Dakar op zijn kop
Getest > Honda Crosstourer
Gebruik je de Honda Crosstourer als hoogpotige toermotor dan kan hij de concurrentie aan met de GS. Zak je echter af naar donker Afrika, stap je beter op de BMW. Honda draait er ook niet om heen: “de Crosstourer is een onroad-motor met een allroad-uiterlijk.”
Het formidabele V4-blok speelt de rol van zijn leven in het vooronder. We kennen het uit de VFR1200, maar het werd met succes aangepakt om meer kracht te leveren bij lage toeren. Het blok produceert het maximum koppel van 126 Nm bij 6500 tpm in plaats van 8750 tpm. Het topvermogen werd gelijktijdig flink afgeroomd van 173 pk naar 129 pk. Die paardenkrachtaderlating pakt prima uit. Je hebt in alle situaties meer dan voldoende vermogen tot je beschikking. Het blok van de Crosstourer toont zich vooral van zijn soepelste kant. De zijden vermogensafgifte past goed bij dit type motorfiets.
BULDEREN
De machtige V4 zet wel wat gewicht op de weegschaal. Dat de Crosstourer nooit als offroadmotor werd ontworpen, merk je dan ook aan het gewicht. Rijklaar weegt hij 275 kilo, dat is dik veertig kilo meer dan een GS. In het korte en trage stuurwerk blijven de kilo’s voelbaar. De riante stuuruitslag ten spijt draai je de Crosstourer niet op de vierkante centimeter. Hij schopt het daarom niet tot het podium bij de verkiezing van Stadsfiets van het jaar. Bij de categorie Toerders gooit hij echter wel hoge ogen.
De Crosstourer bewijst zich als heerlijke groottoerist. Het zadel heeft de juiste hardheid om het uren vol te houden en ondersteunt de hele ‘batterij’. De zithoogte van 850 mm vormt geen onoverkomelijke hindernis, maar biedt de benen zoveel ruimte dat de noodzaak tot het regelmatig uitstrekken van het onderstel achterwege blijft. De tank heeft een inhoud van 21,5 liter en dat geeft een acceptabele actieradius. Van een voorover gerichte zithouding is geen sprake, rechtop gezeten valt het brede stuur heel natuurlijk in je handen. De zit voelt ontspannen, de spiegels bieden een uitstekend zicht naar achter, het zadel voelt stevig genoeg voor lange ritten en de kniehoek aangenaam. Dit is letterlijk geschapen voor een lange rit.
De windbescherming voldoet, maar kan beter op hoge snelheden. Honda monteert een klein ruitje om de stabiliteit en verbruikswaarden niet negatief te beïnvloeden, maar die keuze heeft een winderige keerzijde. De laagste stand van het – slechts met gereedschap te verstellen – ruitje biedt de minste bescherming, maar ook het minste gebulder. In de hoge stand treft de verstoorde windstroom je op de helm. Persoonlijk prefereer ik daarom de lage stand, maar het gebulder maakt nieuwsgierig naar de hogere toerruit.
STRAK GEHEEL
De vering draagt net als de uitgekiende zitpositie zijn steentje bij aan het rijcomfort. De voorvork en schokbreker degraderen uiterst gemene verkeersdrempels tot bultjes. De soepele vering impliceert niet dat je in het bochtenwerk aan strakheid inboet. Honda heeft met de instellingen een mooie balans gevonden tussen comfort en wegligging. De bochten waarin het asfalt er wat minder bijligt, verwerkt de Crosstourer zonder kopschudden of waggelen van de achterzijde. Tenzij je echt slordig en bruusk gaat rijden, dan komt er door de lange veerwegen toch wat beweging in de motor. Maar zo lastig als je beweging opwekt, zo makkelijk brengt de vering de rust terug.
Een supersnelle stuurfiets wordt het nooit. Kijk in de technische specificaties naar de behoudende geometrie en het rijklaargewicht en de verklaring dient zich direct aan. Dat maakt het nog geen slechte stuurfiets, voorspelbaar en strak zet je hem neer waar je wilt. Geheel des Honda’s verrast de motor je tijdens het ronden van bochten nooit in negatieve zin en zwier je heerlijk over de wegen. Ook op hogere snelheden werken de lange veerwegen niet tegen je en behoudt het ‘vlaggenschip van de Crossfamilie’ zijn strakheid. Bij een tussensprintje waarbij de teller in een mum van tijd dik tweehonderd aanwijst, kwam er uiteindelijk iets van beweging in de volledig aangeklede motor. Zonder zij- en topkoffers treedt dat waarschijnlijk helemaal niet op.
