vrijdag 10 april 2026
Home Blog Pagina 643

TT Assen 2017: Valentino Rossi’s laatste MotoGP-zege

0
Valentino Rossi Assen

Assen, zondag 25 juni 2017. De 87e aflevering van de Dutch TT leverde voor ruim 100.000 toeschouwers niet alleen een onvoorstelbaar spectaculaire MotoGP-race op, maar ook de door miljoenen fans gewenste winnaar. Zijn naam: Valentino Rossi!

Fotografie: Henk Keulemans

Niemand, maar dan ook niemand wist op dat moment dat dit de laatste GP-zege van de populairste motorcoureur ooit zou zijn. Daarom gaan we terug in de tijd. Terug in beeld en woord. Terug naar wat nu een meer dan historisch meesterwerk blijkt te zijn geweest.

MotoGP Valencia: afscheid van icoon Valentino Rossi

Op 38-jarige leeftijd is Valentino Rossi als een kind zo blij met zijn 115e GP-zege. Alsof het zijn eerste is. Viereneenhalf jaar later blijkt dat het wel zijn laatste MotoGP-overwinning is geweest.

Valentino Rossi Assen
Valentino Rossi zo blij als een kind met zijn overwinning.

Het seizoen 2017 verloopt niet naar wens als negenvoudig wereldkampioen Valentino Rossi voor de 21e keer naar Assen komt om daar deel te gaan nemen aan de Dutch TT. Zo staat de Italiaan op dat moment niet alleen in de schaduw van zijn nieuwe teamgenoot bij Movistar Yamaha MotoGP, Maverick Viñales, maar is het ook al weer ruim een jaar geleden dat hij zijn laatste GP won. Nee, Viñales doet het tot dan heel wat beter op de 2017-uitvoering van de Yamaha YZR M1. De jonge Spanjaard heeft niet alleen drie van de eerste vijf races gewonnen, met de TT voor de deur is hij ook WK-koploper met 111 punten. Achter Andrea Dovizioso (104), Marc Márquez (88) en Dani Pedrosa (84) staat Valentino Rossi op dat moment vijfde in het tussenklassement met 83 punten.

‘Concentratiemoment’ bij Valentino Rossi.

De Italiaan heeft voor Assen van Yamaha een gewijzigd frame gekregen. Al snel blijkt hij daarmee beter uit de voeten te kunnen, dan met het vorige model. Een door de weersomstandigheden ontstane ‘tricky’ kwalificatie, die werd verreden op een natte baan, levert Johann Zarco (Monster Yamaha Tech 3) zijn eerste MotoGP-pole op, voor Marc Márquez (Repsol Honda Team) en Danilo Petrucci (OCTO Pramac Racing). Rossi start als vierde. Maar voordat de Italiaan dat doet, is er op de grid altijd het traditionele ‘concentratiemoment’.

De start van de 87e Dutch TT vindt plaats onder typisch ‘Assen weer’. Oftewel: onder een dreigend grijs gekleurd wolkendek waaruit regendruppels naar beneden kunnen gaan komen. Of dat ook gaat gebeuren en in welke hoeveelheid moet worden afgewacht. De luchtvochtigheid bedraagt op het moment van de start 76 procent. Er heerst een buitentemperatuur van slechts 18 graden en een asfalttemperatuur van 25 graden.

Direct na de start pakt MotoGP-debutant Johann Zarco de leiding en duikt met de nieuwe imposante Haarbocht-tribune op de achtergrond als koploper de eerste bocht in. Marc Márquez, Valentino Rossi en Danilo Petrucci volgen de Fransman op de voet. Het is het begin van wat een heel enerverende race gaat worden.

Valentino Rossi Assen
Rossi en Márquez.

De eerste tien van de in totaal te verrijden 26 ronden worden door het leidende kwartet, dat bestaat uit Zarco, Márquez, Rossi en Petrucci, op enigszins saaie wijze afgewerkt. Er vindt namelijk geen enkele inhaalactie plaats! Het belangrijkste gegeven is dat Zarco (Yamaha), die als enige van de kanshebbers op zachte banden is gestart, ondanks die keuze niet weet weg te komen van zijn grootste rivalen. Van hen heeft Márquez (Honda) voor de bandencombinatie medium/medium gekozen. Rossi (Yamaha) voor medium voor en hard achter, en Petrucci (Ducati) eveneens voor medium/medium.

Bij het ingaan van de elfde ronde slaat dan toch de vlam in de pan. Eindelijk! Met een vlijmscherpe inhaalactie verdringt Rossi bij het aanremmen voor de Haarbocht Márquez van de tweede plaats. In tegenstelling tot twee jaar ervoor in Assen verloopt die inhaalactie tussen de twee aartsrivalen nu wel op correcte wijze.

Petrucci, Márquez, Rossi en Zarco.

Even daarna accelereren Zarco, Rossi, Márquez en Petrucci vanuit de Strubben de Veenslang op. De rest van het veld, onder leiding van Maverick Viñales, volgt op ruim drie seconden.

Ronde nummer elf is nog maar net begonnen, of het is weer Rossi die voor het gewenste spektakel zorgt. Door middel van een traditionele uitremactie in de Haarbocht passeert de Italiaan Zarco. Met als gevolg dat de populairste coureur aller tijden weer eens aan de leiding van de TT rijdt! Het circuit ontploft! Het gele #46-leger wordt gek! Wat een sfeer!

Valentino Rossi Assen

Twee bochten erna, in de Ossebroeken, gaat het bijna fout als de agressief rijdende Zarco Rossi, die een ruimere lijn rijdt, binnendoor probeert terug te pakken. De beide Yamaha-coureurs raken elkaar! Heel even is het circuit stil. Maar gelukkig loopt alles goed af. Vervolgens klinkt er vanaf de tribunes en de taluds een algemene zucht van opluchting. Het gevolg voor Zarco is wel dat hij in de Strubben achter Rossi en Márquez naar de derde plaats is verwezen. De rol van de Fransman lijkt, wat de overwinning aangaat, uitgespeeld te zijn. Die van Viñales is dat even later helemaal. Want de teamgenoot van Rossi gaat in de Geert Timmer-bocht onderuit en verliest zo ook de leiding in de wereldtitelstrijd. Terwijl Rossi in deze wedstrijd gedecideerd het heft in handen heeft genomen, verdringt Petrucci Márquez van de tweede plaats om zo in het kielzog van zijn landgenoot te kunnen blijven. Een verschil tussen de twee (bevriende) Italianen is dat Rossi tot nu toe 114 GP’s heeft weten te winnen en Petrucci geen enkele… Is er een verrassing op komst?

