Na meerdere gemiste kansen was het op Magny-Cours eindelijk raak voor Can Öncü, die Pata Yamaha Ten Kate Racing de eerste overwinning van het seizoen bezorgde. In de World Superbike viel er weinig te beginnen tegen Nicolò Bulega, die met drie overtuigende zeges zijn indrukwekkende dominantie voortzette. In de World Sportbike was Loris Veneman met een vijfde en zesde plaats de beste Nederlander, terwijl Jurrien van Crugten met een opvallend sterk debuut voor een aangename verrassing zorgde.
Voor het World Sportbike-veld was het bijna drie maanden geleden dat het voor het laatst in actie kwam. Dat was half juni in Misano. Toch kwam Jeffrey Buis niet fit uit de extreem lange zomerpauze. Om in het ritme te blijven, nam de Suzuki-coureur tijdens de zomerpauze deel aan de Euro Moto-ronde op het TT Circuit Assen. In de tweede Sportbike-race kwam hij ten val, nadat hij een crash van een andere coureur niet kon ontwijken. Bij deze ongelukkige valpartij blesseerde de Supersport 300-wereldkampioen van 2020 en 2023 zijn schouder, die gedurende een behoorlijke periode uit de kom was. Tijdens de medische keuring voorafgaand aan het raceweekend op Magny-Cours bleek de schouder onvoldoende hersteld, waardoor Buis unfit werd verklaard en niet mocht starten. Door zijn afwezigheid zakte hij van de vierde naar de zesde plek in de tussenstand, waarmee zijn kansen om de eerste Sportbike-wereldkampioen aller tijden te worden definitief verkeken zijn.
Sterk debuut
Toch stonden er in Frankrijk wel drie Nederlanders aan de start in de World Sportbike. Dat kwam doordat Jurrien van Crugten zijn debuut maakte in deze klasse. De 17-jarige coureur is bezig aan zijn tweede seizoen in de Red Bull Rookies Cup. Zijn collega-coureurs in deze talentencompetitie voor Grand Prix-racers komen daarnaast allemaal nog uit in een ander kampioenschap, veelal in het FIM MotoJunior-kampioenschap in Spanje. Dat was voor Van Crugten bij aanvang van het seizoen ook de bedoeling, maar hij kreeg zijn zitje niet rond. In de zomerstop kwam hij tot overeenstemming met het Italiaanse MMR-team om op een Aprilia RS 660 Factory deel te nemen aan de resterende drie evenementen van het World Sportbike-kampioenschap. Van Crugten kende een uitstekend debuut. De jonge coureur kwalificeerde zich als negentiende en eindigde in de eerste race net buiten de WK-punten op een zestiende plaats. Dankzij een goede raceronde mocht Van Crugten de tweede race als negende starten en daar maakte hij goed gebruik van. De Aprilia-rijder verloor in de openingsfase enkele plaatsen, maar wist zich later naar de voorzijde van de tweede groep te knokken en eindigde op een knappe negende plaats. Daarmee finishte hij in beide races voor zijn landgenoot Kas Beekman, die respectievelijk zeventiende en dertiende werd.
Interview Henk & Michael van der Mark: passie voor endurance van vader op zoon
Vijfde en zesde
Maar Loris Veneman was de snelste Nederlander op Magny-Cours. Voor de MTM Kawasaki-coureur verloopt het seizoen nog allesbehalve naar wens. Vaak behoort Veneman tot de snelste rijders, maar hij werd al vier keer in een race van de baan gereden en liep daardoor een flinke puntenachterstand op. Het gebeurde in Frankrijk opnieuw dat hij door een ander betrokken raakte bij een crash, maar deze keer had hij het ‘geluk’ dat het niet in een race maar tijdens de warm-up op zaterdagmorgen gebeurde. Een dag eerder had de 19-jarige coureur zich knap als tweede gekwalificeerd. In de eerste race streed hij ondanks een pijnlijk lichaam als gevolg van de crash in de ochtend mee in de kopgroep, maar kwam hij met een vijfde plaats net tekort voor een podiumplaats. De tweede race verliep moeizamer. Veneman moest deze keer vanaf de vierde startrij beginnen en had in de openingsfase moeite om naar voren te komen. In de slotfase wist hij aan te haken bij de kopgroep, die daarmee uit acht rijders kwam te bestaan. Veneman wist nog naar de zesde plaats te komen, maar de race was voor hem te kort om nog verder naar voren te rijden. De race werd gewonnen door zijn MTM Kawasaki-teamgenoot Xavi Artigas, nadat Fenton Seabright de eerste race had gewonnen. David Salvador behield met een tweede en vierde plaats de leiding in het Sportbike-wereldkampioenschap.
