Er zijn zonet nieuwe patenttekeningen opgedoken rond een elektrische sportmotor waaraan CFMoto zou werken. Het gaat duidelijk (nog) niet om een volledige specs, maar in de documenten zien we wel hoe de Chinezen een sportieve EV-motorfiets zouden kunnen opbouwen. De accu, het frame en de aandrijflijn lijken alvast dicht bij productierijpheid te staan…
Motor opvallend ver naar achter
Een opvallend punt is de plek van de elektromotor: die zit ver naar achteren, achter het scharnierpunt van de swingarm. Om dat passend te maken, loopt de swingarm zelf met een duidelijke boog over de motor heen, zodat de totale breedte beperkt kan blijven. Waarom dat handig kan zijn? Door de aandrijving niet voorin de zone te proppen waar je bij een ICE het blok vindt, komt er centraal meer ruimte vrij voor accucapaciteit en packaging. Dat is precies waar een sportieve EV vaak tegenaan loopt: je wil genoeg batterij kwijt, zonder dat alles meteen groot en zwaar wordt.
In de tekeningen zien we duidelijk dat het accupakket een dragende rol zal spelen. Zowel het voorste deel van het frame, als de swingarm en achterophanging lijken op de batterij gebout, die bijdraagt aan de stijfheid van het geheel. Net zoals we dat recent zagen bij Honda’s WN7. Dat is een logische denkwijze bij EV-motorfietsen: als je toch een groot en stug blok in het midden hebt, kun je dat onderdeel ook structureel laten meewerken. Mee-werken, als in: CFMoto heeft ook aan beide zijden van de accu stukken trellisframe voorzien om de stijfheid te optimaliseren.
Warmte
Bij elektrische motorfietsen is thermisch management een groot thema, zeker als je performance wilt herhalen (meerdere acceleraties, langere tempo’s). In de berichtgeving rond deze CFMoto-tekeningen wordt daarom ook gewezen op de mogelijke warmte-afvoer via het frame en de manier waarop accu en elektronica in het chassis “ingepakt” zijn. Dat soort keuzes zie je niet altijd op een persfoto, maar ze bepalen wel hoe consistent zo’n EV zich gedraagt.
450SS
Het getrainde oog heeft al gemerkt dat zowel de kettingaandrijving (bijzonder detail), de wielen, remmen en de voorvork behoorlijke sterke overeenkomsten vertonen met de CFMoto 450SR(-S). Geen toeval, vermoeden we. Als we even een gokje moeten wagen, zouden we durven stellen dat CFMoto mikt op een middenklasse elektrische sportmotor met vergelijkbare prestaties als z’n ICE-versie(s). Ruwweg 46 pk voor ongeveer 168 kg, dus. Uiteraard zijn patenttekeningen verre van een bevestiging dat de motor binnenkort in de showroom staat. Maar onze nieuwsgierigheid is alvast gewekt…
Het zuiden van Zweden heeft echt een imagoprobleem. Veel motorrijders zweren dat het landschap saai en eentonig is, vooral als je het vergelijkt met het ruige Noorwegen. Maar de Zweden zijn vastberaden om dat vooroordeel de wereld uit te helpen, en de foto’s op de website van het Zweeds verkeersbureau doen je watertanden. Wij gingen op ontdekkingstocht in dit ondergewaardeerde deel van Scandinavië, met zijn prachtige natuur, typische rode huizen en… getunede Volvo’s.
Ik ben altijd al gefascineerd geweest door Scandinavië en keer op keer ben ik weer onder de indruk van de uitgestrektheid en schitterende natuur. Deze keer neem ik drie motoren – en rijders – mee naar het noorden. Gezien de afstand van 1.100 km naar Landskrona – het startpunt van onze trip – besloot ik een trailer te huren. Het weer was onvoorspelbaar, en we wilden niet drijfnat aan deze tocht beginnen.
‘Zijn ze kapot?’ vraagt de Deense grenswachter, wijzend naar de drie fonkelnieuwe motoren op de aanhanger. Als ik ontkennend antwoord geef, laat hij ons met een meewarige blik doorgaan. ‘Pussies,’ hoor ik hem mompelen. Tja, ik kan hem moeilijk ongelijk geven. In Denemarken moeten we drie bruggen oversteken om in Malmö te komen. Een dure aangelegenheid: de Storebæltsbroen kost ons al 47 euro, en voor de Öresundsbron, die de grens met Zweden vormt, moeten we 130 euro neertellen voor een enkele rit, inclusief aanhangwagen. Maar goed, er zijn meer vakantielanden die op een of andere manier een centje verdienen aan de landreiziger. En je krijgt de kans om over twee indrukwekkende bouwwerken te rijden. Ook aan de Zweedse grens worden we weer aan de kant gezet door de grenswacht. De blonde inspectrice is duidelijk onder de indruk van het mooie spul op onze trailer.
