dinsdag 7 april 2026
Home Blog Pagina 46

Noodkreet van crossers uit Noord-Holland

0
Noodkreet van crossers uit Noord-Holland
Gert Meereboer (links) en Rob Peetoom steken veel energie in het realiseren van een permanente crossbaan in Noord-Holland.

Als sporter wil je graag in je eigen omgeving je sport beoefenen. Voor een tennisser is dat over het algemeen geen probleem. Maar als je aan motorcross doet, heb je veelal geen crossterrein onder handbereik en zul je een stukje moeten rijden. Voor de crossers uit Noord-Holland is dat ‘stukje’ al gauw meer dan een uur.

Een tijdje geleden stuurde Rob Peetoom een mail naar de redactie met een hartenkreet: ‘Het wordt in Nederland steeds gekker met 18 miljoen inwoners, niemand kan meer iets hebben van elkaar. Dit is ook het probleem bij ons in Noord-Holland, al meer dan veertig jaar strijden we voor een crossbaan. We zijn de laatste jaren met een mooi stuk grond bezig om het daar te realiseren en het gaat de goede kant op, denken we. Het valt op dat het meestal de importbewoners zijn die bezwaar maken, wijzelf hebben er veel minder problemen mee. Dit probleem hoor je overal, zie de problemen de laatste jaren in Makkinga (Friesland). Dit is zelfs op de tv geweest.’ Reden voor ons om richting Winkel te rijden voor een gesprek met Rob Peetoom.

Interview Louis Vosters: van blauw via zwart naar rood

Anderhalf uur onderweg

Rob Peetoom (60) is een ondernemer die zijn hele leven al interesse heeft voor motoren en de cross. Die interesse kreeg hij mee van zijn vader, die als 80-plusser nog altijd motorrijder is (Honda NC700). Op zijn beurt heeft hij de liefde voor de cross overgebracht op zijn zoons. ‘Vroeger hadden we hier nog meerdere banen,’ steekt hij van wal. ‘We hadden Den Helder, Heemskerk en Amsterdam. De Niedorper Motorclub organiseerde jaarlijks iets van vijf of zes clubcrossjes. Nu hebben we in Noord-Holland alleen nog een permanente baan op Texel, in de buurt van het vliegveld.’ Hemelsbreed niet zo ver weg, maar uitsluitend per veerboot te bereiken. ‘Wij moeten altijd de Afsluitdijk of de dijk naar Lelystad nemen als we willen rijden in Makkinga, Heerde of Rutten. We zijn dan zo’n anderhalf uur onderweg voor we bij een crossbaan zijn. Ik ben zo gek dat ik de dijk oversteek, maar dat kan of wil niet iedereen. Ik doe het met een glimlach, want het is een prachtige sport.’

Dat hebben de crossers er graag voor over, maar dichter bij huis kunnen rijden is natuurlijk veel fijner. Over waarom dat nog steeds niet lukt, praat ook Gert Meereboer uit Schoorl mee. Hij en Rob zijn de gedreven mensen achter de plannen om te komen tot een permanente crossaccommodatie in Noord-Holland. Peetoom laat me een dikke map zien waarin allerlei krantenartikelen zitten, waaruit blijkt dat het probleem al heel lang speelt. Ook zitten er plannen bij die in het verleden zijn ontwikkeld, maar nooit tot uitvoering zijn gekomen. ‘Kijk,’ zegt Rob, ‘hier heb ik een tekening van een gebouw dat op het crossterrein zou moeten komen, een tekening uit 1977.’

Permanente oplossing

Inmiddels hebben ze al wel een terrein. De overheid stelde een Bibob-onderzoek in (Bibob staat voor Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur), om er zeker van te zijn dat er geen crimineel geld mee was gemoeid. Het terrein is er, maar de benodigde vergunningen laten op zich wachten. Soms leek er schot in de plannen te komen, maar dan blijkt een volgende gemeenteraad andere opvattingen te hebben. Of de wetgeving verandert, waardoor er weer van voren af aan moet worden begonnen. ‘We zitten nu in een overgangsfase, want er komt een nieuwe Omgevingswet. We hebben te maken met een wethouder die niet wil meewerken, want zijn politieke achterban wil het niet. De raad is in meerderheid wel voor. Er gingen twee ambtenaren weg die bij het project waren betrokken. Daarna werden mensen ingehuurd en kwam er een koude overdracht. Wij willen nog steeds een permanente oplossing. Niet zoals in het verleden, dat we een enkele keer ergens mochten rijden en dan weer weg moesten, want er was geen bestemming of vergunning. Een toenmalige wethouder vond het zo erg dat we moesten sluiten. Hij is zelfs in de federatie van vier clubs gaan zitten. Toen zijn we uiteindelijk in Den Helder beland.’ Maar dat was tijdelijk, want door de oprukkende nieuwbouw verdween die baan (waar afgelopen jaar zes keer kon worden gereden), zodat er momenteel nergens meer in Noord-Holland kan worden gereden, op Texel na dan. In Den Helder hadden ze de zaakjes goed voor elkaar. Peetoom: ‘We hebben daar in 2011 van de KNMV de Milieuprijs gekregen. We hebben dus aangetoond dat we het als club aankunnen.’

Stichting

Om alle vergunningen in orde te krijgen, is de club in eerste instantie afhankelijk van de gemeente, maar de provincie kan ook een rol spelen. Als er minder dan acht uur per week wordt gereden, is het uitsluitend een zaak van de gemeente; zijn het meer uren, dan wordt ook de provincie erbij betrokken.

Peetoom en Meereboer willen een baan die meer dan een trainingsbaan zal zijn; het organiseren van wedstrijden ligt ook in de bedoeling. ‘We willen graag toe naar een viertal grotere wedstrijden, bijvoorbeeld een DMX of een NK. En wie weet in de toekomst ooit een EK, zoals Delfzijl dat nu doet.’

