Home Blog Pagina 3

Ducati duikt nu écht de enduro in met Ducati Desmo450 EDS

0

Na de Desmo450 MX, Ducati’s eerste echte crossmotor, zet het merk uit Borgo Panigale nu de volgende stap in het offroad-verhaal. Met de nieuwe Ducati Desmo450 EDS krijgt de Italiaanse fabrikant zijn eerste moderne, straatlegale enduromotor: een machine die niet alleen klaar is voor wortels, stenen, modder en lange dagen in het zadel, maar ook gewoon de openbare weg op mag.

Basis

De Desmo450 EDS vertrekt van de technische basis van de Desmo450 MX, maar Ducati heeft flink doorontwikkeld. De enduro krijgt onder meer een 21 inch voorwiel, 18 inch achterwiel, Metzeler Six Days Extreme-banden en een transparante brandstoftank van 8,5 liter. Handig, want zo zie je meteen hoeveel peut er nog in zit. Ook de ergonomie werd aangepast voor langere ritten en technischer terrein. De aluminium perimeterframeconstructie blijft lekker licht: Ducati claimt 117 kg rijklaar zonder brandstof. De Showa-vering werd specifiek voor enduro afgestemd, met 310 mm veerweg vooraan en 301 mm achteraan. Meervoudig wereldkampioen enduro Antoine Meo hielp mee aan de ontwikkeling.

Desmo-power

Centraal staat een 449,6 cc eencilinder met desmodromische klepbediening. Typisch Ducati dus, maar dan in een totaal nieuw speelveld. De motor werd niet alleen gebouwd voor piekvermogen, maar vooral voor soepele trekkracht onderin en middenin. Precies wat je nodig hebt wanneer je over natte wortels kruipt of een technische klim moet aanvallen. Met de optionele Ducati Performance racing kit levert de Desmo450 EDS 54 pk. Kies je ook voor de Akrapovič-uitlaat, dan stijgt dat naar 56 pk. De zesbak kreeg aangepaste verhoudingen: een korte eerste versnelling voor controle in lastige passages en een langere zesde voor snellere stukken.

Slimme elektronica

Met de racing kit krijgt de Ducati Desmo450 EDS ook een uitgebreid elektronicapakket. Denk aan Ducati Traction Control, Launch Control, Engine Brake Control, Quickshifter en twee configureerbare Riding Modes via de X-Link-app. De tractiecontrole is specifiek voor enduro gekalibreerd en grijpt in op basis van echte wielspin. Zelfs handig: bij sprongen schakelt het systeem zichzelf uit. Ducati introduceert ook adaptief onderhoud. Een algoritme volgt de belasting van het blok en past de onderhoudsintervallen daarop aan. Afhankelijk van gebruik varieert de MID-service tussen 90 en 120 uur, terwijl de volledige motorrevisie tussen 180 en 240 uur kan liggen.

Vanaf juli 2026

De Ducati Desmo450 EDS komt vanaf juli 2026 naar geselecteerde Europese dealers. Wereldwijde uitrol volgt later. Eén ding is duidelijk: Ducati wil niet gewoon meedoen in enduro, maar meteen serieus binnenkomen.

De prijs is momenteel nog niet bekend.

Marathonmotor Yamaha Ténéré 700: avontuurlijk offroad door verre landen

0
Yamaha Ténéré 700

Na een paar jaar plezier op sportmotoren ontdekte Renzo Derksen dat reizen met een allroadmotor het leven voor hem een stuk prettiger kon maken. Maar dan wel met een motor die betrouwbaar is en tegen een stootje kan. Een no-nonsense allroad. Na uitgebreid onderzoek was er voor Renzo maar één motor over die, voor hem althans, daarvoor in aanmerking kwam: de Yamaha Ténéré 700.

Dat Renzo Derksen (34) uit Doornenburg besmet raakte met het motorvirus was geen verrassing. “Mijn vader en moeder reden allebei met een zijspan en uiteraard heb ik in mijn jeugd vaak bij hen in het bakje gezeten. Bij ons thuis draaide, en draait, alles om motoren. De schuur staat er dan ook vol mee. Op mijn achttiende heb ik direct mijn motorrijbewijs gehaald en mijn eerste motor was er eentje met een zijspan, een MZ ETZ 250. Met de toen geldende wetgeving (max. 25 kW) kon dat. Die motor heb ik zo’n tien jaar in bezit gehad. En daarnaast nog heel veel andere motoren zoals een Aprilia RS125, een Yamaha XT250, Yamaha’s FZS600, FZ6 en FZ1. Nadat ik van mijn sportmotor de uitlaatbochten plat had gereden tijdens het offroad-rijden in Noord-Macedonië, wist ik dat ik iets echt onverwoestbaars nodig had. Omdat ik ook serieuze hoogtes wil kunnen rijden, zwaar offroad niet uit de weg ga, soms brandstof van lage kwaliteit moet tanken en degelijkheid voorop moest staan, bleef er na uitgebreid onderzoek maar één motor over en dat was de Ténéré 700. Mijn eerste T700 kocht ik in 2022 en mijn plan was om gelijk een grote reis te maken. Ik reisde al veel voor mijn werk (over de hele wereld etiketdrukmachines in gebruik stellen bij klanten), reizen met de motor leek voor mij helemaal het einde. Ik had al mijn vrije dagen opgespaard en vertrok richting het oosten. Eerst de Balkanlanden en daarna Turkije in. Achteraf gezien wilde ik te veel in te weinig tijd, raakte vermoeid en reed in Istanboel achter op een auto. Motor total loss en zelf twee armen in het gips plus nog een aantal ongemakken. Niet de beste start voor een groot avontuur.”

Gelukkig kwam het allemaal weer goed waarna in 2023 opnieuw een T700 werd aangeschaft. “Ik vond er eentje van een jaar oud met wel flink wat kilometers (25.000 km), voorzien van alle opties die ik ook belangrijk vond. Voor 11.000 euro werd ik de nieuwe eigenaar. Mijn droom van die verre reis kwam toch weer dichterbij.”

Man en motor

NaamRenzo Derksen
WoonplaatsDoornenburg
Leeftijd34 jaar
BeroepInbedrijfnamemonteur
Rijdt sinds2009
Aangeschaft2023

Motorfiets Specificaties: Yamaha Tenere T700

Nieuwprijs€ 12.099,-
DagwaardeCirca € 8.000,-
RijstijlOffroad vakantie
GebruikToer/vakantie
Brandstofverbruik1:19
OlieverbruikNihil
OnderhoudZelf
Bouwjaar2022
Kilometerstand84.928 km

Via de Balkan naar Iran

Die droom werd werkelijkheid. In 2024 reed Renzo met zijn Ténéré naar Iran. “Ik nam een half jaar vrij om via de Balkan en Turkije naar Iran te reizen. Dit keer lukte het wel. Ik nam voor alles wat ruimer de tijd. Ik werd aanvankelijk wel voor gek verklaard om naar Iran te gaan. Er geldt immers een negatief reisadvies en je bent er als motorrijder niet verzekerd. Maar ik heb geen moment spijt gehad van deze trip. Ik ben nooit eerder in een land geweest waar ik zoveel gastvrije mensen heb ontmoet als in Iran. Overal word je uitgenodigd, tot op een bruiloft toe. En alles zonder bijbedoelingen. Wel leerde ik snel dat je in dit land moet opletten over wat je tegen iemand zegt. Het regime probeert alles in de gaten te houden. En hoewel het land door heel veel andere landen op handelsgebied wordt geboycot, is er toch echt alles te koop. Omdat de motor groot onderhoud nodig had en de kentekenplaathouder was afgebroken, ben ik terug naar Nederland gereden alvorens vrijwel aansluitend weer door te reizen naar Marokko. Een mooie reis door een afwisselend landschap en als het effe kon over onverharde wegen. De hoge zandduinen waren letterlijk iets te hoog gegrepen voor de Ténéré, of voor de bestuurder, maar voor de rest ging het allemaal prima. Andermaal kreeg ik het bewijs dat dit de motor was waarmee ik mijn reisavonturen vorm kon geven. Dat jaar heb ik 38.000 km met de Ténéré gereden.”