1 van 8
Stuga aan zee
Zweden is een gigantisch land dat je onmogelijk in een paar dagen kunt bereizen, dus focussen we ons op het zuiden. Onze eerste stop is Landskrona, net boven Malmö. Zweden heeft niet veel grote steden, maar ik probeer ze altijd te vermijden tijdens motortrips. Voor onze overnachtingen vertrouwen we op de SCR, de Zweedse campingbond. Op hun website vind je meer dan driehonderd kampeerlocaties verspreid over het land. Je kunt het aanbod eenvoudig filteren op je voorkeuren. De campings bieden meestal de keuze uit kampeerplekken of chaletachtige huisjes, de stuga’s. Die leken me ideaal voor onze vijf overnachtingen, omdat we dan geen campingspullen mee hoeven te nemen. Na aankomst in onze eerste stuga, aan zee, tel ik vooral de uren af tot de volgende ochtend. Ik voel een onweerstaanbare drang om de eerste etappe af te trappen.
De volgende ochtend miezert het, maar de eerste koffie (fika in het Zweeds, een omdraaiing van kaffi) doet wonderen. De Yamaha Tracer 9 GT, de Ducati Multistrada V2 S en de Honda NT1100 zijn onze tweewielers van dienst. Het bosrijke land nodigt uit om het onverharde op te zoeken, maar dat kunnen we met deze motoren beter vergeten. De route gaat volledig over asfalt, want er zijn weinig motoren die zo geschikt zijn voor deze ondergrond als onze drie speelkameraden.
De kust in het uiterste zuiden van Zweden is bezaaid met vlakke landbouwvelden, niet meteen onze favoriete omgeving. Hoewel de velden mooi in bloei staan, willen we zo snel mogelijk richting de onbewoonde wereld. Eerst rijden we een uur over de snelweg naar het noorden, waarna we verder noordwaarts trekken over N-wegen die parallel aan de kust lopen. We kopen ontbijtkoek bij een supermarkt en installeren ons op een bankje voor de winkel. Het is een komen en gaan van lokale pubers. Opvallend hoe de TikTok-jeugd overal ter wereld er hetzelfde uitziet. Die uniformiteit wordt doorbroken door de verschijning van een grijze, oudere heer, die ons uitgebreid vertelt over de ooit bloeiende luciferindustrie in Jönköping en hoe die jammerlijk in verval is geraakt.
Na dit boeiende college wijst de kust ons verder de weg en slaan we rechtsaf richting het beboste binnenland. De huizen worden schaarser, net als het verkeer. Landbouwgrond maakt plaats voor dichte bossen, en we rijden rakelings langs de eerste meren, die de bochten van de wegen bepalen. Even later duikt ook een verkeersbord op dat waarschuwt voor overstekende elanden; het nationale symbool is net niet heilig. Een aanrijding met een koe in India zit nog steeds in mijn achterhoofd. Daarom neem ik de nodige voorzorgsmaatregelen en beperk de snelheid. Niet veel later bereiken we onze tweede stuga, die in de buurt van Kinna aan een meer ligt.
De volgende ochtend komen we voorbij een authentieke oude houtzagerij in de typische rode kleur. Het museum is gratis toegankelijk en er is geen toezicht. Hier hebben ze nog vertrouwen in de mensheid! In de grote schuur kun je allerlei oude houtbewerkingstechnieken bewonderen. Aan de zijkant van het gebouw wordt de kracht van de rivier benut om via een schoepenrad de machines aan te drijven en het hout te transporteren. Groene techniek avant la lettre… Aan de voorkant van het gebouw liggen enkele boomstammen klaar om bewerkt te worden. Deze plek met zijn primitieve werktuigen straalt een enorme rust uit, en de lekkere geur van het hout doet ons wegdromen.
De donkergroene vlek op de gps waar we op afrijden, voorspelt veel goeds. Straks duiken we nog dieper de wouden in. De nieuwsgierige ree die we tegenkomen, is een eerste voorbode. Naarmate de kustlijn verder achter ons ligt, zien we ook steeds meer meren. Bij een rode vissershut met uitzicht op het meer ploffen we neer op de steiger met enkele snacks als ontbijt. We kijken naar het onderwaterleven, terwijl de zon in het water glinstert. We worden er stil van. En ook een beetje jaloers op de bewoners van de pittoreske huisjes aan de oever, tussen het riet. Wat een rust en natuurpracht hier, en wat een contrast met de Randstad…
Volgens het credo van spontane ontdekkingen draaien we wat later onze steven als we een bordje zien dat een manege aankondigt. De gravelweg stelt de straatmotoren danig op de proef. De gps geeft aan dat we elk moment een weg kunnen kruisen, maar tien minuten later loopt het pad dood. Op de terugweg komen we enkele kolossale machines tegen die bomen uit de grond trekken alsof het stekjes zijn. Boys will be boys, dus we stoppen even om te kijken naar het zoveelste bewijs dat de houtindustrie hier een belangrijke rol speelt. We zetten onze weg voort over asfalt van de hoogste kwaliteit en rijden kilometerslang zonder ander verkeer tegen te komen. De Zweedse natuur toont zich in al haar facetten en de lange, overzichtelijke bochten boosten het vertrouwen, met drie comfortabele motoren onder de kont.