De volgende ronden stabiliseren de posities van de top-3 zich. Daarachter weet Andrea Dovizioso niet alleen aansluiting bij Zarco te krijgen, de Ducati-coureur passeert de Fransman zelfs en zet vervolgens de jacht in op een podiumplaats. Assen kan zich weer eens gaan opmaken voor een Hitchcock-finale. Het spektakel wordt nog groter als ook Pluvius zich met de strijd gaat bemoeien. Op het noordelijke deel van het circuit vallen de eerste regendruppels uit het dikgepakte wolkendek. Ach ja, Assen zou Assen niet zijn als dit niet zou gaan gebeuren…

Interview Robin Spijkers: ‘Het was een eer om voor Valentino Rossi te mogen werken’

Met nog acht ronden voor de boeg wordt er met witte vlaggen gezwaaid ten teken dat de coureurs van machine mogen gaan wisselen. Dat Valentino Rossi daar tijdens de training op heeft geoefend laat deze foto zien. Nu is de grote vraag of de koploper in deze bloedstollende race dat ook in de wedstrijd gaat doen. Nee dus! Terwijl Zarco als eerste naar binnen gaat, kiest Rossi ervoor om buiten te blijven. Zijn directe achtervolgers doen hetzelfde. ‘The Doctor’ opereert tot nu toe foutloos. En dat terwijl niet alleen de omstandigheden steeds risicovoller worden, maar ook de druk maar toe blijft nemen. Dat gebeurt in de eerste plaats door de tot nu eveneens foutloos rijdende Danilo Petrucci. En ook door de gestaag oprukkende Andrea Dovizioso, die inmiddels Marc Márquez is gepasseerd. De Spanjaard lijkt tegen zijn natuur in minder risico’s te willen nemen dan de drie Italianen. Dit keer lijken de punten voor de Honda-coureur belangrijker te zijn dan de zege.

Valentino Rossi Assen

Maar dan… Gaat het feestje voor Rossi en al zijn fans toch niet door? In een werkelijk zinderende slotfase is het namelijk Petrucci, die met nog slecht vier ronden voor de boeg op fenomenale en gewaagde wijze op het bloedsnelle gedeelte tussen Hoge Heide en de Ramshoek zijn Ducati vanuit de slipstream van Rossi’s Yamaha naar de kop van het veld stuurt. Als aan een touwtje dendert het leidende kwartet vervolgens door de Geert Timmer-bocht. Het wordt stil op de tribunes… Het is de eerste keer dat de sympathieke Danilo Petrucci een MotoGP-race aanvoert. De Rossi-fans gunnen hem die eer zeker. Maar niet aan de finish!

Valentino Rossi Assen

Het duel tussen de twee leidende Italianen staat op het punt om z’n climax te bereiken. Op de droge baan, die op sommige punten nog altijd gevaarlijk nat is (zeker als je op slicks rijdt), slaan Petrucci en Rossi namelijk een gaatje ten opzichte van Dovizioso en Márquez. Laatstgenoemd duo krijgt vervolgens ook nog eens gezelschap van Cal Crutchlow (Honda). Ondertussen is Valentino Rossi niet van plan om zich zo maar neer te leggen bij een tweede plaats. Dat ‘Vale’ voor de winst gaat, wordt vlak voor de 23e passage van de Geert Timmer-bocht duidelijk. Door middel van een gecontroleerde uitremactie (zie foto) herovert hij de leiding ten koste van Petrucci. Opnieuw ontploft het circuit! Vervolgens volgen 105.000 toeschouwers rond de baan en miljoenen tv-kijkers waar ter wereld dan ook nagelbijtend en/of met ingehouden adem de laatste drie ronden van de 87e Dutch TT Assen.

Valentino Rossi Assen

Die drie ronden worden alleen nog maar onvoorspelbaarder en zo spectaculairder, omdat de regenval gestaag toeneemt. Het weerhoudt Rossi en Petrucci er niet van om voluit te blijven gaan. Hun manier van racen (nogmaals: op slicks!!!) en durf dwingen heel veel respect af. De een wil zijn 115e GP winnen. De ander wil dat voor het eerst doen. Met al zijn ervaring weet Rossi uiteindelijk zijn twaalf jaar jongere landgenoot achter zich te houden. Wel moet worden opgemerkt dat de uitslag voor hetzelfde geld ook andersom had kunnen zijn als Petrucci halverwege de laatste ronde geen hinder van achterblijver Alex Rins (Suzuki) had ondervonden. Daardoor werd het gat ten opzichte van Rossi voor de Ducati-rijder net te groot om nog een tegenaanval te kunnen plaatsen.

Na een werkelijk zinderende finale bedraagt het verschil tussen de twee Italianen op de finishstreep uiteindelijk zeggen en schrijven 0,063 seconde! Achter hun ruggen pakt Marc Márquez een eveneens zwaar bevochten derde plaats ten koste van Cal Crutchlow en Andrea Dovizioso.

Maar het merendeel van de toeschouwers heeft daar geen oog voor. Die hebben het te druk met het bejubelen van de 115e GP-zege van ‘hun’ #46! Een meesterlijke overwinning die viereneenhalf jaar later nog historischer is geworden dan dat hij op dat moment al was!

Valentino Rossi Assen

De 115e GP-zege van Valentino Rossi heeft gevolgen. Zo trilt door toedoen van het gele #46-legioen de Rossi-tribune op haar grondvesten! Wat een zege van een sportidool bij zijn fans allemaal niet te weeg kan brengen!

Zou de persoon in kwestie zich op dit moment, als hij het podium verlaat, realiseren dat dit de laatste keer is dat hij in de MotoGP als winnaar wordt gehuldigd? Nee, dus. Dat kon en wilde Valentino Rossi pas gaan doen, nadat hij op 14 november 2021 zijn laatste race als motorcoureur had gereden.

Na de memorabele zege in Assen en het definitieve einde van zijn motorracecarrière kunnen nu ook Rossi’s recordboeken definitief worden vastgesteld. Op het moment dat ‘Vale’ zijn 115e en laatste GP-zege boekte, was hij 38 jaar en 129 dagen oud/jong. Daarmee is hij de oudste coureur, die in Assen een race in de koningsklasse (500cc/MotoGP) heeft weten te winnen. Bovendien was het zijn tiende GP-overwinning op het TT Circuit. Ook won geen enkele GP-coureur zo vaak de Grote Prijs van Nederland in de koningsklasse (acht keer). Tussen zijn eerste zege in Assen (dat gebeurde op 28 juni 1997) en de laatste zit een tijdsbestek van maar liefst twintig jaar minus drie dagen.

Een algemene conclusie na 24 TT-optredens van het racefenomeen Valentino Rossi mag zijn dat, hoewel de MotoGP-motoren ook in de toekomst op de Drentse heide zullen brullen, het er toch een stuk ‘stiller’ of beter gezegd ‘anders’ zal zijn…

Valentino Rossi Assen

Boudewijn Geels: ‘Nieuw Japans motormerk, Yaka’

0
Column Boudewijn Geels

Al twintig jaar is de rug van het boek prominent zichtbaar in mijn boekenkast. Toen ik besloot met de schenker ervan, motormaat E., op reis te gaan naar Egypte, dacht ik: nu ga ik dat pronkstuk van mijn collega-columnist eindelijk ook maar eens lézen.

In een hangmat in Marsa Alam kijk ik naar het omslag. ‘De kus in de nacht’, is de titel. Auteur: Herman Brusselmans. Op de voorzijde een tekening van een man op een motorfiets. Maar gaat het boek ook echt over motorrijden? E. wist het in 2002 ook niet. ‘Ik zag de naam van de auteur en die motor en dacht: die is voor Bou!’