Heb jij ook een marathonmotor?
Heeft jouw motor ook een respectabele kilometerstand bereikt en ken je de historie? Meld je dan aan voor een grondige inspectie door onze specialisten! Stuur een e-mail aan marathonmotor@mpsadventure.nl met je contactgegevens en informatie over je motor, zoals merk, type, bouwjaar en kilometerstand. Meer info is te vinden op mpsadventure.nl.

Afgelopen jaar stond een nieuwe Balkanreis op het programma. “Op de terugweg in Oostenrijk, ik was zogezegd bijna thuis, hield de Ténéré er plots mee op. Vervangen van de accu bracht geen uitkomst. Met veel moeite verving ik de bougies, maar ook dat leverde niets op. De lambdasonde bleek deels gesmolten, misschien vanwege slechte benzine, maar dat was evenmin de oorzaak. Met behulp van een startbooster bij een garage kwam er weer leven in de motor en heb ik naar huis kunnen rijden. Mijn reis van 25.000 km zat erop. Ik had af en toe nog wel de indruk dat de motor soms wat inhield, maar tot op de dag van vandaag is de motor het gewoon blijven doen.”

In de Balkanlanden kun je dit soort plekjes nog tegenkomen.

Motor leren kennen

Onderhoud aan de Ténéré doet Renzo allemaal zelf. “Wanneer je net als ik reizen maakt door landen waar niet in iedere stad een motormonteur, laat staan een motorzaak, te vinden is, moet je zelfredzaam zijn. Gelukkig ben ik vrij technisch en de Ténéré is een motor die nog redelijk back to basic is. Na aanschaf heb ik de motor gestript om te kijken hoe alles in elkaar steekt. De op die manier opgedane informatie heeft me op reis vaak geholpen. Door valpartijen is er onderweg van alles stuk gegaan. De voorkant kapot na een botsing met een boom in Turkije, onder de vangrail in Bosnië waarna ik zonder kentekenplaathouder verder moest, koplamp tegen boom in Georgië, voorspatbord kapot in Turkije en ga zo maar door. Maar met ducttape, tie-wraps en secondelijm kun je heel veel noodreparaties uitvoeren, zo weet ik ondertussen. Die spullen heb ik op reis altijd bij me. Net als gereedschap en materiaal om lekke banden te repareren. En dat zijn er nogal wat geweest. Een keer ben ik in Turkije door locals geholpen, de lekke binnenband werd met simpel gereedschap ter plekke gevulkaniseerd. Bij een lekke band of ander ongemak onderweg maak ik me niet meer zo snel druk. Bijna overal waar ik ben geweest, zijn er mensen die je willen helpen. Ik heb daar zelfs serieuze vriendschappen aan overgehouden. Als Nederlander schaam ik me wel eens voor hoe gastvrij mensen zijn die zelf weinig hebben.”

Marathonmotor Honda CBR1000RR Fireblade: te mooi om van de hand te doen

Dat Renzo het onderhoud aan zijn Ténéré zelf doet, wil niet zeggen dat hij erop bezuinigt. “Door zelf te sleutelen leer ik de motor alleen maar beter kennen. Om de 10.000 km vervang ik olie en filter. Bij 64.000 km heb ik de kleppen gesteld. Alleen de uitlaatkleppen vroegen om een kleine bijstelling. Het vervangen van de bougies is wel even een dingetje bij de Ténéré. Daar kun je niet zomaar even bij. Je moet precies weten wat je vooraf los moet draaien om ruimte te maken. De bougies zitten erg diep. En je moet over het juiste gereedschap beschikken.” Buiten zijn reisvakanties rijdt Renzo niet zo heel veel met de Ténéré. “De Ténéré is voor mij de reismotor, op de andere motoren in de schuur van mijn ouders probeer ik tussendoor nog wat te rijden. Maar het liefst zit ik in de wintermaanden op mijn enduromotor, een 300cc KTM-tweetakt.”

Reparaties en problemen
25.000 km                Voorvorkveren vervangen door zwaardere exemplaren en zwaardere achterveer
62.000 km                Kettinggeleider achterbrug vervangen
64.000 km                Voorvorkrevisie
66.000 km                Remschijf achter vervangen
74.000 km                Motorstoring, accu en verbrande lambdasonde vervangen
79.000 km                Zijstandaardschakelaar vervangen

Yamaha Ténéré 700 op de brug

Het is op een koude ochtend wanneer Renzo met zijn Ténéré 700 bij MOTO73-expert Van Sleeuwen arriveert. Een jaar eerder was er ook al eens een T700 te gast bij Marathonmotor; met die motor was alleen maar op asfalt gereden. Bij Van Sleeuwen zijn ze dan ook zeer benieuwd naar hoe een T700 eruitziet wanneer die is gebruikt waarvoor die is gemaakt.

Na een kort proefritje is duidelijk dat er rijtechnisch niets aan de motor mankeert en ook optisch ziet de motor er nog prima uit. Maar eenmaal op de brug zien we toch wel wat gebruikssporen zoals deukjes in de achtervelg. Renzo: “Kan ook niet anders na al die stenen in Iran en Turkije. Niet erg, want je mag zien dat de motor is gebruikt. En er is zo links en rechts ook wel wat nieuw plastic op gekomen. Plastic dat door vallen of stenen beschadigd is geraakt.”

Omdat wat kapot was, is vervangen, ziet de motor er nog heel fris uit. De zijtassen van de laatste reis hangen er nog aan. “Ik rij altijd met veel bagage, daarom heb ik zwaardere voor- en achterveren gemonteerd. De schokdemper is nog de originele. Ik hoop ooit nog eens een Touratech-schokdemper te kunnen monteren, eentje met een High Speed-instelling. Nu wil de schokdemper achter nog wel eens doorslaan.”

Controle van de remmen levert geen commentaar op. De schijf achter, die bij offroad-rijden gemiddeld genomen vaker wordt gebruikt en meer te verduren krijgt als er in de modder wordt gereden, is onlangs vervangen. De schijven voor zijn nog lang niet aan hun einde. Renzo heeft bij onderhoud ook aan de remvloeistof gedacht, zo valt te meten.

Een klein beetje hadden ze bij Van Sleeuwen verwacht dat er een afgetrapte Ténéré 700 op de stoep zou verschijnen, maar dat is in de verste verte niet het geval. Renzo’s T700 doorstaat iedere kritische blik van de ‘keurmeester’. Omdat Renzo benieuwd is of de storing, waarmee hij in Oostenrijk werd geconfronteerd, uit de wereld is, wordt de Ténéré aan de diagnoseapparatuur gekoppeld. Er komen geen foutmeldingen tevoorschijn. De eigenaar is blij met deze constatering, ook al is hij er nog niet helemaal van overtuigd of de storing echt weg is. “Blijft de storing echt weg en krijg ik weer 100% vertrouwen in de motor, dan blijf ik voorlopig met deze Ténéré rijden. Ik heb nog wat aanpassingen op mijn lijstje staan, zoals betere vering, aangepaste koppeling en wat kleine veranderingen aan het frame. Ik blijf hoe dan ook groot fan van de T700. Met deze motor kan ik mijn droomreizen werkelijkheid laten worden.”

