maandag 6 april 2026
Home Blog Pagina 45

Start het motorseizoen op Dé Noordelijke Motorbeurs in Eelde

0
Dé Noordelijke Motorbeurs

Op 17 en 18 januari 2026 gaat het motorseizoen officieel van start met de 28e editie van Dé Noordelijke Motorbeurs in de Flowerdome in Eelde. Deze beurs, bekend als de grootste in het noorden en de op één na grootste van Nederland, trekt jaarlijks duizenden bezoekers uit Nederland, Duitsland en België.

Bezoekers kunnen rekenen op bijna honderd standhouders met nieuwe motoren, kleding, helmen, occasions, reizen, gereedschap en meer. Er zijn shows, demonstraties, custom motoren en gezellige horecapleinen met muziek. Ook zijn er dit jaar nieuwe motorbedrijven en clubs aanwezig.

Motor.NL is er uiteraard ook bij met een eigen stand. Kom langs, maak kennis met het team en ontdek wat we dit jaar voor motorrijders in petto hebben.

Beursinformatie

Locatie: Flowerdome, Eelde
Datum: Zaterdag 17 jan & Zondag 18 jan, 10.00–17.00 uur
Toegang: €14,- (volw.), €9,- (65+), kinderen t/m 12 jaar gratis
Parkeren: gratis bij de Flowerdome
Meer informatie en tickets: denoordelijkemotorbeurs.nl

Motor.NL aanwezig bij de 102e Brussels Motor Show

0

Vandaag opende de 102e Brussels Motor Show haar deuren voor de pers in Brussels Expo, en Motor.NL was daarbij aanwezig. De beurs die om het jaar wordt georganiseerd, geldt als een van de grootste automobiel- en motor evenementen van de Benelux.

Vanaf morgen is het evenement toegankelijk voor het grote publiek. Bezoekers kunnen er niet alleen de nieuwste motoren en auto’s bewonderen, maar ook terecht voor demonstraties, accessoires en talks over mobiliteit en duurzaamheid. Hieronder zie je een kleine indruk van de beurs.

Foto’s: Nick Glättli

Pioneer Ride Connect: smartphone-gestuurd dashboardconcept voor motorfietsen

0
Pioneer Ride Connect

Pioneer heeft tijdens CES 2026 in Las Vegas Ride Connect voorgesteld, een nieuw connected UX-platform dat specifiek is ontwikkeld voor motorfietsen. Het systeem is bedoeld voor de volgende generatie instrumentenclusters en kiest nadrukkelijk voor een ‘phone-first’-benadering, waarbij de smartphone een centrale rol speelt in navigatie, connectiviteit en bediening.

Minder hardware, meer software

In plaats van zware en kostbare boordcomputers maakt Ride Connect gebruik van de rekenkracht van de smartphone van de rijder. Het motordashboard fungeert hoofdzakelijk als display, terwijl kaarten, routes en verbonden diensten op de telefoon worden verwerkt. De overdracht van gegevens verloopt via Bluetooth Low Energy (BLE), een energiezuinige draadloze technologie die kleine hoeveelheden data efficiënt verzendt. Volgens Pioneer vermindert dit de hardwarecomplexiteit en houdt het het stroomverbruik beperkt.

Test matrix-ledkoplampen BMW R 1300 RT vs Yamaha Tracer 9 GT: licht uit, spots aan

Navigatie als kernfunctie

Navigatie vormt een belangrijk onderdeel van het platform. Ride Connect maakt gebruik van cloudgebaseerde kaart- en routeringsdiensten, met turn-by-turn navigatie, realtime verkeersinformatie en locatiegebonden data die zijn afgestemd op tweewielers. Voor de kaart- en navigatielaag werkt Pioneer samen met HERE Technologies. Dat levert toegang op tot kaarten en verkeersgegevens in meer dan 120 landen, zonder dat fabrikanten zelf een wereldwijde infrastructuur hoeven te bouwen of te onderhouden. Het systeem ondersteunt bovendien offline data, zodat het ook inzetbaar blijft in regio’s met beperkte connectiviteit.

Bekende richting, eigen invulling

De verschuiving naar smartphoneprojectie is geen nieuw fenomeen. Eerdere oplossingen, vaak in combinatie met Apple CarPlay of Android Auto, zijn al beschikbaar op duurdere motorfietsen. Ride Connect past in die trend, maar is ontwikkeld als een geïntegreerd OEM-platform met een eigen gebruikersinterface en projectietechnologie, in plaats van een losse add-on naast bestaande TFT-schermen.

Pioneer introduceert binnen Ride Connect ook ‘Voice Tap’, een spraakgestuurde interface die handsfree bediening mogelijk moet maken. Navigatie en andere functies kunnen via stemcommando’s worden aangestuurd, met als doel minder afleiding tijdens het rijden. Daarnaast wordt gesproken over ‘edge AI’ voor het delen van contextuele informatie, zoals verkeer, weer en mogelijke gevaren. In de praktijk gaat het om lokaal gegenereerde waarschuwingen op basis van verbonden data, vergelijkbaar met hoe Google Maps en Waze werken.