Zodra de vergunningen allemaal rond zijn, kan er worden begonnen met het aanleggen van een crossbaan. Daarvoor is zwaar materiaal nodig, maar dat is vlakbij aanwezig in de vorm van Loonbedrijf Jimmink. ‘Binnen een maand kunnen we een volledige baan aanleggen, met een geluidswal eromheen,’ zegt Peetoom.

Om te overleggen met de overheid is een stichting opgericht. Peetoom: ‘We hadden eerst een federatie van vier clubs, maar dat was een tandeloze tijger. Als er een beslissing moest worden genomen, moest er iemand terug naar de club. Dan moest er een clubvergadering worden gehouden. Daar hebben we afscheid van genomen en gekozen voor een stichting.’ Er kan dus slagvaardig worden gehandeld.

Elektrische motoren

Zolang er geen permanent circuit is, zijn de crossers in Noord-Holland aangewezen op een incidenteel terrein, in de herfst als de gewassen van het land zijn. ‘We moeten elk jaar ergens anders gaan zitten. Dan wordt er een brief naar de buren gestuurd en moeten wij een geluidsberekening maken. En dan hebben ze misschien wel wat overlast. Dit hebben we jarenlang gedaan. Een nadeel is wel dat je aan het eind van het jaar altijd in de blubber zit.’ De rest van het jaar moet er nog steeds worden uitgeweken naar een locatie buiten de eigen provincie. ‘We gaan al heel lang een week naar Delfzijl. We hebben een heel goede band met de club daar. We doen een trainingsweek, gevolgd door twee wedstrijden in het weekend.’

Geluid is altijd een probleem bij het afgeven van een vergunning voor de realisatie van een crosscircuit. Dat zou in de toekomst weleens minder een rol kunnen gaan spelen door de komst van elektrische crossmotoren. Peetoom: ‘Wij zijn nog van de oude stempel. Wij houden van de verbrandingsmotor omdat er benzine en olie in gaat. Maar de jeugd gaat straks misschien wel beginnen met elektrische motoren, die is dan wellicht niets anders gewend. Dat is hetzelfde als met Zwarte Piet. Daar zijn wij aan gewend geraakt. Het maakt de kinderen niets uit dat er nu roetveegpieten zijn. Misschien moeten we straks wel allemaal naar elektrisch toe.’ Dat zal voorlopig nog wel niet z’n vaart lopen, want het WK wegrace voor elektrische motoren is niet van de grond gekomen en is na zeven seizoenen letterlijk en figuurlijk een stille dood gestorven.

Interview Glenn van Straalen: ‘Eenmaal weg, ben je snel vergeten’

Verzameling crossmotoren

Rob Peetoom zit zeker niet te wachten op een toekomst met uitsluitend elektrische motoren, want hij is een op en top liefhebber van verbrandingsmotoren, waarvan hij er tientallen bezit. Peetoom: ‘Ik ben een jaar of twintig geleden begonnen met verzamelen. Als je vroeger een crossmotor had en je wou weer een andere kopen, dan moest je eerst je oude verkopen voor je wat anders kon kopen. Ik probeer alle modellen waar ik vroeger op heb gereden te verzamelen. En ga ze restaureren. Dat vind ik leuk om te doen. Ik weet van elke motor welk type het is en van welk bouwjaar hij is. Van sommige motoren weet ik ook wie ermee heeft gereden.’ Kieskeurig wat merken betreft, is verzamelaar Peetoom niet, want hij bezit een breed scala aan merken, zowel Japans als Europees. Een motor waarvan er nooit veel verkocht zijn in Nederland is een Villa. Er staat verder een Montesa en een Husqvarna. ‘Kijk eens naar die iconische tank,’ zegt Peetoom met pretoogjes.

Het merendeel van de motoren doet het nog. Peetoom: ‘Ik weet niet van alle motoren of ze nog lopen. In alle motoren zit olie. In de motoren waarvan ik weet dat ze nog lopen, zit benzine. Onlangs heb ik alle banden opgepompt. Daar ben ik bijna een hele dag mee bezig geweest.’ Tussen alle motoren staat ook een zijspan. ‘Die is er meer voor de heb, want ik heb niet zoveel met de zijspancross.’ Een voorkeur voor een bepaalde motor? Peetoom: ‘De luchtgekoelde motoren uit de jaren ’80. En dan vooral de zwaardere, de 500cc-motoren. En de 125cc-motoren waarmee ik ben begonnen.’ Achterin staan de tientallen bekers die Peetoom heeft gewonnen. ‘De laatste is wel van twintig jaar geleden, het lukt me nu niet meer.’ Prijzen wint Rob Peetoom dus niet meer, maar het realiseren van een permanente accommodatie in Noord-Holland zal voor hem (en alle crossliefhebbers in de provincie) gelden als een hoofdprijs.

Noodkreet van crossers uit Noord-Holland
Gert Meereboer (links) en Rob Peetoom steken veel energie in het realiseren van een permanente crossbaan in Noord-Holland.

Benelli TRK 602 X in productie: is de nieuwe adventure tourer volwassen geworden?

0

In november 2025 haalde Benelli op de EICMA eindelijk het doek van de productieversie van de TRK 602 X. Dé beoogde opvolger van de bestverkopende TRK 502, die jarenlang bekendstond als de no-nonsense budgetkeuze in het adventure-segment. Robuust? Zeker. Foutloos? Lang niet. Rijders klaagden over ratelende kettingen, brekende koppelingskabels en haperende uitlaten. De vraag is dus simpel: heeft Benelli zijn kwaliteit op orde? Want ja, de TRK 502 was geliefd – vooral onder motorrijders die betaalbaar wilden instappen in het adventure-leven – maar het bleef een merk met een imagoprobleem: Italiaans uiterlijk, Chinese herkomst.