Foto’s: Peter van der Sanden

Richtprijzen bij motorzaak
2019    ca. 10.500 euro
2020    ca. 10.750 euro
2021    ca. 11.000 euro
2022    ca. 11.250 euro
2023    ca. 11.500 euro
2024    ca. 12.000 euro
Gemonteerde accessoires
Voor- en achterveer vervangen
Modificatie binnenwerk voorvork
Outback valbeugels
Skidplate
Middenbok
Achtertandwielbeschermer
Garmin voeding
Handvatverwarming
Aangepaste kabelboom
Barkbusters handkappen
Bosley verlaagde voetsteunen
Koplampbeschermer
Bredere zijstandaardsteun
Groter rempedaal
Beugelset voor tassen

Marathonmotor Yamaha Ténéré 700: goed om te weten

In 2016 was er al sprake van een nieuwe Ténéré, het duurde tot 2019 voordat door de verzamelde pers in Spanje de eerste meters met de T700 Ténéré konden worden gereden. En daarna kwamen, ondanks de grote vraag, de motoren maar mondjesmaat bij de dealers terecht. Corona verergerde die levering later nog eens. De eerste serie T700’s was al uitverkocht vanaf de foto’s. Kortom, belangstelling was en is er genoeg voor de T700. Het motorblok van de T700 had zich al vijf jaar bewezen in de MT-07. Yamaha’s populaire allroad is bij een groot publiek vooral geliefd vanwege zijn ongecompliceerdheid. Zo weinig mogelijk toeters en bellen, een leuke verkoopprijs en een allroad waarmee je heel goed offroad uit de voeten kunt. Dat was Yamaha’s uitgangspunt toen ze met de ontwikkeling van de nieuwe Ténéré bezig waren. De naam Ténéré heeft op offroadgebied een naam hoog te houden. Sinds de eerste “normale” T700 op de markt kwam is er een aantal varianten bijgekomen. Maar wel allemaal met hetzelfde motorblok. Zo zijn er de Ténéré Explore, Ténéré Extreme, Ténéré Rally, Ténéré World Raid en de Ténéré World Rally. In basis allemaal dezelfde motoren maar met een andere aankleding. Bij de Extreme gaat de extra aandacht uit naar betere vering, World Rally en World Raid hebben o.a. een dubbele tank voor meer actieradius.

Merkenclub
Yamaha Tenere Nederland is actief via Facebook waarvoor je je kunt aanmelden als lid. Daarnaast is er ook de Dutch Tenere Association (www.tenere.nl). Alle Ténéré rijd(st)ers van oude en nieuwe Ténéré’s zijn hier welkom.

Technische specificaties Yamaha Ténéré 700

Categorie Details
TypeVloeistofgekoelde staande twin
Cilinderinhoud689 cc
Boring x Slag80 x 68,6 mm
Kleppen per cilinder4
Compressieverhouding11,5:1
CarburatieInjectie
TransmissieZesbak
EindoverbrengingKetting

Prestaties

Maximum vermogen73 pk bij 9.000 tpm
Maximum koppel68 Nm bij 6.500 tpm

Rijwielgedeelte

FrameDubbel wiegframe
Vering voorUpsidedown-telescoopvork
Vering achterMonoschokdemper
Veerweg v/a210 / 200 mm
Rem voorTwee 282mm-schijven met tweezuigerklauw
Rem achter245mm-schijf met eenzuigerklauw
Banden v/a90/90 R21, 150/70R18

Afmetingen

Gewicht187 kg (droog)
Tankinhoud16 liter
Zithoogte873 mm
Wielbasis1595 mm
Balhoofdhoek27°
Naloop105 mm

Harley-Davidson Super Glide keert mogelijk terug in 2027 met circa 1.920cc

0

Een van de meest iconische namen uit de Harley-Davidson-geschiedenis maakt mogelijk een grote comeback: de Super Glide zou in 2027 terugkeren, uitgerust met een Milwaukee-Eight-blok van circa 1.920 cc. Geruchten in de motorwereld wijzen op een mogelijke herleving van deze legendarische fabriekschopper, al ontbreken officiële homologatiedocumenten en merkregistraties die dit bevestigen.

Van Easy Rider tot showroom

De Super Glide is geen willekeurige modelnaam. Toen hoofdontwerper Willie G. Davidson de FX Super Glide in 1971 introduceerde, deed hij dat met een duidelijke missie: de kloof dichten tussen de ruige customchoppers die door Easy Rider wereldberoemd waren geworden, en de betrouwbaarheid van een seriemotor met fabrieksgarantie. Het resultaat was wat Harley-Davidson zelf omschreef als zijn eerste echte fabriekschopper, een motor die rebellie en rijplezier combineerde zonder dat de eigenaar zelf aan de slag moest met slijpschijf en lasapparaat.

In de decennia die volgden groeide de Super Glide uit tot de basis van de FX- en later de Dyna-familie, geliefd om het rubber-gemonteerde V-twin-blok. Maar in 2017 besloot Harley-Davidson de Dyna-lijn te beëindigen en volledig over te stappen op het vernieuwde Softail-platform met de Milwaukee-Eight-motoren. De Super Glide leek definitief verleden tijd.

Geruchten en speculaties over een comeback

Tot nu toe, want berichten in de motorwereld suggereren dat Harley-Davidson de naam Super Glide nieuw leven zou kunnen inblazen. Officiële documenten die dit ondersteunen zijn echter niet publiekelijk beschikbaar. De verwachte motor zou de Milwaukee-Eight 117 zijn, een blok van circa 1.920 cc dat momenteel ook de Low Rider S en Low Rider ST aandrijft. In die modellen levert de High Output-versie circa 114 pk en ongeveer 173 Nm koppel, indrukwekkende cijfers voor een cruiser die tegelijk als fabriekschopper wordt gepositioneerd.

Daarmee zou de Super Glide 2027 aanzienlijk krachtiger zijn dan welke historische voorganger dan ook. De combinatie van een nostalgische naam met moderne prestaties past in Harley-Davidsons bredere “Back to the Bricks”-plan, gericht op groei in winstgevende kernsegmenten.

Tussen Street Bob en Low Rider S in

Marktpositionering is bij dit model cruciaal. Verwacht wordt dat de nieuwe Super Glide in Europa onder de 20.000 euro geprijsd zou kunnen worden, waarmee hij een interessante plek inneemt tussen de nuchterder Street Bob en de sportievere Low Rider S. Technisch zou de motor elementen van beide modellen kunnen combineren: de strakke uitstraling van de Street Bob, aangevuld met de rijdynamiek en remcapaciteit van de Low Rider S, inclusief telescoopvork en dubbele schijfremmen vooraan. Deze technische details zijn echter speculatief en niet door officiële bronnen bevestigd.

Visueel zou het model dicht bij een Street Bob kunnen liggen, maar dan met een lagere stuurkuip en verfijndere gietwielen voor een iets meer premium uitstraling.

Strategisch icoon in een veranderend gamma

De Super Glide past niet toevallig in Harley-Davidsons plannen voor 2027. Het merk werkt naar verluidt ook aan een terugkerende Sportster 883 en een instapmodel, de Sprint 440, onder de 10.000 dollar. Officiële aankondigingen met definitieve prijzen en specificaties zijn echter nog niet gepubliceerd. De Super Glide zou het iconische middensegment kunnen vormen: herkenbaar, winstgevend en met genoeg historische lading om een breed publiek aan te spreken, van nostalgische veteranen tot nieuwe rijders die een echte fabriekschopper willen.

Voor motorrijders in Nederland en België die hopen op een betaalbare maar krachtige Harley met karakter, klinkt de Super Glide 2027 als een veelbelovende optie. Officiële bevestiging van Harley-Davidson zelf laat echter nog op zich wachten.

Ducati viert 100 jaar op Goodwood Festival of Speed

0

Ducati markeert zijn honderdjarig bestaan op een van de meest prestigieuze motorsportpodia ter wereld: het Goodwood Festival of Speed, dat van 9 tot en met 12 juli 2026 plaatsvindt. Met legendarische rijders, een bijzondere modellenreeks en een eeuw aan racedna staat het Italiaanse merk dit jaar meer dan ooit in de spotlights.

Een balkon vol legenden

De openingsdag van Goodwood staat in het teken van Ducati’s Centenario-programma. Op het iconische balkon van Goodwood House worden enkele van de grootste namen uit de racerij van de afgelopen decennia verwacht. Carl Fogarty, viervoudig wereldkampioen Superbike, Troy Bayliss, drievoudig titelhouder, en MotoGP-legende Casey Stoner staan mogelijk op het programma. Zij worden mogelijk vergezeld door huidige WorldSBK-rijders Nicolò Bulega en Iker Lecuona, waarmee Ducati nadrukkelijk een brug slaat tussen zijn glorierijke verleden en een sportief sterk heden.

Ducati heeft in de Superbike Wereldkampioenschap 20 constructeurstitels gewonnen, een record dat het merk dit jaar verder kan uitbreiden. Die indrukwekkende erfenis wordt op Goodwood tentoongesteld en biedt bezoekers een unieke kans om motorsportgeschiedenis van dichtbij mee te maken.