Gericht op fabrikanten

Ride Connect wordt op CES 2026 getoond als een OEM-klare oplossing, niet als een afgewerkt consumentenproduct. Er zijn nog geen productietermijnen of samenwerkingen met motorfabrikanten aangekondigd. De insteek is duidelijk: lagere ontwikkelingskosten, eenvoudiger wereldwijde uitrol en dashboards die via software-updates actueel blijven, in plaats van via nieuwe hardwaregeneraties.

Pioneer Ride Connect

Kawasaki Corleo: productie waterstofaangedreven robotmotor op vier poten versneld

0

Motorfabrikanten zoeken voortdurend naar nieuwe grenzen om te verleggen, maar wat Kawasaki met de Corleo presenteert, tart werkelijk alles. Deze waterstofaangedreven viervoeter vertegenwoordigt een radicaal nieuwe kijk op persoonlijk vervoer voor onherbergzaam terrein.

Hoewel de Corleo oorspronkelijk werd gepresenteerd als een concept voor 2050, heeft Kawasaki de ontwikkeling versneld. De officiële onthulling op de Japan World Expo 2025 in Osaka markeert een belangrijke mijlpaal. De fabrikant heeft inmiddels een speciaal “SAFE ADVENTURE Business Development Team” opgericht dat direct rapporteert aan de bedrijfspresident.

Honda WN7 in Tokyo: Elektrische politiemotor proefballon voor ambitieus 2035-Plan

De eerste commerciële doelstelling is inzet als terreinvoertuig tijdens de Expo 2030 in Riyad, Saoedi-Arabië, gevolgd door publieke verkoop rond 2035. Kawasaki ontwikkelt ook een geavanceerde rijsimulator die in 2027 gereed moet zijn, met plannen om de bewegingsgegevens en 3D-modellen te integreren in de gaming-industrie.

Revolutionaire aandrijflijn op waterstof

De Corleo wordt aangedreven door een ingenieuze 150cc waterstofmotor die niet direct voor voortstuwing zorgt, maar fungeert als generator voor de elektromotoren in elk van de vier poten. Dit hybride systeem zorgt voor een emissievrije werking – enkel waterdamp komt uit de ‘uitlaat’. Een belangrijke vooruitgang ten opzichte van traditionele verbrandingsmotoren, zeker voor gebruik in natuurgebieden.

De stille werking die deze aandrijflijn oplevert is ook opmerkelijk. Geen brullende uitlaten meer die de rust verstoren; de Corleo beweegt zich geruisloos door het terrein. Voor motorrijders die van het motorgeluid houden zal dit wennen zijn, maar de voordelen voor natuurbeleving zijn evident.

Unieke rijeigenschappen

Het besturen van de Corleo vraagt om een totaal nieuwe benadering. Vergeet sturen, remmen en gas geven zoals we dat kennen. De machine wordt bestuurd door subtiele gewichtsverschuivingen, vergelijkbaar met paardrijden, maar zonder teugels. Deze intuïtieve besturing zou volgens Kawasaki zorgen voor een bijzonder directe connectie tussen berijder en machine.

De vier onafhankelijk bewegende poten, waarvan de achterste zijn uitgerust met swingarm-technologie uit Kawasaki’s motorfietserfgoed, zorgen voor ongekende stabiliteit op oneffen terrein. Dit maakt locaties toegankelijk die voor traditionele offroad motoren onbereikbaar blijven.

Kawasaki Ninja 7 Hybrid: eerste hybride motorfiets ter wereld

Intelligente technologie

De Corleo is meer dan alleen een vervoermiddel; het is een samensmelting van geavanceerde kunstmatige intelligentie en robotica. De AI-component stelt de machine in staat om zelfstandig obstakels te herkennen en daarop te anticiperen, waardoor de berijder zich kan concentreren op de route en de ervaring.

Een geïntegreerd GPS-navigatiesysteem helpt bij het vinden van optimale routes door moeilijk terrein en ondersteunt de berijder bij het handhaven van een ideaal zwaartepunt voor maximale stabiliteit – cruciaal bij het navigeren van steile hellingen of bij waterdoorgangen.

Gedurfde visie op de toekomst

De Kawasaki Corleo vertegenwoordigt een gedurfde visie op de toekomst van offroad mobiliteit. De combinatie van schone waterstoftechnologie, robotica en kunstmatige intelligentie biedt een intrigerend alternatief voor traditionele terreinvoertuigen. Of motorliefhebbers de overstap zullen maken van twee naar vier ‘wielen’ blijft afwachten, maar de technologische innovatie is indrukwekkend.

