donderdag 29 februari 2024

Classic GP Assen: blik op het verleden

Voor de motorliefhebber viel er op de baan tijdens de Classic GP Assen niet zo gek veel te genieten, maar in het rennerskwartier des te meer.

Fotografie: Jan Boer

De Classic GP Assen is een evenement waarbij er zowel voor auto’s als motoren startgelegenheid was. Nagenoeg het hele programma was gereserveerd voor de vierwielers. De beide motorklassen reden elk zowel op zaterdag als zondag slechts twintig minuten. De weersomstandigheden werkten helaas niet mee, want er werd gereden in de regen of op een natte baan. Slechts zaterdagmiddag was de baan droog. Dat was tijdens de run van de toppers.

De S72 Gin Devil van Stefan Everts

De bekendste van alle deelnemers was vijftienvoudig wereldkampioen Giacomo Agostini, die op een MV Agusta zijn ronden reed. De Italiaan is inmiddels 80 jaar, maar oogt nog altijd zeer fit en het motorrijden lijkt hem geen enkele moeite te kosten. Hij zei nog bijna dagelijks op de motor te zitten. Agostini is zo vaak actief bij demo’s dat hij vermoedelijk na zijn actieve carrière misschien nog wel meer circuitronden heeft gereden dan in de jaren dat hij in de GP’s uitkwam op MV Agusta en Yamaha. Agostini: ‘Ik vind Assen nog steeds een mooi circuit. Ik heb er veel goede herinneringen aan.’

Vijftig jaar later

De bekendste Nederlander was Jos Schurgers (75), de constructeur van de Bridgestone waarmee hij in 1973 zegevierde in de Belgische GP op het circuit van Francorchamps. Schurgers is een begenadigd vormgever en dat is nog altijd te zien aan zijn motor, die er nog steeds niet gedateerd uitziet. Schurgers: ‘Ik heb toen nooit kunnen bevroeden dat ik er bijna vijftig jaar later nog steeds met heel veel plezier op zou rijden.’ Schurgers was dit seizoen nog actief in een Duitse competitie. Van de generatie van Schurgers zijn niet veel coureurs nog actief, in leven (zoals Jan de Vries) of zijn definitief gestopt (zoals Marcel Ankoné). Theo Louwes (82) had graag op een Norton mee willen doen, maar vanwege een twee dagen eerder uitgevoerde staaroperatie (‘Ik zie alles nu weer goed.’) mocht hij niet rijden.

Op de baan was het met toppers van vroeger dun gezaaid, maar in het rennerskwartier was het smullen voor de liefhebbers, want slechts een enkele motor stond achter een touwtje opgesteld. Nagenoeg alle motoren konden van dichtbij worden aanschouwd en gefotografeerd. Veel belangstelling was er uiteraard voor de MV’s, zoals een 500cc-zescilinder, een motor die slechts eenmaal in een race werd ingezet (John Hartle in 1958 op Monza). Ook een motor die de belangstelling trok was een Moto Guzzi 500cc-viercilinder, met drie dunne uitlaatpijpjes aan de linkerkant en de vierde aan de rechterkant. En een Engelse verzamelaar bracht een aantal klassieke Honda’s naar Assen.

Zo viel er voor de liefhebber – gelet op de leeftijden bevolkte het merendeel in de jaren zeventig of misschien nog wel eerder ook de tribunes – veel te genieten. Met dank aan liefhebbers die hun oude racemotoren nog altijd koesteren en ervoor zorgen dat ze in een goede conditie verkeren, zodat ze ook nu nog op circuits kunnen worden ingezet. Zal dit in de toekomst zo blijven en zullen we over veertig of vijftig jaar kunnen genieten van de Ducati Desmosedici en de Honda RC213V? Of zou er dan geen benzine meer zijn?

Jan Boer
Jan Boer
Jan Boer werkte jarenlang voor de redactie van MOTO73 en doet dat inmiddels als gepensioneerde liefhebber nog altijd met dezelfde passie en kennis.

Stay tuned

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en mis nooit het laatste nieuws! Onze nieuwsbrief wordt iedere week op dinsdag (bij veel nieuws) en donderdag verstuurd.


Gerelateerde artikelen