Het speelveld waarin de TRK 602 X zich nu moet bewijzen, is meedogenloos. Denk aan de betrouwbare Honda CB500X, de krachtigere CFMoto 800 MT en de technisch briljante Aprilia Tuareg 660. Benelli moet dus meer doen dan alleen een nieuwe motor bouwen; het moet overtuigen in een segment waar betrouwbaarheid, prestaties en prijs elkaar op de millimeter bevechten.

De TRK 602 X doet op papier veel goed. Een compleet nieuwe 554cc-tweecilinder met 270-graden krukas, een modern 5-inch TFT-scherm met Bluetooth en navigatie, een hybride frame-opbouw en krachtigere remmen. Alleen dat gewicht – 235 kilo – schrikt af. Ter vergelijking: de CB500X tikt nog geen 200 kilo aan, en zelfs grotere concurrenten zoals de CFMoto 800 MT blijven lichter. Dat maakt de Benelli log voor zijn inhoud, zonder dat hij het vermogen heeft om het te compenseren. Over de prijs zwijgt Benelli nog. De marktintroductie staat gepland voor eind 2025 of begin 2026, al lopen de geruchten uiteen.

Benelli: vier nieuwe 2026-modellen op EICMA

Techniek: solide upgrade of halve stap?

Onder het zadel draait een 554cc-tweecilinder met 270-graden ontsteking – goed voor 56 pk en 54 Nm. Klinkt pittig, maar in de praktijk positioneert dit blok zich precies tussen instapmodellen en de echte kleppers van het segment. De Honda CB500X levert 47 pk, de Aprilia Tuareg 660 blaast er 80 uit, en de CFMoto 800 MT knalt richting 95 pk. De TRK 602 X zit dus in de veilige middenmoot.

De motor komt uit dezelfde bloedlijn als de nieuwe TNT 550. Slimme platformstrategie, maar het wekt de vraag: hoe onderscheidt deze adventure zich van een naked met koffers? Benelli schermt met een verbeterd lucht- en uitlaatsysteem voor meer souplesse in het middengebied. Mooi, want dáár moet het gebeuren: bij lage toeren, in de bergen of gewoon in stadsverkeer.

Maar laten we eerlijk zijn: 56 pk op 235 kilo is geen indrukwekkende verhouding. Met 0,24 pk per kilo is de TRK 602 X eerder een relaxte toerfiets dan een adrenalinebom. Perfect voor wie wil cruisen zonder stress – minder voor wie het gas constant open wil houden.

Avontuur of uiterlijk vertoon?

Het stalen frame met aluminium achterzijde – Benelli noemt het innovatief, maar het is eerder een slimme kostenbesparing. De ophanging is volledig instelbaar: 43mm upside-down vork met 140 mm veerweg voor, 173 mm achter. Klinkt aardig, maar voor een motor die pretendeert offroad te kunnen, is dat karig. De concurrentie doet het simpelweg beter: 150 mm (Honda), 210 mm (Yamaha Ténéré) of 240 mm (Aprilia).

Kortom: de TRK 602 X ziet eruit als een avonturier, maar gedraagt zich als een comfortabele toerder. Goed voor gravel en slechte wegen, maar zodra het terrein écht ruw wordt, laat de voorpartij het afweten. De 19”-voor- en 17”-achterwielen bevestigen dat beeld: stabiel op de weg, capabel op licht onverhard, maar niet gemaakt voor de echte moddervreter.

Thierry Sabine – vader van Le Dakar #terugblik

0
Thierry Sabine
Le Touquet 1981. De deelnemers gaan van het parc-fermé in de stad naar het strand. Ze rijden achter een auto met daarop Thierry Sabine (witte jas) en burgemeester Léonce Deprez (zittend).

Burgemeester Léonce Deprez van de Noord-Franse badplaats Le Touquet wilde in de jaren zeventig wel wat meer vertier in de stille winterperiode en dat zag de plaatselijke hotellerie wel zitten. Voor het hotelwezen valt er in een badplaats in de wintermaanden weinig te verdienen. Daarom is een weekend met alle kamers bezet en uitpuilende restaurants leuk meegenomen.

De op 13 juni 1949 geboren Thierry Sabine werkte op het stadhuis en was verantwoordelijk voor de communicatie en de PR van Le Touquet. Hij kwam met het idee een endurowedstrijd op het strand en in de duinen te organiseren. De eerste editie, verreden op 16 februari 1975, trok een kleine 300 deelnemers. Binnen een paar jaar groeide het aantal starters tot zo’n duizend. Naarmate er meer deelnemers kwamen, steeg ook het aantal toeschouwers. Omdat er geen entree werd geheven, was het moeilijk om tot betrouwbare cijfers te komen, maar dat het er veel waren, was wel duidelijk.

Een paar jaar eerder was Sabine begonnen met het rijden van autorally’s. Later ging hij ook op circuits rijden en startte in langeafstandsraces, zoals de 6 uur van Monza en de 24 uur van Francorchamps.

Cees van Dongen wint in 1969 de 125cc GP van Spanje #XXLterugblik

In 1977 deed hij op de motor mee aan de rally Abidjan-Nice. Hij raakte verdwaald, strandde met een lege tank en werd pas na enkele dagen opgemerkt door een helikopterpiloot.

Ondanks deze slechte ervaring was Sabine gegrepen door het rallyvirus en besloot zelf een rally in Afrika te organiseren met de start in Parijs en de finish in Dakar. De eerste editie begon op 26 december 1978 en finishte op 14 januari 1979. Er bestond meteen een grote belangstelling voor deze rally, die de deelnemers door Frankrijk, Algerije, Niger, Mali, Opper-Volta (sinds 1984 Burkina Faso) naar Senegal voerde. Er waren 182 deelnemers, het merendeel op de motor (90); daarnaast tachtig in een auto en ook nog twaalf vrachtwagens. Cyril Neveu (Yamaha) won geen enkele etappe, maar voerde wel vanaf de zesde etappe het klassement aan en werd de eerste winnaar.

