar met veiliger rijgedrag begint.

Afbeelding ter illustratie.

‘MOTORbeurs Utrecht is emotie, een traditie waaraan niet wordt getornd’

0
MOTORbeurs Utrecht 2025

Wanneer ik aan MOTORbeurs Utrecht denk, komen er direct twee woorden naar boven: gebroken nachten. Hoe kan dat, zul je denken, want de actie speelt zich overdag af in de Jaarbeurs. Klopt! En nee, ik bleef niet tot in de late uurtjes hangen in een kroeg in de binnenstad. Ik drink niet, althans geen alcohol. Het zit ’m in de combinatie van passie, werk en timing.

Jarenlang versloeg ik voor MOTO73 (en later ook MOTOR Magazine) het WorldSBK, waarvan de eerste race steevast plaatsvond op Phillip Island, in hetzelfde weekeinde als de MOTORbeurs. En precies dáár zat de crux. Terwijl voor veel mensen de MOTORbeurs hét rustige startschot is van het motorseizoen, betekenden deze dagen voor mij een dubbele shift. Met alle verloven op de redactie ingetrokken, beleefde ik de raceweekenden wereldwijd vanaf de bank. Een jetlag door de nachtelijke uren, zonder ooit in Australië te zijn geweest. Het hoorde er nu eenmaal bij, net zoals op de MOTORbeurs altijd van alles bij elkaar kwam: werk, motorpassie en de ontmoeting met duizenden fans. Er was nooit een reden om te zeggen dat ik het te druk had – en eerlijk gezegd, zelfs nu zou ik dat niet zeggen.

Heb jij voor 2026 een krankzinnig mooi motorplan? Laat het ons weten

De WorldSBK-marathon in het weekeinde is inmiddels ingewisseld voor danslessen met mijn dochter, scoutingavonturen van mijn zoon en mijn eigen CrossFit-trainingen. Maar MOTORbeurs Utrecht? Die blijft een vaste waarde in de agenda.

En dit jaar is het extra bijzonder: we staan aan de vooravond van de veertigste editie! Een mijlpaal die het vieren dubbel en dwars waard is. Toch leek het soms alsof deze mijlpaal misschien niet gehaald werd. Juist in die moeilijke jaren genoot ik ook van de beurssfeer. En dat liet ik toen ook blijken in een voorwoord in MOTO73. Dat zorgde voor reacties – flinke zelfs. Sommige lezers waren woedend, want zoals altijd raakt de MOTORbeurs de motorhartslag van velen en dat merk je vooral als je anders denkt. De MOTORbeurs is emotie, een traditie waaraan niet wordt getornd. Precies dát verklaart waarom we nu de veertigste editie mogen vieren: omdat het echt iets betekent voor de motorrijdersgemeenschap.

En weet je? Ik geloof heilig dat er ook een vijftigste editie komt. Maar eerst ga ik van deze mijlpaal genieten. Dat voorwoord voor 2036 komt later wel.

Tot in Utrecht!

Royal Enfield Vita: Japanse custom build die twee 650’s fuseert tot één brute 1300 cc-mastodont

0

In de wereld van custom motoren schuren traditie en innovatie constant tegen elkaar aan. Maar wat gebeurt er als een merk met meer dan een eeuw klassieke historie besluit alles om te gooien? Op de Yokohama Hot Rod Custom Show 2025 werd dat duidelijk. Te midden van blinkende V-twins en extreme bobbers stond één machine die alle aandacht opslokte: de Royal Enfield Vita. Een chopper die twee complete Classic 650-blokken samenvoegt tot een 1300 cc viercilinder monster. Geen evolutie, geen verfijning – dit is een mechanische middelvinger naar het voorspelbare.

Custom Works Zon, de Japanse meesterbouwer uit Shiga Prefecture, kreeg van Royal Enfield carte blanche om iets krankzinnigs te bouwen. Het resultaat is een constructie waarin twee parallel-twins via een zichtbare ketting samenwerken tot één aandrijflijn, aangestuurd door één versnellingsbak. Theoretisch goed voor zo’n 100 pk. Maar dit project is geen prototype, geen toekomstbelofte – het is een kunstwerk met een knipoog naar de waanzin. Old-school looks, brute techniek, en een vrijheidsgedreven boodschap. Royal Enfield, ooit de hoeder van klassiek conservatisme, laat hiermee zien dat het ook durft te shockeren binnen een scene vol Amerikaanse grootmachten.

Royal Enfield presenteert nieuwe kleuren voor de 450- en 650-reeks

Technische scheuring: twee harten, één ritme

Onderhuids is de Vita een nachtmerrie op wielen voor elke engineer, maar een droom voor iedereen met benzine in de aderen. Twee 650-parallel twins, elk goed voor 47 pk bij 7.250 tpm, zijn gekoppeld via een open primaire ketting aan de linkerzijde – zichtbaar als een pulserende ader. Samen vormen ze een blok van 1300 cc dat in theorie de gecombineerde kracht moet leveren, mits beide krukassen perfect synchroon draaien. Een kleine afwijking, en de boel vibreert zichzelf aan gort.

