Home Blog Pagina 1242

Zeg, ken jij de motorman?

0

Het had allemaal heel anders kunnen lopen, maar het thuisfront verlangde dat hij het zeeliedenbestaan achter zich liet. Frans Vermeirssen heeft er maar het beste van gemaakt.

Tekst: Olivier Visser
Fotografie: Chris Pennarts

Een land van zwoegers – in de haven, op het land en op zee – is Zeeland van origine. En een protestantenland van zondags deemoedig ter kerke gaan. Maar ook een land met een feestelijker randje: Zeeuws-Vlaanderen. Grotendeels katholiek, dus bourgondischer. Tot diep in de jaren negentig een wat ondeugend rafelrandje aan Zeeland, waar Belgen in het weekend hun frankskes stukslaan in seksshops. En waar Frans Vermeirssen 63 jaar geleden het levenslicht ziet. Het dorp Philippine, ‘de hoofdstad van de mossel’, zal hij niet meer verlaten. Hooguit tijdelijk, als machinist op de grote vaart. Maar als zijn vader sterft, wordt Frans geacht het roer over te nemen in diens mosselrestaurant en begint een nieuw bestaan aan de wal.

Jaloers op Jawa-mannen

Het is de tijd dat hij Triumph rijdt en BSA en alle geld dat hij eerst in brommers stak, stukslaat op Brits ijzer. Het jaar 1981 wordt een mijlpaal met de komst van een Vincent Rapide. Frans heeft het zo druk met de mossels, dat hij een Britse motormaat opdracht geeft er een voor hem naar het vasteland te brengen. ‘Ik kende hem al jaren van treffens en wist dat het goed zat.’
Deze Engelse gentlemen’s bike is bloedsnel en was zijn tijd mijlenver vóór met constructies als monoshock en een zelfdragend frame, waar motorbouwers zich tegenwoordig – bijna tachtig jaar na dato – nóg voor op de borst kloppen. ‘Een hobbelpaard’, volgens Frans, ’maar wel een die je van Jetje geeft. Bij Triumph en BSA voelt het vanaf 120 km/u alsof je hele geraamte rammelt. De Vincent loopt heel mooi trillingvrij.’
Er komen nog meer Vincents, BSA’s, Matchlesses, Velocettes, Triumphs, Sunbeams, noem maar op, vele tientallen. Dat hij fietsen in de collectie heeft die op veilingen voor grote sommen onder de hamer gaan, zal Frans worst wezen. ‘Daar gaan bedragen om die niets te maken hebben met liefde voor de motorfiets’ En die liefde zit diep bij deze mosselman. ‘Er zal ook iets meespelen van verzamelwoede, maar in het begin was het gewoon noodzaak. Engels spul gaat nu eenmaal stuk. Ik ben verknocht aan Vincent, maar als ik op een treffen ‘s ochtends vertrek en werk moet leveren om de Vincent aan te trappen, dan ben ik jaloers op Jawa-mannen: één lichte trap en renge-denge-deng en gaan ze er vandoor.’

Aardig zijn voor elkaar

Frans is niet van de eenkennige merkenvoorkeur, met het soms zo kenmerkende zure ondertoontje. ‘Als liefhebbers van klassieke motoren zijn we al met zo weinig, dus laten we een beetje aardig zijn voor elkaar. Ik vind alles op twee wielen vind prachtig. Ducati, Honda en BMW, ik heb er met plezier op gereden. Prachtspul.’
Frans’ reisseizoen komt er weer aan, in mei en juni, vlak voordat het mosselseizoen losbarst. Hij heeft motormaten van Zweden tot Italië, van Polen tot Engeland en kent hun mores. ‘De Hollander leeft op de klok: hij als om zes uur ’s avonds wil aankomen, gaat de blik op oneindig en het gas erop. De Belg en Fransman stappen af voor een lekkere maaltijd met een goed glas. Dat spreekt mij wel aan.’