Mobiele grill
De middag nadert en in de supermarkt kopen we barbecuevlees. We hebben een mobiele grill van Skotti bij ons – die is zo compact dat-ie zelfs in de koffers van de Ducati past – en willen die maar wat graag testen. Bij het eerstvolgende meer schuiven we de platen van de grill in elkaar en draaien de gasfles open. Het vlees wordt vliegensvlug heet en vijf minuten later snijden we het aan. We beleven weer zo’n moment waarop alles klopt en het leven even perfect is. Niet veel later nemen we de gratis veerboot naar een schiereiland in een meer. De dichte bossen blijven ondertussen achter ons en maken plaats voor een landelijker omgeving. De woningen die uitkijken over de velden lijken wel poppenhuisjes. De uit lokaal hout opgetrokken huisjes zijn in het bekende falunrood geschilderd en verkeren bijna allemaal in perfecte staat. De naam van deze verf komt van de vroegere kopermijnen bij de Zweedse stad Falun, waar het rode pigment werd gewonnen uit afvalerts. Het was toen een goedkope manier om het onbewerkte hout te beschermen en het is nog steeds de meest gebruikte kleur voor Zweedse huizen. Verderop stoppen we in Växjö, een klein stadje aan een meer – hoe kan het ook anders – waar onze derde stuga is gelegen. Växjö wordt beschouwd als een van de groenste steden van Europa. Tja, hoe moeilijk kan het zijn, denk je dan, in zo’n uitgestrekt land met zoveel natuur, midden in de bossen?
Gestripte Volvo’s
Na Växjö trekken we zuidwaarts richting Nationaal Park Åsnen, bekend om zijn talloze meren en moerassen. Op de weg blijven is een aanrader. Omdat morgen de nationale feestdag is, komen we deze keer wel verkeer tegen. De Zweedse mentaliteit wordt goed weerspiegeld in het nationale automerk Volvo, bedenk ik me: bescheiden degelijkheid. De jeugd rebelleert hiertegen door oude Volvo’s te strippen en ze zo van hun waardigheid te ontdoen. We komen meerdere hilarische getunede Volvo’s tegen, met neonverlichting en altijd in een schreeuwerige kleur. Soms halen de jongeren het dak eraf om er een soort Amerikaanse pick-up van te maken. Ze schrapen over de grond met hun veel te grote chromen velgen, terwijl muziek uit de ingebouwde speakers knalt. Meestal staat er een gigantische gevarendriehoek op de achterkant. Zestienjarigen mogen ermee de weg op, want deze auto’s gaan niet harder dan 25 km/u.
Naast deze creaties zien we opvallend veel Harley-Davidsons. Er blijkt een grote meeting te zijn op het eiland Öland aan de oostkust van Zweden. Bij een tankstation ergens in de bossen komen we een groepje rijders tegen, en dat levert een fraai contrast op: wij in onze textielpakjes en airbagvesten met onze drie ‘rationele’ motoren, tegenover de schaars geklede, getatoeëerde Harley-minnaars op hun afgeleefde maar karaktervolle motoren. We kijken naar elkaar en denken hetzelfde. De omgeving voelt overigens best Amerikaans aan, net als de personages die voor ons staan. Even verderop stuiten we op de stad Kalmar, waar de verbinding naar het eiland Öland is. We hebben helaas geen tijd om het te bezichtigen, maar we houden even halt bij het kasteel Kalmar slott, waarvan de geschiedenis teruggaat tot 1180. Het is een van de best bewaarde kastelen in renaissancestijl van Noord-Europa. Aan de overkant hebben we een leuk terrasje waar we nog maar eens een lekker hapje eten. We verlaten de kustweg even om in het gezellige dorp Kristianopel te kijken, waarna we via een boog in Karlskrona eindigen. Deze stad is verdeeld over verschillende eilanden en op één ervan ligt onze camping – weer kamperen aan het water! We rijden door de stad bij zonsondergang en genieten van het zicht op de gekleurde huizen, die op verschillende hoogtes aan het water liggen. Kan het nog beter worden dan dit?
Absolute aanrader
De laatste dag besluit de zon vroegtijdig afscheid te nemen. We mogen niet klagen, want we hebben uitstekend weer gehad en het grijze plaatje past evengoed bij het landschap. We rijden onze laatste kilometers door bossen en langs meren tot we opnieuw Landskrona bereiken, om de motoren terug op de trailer te laden.