Wat steekwoorden uit de beschrijving op de achterzijde: ‘Vriendschap’, ‘regendansen’, ‘de troost der fantasie’, ‘Louis Armstrong’, ‘seksualiteit’, ‘het toerisme op het water’, ‘ijsberen en neerzitten’, ‘de toekomst van Chiquita en Kawasaki’, ‘onderhuidse beestjes’ en ‘gesloten bloemenwinkels’. Weinig richtinggevend dus. Dat, plus de kloeke omvang van 614 pagina’s, heeft er twee decennia voor gezorgd dat ik het lezen van deze ‘onherroepelijke mijlpaal der letteren’ (aldus nogmaals de achterflap) telkens voor me uitschoof.

Boudewijn Geels: ‘Oh nee, dus toch! ‘K-Belgen’

Voortaan in één blad staan met Herman Brusselmans, toen ik het jaren geleden hoorde, maakte mijn ego een sprongetje. Dol was ik op dat soepele voor-de-vuist-weg-proza, dat droogkloterige gezwam. Zijn stijl proberen te kopiëren is zinloos; ik zou niet eens bij de langharige Triumph-adept in de buurt komen. Wel denk ik altijd: zou Herman míjn columns ook lezen? Waarna steevast meteen het besef indaalt: natuurlijk niet Geels! Daar heeft zo’n sterauteur het veel te druk voor.

Hoewel, Herman heeft het maatschappelijke tij niet mee. Wie satirische columns over zangeres Shirma Rouse en prinses Amalia schrijft, waarin ook bepaalde lichaamskenmerken van deze Bekende Nederlanders ter sprake komen, kan zomaar zijn Nieuwe Revu-column kwijtraken, ondervond hij in 2020. ‘De onderschatte Vlaamse schrijver Herman Brusselmans beledigt overschatte personen uit de wereldgeschiedenis’, stond er telkens bij, om het satirische gehalte te benadrukken. Maar dat donderde niet. Exit Brusselmans.

In dit prachtblad is hij gelukkig still going strong. Ik hield zelfs rekening met Herman toen ik niet lang geleden een nieuwe tweewieler uitzocht. Het mocht geen Triumph zijn, want, zo vond ik, die zijn Hermans domein. Mede daarom rij ik nu op een Kawasaki Z1000SX. Geen spijt van, prima motor, maar omdat verboden vruchten nu eenmaal het lekkerst smaken, kijk ik bij elk bezoek aan een motorzaak of ik ergens een Triumph ontwaar, waar ik dan een paar minuten gelukzalig op ga zitten contempleren over wat had kunnen zijn.

Maar nu lig ik dus in mijn Egyptische hangmat, met ‘De kus in de nacht’ op mijn nog bleke buik. Als ik de eerste zin van de proloog lees, herinner ik me opeens dat ik tien jaar geleden ook een poging heb gewaagd. Er staat: ‘Ik heb alweer niks te melden, en dat zal ik doen in een pagina of 600 à 650, we zullen zien’.

‘Zou jij een roman zo durven beginnen?’, vraag ik aan E., die in de belendende hangmat bungelt. Hij haalt z’n schouders op. ‘Wat is de volgende zin?‘ Ik: ‘Komt-ie: “Ik liep over straat. Samen met mij geen enkel konijn. Achter de horizon gloorde de kim. De zon scheen als grotendeels onbekende materie die me geen reet interesseert”.’

‘Hm’, bromt E., ‘bijzonder. Nu maar hopen dat het snel over motoren gaat. Heb je daar al enig zicht op?’

Ik sla willekeurig aan het bladeren. ‘Op pagina 25 lees ik iets over een “nieuw Japans motormerk, Yaka”.’

E., grinnikend: ‘Zie je nou wel!’

Maar ik vertrouw het nog niet helemaal. Op plechtige toon: ‘I’ll keep you posted…’

Wordt vervolgd.

Introduceert KTM eind dit jaar een nieuwe 500-serie?

0

Tijdens een presentatie voor investeerders werden de plannen van KTM voor de ontwikkeling en lancering van een nieuw 500-platform bekendgemaakt. Sterker nog, volgens geruchten zou de Oostenrijkse fabrikant al klaar zijn om vijf modellen te presenteren die al in 2019 werden beloofd.

KTM lost zijn belofte van een paar jaar geleden in: meer aandacht voor modellen onderin het segment van de middelgrote motorfietsen. Het zou gaan om een introductie van een nieuwe serie 490 cc’s. Details zijn schaars, maar volgens geruchten zullen de eerste modellen al eind 2022 worden gepresenteerd. Interessante aanwijzingen in dit verband werden gegeven tijdens de presentatie voor investeerders van de Pierer Mobility Group in 2019, waarbij de toekomstplannen voor de verschillende merken (waaronder Husqvarna en GasGas) werden uiteengezet en tegelijkertijd maar liefst vijf modellen werden beloofd die op het nieuwe 490-platform waren gebouwd. Meer bepaald was er sprake van een Duke, een RC, een Adventure, een Supermoto en, om de familie compleet te maken, ook een enduro. Anderzijds vormen de houders van A2-licenties, zoals Pierer zelf in een interview verklaarde, een zeer interessant marktsegment, waarin het ongetwijfeld de moeite loont te blijven investeren.

Wanneer komt-ie dan?

In tegenstelling tot wat je zou denken, zei Pierer, heeft de epidemie de plannen van KTM in een stroomversnelling gebracht. Ze zijn klaar om de nieuwe modellen al eind 2022 te presenteren. Wat kun je verwachten? De motor zou een vloeistofgekoelde parallel-twin van 490 cc moeten zijn met vier kleppen per cilinder, een DOHC-timingsysteem en een slipperkoppeling. Een voorproefje van wat we kunnen verwachten – vooral wat het blok betreft – is al te vinden in de nieuwe CFMoto 450SR. Die wordrt aangedreven door een parallel-twin van 450 cc die gebaseerd zou moeten zijn op het nieuwe KTM-blok.

Zwarte Cross: Frans Bauer & Tante Rikie gaan voor nummer 1 hit met ‘Hoofd, schouders, knie en teen’ 

0
Zwarte Cross Frans Bauer en Rikie

Afzwaaiend festivaldirectrice Tante Rikie had nog één droom: een duet met haar favoriete zanger Frans Bauer

In 2019 maakte Zwarte Cross-festivaldirectrice Tante Rikie wereldkundig haar draagstoel aan de wilgen te hangen na de laatste editie. “Haar afscheid kunnen we natuurlijk niet zomaar aan ons voorbij laten gaan”, aldus Hendrik Jan Lovink, één van de oprichters van de Zwarte Cross. “Rikie had nog één droom. Een droom zó groot dat ze het niet eens durfde te dromen: een duet met haar favoriete zanger Frans Bauer. Bij het realiseren van die droom hebben we haar een beetje geholpen. Het duet is ons cadeau aan Tante Rikie. We gaan natuurlijk voor een nummer 1 hit. Dat zou het allermooiste afscheidscadeau zijn”, aldus Lovink. 