Puike dekkingsgraad

Levensgeluk is zeldzaam, broos en het koesteren waard. Dus heeft Frans maatregelen genomen voor de oude dag. Toen een jaar geleden de laatste leerling op de plaatselijke basisschool de deur achter zich dichtsloeg en het pand leek voorbestemd voor eeuwig durende leegstand, welde er een mooi plan op: een motormuseum. ‘Ik zinde op uitbreiding, want sleutelen en stallen in één ruimte, het ging niet meer. Als ik een boutje uit mijn handen liet vallen, vond ik het nooit meer terug. De lijntjes kwamen mooi bij elkaar. De school moest een bestemming krijgen van maatschappelijk nut, dus de gemeente had wel oren naar een museum. Zo is het gekomen.’

Een lullig museumpje zal het niet worden: het joekel van een pand krijgt behalve vier zalen vol motoren, een caféetje, een werkplaats en een filmzaaltje.
Frans wrijft zich al in de handen. ‘Het spul staat nu in een loods, verborgen voor de wereld. Toch mooi als meer mensen er van kunnen genieten? Mijn broer en een maat zijn ook motorgek. Straks zijn we met zijn drieën op de leeftijd om met werken te stoppen. Met dat motormuseum hebben we iets aardigs om handen.’
Een oudedagsvoorziening met een puike dekkingsgraad. Kan geen pensioenfonds tegenop.

Monstervader

0

Er valt iets voor te zeggen om Ducati’s Monster tot de belangrijkste motorfiets sinds de Honda Super Cub uit 1958 te bombarderen. Hij is natuurlijk niet in miljoenenaantallen geproduceerd, zoals de kleine Honda (zo’n 335.000 Monsters tot nu toe), maar we hebben het wel over de meest gebouwde Ducati ooit. En over de motor die het merk in de jaren negentig van de ondergang redde. De man die de Monster op de wereld zette: Miguel Galluzzi. 

De Monsters dienden in de jaren negentig als levenslijn en zo kon Ducati in 1996 worden overgenomen door het Amerikaanse TPG, op weg naar het huidige succes als deel van de Volkswagen Group. Met de cultstatus van het model als succesbagage hebben de 39 Monster-varianten tot nu toe gezorgd voor zeventig procent van het totaal aantal geproduceerde Ducati’s overall. 

De verantwoordelijke voor de conceptie van de Monster – en voor de keuze van de naam – is de Argentijn Miguel Angel Galluzzi (59), directeur Advanced Design van de Piaggio Group. Hij vertelt zelf hoe hij de nu 25-jarige Monster in 1993 letterlijk en figuurlijk vormgaf. ‘Ik ben geboren in Buenos Aires en toen ik acht werd, vierden we mijn verjaardag weer tegelijk met die van mijn broer. Samen kregen we een 50cc-Kreidler van één van mijn ooms. Ik moest er even aan wennen, want eigenlijk wilde ik een drumstel, maar we leerden al snel hoe erop te rijden en vanaf dat moment hadden we het alleen nog maar over motorfietsen. Toen ik twaalf was, had ik “On any Sunday” zo vaak bekeken dat het bioscooppersoneel me al herkende. Na mijn vijftiende verjaardag begon ik te crossen op Zanella’s en Gilera’s, heel ongeraffineerde lokaal gebouwde machines. Tijdens mijn militaire-diensttijd kwam ik niet aan rijden toe. Het betekende wel vaak rondhangen en dan greep ik mijn notitieblok en tekende ik motorfietsen.’

 

Eerste baan … bij Opel

“Na mijn diensttijd kon ik eindelijk iets doen met die tekeningen en ik begon aan een technische studie in Florida. Waar ik echt moest zijn, en uiteindelijk ook terecht kwam, was echter de opleiding Industrieel Ontwerp in Pasadena. Daar deed ik een paar motorfietsprojecten en een scooter. Na mijn afstuderen kwam ik in gesprek met Yamaha en Honda, maar die konden me niet aannemen, omdat ik geen Amerikaan was. Mijn eerste baan was daarom bij Opel in Duitsland. Zo kwam ik toch weer bij motoren, want ik werkte in de ontwerpstudio onder de Japanner Hideo Kodama. Hij zag me bezig en begreep dat ik van het tekenen van het interieur van de Opel Corsa niet echt gelukkig werd. 