Voor offroad-enthousiasten die de meest ontoegankelijke gebieden willen verkennen met minimale milieu-impact kan de Corleo een gamechanger worden. De grootste uitdaging voor Kawasaki zal zijn om deze futuristische technologie tegen 2035 betaalbaar en betrouwbaar genoeg te maken voor dagelijks gebruik. Tot die tijd blijft de Corleo een fascinerend voorproefje van wat de toekomst mogelijk brengt.

KTM presenteert Duke-modellen voor modeljaar 2026

0
KTM presenteert Duke-modellen voor modeljaar 2026
2026 KTM 1390 Super Duke R EVO.

KTM heeft de Duke-reeks voor modeljaar 2026 aangekondigd. Verwacht geen grote wijzigingen, maar wel diverse technische en visuele updates.

125 Duke

De KTM 125 Duke vormt het instapmodel van de Duke-familie. Voor 2026 zijn twee nieuwe kleurstellingen toegevoegd. Daarnaast is de brandstofafstelling aangepast en ligt de topsnelheid hoger dan voorheen. Standaarduitrusting bestaat onder meer uit ride-by-wire, bochten-ABS en een 5-inch TFT-kleurendisplay.

390 Duke

De KTM 390 Duke blijft het lichtgewicht model in het middensegment. De ééncilindermotor wordt gecombineerd met elektronische rijhulpsystemen en een sportieve zitpositie. Nieuw voor 2026 is een WP FCR4-remklauw aan de voorzijde, bedoeld om de remprestaties te verbeteren. Ook de 390 Duke is leverbaar in twee nieuwe kleurstellingen.

Eerste test 2026 KTM 1390 Super Adventure S Evo: keerpunt!

790 Duke

‘De Scalpel’ keert terug in het middensegment. Het model is voorzien van hetzelfde 5-inch TFT-scherm en bedieningsunit als de KTM 990 Duke. Elektronische rijhulpsystemen en een relatief compacte ergonomie maken deel uit van het pakket. De 790 Duke valt onder de vierjarige fabrieksgarantie van KTM.

990 Duke en Duke R

Voor 2026 krijgt de 990 Duke een nieuwe kleurstelling. De KTM 990 Duke R, eerder getoond op EICMA 2024, gaat nu in productie. Het model beschikt over een 8,8-inch touchscreen TFT-display met offline navigatie, een vermogen van 130 pk en een koppel van 103 Nm. De volledig instelbare WP APEX-vering is standaard. Beide modellen hebben vier jaar fabrieksgarantie.

1390 Super Duke R en R EVO

Bovenaan het gamma staan de KTM 1390 Super Duke R en R EVO. Beide modellen zijn uitgerust met een V-twin, geavanceerde rijhulpsystemen en een high-end chassis. De R EVO beschikt daarnaast over semiactieve vering. Beide modellen vallen onder de vierjarige fabrieksgarantie.

Beschikbaarheid

De KTM Duke-modellen voor 2026 zijn vanaf nu verkrijgbaar via erkende KTM-dealers.

Kalashnikov verrast met elektrische IZH-Enduro met zijspan en versnellingen

0
Kalashnikov verrast met elektrische IZH-Enduro

Wanneer je de naam Kalashnikov hoort, zijn beelden van buskruit en luid geknal nooit veraf. Fluisterstille elektromotoren en lithium-ionbatterijen lijken in die context minder evident. Toch is dat precies waar de Russische fabrikant nu mee wil scoren: de elektrische IZH-Enduro, die is uitgerust met een even ongebruikelijk als praktisch zijspan.

Tot 100 kilometer

De IZH-Enduro is opgebouwd rond een elektrische aandrijflijn met een lithium-ionaccu en een IPMSM-elektromotor (synchroon, permanente magneten). Over de exacte accucapaciteit houdt Kalashnikov de lippen stijf op elkaar, maar de fabrikant spreekt van een actieradius tot ongeveer 100 kilometer. Afhankelijk van terrein, belasting en rechterpols uiteraard. De topsnelheid ligt rond de 120 km/u, wat voor een enduro meer dan voldoende is. Kalashnikov voorziet ook meerdere aandrijfvarianten:

  • Twee elektromotoren van 3 kW voor lichter, stedelijk of gemengd gebruik
  • Twee motoren van 5 kW voor zwaarder offroadwerk
  • Eén enkele motor van 4 kW als compromis tussen vermogen en efficiëntie

Wapenproducent Kalashnikov lanceert roze Izh-49 motorfiets gericht op vrouwen

Vierbak

De meest opvallende troef van de IZH-Enduro is ongetwijfeld de handgeschakelde vierversnellingsbak met koppeling. Bij een elektrische motor is dat hoogst ongebruikelijk – koppel is normaal gesproken overvloedig aanwezig. Toch kiest Kalashnikov voor deze setup, vermoedelijk om in technisch terrein meer controle te bieden bij lage snelheden en zware belasting. Alsof dat nog niet eigenzinnig genoeg is, wordt ook een benzineversie met een 450 cc eencilinder genoemd. Elektrisch voor stilte en efficiëntie, verbrandingsmotor voor wie daar operationeel de voorkeur aan geeft.