Naarmate de rally vaker werd verreden, nam de professionaliteit toe. Zowel van de kant van de organisatie als van de deelnemers. De fabrikanten gingen zich ervoor interesseren. In de beginjaren waren Yamaha en BMW heel actief. Organisator Sabine richtte TSO op, Thierry Sabine Organisation.

Aan het leven van Sabine kwam een eind op 14 januari 1986. Die dag werd een 843 km lange etappe verreden, van Niamey naar Rharous. Vanwege de lengte van de etappe werd er al om vier uur in de ochtend gestart. Er stond toen een stevige wind die voor zandstormen zorgde en duurde tot ongeveer het middaguur. Sabine had die dag overleg met politici in Mali om te spreken over het openen van de grens voor een vrachtwagen die waterpompen zou leveren. Dit in het kader van een humanitaire actie. In de namiddag, toen de wind weer toenam, vertrok Sabine per helikopter. Er werd een tussenlanding gemaakt bij de start van de tweede proef. Ze bleven niet lang hangen, omdat de helikopter niet was toegerust op het vliegen bij nacht. Omdat de zandstorm steeds heviger werd, besloot de piloot laag te gaan vliegen en de achterlichten van een 4×4-auto als richtpunt te gebruiken. Daarbij werd een boom geraakt en stortte de helikopter neer. De piloot, Sabine en drie andere passagiers waren op slag dood.

Na zijn dood nam zijn vader de leiding van TSO op zich. Later werd TSO verkocht aan A.S.O., Amaury Sport Organisation, een bedrijf dat ook de Tour de France organiseert en verder actief is op het gebied van golf, zeilen en de marathon van Parijs.

Foto’s: Jan Boer

[Fotobijschriften]

Le Touquet 1981:

Le Touquet 1981. De deelnemers gaan van het parc-fermé in de stad naar het strand. Ze rijden achter een auto met daarop Thierry Sabine (witte jas) en burgemeester Léonce Deprez (zittend).

Boulevard Thierry Sabine:

Ter nagedachtenis aan Thierry Sabine, de man die Le Touquet op de kaart zette, draagt een boulevard zijn naam.

Honda WN7 in Tokyo: Elektrische politiemotor proefballon voor ambitieus 2035-Plan

0

Op 7 januari 2026 vond in het stadhuis van Tokyo een gebeurtenis plaats die meer was dan een traditionele nieuwjaarsbijeenkomst. Gouverneur Yuriko Koike en acteur Tsuruno Takeshi stonden naast vier Honda WN7’s – de allereerste elektrische politiemotoren van de Japanse hoofdstad. Geen grootscheepse overstap naar elektrische mobiliteit, maar een welbewuste symbolische daad waarmee Tokyo duidelijk maakte: de stad meent het met haar klimaatambities. Tegen 2035 wil de metropool dat elke nieuw verkochte motor volledig elektrisch is. Een stoutmoedig voornemen, zeker in een land waar motorrijden niet enkel praktisch vervoer is, maar diep verweven zit in het cultureel bewustzijn.

Honda WN7 in Tokyo: Elektrische politiemotor proefballon voor ambitieus 2035-Plan

Deze introductie van de WN7’s was meer dan een technologische primeur; het was een strategisch statement. Tokyo, met zijn bijna veertien miljoen inwoners en overweldigend druk stadsverkeer, toont de wil om zijn mobiliteit fundamenteel te hervormen. De keuze om te beginnen bij de politie is daarbij slim gekozen: als de meest zichtbare vervoermiddelen in het straatbeeld elektrisch gaan, volgt vanzelf een signaal aan burgers en ondernemingen. De boodschap is helder: de overheid gelooft in een elektrische toekomst – en neemt zelf het voortouw.

Toch verraadt de aanpak een zekere behoedzaamheid. De vier motoren blijven eigendom van Honda en zijn voorlopig enkel in bruikleen bij de politie voor praktijktesten. Dat wekt de vraag: gaat het hier om een serieuze operationele evaluatie, of vooral om een zorgvuldig geregisseerd PR-moment? Een demonstratie van vooruitgang voor publiek en internationale ogen, terwijl de praktische hindernissen van elektrisch politiewerk nog grotendeels onontgonnen terrein blijven?

Honda WN7 onthult: elektrische motor met 130 km actieradius

De eerste politierijders reageren positief, maar hun feedback blijft oppervlakkig: de motoren zijn “stil” en “makkelijk te hanteren”. Dat klinkt goed, maar zegt weinig over cruciale zaken als actieradius onder belasting, betrouwbaarheid bij extreme temperaturen of inzetbaarheid tijdens noodsituaties waar snelle interventies vereist zijn. Tijdens hun debuut bij het bekende Hakone Ekiden-hardloopevenement op 2 en 3 januari reden de elektrische motoren geruisloos naast de lopers – een symbolisch beeld van wat elektrische mobiliteit kan brengen: rust, schone lucht en efficiëntie. Voor miljoenen kijkers was dit hun eerste blik op mogelijk de toekomst van politiewerk.

Maar de onvermijdelijke vraag blijft hangen: kan een politiemotor met 24 pk, 217 kilo gewicht, een 9,3 kWh batterij en een reikwijdte van 140 kilometer — gemeten onder ideale omstandigheden — werkelijk de eisen van het dagelijkse werk in een megastad als Tokyo aan? Het signaal is krachtig, de uitvoering nog pril. Toch is het begin gemaakt: Tokyo toont lef, misschien met opgeheven wenkbrauwen van sceptici, maar met een overtuigende boodschap dat verandering niet langer toekomstmuziek is — ze is al begonnen.

Op twee wielen door de sneeuw over de A10

0

Een opmerkelijke situatie gisteren op de Amsterdamse ringweg A10. AT5 heeft beelden gedeeld van een leenscooter met daarop twee personen die door de sneeuw rijden. Bekijk de beelden hieronder.