Eerste zege voor Ten Kate
Can Öncü stond dit seizoen al vier keer op poleposition met Pata Yamaha Ten Kate Racing, maar tot een overwinning kwam het nog niet. De Turkse rijder viel gedurende de races vaak terug en maakte regelmatig een fout, waardoor een overwinning in de eerste zestien races van het seizoen was uitgebleven. Wel stond de coureur van het team uit Nieuwleusen zes keer op het podium. In Magny-Cours leek een zege na de Superpole opnieuw heel lastig te worden, omdat Öncü zich vanwege technische problemen slechts als dertiende wist te kwalificeren. Maar uitgerekend vanuit deze uitdagende startpositie lukte het wél om de eerste zege te behalen. Öncü kwam rap naar voren en wist in de slotfase Roberto Garcia en Valentin Debise achter zich te houden, waarmee de eerste zege voor Ten Kate Racing in 2026 een feit was. De feestdag van het Nederlandse team werd compleet gemaakt door tweede rijder Yuki Okamoto, die met een dertiende plaats zijn eerste WK-punten van het seizoen behaalde. Toch eindigde het weekend met een zuur moment. Vanwege een rode vlag eindigde de tweede race in een sprint over vijf ronden. Öncü leek opnieuw te gaan winnen, maar twee bochten voor het einde maakte hij een fout bij het aanremmen. De Yamaha-rijder moest wijd en zakte daardoor van de eerste naar de vierde plaats. Garcia profiteerde optimaal en won zijn eerste World Supersport-race, terwijl WK-leider Albert Arenas tweede werd voor thuisrijder Debise.
Het Nederlandse EAB Racing Team behaalde met Simon Jespersen alleen punten in de eerste race, dankzij een veertiende plaats.
MotoGP-rijders op komst
Terwijl de MotoGP in 2027 van 1000 cc naar 850 cc gaat, gaat de World Superbike in de toekomst juist omhoog qua cilinderinhoud. Vanaf 2030 wordt de maximale cilinderinhoud voor viercilinders verhoogd van 1000 cc naar 1200 cc, waardoor productiemodellen makkelijker ingezet kunnen worden en de instapdrempel voor (nieuwe) fabrikanten wordt verlaagd. Tijdens de zomerstop werd tevens duidelijk dat er op de World Superbike-grid voor 2027 veel gaat veranderen. Michelin wordt de exclusieve bandenleverancier en neemt daarmee de rol over van Pirelli, dat in de MotoGP aan de slag gaat. Qua rijders werd officieel bekend dat Iker Lecuona bij het Ducati-fabrieksteam en Miguel Oliveira bij het BMW-fabrieksteam blijft. Danilo Petrucci kondigde aan dat hij na één jaar BMW alweer gaat verlaten. Volgens de 35-jarige Italiaan kwam deze beslissing van beide kanten. Petrucci gaat zo goed als zeker vervangen worden door Brad Binder, die vanuit de MotoGP overkomt van KTM. Naast de Zuid-Afrikaan is er volgend jaar ook geen plek meer voor Jack Miller, Alex Rins en Franco Morbidelli in de MotoGP. Zij lijken eveneens allemaal onderdak te gaan vinden in de World Superbike, waarmee het startveld in 2027 in de breedte veel sterker gaat worden.
Bulega weer te sterk
Daar staat tegenover dat Nicolò Bulega volgend jaar de omgekeerde transfer maakt naar VR46 Ducati in de MotoGP. De Italiaan is bezig aan een zeer dominant seizoen, waarin hij 23 van de eerste 24 races wist te winnen. Op Magny-Cours kreeg hij daarom al zijn eerste kans om de wereldtitel binnen te halen. Bulega had het echter niet in eigen hand, want daarvoor zou hij 53 punten meer moeten scoren dan zijn Aruba.it Racing – Ducati-teamgenoot Iker Lecuona. Dat bleek nog niet haalbaar, want op Magny-Cours eindigde Lecuona – zoals zo vaak dit jaar – drie keer als tweede achter Bulega, die opnieuw alle drie de races overtuigend wist te winnen. Dit betekent dat Bulega nu een goede kans heeft om tijdens de volgende ronde in eigen huis op Cremona zijn eerste World Superbike-titel veilig te stellen.
Opvallend was dat er al 23 jaar geen Ducati meer op poleposition had gestaan op Magny-Cours. De laatste keer dat dit gebeurde, was met James Toseland in 2003. Met de huidige Ducati-overmacht was het echter geen verrassing dat de complete top vijf in de Superpole uit Ducati-rijders bestond. Ook in de drie races waren er uitsluitend Ducati-rijders op het podium te vinden en finishten er telkens minimaal zes Ducati’s in de top acht.