Ik kwam met weinig verwachtingen naar Zuid-Zweden. Het heeft nu eenmaal de reputatie weinig spannend en landschappelijk eentonig te zijn. Natuurlijk, je vindt er niet de ruigheid van Noorwegen of de Alpen, maar op zijn manier is het een heerlijke plek om motor te rijden. Er is amper verkeer, de wegen zijn uitstekend en de natuur is altijd aan je zijde. De inwoners zijn vriendelijk en stralen, net als de natuur, een aangename rust uit. Bovendien spreken Zweden perfect Engels en kun je overal elektronisch betalen (dus geen gedoe met Zweedse kronen). Het prijspeil is trouwens vergelijkbaar met dat van Nederland, alcohol buiten beschouwing gelaten. Via de website van de SCR kun je op voorhand een route uitstippelen met overnachtingen op unieke locaties, tegen behapbare prijzen. Zweden zet er duidelijk op in om meer toeristen te trekken, en terecht. Gelukkig is het land uitgestrekt genoeg, zodat je nergens de overrompeling ervaart die sommige Alpenpassen wat minder aangenaam maken. Het solitaire gevoel op die bochtige wegen door de bossen is gewoon heerlijk. Kies een meer uit om te stoppen en je kunt er zeker van zijn dat je er helemaal alleen bent. Plan zeker voldoende kilometers, want je rijdt altijd vlot door: er is weinig verkeer, amper verkeerslichten en overal ruime wegen zonder krappe bochten. Een absolute aanrader.
De Ducati Panigale V4 heeft er in 2025 een designprijs bij: de Good Design Award. Het gaat om een internationale award die producten bekroont op vormgeving. En of die trofee terecht is… Mamma mia!
Drie prijzen in 2025
De Good Design Award bestaat al sinds 1950 en wordt ondersteund door Chicago Athenaeum: Museum of Architecture and Design en het European Centre for Architecture Art Design and Urban Studies. De prijs kijkt breed naar productdesign, dus niet alleen naar motoren. Wat het winnen van de prijs des te indrukwekkender maakt. De Good Design Award komt niet alleen: in 2025 werden ook de iF Design Award en de Red Dot Design Award aan de Panigale V4 gelinkt. Dat betekent vooral dat meerdere jury’s het ontwerp opvallend sterk vinden, elk met hun eigen criteria. En wie zijn wij om die vakjury’s tegen te spreken?
Bij Ducati’s zevende generatie Panigale V4 ligt de focus – net zoals bij de voorgangers – op één idee: design en aerodynamica moeten samen kloppen. Volgens Ducati komt het design voort uit een moderne interpretatie van de 916, gemixt met de racing-DNA die het merk opbouwde in het Superbike World Championship. Dus: herkenbaar Ducati, maar met de huidige techniek en oplossingen.
Precisievisie
In een reactie bij de toekenning benadrukte Andrea Ferraresi, directeur Strategy en Centro Stile, dat het ontwerp van de Panigale V4 voortkomt uit een “precisievisie” waarin design en performance samen worden ontwikkeld. In neutralere termen: Ducati ziet de prijs als bevestiging dat de gekozen vormtaal aansluit bij de technische intenties van het model, en dat de motorfiets in stilistische zin direct herkenbaar is als Ducati-product.
De 40ste editie van MOTORbeurs Utrecht startte vanochtend vol energie. Tijdens de opening werd bekendgemaakt dat het RIDERS Festival – wat dit jaar in mei zijn 8e jaar beleeft – vanaf nu officieel verder gaat onder de naam “RIDERS Festival – Powered by MOTORbeurs Utrecht”. Koninklijke Jaarbeurs, All Brands United en Motor.NL Media Company slaan hiervoor de handen ineen om het RIDERS Festival verder te versterken en uit te bouwen. Deze drie partijen ondertekenden een intentieverklaring waarin hun gezamenlijke ambities en langetermijnvisie voor het evenement worden bevestigd.
Samen verder bouwen aan meer verbinding met motorrijders
Met de ondertekening van de intentieverklaring spreken de partijen uit dat ze samen willen investeren in de toekomst van het RIDERS Festival. Niet in de vorm van vaste verplichtingen, maar als gedeelde ambitie om het evenement sterker, groter en aantrekkelijker te maken voor iedereen die van motorrijden houdt. MOTORbeurs Utrecht en Motor.NL Media Company slaan de handen ineen om het evenement in 2026 met elkaar te organiseren. Alles gebeurt in goed overleg met All Brands United waarvan deelname essentieel blijft voor de verdere ontwikkeling van het evenement. RAI Vereniging en haar sectie motoren leden delen die ambitie en willen onder de vlag van het All Brands United collectief blijven deelnemen aan deze samenwerking.
“Deze samenwerking betekent een enorme stap vooruit voor de hele motorcommunity,” zegt Nick Glättli, algemeen directeur van Motor.NL Media Company. “Het RIDERS Festival heeft de afgelopen jaren laten zien hoeveel energie en passie er onder motorrijders leeft en door onze krachten te bundelen met Jaarbeurs en All Brands United ontstaat een unieke kans om het RIDERS Festival verder uit te bouwen tot een evenement dat nog meer verrast, verbindt en inspireert. We gaan in 2026 voor een editie die de lat opnieuw hoger legt met focus op groei in de jaren erna.”