Op zomaar een maandagochtend werd Rikie, met een smoes, naar de studio van muziekproducent Emile Hartkamp gelokt. De opnameruimte hing vol met verborgen camera’s en Emile en Frans Bauer zaten in het complot. De zangeres van Frans kon zogenaamd niet komen en dus werd Rikie ‘spontaan’ gevraagd om mee te zingen. Koelbloedig en bij vlagen loepzuiver zette ze haar vocale bijdrage in één take op de opnameband. Dit resulteerde in de gloednieuwe single, genaamd ‘Hoofd, schouders, knie en teen’. Rikie deed zelfs nog enkele slimme aanpassingen aan het arrangement, waardoor het catchy refrein nu een echte Megatent stamper is geworden. “Ik heb natuurlijk veel met Jovink & de Voederbietels in de studio gezeten en weet dus dondersgoed hoe je geen hit maakt, deze lessen nam ik mee bij de opnames met Frans en Emile”, aldus een glunderende Tante Rikie.

Help Rikie aan een hit!
Wat geef je een godin die bijna alles al heeft? Een wereldhit natuurlijk! Laten we met z’n allen onze alleenheerser dit onvergetelijke cadeau geven. Zet Rikies meezinger via je favoriete streamingsdienst op repeat, vraag ‘m aan bij je favoriete radiozender, café en dj, stuur ‘m door naar je hele WhatsApp en mailinglijst, knal ‘m op social media en zing deze knaller luidkeels op straat, op je werk en in je favoriete huis van gebed! Met z’n allen voor Rikie, power to the people! De single kan vanaf nu gedownload worden via diverse streamingdiensten, waaronder Spotify. De videoclip is hier te bekijken. 

Vrienden met Frans 
Net als Tante Rikie kwam ook Frans glunderend uit de opnamestudio: “Gedurende m’n carrière had ik de eer te mogen optreden met iconische duet partners. Van Julio Iglesias tot Vader Abraham en van Marianne Weber tot Sieneke. Stuk voor stuk toppers van formaat. Tot voor kort had ik niet durven dromen om aan deze lijst Tante Rikie te mogen toevoegen. De koningin der Voederbietels en gravin van de Hummelse hei. Tante Rikie is het fenomeen voor de trouwe bezoekers van de Zwarte Cross. Ik twijfelde geen moment, toen ik gevraagd werd om haar te eren tijdens haar afscheid in verband met haar pensioen. Haar lijflied en evergreen ‘Hoofd, schouders, knie en teen’ verpakt in de stevige rock klanken van de Voederbietels. De ingrediënten voor een wereldhit toch? Of zit ik zelf in Bananasplit? In ieder geval heb ik lol voor tien.”

Over de single 
Tekst & muziek: Tante Rikie Records / Frans Bauer / Emile Hartkamp
Publishing: Frans Bauer
Productie: Emile Hartkamp
Opnamen: Emile Hartkamp
Mastering: Tante Rikie Records / Frans Bauer / Emile Hartkamp
Management Frans: Rocket
Platenlabel Frans: NRGY Music

Luister de single op Spotify 
Bekijk de clip op YouTube

Jubeljaar Tante Rikie 
De Zwarte Cross vindt plaats van 14 tot en met 17 juli 2022. Het hele jaar, tot aan de Zwarte Cross, staat in het teken van afzwaaiend leider ‘Tante Rikie’. Kaarten zijn uitverkocht. De enige betrouwbare manier om nog aan kaarten te komen is TicketSwap. 

WWW.ZWARTECROSS.NL 

Thierry Sarasyn start recordpoging dag eerder door dreigend onweer

0

Thierry Sarasyn heeft zijn wereldrecordpoging een dag vervroegd. De onversaagde Belg, de Leeuw van Vlaanderen, vertrekt zaterdag 18 juni al voor zijn uitputtende queeste die hem in 24 uur door minimaal 14 Europese landen moet voeren. Voor de oorspronkelijke recordpogingdag – 19 juni – wordt voor de regio Alpen veel onweer en regenval voorspeld.

Thierry ‘Flandrien’ Sarasyn volg je real time vanaf 05.00 uur op legendstracking.com.

Als Sarasyn slaagt in zijn opzet, staat hij binnenkort als wereldrecordhouder in het Guiness Book of Records.

Test 2022 Stark Varg: gamechanger?

0
2022 Stark Varg

Test 2022 Stark Varg. Motorrijden in het algemeen en motorsport in het bijzonder ontsnappen niet aan de op til zijnde veranderingen. Naast strengere emissie-eisen, wordt er ook steeds nadrukkelijker gelet op het uitlaatgeluid. Koren op de molen van de fabrikanten van elektrische motoren. Maar die bleven opvallend afwezig uit de motorsport. Tot nu. Kan de komst van de Stark Varg in de motorcross een gamechanger zijn? Wij testen ‘m.

Tekst: Jim Verburgh
Fotografie: Stark

Alles wordt anders. Dat dachten de dino’s ook al toen er 65 miljoen jaar geleden een grote kei op hen afkwam. De veranderingen die voor de deur staan, zullen minder drastisch zijn, maar je mag motoren met open uitlaten toch ook stilletjes aan als dino’s gaan beschouwen: schaarser wordende getuigen van wat ooit normaal was. Het is een beetje zoals roken in restaurant. Elektrisch motorrijden is het antwoord op heel wat vragen en eisen, niet in het minst op de roep om minder uitlaatgeluid. Vooral motorcrosscircuits zitten in de hoek waar klappen vallen.

2022 Stark Varg: gamechanger?

Enter de Stark Varg, de eerste elektrische crossmotor voor een breed publiek. Nog voor de productie op gang is, zijn er al 10.000 voorbestellingen geboekt. Daar zijn een aantal redenen voor. Met de Stark Varg kun je inderdaad zo goed als geluidloos crossen. Terwijl je vroeger een milieumat onder je motor moest leggen om de bodem schoon te houden, is geluid nu uitgeroepen tot vijand nummer één van iedereen die het niet op crossen of uitlaatgeluid begrepen heeft.

Test 2022 Zero SR: Super Relax

Oplossingen vinden, is niet eenvoudig. Een elektrische crossmotor biedt soelaas, maar zoals de zaken er nu voorstaan, zijn er ook nadelen. Ze klinken bekend: actieradius, oplaadtijd, oplaadpunten en het gewicht. Stark Varg belooft gehakt te maken van de meeste van deze nadelen. Wij waren één van de weinigen die een been mochten gooien over de crossmotor die het motorcrossen voor goed kan (helpen) veranderen. En het is al eerder gebeurd.

Eind de jaren zestig vervingen tweetakten de zwaardere viertakten. Dertig jaar later duwden moderne(re) viertakten de meer vervuilende tweetakten weg. Momenteel lijkt alles wat thermisch is, op de wip te zitten. Al zal het niet meteen zo’n vaart lopen als met de tweetakten, we mogen ervan uitgaan dat de 2022 Stark Varg de eerste is van een nieuwe generatie crossmotoren. In dit geval wordt wel eens spottend naar een naaimachine verwezen, maar daar denken wij na de test toch heel anders over.