Wil jij goed voorbereid de weg op onder winterse omstandigheden? We vroegen Motor.NL-expert Jan Kremers om advies.

GSX-R1000R productieproces onthuld: Waarom Suzuki’s laskunst de concurrentie verslaat

0

Suzuki, doorgaans niet de meest openhartige als het gaat om fabricagegeheimen, heeft recent technische details vrijgegeven waarin het productieproces van de GSX-R1000R tot in detail wordt ontleed. De timing is geen toeval: 2025 markeerde het 40-jarig jubileum van de GSX-R-serie, een erfgoed dat begon met de bescheiden GSX-R400 in 1984 en uitgroeide tot een legende met meer dan 1,2 miljoen verkochte exemplaren wereldwijd. Toch was niet alles rozengeur en maneschijn. Eind 2022 stopte Suzuki abrupt de verkoop van de GSX-R1000R in Europa, slachtoffer van de strenge Euro 5-emissiewetgeving. Voor velen voelde dit als het einde van een tijdperk.

Maar Suzuki had andere plannen. De triomfantelijke comeback in 2025, compleet met Euro 5+ homologatie en levering vanaf voorjaar 2026, betekende niet alleen een hernieuwde relevantie in de superbike-arena, maar ook een kans om te laten zien waar het merk werkelijk in gelooft: niet in oppervlakkige vermogensgetallen of elektronische gimmicks, maar in iets fundamentelers. Het skelet van de machine. Het frame. Dat unieke, multi-sectie frameontwerp, gebouwd met gespecialiseerde lastechnieken, is het antwoord van Suzuki op een universeel dilemma in de motorsport: hoe combineer je flexibiliteit met structurele stijfheid, zonder concessies te doen aan stabiliteit of bochtensnelheid? Terwijl concurrenten als Ducati, BMW en Kawasaki vaak vertrouwen op conventionele oplossingen, kiest Suzuki voor een eigenzinnige weg.

Veertig jaar erfgoed, twee jaar afwezig: tactische reset of gemiste kans?

De GSX-R-lijn is niet zomaar een modelnaam; het is een dynastie. De afkorting ‘Grand Sport eXperimental Racing’ verscheen voor het eerst in maart 1984 op de GSX-R400, een Japan-exclusieve machine die de basis legde voor wat zou uitgroeien tot een wereldwijd fenomeen. Binnen twee jaar volgden de 750cc- en 1100cc-varianten, en de toon was gezet: Suzuki wilde niet alleen meespelen in de supersport-klasse, het wilde de regels herschrijven. Die eerste generaties waren revolutionair in hun minimalisme en focus op gewichtsbesparing. Waar andere Japanse merken destijds nog volumineuze toermachines bouwden met stalen frames, durfde Suzuki te experimenteren met aluminium en een spartaanse afwerking die rechtstreeks uit de racerij leek te komen.

Modellen als de GSX-R1000 K5 uit 2005 worden vandaag de dag nog steeds met eerbied genoemd. Deze machine definieerde wat een liter-klasse superbike hoorde te zijn: rauw, direct, maar ook verrassend toegankelijk. Met zijn compacte afmetingen, agressieve geometrie en een motor die zowel vermogen als karakter leverde, werd het de benchmark voor een hele generatie. Eigenaren spreken nog steeds over de karakteristieke manier waarop de K5 door bochten sneed, met een scherpte en precisie die zelfs gespecialiseerde track-machines in verlegenheid bracht. Deze filosofie—performance zonder compromis—zou de GSX-R-lijn blijven definiëren.

De introductie van de 2017-generatie GSX-R1000R vertegenwoordigde een nieuw hoofdstuk. Met ongeveer 200 pk bij 13.200 toeren per minuut, variabele kleptiming, ride-by-wire gasklep en een bi-directionele quickshifter, was dit de meest geavanceerde GSX-R ooit. Maar wat deze generatie echt onderscheidde was de integratie van moderne technologie zonder de essentie te verliezen. Waar sommige concurrenten zich verloren in een woud van elektronische menu’s, hield Suzuki het relatief eenvoudig: drie vermogensmodi, tien niveaus tractiecontrole, en een quickshifter die zo naadloos werkte dat je vergat dat er een elektronisch systeem tussen zat.

Osamu Suzuki: de man die van Suzuki een speler van wereldformaat maakte

Toen kwam het einde van 2022. De Euro 5-normen dwongen Suzuki tot een pijnlijke beslissing: de verkoop stopzetten in Europa. Suzuki had begin 2021 een ‘End of Series’ verzoek ingediend, waarmee toestemming werd verkregen om de Euro4 GSX-R1000 nog twee jaar te mogen verkopen. Na eind 2022 was het definitief afgelopen. Was dit een geval van te laat anticiperen, of een bewuste strategische pauze? De cynicus zou argumenteren dat Suzuki simpelweg niet snel genoeg reageerde, terwijl concurrenten hun machines tijdig aanpasten. Maar Suzuki’s aarzeling lijkt voort te komen uit een fundamentele weigering om het karakter van de GSX-R1000R te compromitteren. Emissienormen vereisen vaak aanpassingen die de vermogensafgifte en het rijgedrag kunnen beïnvloeden—voor een merk zo nauw verbonden met performance-purisme geen beslissing om lichtvaardig te nemen. De terugkeer in 2025, precies op tijd voor het jubileum, suggereert een bewuste keuze: liever tijdelijk afwezig dan permanent gecompromitteerd.