Collezione 100: tien modellen, honderd stuks elk

Naast de balkonceremonie presenteert Ducati in de paddock de Collezione 100: een exclusieve reeks van tien speciale modellen, elk gelimiteerd tot slechts honderd exemplaren wereldwijd. Elk model in de collectie eert een historisch hoogtepunt uit Ducati’s racegeschiedenis en vormt daarmee een tastbare tijdlijn van het merk.

Een van de meest spraakmakende exemplaren is de Panigale V4 S 100, uitgevoerd in de kleurstelling van de 750 Imola Desmo waarmee Paul Smart in 1972 de 200 Miglia di Imola won. Die overwinning geldt tot op de dag van vandaag als een van de meest bepalende momenten in de Ducati-historie: een 90-graden V-twin met desmodromische klepbediening die de gevestigde orde versloeg. De Panigale V4 S 100 vertaalt dat erfgoed naar moderne technologie, inclusief het karakteristieke desmodromische systeem dat Ducati sinds 1956 gebruikt.

De overige negen modellen in de Collezione 100 zijn nog niet allemaal volledig onthuld, maar Ducati heeft bevestigd dat de gehele collectie in Goodwood te bewonderen is. Gezien de limitering van honderd stuks per model zijn dit machines die direct museumwaarde hebben en voor verzamelaars wereldwijd van grote interesse zullen zijn.

Goodwood als podium voor een eeuwfeest

Ducati UK heeft in het verleden herhaaldelijk het belang benadrukt van evenementen zoals het Goodwood Festival of Speed voor het merk. Fabrizio Cazzoli, Head van Ducati UK, onderstreepte eerder in interviews het strategische gewicht van de Britse markt. Het festival heeft Ducati meerdere malen als prominent deelnemer verwelkomd, met de dertigste editie in 2023 als een duidelijk hoogtepunt waarop Ducati tot de hoofdmerken behoorde. Dit getuigt van een jarenlange en hechte samenwerking tussen het evenement en het Italiaanse merk.

Een eeuw Ducati: van radiotechniek tot racelegende

Ducati werd in 1926 opgericht in Bologna als een bedrijf in radiotechnologie. Na de Tweede Wereldoorlog maakte het de overstap naar gemotoriseerde tweewielers en groeide het via de beroemde Cucciolo-hulpmotor uit tot een van de meest herkenbare motorfietsmerken ter wereld. De desmodromische klepbediening, de 90-graden V-twin-configuratie en een oncompromitterende sportstrategie werden de pijlers waarop het huidige Ducati rust.

Met het Goodwood-jubileum en de Collezione 100 bewijst Ducati dat honderd jaar niet alleen terugkijken betekent. De combinatie van historische eerbetoon en actuele WorldSBK-aanwezigheid laat zien dat het merk even relevant is als ooit. Voor motorrijders en liefhebbers is het festival van 9 tot 12 juli een uniek moment om getuige te zijn van een complete eeuw Ducati in beweging.

Icoon Jan Bruins: de vergeten GP-winnaar

0

Als je een gemiddelde Nederlandse motorsportliefhebber vraagt om een lijstje met de Nederlandse wegrace-GP-winnaars te maken, zul je hier waarschijnlijk de naam van Jan Bruins niet op terugvinden. En toch wist de 32-jarige eigenaar van een autobedrijf uit Deventer in 1972 de 50cc Grand Prix van het Joegoslavië van president Tito te winnen.

In 1969 en 1970 waren er al GP’s verreden op het tegen de kust aan gelegen stratencircuit van Opatija. Ook toen al was het zes kilometer lange parcours niet onomstreden, omdat de veiligheid van de renners onvoldoende gewaarborgd was. Op een aantal punten van het circuit scheerden de coureurs zelfs vlak langs gevaarlijke rotspartijen. De FIM gaf in 1970, pas twee weken voor de geplande datum, groen licht. De organisatie kwam daarna in andere handen en die zag in 1971 af van het laten verrijden van de GP. Dit omdat het onmogelijk zou zijn het stratencircuit in het drukke toeristenseizoen nog eens af te sluiten voor het verkeer. Een jaar later kwamen ze daar dus op terug. Nu werd de Grand Prix als toeristentrekker gezien en stond deze voor 18 juni 1972 op de wegracekalender.

Icoon Alex Barros: de Braziliaanse grootmeester van de koningsklasse

Bijzondere winnaar

Na een onweersbui op zaterdag stonden de 50cc-coureurs onder een stralende zon op zondag aan de start. Derbi-fabriekscoureur Ángel Nieto was vóór Jan de Vries, Rudi Kunz en Jan Bruins de snelste man in de trainingen geweest. De wedstrijd zou over vijftien ronden gaan, waarin negentig kilometer moesten worden afgelegd. Bruins was positief over zijn kansen om Kunz in de wedstrijd te kunnen pakken.

Na de start was het Nieto die de kop nam. Jan Bruins nestelde zich meteen al voor in het veld van 24 starters. Jan de Vries wist de kleine achterstand die hij had opgelopen vrij snel goed te maken en kon de kop zelfs overnemen. Nieto veroverde in de derde ronde wel weer even de leiding, maar De Vries herstelde zich en verwees de Spanjaard terug naar de tweede plaats. Dat bleef zo totdat Nieto zijn Derbi met bougieproblemen de pits instuurde. Jan Bruins, die ondertussen op een zekere derde plek had gereden, schoof hierdoor mooi op naar de tweede plaats. Kunz was al uitgevallen en ook Bartol had een pitstop moeten maken.

Het oponthoud van Nieto duurde lang omdat de bougiekap erg moeilijk los te krijgen was. Met een grote achterstand zette de Derbi-coureur de achtervolging in. Bruins had ook doorgekregen dat Nieto in de pits had gestaan, maar liet zich hierdoor niet opjagen. De Vries dacht: ‘Ik ga me hier toch niet te barsten rijden. Als hij me in kan halen, doet hij dat toch wel!’ Jan de Vries reed nog een recordronde met een gemiddelde van 127,7 km/u en ging onbedreigd richting een mooie overwinning en zou daarmee ook aan de leiding gaan in de tussenstand voor de 50cc-wereldtitel. Maar het mocht niet zo zijn. In de laatste ronde ging de zuiger van de Van Veen-Kreidler stuk. Bruins zag een halve kilometer voor de finish De Vries stilstaan en realiseerde zich toen dat het ongelofelijke op het punt stond werkelijkheid te worden: een overwinning in een GP!

Bruins werd als eerste afgevlagd vóór Nieto, die nog naar de tweede plaats was opgeklommen. Na de huldiging kon Bruins zich met een mooie overwinningskrans laten fotograferen. Behalve deze krans kreeg hij nog een fraaie kristallen bokaal en van de Kreidler-fabriek een fors geldbedrag om zijn Kreidler nog verder te perfectioneren.

Ondanks de gunstige positie van Jan de Vries in de stand om de WK-titel en ondanks dat Opatija vlak over de grens met Italië lag, waren er geen Nederlandse journalisten naar de stad aan de Adriatische Zee afgereisd. De GP’s werden toentertijd niet rechtstreeks op tv uitgezonden en de uitslagen kwamen in de loop van de dag via telexberichten binnen. Verbazing alom toen daarop te lezen stond dat de Nederlander Jan Bruyers de 50cc had gewonnen! Dat kon niet kloppen! Maar op zondagavond meldde de radio dat het Jan de Vries moest zijn. De correspondent van het blad Motor bracht uitkomst toen hij zondagnacht belde en alle twijfels wegnam. Het was echt Jan Bruins die de 50cc-GP van Joegoslavië gewonnen had.

Jan Bruins tijdens de GP van Italië in 1974 op de Jamathi.

Een GP win je niet zomaar

Aan het succesvolle jaar 1972 was voor Bruins wel het een en ander aan voorafgegaan, want een GP win je niet zomaar. De naam J. Bruins komen we voor het eerst tegen in de uitslagen van de 50cc-wedstrijd op 7 mei 1961 op het circuit van Zandvoort. Jan reed hier nog op een Itom en werd keurig als achtste afgevlagd. Daarna verschijnt zijn naam pas weer in 1965. Opnieuw op het circuit van Zandvoort met een elfde plaats, nu op een Garelli.