Laagdrempelige MX-er

Om te beginnen is er de actieradius: 35-40 minuten als je op z’n hardst rijdt. De meeste rijders houden het zelf niet zo lang vol, maar je kunt er dus een GP-manche mee rijden. Niet alleen op papier, maar ook op een testcircuit in de buurt van Barcelona – zoals wij deden. De batterij is niet uitwisselbaar; je moet ‘m in de motor opladen. Dat duurt ergens tussen één en twee uur, afhankelijk van de lader en de En dat is niet het enige punt waar de schoen nog wringt. Wie wil opladen, moet een generator bij zich hebben (is herrie), een circuit met veel voorzieningen zoeken of niet meer dan 45 minuten willen crossen. Het mooist zou natuurlijk zijn wanneer je uitwisselbare accu’s bij je hebt, die je meeneemt naar de circuits, zoals met jerrycans benzine. Maar dat is nog toekomst.

Maar laten we niet te lang stilstaan bij de pijnpunten. De industrie is nog jong en de oplossingen volgen vanzelf. Feit is dat de Stark-cijfers alles overtreft wat al op de markt was. Voorbeeld? Met de elektrische Zero FX kun je vlot twee uur enduro rijden, maar op een MX-circuit houdt ‘ie er na een dikke twintig minuten mee op. Niet erg, want de Zero is een wegmotor, een enduro en geen MX-motor. En er valt veel te zeggen voor een stille enduro.

Stark komt desondanks met méér potentieel dan we voor mogelijk hebben gehouden én met een korte(re) oplaadtijd. Om dat alles tot in detail te controleren, was er tijdens deze test geen tijd. Hopelijk is er snel een test mogelijk waarbij we ook dat soort zaken kunnen checken.

Het voordeel van 2022 Stark Varg is dat high tech gecombineerd wordt met gezond verstand. Zo kom je aan een motor die amper 110 kg weegt en laagdrempeliger is dan welke bestaande MX-motor dan ook. Je hoeft immers niet meer te schakelen, je kunt de motor ook niet meer doodremmen, je rijdt altijd in de juiste versnelling en je hebt – als je dat wilt – 80 pk tot je beschikking. Hoe we dat weten? Nou, MX-legende Jimmy Verburgh deed de test voor ons.

2022 Stark Varg

Jimmy Verburgh over de 2022 Stark Varg

‘Na een halve dag rijden met de achterrem op de traditionele plek, switchte ik naar een setting met de achterrem op de linker stuurhelft’, vertelt testrijder, ex-Europees kampioen én freestyle-pionier Jimmy Verburgh. ‘Het is wennen, maar je kunt dan wel met je rechterbeen uitgestoken naar een rechterbocht glijden. Dat geeft voordelen. Om nog maar over die 80 pk te zwijgen. Stark had het lef om van elk belangrijk merk ook een viertakt crossmotor naar het Catalaanse circuit te brengen. Wel, het verschil is indrukwekkend. Eerst dacht ik dat er aan de klassieke crossmotoren iets gedaan was om het vermogen te beperken. Maar dat was niet zo. Als je van de Stark stapt, voelen die viertakts gewoon trager. En als je op de Stark Varg aan het gas – nou ja, gas… – gaat hangen, dan is het vermogen er meteen. Op een ‘gewone’ MX-motor bouwt dat op. De elektrische motor is gewoon véél sneller. En hij is wendbaar. En ja, je kunt er lang genoeg mee rijden. Ook voor mindere goden zal dit een goede zaak zijn, want hij is erg eenvoudig in gebruik. Stark heeft goed nagedacht over een aantal zaken. Een digitaal dashboard verwerkt GPS data, laadgeschiedenis, G-krachten, vermogen, gyroscopische data… En je kunt uit tientallen instellingen kiezen, niet alleen qua vermogen, maar ook op het vlak van motorrem, balans, vermogenscurve, vliegwieleffect, acceleratie… op die manier kun je zelfs met een identiek vermogen aan de start komen als van een 450. En je kunt de 2022 Stark Varg nog beheersen ook.’

EMX Powertrain: het verhaal achter een elektrische crosser uit Helmond

Conclusie 2022 Stark Varg

Verburgh is enthousiast over de Stark, vooral ook omdat ‘ie op het vlak van prestaties een stap vooruit lijkt te zijn. En wat te denken van het onderhoud. Geen luchtfilters meer wisselen, geen frequente olieverversingen, je uitlaat niet langer afstoppen bij het schoonspuiten en… slechts één bout om de ketting snel op de juiste spanning te brengen. Zelfs op de weinige onderdelen die gedeeld worden met klassieke crossmotoren, is gedacht aan een verbetering. De Stark Varg zal ongetwijfeld niet de enige elektrische crossmotor blijven. Maar hij zet voor nu wel de standaard voor alles wat nog zal volgen. De lat ligt hoog.

Wie is Jimmy Verburgh?

Voor motorcrosskenners is Jimmy Verburgh een icoon. De man werd op 15-jarige leeftijd al Belgisch kampioen, bracht het tot GP-rijder, won de Europese MX-titel en werd daarna een freestylepionier. Verburgh behoorde eind jaren 90 tot de wereldtop in de freestyle en startte zijn eigen team. FMX4Ever groeide uit tot het grootste freestyle-team ter wereld en is vandaag nog steeds leverancier van toprijders voor de grootste shows. Volgens ons is Jimmy de eerste Motor.NL-testrijder die een heelclicker deed tijdens een test… Bij Stark zijn ze er nog stil van.

Toekomstplannen

Er zijn al plannen voor gemengde wedstrijden, maar natuurlijk ook voor een E-competitie. Ook is het de bedoeling om een enduro te bouwen, maar een datum daarvoor wil Stark nog niet vrijgeven. Een datum voor wie nu een Stark Varg bestelt is er wel. De website – starkfuture.com – laat weten dat je ’m dan na een aanbetaling van 100 euro op 23 juli 2023 krijgt geleverd.

Energica Experia: eerste vragen na de test

0
Energica Experia test

Een nieuw segment uitvinden, ‘t is niet iedereen gegeven. Al scheelt het een hoop als je onontgonnen terrein kan aanboren. Energica produceert sinds enkele jaren hoogkwalitatieve elektrische motoren, en is nu met z’n Experia toe aan ‘s werelds eerste ‘Green Tourer’. Een touringmotor met een elektromotor, dus. Of dat voor de nodige – eh – vonken zorgt, mocht redacteur Jelle gaan testen in de Dolomieten.

Om met de deur in huis te vallen: dat groen toeren, is het wat?

Jelle Verstaen: “Jazeker! Van de ophanging, tot de zithouding, het windschermpje tot de bijbehorende kofferset. De zowel qua motor als frame volledig op een nieuw platform gebouwde Experia moet voor de eerste draai aan het gas alvast niet onderdoen voor de huidige touringmotoren op de markt. Al zijn alle ogen bij zo’n elektrische tourer uiteraard gericht op de actieradius. Touren impliceert kilometers malen. En ook op dat vlak lijkt ‘t aanvankelijk wel snor te zitten.”

In één stint van Brussel naar de Dolomieten?

Jelle: “Nee, maar dat doe je op een verbrandingsmotor ook niet. Bij stadsgebruik spreekt Energica over een actieradius van 420 kilometer, bij gemengd gebruik zakt die radius tot 256 kilometer. Op één dag van Brussel naar de Dolomieten moet dan weer wel lukken, als je een parcours uitstippelt langs snellaadpalen. In 40 minuten laad je de 22,5 kWh-accu (de grootste tot nu toe voor het merk) tot 80% bij. Ga je uit van vijf stukken van 200 kilometer, en vijf keer 40 minuten laden, dan lukt dat dus net.”