TOERKWALITEITEN
De Crosstourer doet zijn naam recht aan zolang je Cross vertaalt als kruisbestuiving en niet als verwijzing naar motorcross. De motor heeft net zoveel in mul zand te zoeken als een superbike. Over de kwaliteiten van de Crosstourer als toerfiets bestaan geen twijfels. Hij biedt marathonkwaliteiten door zijn prima zitpositie, onderhoudsvrije cardan, actieradius, fijne en krachtige blok, comfortabele veerwegen en stabiele stuurgedrag.
Gemaakt voor
Kilometervreters die een allroaduiterlijk beter verteren dan de traditionele lijnen van een toerfiets.
Motorblokblok
De V-4 heeft een heerlijk ruig randje en een prachtig karakter.
Stroomlijnruit
Turbulenties kent de Crosstourer nadrukkelijk. Zoek je heil in een hogere ruit.
Getest > Harley-Davidson Sportster XL1200CA
Harley-Davidson is voor hele volksstammen het ideale medicijn om de overvolle kop leeg te maken. Tegen het HD-virus is dan blijkbaar weer geen medicijn opgewassen, gezien de verkoopaantallen van de Amerikaanse V-twins. We nemen de nieuwste Sportster mee op een therapeutisch ritje naar België.
De farmaceutische industrie krijgt nogal eens het verwijt hoge verkoopprijzen te prevaleren boven de volksgezondheid. Sportsters – die al sinds 1957 deel uitmaken van de modellenlijn – staan juist bekend als betaalbare medicijnkisten. De XL1200CA kost in deze uitvoering € 13.340. Voor dat bedrag geeft deze dikke nieuwkomer je niet het vertrouwde 883- maar 1200-blok. Dat geeft zijn maximale koppel al af bij een lage 3200 tpm. Trap de bak dus in zijn vijf, leun achterover en enjoy the ride.
GEDRONGEN
Het kleurenspel van de XL1200CA kent zijn oorsprong in de bolides die deelnemen aan de sensationele Nascar-races. De gegoten wielen appelleren eveneens aan de musclecars die daarin aan de start staan. Met zijn lage stuur, gietwielen, snelle spuitwerk en naar achteren geplaatste voetsteppen refereert de CA minstens zo prominent aan het sportieve verleden van de Sportster-serie.
Voor een dikke Amerikaanse twin heeft de XL1200CA een opvallend gedrongen en zelfs wat in elkaar gedrukte zitpositie. Bestuurders boven de 190 cm krijgen problemen om hierop een passend plekje te vinden. Het past niet helemaal automatisch, maar kilometers malend op de snelweg groeit de CA naar je toe. De voorover gebogen zithouding beschermt je niet alleen redelijk tegen de wind, maar biedt ook de mogelijkheid tot verzitten. Dat is dan weer geen luxe op een snelwegrit. Zadelpijn dient zich onherroepelijk aan en de Harley toont zich niet genadig voor je zitvlak. De stereoschokdempers met slechts 54 mm veerweg geven alle oneffenheden in het asfalt zonder genade door aan de rug. De voorkant is daarentegen veel zachter afgeveerd.
ONTWERPBLUNDER
Als het asfalt ophoudt en plaats maakt voor romantische kinderkopjes, behoort comfort helemaal tot iets uit het verleden. We trillen door de harde achtervering bijna van de motor af en het subtiel open- of dichtdraaien van het gas is daardoor zo goed als onmogelijk. Misschien moeten we onszelf maar even trakteren op een rustpauze. De onverwachte najaarszon voelt zo weldadig dat de Harley langer op de zijstandaard staat dan verwacht. Goed nieuws voor iedereen die daarvoor gevoelig is: de Amerikaanse instapper trekt rijdend én stilstaand de aandacht. Er zijn ontelbare motoren die veel beter presteren, maar niet een maakt zoveel los bij toeschouwers. We schrijven bewust geen ‘neutrale toeschouwers’ want van neutraliteit is vaak geen sprake meer als mensen de Sportster ontwaren. Toch knap hoe de Amerikaanse vormgevers dit keer op keer weten te bewerkstelligen. Toch zijn er ook details die duiden op een stevig shot Bourbon tijdens het ontwerpproces. Allereerst die chromen dingen waarop je ‘Objects in mirror are closer than they appear’ kunt lezen, maar verder niets. Op het smalle dragbarstuur van de XL1200CA staan werkelijk hopeloze spiegels. Wie verzint dit?