Omdat Royal Enfield’s 650 een 270-graden krukas gebruikt, draait geen enkele zuiger exact tegelijk – dat levert die typische roffel op. Combineer er twee, en je creëert een vibratiecocktail die om absolute precisie schreeuwt. Hoe Custom Works Zon dat heeft getemd, is niet bekend. Geen technische fiches, geen testdata – alleen een verleidelijke chopper met veel vragen en nul antwoorden.

De hele aandrijving loopt via de enkele zesbak van het achterste blok. Het voorste kreeg zijn transmissie eruit gesloopt. Dat betekent dat die ene versnellingsbak nu het dubbele koppel moet verwerken – iets waarvoor hij nooit is ontworpen. Gedurfd? Zeker. Gezond verstand? Nauwelijks.

Spectaculair object, beperkt nut

Om plaats te maken voor de twee blokken van dit beest, is het voorste blok hoger gemonteerd. Slim gedaan, maar daardoor krijgt de achterste motor nauwelijks frisse lucht. Gevolg: risico op hitteschade, vooral bij lage snelheden. Geen vloeistofkoeling om dat te compenseren – enkel lucht en olie, en die raken oververhit als de luchtstroom stokt.

De logische conclusie: de Vita is geen machine om duizenden kilometers mee te vreten. Dit is geen reismotor, geen daily driver. Het is een showcase – een technisch experiment dat vooral ontworpen lijkt om monden te laten openvallen. En dat lukt perfect.

De Vita balanceert ergens tussen waanzin en genialiteit. Ze stelt de vraag die alleen echte bouwers durven te beantwoorden: niet of het kan, maar wie het lef heeft het tóch te doen.

Ray Pickrell en zijn BSA Rocket 3 F750: a match made in heaven

0
Ray Pickrell en zijn BSA Rocket 3 F750

De races op het Engelse circuit van Mallory Park in Engeland werden altijd graag bezocht door ons. Het is een klein en intiem circuit met mooie zichtpunten om goede foto’s te nemen. Wellicht belangrijker was het feit dat er op loopafstand van de paddock ook een echte Engelse pub op het terrein staat.

Daar troffen rijders, monteurs en fans elkaar voor en na de races. Ideaal om een snel interview af te nemen, foto-orders te noteren en handtekeningen te scoren. Berucht waren sommige feestjes in het verre verleden als een echt grote naam een race had gewonnen op Mallory. Mike Hailwood en Barry Sheene zorgden er steevast voor dat de pub na sluitingstijd gewoon door bleef draaien, stampvol, met de deur op slot. Dit werd een privéfeest genoemd, om problemen met de wet te vermijden. Races op Mallory hadden een relaxte sfeer, je kon altijd prima terecht om rijders eens goed te spreken, motoren gedetailleerd te bekijken en te fotograferen. Traditioneel werden ieder jaar de Post TT-races op Mallory door ons bezocht. Dit evenement vond plaats het eerste weekend na de TT-races op het eiland Man. Na alle spanningen die het racen voor veel coureurs op het nogal gevaarlijke Man met zich meebracht, was de Post TT op Mallory altijd heerlijk ontspannend.

Cees van Dongen wint in 1969 de 125cc GP van Spanje

De foto is genomen vlak voor de start op Mallory van de F750 ‘Race of the Year’ op 19 september 1971. We zien Ray Pickrell op een BSA Rocket 3 F750 Triple-fabrieksracer, een van de meest succesvolle 750cc-racers uit begin jaren ‘70. Ray overleed in 2006 en was tot die tijd een vast contact als ik informatie wilde hebben over de latere Norton twins & BSA en Triumph triples. Hij wist er buitengewoon boeiend over te vertellen en raakte niet uitgepraat over de technische ontwikkeling van deze machines. Het ging dan niet alleen over de racers maar ook over de straatmachines. Dit waren de laatste zware modellen van BSA en Triumph voordat beide fabrieken in de jaren ‘70 ten onder gingen. Ze braken dankzij hun driecilindermotorblok met de paralleltwintraditie van beide merken. Hoopvol werden ze eind jaren ‘60 geïntroduceerd, maar waren vrijwel direct achterhaald door Honda’s CB750 die in Amerika bewust voor minder dan de helft van de verkoopprijs van deze Engelse driecilinder op de markt gezet werd.

Racen vanuit het café

Ray werd geboren in 1938 in het dorpje Harrow Weald, Middlesex. Zijn vader was een buitengewoon fanatieke motorrijder. Toen Ray 16 werd, stond er een Ambassador Supreme voor hem klaar, aangedreven door een 225cc-tweetakt Villiers-motorblok. Want aan autorijden deed de familie Pickrell niet. De Ambassador werd opgevolgd door een Norton Dominator en daarna een BSA Gold Star. Ray hield van sportief rijden en was eind jaren ‘50 veel te vinden bij de beroemde ‘Busy Bee’ en het nog veel beroemdere ‘Ace Café’. Vanuit beide cafés werden illegale straatraces georganiseerd op het wegennetwerk rond Noord-Londen. In 1960 schreef Ray zich voor de grap in voor een race op Brands Hatch. Met zijn BSA Gold Star maakte hij tot zijn grote verbazing een kopstart. Tijdens de eerste ronde keek hij op Paddock Hill om en zag de meute achter hem, geleid door toekomstig wereldkampioen Phil Read. De achtervolgende meute fascineerde hem net even iets te lang, want toen Ray weer voor zich keek, was het te laat. Zijn BSA raakte naast de baan en slingerde Ray onbeheersbaar als een bokkige stier van zich af. Het was de enige crash in zijn leven die niet veroorzaakt werd door een mechanisch defect. Desondanks zette Ray door en besloot meer races te gaan rijden.