Laskunst als concurrentievoordeel: waarom frameconstructie meer vertelt dan pk-getallen

Suzuki’s prioriteit ligt niet bij het vermogensrace, maar bij fundamentele mechanische excellentie: het multi-sectie aluminium frame. Het frame van de GSX-R1000R bestaat uit meerdere gegoten secties die met precisie aan elkaar worden gelast, waarbij verschillende lastechnieken worden toegepast afhankelijk van de belasting en functie van elk deel. Deze aanpak vereist gespecialiseerde expertise en tijdrovende handarbeid—een luxe die weinig merken zich nog veroorloven in een tijdperk van kostenefficiëntie en geautomatiseerde productie. Het hoofdframe deelt weliswaar features met de GSX-R750, maar gebruikt 0,5 millimeter dikker materiaal voor tien procent meer torsionale stijfheid—een detail dat het verschil maakt tussen voorspelbaar gedrag en nerveuze instabiliteit.

Waarom is dit relevant? Omdat het frame het neurologische systeem van een superbike is. Te stijf, en de machine verliest feedback en grip bij oneffenheden. Te flexibel, en de stabiliteit bij hoge snelheid verdwijnt. Suzuki’s benadering—flexibiliteit waar nodig, stijfheid waar cruciaal—vereist een niveau van constructieprecisie dat alleen met vakkundige lastechnieken te bereiken is. Terwijl concurrenten steeds meer vertrouwen op elektronische systemen om chassisgedrag te compenseren, kiest Suzuki voor een mechanische basisfilosofie: maak het frame zo goed dat de elektronica alleen nog hoeft te verfijnen, niet te corrigeren.

Is deze aanpak genoeg in een markt waarin Ducati’s Panigale V4 met 209 pk (standaard versie) tot 218 pk (V4 R) en geavanceerde aerodynamica de aandacht steelt? Misschien niet voor wie alleen spec-sheets leest. Maar voor wie begrijpt dat een superbike meer is dan de som van zijn cijfers, is Suzuki’s focus op fundamentele mechanische excellentie een onderschatte troef. De vraag is of de markt—en vooral de nieuwe generatie kopers—deze subtiliteit nog waardeert, of dat de toekomst toebehoort aan wie het luidst schreeuwt met vermogensgetallen.

Een stukje Suzuka Circuit kopen? Dat kan!

0
Suzuka Circuit

Het legendarische Suzuka Circuit in Japan ondergaat momenteel een grondige renovatie – en dat is heus niet enkel goed nieuws voor de racers. Fans van het circuit krijgen nu namelijk een unieke kans om een echt stukje van het historische asfalt te kopen. 

Wie dacht dat motorsportverzamelobjecten stopten bij petjes, posters en schaalmodellen, moet nog eens goed gaan zitten. Bij de geplande vernieuwingen aan het Suzuka Circuit krijgen superfans — of laten we zeggen, uitgesproken verzamelaars met gevoel voor race-folklore — de kans om een écht stuk asfalt te bemachtigen.

MotoGP op stratencircuits? MotoGP-baas Ezpeleta zet deur wagenwijd open

Professioneel uitgeboord

Niet zomaar grind uit een uitloopstrook, maar gecertificeerde fragmenten die rechtstreeks uit de baan worden uitgeboord via professioneel carotagewerk. Of je het strak omlijst in de woonkamer hangt of als relikwie op je bureau legt: één ding is zeker — dit is autosport-nostalgie op zijn puurst.

Over prijzen, oplage en beschikbaarheid blijft het voorlopig nog stil, maar de aankondiging alleen al zorgt voor rumoer in de fancommunity. Hieronder hebben we het originele bericht op ‘X’ alvast doorgezet, voor de vertaling – best handig voor wie het Japans niet machtig is – verwijzen we graag naar door naar onderstaand tekstvak. Geen dank!

Vertaling:

“In verband met de herbestrating van het westelijke deel van het Suzuka Circuit verkopen we het asfalt van het circuit waar diverse grote races, zoals de Formule 1 en de Suzuka 8 Hours, hebben plaatsgevonden. De afbeelding toont een scène uit het uithollingsproces. De prijzen en andere details maken we op een later tijdstip bekend.”

Aldus de officiële X-post van Circuit Suzuka.

Niet uniek

Het is overigens niet uniek dat circuits een stukje asfalt verkopen. Zo kon je eerder al een stukje van ‘Raidillon’, een iconische, zeer steile (17% stijging) bochtcombinatie op het circuit van Spa-Francorchamps, kopen. We houden je, zoals altijd, verder op de hoogte!

Een stukje ‘Raidillon’ staat nog steeds bij hoofdredacteur Marien thuis.

Afbeelding: X – Suzuka

102e Brussels Motor Show (9-18 januari) met 28 motorfietsmerken

0
Brussels Motor Show

Morgen opent de 102e editie van de Brussels Motor Show zijn deuren. Meer dan 100 exposanten, waaronder een recordaantal van 67 merken van auto’s en lichte bedrijfsvoertuigen en 28 verschillende motorfietsmerken, verwelkomen het grote publiek tot 18 januari, op in totaal zo’n 60.000 m² exporuimte.

Vanaf zaterdag voor het grote publiek

Op dit moment trekken de exposanten van de Brussels Motor Show de sprint aan in de laatste rechte lijn richting opening. Vrijdag worden media al verwacht vanaf 7u, en vanaf zaterdag om 10u opent het Salon de deuren voor het grote publiek. In de Heizelpaleizen van Brussels Expo, de historische thuisbasis, gonst het van de bedrijvigheid: schrijnwerkers, schilders, elektriciens, IT-professionals, regisseurs en tal van andere specialisten brengen hun beste vakkennis aan om de bezoekers een onvergetelijke ervaring te bezorgen.

CFMOTO toont primeurs en scherpe acties op Brussels Motor Show

11 wereldpremières

Na de persdag op vrijdag, kan het publiek dus vanaf zaterdag een bezoek brengen aan de grootste en mooiste showroom van ons land, waar niet minder dan 435 auto’s en 310 motorfietsen te zien zijn! 11 modellen beleven op de Brussels Motor Show hun wereldpremière, en nog 16 andere zijn voor het eerst in Europa te zien.