V.l.n.R. Tom Crooijmans, voorzitter RAI Vereniging sectie Motoren, beursmanager Rachel Jankowsky van MOTORbeurs Utrecht en Nick Glättli, algemeen directeur van Motor.NL Media Company | Fotograaf: MichielTon.com
Beleving, verbinding en groei voor de hele motorcommunity
De nieuwe samenwerking past volgens beursmanager Rachel Jankowsky naadloos bij wat MOTORbeurs Utrecht al veertig edities drijft: een hechte community bouwen rondom pure motorpassie. “Voor ons is dit een prachtige stap. MOTORbeurs Utrecht is al veertig jaar hét begin van het motorseizoen. Met deze samenwerking verbinden we de kracht van All Brands United, Jaarbeurs en Motor.NL Media Company aan het RIDERS Festival. Dat betekent meer beleving, meer merken en een nog sterkere community. We gaan het evenement écht naar een volgend niveau tillen en dat doen we samen.” Volgens Jankowsky vormt MOTORbeurs Utrecht het vertrouwde startpunt van het jaar, terwijl het RIDERS Festival zich ontwikkelt tot het logische vervolg in het voorjaar. Een plek waar motorrijders elkaar opnieuw ontmoeten voor shows, actie, muziek en waar beleving en proefrijden centraal staan.
RIDERS Festival – Powered by MOTORbeurs Utrecht – klaar voor de volgende stap
De komende maanden werken de drie partijen verder aan de inhoud, branding en nieuwe belevingselementen. De rol van All Brands United wordt daarbij cruciaal: de collectieve kracht van de importeurs moet het evenement nog herkenbaarder en aantrekkelijker maken voor bezoekers én de motorbranche. In de aanloop naar het evenement op 30 en 31 mei 2026 wordt aanvullende informatie bekendgemaakt over deelnemende merken, programma-onderdelen en nieuwe activaties. De kaartverkoop is inmiddels gestart.
Leon Kramer snoept een puntje weg bij de Tsjech Lukas Hutla. Foto: Good Shoot / David Reygondaeu
Leon Kramer mag dit seizoen debuteren in de GP-ronden van het WK ijsspeedway. De in Zweden woonachtige Fries eindigde tijdens de kwalificatiewedstrijd in het Zweedse Örnsköldsvik als vijfde.
De 22-jarige Kramer zet grote stappen in de wereld van het ijsspeedway. De uit Oldeholtpade afkomstige rijder is bezig aan pas zijn derde volledige seizoen. In zijn heats noteerde Kramer één overwinning, twee tweede plaatsen en twee derde plaatsen, goed voor de vijfde positie in het eindklassement. Een plaats bij de eerste acht was voldoende voor kwalificatie.
De tweede Nederlander in het startveld, Sebastian Reitsma, greep net naast een startbewijs. Reitsma moest aantreden met een pijnlijke schouder, een blessure die hij opliep bij een crash in de Zweedse competitie. In zijn eerste heat werd hij bovendien geplaagd door koppelingsproblemen, waardoor hij zijn machine voortijdig aan de kant moest zetten. Met slechts twee punten uit drie races leek kwalificatie halverwege de wedstrijd vrijwel uitgesloten, maar de tiener uit Westhoek wist in zijn laatste twee heats alsnog vijf punten te verzamelen.
Daarmee eindigde Reitsma als negende, net aan de verkeerde kant van de streep. Met zijn optreden overtuigde hij wel de mondiale motorsportbond, want Reitsma kreeg één van de twee beschikbare wildcards voor de GP-ronden toegewezen. Jasper Iwema was op basis van zijn vierde plaats van vorig seizoen al zeker van een GP-start.
Het wereldkampioenschap ijsspeedway wordt op 11 april beslist in Thialf in Heerenveen. Een dag later staat daar ook de Ice Speedway of Nations op het programma, het wereldkampioenschap voor landenteams. Met Iwema, Kramer en Reitsma is Nederland daar niet kansloos voor eremetaal.
Uitslag
Plaats
Coureur
Land
1
Franz Zorn
Oostenrijk (OOS)
2
Aki Ala-Riiihmäki
Finland (FIN)
3
Hans Weber
Duitsland (D)
4
Filip Jäger
Zweden (SWE)
5
Leon Kramer
6
Lukas Hutla
Tjechië (TSJ)
7
Max Niedermaier
Duitsland (D)
8
Luca Bauer
Duitsland (D)
9
Sebastian Reitsma
10
Ove Ledström
Zweden (SWE)
Leon Kramer snoept een puntje weg bij de Tsjech Lukas Hutla. Foto: Good Shoot / David Reygondaeu
Van 16 tot 23 mei organiseert Hotel Lory in Molveno het arrangement “Dolomites Next Level”. Deze week combineert het ultieme motoravontuur met ontspanning in de indrukwekkende Dolomieten.
Deelnemers verblijven zeven nachten in een kamer met balkon, inclusief halfpension. Elke dag start met een ontbijtbuffet en sluit af met een driegangendiner. Overdag wacht een mooi programma met een bochten- en bergtraining onder begeleiding van gecertificeerde KNMV-instructeurs, bedoeld om rijtechnieken te verfijnen en vertrouwen te vergroten op bergwegen. We rijden waanzinnige motorroutes.