Zijspan

Wie denkt aan een klassiek zijspan met leren kuip en passagierszitje, zit hier mis. Het zijspan van de IZH-Enduro is nadrukkelijk utilitair opgezet: meer laadplatform dan zitplaats. Denk aan het vervoeren van gereedschap, uitrusting of bevoorrading – al dan niet op het slagveld. Met zijspan gemonteerd zijn dit de specs waarover we momenteel beschikken:

  • Wielbasis: 1.385 mm
  • Zithoogte: 720 mm
  • Totaalgewicht: circa 220 kg
Kalashnikov verrast met elektrische IZH-Enduro

Noodkreet van crossers uit Noord-Holland

0
Noodkreet van crossers uit Noord-Holland
Gert Meereboer (links) en Rob Peetoom steken veel energie in het realiseren van een permanente crossbaan in Noord-Holland.

Als sporter wil je graag in je eigen omgeving je sport beoefenen. Voor een tennisser is dat over het algemeen geen probleem. Maar als je aan motorcross doet, heb je veelal geen crossterrein onder handbereik en zul je een stukje moeten rijden. Voor de crossers uit Noord-Holland is dat ‘stukje’ al gauw meer dan een uur.

Een tijdje geleden stuurde Rob Peetoom een mail naar de redactie met een hartenkreet: ‘Het wordt in Nederland steeds gekker met 18 miljoen inwoners, niemand kan meer iets hebben van elkaar. Dit is ook het probleem bij ons in Noord-Holland, al meer dan veertig jaar strijden we voor een crossbaan. We zijn de laatste jaren met een mooi stuk grond bezig om het daar te realiseren en het gaat de goede kant op, denken we. Het valt op dat het meestal de importbewoners zijn die bezwaar maken, wijzelf hebben er veel minder problemen mee. Dit probleem hoor je overal, zie de problemen de laatste jaren in Makkinga (Friesland). Dit is zelfs op de tv geweest.’ Reden voor ons om richting Winkel te rijden voor een gesprek met Rob Peetoom.

Interview Louis Vosters: van blauw via zwart naar rood

Anderhalf uur onderweg

Rob Peetoom (60) is een ondernemer die zijn hele leven al interesse heeft voor motoren en de cross. Die interesse kreeg hij mee van zijn vader, die als 80-plusser nog altijd motorrijder is (Honda NC700). Op zijn beurt heeft hij de liefde voor de cross overgebracht op zijn zoons. ‘Vroeger hadden we hier nog meerdere banen,’ steekt hij van wal. ‘We hadden Den Helder, Heemskerk en Amsterdam. De Niedorper Motorclub organiseerde jaarlijks iets van vijf of zes clubcrossjes. Nu hebben we in Noord-Holland alleen nog een permanente baan op Texel, in de buurt van het vliegveld.’ Hemelsbreed niet zo ver weg, maar uitsluitend per veerboot te bereiken. ‘Wij moeten altijd de Afsluitdijk of de dijk naar Lelystad nemen als we willen rijden in Makkinga, Heerde of Rutten. We zijn dan zo’n anderhalf uur onderweg voor we bij een crossbaan zijn. Ik ben zo gek dat ik de dijk oversteek, maar dat kan of wil niet iedereen. Ik doe het met een glimlach, want het is een prachtige sport.’

Dat hebben de crossers er graag voor over, maar dichter bij huis kunnen rijden is natuurlijk veel fijner. Over waarom dat nog steeds niet lukt, praat ook Gert Meereboer uit Schoorl mee. Hij en Rob zijn de gedreven mensen achter de plannen om te komen tot een permanente crossaccommodatie in Noord-Holland. Peetoom laat me een dikke map zien waarin allerlei krantenartikelen zitten, waaruit blijkt dat het probleem al heel lang speelt. Ook zitten er plannen bij die in het verleden zijn ontwikkeld, maar nooit tot uitvoering zijn gekomen. ‘Kijk,’ zegt Rob, ‘hier heb ik een tekening van een gebouw dat op het crossterrein zou moeten komen, een tekening uit 1977.’