Tip voor bezoekers

“Vanaf zaterdag 10 januari zijn we elke dag open vanaf 10u,” zegt Frank Van Gool, CEO van organisator FEBIAC. “Een kleine tip voor bezoekers: de ervaring leert dat er op drukke dagen ’s ochtends een fikse toeloop kan ontstaan. Daarom kan het interessant zijn om de start van een salonbezoek iets later op de dag te plannen, en zeker ook om te overwegen om op dinsdag, woensdag of donderdag naar de Heizel af te zakken. Het kan de Salonbeleving alleen maar aangenamer maken.”

CFMOTO toont primeurs en scherpe acties op Brussels Motor Show

0
2026 CFMOTO 1000MT-X

CFMOTO zet stevig in voor 2026 tijdens de Brussels Motor Show van 10 tot en met 18 januari. Op stand 9.15 in Paleis 9 presenteert het merk twee Belgische premières: de krachtige 1000MT-X en de vernieuwde 800MT Explore ES.

Nieuwe modellen met focus op innovatie

De 1000MT-X is een avontuurlijke motor met rally-invloeden die comfort en offroadcapaciteit combineert. Hiermee zet CFMOTO een stap richting het premiumsegment. Daarnaast biedt de 800MT Explore ES met elektronische vering een merkbaar hoger rijcomfort.

Zero Motorcycles terug op de Brussels Motor Show 2026

Salonacties en voordelen

Tijdens het salon en tot 31 januari 2026 gelden scherpe actieprijzen op diverse modellen. Ook zijn er extra voordelen, zoals 15% korting op originele accessoires en speciale aanbiedingen op aluminium koffersets. Wie binnen zes maanden na het behalen van zijn rijbewijs een CFMOTO aanschaft, krijgt bovendien een voucher van €360.

Betrouwbaarheid gegarandeerd

Alle nieuwe motoren worden geleverd met 5 jaar fabrieksgarantie. Met sterke kortingen en twee opvallende primeurs is de CFMOTO-stand dit jaar beslist een bezoek waard voor elke motorrijder.

Bucketlist Knuckle: de langgekoesterde wens van Dirk

0

Binnen de Harley-wereld is de Knucklehead voor velen de Heilige Graal. Voor Dirk Spek was het altijd dè motor, die nog ontbrak in zijn collectie. Niet te koop en nauwelijks te vinden, dus bleef het jarenlang bij kijken en dromen dat het er ooit nog eens van zou komen. Tot het moment kwam waarop dat ‘ooit’ ineens ‘nu’ werd. Na vele uren toegewijd werk… Is dit het schitterende resultaat!

Dirk’s dochter heeft Bigtwin ervan opmerkzaam gemaakt dat haar vader iets heel bijzonders heeft gebouwd. Dus haastten we ons vol verwachting naar noordwest Fryslân…

V-TWIN EXCLUSIEF

We spreken af op een oude, sfeervolle Friese boerderij vol antieke motoren, Amerikaanse auto’s en dikke hot-rods. De ontvangst is meer dan hartelijk. Voor ik het weet staat er koffie en koek voor mijn neus. Dirk vertelt: “Ik run de zaak V-Twin Exclusief al vijftien jaar. Ik ben gespecialiseerd in de verkoop, styling en restauratie van Europese en Amerikaanse motoren, zoals Harley-Davidson, Norton, BSA, Sunbeam en BMW. Allemaal prachtig, maar mijn grootste passie ligt toch bij Harley-Davidson. Die interesse is al op jonge leeftijd ontstaan. Als jochie van tien leende ik al Harley-Davidson boeken in de Bibliobus. Dat vond ik zo machtig mooi!”

The Uninvited: bobber met Duck-attitude door Rusty Wrench Motorcycles

ROCK ‘N ROLL

Naast zijn liefde voor motoren blijkt Dirk ook muzikaal te zijn. “Ik speelde gitaar in diverse bands – countryrock en poprock – en in de loods had ik naast de motorwerkplaats een opnamestudio. De Fendergitaren en Marshall-versterkers moesten in de loop der tijd echter steeds meer plaatsmaken voor Harley’s. Na 35 jaar in de muziek, heb ik de hele Rock-’n-Rollwereld wel gezien en beleefd: zowel de hoogtepunten als de dieptepunten. Het leven voor muziek en motorrijden bleek prima samen te gaan. Op een gegeven moment kreeg ik kinderen, waardoor de dagindeling wat veranderde. Ik koos voor de motoren boven het muziekwereldje. Ik had bijna alle Harley-modellen wel in de vingers gehad, behalve de Knucklehead. Dat was altijd een stille wens. Stiekem ben ik eigenlijk meer verzamelaar dan handelaar”, vertelt Dirk.

EIGEN KRACHT

Helaas kreeg Dirk het nieuws dat niemand wil horen… “De mededeling was dat ik uitgezaaide kanker in mijn hele skelet had en er geen genezing meer mogelijk is. Dat was écht een harde tik op de kin! Maar mijn levensmotto is: ‘eigen kracht is macht’. Ik moet er nog wat moois van maken. Ik had in mijn leven eigenlijk alles al gedaan wat ik wilde, dus echt een bucketlist heb ik niet. Maar een Knucklehead? Die had ik altijd al graag willen hebben! Die vind je ook nergens meer, dus dán maar zelf bouwen!” Dirk vertelt dat de zaak V-Twin Exclusief wordt overgedaan aan een goede kennis en dat zijn leven momenteel bestaat uit ziekenhuisbezoeken. Om de ziekte even te vergeten en de gedachten op mooie dingen te richten, blijkt het bouwen van een motor de beste bezigheid.