In theorie kan het dus, dat groen toeren. Maar hoe gaat ‘t in de praktijk?

Jelle: “Dat is me beslist niet tegengevallen. De testrit was echter aan de korte kant: er kwam amper 60 kilometer bij op de odometer. Maar – op de momenten dat het drukke verkeer het toeliet – reden we wel aan een verduivelde rotvaart. Ontelbare hoogtemeters, talloze haarspeldbochten en flink op het – eh – gas. Gespaard hebben we ‘m niet. En toch hadden we na onze rit nog goed 75% acculading over. Waardoor we geneigd zijn om de theorie rond de actieradius (gemengd gebruik) te geloven. Mooi zo. Al zou een actieradius die écht kan wedijveren met de van ruime tanks voorziene touringmotoren, uiteraard nog beter zijn.

De ‘tank’ is dus al goedgekeurd. Maar hoe rijdt ‘t ding nu?

Jelle: “Je zit alvast mooi rechtop in de zit, met het hoge en brede stuur mooi in de hand. De knieën zitten onder een licht sportieve hoek, die aansluit bij het indrukwekkende motorgedrag. Zo’n elektromotor is eigenlijk ideaal toegesneden op tourwerk. Je zit steeds in de juiste versnelling, altijd koppel voorhanden, en je stoort dal- noch bergbewoner tijdens je aanval op de bollentrui. De ophanging is dan wel duidelijk aan de stijve kant om het vrij potige gewicht van deze machine op te vangen, maar ze is wel comfortabel genoeg én stabiel genoeg voor een pittige rit. Je zet ‘m doodeenvoudig op de juiste rijlijn, sturen doet ‘ie (gezien z’n gewicht bij stilstand) verrassend kwiek en met de instelbare motorrem op ‘B3’ (de hoogste regeneratiestand) hoef je ook bergaf vaak de remmen niet aan te raken om de volgende bocht aan te snijden. Moet je wel in de remmen, dan is ‘t fijn om te merken dat ook die zich met het nodige gevoel en dito doortastendheid laten bedienen. Fijn pakket.”

Valt er dan helemaal niks te klagen?

Jelle: “Weinig, maar niet niks. Van de 260 rijklaarkilo’s mag je dan rijdend niet al te veel merken, ‘t blijft best een klus om ze van de zijstandaard te duwen of aan de hand te manoeuvreren. Verder is het opvallend dat er wel een achteruitversnelling, maar geen parkeerrem – elektrisch of manueel – te vinden is op de Experia. Dus als je ‘m op een helling parkeert, moet je rekenen op goed geluk om ‘m nadien niet in een ravijn aan te treffen. Dat soort dingen valt zeker op een touringmotor – met de nodige hoogtemeters op de planning – toch niet te versmaden. Ook de prijs is zo gepeperd dat je al een gemotiveerde potentiële koper moet vinden: de Experia heeft een startprijs van 25.590 euro, exclusief btw. Aan het einde van de rit ben je dus net geen 31.000 euro kwijt . Ook met de huidige premies voor je elektrische motor, blijft dat een flinke som. ”

Maak ik de optelsom, dan blijft bij mij vooral een positieve zweem achter.

Jelle: “Klopt. Al zie ik ‘m vooral als de motor die je achter op de trailer zet, richting bergen bolt en ‘m daar z’n ding laat doen. Met die actieradius ben je in pakweg de Dolomieten wel een dagje – of tot z’n minst tot een ruime middagpauze – goed, en op het speelplezier valt amper af te dingen. Dat, of als ideale commuter. Testrijden, die hap.”

MOTO73 editie #11 2022

0
MOTO73 11 2022

TEST: Bimota KB4

Het was een grote verrassing dat Kawasaki in 2019 het zieltogende Bimota overnam. Wat moesten ze daar nou mee! Kawasaki zag in het wonderlijke Bimota exclusiviteit en vakmanschap waarvan hun eigen producten konden profiteren. De Tesi H2 was de eerste, voor de meeste motorijders, onbereikbare motorfiets. De KB4 – met Z1000SX-blok – is dat al minder.

TEST: Stark Varg

Bevinden we ons op een kantelpunt in de motorgeschiedenis waarvan we later zeggen: Ja, toen raakte elektrisch in zwang. De motorcross is al een stuk verder in het gewenningsproces. Noodgedwongen, want niemand in Europa wil een crossbaan in z’n achtertuin. Dus springen we stil over de springbult.

Zomerthermo onder je motorpak

Het lijkt zo tegenstrijdig door ook in de zomer je thermoshirt en -broek onder je motorpak te dragen. Je zou toch zeggen: Je zweet je pak uit! Maar dat doe je hoe dan ook. Je thermo zorgt ervoor dat het ademende membraan in je pak beter werkt. En dat zou net die paar graden schelen waardoor motorrijden in de zomerhitte toch nog comfortabel is.

Kawasaki Ninja 1000SX vs. Suzuki GSX-S1000GT

GT’s; motorfietsen met een bullig blok en een niet overdreven sportieve zithouding. Ooit waren ze heel populair, maar op en gegeven moment kwam de klad erin. IJzerenheinig bleef Kawasaki de Ninja 1000SX voeren. Als dank krijgen ze concurrentie van de Suzuki GSX-S1000GT

Bochten in Bouillon 6

Een rit in de omgeving van Bouilllon brengt meewarige gevoelens teweeg. Hotel de la Poste, het kasteel, de Semois. Pakweg dertig jaar geleden reden we er epische ritten en feestten we tot diep in de nacht. Chimay, La Chouffe, Orval. Bouillon, waar is de tijd gebleven.

TT-historie in bochten

We gaan naar Assen, maar in welke bocht gaan we zitten? Haarbocht, Ossebroeken, Strubben of toch de GT? Waar maak je de kans op de meeste actie, inhaalacties en schuivers. Dat zoeken wij voor je uit. We spitten door de bijna 100-jarige geschiedenis van het circuit voor een analyse van wat er gebeurde in welke bocht.

MOTOREN & RIJDEN

  • Indian Motorcycle Challenger & Chieftain Elite
  • Honda Hornet krijgt vorm
  • Royal Enfield Himalayan Traveller
  • Kawasaki Z400 & Ninja 400
  • Column: Herman Brusselmans
  • RIJTIPS: Rijden met een duo
  • TEST: GasGas SM700
  • Top-10 mooiste details: wat maakt een motor bijzonder?
  • VERGELIJK: 3 Honda 350cc-scooters

SPORT

  • Rossi’s laatste zege
  • TT in remvertraging
  • MOTOGP: Catalunya
  • WK Endurance Spa-Franchorchsamps
  • WorldSBK Misano
  • MXGP Ernee & Teutschental
  • NL-Wereldtoppers
  • Terugblik: Rossi & Litjens

Test 2022 Bimota KB4: exclusief retromodern

0
2022 Bimota KB4

Test 2022 Bimota KB4. Met het tweede nieuwe model is het herrezen Bimota een verrassende richting ingeslagen. Veel minder extreem dan de Tesi H2, maar ook duidelijk anders dan de meer gangbare lijn van Bimota-sportmotoren zoals we die al zo lang kennen. De KB4 blijkt veel rationeler.