 

MOTO73 24/2018

Ben je benieuwd naar het verhaal over de geboorte van Ducati’s Monster? Je leest het in MOTO73 24/2018! Koop het nummer hier online of in de winkel.

 

Foto: Alan Cathcart
Tekst: 
Alan Cathcart


 

 

Kawasaki News Show: W800 & W800 Cafe

0
2019 Kawasaki W800 Cafe

De Kawasaki W800 is terug van weggeweest. Met één extra smaak: de Cafe.

Op 1 en 2 december kun je in het National Militair Museum in Soesterberg al het Kawasaki-nieuws van 2019 van dichtbij bewonderen. Sterker: je mag op alle Kawasaki’s gaan zitten. Behalve de nieuwe Ninja’s, Z400, Versys 1000 SE, ZX-10R etc. staat er ook een heel sympathieke Kawasaki: de W800.

https://www.youtube.com/watch?v=8fcxo0qyW3Q

De W800 dreigde in de vergetelheid te raken door de strengere EU uitlaatgas emissie-eisen. Maar Kawasaki heeft er vertrouwen in dat veel motorrijders dit pure model nog helemaal zien zitten. Kawasaki heeft fors geïnvesteerd in dat prachtige blok, waarvan de kleppen met een koningsas worden aangedreven.

Kawasaki News Show

Alle motorrijders zijn welkom. Het enige dat je moet doen om gratis het Nationaal Militair Museum – echt een gaaf museum – binnen te komen, is door je vooraf aan te melden op de Kawasaki-site. Als je dan bij de ingang van het museum je motorrijbewijs laat zien, kun je naar binnen.

Promotor Update #10 – terugblik op motorjaar 2018

0

In Promotor Update 10, de laatste update van dit jaar, kijken we terug op het motorjaar 2018. Wat hebben we allemaal gedaan dit jaar? Waar zijn we geweest? Het is teveel om op te noemen, maar we hebben een selectie kunnen maken van een aantal motor-hoogtepunten. Verder testen we de Yamaha NIKEN. Deze controversiële motor roep heel wat discussie op. Wat vindt redacteur Ad van deze motor? Verder een Promotor occasiontest tot 1.000 euro. We hebben een Kawasaki LTD 550 uit 1986 van Peter uit Utrecht. Siobhan uit Woubrugge heeft een Yamaha Diversion 600 uit 2000 gekocht voor 700 euro. En we hebben de Suzuki Bandit 1200 uit 1997 van Oscar. We sluiten af met de motoragenda. Waar kun jij deze maand nog heen met je motor?

Volg ons ook op instagram

Te koop: Milwaukee Aprilia RSV4s

0

De Sint is weer in het land en dat maakt sowieso hebberig, maar als je plots ook specifiek weet wat je hebben wilt, is de drang geld over de balk te smijten alsof er geen dag van morgen is, echt niet meer te houden. Dus. Het Milwaukee Aprilia WK Superbike-team doet vier RSV4-racers in de uitverkoop.

Logischerwijs duiken deze tijd van het jaar meer racemotoren op die van eigenaar mogen wisselen, maar deze winter kon het einde van het seizoen wel eens het begin zijn van een storm aan motorfietsen met een niet te peilen ‘moet ik hebben’-factor. Behalve de Aprilia’s van SMR (volgend jaar rijdt Shaun Muir Racing met de nieuwe BMW S1000RR, dus aan RSV4s hebben ze niet zo veel meer) verscheen onlangs ook al een Fireblade van het Triple M Honda-team op de online verkooppagina’s. MV trekt voor komend seizoen de stekker uit het SBK-project, dus wellicht valt ook bij het merk uit Varese binnenkort een F4 ‘voor weinig’ binnen te slepen. Of Ten Kate ‘hun’ Fireblades gaat verkopen, valt nog te bezien, overigens…