Permanente oplossing

Inmiddels hebben ze al wel een terrein. De overheid stelde een Bibob-onderzoek in (Bibob staat voor Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur), om er zeker van te zijn dat er geen crimineel geld mee was gemoeid. Het terrein is er, maar de benodigde vergunningen laten op zich wachten. Soms leek er schot in de plannen te komen, maar dan blijkt een volgende gemeenteraad andere opvattingen te hebben. Of de wetgeving verandert, waardoor er weer van voren af aan moet worden begonnen. ‘We zitten nu in een overgangsfase, want er komt een nieuwe Omgevingswet. We hebben te maken met een wethouder die niet wil meewerken, want zijn politieke achterban wil het niet. De raad is in meerderheid wel voor. Er gingen twee ambtenaren weg die bij het project waren betrokken. Daarna werden mensen ingehuurd en kwam er een koude overdracht. Wij willen nog steeds een permanente oplossing. Niet zoals in het verleden, dat we een enkele keer ergens mochten rijden en dan weer weg moesten, want er was geen bestemming of vergunning. Een toenmalige wethouder vond het zo erg dat we moesten sluiten. Hij is zelfs in de federatie van vier clubs gaan zitten. Toen zijn we uiteindelijk in Den Helder beland.’ Maar dat was tijdelijk, want door de oprukkende nieuwbouw verdween die baan (waar afgelopen jaar zes keer kon worden gereden), zodat er momenteel nergens meer in Noord-Holland kan worden gereden, op Texel na dan. In Den Helder hadden ze de zaakjes goed voor elkaar. Peetoom: ‘We hebben daar in 2011 van de KNMV de Milieuprijs gekregen. We hebben dus aangetoond dat we het als club aankunnen.’

Stichting

Om alle vergunningen in orde te krijgen, is de club in eerste instantie afhankelijk van de gemeente, maar de provincie kan ook een rol spelen. Als er minder dan acht uur per week wordt gereden, is het uitsluitend een zaak van de gemeente; zijn het meer uren, dan wordt ook de provincie erbij betrokken.

Peetoom en Meereboer willen een baan die meer dan een trainingsbaan zal zijn; het organiseren van wedstrijden ligt ook in de bedoeling. ‘We willen graag toe naar een viertal grotere wedstrijden, bijvoorbeeld een DMX of een NK. En wie weet in de toekomst ooit een EK, zoals Delfzijl dat nu doet.’

Zodra de vergunningen allemaal rond zijn, kan er worden begonnen met het aanleggen van een crossbaan. Daarvoor is zwaar materiaal nodig, maar dat is vlakbij aanwezig in de vorm van Loonbedrijf Jimmink. ‘Binnen een maand kunnen we een volledige baan aanleggen, met een geluidswal eromheen,’ zegt Peetoom.

Om te overleggen met de overheid is een stichting opgericht. Peetoom: ‘We hadden eerst een federatie van vier clubs, maar dat was een tandeloze tijger. Als er een beslissing moest worden genomen, moest er iemand terug naar de club. Dan moest er een clubvergadering worden gehouden. Daar hebben we afscheid van genomen en gekozen voor een stichting.’ Er kan dus slagvaardig worden gehandeld.

Elektrische motoren

Zolang er geen permanent circuit is, zijn de crossers in Noord-Holland aangewezen op een incidenteel terrein, in de herfst als de gewassen van het land zijn. ‘We moeten elk jaar ergens anders gaan zitten. Dan wordt er een brief naar de buren gestuurd en moeten wij een geluidsberekening maken. En dan hebben ze misschien wel wat overlast. Dit hebben we jarenlang gedaan. Een nadeel is wel dat je aan het eind van het jaar altijd in de blubber zit.’ De rest van het jaar moet er nog steeds worden uitgeweken naar een locatie buiten de eigen provincie. ‘We gaan al heel lang een week naar Delfzijl. We hebben een heel goede band met de club daar. We doen een trainingsweek, gevolgd door twee wedstrijden in het weekend.’

Geluid is altijd een probleem bij het afgeven van een vergunning voor de realisatie van een crosscircuit. Dat zou in de toekomst weleens minder een rol kunnen gaan spelen door de komst van elektrische crossmotoren. Peetoom: ‘Wij zijn nog van de oude stempel. Wij houden van de verbrandingsmotor omdat er benzine en olie in gaat. Maar de jeugd gaat straks misschien wel beginnen met elektrische motoren, die is dan wellicht niets anders gewend. Dat is hetzelfde als met Zwarte Piet. Daar zijn wij aan gewend geraakt. Het maakt de kinderen niets uit dat er nu roetveegpieten zijn. Misschien moeten we straks wel allemaal naar elektrisch toe.’ Dat zal voorlopig nog wel niet z’n vaart lopen, want het WK wegrace voor elektrische motoren is niet van de grond gekomen en is na zeven seizoenen letterlijk en figuurlijk een stille dood gestorven.