In 1966 reed Jan Bruins een volledig seizoen bij de 50cc-internationalen. In de enige kampioenswedstrijd, opnieuw op Zandvoort, kwam hij als een goede derde over de finish.

Na een goed seizoen in 1967, met een mooie tweede plek achter Aalt Toersen in Uden, eindigde Jan Bruins als vierde in de eindstand voor het Nederlands kampioenschap.

In 1968 startte Jan Bruins voor het eerst in de TT van Assen en werd hij zevende in een veld van eenentwintig finishers. Dat was een prima resultaat voor iemand in zijn eerste TT. In de strijd om de nationale 50cc-titel stond Bruins als zesde in de einduitslag.

In 1969 eindigde Jan Bruins op een vierde plaats in de eindstand voor het Nederlands kampioenschap en in de TT van Assen kwam hij als elfde binnen.

Een jaar later werd Jan Bruins zevende in het Nederlands kampioenschap en tiende in de TT van Assen. In Oldebroek behaalde hij zijn beste resultaat door als tweede te eindigen.

De vierde plaats in de thuis-Grand-Prix in Assen in 1971 was een opmaat naar de successen van 1972. Verder finishte Jan in 1971 tweemaal als derde tijdens de internationale wegraces in Oldebroek en Raalte en werd hij achtste in het Nederlands kampioenschap.

Dit alles had Jan Bruins waarschijnlijk doen besluiten in 1972 een compleet GP-seizoen te gaan rijden. In het Nederlands kampioenschap eindigde hij achter kampioen Jan de Vries als een goede tweede. Bruins was dus niet enkel in de GP’s een topper, ook in Nederland behoorde hij tot de absolute top. Dat resulteerde in diverse podiumplaatsen, zoals bij de internationale races in Raalte en Hilvarenbeek. En er waren zelfs overwinningen voor hem: op 5 augustus in Oldebroek en op 1 oktober in Mill.

Hoe verliep het verder?

In 1972 reed Jan Bruins dus een volledig GP-seizoen, met één overwinning. Verder kwam hij als vierde, vijfde en twee keer als zesde over de eindstreep. Dit leverde hem de vierde plaats op in de WK-eindstand. Helaas kwam hij in de TT van Assen niet verder dan de eerste ronde, want met een gebroken zuigerveer kwam hij op het eind van de Bedeldijk al tot stilstand.

Dit waren mooie resultaten voor een privérijder die alles uit eigen middelen betaalde. Jan Bruins had jarenlang hard gewerkt in de kleine kelder onder zijn garagebedrijf om zijn privé-Kreidler op GP-niveau te krijgen. Gelukkig kon hij rekenen op de hulp van Herman Meyer, die een carter met een zesversnellingsbak en een speciale krukas voor hem had gemaakt. Jan Bruins had zelf voor de poorttiming van de watergekoelde cilinder gezorgd en ook het frame was een eigen ontwerp. Het jaar 1972 was dus hét topjaar voor Jan Bruins, maar ook in de jaren daarna liet hij van zich horen.

Jan Bruins werd door de Zweedse Monark-fabriek benaderd om samen met hen voor het jaar 1973 een 50cc GP-racer te ontwikkelen. Dat zag hij wel zitten. Hij verkocht zijn Kreidler aan NMB-coureur Emiel van Uden en begon aan het Monark-project. Het duurde even voordat de resultaten er kwamen; tijdens de TT van Assen kreeg hij loon naar werken met een vierde plaats. In andere GP’s kwam hij helaas niet aan de finish. Verder wist hij in dat jaar nog drie keer als tweede te eindigen in de wegraces in Oosterwolde, Hengelo en Mill. Ook in Hilvarenbeek scoorde Jan Bruins nog goed met een vierde plek. Maar voor een hoge notering in het Nederlands kampioenschap kwam hij wat goede resultaten te kort en eindigde hij als 24e.

Voor het seizoen 1974 had Jan het Monark-project ingeruild voor een snelle en betrouwbare Jamathi. Hij had eigenlijk willen stoppen, want de ontwikkeling van de Monark kostte hem gewoon te veel tijd. Maar juist op tijd kreeg hij van het Jamathi-team een aanbod om op hun racer te gaan rijden. Hun toprenner Theo Timmer had het team verlaten om als privécoureur door te gaan. Nadat Jan Bruins met Jan Thiel en Martin Mijwaart rond de tafel had gezeten, was er afgesproken dat zij voor het onderhoud van de racer zouden zorgen. Voor de races zou Jan Bruins de machine kant-en-klaar afgeleverd krijgen. In Parade-tapijt had hij een sponsor gevonden die het Jamathi-project financieel haalbaar maakte. Met de Jamathi kwam hij in 1974 nog tweemaal op een GP-podium. In Imola eindigde hij achter Henk van Kessel als een goede tweede en in de TT van Assen kwam hij na een inhaalrace als derde over de finish. Met nog twee andere resultaten eindigde hij als zevende in de WK-eindstand.

Veel bereikt

Ook in Nederland was de combinatie van Bruins-Jamathi succesvol, met twee overwinningen in de internationale races van Hilvarenbeek en Hengelo. Goede resultaten waren er ook in Raalte, Oldebroek en tweemaal Zandvoort, waar hij als tweede wist te eindigen, en in Oirschot ook nog als derde. Omdat hij slechts drie resultaten voor het Nederlands kampioenschap had behaald, eindigde hij bescheiden als zesde.

In 1975 kwam Jan Bruins weer met een Kreidler aan de start. Hij had onderdak gevonden in het Pee-Pee Road Racing-team van Piet Plompen. Plompen had bij Van Veen een complete machine gekocht met een door Jaap Voskamp gebouwd frame en een door Jan de Vries geprepareerd blok. Deze Kreidler zou ook bij Van Veen onderhouden worden, zodat Jan Bruins daar geen tijd in hoefde te steken. Helaas zou het maar een half seizoen worden, want Jan Bruins kwam tijdens de kampioenswegraces op 22 juni in Vessem ten val, brak zijn rechteronderbeen en liep ook nog een zware hersenschudding op. In dat halve seizoen kwam hij toch nog tot goede resultaten. Tijdens zijn laatste GP-deelname op 11 mei 1975 reed hij op het circuit van Hockenheim nog naar een mooie achtste plaats. In Nederland waren er voor Jan vier overwinningen tijdens de wegraces in Hilvarenbeek, Ammerzoden, Oirschot en Assen. Jan Bruins had een beter afscheid verdiend dan halverwege het seizoen te moeten afhaken. Toch nam hij na zijn valpartij met de opgelopen blessures de beslissing om te stoppen, zoals zoveel andere coureurs vóór hem al dezelfde beslissing hadden moeten nemen. Gevoelsmatig had hij misschien door willen gaan, maar het verstand zei nee.

Jan Bruins had veel bereikt en slechts weinig andere Nederlandse coureurs konden zeggen dat ze een GP hadden gewonnen. Nadat hij met zijn garagebedrijf gestopt was, opende hij een motorzaak aan de Gashavenstraat in Deventer. Jan Bruins overleed op 16 april 1997, hij werd slechts 56 jaar.

Tekst: Mari van Kasteren
Foto’s: Target Press, MOTO73

Indian Motorcycle zet Harley-Davidson neer als ‘woke en gay’ in omstreden pr-campagne

0
Indian vs Harley-Davidson AI beeld ter illustratie
Indian vs Harley-Davidson AI beeld ter illustratie

Indian Motorcycle ligt onder vuur na onthullingen over een vermeende gecoördineerde influencercampagne die Harley-Davidson afschildert als politiek incorrect, terwijl Indian zichzelf positioneert als het ‘echte’ Amerikaanse merk. De campagne zou zijn opgezet door pr-bureau Noise Media, waarbij mogelijk betrokkenheid wordt gelegd bij Brad Parscale, voormalig campagneleider voor Donald Trumps 2020-verkiezingscampagne, hoewel Noise Media verwijzingen naar zijn rol heeft verwijderd.