Afijn, terug naar de RSV4s van Milwaukee Aprilia. Het betreft volledige motoren in volledige WSBK-specificatie. Wat dat inhoudt, is gissen, want veel van wat je ziet is niet of enorm moeilijk vrij te verkrijgen – voor de exacte inhoud van ‘WSBK Spec’ moet je dan ook contact opnemenmet SMR. Even de catalogi van Öhlins, Brembo en Akrapovic nalopen, rekenmachine erbij, denken we dat alleen al de racevering, -remmerij, en de -uitlaatlijn neerkomt op zo’n 25.000 euro. Om en nabij evenveel als je betaalt voor een Aprilia RSV4 RF bij de plaatselijke dealer. Tel daar de onbetaalbare, voor SMR gemaakte racedelen bij op – en het feit dat je dan eigenaar wordt van dé motor van dan wel Eugene Laverty, dan wel Lorenzo Savadori – en plots valt de 65.000 euro die het Britse raceteam voor de motoren – let wel: per stuk! – vraagt wel mee. 

Mocht je dit bericht niet enkel aangeklikt hebben om te kwijlen – we hebben er alleszins begrip voor als dat wel het geval is, overigens – en ben je echt geïnteresseerd in misschien wel de allerdikste circuitfiets die je momenteel kopen kan, mail dan vooral het raceteam even. Dat kan hier dus!

Morgen is het Black Friday, dus wellicht kun je wel een lekkere korting bedingen bij meneer Muir en de zijne… niet geschoten is immers altijd mis!

Foto’s: Milwaukee Aprilia

 

 

[justified_image_grid ids=27981,27982,27983,27984,27985,27986,27987,27988,27989,27990]

Harley-Davidson FXDR 114 2019 – 1 minute test

1

1 minuut test van Harley-Davidson FXDR 114 2019.

Specs

Blok Luchtgekoelde V-Twin

Cilinderinhoud 1868cc

Koppel 160 Nm @ 3500 tpm

Gewicht 303 Rijklaar

Tankinhoud 16,7 liter

Zithoogte 720mm

Prijs vanaf €29.000,-

Plussen

– Licht sturen

– Krachtig motorblok

– Hellingshoek

Minnen

– Zithouding

– Weinig geluid

’s Wereld eerste geprinte motorfiets

0
Nera 3D Geprinte Motor

3D printen gaat de motorindustrie – en industrie in het algemeen – radicaal veranderen. Het snel even een prototype kunnen maken heeft al een grote impact gehad op de manier hoe we nieuwe producten ontwikkelen. En gezien de dalende kosten, de complexiteit en de steeds verbeterende kwaliteit van 3D printen kan het niet anders dat deze technologie de maak-industrie op zijn kop gaat zetten. Sterker nog, het wordt al langer gezegd dat ‘Additive Manufacturing ‘ ofwel 3D printen wel eens de nieuwe industriële revolutie zou kunnen betekenen. Voor de motorindustrie betekend dit dat er een dag komt dat je voor een nieuw onderdeel slechts een ‘design’ hoeft te downloaden van de fabrikant en deze thuis 3D ‘uitprint’. Uiteraard veranderd hierdoor de rol van dealers en de manier waarop we motorfietsen ontwerpen, bouwen en zelf customizen.

De eerste stappen zijn er in elk geval, want in onderstaande filmpje kun je de eerste volledig 3D geprinte (elektrische) motorfiets zien rijden.

Alles op deze motorfiets is uitgeprint op een 3D printer, behalve de electronica. Het frame, kuipdelen en zelf wat een interpretatie is van de vering en ophanging. Oh, en vergeet niet, zelfs de compleet opnieuw bedachte luchtloze ‘banden’ komen uit de printer.