Interview Glenn van Straalen: ‘Eenmaal weg, ben je snel vergeten’

Verzameling crossmotoren

Rob Peetoom zit zeker niet te wachten op een toekomst met uitsluitend elektrische motoren, want hij is een op en top liefhebber van verbrandingsmotoren, waarvan hij er tientallen bezit. Peetoom: ‘Ik ben een jaar of twintig geleden begonnen met verzamelen. Als je vroeger een crossmotor had en je wou weer een andere kopen, dan moest je eerst je oude verkopen voor je wat anders kon kopen. Ik probeer alle modellen waar ik vroeger op heb gereden te verzamelen. En ga ze restaureren. Dat vind ik leuk om te doen. Ik weet van elke motor welk type het is en van welk bouwjaar hij is. Van sommige motoren weet ik ook wie ermee heeft gereden.’ Kieskeurig wat merken betreft, is verzamelaar Peetoom niet, want hij bezit een breed scala aan merken, zowel Japans als Europees. Een motor waarvan er nooit veel verkocht zijn in Nederland is een Villa. Er staat verder een Montesa en een Husqvarna. ‘Kijk eens naar die iconische tank,’ zegt Peetoom met pretoogjes.

Het merendeel van de motoren doet het nog. Peetoom: ‘Ik weet niet van alle motoren of ze nog lopen. In alle motoren zit olie. In de motoren waarvan ik weet dat ze nog lopen, zit benzine. Onlangs heb ik alle banden opgepompt. Daar ben ik bijna een hele dag mee bezig geweest.’ Tussen alle motoren staat ook een zijspan. ‘Die is er meer voor de heb, want ik heb niet zoveel met de zijspancross.’ Een voorkeur voor een bepaalde motor? Peetoom: ‘De luchtgekoelde motoren uit de jaren ’80. En dan vooral de zwaardere, de 500cc-motoren. En de 125cc-motoren waarmee ik ben begonnen.’ Achterin staan de tientallen bekers die Peetoom heeft gewonnen. ‘De laatste is wel van twintig jaar geleden, het lukt me nu niet meer.’ Prijzen wint Rob Peetoom dus niet meer, maar het realiseren van een permanente accommodatie in Noord-Holland zal voor hem (en alle crossliefhebbers in de provincie) gelden als een hoofdprijs.

Noodkreet van crossers uit Noord-Holland
Gert Meereboer (links) en Rob Peetoom steken veel energie in het realiseren van een permanente crossbaan in Noord-Holland.

Benelli TRK 602 X in productie: is de nieuwe adventure tourer volwassen geworden?

0

In november 2025 haalde Benelli op de EICMA eindelijk het doek van de productieversie van de TRK 602 X. Dé beoogde opvolger van de bestverkopende TRK 502, die jarenlang bekendstond als de no-nonsense budgetkeuze in het adventure-segment. Robuust? Zeker. Foutloos? Lang niet. Rijders klaagden over ratelende kettingen, brekende koppelingskabels en haperende uitlaten. De vraag is dus simpel: heeft Benelli zijn kwaliteit op orde? Want ja, de TRK 502 was geliefd – vooral onder motorrijders die betaalbaar wilden instappen in het adventure-leven – maar het bleef een merk met een imagoprobleem: Italiaans uiterlijk, Chinese herkomst.

Het speelveld waarin de TRK 602 X zich nu moet bewijzen, is meedogenloos. Denk aan de betrouwbare Honda CB500X, de krachtigere CFMoto 800 MT en de technisch briljante Aprilia Tuareg 660. Benelli moet dus meer doen dan alleen een nieuwe motor bouwen; het moet overtuigen in een segment waar betrouwbaarheid, prestaties en prijs elkaar op de millimeter bevechten.

De TRK 602 X doet op papier veel goed. Een compleet nieuwe 554cc-tweecilinder met 270-graden krukas, een modern 5-inch TFT-scherm met Bluetooth en navigatie, een hybride frame-opbouw en krachtigere remmen. Alleen dat gewicht – 235 kilo – schrikt af. Ter vergelijking: de CB500X tikt nog geen 200 kilo aan, en zelfs grotere concurrenten zoals de CFMoto 800 MT blijven lichter. Dat maakt de Benelli log voor zijn inhoud, zonder dat hij het vermogen heeft om het te compenseren. Over de prijs zwijgt Benelli nog. De marktintroductie staat gepland voor eind 2025 of begin 2026, al lopen de geruchten uiteen.

Benelli: vier nieuwe 2026-modellen op EICMA

Techniek: solide upgrade of halve stap?

Onder het zadel draait een 554cc-tweecilinder met 270-graden ontsteking – goed voor 56 pk en 54 Nm. Klinkt pittig, maar in de praktijk positioneert dit blok zich precies tussen instapmodellen en de echte kleppers van het segment. De Honda CB500X levert 47 pk, de Aprilia Tuareg 660 blaast er 80 uit, en de CFMoto 800 MT knalt richting 95 pk. De TRK 602 X zit dus in de veilige middenmoot.

De motor komt uit dezelfde bloedlijn als de nieuwe TNT 550. Slimme platformstrategie, maar het wekt de vraag: hoe onderscheidt deze adventure zich van een naked met koffers? Benelli schermt met een verbeterd lucht- en uitlaatsysteem voor meer souplesse in het middengebied. Mooi, want dáár moet het gebeuren: bij lage toeren, in de bergen of gewoon in stadsverkeer.