LEREN REMMEN
Ergerlijker is het gebrek aan grondspeling. Of maak daar gerust van: een totaal gebrek aan grondspeling. Zelfs bij een ontspannen bochtje in de bebouwde kom schrapen de voetsteunen al rap over de grond. Negeer je die waarschuwing en leun je verder in, dan maken ook vast gemonteerde onderdelen contact met het wegdek. Ieder gezond denkend mens begrijpt dat je een Harley niet als bochtenvreter koopt, maar een totaal gebrek aan grondspeling voelt allesbehalve relaxed.
We zetten de knop in ons hoofd weer om en geven ons over aan de geneugten van het toeren op z’n HD’s. Laag in toeren rondrijden, niet geconcentreerd naar de apex van de bocht turen, maar wel naar de omgeving en daarvan genieten. Veel energie en kracht kost het niet om bochten te ronden. Wel is het lastig om de motor heel exact daar neer te zetten waar jij dat wilt. Hoe kan dat ook als het linkerbeen geen contact maakt met de smalle tank en het rechterbeen alleen met een luchtfilter?
Het immense motorblok van de XL1200CA heeft een aantrekkelijk ruw randje. Het voelt ongepolijst en geeft zijn trillingen op een lekkere manier door. De versnellingsbak trakteert je op luidruchtige gangwissels in de laagste versnelling en lange schakelwegen, maar de versnellingen glijden wel lekker massief in elkaar over. Het voelt alsof deze bak het eeuwige leven heeft. Dat geldt zo langzamerhand ook voor onze gemoedstoestand. Het duurt even voor je bevriend raakt met de twin, maar naarmate de tijd vordert leer je elkaar kennen. De voetsteps hoeven niet altijd te schrapen, het is goed zo. Het vizier open, koele wind in het gezicht, de toerentellernaald horizontaal naar links, wie doet me wat.
SPORT
What’s is a name? Een duidelijk geval van ‘sporten’ op z’n Amerikaans.
PLOFFEN
Goedgedempt gaat de XL1200CA door het leven. De karakteristieke harde klappen uit de shotgun-uitlaten klinken eerder als plofjes.
NASCAR
Harley-Davidson geeft gewoon ruiterlijk toe dat het bij deze motorfiets inspiratie opdeed in de wereld van de vierwielers. Het resulteert in een fraai gespoten tank.
Dus ik had geen benzine meer
Debutant Caselli wint etappe
Op het laatste moment kreeg de Amerikaan Kurt Caselli te horen dat hij de Dakar Rally 2013 mocht gaan rijden, doordat Marc Coma geblesseerd aan de kant moest blijven staan. Caselli maakte zijn debuut in deze zwaarste rally ter wereld en deed het tot nu toe al voortreffelijk als stand-in. In de eerste marathonetappe sloeg hij toe en pakte zijn eerste zege in de Dakar. De Amerikaanse troef van KTM hield klassementsleider Olivier Pain en lokale held Francisco Lopez Contardo op 1.23 minuten achter zich. Niet ver van dit tweetal vandaan eindigde Frans Verhoeven deze dag als vierde, op precies anderhalve minuut van Caselli. KTM’s troef Cyril Despres verloor deze zevende etappe veel tijd op zijn Franse concurrenten. Hij had versnellingsbakproblemen en kon daardoor de vijfde versnelling niet gebruiken. Op een snelle proef zorgde dat voor een flinke achterstand, namelijk 13 minuten en acht seconden op zijn Amerikaanse teammaat. In het klassement zakte Despres daardoor naar plek vijf, op iets meer dan veertien minuten verschil van Olivier Pain. De 31-jarige Yamaha-rijder ziet nu Francisco Lopez Contardo als eerste concurrent op de ranglijst, op zes minuten en zes seconden. David Casteu staat nog altijd derde in het klassement.
Henk Knuiman behaalde eveneens een mooi resultaat op deze zevende dag van Dakar Rally 2013. Hij scoorde een tweede top-twintig plaats door de special op plek negentien af te sluiten. De Wijchenaar kwam negen minuten en elf seconden tekort om als dagwinnaar over de streep te komen. In totaal wisten vijf Nederlanders in de top-vijftig binnen te komen in Salta. Ook Hans-Jos Liefhebber (40ste), Robert van Pelt (47ste) en Marco van Geel (50ste) konden tevreden zijn over hun dag. Alle andere Nederlanders, op Jan-Wouter Offringa na, zijn eveneens nog in de race en zijn toe aan rust om morgen het tweede gedeelte van de marathonetappe te overleven. Husaberg-rijder Offringa startte niet maar aan deze zevende etappe. De lange dagen voor de 41-jarige debutant zijn hem uiteindelijk te zwaar geworden en moest de strijd staken.