Het is natuurlijk een prachtig project, maar in de nabije toekomst hoef je geen compleet uitgeprinte motorfietsen te verwachten. Maar dat de motorindustrie gebruik gaat maken van deze nieuwe technieken is een feit. Want even kritisch, als je deze video bekijkt zie je al dat de motorfiets vrij onstabiel is. En naar alle waarschijnlijkheid geen hele hoge snelheden haalt, gezien dat de video versneld is.

5 Tips: rijden in de winter

0

Het is dan toch zover; deze week worden de eerste sneeuwvlokken verwacht. De kou is er al sinds het weekeinde, maar nu lijkt winterse neerslag ook doorgang te vinden. Voor velen is het motorseizoen daarmee echt tot een eind gekomen. Voor de doorrijders zetten we wat tips op een rijtje om het motorrijden leuk te houden, ook als de temperaturen niet meer leuk zijn.

TIP 1 – Banden: ‘Grip op de zaak’
Het moge duidelijk zijn; banden zijn levensbelang, op meer manieren dan één. Het is zo mogelijk het meest cruciale deel van de motorfiets aangezien dat het gedeelte is dat jou als rijder in contact brengt met moedertje aarde. Om te zorgen dat dat ook zo blijft, is voldoende profiel uiteraard een must. Wettelijk ben je nog altijd legaal bezig met alles boven de 1 millimeter aan profieldiepte, maar het zekere voor het onzekere nemen is bij slecht (winter)weer wel zo slim.

Verder moet je er rekening mee houden dat je banden bij de huidige temperaturen bepaald niet rap opwarmen en, misschien nog wel verraderlijker, ook snel afkoelen. Iets om rekening mee te houden. Houd ook je bandenspanning in de gaten. Te hard is bij aangename temperaturen al een slecht idee, maar bij koud weer al helemaal; te harde banden verliezen snel grip, en als dat al bar weinig voor handen is… 

TIP 2 – Olie: ‘De veilige optie’
Sommigen zweren bij dat ene type olie voor elke omstandigheid, maar mocht je toch al een beurtje overwegen, is dit dan misschien het ideale moment om een keer een lekker dunne olie erin te gooien voor dit koude weer. 0W-olieën beginnen terrein te winnen, maar ondanks dat deze olie met lage viscositeit zelfs bij heel koude temperaturen nog steeds soepel op, om, tussen en door de belangrijke delen blijven lopen, kan het voor een wat oudere motorfiets – die misschien al olie verbruikt – gemakkelijker in de verbrandingskamer terechtkomen, en dat wil je niet. Kijk daarom vooral in de handleiding of zoek online een werkplaatshandboek welke olie het beste voor jouw motor is. Vaak staat er een optie voor zomerse en winterse temperaturen. Staat dat er niet, kies dan de veilige optie. 

Over veilige opties gesproken; sommige thuissleutelaars zweren bij oudere motoren bij de uitspraak ‘alle olie die nu gemaakt wordt, is beter dan wat men toen krijgen kon’, en hoewel dat deels waar is, is niet letterlijk iedere olie beter. Goedkoop komt bij olie nog wel eens als duurkoop uit de bus. O, en let op dat je motorfiets-specifieke olie gebruikt (bij olie voor auto’s draait de koppeling niet in de blokolie, bij de meeste tweewielers wel – met een slippende koppeling tot gevolg).

TIP 3 – Wassen: ‘Voorkomen is beter dan genezen…’
Het is er eigenlijk een beetje laat voor nu we het vriespunt naderen, maar zorg dat je je motor goed wast voor je de weg op gaat. Een schone motor die goed in de was staat, zal minder snel roesten en oxideren. Viezigheid hecht ook minder goed aan een schone motorfiets dan aan een waar al het een en ander op aangekoekt zit.