Cultuuroorlog als marketingstrategie

De campagne, die via rechtse influencers op sociale media werd verspreid, beschuldigt Harley-Davidson van het omarmen van een zogenaamd woke imago. Opvallend gelijkluidende formuleringen bij verschillende influencers deden al snel vermoedens rijzen van een gecoördineerde actie. De berichtgeving werd opgepikt door het Amerikaanse motormedium RideApart, dat de onderlinge verbanden blootlegde. Zowel Indian Motorcycle als Noise Media hebben tot dusver niet gereageerd op verzoeken om commentaar, wat de speculaties alleen maar aanwakkert.

Centraal in de controverse staat Brad Parscale, die eerder in opspraak kwam vanwege zijn registratie als buitenlandse agent in verband met pro-Israëlische influencercampagnes. Zijn vermeende betrokkenheid bij de herpositionering van Indian Motorcycle maakt de campagne des te opmerkelijker: het gaat niet om een klassieke productstrategie, maar om het inzetten van politiek-culturele tegenstellingen als commercieel wapen.

Carolwood LP en de nieuwe koers van Indian

De achtergrond van de campagne is onlosmakelijk verbonden met de recente overname van Indian Motorcycle door Carolwood LP. Waar Indian jarenlang heeft geopereerd als onderdeel van Polaris Industries, opereert het merk nu onder nieuwe eigenaren die kennelijk bereid zijn radicaal andere marketingkeuzes te maken. De vermeende samenwerking met Noise Media en de mogelijke betrokkenheid van Brad Parscale suggereren een strategie gericht op het onderscheiden van het merk van Harley-Davidson in termen van culturele waarden, met als doel conservatieve doelgroepen te bereiken.

Ironisch genoeg hebben zowel Indian als Harley-Davidson in het verleden vergelijkbare inclusieve taal rond diversiteit, gelijkheid en inclusie gebruikt, die later door beide merken stilzwijgend werd verwijderd. Deze nuance maakt het onderscheid dat de campagne probeert te maken minder zwart-wit dan het op het eerste gezicht lijkt.

Geen reactie, wel ophef

Zolang Indian Motorcycle, Carolwood LP en Noise Media geen officieel standpunt innemen, blijft de precieze omvang van hun betrokkenheid onduidelijk. Dat stilzwijgen versterkt echter de indruk dat er wel degelijk iets te verbergen valt. Harley-Davidson heeft evenmin publiekelijk gereageerd op de beschuldigingen die aan haar adres worden gesteld.

Voor de motorbranche is dit een ongemakkelijk signaal: twee van de meest iconische Amerikaanse motormerken worden meegesleurd in een politieke polarisatiestrijd die de aandacht afleidt van waar het eigenlijk om zou moeten gaan — de motorfietsen zelf. Of deze strategie Indian Motorcycle uiteindelijk meer klanten of meer kopzorgen oplevert, zal de komende maanden moeten blijken.

KTM haalt BMW-veteraan Christof Lischka in huis voor technologische hergeboorte

0

Na een periode van diepe financiële crisis, waarin KTM via een zelfbestuur-insolventieprocedure een volledig faillissement trachtte te vermijden, zet het merk een opvallende strategische stap: BMW Motorrad-veteraan Christof Lischka treedt in dienst als Chief Technology and Product Officer. Zijn taak is helder – het Oostenrijkse merk klaarstomen voor een nieuwe en duurzame toekomst.

Bijna drie decennia BMW-ervaring

Christof Lischka is geen onbekende in de motorwereld. Met bijna dertig jaar ervaring bij de BMW Group, waaronder de leiding over BMW Motorrad Development sinds 2019, brengt hij een indrukwekkend trackrecord mee op het gebied van productontwikkeling, rijdynamica en technologische innovatie. Als nieuwe Chief Technology and Product Officer (CTPO) van KTM AG wordt hij verantwoordelijk voor de volledige technologische koers én het productportfolio van KTM én zustermerken Husqvarna en GasGas. Een benoeming die in de branche direct opviel: het is zelden dat een topman zo rechtstreeks van een Duits premiumconcern naar een Oostenrijkse concurrent overstapt. De verwachtingen zijn dan ook hooggespannen.

KTM na de crisis: een merk in hergeboorte

De timing van deze aanstelling is allesbehalve toevallig. KTM doorstond recentelijk een van de zwaarste periodes in zijn geschiedenis. De schuldenlast liep op tot circa 2,7 tot 2,9 miljard euro, wat resulteerde in formele insolventieprocedures en meerdere periodes van productiestilstand. Honderden medewerkers verloren hun baan. Klanten maakten zich zorgen over garanties, onderdelenleveringen en de waarde van hun motorfiets, terwijl dealers bleven zitten met moeilijk verkoopbare voorraden en een onzekere toekomst.

De redding kwam van een vertrouwde partner: Bajaj Auto, al jaren nauw betrokken bij KTM via gezamenlijke model- en productieontwikkeling voor kleinere en middelgrote motoren, groeide van minderheids- naar meerderheidsaandeelhouder en pompte honderden miljoenen euro’s in het bedrijf. De voormalige moederholding werd omgedoopt tot Bajaj Mobility AG en de basis werd gelegd voor een geheel nieuwe modelgeneratie die binnenkort op de markt moet komen.

Drie merken, één visie

Lischka’s uitdaging is aanzienlijk. Hij moet de beroemde “READY TO RACE”-mentaliteit van KTM, de premiumpositionering van Husqvarna en de speelse, toegankelijke identiteit van GasGas samensmeden tot een coherente en toekomstgerichte productstrategie. Daarbij spelen meerdere grote uitdagingen tegelijk: de opmars van elektrische aandrijflijnen, de toenemende integratie van digitale rijhulpsystemen, én de harde noodzaak om de kwaliteits- en betrouwbaarheidsstandaarden structureel en meetbaar te verbeteren.

Juist op dat laatste punt wordt van Lischka’s BMW-achtergrond veel verwacht. Waar KTM altijd sterk was in rijprestaties en motorsportrelevantie, kampte het merk de afgelopen jaren met kritiek op productiekwaliteit en storingsgevoeligheid. Het binnenhalen van iemand die gewend is aan de strakke ontwikkelings- en kwaliteitsprocessen van de BMW Group is dan ook een bewuste en doelgerichte keuze.

Voorzichtig optimisme gerechtvaardigd

De aanstelling van Christof Lischka, die per 1 oktober 2026 bij KTM AG start, is meer dan een personeelswisseling; het is een duidelijk en ondubbelzinnig signaal dat KTM onder Bajaj Mobility AG kiest voor stabiliteit, vernieuwing en geloofwaardigheid. Of die ambitie zich ook daadwerkelijk vertaalt in concrete nieuwe modellen en structureel verbeterde kwaliteit, zal de komende jaren moeten blijken.

MXGP Duitsland en Letland: Broers Coenen delen dreun uit

0
Kopstart voor Lucas Coenen (5) voor Kay de Wolf (74) en Romain Febvre (1)

In de GP’s van Teutschenthal en Kegums behaalde de tweeling Lucas en Sacha Coenen een nagenoeg perfecte score. Doordat alle andere hoog geklasseerde rijders minimaal één slecht resultaat behaalden, gaan beiden nu ruim aan de leiding in hun klasse.

Een betere score had bijna niet gekund. Dat geldt voor zowel MXGP-rijder Lucas als MX2-rijder Sacha. In de Duitse en de Letse GP waren maximaal 120 punten te behalen (twee keer 10 in de kwalificatieraces en vier keer 25 in de manches). Lucas kwam tot een totaal van 118, Sacha noteerde er 112. Van de zestien manches in de MXGP heeft Lucas er nu al tien gewonnen; Sacha kwam zes keer als winnaar van een manche over de finish. Twee broers die op dezelfde dag een GP winnen is geen unicum, het is al eens eerder vertoond. In 2007 wonnen de Fransen Sébastien en Christophe Pourcel de Italiaanse GP in Faenza in respectievelijk de MX1 en de MX2. Lucas Coenen: “Geweldig. Ik zag dat Sacha beide races had gewonnen en wist dat het daarna mijn beurt was. Net als mijn broer alle races in een weekend winnen is geweldig. En nu gaan we komend weekend genieten in Amerika.” Sacha Coenen: “Dit is al mijn derde zege in Kegums. Ik hou van deze baan, die ligt me goed, al is het wel oppassen op sommige plaatsen. Goede starts zijn de sleutel tot succes. Laten we zo doorgaan.”