Louis viert feest
Vanwege het 75-jarige bestaan van Duitse motorkleding- en accessoire-gigant Louis heeft de eigenaar een leuke actie op poten gezet. Detlev Louis gaf al zijn klanten de kans om te bepalen hoe ‘hun’ droommotor eruit moest gaan zien. Samen met custombouwer Marcus Walz is uiteindelijk de Louis75 ontstaan. Basis voor deze machine is een Ducati Sport 1000 geweest. De café-racer die nu ontstaan is, kwam tot leven via de Facebook-pagina van Louis, waar iedereen zijn ideeën kon insturen. Het eindresultaat mag er wezen.
Niet alleen het uiterlijk (met speciale Anniversario Rosso-kleur van Ducati) is verbluffend mooi aangepakt, ook de componenten konden natuurlijk niet achterblijven. Het originele spul moest plaatsmaken voor onder meer een Öhlins-voorvork van een Ducati 999R en serieuze Brembo Monoblocks, die nu ingrijpen op Lucas wave-schijven. Marcus Walz wist de motor ook nog eens 20 kg lichter te maken. De Louis75 gaat nu rondtoeren langs de Louis-zaken in Duitsland, om daarna geveild te worden. De opbrengst wordt aan een goed doel geschonken. Een mooie manier om je jubileum te vieren, dachten wij zo.
Getest > Ducati Streetfighter 848
De grote Streetfighter met het gepeperde Testastretta-blok uit de Ducati 1098 Superbike is zelf voor een ervaren leeuwentemmer nog een enfant terrible, laat staan voor mensen met minder ervaring. Maar de Streetfighter 848 is een heel ander verhaal.
Vanuit de typeaanduiding Streetfighter 848 is de link met de 848 Superbike al snel gelegd. De kleine Streetfighter leent het L-twin-blok, maar het wordt niet zomaar overgeheveld. Het 848-Evo blok onderging een soortgelijke draai als het 1198-blok kreeg om dat dienst te laten doen in de Multistrada en de Diavel: de zogenaamde Testastretta-11°-techniek. Hierbij is de tijd dat de in- en uitlaatkleppen tegelijk open staan – en pulsaties in de uitlaatbochten helpen bij het aanzuigen van brandbaar mengsel via de inlaatpoorten – verkort van 37 graden naar 11 graden. Het resultaat: minder topvermogen maar wel een bredere spreiding van de inzet van paarden. Met 132 pk en 93,5 Nm lijk je op voorhand zeker niet tekort te komen. Hoogste tijd om te onderzoeken of de Streetfighter 848 spectaculair genoeg is.
De zithouding wijkt af van wat je bij de meeste naked bikes aantreft. Je zit sportief voorover zonder extreem op de polsen te leunen zoals bij een echte sportmotor. Het grote voordeel van deze zithouding is dat er bij een compleet gebrek aan kuipwerk voor je snufferd toch van enige windbescherming sprake is. Maar ga je harder dan 160 km/h dan moeten de armen toch echt aan het werk. Met 1,85 meter pas ik heel prima. De benen hebben lekker de ruimte, wat resulteert in een ontspannen kniehoek en het zadel blijkt ook op de langere termijn helemaal niet verkeerd.
SPIERBALLENKWESTIE
Buiten het trage starten en de wat zware –maar goed te doseren- koppeling, presteert de L-twin goed. Maar heeft de Streetfighter 848 voldoende spierballen? Deze vraag lijkt retorisch met 132 pk en 93,5 Nm aan boord. In de praktijk is het echter belangrijker hoe het vermogen zich ontwikkelt en hoe de versnellingen van de zesbak zijn ingedeeld. Maar de conclusie is: ja, er zijn genoeg spierballen aan boord.
De L-twin is minder imponerend dan het grove geschut van het 1098-blok van de grote Streetfighter. Daarvoor krijg je wel een heel smeuïge en vermakelijke paardenstal terug. De gasreactie is erg netjes, zelfs in de eerste versnelling kun je vanaf zo’n 2500 toeren het koppelingshendel zonder problemen loslaten en in de hogere versnellingen loopt het blok helemaal snaarstrak. In een vrij lineaire tred versnelt de Streetfighter 848 krachtig door, om aan het eind van zijn toerenbereik nog eens te versnellen. En het geluid is een ware lust voor het oor.
