Restauratie Honda NT650V Deauville #2: het rijwielgedeelte

Met motor en frame weer innig verbonden, is het tijd om de motor weer op de wielen te zetten. Dat heeft nogal wat voeten in aarde, want er zijn veel componenten die daarvoor moeten worden opgeknapt en nagekeken.

Aan een motor zitten veel kleine tot middelgrote onderdelen. Sommige van ijzer, sommige van aluminium. Vaak zijn ze grillig van vorm. Dan is het lastig om ze tot in alle naadjes schoon te schuren. In aluminium krijg je bovendien gauw schuurkrassen van je roterende staalborsteltje of van schuurpapier. Maar daar is een oplossing voor: stralen. Daarvoor heb je een straalcabine nodig en een flinke compressor. Een kleine straalcabine koop je bijvoorbeeld bij HBM voor net geen 120 euro. Om ijzer te stralen gebruik je staalgrit. Dat is tamelijk agressief, iets te agressief voor aluminium. Daarvoor kun je glasparel gebruiken, dat geeft een nette finish. De schetsplaten van de voetsteunen en de kroonplaten straalde ik met glasparel, net als de cardan. Ook daarvoor printte ik eerst doppen met de 3D-printer, om te voorkomen dat er glasparels komen waar het niet hoort. Daarna spoot ik de cardan en de voetsteunbeugels zilverkleurig met velgenlak, die is wat sterker dan gewone lak. En met lak zijn ze beter beschermd tegen weer en wind dan ‘bloot’ aluminium. De kroonplaten spoot ik trouwens zwart, dat paste beter bij het kleurenschema dat ik in mijn hoofd had. Bouten, moeren, de jiffy, het kuipframe en de middenbok deed ik met staalgrit. Vervolgens een laagje Brunox-roestomvormer, dan grondverf en zwarte lak.

Schokdemper

De achterbrug paste helaas niet in de straalcabine, dus dat werd weer handwerk: schuren met staalborsteltjes en een Dremel, met de hand schuren en vervolgens afwerken met Brunox en velgenspray. Het terugplaatsen van de swingarm is nog even een klus: alleen al om de cardanas goed op de splines te krijgen. Maar ook het vastzetten van de swingarm-as is iets waar je de vraagbaak bij nodig hebt: je moet de bouten – nadat er nieuw vet in de lagers is gedaan – links en rechts eerst op aanhaalmoment vastzetten, dan de rechter bout weer losdraaien en dan op een andere waarde vasttrekken. Je moet het maar weten!

Na het terugplaatsen van de achterbrug was de vering aan de beurt. De schokdemper zag er nogal shabby uit. Nu is die wat lastig uit elkaar te halen. Daarvoor maakte ik beugels van stalen buis en draadeind, een boven en een onder. Daar kon ik de veerspanners, die ik in huis heb om schokdempers bij auto’s te kunnen vervangen, op de draadeinden zetten en de veer opspannen. Dat geeft ruimte om de borging weg te halen. Na het ‘ontspannen’ van de veerspanner kun je de hydraulische veerspanner en de veer dan eenvoudig demonteren. Wat schuur-, straal- en spuitwerk later had ik een fraaie schokdemper met zilverkleurige uiteinden en een opvallende rode veer.

Restauratie Honda NT650V Deauville #1: van wrak naar parel

Wielen en banden

De veerpoten van de telescoopvoorvork waren een grotere uitdaging dan de schokdemper: de binnenpoten zaten vol pitting en roest. Het was niet zo gek dat de keerringen lekten. Die werden gewoon kapotgesneden door de chroomflinters. De vorkpoten waren niet te redden, dus zocht ik op Marktplaats een paar andere. Ik besloot de beste onderdelen te combineren. Na het reinigen besloot ik de onderpoten te glasparelen, zodat ze mooi lak- en oxidatievrij waren. Daarna spoot ik ze in de lak, wederom voor een betere weersbestendigheid. Met de nieuwe binnenpoten, nieuwe keerringen en nieuwe voorvorkolie waren ze weer pico bello en klaar om de motor weer op de wielen te zetten. Ook die wielen kregen natuurlijk een opknapbeurt. Ik had al apparatuur in huis om zelf banden te vervangen, dus ik kon ze mooi demonteren, zodat ik de velgen aan alle kanten mooi op kon schuren. Het schuren van de wielen was weer puur handwerk. Maar als je dat goed doet, loont het door een mooi resultaat. Daarvoor spoot ik ze in Motip-velgenspray. Er kwamen nieuwe tubeless ventielen in de velgen – iets dat door motorbedrijven nogal eens wordt ‘vergeten’. Ik koos voor Bridgestone Battlax T30-banden, vanwege het toerkarakter van de motorfiets en vanwege het feit dat ik er meer ’s winters mee zou gaan rijden. Dan wil je geen sportieve banden, die pas bij hoge temperaturen gaan ‘werken’. Uiteraard moeten die wielen nog wel gebalanceerd: daarvoor kocht ik bij HBM een balanceerstandaard en ik bestelde balanceergewichtjes. Die zijn tegenwoordig niet meer van lood maar van zink. Dat is lichter, dus je hebt er wel meer van nodig.