Uitslagen en standen
WORLD SUPERBIKE
Race 1: 1. Bulega; 2. Lecuona; 3. S. Lowes; 4. Montella; 5. A. Lowes; 6. Baldassarri; 7. Bassani; 8. Surra; 9. Gerloff; 10. Vierge; 11. Dixon; 12. Locatelli; 13. Petrucci; 14. Bautista.
Superpole Race: 1. Bulega; 2. Lecuona; 3. Montella; 4. Surra; 5. A. Lowes; 6. Bridewell; 7. Baldassarri; 8. Gardner; 9. Vierge.
Race 2: 1. Bulega; 2. Lecuona; 3. Montella; 4. Baldassarri; 5. Surra; 6. Bautista; 7. Gerloff; 8. Vierge; 9. Bassani; 10. Gardner; 11. S. Lowes; 12. Petrucci; 13. A. Lowes; 14. Chantra; 15. Oliveira.
WK-tussenstand na 27 races: 1. Nicolò Bulega (I), Ducati, 533; 2. Iker Lecuona (E), Ducati, 407; 3. Yari Montella (I), Ducati, 247; 4. Alex Lowes (GB), Bimota, 201; 5. Sam Lowes (GB), Ducati, 198; 6. Lorenzo Baldassarri (I), Ducati, 171; 7. Axel Bassani (I), Bimota, 169; 8. Garrett Gerloff (US), Kawsasaki, 126; 9. Alberto Surra (I), Ducati, 120; 10. Alvaro Bautista (E), Ducati, 119; 19. Michael van der Mark (NL), BMW, 23.
WORLD SUPERSPORT
Race 1: 1. Öncü; 2. Garcia; 3. Debise; 4. Mahias; 5. Caricasulo; 6. Whatley; 7. Navarro; 8. Mahendra; 9. Farioli; 10. Masia; 11. Ferrari; 12. Jimenez; 13. Okamoto; 14. Jespersen; 15. Alcoba.
Race 2: 1. Garcia; 2. Arenas; 3. Debise; 4. Öncü ; 5. Alcoba; 6. Farioli; 7. Masia; 8. Caricasulo; 9. Mahendra; 10. Mahias; 11. Perolari; 12. Zaccone; 13. De Rosa; 14. Ferrari; 15. Aegerter.
WK-tussenstand na 18 races: 1. Albert Arenas (E), Yamaha, 311; 2. Valentin Debise (FR), ZXMOTO, 241; 3. Can Öncü (TR), Yamaha, 216; 4. Jaume Masai (E), Ducati, 210; 5. Tom Booth-Amos (GB), Triumph, 165; 6. Roberto Garcia (E), Yamaha, 164; 7. Philipp Öttl (DE), Ducati, 139; 8. Jeremy Alcoba (E), Kawasaki, 138; 9. Aldi Mahendra (ID), Yamaha, 126; 10. Alessandro Zaccone (I), Ducati, 122.
WORLD SPORTBIKE
Race 1: 1. Seabright; 2. Salvador; 3. Torres; 4. Artigas; 5. Veneman; 6. Fleerackers; 7. Thompson; 8. Dessoy; 9. Fuertes; 10. Osuna; 11. Vannucci; 12. Gaggi; 13. Risueño; 14. Ieraci; 15. Fernandez; 16. Van Crugten; 17. Beekmans.
Race 2: 1. Artigas; 2. Thompson; 3. Seabright; 4. Salvador; 5. Osuna; 6. Veneman; 7. Vannucci; 8. Dessoy; 9. Van Crugten; 10. Bartolini; 11. Gaggi; 12. Fleerackers; 13. Beekmans; 14. Correa; 15. Fuertes.
WK-tussenstand na 12 races: 1. David Salvador (E), Kawasaki, 197; 2. Xavi Artigas (E), Kawasaki, 167; 3. Antonio Torres (E), Kawasaki,, 146; 4. Carter Thompson (AU), Yamaha, 122; 5. Matteo Vannucci (I), Aprilia, 113; 6. Jeffrey Buis (NL), Suzuki, 107; 7. Fenton Seabright (GB), Triumph, 108; 8. Ferre Fleerackers (BE), Suzuki, 98; 9. Bruno Ieraci (I), Triumph, 90; 10. Loris Veneman (NL), Kawasaki, 83; 17. Kas Beekmans (NL), Suzuki, 28.
Foto’s: Randy van Maasdijk, WorldSBK