Stralende gezichten bij Lucas Coenen, teammanager Davide de Carli en Sacha Coenen na een grandioos weekend in Kegums

Beste uitslag De Wolf

Jeffrey Herlings zal met weinig plezier terugkijken op deze beide GP’s. Zowel in Duitsland als in Letland viel hij een keer uit. Herlings na Teutschenthal: “Hier ben ik niet blij mee. Ik wilde de druk erop houden in het kampioenschap, maar vandaag heb ik veel punten verspeeld. Deze baan is me de afgelopen jaren niet goed gezind geweest. Dan volgende week maar. Ik hou meer van Kegums dan van Teutschenthal.” Begrijpelijk, want Herlings zegevierde al negen keer in de Letse GP en raakte al eens zwaar geblesseerd in Teutschenthal. Maar ook in Kegums reed de pechduivel met hem mee. Na een derde plaats achter Coenen en De Wolf in de eerste manche reed hij in de tweede race tot iets na de helft van de wedstrijd op de tweede plaats achter Coenen met uitzicht op een mogelijke zege. Herlings: “Hier valt weinig over te zeggen. Het is moeilijk te accepteren als je voor de zege kunt gaan. Mijn rijden ging gelukkig goed.”

Van de rijders uit de top-tien boekte Kay de Wolf na Coenen het beste resultaat. Niet meer gehinderd door een pijnlijke duim laat De Wolf zien helemaal bij de top van de MXGP te horen. In de door regen geteisterde Duitse GP kwam De Wolf twee keer als vijfde over de finish, in Letland deed hij het nog aanzienlijk beter: tweede en derde. In de eerste manche was hij aanvankelijk vierde achter Coenen, Febvre en Herlings. Vrijwel meteen nadat Herlings Febvre van de tweede plaats verdrong, zette De Wolf de Fransman nog een plaats terug. Een ronde later passeerde hij Herlings, die er niet in slaagde zijn provinciegenoot terug te pakken. Door het wegvallen van Herlings en doordat hij Tim Gajser passeerde, schoof De Wolf in de tweede race in één ronde door van de vijfde naar de derde plaats. De Wolf: “Bij de start van de tweede race werd ik iets naar buiten gedrukt, waardoor ik rond de achtste plek aan de race moest beginnen. Ik maakte een paar foutjes, waardoor het niet de race werd waar ik op hoopte. Maar uiteindelijk is het een goed weekend voor mij, mijn tweede podium in de MXGP en mijn beste resultaat tot nu toe in deze klasse. Ik ben blij met de vooruitgang die ik boek.”

Het team van Ducati is gereduceerd tot twee rijders, want de Zwitser Jeremy Seewer (bezig aan een uitermate teleurstellend seizoen) heeft Ducati verlaten. Na Kegums bestaat het team van Louis Vosters voorlopig uitsluitend uit Calvin Vlaanderen, want Andrea Bonacorsi werd na een val in de kwalificatierace naar het ziekenhuis gebracht, waar hij ’s avonds nog werd geopereerd. Vlaanderen kwam tot slechts twee uitslagen. In Duitsland liet de motor het afweten en in Letland viel hij bij de start, waardoor de gaskabel brak.

Rick Elzinga liet de Franse GP schieten. Geruchten dat hij met Beta had gebroken bleken waar te zijn, want in Duitsland kwam hij aan de start op een motor van Van Venrooy KTM Racing. Hij scoorde in beide manches en pakte eenmaal punten in Letland.

Sacha Coenen kende een perfect weekend in Letland

Eerste zege Valin

De Nederlandse inbreng in de MX2 was al gereduceerd door de beenbreuk van Cas Valk tijdens de Dutch Masters in Markelo. Na afloop van de Franse GP bleek dat Scott Smulders ook geruime tijd zal zijn uitgeschakeld. Tijdens de wedstrijd in Lacapelle Marival kwam hij meteen na de start van de eerste manche ten val en werd vervolgens geraakt door andere rijders. Op dat moment zat de wedstrijd er voor hem op. Op de terugreis naar huis kreeg de 21-jarige rijder veel pijn in zijn buik. In plaats van naar huis te gaan, ging hij naar het ziekenhuis. Daar werden beschadigingen aan milt en nieren geconstateerd. Bovendien bleek de crosser uit het Brabantse Alphen een breuk in een hand én ook nog twee gebroken rugwervels te hebben. Op Instagram liet hij weten dat hem een lang herstelproces te wachten staat.

De beste Nederlander in de MX2, Kay Karssemaker

De beide resterende Nederlanders doen het goed. Kay Karssemakers zat in elk van de vier manches bij de eerste elf. Hij is nu de top-tien binnengekomen. Jens Walvoort is daar nog een behoorlijk eind van verwijderd na het missen van twee GP’s vanwege een blessure. Hij had bovendien de pech in de tweede manche in Duitsland uit te vallen.

In Duitsland behaalde Mathis Valin zijn eerste GP-zege, na in de beide GP’s daarvoor derde te zijn geworden. In Letland werd hij opnieuw derde. De Fransman bezet nu de zesde plaats, maar het verschil met de rijders voor hem is betrekkelijk gering. Simon Längenfelder viel uit in de tweede Letse race, maar werd nog wel als negentiende geklasseerd omdat er slechts negentien rijders van start waren gegaan. Dus toch nog twee punten, ondanks dat hij niet aan de finish kwam.

Mathis Valin staat al vier GP’s achter elkaar op het podium en behaalde in Duitsland zijn eerste GP-zege

UITSLAGEN

Teutschenthal

MXGP 

Kwalificatie: 1. Febvre; 2. Gajser; 3. L. Coenen; 4. Herlings; 5. Adamo; 6. Fernandez; 7. De Wolf; 8. Jonass; 9. Bonacorsi; 10. Forato.

1e manche: 1. L. Coenen; 2. Gajser; 3. Fernandez; 4. Renaux; 5. De Wolf; 6. Forato; 7. Adamo; 8. Jonass; 9. Van Doninck; 10. Van de Moosdijk; 11. Horgmo; 12. Koch; 13. Oliver; 14. Ludwig; 15. Elzinga; 16. Spies; 17. Febvre; 18. Brumann; 19. Pancar; 20. Geerts.

2e manche: 1. L. Coenen; 2. Herlings; 3. Adamo; 4. Febvre; 5. De Wolf; 6. Renaux; 7. Fernandez; 8. Horgmo; 9. Forato; 10. Bonacorsi; 11. Pancar; 12. Jonass; 13. Oliver; 14. Geerts; 15. Vlaanderen; 16. Elzinga; 17. Koch; 18. Ludwig; 19. Gajser; 20. Spies.

GP: 1. L. Coenen; 2. Adamo; 3. Fernandez.

MX2

Kwalificatie: 1. McLellan; 2. J. Reisulis; 3. Everts; 4. Farres; 5. Valin; 6. S. Coenen; 7. Lata; 8. Längenfelder; 9. Mikula; 10. K. Reisulis.

1e manche: 1. S. Coenen; 2. Valin; 3. McLellan; 4. J. Reisulis; 5. Lata; 6. Farres; 7. Everts; 8. Längenfelder; 9. Mikula; 10. K. Reisulis; 11. Karssemakers; 12. Grau; 13. Walvoort; 14. Zanocz; 15. Zanchi; 16. Gundersen; 17. Mustoe; 18. Kees; 19. Gaspari; 20. Bennati.

2e manche: 1. Valin; 2. S. Coenen; 3. Längenfelder; 4. Farres; 5. J. Reisulis; 6. McLellan; 7. Everts; 8. Lata; 9. Karssemakers; 10. Zanocz; 11. Grau; 12. K. Reisulis; 13. Zanchi; 14. Kees; 15. Rossi; 16. Gundersen; 17. Krug; 18. Mustoe; 19. Schudel; 20. Rathousky.

GP: 1. Valin; 2. S. Coenen; 3. McLellan.

KEGUMS

MXGP

Kwalificatie: 1. L. Coenen; 2. Herlings; 3. De Wolf; 4. Febvre; 5. Fernandez; 6. Jonass; 7. Gajser; 8. Oliver; 9. Adamo; 10. Vlaanderen.