Remmen

Met de remmen was op zich niets mis, ze zagen er voornamelijk optisch slecht uit. Dus kregen ze een facelift. Ik plakte de ‘loopbaan’ van de remschijven af en bewerkte het hart met glasparel, vervolgens met een hittebestendige lak. De remklauwen werden met een staalborsteltje en de Dremel schoongemaakt en vervolgens goudkleurig gespoten. De remzuigers pompte ik er een klein eindje uit, om ze schoon te maken met de achterkant van een stukje schuurlinnen. Dat is zacht genoeg om vuil en oxidatie mee te nemen, maar te zacht om krassen in de remzuigers te maken. Met wat speciaal remzuigervet kon ik ze vervolgens weer terugduwen, zodat ze gangbaar en beschermd zijn. Ik schuurde de nippels van de remslangen voorzichtig schoon en bewerkte ze met Brunox-roestomvormer, daarna met lak. Ik monteerde ze met nieuwe koperen ringen. Datzelfde deed ik met de nippel op de rempomp, die ook weer netjes zwart gespoten werd, net als de rem- en koppelingshendels. Uiteraard kwam er nieuwe DOT4-remvloeistof in het remsysteem. Je moet sowieso elke twee jaar remvloeistof verversen, dus was dit een mooi moment.

Stuur

Het standaard stuur van de Deauville is van verchroomd staal, maar van het chroom was weinig over. Er zat zoveel roest in, daar doe je met een polijstmachine niets meer mee. Lakken kun je chroom ook niet, dat houdt niet en wordt erg lelijk. Daarom ging ik op zoek naar een nieuw stuur, ik had mijn zinnen daarbij gezet op een goud geanodiseerd aluminium stuur, dat een meer high-end uitstraling heeft. Het was even puzzelen om er een met de goede bochten te vinden. Dat is vooral op een machine als de Deauville belangrijk, omdat de armaturen niet tegen de tank aan moeten komen en ook binnen de uitsparingen van de top-half moeten vallen. Ik vond er een en hij paste bijna, ik moest alleen nieuwe gaatjes boren om de armaturen in de juiste hoek te zetten. De armaturen zelf waren vergaan, die verving ik in eerste instantie door een paar AliExpress-exemplaren, aangezien ik geen mooie originele kon vinden. Niet de beste keuze, want de bekabeling klopte niet en het vergde nogal wat soldeerwerk om ze aan de praat te krijgen. En dan zagen ze er nog steeds niet uit, vooral de rechter niet, de noodknop kierde als een gek. Die is inmiddels alweer vervangen door een originele van motorsloop BOR. Wel een goede keuze waren de goudkleurige trillingsdempertjes aan het eind van het stuur. Het geeft extra cachet.

Met het rijwielgedeelte ongeveer klaar, was het tijd voor het leukste werk: het kuipwerk opnieuw spuiten. Daarover meer in het volgende deel.

Foto’s: Peter Aansorgh

Peter Aansorgh
Peter Aansorgh
In 1993 begon Peter zijn journalistieke loopbaan bij het motormagazine MOTO73. Ruim tien jaar lang werkte hij bij dit blad als technisch redacteur en schreef er motortesten, algemene verhalen over motorrijden, bedrijfsreportages en technische verhalen. In 2004 besloot Peter voor zichzelf te beginnen en schrijft nu voor diverse auto- en motorbladen

Stay tuned

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en mis nooit het laatste nieuws! Onze nieuwsbrief wordt iedere week op dinsdag (bij veel nieuws) en donderdag verstuurd.


Gerelateerde artikelen