Daarnaast krijgen gasten een voucher voor een workshop motoronderhoud bij Lucy van Geratel in Schijndel, en kunnen ze deelnemen aan een navigatiecursus van MyRouteApp, verzorgd door Johan Baars en Hans van der Ven. Verder staat er een begeleide excursiedag op de motor gepland en wordt de week feestelijk afgesloten met een barbecue.
De prijs is €750,- per persoon (o.b.v. 2-persoonskamer), maar je kunt zelfs al deelnemen vanaf €600,- per persoon, afhankelijk van kamertype. Alleenreizenden zijn welkom; er is plaats op indeling.
Wij staan de komende vier dagen samen op MOTORbeurs Utrecht in hal 7.
Niet alleen onze stand is de moeite waard om te bezoeken. Motorliefhebbers kunnen zich klaarmaken voor een vierdaags spektakel vol adrenaline en schitterende motoren. Ontdek de nieuwste modellen van topmerken, verken een breed scala aan occasions, en laat je inspireren door stijlvolle kleding en accessoires voor je volgende motoravontuur.
De Koninklijke Jaarbeurs en RAI Vereniging presenteren tijdens de 40ste MOTORbeurs Utrecht ‘All Brands United’. Voor de derde keer komen motormerken gezamenlijk naar voren. Tom Crooijmans, voorzitter van de RAI Vereniging sectie Motoren, is verheugd over de samenwerking van de aangesloten merken tijdens de beurs van 19 tot 22 februari 2026. Hij verwacht een recordaantal bezoekers en benadrukt de positieve trend door gezamenlijke inspanningen. Lees hier het hele programma.
Tot en met zondag 22 februari staat ons team voor je klaar! Kom je gezellig langs in hal 7?
Op 14 februari 2026 was het moment eindelijk daar: Hans van Wijk Motoren knalde de deuren open van hun splinternieuwe showroom. Iedereen herinnert zich nog die rampzalige brand in april 2025, toen de volledige motorzaak in vlammen opging. Een mokerslag – maar ze lieten zich niet breken. Integendeel.
De afgelopen maanden hebben ze keihard gewerkt om sterker terug te komen dan ooit. En nu is het zover: de fonkelnieuwe showroom, recht tegenover het oude pand, staat klaar om de toekomst tegemoet te rijden.
De komende dagen draaien helemaal om de Hans van Wijk Motorbeurs in Zoetermeer, die loopt van donderdag 19 tot en met zondag 22 februari 2026. Check alle details op www.hansvanwijk.nl.
Vanaf 2027 raast de MotoGP dwars door het hart van Adelaide. Ja, echt! De Australische Grand Prix verhuist officieel van het schitterende Phillip Island naar het Adelaide Street Circuit — een primeur die de motorsportgeschiedenis herschrijft. Het contract loopt zes jaar, tot 2032, en markeert voor het eerst dat MotoGP zijn strijdtoneel midden in een stadscentrum opbouwt. Over veiligheid hoeven we ons volgens het persbericht geen zorgen te maken, maar wij zijn toch heel benieuwd hoe de organisatie dat precies voor zich ziet.
Het vernieuwde circuit van 4,195 kilometer en 18 bochten werd gepresenteerd door Carlos Ezpeleta en premier Peter Malinauskas. In november 2027 staan de eerste MotoGP-motoren aan de start, klaar om met meer dan 340 km/u over het asfalt te jagen. Het ontwerp is geïnspireerd op het Adelaide Street Circuit waar ooit Formule 1-giganten vochten, maar wordt nu dus aangepast aan de eisen van moderne motorsportveiligheid.
Wereldtoneel
Ezpeleta vat het als volgt samen: “Adelaide is klaar om een nieuw tijdperk van MotoGP te ontketenen. We brengen de fans letterlijk tot aan de rand van de actie.” Premier Malinauskas doet er nog een schep bovenop: “Een megawinst voor Zuid-Australië – economisch, toeristisch en qua trots. We staan op het wereldtoneel.”
Kortom: Adelaide 2027 wordt geen gewoon race-evenement. Verdere details volgen, maar één ding is zeker — dit wordt spectaculair. Maar toch, maar toch… Wij hebben wel even nodig om het verlies van Phillip Island te verwerken. Dit weekeinde toch maar de wekker zetten als het WorldSBK daar rijdt. Over de toekomst van dat evenement zal ongetwijfeld binnenkort ook duidelijkheid zijn.
Je moet de geschiedenis kennen om het heden beter te begrijpen. Volgens die logica moet je weten wat er zich in den beginne allemaal in Adventure Country afspeelde om de 2026 Kawasaki KLE500 juist te kunnen inschatten. Daar zijn we het grondig mee oneens. Want we gingen met open vizier, zonder voorkennis en zonder vooroordelen Kawasaki’s nieuwste testen in Spanje.