De versnellingen zijn mooi gekozen en trefzeker te vinden. Zo til je met gemak het voorwiel in de eerste versnelling op en kun je de zesde versnelling op de snelweg zelfs bij legale snelheden heel goed gebruiken; en dat is bij Ducati’s wel eens anders. Het schakelpedaal, dat niet rond is, is echter niet fijn en drukt irritant omdat de bak wat zwaar schakelt.
VERTROUWENSBAND
Ook wat sturen betreft wijkt deze Ducati af van normale Naked Bikes. Die zijn meer van het korte werk terwijl de Ducati de bochten liever iets langer heeft. Het vertrouwen is goed, de bocht loopt –ie heerlijk neutraal, geen enkel moment doet de Streetfighter iets anders dan verwacht. Lijnen zijn daardoor gemakkelijk te leggen.
De vering draagt hier zijn steentje aan bij en ook op het gebied van comfort gaat het goed. De meeste oneffenheden worden vlekkeloos geabsorbeerd. Toch mag de vork wel wat extra ingaande demping hebben vanwege het duiken bij het remmen. Nu is de remkracht van de vierzuiger-Brembo’s ook echt goed. Wel ontbreekt er ABS. Dit terwijl er met het Ducati Traction control wel aan de veiligheid is gedacht, waar je met zo’n soepele krachtbron zeker bij droog weer zonder zou kunnen.
In vergelijking met de grote Streetfighter is de 848-variant bijna een mak lammetje maar saai is het nooit aan boord van de gele rakker.
GEMAAKT VOOR
De sportieve rijder die eens wat anders wil dan zo’n super sportieve racer. Maar ook voor degene die angst hebben voor de kracht van de 1098-krachtbron in de grote Streetfighter.
MOTOR
Klinkt briljant, loopt voor L-twin aalglad onderin en presteert prettig tot bovenin. Koppeling gaat wat zwaar, net als de bak.
REMMEN
Goed krachtig en netjes te doseren.
STUREN
Hij stuurt stabieler en rustiger dan een groet Streetfighter. Is neutraal, voorspelbaar en scherp.
GETEST > Ducati 1199 Panigale S
De ontwikkelingsafdeling van Ducati kreeg ‘carte blanche’ bij het ontwikkelen van de Panigale. Hierdoor sneuvelden klassiekers als het vakwerkframe, de droge koppeling en de hooggeplaatste uitlaten, maar het eindresultaat is een spectaculaire en supersnelle twin met maar liefst 195 pk.
Met een drooggewicht van 164 kg en een ‘natte opgave’ van 188 kg overbluft de Panigale met zijn 195 paardjes de 1-op-1 pk-gewichtsverhouding vol overtuiging. Het korte slag blok is onderin beduidend minder strek dan de 1198, maar maakt dat bovenin meer dan goed. Het opgegeven vermogen is ontzagwekkend, maar het samenspel van technische en elektrische snufjes moet het toch een rijdbaar geheel maken. En dan moet de sportieveling zijn grootste troefkaart nog uitspelen. Het totaalplaatje ziet er namelijk bijzonder smaakvol uit. Bekijk je de Panigale recht van voren dan doet het design wel erg veel denken aan de roemruchte 916.
monocoque
Natuurlijk introduceert Ducati deze sportfiets op een gesloten omloop. We gaan op het nieuwe Yas Marina Circuit in Abu Dhabi rijden. Een speeltje van oliesjeiks en Ferrari, waar Ducati terecht kan door de warme banden met de Italiaanse autofabrikant. Een circuit zo strak als een biljartlaken, maar zonder grindbakken. Het is een weinig geruststellende gedachte met zoveel vermogen in het vooronder. Maar liefst 195 pk uit een tweecilinder, je kunt het nauwelijks bevatten. Om dat geweld te beteugelen ruimt het traditionele vakwerkframe het veld voor een monocoqueframe. De beide cilinderkoppen vormen samen een verbinding tussen voor- en achterframe, terwijl de achterbrug in het carter scharniert. Het balhoofd doet dienst als airbox. Het toont wel aan dat Ducati echt vanaf nul is begonnen en er uiteindelijk iets heel bijzonders uit de hoge hoed is gekomen. Deze Ducati is met geen andere superbike te vergelijken.
