Na enkele schitterende avonturen op het Isle of Man tijdens de TT, besloten mijn broers en ik dat het tijd was voor een nieuwe uitdaging: een trip naar Noord-Ierland voor de NW200. Deze legendarische race, die sinds 1929 wordt gehouden, is een spektakel dat je simpelweg niet wilt missen. Met een snelheidsrecord van gemiddeld 202 km/u en topsnelheden van maar liefst 330 km/u voor superbikes, lijkt het me een avontuur dat je moet beleven.
Op weg naar Ierland
Onze reis begon met een rit van Antwerpen naar Duinkerken, waar we de ferry naar Rosslare namen. Aangezien de ferry al om 5.00 uur vertrok, vertrokken we om 00.30 uur. Ja, je leest het goed: middernacht. Het was nog donker en koud, maar dat kon ons niet deren. De ferry deed er 24 uur over, wat betekent dat we om 4.00 uur Ierse tijd in het duister arriveerden. Zeg nou zelf, wat is er leuker dan een late-night roadtrip met je broers?
Gelukkig hadden we de volgende dag pas een campingplek in Portrush, waardoor we de mogelijkheid hadden om via kleine wegen naar het noorden van Ierland te rijden. En dat was fantastisch! Op de smalste wegen gold een snelheidslimiet van 100 km/u. Wat een verademing vergeleken met de eindeloze bordenverzameling in België! Plus, de Ierse wegen zijn een waar paradijs voor motorrijders, vol bochten en prachtige uitzichten.
Een avond in de lokale pub
Na een dag vol rijden kwamen we aan in een B&B, waar we de lokale pub bezochten. Wat een feest! Blijkbaar was de pub die avond de ontmoetingsplek voor de lokale bevolking, omdat er een bandje optrad. Na een lange dag op de motor, waren we echter te moe om te feesten. We zijn vroeg onder de wol gekropen, wat wellicht de verstandigste keuze was.
De camping in portrush
De volgende dag arriveerden we in Portrush, waar we onze tent opzetten. Het was een rustige plek, op een kwartiertje lopen van het circuit. Helaas waren de nachttemperaturen rond de 5 graden Celsius, vergezeld van een strakke zeebries. Het was een uitdaging om in onze tent te slapen, maar we waren voorbereid. Overdag was het beter: een aangename 12 graden met af en toe een zonnestraal. Perfect motorrijdweer!
De NW200: een beleving op zich
En dan was het zover: de NW200. Twee dagen vol “practicing” op woensdag en donderdag en de grote race op zaterdag. Wij zaten op een strategische plek, waar we de rijders met een snelheid van vier meter voorbij zagen razen. De adrenaline gierde door onze aderen! Helaas vond er tijdens de tweede trainingsdag een dodelijk ongeval plaats. Dit soort dingen herinneren je eraan dat racen niet zonder risico’s is. Gelukkig waren er tijdens de wedstrijddag geen ernstige incidenten, hoewel er vier piloten crashten. Het was een bizarre ervaring om motoren zonder rijders voorbij te zien zoeven. Gelukkig bleef het bij gebroken enkels en andere kleine verwondingen.
De Wild Atlantic Way: de ruige schoonheid van Ierland
Na de NW200 was het tijd om ons avontuur voort te zetten. We pakten onze spullen en reden naar het westen van Ierland om de Wild Atlantic Way te verkennen. Dit is een van de mooiste autoroutes ter wereld, en dat is niet zomaar een uitspraak! De natuur is adembenemend: smalle wegen die door het landschap kronkelen en je steeds weer verrassen met nieuwe uitzichten. Huizen midden in de natuur en schapen die nonchalant over de weg lopen. Ja, dat is het echte Ierland!
Overnachten in Eeskay
Onze eerste overnachting aan de Wild Atlantic Way was in een hostel in Eeskay. Kamperen met zulke lage temperaturen? Nee, dank je! We kozen voor een warm bed. De volgende dag gingen we verder naar Westport, waar we in het Red Mill Hostel verbleven, midden in een typisch Iers dorpje. Hier konden we onze spullen veilig achterlaten en de dag bespreken onder het genot van een potje Guinness. Proost!
De Cliffs of Moher: een hoogtepunt
Het hoogtepunt van onze reis was zonder twijfel de Cliffs of Moher. Deze indrukwekkende kliffen strekken zich uit over 14 km en bereiken een hoogte van 214 meter. De krachtige oceaan maakte dat de golven tegen de kliffen sloegen, wat een spectaculair schouwspel was. Je voelde je klein en nietig in de aanwezigheid van zo’n ruige natuur.
Terug naar de realiteit
Onze laatste etappe voerde ons van Listowel naar Camp. Een prachtige rit van 260 km over de Connerpas. De Ierse natuur liet zich van zijn beste kant zien, met een mix van regen, wind en mist. Maar zodra we boven waren, werden we beloond met een adembenemend uitzicht. Na het verkennen van het schiereiland Ceann Sibeal, waar enkele scènes van Star Wars zijn opgenomen, was het tijd om terug te keren naar Rosslare voor de ferry naar Duinkerken. Het was een reis vol avontuur, adrenaline en onvergetelijke herinneringen.
De Wild Atlantic Way: een onvergetelijke ervaring
De Wild Atlantic Way, of WAW zoals we hem kortweg noemen, is een 2500 km lange route die begint in Kinsale en eindigt in Malin. De route is goed bewegwijzerd en de Ieren zijn uiterst hoffelijk in het verkeer. Ze houden rekening met motorrijders, wat het rijden nog aangenamer maakt.
Deze reis met mijn twee motorrijdende broers op een Himalayan 411, een Kawasaki Z750 en een CFMOTO 450 MT, was een ervaring om nooit te vergeten. Ierland en Noord-Ierland hebben ons hart gestolen. Dus, als je ooit de kans krijgt, stap op je motor en verken deze adembenemende delen van de wereld. Je zult er geen spijt van krijgen!
Tekst en foto’s: Jan Maes