En met dit weer is het P-woord natuurlijk gesprek van de dag: pekel. Sommigen kopen er een aparte motor voor en rijden met hun pekelbrik de winter door, maar soms ben je toch op je enige tweewielige trots aangewezen. Pekel kun je het best vermijden, want zelfs met een motor die gewassen is en in de was staat, blijft pekel een gemeen iets. Ontkom je om wat voor reden ook niet aan rijden in de pekel, spoel de motor bij thuiskomst dan meteen en rijkelijk af met koud water. Ja, koud. Zeker als het nabij de nul graden is, is het een uitdaging, maar pekel lost heel goed op in warm water, waardoor het dieper in hoekjes, gaatjes en kiertjes kruipt, terwijl jij denkt goed bezig te zijn. 

Verder kan eventueel van de weg opgespat vuil ook eenvoudiger van een motor gespoeld worden als deze voor het winterweer al in een beschermend laagje was stond.

TIP 4 – Kleding: ‘Op kou kun je je kleden’
Als jij comfortabel blijft, kun jij veilig deel blijven nemen aan het verkeer. Met bevroren ledematen ben je nog niet half zo’n goede motorrijder als normaal, dus denk aan goede kleding. Thermosokken heb je in alle soorten, materialen, maten en prijsklasses. Behalve de specifieke motorsokken van de gerenommeerde merken, zijn skisokken voor weinig van bijvoorbeeld de Aldi heel interessante alternatieven. Thermo-onderkleding idem dito. Kwestie van uitproberen wat fijn zit en je lekker warm houdt.

Qua handschoenen, laarzen en je pak, heb je wat minder snel budget-opties die de fijne lijn tussen comfort, bescherming en warmte goed weten te bewandelen. Het ene pak is perfect waterdicht, maar toch niet heel warm, terwijl het andere pak heerlijk warm is, maar je bewegingsvrijheid beperkt. Met laagjes dunne en effectieve onderkleding maak je van een goed passend maar fris pak, toch een warm stuk lichaamsbedekking. 

Handschoenen of laarzen zijn vaak net zo lastig of nog lastiger, want lekker warme gewatteerde of gevoerde handschoenen of schoeisel kosten je vaak weer gevoel; en dat wil je ook niet. Eventueel is er de optie verwarmd materiaal aan te schaffen; laarzen of handschoenen met ingebouwde verwarmingselementen te over anno 2018. Ook weer; net wat je belieft. Als je een motor met zadelverwarming hebt, scheelt dat de wereld, maar zelden is zadelverwarming universeel toepasbaar. Verwarmde handvatten kun je daarentegen voor bijna iedere motor krijgen. O, en sluit de effectiviteit van simpele handkappen of een hoger ruitje ook niet uit!

Let wel op dat een hogere ruit je niet je zicht kost wanneer het hard regent of als deze vies wordt. Hetzelfde geldt het vizier van je helm. Mijd te donkere exemplaren – we snappen het met die laagstaande zon af en toe wel, hoor – en zorg er ook voor dat je vizier een Pinlock heeft of coating tegen het beslaan. Een druppeltje afwasmiddel erover smeren doet ook wonderen, maar zorg wel dat je regelmatig een nieuw laagje aanbrengt.

TIP 5 – De rijder: ‘Het onderdeel tussen het stuur en het zadel’
Het gevaarlijkste onderdeel van een motorfiets zit tussen het stuur en het zadel; jij. Koud weer is verraderlijk op tientallen manieren, maar het is niet onmogelijk om door te rijden. Tenminste, zolang je je koppie erbij houdt. Behalve de passieve veiligheid van zaken als banden met goed profiel en algeheel goed functionerende toestand van de motorfiets, moet je vooral niet overmoedig worden. Ontspan en zorg dat je gecontreerd blijft, ga niet harder rijden dan nodig en houd altijd marge. Dus iets meer ruimte tot de auto voor je en iets minder hard die voor jou meer dan bekende bocht door – er zou plots maar modder of een lading blaadjes op de rijlijn liggen – zijn goede voorbeelden.

Niet ondenkbaar dat je met dit weer verkouden of zelfs echt ziek wordt, trouwens. Misschien is dat wel het uitgelezen moment de handdoek in de ring te gooien, want als je ziek bent of ziek aan het worden bent, zal je concentratie niet optimaal zijn, terwijl dat wel hoognodig is.

