Marc de Reuver zorgt voor opschudding: ‘Ik draaide helemaal door. Helemaal gek werd ik’

Marc de Reuver, het is zonder twijfel de allerbeste crosser ooit die geen wereldkampioen werd. Altijd was er wel wat… ‘Ik heb in mijn carrière zoveel domme fouten gemaakt, dat ik nu precies kan uitleggen wat jongens vooral niet moeten doen’, is zo’n beetje zijn slogan geworden als succesvolle crosstrainer. In een zoektocht naar waarom zijn eigen carrière nooit geworden is wat het volgens velen had moeten zijn, vertelt De Reuver in zijn nieuwe boek Open over al zijn zware blessures, het verraad binnen de motorcrosswereld, geruchten over zijn stappersleven, vermeend dopinggebruik en de diepste mentale dalen. ...
Marc de Reuver, het is zonder twijfel de allerbeste crosser ooit die geen wereldkampioen werd. Altijd was er wel wat… ‘Ik heb in mijn carrière zoveel domme fouten gemaakt, dat ik nu precies kan uitleggen wat jongens vooral niet moeten doen’, is zo’n beetje zijn slogan geworden als succesvolle crosstrainer. In een zoektocht naar waarom zijn eigen carrière nooit geworden is wat het volgens velen had moeten zijn, vertelt De Reuver in zijn nieuwe boek Open over al zijn zware blessures, het verraad binnen de motorcrosswereld, geruchten over zijn stappersleven, vermeend dopinggebruik en de diepste mentale dalen. In samenwerking met non-fictie uitgeverij Edicola Publishing mag Motor.NL exclusief een voorpublicatie plaatsen. Zit je goed? Riemen vast? Vergeet De wereld volgens Gijp of het boek van wielrenner Thomas Dekker. Nu gaat het pas echt beginnen! TitelOpen - Marc de ReuverAuteurTim Gerth ISBN: 9789493201941 Omvang: 280 pagina’sBindingpaperbackPrijs€ 21,95Verschijnt15 november 2021Pre-orderwww.marcdereuver.nl Marc ligt in het zand. Gevallen. Blessures? Nee. Pijntjes? Ook niet. Ging het te hard? Nooit! De grote Marc de Reuver ligt op de grond. Niet dat iemand het doorheeft. Hij reed immers achteraan en de camera’s zijn gericht op de rijders die zich nog wel topcoureur mogen noemen: Cairoli, Nagl, Philippaerts, Ramon, stuk voor stuk namen die nog geregeld het podium bestijgen. Twee jaar geleden versloeg hij ze nog allemaal. Vandaag zal het niet gebeuren. Zelfs het wiel houden van de mindere goden is te veel gevraagd. Honderden meters achter de staart van het veld hobbelt Marc rond. Het is moeilijk door de helm en de bril heen te kijken, maar de crosskenner, en vooral de Marc-kenner, ziet snel wat er scheelt: geen beleving, geen doel. Zijn hoofd is allang niet meer bezig met het gevecht vooraan, of welk gevecht dan ook. Anoniem rijdt Marc zijn rondjes tot hij plots tegen de grond gaat, vlak voor de ingang van de pits. Waarom? Hij rijdt te langzaam. Als de gevallen topcrosser opstaat, kijkt hij recht de pitlane in. Alle monteurs, teambazen en journalisten blikken in zijn richting. Iedereen die de opkomst en de val van het grote Nederlandse crosstalent heeft meegemaakt, kijkt naar het trieste tafereel dat zich verderop afspeelt. Een gevallen kampioen, die nooit écht wereldkampioen werd. Een belofte die een belofte bleef. Als een raket gestart en na nauwelijks schade te hebben aangericht, te laat voor een noodlanding. … Het is 2010 en de grote toekomst die zich ooit voor Marc de Reuver uitrolde, verdwijnt steeds verder uit het zicht. Vaak kwam Marc weg met de beperkte motivatie om honderd procent voor zijn sport te leven, maar nu kijkt het noodlot hem recht in het gezicht. Voor het eerst is er een signaal van een doodlopend carrière-pad. Na talloze teleurstellingen, blessures en mentale dwalingen is hij uitgerangeerd bij de fabrieksteams. Geen enkele grote fabrikant die het risico, want zo kijkt men inmiddels naar Marc, nog aandurft. Na ruim zeven seizoenen als fabrieksrijder voor KTM, Yamaha en Honda, volgt de onvermijdelijke stap terug en is hij aangewezen op het privéteam van oude bekende John Beursfoon, dat met Suzuki rijdt. ‘John is altijd heel goed voor mij geweest, maar eerlijk is eerlijk: van fabrieks-Honda naar Beursfoon is een enorme stap terug.’ Aanvankelijk is er enthousiasme. Over de motor, de snelheid, het team. Het feit dat iemand nog het risico met hem aandurft na die vreselijke periode, is al een wonder. Er is nieuwe energie, zo lijkt het. Maar Marc realiseert zich maar al te goed dat dit het begin van het einde is. De dag van Marc de Reuver De fabrieksteams zien hem niet langer als een interessante investering en ondanks dat hij pas 27 jaar oud is, en dus in de kracht van zijn leven zou moeten zijn, is het beste er ook al even af. ‘Dat is de eerste stap terug: geen fabrieksteam meer. Dan weet je: het gaat niet meer gebeuren. Het is over!’ Marc de Reuver realiseert zich dat zijn droom om wereldkampioen te worden, voor altijd een droom zal blijven. ‘Je komt niet meer terug op dat allerhoogste niveau. Ja, als je even gaat winnen. Dan weer wel’, maar dat lijkt een utopie. Kansen om te winnen zijn er nog wel. Als geen ander weet Marc: in het zand is iedereen bang voor én van hem. In zijn eigen Lommel won hij in 2008 nog een manche, met twee vingers in zijn neus. In 2009 was hij geblesseerd en dus is het in 2010 tijd voor eerherstel, maar het zit er niet in. Maakt dat uit? Ook niet echt. Eigenlijk maakt het allemaal niet zo heel veel meer uit, sinds hij die pillen neemt. … Op een druilerige dag in februari 2010, ruim voor de start van het seizoen, gebeurt het: de altijd nuchtere, harde en directe crosser, raakt in paniek. ‘Ken je die serie Undercover van Netflix? Die camping die je daar ziet?’, begint Marc te vertellen over de serie waarin undercover politieagenten de fictieve Brabantse drugsbaron Ferry Bouman op zijn eigen woonwagenpark in de nek vatten. ‘Daar woonde ik, hè! Is dat meer ook te zien, dat water? Daar was het, daar was ik aan het hardlopen. Dan heb je een beetje een beeld.’ Marc de Reuver woont dan nog altijd in zijn veel te dure villa in België, tegenover de bewuste camping. De man op wie het personage van Ferry Bouman is gebaseerd, heeft hij geregeld in zijn campingstoeltje in de zon zien zitten. Daar, in dat gebied, loopt Marc zijn rondjes om zijn conditie op peil te houden, voor zover hij daar motivatie voor heeft. Hij kijkt om zich heen de natuur in, naar de bomen. En opeens dringen de gevolgen van deze stap terug tot hem door. ‘Ik ben heel bang om dood te gaan, hè’, zo beschrijft hij zijn algemene gemoedstoestand uit het niets. De vergankelijkheid van zijn eigen bestaan, beklemt hem. ‘Ik keek naar de bomen en dacht bij mezelf: hoelang blijven bomen staan? Als er iemand doodgaat, hebben mensen er gewoon schijt aan! Iemand gaat de grond in en het is “Ja, daaahááág!”. Ik ga ook dood, maar bomen blijven staan, de bakker blijft open.’ Het zijn gedachtes die zonder context en voor een normaal mens moeilijk te plaatsen zijn. Voor een sporter die zich realiseert dat zijn carrière over zijn hoogtepunt heen is, flitsen de gemiste kansen echter als een film voorbij. ‘Toen ik vijf was, zeiden ze al tegen me: jij wordt later wereldkampioen. Dat is heel mijn leven, heel mijn carrière, tegen me gezegd: “Jij wordt wereldkampioen!” Maar het is nooit gelukt. Helaas, pindakaas.’ De stap omlaag naar een privéteam is voor Marc het teken dat zijn kansen definitief verkeken zijn. Hij gooit volledig de handdoek in de ring. ‘Het einde komt in zicht. Ik ben zelf altijd fabrieksrijder geweest en je weet hoe je daar wordt behandeld. Spullen, geld, het maakte allemaal niet uit. Als er maar gas gegeven wordt! Als fabrieksrijder zag je hoe hard andere jongens moesten werken en wat die allemaal moesten doen.’ Al die jaren kijkt Marc neer op de groep rijders waar hij nu deel van uitmaakt. ‘Het wordt steeds minder, dat weet je. Je weet hoe je toekomst eruit gaat zien. In één keer kwam dat bij me op: toen ik hard aan het lopen was en gewoon de natuur en die bomen bekeek. Ik herinner me dat moment nog precies.’ ‘Ik raakte helemaal in paniek, moest stoppen met lopen en ging voorover staan om uit te hijgen, compleet in paniek.’ Een mislukte carrière, geen fabrieksteam meer, een veel te duur huis gekocht vlak voor de kredietcrisis, en nu ook nog eens financieel een flinke stap achteruit. Het resultaat laat zich raden, zeker wanneer iemand al heel gevoelig is voor impulsen: een paniekaanval. ‘Ik draaide helemaal door. Helemaal gek werd ik van die gedachtes.’ De helpende hand komt als hij een kalmeringsmiddeltje krijgt aangereikt door iemand uit zijn omgeving. ‘Doe maar, daar word je lekker rustig van.’ Het is de eerste van vele pilletjes...