1e manche: 1. L. Coenen; 2. De Wolf; 3. Herlings; 4. Febvre; 5. Gajser; 6. Fernandez; 7. Jonass; 8. Adamo; 9. Oliver; 10. Vlaanderen; 11. Renaux; 12. Horgmo; 13. Pancar; 14. Van Doninck; 15. Spies; 16. Watson; 17. Talviku; 18. Geerts; 19. Haavisto; 20. Forato.

2e manche: 1. L. Coenen; 2. Febvre; 3. De Wolf; 4. Gajser; 5. Jonass; 6. Adamo; 7. Pancar; 8. Talviku; 9. Horgmo; 10. Geerts; 11. Fernandez; 12. Spies; 13. Forato; 14. Watson; 15. Elzinga; 16. Brumann; 17. Kokins; 18. Haavisto; 19. Kahro; 20. Olsson.

GP: 1. L. Coenen; 2. De Wolf; 3. Febvre.

WK-stand na 8 GP’s: 1. Lucas Coenen (B), KTM, 404; 2. Jeffrey Herlings, Honda, 342; 3. Romain Febvre (F), Kawasaki, 310; 4. Tim Gajser (SLO), Yamaha, 294; 5. Kay de Wolf, Husqvarna, 273; 6. Maxime Renaux (F), Yamaha, 261; 7. Ruben Fernandez (E), Honda, 247; 8. Andrea Adamo (I), KTM, 241; 9. Tom Vialle (F), Honda, 219; 10. Pauls Jonass (LV), Kawasaki, 175; 12. Calvin Vlaanderen, Ducati, 144; 20. Roan van de Moosdijk, KTM, 50; 27. Rick Elzinga, KTM, 17; 38. Lars van Berkel, Fantic, 3.

MX2

Kwalificatie: 1. S. Coenen; 2. Lata; 3. Längenfelder; 4. Valin; 5. McLellan; 6. Everts; 7. J. Reisulis; 8. Farres; 9. Karssemakers; 10. Walvoort.

1e manche: 1. S. Coenen; 2. Valin; 3. McLellan; 4. Farres; 5. Längenfelder; 6. K. Reisulis; 7. Everts; 8. J. Reisulis; 9. Walvoort; 10. Karssemakers; 11. Grau; 12. Zanocz; 13. Korsbeck; 14. Forsgren; 15. Rossi; 16. Zanchi; 17. Traversini; 18. Bicalho; 19. Lata; 20. Gundersen.

2e manche: 1. S. Coenen; 2. McLellan; 3. K. Reisulis; 4. Farres; 5. Lata; 6. Valin; 7. Everts; 8. Zanchi; 9. Karssemakers; 10. J. Reisulis; 11. Grau; 12. Walvoort; 13. Zanocz; 14. Forsgren; 15. Korsbeck; 16. Rossi; 17. Bicalho; 18. Traversini; 19. Längenfelder.

GP: 1. S. Coenen; 2. McLellan; 3. Valin.

WK-stand na 8 GP’s: 1. Sacha Coenen (B), KTM, 380; 2. Simon Längenfelder (D), KTM, 343; 3. Guillem Farres (E), Triumph, 340; 4. Camden McLellan (SA), Triumph, 326; 5. Liam Everts (B), Husqvarna, 314; 6. Mathis Valin (F), 308; 7. Janis Reisulis (LV), Yamaha, 280; 8. Karlis Reisulis (LV), Yamaha, 223; 9. Valerio Lata (I), Honda, 216; 10. Kay Karssemakers, Kawasaki, 161; 14. Jens Walvoort, KTM, 90; 15. Cas Valk, TM, 87; 17. Scott Smulders, Husqvarna, 57; 28. Gyan Doensen, KTM, 12; 43. Lotte van Drunen, Yamaha, 7.

Herman Brusselmans: ‘Zou een Goldwing niet iets voor mij zijn?’

0
Column_Herman_Brusselmans_2023

Ik liep over het enorme terrein genaamd ‘Het Arsenaal’ in Gentbrugge, waarop het Oost-Vlaamse Motortreffen plaatsvond. Uiteraard liep ik eerst naar de stand van Triumph, waar ik hartelijk begroet werd door de bazen van de Triumph-topverdeler BMC, Suus en Daniël. Suus vroeg hoe het met mijn vriendin en onze zoon ging. ‘Beiden in uitstekende gezondheid, Suus,’ zei ik, ‘en m’n zoon kan al zelf z’n kleren aantrekken. M’n vriendin laat dan weer het uittrekken van haar kleren vaak aan mij over.’ Suus moest erg lachen om deze plaisanterie, en ik zei dat ik een kijkje ging wagen op de rest van het gebeuren. ‘Geen andere motor dan een Triumph kopen hoor!’ zei Suus. ‘Ik zou niet durven,’ zei ik Algauw kwam ik tijdens m’n wandeling aan bij de Honda-stand. Zou een Goldwing niet iets voor mij zijn? Op deze gigantische motor raak je ongetwijfeld heel je familie kwijt: ik op de bestuurdersplek, m’n vriendin met onze zoon op schoot op de plek van de passagier, en onze hond op de benzinetank, vastgegespt met enige riemen. Maar ja, ten eerste is een Goldwing geen Triumph, en ten tweede is hij veel te duur voor een armlastige auteur van boeken die al jaren voor geen meter meer verkopen. Ik hield ook even halt bij de Kawasaki-stand, de Suzuki-stand, de Yamaha-stand, de Harley-Davidson-stand, de Ducati-stand, en noem maar op. Eveneens gaf ik m’n ogen de kost op de stand van QJMotor, een Chinees merk dat samenwerkt met MV Agusta. De CEO van QJ was overgekomen uit China, om z’n merk mede te promoten. ‘Lukt het een beetje?’ vroeg ik hem in het Nederlands, want hij is half Chinees, half Hollands, omdat z’n moeder afkomstig is uit Zaandam. ‘Ja hoor,’ zei hij, ‘we hebben vandaag al 32 QJ’s verkocht.

Herman Brusselmans: ‘Nadat we vertrokken waren viel het me op dat Kees een beroerde motorrijder is’

Mag ik je trouwens voorstellen aan m’n moedertje?’ Inderdaad was er een bejaarde vrouw aanwezig, die tegen me zei: ‘Aangenaam kennisgemaakt, meneer Brusselmans, ik lees al je boeken. Ze zijn de beste boeken ter wereld. Zo’n schrijver als jij hebben ze niet in China, behalve misschien Pi Jong, maar die zit al achtentwintig jaar in de gevangenis, en het ongemerkt naar buiten smokkelen van z’n manuscripten mislukt altijd. Ben je ooit al in Zaandam geweest?’ ‘Jazeker,’ zei ik, ‘al drie keer, telkens voor een literaire lezing. Dan bezoek ik eerst de stad, en wat me opvalt is dat ik heel graag een tweede woning in Zaandam zou willen kopen, om er de zomers in door te brengen, zodat ik des winters in Gent kan blijven.’ ‘Een goed plan,’ zei ze, ‘en ik wil je graag…’, maar haar zoon onderbrak haar, en zei: ‘Hou nu maar op met je gebazel, moeder,’ ik probeer een motor aan meneer Brusselmans te verkopen.’ ‘Ik moet zeggen,’ zei ik, ‘dat ik de motoren van QJ erg mooi vind, en als ik niet met handen en voeten gebonden was aan Triumph, zou ik de aanschaf van een QJ zeker overwegen.’ ‘Je kunt hem toch als tweede motor kopen?’ zei hij. ‘Ik heb in m’n garage geen plaats voor een tweede motor,’ zei ik, ‘ze staat al vol met m’n Speed Twin Breitling, de elektrische fietsen van m’n vriendin en mij, de wasmachine en de droger, en, twee hoge stapels met m’n Playboy’s die ik verzamel sinds 1979. Maar nu moet ik heengaan. Nog veel succes.’ Ik nam afscheid, verliet Het Arsenaal, en reed op de Breitling naar huis. Je mag over Chinezen zeggen wat je wil, maar dikwijls hebben ze een leuk moedertje.

MOTO73 #11 – 2026

0