GEEN CONCESSIES

Het idee dat Dirk had, was het bouwen van een Knucklehead van het laatste modeljaar. Een 1947-model, om precies te zijn. Hij vertelt: “De Knuckle is vanaf 1936 geproduceerd. In het begin was het nog een 1000 cc motor. Het model is in de loop der jaren veranderd en kreeg bijvoorbeeld een 1200 cc blok. Van dit latere model zijn meer onderdelen te vinden, dus daarmee is de kans groter dat het project tot een goed einde komt. Want ik wilde alleen maar originele onderdelen, of op zijn minst ‘Original Equipment Manufacturer’, ofwel ‘OEM’. Op dat gebied wilde ik géén concessies doen.” Dirk vertelt dat er geen tekeningen te vinden zijn van een Knuckle, hooguit wat technische schema’s. Dus begon hij honderden foto’s en allerlei informatie te verzamelen. Het werd een zoekplaatje. “Hoe zit dit of dat nou precies?” Tot op een extreem detailniveau zocht Dirk alles uit. Niks werd aan het toeval overgelaten.

NEW OLD STOCK

Dirk zit al lang in de scene en heeft in de loop der jaren een groot netwerk opgebouwd. “Allemaal liefhebbers die elkaar graag verder helpen”, vertelt hij. “Veel mensen wisten onderdelen te liggen, of kenden mensen die weer mensen kenden. Het ging verbazingwekkend vlot en voor ik het wist had ik de benodigde spullen op de werkbank.” Het schitterende Knuckle-motorblok is door een bedrijf in Duitsland tot in nieuwstaat gereviseerd. Via het netwerk kwam Dirk terecht bij de jongens van de Chopperheadz, die een compleet gereviseerde originele versnellingsbak hadden van het juiste type. Met de neus in de boter, noemen ze dat! Veel onderdelen zijn ‘NOS’ ofwel originele onderdelen die nooit gebruikt zijn. Zo is de claxon authentiek, maar zat nog gloednieuw in de doos. “Een loeizwaar ding”, aldus Dirk. Ook het luchtfilter is antiek en tegelijkertijd spiksplinternieuw. Blikvanger zijn de fraaie volle spatborden, waarvan het achterste exemplaar met het kenmerkende scharnier.

VAKLUI

Een set OEM-velgen liet Dirk hier in Friesland spaken om originele naven. “Hier zijn we wat dat betreft behoorlijk zelfredzaam; er zijn lokaal veel handige vaklui aanwezig.” In het dorp liet hij de koperen olieleidingen exact op maat buigen en solderen, precies zoals vroeger. “Dat soort dingen vind ik belangrijk.” Ook het frame werd niet gecoat, maar gespoten, zodat de putjes van de gietstukken zichtbaar blijven. Dirk koos voor de iconische two-tone kleurstelling Venetian Blue met Croydon Crème. De spuiter uit het dorp, een echte vakman, had dit in mum van tijd klaar. “Wij hebben nooit haast”, zegt Dirk, “maar het moet wél vlot.” Het bouwen werkte zo verslavend dat Dirk er bijna obsessief in opging. “Men probeerde mij wel af te remmen, maar dat is niet gelukt. De Knuckle was eerder klaar dan gepland.” Het verhaal ging als een lopend vuurtje rond en mensen kwamen speciaal langs om de motor te bekijken en foto’s te maken. “Dat is echt heel leuk.”

WAARDEVOL

De Knucklehead is gestart en Dirk heeft er ook op gereden. Maar veel kilometers zijn het niet geworden. “Ik wilde het lot niet tarten”, zegt hij. Niet omdat de motor het niet aankan, maar omdat sommige dingen te waardevol zijn om op het spel te zetten. De Harley staat nu in de woonkamer om naar te kijken en bij stil te staan. “Het bouwen was de grootste uitdaging”, zegt Dirk. “Daar heb ik het meeste plezier aan beleefd.” Misschien zit daar wel de kern van dit project. Niet het rijden zelf, maar het uitzoeken, bedenken en creëren. In een leven dat steeds meer wordt bepaald door ziekenhuisbezoeken, gaf de Knucklehead afleiding en ging een langgekoesterde droom in vervulling. “Ik geniet er elke dag opnieuw enorm van”, besluit Dirk.

Fotografie: Floris Velthuis

SPECIFICATIES HARLEY-DAVIDSON FL KNUCKLEHEAD

EigenaarDirk Spek
BouwerDirk Spek / Harley-Davidson

Motorblok

Bouwjaar1947
MerkHarley-Davidson
TypeKnucklehead V-Twin, luchtgekoeld, OHV
Cilinderinhoud74 CI / ca. 1200 cc
Versnellingsbak4-versnellingsbak, handgeschakeld
OntstekingContactpunten en bobine
Carburateur1,5 inch Linkert M74
LuchtfilterHarley-Davidson
PrimairKetting primaire aandrijving
UitlaatChromen 2-in-1 uitlaat met fishtail einddemper

Rijwielgedeelte

FrameOrigineel Harley-Davidson (rigid)
Voorwiel18 inch spaakwiel
VoorbandShinko
VoorremTrommel
VoorvorkSpringer voorvork
Achterwiel18 inch spaakwiel
AchterbandContinental
AchterremTrommel

Diversen

StuurBuckhorn stuur
SnelheidsmeterHarley-Davidson
Hendels / Hand ControlsOriginele handbediening
HandvattenInterne gashendel
KoplampOrigineel, hoog- en laagstand plus parkeerlicht
OlietankHarley-Davidson
Foot ControlsVoetkoppeling
BenzinetankBrandstoftanks met interne benzinekraan
ZadelZwart lederen ‘zweefzadel’
AchterspatbordScharnierend achterspatbord met beugel
VoorspatbordHarley-Davidson
AchterlichtAchterlicht met remlicht
BijzonderhedenNOS claxon, kickstand en achterstandaard, valbeugels

Spuitwerk

KleurVenetiaans Blauw met Croydon Crème
BijzonderhedenStriping in goud en donkerblauw