Doorgaan met lezen?

Om verder te lezen heb je een abonnement nodig. Heb je die al? Dan kun je hier inloggen.

Wil je graag toegang? Kies dan één van onze abonnementen, dat kan al vanaf €2,50 per maand.

MotorNL Digitaal vanaf €2,50 per maand

Alle artikelen uit MOTO73 en Promotor lees je iedere dag vers online via onze Premium artikelen en bladerbare PDF magazines.

Of maak een keuze uit één van onze magazine abonnementen inclusief Digitaal Premium vanaf €4,-

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.






Hierbij geef ik toestemming om me via email, met de informatie die ik in dit formulier opgegeven heb, nieuwsbrieven te sturen.

Uitschrijven kan op elk moment, onder iedere nieuwsbrief staat onderaan een link om uit te schrijven. We hebben je privacy hoog in het vaandel, onze privacy policy is op de website te lezen. Als je dit formulier instuurt, dan ga je akkoord met de voorwaarden genoemd in de privacy policy.


Over de auteur

De redactie van Motor.nl bestaat uit alle redactieleden van MOTO73 en Promotor. Redacteuren Marien Cahuzak, Jan Kruithof, Nick Enghardt, Maikel Sneek en diverse freelancers zijn dagelijks actief voor Motor.nl.

Misschien vind je dit ook interessant?