Tekst: Alan Cathcart
Fotografie: Kel Edge

De eerste proeve van bekwaamheid was de Tesi H2. Het gelimiteerde model – 250 stuks – wordt nu uitgeleverd aan dealers over de hele wereld – maar voornamelijk in Japan. Die wonderlijke motorfiets heeft nu gezelschap gekregen van de KB4, een minder radicaal, maar toch innovatief model dat op de EICMA van 2020 als conceptmodel werd getoond en in november 2021 in productieklare vorm. Er zijn inmiddels al 105 exemplaren gemaakt in Bimota’s nieuwe 2.500 m2 grote fabriek in Rimini, waar dertien werknemers actief zijn. Ik had de eer om als eerste journalist ter wereld met de nieuwe KB4 te rijden. Hoewel ik bijna alle modellen heb gereden die Bimota in haar halve eeuw van bestaan heeft gemaakt – volgend jaar bestaat Bimota 50 jaar – en met sommige zelfs races heb gereden, werd ik verrast door de KB4. Na een dag rijden, 215 kilometers op de bochtige wegen in het heuvelachtige achterland van de badplaats, stelde ik verbaasd vast dat dit helemaal niet de motor was die ik dacht dat het zou zijn toen ik hem zag in Milaan.

Test 2022 Ducati Streetfighter V4 SP

Dat komt doordat de styling van de 2022 Bimota KB4, van Bimota’s eigen ‘progettista’ Enrico Borghesan, de indruk wekt dat het ‘gewoon’ de volgende is in een lange serie van Bimota-superbikes voor de straat, zoals ze in de loop der jaren zijn ontworpen door Pierluigi Marconi (62) en zijn voorgangers. Maar dat is het niet. ‘Als we een nieuwe generatie Bimota-superbikes hadden willen bouwen, dan hadden we het ZX-10RR-motorblok moeten gebruiken’, zegt Marconi. ‘Daarbij is het heel moeilijk om een motor te verbeteren die zes van de afgelopen zeven superbike-wereldtitels heeft gewonnen. Kawasaki en ik wilden dat ok niet. In plaats daarvan hebben we voor het 1043cc-blok van de Z1000SX gekozen, omdat we de ultieme straatmotor wilden bouwen, een sport-tour – nee, een ‘super-tour’! – die de best sturende motor voor op straat is, en daarbij ook rationeel en gebruiksvriendelijk. Vertel straks maar of we daarin zijn geslaagd!’

Bekende constructie

Voordat ik richting de heuvels reed, wierp ik een nadere blik op één van de nog naakte exemplaren die werden geassembleerd door Bimota’s vier man sterke productieploeg. Dan zie je de radicale formule waar Marconi voor heeft gekozen. De vier-in-lijn van de Z1000SX zit zichtbaar verder naar voren dan in de motor waar het van geleend is. Dat komt omdat de radiateur naar onder het zadel is verhuisd. Deze ingrepen leiden tot een behoorlijk extreem voorwielgerichte gewichtsverdeling van 54/46%, wat helpt om de voorband strak op het asfalt te plakken in bochten. Het gewicht van de rijder levert een minder grote bijdrage, door een wat minder voorovergebogen zithouding. ‘Het concept van de KB4 is dat hij moet aanvoelen als een 600 met een 1000cc-blok’, zegt Marconi. ‘We hebben een heel korte motor gemaakt met een wielbasis van maar 1.390 millimeter.’

Dat is een constructie waar Marconi al ervaring mee heeft sinds zijn tijd bij Benelli 20 jaar geleden, waar de door Adrian Morton ontworpen Tornado 900-driecilinder ook zo’n achterin geplaatste radiateur had, met opvallende afzuigventilatoren onder het kontje. Dat concept was eerder al toegepast op de legendarische Britten V1000 en ook de Saxon Triumph 900-driecilinder waarmee ik zelf racete in de BEARS World Series. Het voordeel van die constructie was hetzelfde als op de KB4: een meer voorwielgerichte gewichtsverdeling die gunstig bleek voor het aanhouden van een hoge bochtsnelheid. De Saxon had in racetrim overigens geen ventilator op de radiateur, net als de Britten.

De 2022 Bimota KB4 heeft die natuurlijk wel, een vrij luidruchtige zelfs die aanslaat wanneer de koelvloeistof 100°C bereikt en die onder de 95°C weer afslaat. Er zijn twee grote koeltunnels die buitenom beide vorkpoten helemaal naar achteren lopen, terwijl twee centrale luchtinlaten onder de ronde koplamp naar de Kawasaki-luchtfilterkast leiden. Blok en elektronica zijn volledig overgenomen van de Z1000SX, waarmee een hoop tijd en geld is bespaard. Je hebt dus dezelfde prestaties en vloeiende motorloop als van de Kawasaki sport-tour.

2022 Bimota KB4: prachtige afwerking

Net als de Z1000SX levert de 2022 Bimota KB4 142 pk bij 10.000 toeren. Dat is wel heel wat minder dan de 200 pk bij 13.200 toeren van de ZX-10RR, maar het vollere middengebied maakt het blok duidelijk beter geschikt voor straatgebruik. Dit toch al gebruiksvriendelijke blok kan zijn vermogen in twee power modes afgeven: ‘Full’, wat is wat het zegt, en ‘Low’, met een softere respons en een maximaal vermogen van 105 pk. Deze twee vermogensmodi zijn gekoppeld aan vier verschillende rijmodi: Sport, Road, Rain en een zelf te configureren Rider-modus. Ook zijn er drie standen voor de tractiecontrole. Ook het tft-dashboard van de SX is gebruikt, net als de quickshifter voor op- en terugschakelen en de cruise control. Kortom: Japanse mechanische en elektronische kwaliteit op een handgemaakte Italiaanse motor, da’s een behoorlijk aantrekkelijke combinatie!

Het wordt nog aantrekkelijker door de prachtige afwerking en hoogwaardige componenten. Het frame bestaat uit een chroommolybdeen vakwerkframe met aan de achterkant twee gefreesde aluminium schetsplaten, met het motorblok als volledig dragend deel. De voorvork is een volledig instelbare Öhlins FG R&T NIX30 met 43mm-binnenpoten, waarbij de balhoofdhoek van 24° en naloop van 100,8 millimeter zeer conventioneel zijn vergeleken met Bimota’s vaak extremere waarden op hun racemotoren-met-verlichting.

Aan de achterzijde zit een gesmede aluminium swingarm met een progressief hevelsysteem, waarop een volledig instelbare Öhlins TTX36-schokdemper is gemonteerd. De wielen zijn lichte, gesmede aluminium exemplaren, waarbij de achterband ietwat verrassend de ‘oude’ maat 190/50 ZR17 heeft, in plaats van de nu gangbare 190/55. Het kuipwerk is van carbonfiber, wat bijdraagt aan het lage drooggewicht van 189 kilo. Die kilo’s worden afgeremd door een Brembo-systeem met twee 320mm-schijven (10 mm kleiner dan op de Tesi H2) en vierzuiger-Monobloc-remklauwen, plus een 220mm-schijf in het achterwiel. Het eigen ABS van Kawasaki is gebruikt; logisch, aangezien dat in het elektronicapakket zit geïntegreerd.