Maar laten we eerlijk zijn: 56 pk op 235 kilo is geen indrukwekkende verhouding. Met 0,24 pk per kilo is de TRK 602 X eerder een relaxte toerfiets dan een adrenalinebom. Perfect voor wie wil cruisen zonder stress – minder voor wie het gas constant open wil houden.

Avontuur of uiterlijk vertoon?

Het stalen frame met aluminium achterzijde – Benelli noemt het innovatief, maar het is eerder een slimme kostenbesparing. De ophanging is volledig instelbaar: 43mm upside-down vork met 140 mm veerweg voor, 173 mm achter. Klinkt aardig, maar voor een motor die pretendeert offroad te kunnen, is dat karig. De concurrentie doet het simpelweg beter: 150 mm (Honda), 210 mm (Yamaha Ténéré) of 240 mm (Aprilia).

Kortom: de TRK 602 X ziet eruit als een avonturier, maar gedraagt zich als een comfortabele toerder. Goed voor gravel en slechte wegen, maar zodra het terrein écht ruw wordt, laat de voorpartij het afweten. De 19”-voor- en 17”-achterwielen bevestigen dat beeld: stabiel op de weg, capabel op licht onverhard, maar niet gemaakt voor de echte moddervreter.

Thierry Sabine – vader van Le Dakar #terugblik

0
Thierry Sabine
Le Touquet 1981. De deelnemers gaan van het parc-fermé in de stad naar het strand. Ze rijden achter een auto met daarop Thierry Sabine (witte jas) en burgemeester Léonce Deprez (zittend).

Burgemeester Léonce Deprez van de Noord-Franse badplaats Le Touquet wilde in de jaren zeventig wel wat meer vertier in de stille winterperiode en dat zag de plaatselijke hotellerie wel zitten. Voor het hotelwezen valt er in een badplaats in de wintermaanden weinig te verdienen. Daarom is een weekend met alle kamers bezet en uitpuilende restaurants leuk meegenomen.

De op 13 juni 1949 geboren Thierry Sabine werkte op het stadhuis en was verantwoordelijk voor de communicatie en de PR van Le Touquet. Hij kwam met het idee een endurowedstrijd op het strand en in de duinen te organiseren. De eerste editie, verreden op 16 februari 1975, trok een kleine 300 deelnemers. Binnen een paar jaar groeide het aantal starters tot zo’n duizend. Naarmate er meer deelnemers kwamen, steeg ook het aantal toeschouwers. Omdat er geen entree werd geheven, was het moeilijk om tot betrouwbare cijfers te komen, maar dat het er veel waren, was wel duidelijk.

Een paar jaar eerder was Sabine begonnen met het rijden van autorally’s. Later ging hij ook op circuits rijden en startte in langeafstandsraces, zoals de 6 uur van Monza en de 24 uur van Francorchamps.

Cees van Dongen wint in 1969 de 125cc GP van Spanje #XXLterugblik

In 1977 deed hij op de motor mee aan de rally Abidjan-Nice. Hij raakte verdwaald, strandde met een lege tank en werd pas na enkele dagen opgemerkt door een helikopterpiloot.

Ondanks deze slechte ervaring was Sabine gegrepen door het rallyvirus en besloot zelf een rally in Afrika te organiseren met de start in Parijs en de finish in Dakar. De eerste editie begon op 26 december 1978 en finishte op 14 januari 1979. Er bestond meteen een grote belangstelling voor deze rally, die de deelnemers door Frankrijk, Algerije, Niger, Mali, Opper-Volta (sinds 1984 Burkina Faso) naar Senegal voerde. Er waren 182 deelnemers, het merendeel op de motor (90); daarnaast tachtig in een auto en ook nog twaalf vrachtwagens. Cyril Neveu (Yamaha) won geen enkele etappe, maar voerde wel vanaf de zesde etappe het klassement aan en werd de eerste winnaar.

Naarmate de rally vaker werd verreden, nam de professionaliteit toe. Zowel van de kant van de organisatie als van de deelnemers. De fabrikanten gingen zich ervoor interesseren. In de beginjaren waren Yamaha en BMW heel actief. Organisator Sabine richtte TSO op, Thierry Sabine Organisation.