In 1967 werd hij gespot door Paul Dunstall, een Norton-dealer en tuner uit Zuid-Londen. Dunstall bouwde erg succesvolle Norton-tweecilinderwegracers en besloot Ray te gaan sponsoren. Dit leidde in 1968 tot zeventien raceoverwinningen, inclusief Ray’s eerste TT-overwinning op het eiland Man in de 750cc TT Production-klasse. Ray sloot deze race af met een gemiddelde snelheid die lag op 157,9 km/u. Het ronderecord dat hij brak in die klasse was nog indrukwekkender: 159,9 km/u.

Slippery Sam

Zijn successen bij Dunstall zorgden voor een contract met het BSA/Triumph-team in 1971. De BSA Rocket 3 en Triumph Trident F750-driecilinderwegracers bevielen hem prima. ‘A match made in heaven’ noemde Ray het zelf toen ik hem eens vroeg naar zijn ervaringen met deze Engelse driecilinder Formule 750-racer. Geen wonder, want hij reed met deze Triple de sterren van de hemel in de Transatlantic Match Races, hij won zijn tweede TT-overwinning op het eiland Man met de roemruchte ‘Slippery Sam’ – de Triumph-driecilinder Production TT-racer – en als klap op de vuurpijl won hij samen met Percy Tait dat jaar de Bol d’Or 24-uursrace op Le Mans. En de F750 Race of the Year op Mallory, het toneel van deze foto? Daar eindigde hij de race op de derde plaats, achter John Cooper (BSA Rocket 3) en Giacomo Agostini (MV 500-3 GP-racer).

In 1972 won Ray opnieuw de Production TT op het eiland Man met ‘Slippery Sam’ en zette ook de ongelooflijk zwaar bevochten F750-race op zijn naam. In beide races brak hij het ronderecord. In de F750 zelfs met een snelheid van 170 km/u en dat was sneller dan Ago op zijn 500cc-driecilinder MV Agusta GP-racer in dezelfde week tijdens de Senior TT 500cc WK-race wist te realiseren. Maar in de laatste race van het jaar, de Race of the Year op Mallory, ging het vreselijk mis.

Tegenslag definieert de mens

In de 1000cc-race liep de versnellingsbak van zijn BSA vast bij een snelheid van 145 km/u toen hij wegreed uit Mallory’s Devil’s Elbow-bocht. Hij vloog door de lucht en klapte hard terug op het circuit. Een fractie van een seconde later werd hij zwaar geraakt door de Triumph Triple van Tony Jefferies, die de vastlopende BSA van Ray niet meer kon ontwijken. De Triple van Jefferies vloog na de aanrijding hoog door de lucht en kwam gewelddadig neer op het lichaam van Ray, waarna hij onder meer zijn bekken op zes plaatsen brak. Meer dood dan levend en met helse pijn werd hij naar het Royal Infirmary Hospital in Leicester vervoerd. De zwaargewonde Ray dacht dat hij zou sterven, zijn doktoren ook. Hij zou het overleven, maar zijn racecarrière was voorbij en de rest van zijn leven zou hij invalide blijven. Uiteindelijk vond hij weer werk als vrachtwagenchauffeur.

Ik ging graag naar Engeland om hem te bezoeken en reed dan regelmatig met hem mee in zijn vrachtwagen. Iedere keer kwam weer meer nieuwe Triumph- en BSA-informatie boven water. Af en toe vierde hij bij ons in Nederland vakantie als zijn werk en zijn gezondheid het toelieten. Met sterretjes in zijn ogen vertelde hij dan opnieuw over zijn tijden op de Dunstall Domi-racers en vooral de BSA en Triumph Rocket 3 en Trident Triples.

Ondanks zijn afgrijselijke ongeval dat zijn leven toch wel gebroken had, bleef Ray heel positief ingesteld. Een belangrijke levensles. Shit happens, maar het opkrabbelen daarna definieert je als mens. Ray wist dat. Hij overleed in 2006 op 67-jarige leeftijd. Gezien het intensieve contact was het vanzelfsprekend geworden om zijn laatste afscheid bij te wonen. Juist die ochtend, in een belabberd Engels hotel, scheerde ik me en voelde ik een vreemde knobbel in mijn hals. Weken later werd Ray op een persoonlijke manier een heel mooi voorbeeld voor me hoe je met een grote tegenslag omgaat.

Foto: Archives A. Herl