Heel wat merken claimen een pioniersrol in de geschiedenis van offroad. Britten met Triumph, Norton en BSA op kop. BMW met de eerste GS. Japanners met Elsinores, XR’s, XL’s en XT’s. En zo kunnen we nog even doorgaan. Kawasaki blijft daar opvallend bescheiden in, ook al had het groene merk in 1974 al een KS125 enduro en in 1978 zelfs een KL250 trail. Dat was allemaal voor adventuremotoren zich afscheidden van de offroads en enduro’s. Noem adventures gerust de moto sapiens van de noppenwereld. Een hoger gerangschikte evolutie, met meer mogelijkheden, minder rudimentair aanvoelend en met een minder rauw gedrag dan de eerste offroad. Kawasaki was met de illustere KLE500 in 1991 een beetje laat aan de feesttafel, waar al veel merken aan de dis zaten. Kawasaki is ook anno 2026 het laatste, zichzelf respecterende merk dat met een pure adventuremotor op de markt komt.
1 van 9
Middenklasse
Kawasaki doet dat op een moment waarop de adventuremarkt zo groot is geworden, dat er binnen het segment zelfs subcategorieën zijn. Aan de ene kant van het spectrum: de open klasse; adventuretourers. Dat zijn in essentie veelzijdige reisbuffels die het adventurelabel gebruiken om een ruig kantje aan hun imago toe te voegen. Aan de andere zijde, de pure enduro- of rallymotoren waarmee je liever niet op asfalt rijdt. En dan is er de categorie die écht belichaamt wat adventurerijden betekent. De middenklasse adventures. Eigenlijk de klasse waarmee het allemaal begon, voor merken zich verloren in excessen als comfort aan de ene kant en prestaties aan de andere. En het is dáár waar Kawasaki zijn entree maakt: in het midden van de middenklassers. Kawasaki brengt een motor waarmee je letterlijk alle kanten op kunt. Betaalbaar. Goed afgewerkt. Beheersbaar. Wendbaar.
A2
Met al het voorgaande in het hoofd, zakken we half februari af naar de eerste test van de 2026 KLE500, in de buurt van het Spaanse Marbella. Zeggen dat dit een belangrijke test is, is als een orkaan tot een fris briesje bestempelen. Maar… je zit in een concept waar niet al te veel speelruimte is: een middenklasse twin met maximaal 45 pk – anders is het geen A2-motor. En gezien de connectie tussen cc’s en koppel is ook daar niet al te veel ruimte voor mirakels. We kennen het blok al uit onder andere de Ninja 500. Hierin is het een vlot oppikkend motorblok, met een vrij egale vermogensafgifte. Niet te piekerig, niet te zwak onderin. En gekoppeld aan een zeer correcte gasrespons. Niks te brutaal, evenmin vaag of vertraagd. Dat helpt om gedoseerd te rijden en ook om het blok optimaal te benutten.
Héérlijk hoe we op dag twee van de test een rit van 120 kilometer reden op één van de mooiste slingerwegen waarop we ooit reden. Het leek wel door AI gemaakt. Perfect asfalt, overzichtelijke bochten, waanzinnig zicht op de Tabernaswoestijn en de Sierra Nevada, graadje of twintig en een motor die geknipt is voor bochtenwerk. Het was een uitgelezen kans om de test grondig aan te pakken. Terwijl we op dag één in een groep reden, kregen we op de tweede dag de motor gewoon mee, met daarop een GPS en de route. Dat geeft de mogelijkheid om op verschillende tempo’s te rijden, dingen uit te proberen. Alleen maar om vast te stellen dat hoe harder je pusht en hoe meer verscheidenheid je op de KLE afstuurt, hoe beter ’ie wordt.
Dit is een compleet nieuwe motorfiets. Dat wil zeggen dat je alles moet leren kennen. Zithouding, motorkarakter, ophanging, bediening, gasrespons… Enfin, we kunnen zo nog wel een tijdje doorgaan. Dat vergt wat tijd en bovendien moet je, rijdend in een groep, gewoon het ritme van die groep volgen. Stoppen als de rest stopt, even snel rijden, dezelfde bochtensnelheid aanhouden… En dan zijn er nog de fotoshoots waar de aandacht soms meer op hellingshoeken en rijstijl ligt dan op de motor zelf.
Dag twee was dus het moment waarop we de KLE écht leerden kennen. Ook al hadden we als goede studenten naar de technische gegevens gekeken en wisten we dat de KLE een voor zijn klasse uniek trellisframe heeft. Dat de ophanging enkel achteraan qua veervoorspanning in te stellen is, en dat de SE-versie waarmee we reden zich onderscheidt van de standaard door onder andere een TFT-scherm, handbeschermers, bodemplaat en een hoger en instelbaar scherm. Goed om te weten: het scherm stel je in met behulp van sleutels. Je kunt het niet met de hand instellen. Rem- en koppelingshendel zijn niet instelbaar.