Aan het leven van Sabine kwam een eind op 14 januari 1986. Die dag werd een 843 km lange etappe verreden, van Niamey naar Rharous. Vanwege de lengte van de etappe werd er al om vier uur in de ochtend gestart. Er stond toen een stevige wind die voor zandstormen zorgde en duurde tot ongeveer het middaguur. Sabine had die dag overleg met politici in Mali om te spreken over het openen van de grens voor een vrachtwagen die waterpompen zou leveren. Dit in het kader van een humanitaire actie. In de namiddag, toen de wind weer toenam, vertrok Sabine per helikopter. Er werd een tussenlanding gemaakt bij de start van de tweede proef. Ze bleven niet lang hangen, omdat de helikopter niet was toegerust op het vliegen bij nacht. Omdat de zandstorm steeds heviger werd, besloot de piloot laag te gaan vliegen en de achterlichten van een 4×4-auto als richtpunt te gebruiken. Daarbij werd een boom geraakt en stortte de helikopter neer. De piloot, Sabine en drie andere passagiers waren op slag dood.

Na zijn dood nam zijn vader de leiding van TSO op zich. Later werd TSO verkocht aan A.S.O., Amaury Sport Organisation, een bedrijf dat ook de Tour de France organiseert en verder actief is op het gebied van golf, zeilen en de marathon van Parijs.

Foto’s: Jan Boer

[Fotobijschriften]

Le Touquet 1981:

Le Touquet 1981. De deelnemers gaan van het parc-fermé in de stad naar het strand. Ze rijden achter een auto met daarop Thierry Sabine (witte jas) en burgemeester Léonce Deprez (zittend).

Boulevard Thierry Sabine:

Ter nagedachtenis aan Thierry Sabine, de man die Le Touquet op de kaart zette, draagt een boulevard zijn naam.

Honda WN7 in Tokyo: Elektrische politiemotor proefballon voor ambitieus 2035-Plan

0

Op 7 januari 2026 vond in het stadhuis van Tokyo een gebeurtenis plaats die meer was dan een traditionele nieuwjaarsbijeenkomst. Gouverneur Yuriko Koike en acteur Tsuruno Takeshi stonden naast vier Honda WN7’s – de allereerste elektrische politiemotoren van de Japanse hoofdstad. Geen grootscheepse overstap naar elektrische mobiliteit, maar een welbewuste symbolische daad waarmee Tokyo duidelijk maakte: de stad meent het met haar klimaatambities. Tegen 2035 wil de metropool dat elke nieuw verkochte motor volledig elektrisch is. Een stoutmoedig voornemen, zeker in een land waar motorrijden niet enkel praktisch vervoer is, maar diep verweven zit in het cultureel bewustzijn.

Honda WN7 in Tokyo: Elektrische politiemotor proefballon voor ambitieus 2035-Plan

Deze introductie van de WN7’s was meer dan een technologische primeur; het was een strategisch statement. Tokyo, met zijn bijna veertien miljoen inwoners en overweldigend druk stadsverkeer, toont de wil om zijn mobiliteit fundamenteel te hervormen. De keuze om te beginnen bij de politie is daarbij slim gekozen: als de meest zichtbare vervoermiddelen in het straatbeeld elektrisch gaan, volgt vanzelf een signaal aan burgers en ondernemingen. De boodschap is helder: de overheid gelooft in een elektrische toekomst – en neemt zelf het voortouw.

Toch verraadt de aanpak een zekere behoedzaamheid. De vier motoren blijven eigendom van Honda en zijn voorlopig enkel in bruikleen bij de politie voor praktijktesten. Dat wekt de vraag: gaat het hier om een serieuze operationele evaluatie, of vooral om een zorgvuldig geregisseerd PR-moment? Een demonstratie van vooruitgang voor publiek en internationale ogen, terwijl de praktische hindernissen van elektrisch politiewerk nog grotendeels onontgonnen terrein blijven?

Honda WN7 onthult: elektrische motor met 130 km actieradius

De eerste politierijders reageren positief, maar hun feedback blijft oppervlakkig: de motoren zijn “stil” en “makkelijk te hanteren”. Dat klinkt goed, maar zegt weinig over cruciale zaken als actieradius onder belasting, betrouwbaarheid bij extreme temperaturen of inzetbaarheid tijdens noodsituaties waar snelle interventies vereist zijn. Tijdens hun debuut bij het bekende Hakone Ekiden-hardloopevenement op 2 en 3 januari reden de elektrische motoren geruisloos naast de lopers – een symbolisch beeld van wat elektrische mobiliteit kan brengen: rust, schone lucht en efficiëntie. Voor miljoenen kijkers was dit hun eerste blik op mogelijk de toekomst van politiewerk.

Maar de onvermijdelijke vraag blijft hangen: kan een politiemotor met 24 pk, 217 kilo gewicht, een 9,3 kWh batterij en een reikwijdte van 140 kilometer — gemeten onder ideale omstandigheden — werkelijk de eisen van het dagelijkse werk in een megastad als Tokyo aan? Het signaal is krachtig, de uitvoering nog pril. Toch is het begin gemaakt: Tokyo toont lef, misschien met opgeheven wenkbrauwen van sceptici, maar met een overtuigende boodschap dat verandering niet langer toekomstmuziek is — ze is al begonnen.