makkelijk sturen
Panigales – in welke versie dan ook – stralen maar een ding uit: ze willen knallen op het circuit. Wie zijn wij om dat tegen te houden? De verkenningsrondjes gaan in de sport-modus. Dat betekent dat zowel het ABS en elektronica in redelijk voorzichtige instellingen staan. Net zoals de gasreactie; ik heb de volle 195 pk onder m’n rechterpols, maar de respons is redelijk mild. Het zijn maar drie rondjes, maar ik heb al wel door dat de Ducati zeker geen ontembare machine is. Het middengebied is zwakker dan bij de 1198, waardoor het geen aanrader is om een versnelling te hoog een bocht uit te komen. Wel loopt het blok bij lage toeren veel soepeler en werkt de tweecilinder zonder bokken of stoten in een vlot tempo naar betere toerentallen. Boven de 6000 toeren jaagt de tweecilinder heel rap richting de toerenbegrenzer, terwijl de knipperende lamp op het dashboard aangeeft dat de tractiecontrole zijn best doet het voorwiel in de buurt van het asfalt te houden. Wat direct voor de Panigale pleit is het stuurgedrag. Juist bij de eerste onwennige ronden valt het op dat de 1199 zich makkelijk laat corrigeren, terwijl je de vorige generatie juist meer in de bocht moest smijten en hij in langlopend snel werk echt tot wasdom kwam. Het geheel stuurt zonder twijfel lichter en makkelijker.
gemak
Het verbeterde stuurgedrag is naast de gewichtsbesparing en veranderde geometrie ook toe te schrijven aan de veranderde zitpositie. Het stuur is 10 millimeter omhoog geplaatst en 32 millimeter verbreed. Daarbij is het zadel 30 millimeter meer naar voren geplaatst, waardoor je niet langer languit over de tank ligt. Het is een meer actieve zithouding die mij goed bevalt.
De bijterige agressieve rempartij is het enige dat me niet bevalt. Dit komt doordat ik vaak nog even bijrem in de bocht. Het eerste aangrijppunt is direct behoorlijk en dat heeft lichte onbalans in de voorpartij als gevolg wanneer de hellingshoek al meer dan gering is. Toch grijpt het geheel minder fel aan dan bij de 1198.
Ga je er echt voor in de race-modus dan verbaast het gemak waarmee je diepe hellingshoeken rijdt. De spiegels komen soms akelig dicht bij het asfalt. De dikke 200-55 Diablo Supercorsa geeft geen krimp, ook niet wanneer ik het gas er steeds vroeger op begin te zetten. De knipperende lamp op het dashboard vertelt me dat de tractiecontrole druk aan het meerekenen is, maar merken doe ik dat niet. Eigenlijk voelt het allemaal helemaal niet zo indrukwekkend. De diepe hellingshoeken, het harde remmen, heel vroeg op het gas, de Panigale slikt het als zoete koek. Het rechte eind ook trouwens… Ruim een kilometer lang, dus goed voor een behoorlijke topsnelheid; in een flits zag ik 295 op m’n dashboard verschijnen.
voor wie
Voor veel liefhebbers gezien de 7500 verkochte exemplaren in 2012.
drie uitvoeringen
Altijd maar die keuzes. Ducati levert drie versies van de Panigale. Naast de standaard 1199 Panigale, leveren de Italianen de 1199 Panigale S en de 1199 Panigale S Tricolore. Die laatste is nog eens tienduizend euro duurder.
afkortingen
Panigale-rijders moeten flink huiswerk maken om alle afkortingen uit hun hoofd te leren. Daar gaan we: DES, ABS, DDA+, DTC, DQS, EBC en RbW.
Recordjaar voor BMW
Faillissementen, instortende markten en steeds kleiner wordende pensioenen. Genoeg ellende? Oké, we stoppen en maken ruimte voor beter nieuws. Wat zeggen we, goed nieuws. BMW Motorrad heeft namelijk een nieuw verkooprecord geboekt in 2012. Het kan dus wel!
BMW Motorrad verkocht wereldwijd 106.358 motorfietsen en maxi-scooters tegenover 104.286 in 2011. Snelle rekenraars komen dan inderdaad uit op een stijging van zo’n twee procent. In vergelijking met de maand december 2011 steeg de verkoop in december 2012 zelfs met 43,4 procent tot 6.069 motorfietsen en maxi-scooters. In december 2011 waren dat nog 4.232 stuks.
En dan te bedenken dat de verkoop van de nieuwe GS nog moet beginnen!
Dodelijk ongeval in Dakar Rally