Dus toch maar de auto dan?

Foto: ANP/Olaf Kraak

 

Norton presenteert Superlight, een racer voor de openbare weg

3
Norton Superlight

In Birmingham draait momenteel de NEC motorshow op hoge toeren. Voor Norton het moment om de Superlight te presenteren.

De Norton Superlight is waarschijnlijk de opvallendste motor van de NEC Motorshow in Birmingham. Het is onwaarschijnlijk dat je er veel op de weg zult zien. Norton presenteerde z’n nieuwe 23.000 euro kostende Superlight 650, een straatlegale racer, tegelijkertijd met de Atlas 650 Ranger en Nomad.

De 105pk sterke en 158 kilo wegende Superlight heeft een carbon carrosserie, carbon velgen en een enkelzijdige swingarm. Specs die geweldige prestaties beloven. Maar waar het natuurlijk echt om gaat is dat Norton een motor heeft waarmee het volgend jaar TT-wedstrijden kan winnen zoals Man. Immers hebben ze John McGuinness gecontracteerd.

Het 650 blok is eigenlijk de helft van het Norton 1200 RR V4-blok. De koppen zijn hetzelfde, evenals de boring van 81mm. Alleen de slag is iets langer, met een 270 ° krukas. De Atlas heeft een topvermogen van 85 pk, wat redelijk is voor een tweecilinder. De Superlight scoort echter 105 pk. En dan doe je wel mee in deze klasse.

De Superlight heeft een aluminium buizenframe, vergelijkbaar met dat van de V4 superbike. Dat, plus de carbon velgen, brandstoftank en de stroomlijn zorgen voor een heel laag gewicht van 158 kilo. Ga je voor de optionele titanium race-uitlaat, gaat er nog eens 6 kilo vanaf.

Het rijwielgedeelte en de elektronica zijn rechtstreeks overgenomen van de Superbike. Ohlins voor en achter, met respectievelijk NIX-30 vorken en TTX GP-monoshock. De remmen zijn van Brembo: 330mm schijven en M50 klauwen. Er is een quickshifter voor op- en terugschakelen, een LCD-kleurenscherm, volledig op IMU gebaseerde tractie controle en ABS instellingen.

Gelet op de prijs zal de Norton Superlight vooral z’n weg vinden naar verzamelaars en fanatieke Norton-fans.

Bron: Visordown Foto’s: Fast Eddie, Oxford England.

Zweedse veringspecialist Öhlins in Amerikaanse handen

0

Het Zweedse vering- en dempingmerk Öhlins heeft een meerderheidsaandeel van het bedrijf verkocht aan het Amerikaanse Tenneco. Hoe de verhouding binnen de aandeelhouders nu ligt is nog niet helemaal bekend, maar er is dik 160 miljoen dollar betaald voor de overname.

Öhlins is ooit begonnen in de motorcross en werd in 1976 opgericht door Kenth Öhlin. Inmiddels is Öhlins een wereldbekend merk geworden en maakt veringsystemen voor motoren, auto’s en fietsen. Met een specialisatie in de motorrace-wereld. Vorig jaar werd een omzet gerealiseerd van 130 miljoen dollar.

Deze stap van Tenneco komt niet helemaal als verassing, de twee bedrijven werken al twintig jaar samen. Tenneco is specialist in de productie van schokdempers en uitlaatsystemen. Merken als Monroe, Champion, Gillet en Walker komen uit de koker van dit bedrijf waar 32000 mensen werken. Jaarlijks wordt er bij Tenneco een omzet gedraaid van circa 9,3 miljard dollar.

Kenneth Öhlins blijft betrokken bij Öhlins als commissaris. Zelf was zijn reactie: ““Dit is de moeilijkste beslissing van mijn leven, het is letterlijk mijn levenswerk uit handen geven””. Begin 2019 is volgens partijen de overname afgerond.