Top
Terug naar de niet-instelbare voorvork, die ons positief verraste. Op geen enkel moment wilden we iets veranderen aan de werking. Gewoon standaard direct op niveau. Mooi. Op dag twee reden we wel met een achterschokbreker die een beetje extra aangespannen was, en dat zorgde voor iets minder inzakken van de achterkant en iets scherper sturen. Het rijwielgedeelte van de KLE is gewoon top. En dat is een troef die net zo zwaar weegt bij offroadrijden als op de weg. Op het asfalt voel je dat de motor heel neutraal stuurt, stabiel is in de bochten, en zelfs toelaat van lijn te veranderen als je al in de bocht ligt. Uit de bocht accelereren mag met een vrij forse draai aan het gashendel, want het blok is nooit brutaal, wel progressief.
Offroad speelt het vermogen een minder grote rol. Dan is het rijwielgedeelte des te belangrijker. We kwamen nooit in de problemen en met meer offroadgerichte banden dan de standaard gemonteerde IRC’s zouden zelfs zanderige passages een stuk makkelijker worden. Al moet je nooit rekenen op brute kracht om uit technisch uitdagende zones te geraken. De KLE is gebaat bij een goed samenspel tussen gas, koppeling en versnellingen. Het maakt het rijden technisch uitdagender dan op een dikke 1000 cc. Maar de genoegdoening is groter als je de juiste lijnen kiest, schakelt en het gas perfect doseert.
En dat brengt ons bij de grondspeling. Nou, de bevindingen daaromtrent zijn duidelijk. Na twee dagen rijden, met zowel offroad in de woestijn en op bergwegen, als slingerwegen in het achterland van Almería, hebben we niet één keer met de voetsteunen het asfalt geraakt of met de bodemplaat de ondergrond beroerd.
Terug naar het blok, dat gewoon alles goed doet. En dat is lang niet zo vanzelfsprekend als het klinkt voor een A2-twin. Want het betekent dat het qua gasrespons en vermogensafgifte precies presteert zoals het hoort. Dat maakt het blok voorspelbaar en dus optimaal te benutten. De combinatie met het rijwielgedeelte zorgt ervoor dat je een motor hebt die aanvoelt als een verlengstuk van je lichaam, precies doet wat je wilt en nooit verrast.
Gek genoeg is het toch precies dáár waar de sensatie zit. Je kunt onfatsoenlijk hard gaan met de KLE. Maar net zo goed rustig genieten of uitdagende offroadstukken aanpakken. Omdat je hem zo goed beheerst. Met dank ook aan de uitgekiende rijhouding. Best indrukwekkend hoe een bonte bende testrijders, met lengtes tussen 1m72 en 1m90, allemaal goed zaten én stonden op de Kawasaki. De bouw is smal en het bodywork sluit heel nauw aan bij het frame. Dat zorgt ervoor dat de KLE een smalle motorfiets is. Dat resulteert in een top die in de buurt van de 160 km/u ligt. Op een legale 120 of 130 km/u draait het blok zo’n 6.800 à 7.200 tpm. Dat is vrij hoogtoerig en een iets langere zesde versnelling zou één van de weinige zaken zijn die we op een to-dolijst naar de Japanse ingenieurs sturen.
De KLE500 is op het gebied van standaard gemonteerde extraatjes eerder basic. Daar heeft de scherpe prijs natuurlijk alles mee te maken. Het ging Kawasaki om een balans tussen de prestaties en de prijs. En daar zijn keuzes gemaakt. Dat heeft Kawasaki er niet van weerhouden om goed na te denken over het concept. En over logica en gebruiksgemak. Een mooi voorbeeld daarvan is de knop waarmee je het ABS uitschakelt. Een korte en daarna een lange druk schakelt de remassistentie van de voor- en achterrem uit. Verder is er nog een reeks accessoires ontwikkeld, waarbij de handvatverwarming en de middenbok hoog op ons verlanglijstje zouden staan.
Conclusie test 2026 Kawasaki KLE500
De KLE500 is een blik op de toekomst. Een motor die niet alleen toont wat Kawasaki kan binnen een afgetekend concept, maar ook hoeveel een motor kan bieden in een segment waarin de prijs een grotere rol speelt dan in andere klassen. En dat is een doordachte zet. Het past helemaal in de strategie waarbij Kawasaki (ook) motoren aanbiedt met aandacht voor laagdrempeligheid. Noem het veel motor voor niet al te veel geld. Daarmee bereik je, onder andere, een jong publiek dat zich wellicht aan het merk hecht en ook voor Kawasaki kiest als er ooit een zwaardere in de garage moet. En dan zijn er nog de special editions, de Rally-uitvoering, de Adventure Tourer-versie… Ook dat is slim. Kortom: er zijn genoeg redenen om lang te genieten van de KLE500: laagdrempelig, bewezen betrouwbaarheid van het blok, goede prestaties, makkelijk beheersbaar, een doordacht concept én een geslaagd design. En kijk dan ook nog eens naar de prijs.
Net als olie in je blok zorgen cookies ervoor dat alles soepel loopt. We gebruiken ze om de website goed te laten werken en je de beste ervaring te bieden. Door verder te gaan, geef je toestemming voor het gebruik van cookies.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.