Twijfeltest Kawasaki Z900 vs Kawasaki Z650

Wanneer je gaat zitten op het tamelijk vloekend gekleurde leren zadel, weet je al dat deze Bimota anders is dan verwacht. Dankzij de naar sportmotornormen vrij lage zit van 810 mm (verstelbaar over een bereik van 16 millimeter) zit je meer ín de 2022 Bimota KB4 dan erop, met een gematigd voorovergebogen zitpositie die mede te danken is aan de vrij breed geplaatste stuurhelften, die ook niet zo sterk naar beneden wijzen als op sommige andere Bimota’s. Ze staan hoger en je leunt minder zwaar op je polsen. Dat gecombineerd met verrassend laag geplaatste voetsteunen – die toch niet aan de grond kwamen – geeft een zitpositie die misschien niet echt een toerhouding is, maar zeker een stuk rationeler dan op bijna elke andere Bimota die ik ooit heb gereden. Het is nou niet bepaald een BMW R1250GS, maar de KB4 is beslist een minder extreme, meer allround Bimota die gemakkelijker in de omgang is en minder veeleisend om te rijden dan voorgangers als de YB4 IE-superbike van 1987 met zijn aluminium brugframe.

2022 Bimota KB4

Hoge brandstoftank

Wat niet wil zeggen dat de 2022 Bimota KB4 niet de traditionele Bimota-kwaliteiten heeft als het gaat om stuureigenschappen en prestaties. De motor sneed gretig door de bochten van de Apennijnen, waar Pierluigi Marconi me mee naartoe nam – hij op het prototype van de KB4 RC, de naakte versie. Vooral toen we een paar stukken weg vonden met mooi strak, heerlijk slingerend asfalt dat geen vorstschade had opgelopen en nog geen reparatiestroken had. Dat is waar de extra grip van de voorkant goed voelbaar was door sneller afdraaien mogelijk te maken, terwijl ik daarbij zelf niet zoveel kon bijdragen door m’n lichaamsgewicht te verplaatsen. Dat komt omdat de vorm van de 19,5-litertank achter de airbox het niet mogelijk maakt om naar voren te hangen. Je borst raakt de hoge bovenzijde namelijk al voordat je ver voorover leunt. ‘Da’s waar, we hebben het tankvolume niet zo goed weten weg te werken als ik graag had gewild’, geeft Marconi toe. ‘Maar we hebben de gewichtsverdeling van de motor genoeg naar voren gebracht, de rijder hoeft daar zelf niet nog meer aan toe te voegen. Dit is een motor waarop je niet veel hoeft te bewegen tijdens het rijden, ontspan je gewoon en ga met de motor mee.’ En de semi-sportieve zithouding is best comfortabel voor een rijder van 1,80 meter zoals ikzelf. Zelfs op hoge snelheid, waar de ruit het grootste deel van de wind richting de bovenkant van mijn helm stuurde als ik voorover boog zo ver als de tank toestond (en ja, slankere rijders zullen hier meer speelruimte hebben…).

Een andere factor is de vermogensafgifte van het Z1000SX-blok. Dat heeft vermogen zat, maar is ook rustgevend soepel, met een hoop trekkracht in het middengebied. Dat betekent dat ik de prima afgestelde quickshifter niet zo vaak nodig had, want het blok trekt al flink vanaf 3.000 toeren, waarna het vermogen op een volstrekt lineaire manier toeneemt en wordt vastgehouden tot aan de toerenbegrenzer bij 11.000 toeren als ik dat zou willen. Wat ik niet deed – nou ja, één keertje dan, om kennis te maken met de zeer zacht ingrijpende begrenzer. Verder schakelde ik eigenlijk steeds al bij 7.500 toeren, wat nog 500 toeren voor maximumkoppel is. Na opschakelen trok de motor telkens weer hard door in de volgende versnelling. Op sommige bochtige trajecten bleef ik eindeloos lang in de derde versnelling rijden, waarbij de snelheid in de hairpins tot amper 40 km/u terugzakte, om vervolgens weer hard over het rechte stuk naar de volgende bocht te accelereren. Op snellere, meer open stukken weg merkte ik dat ik ontspannen kruissnelheden van 160 km/u kon aanhouden. En ondanks de vrij rechtopzithouding ving ik niet overdreven veel wind, dankzij de verrassend effectieve ruit.

Fantastische vering

Het zijn echter de stuureigenschappen waarop de Bimota beoordeeld zal worden, en die zijn bij de 2022 Bimota KB4 meteen net zo vertrouwenwekkend als van Marconi’s conventionele (dus niet-Tesi) ontwerpen altijd zijn geweest. Dit is een ontwerper die weet hoe hij een motor zowel strak als wendbaar kan laten sturen, ongeacht wat er voor motorblok tussen de framebuizen hangt. Dat is ook voor een belangrijk deel te danken aan Bimota’s testrijder Gianluca Galasso, die het grootste deel van de afgelopen 35 jaar met Marconi heeft gewerkt aan het optimaliseren van zijn afstellingen. De Öhlins-vering op de KB4 werkt echt fantastisch, met een geweldig absorptievermogen, beter dan alle voorgaande Bimota’s die ik me kan herinneren. Ik kon diep de bocht inremmen en de voorvork absorbeerde alle oneffenheden die ik daarbij tegenkwam, ondanks de nadrukkelijke gewichtsverplaatsing onder het geweld van de fabuleuze Brembo’s in het voorwiel. De achterband beet bij het uitkomen bijna altijd meteen effectief in het asfalt, ook als er richels of hobbels en gaten moesten worden verwerkt. Het kwam zelden voor dat de weg zo slecht was dat de Bimota over de oneffenheden stuiterde, de vering verwerkte het vrijwel altijd. Later, toen ik Gianluca volgde op zijn veringtestcircuit (ook wel bekend als de binnenwegen van de republiek San Marino) kreeg ik de voorvork wel aan het schudden over een uitgevreten wegdek bergaf, maar het was nooit zo dat de vork het niet meer aankon.

En wat dan nog? Dit is een sportmotor, of niet dan? Van een Bimota verwacht je niet dat hij kan afrekenen met dit soort slechte wegen. Maar deze doet dat wel, omdat hij is ontwikkeld om op plekken te kunnen rijden en dingen te kunnen doen die geen van de motoren van de fabrikant uit Rimini ooit moest kunnen (nou ja, behalve dan de zeer korte DBX Street Enduro).

Conclusie 2022 Bimota KB4

De KB4 is een zeer gelukkig huwelijk tussen het Z1000SX-blok en het hybride Bimota-frame. Een motor die de klassieke vormen van de iconische Bimota-modellen uit de jaren 70 combineert met het functioneren en de bruikbaarheid van een moderne motor. ‘De KB4 oogt puur en snel, net als het proces dat hem heeft gecreëerd!’, zegt vormgever Enrico Borghesan. ‘Hij ging van de eerste schets naar een model op volledige grootte in slechts een paar maanden, met gebruikmaking van computer-aided design, zonder dat hij iets mist van de passie die zoveel eerdere Bimota’s zo gaaf om op te rijden heeft maakte. Met sommige motoren rij je omdat het een verstandige keuze lijkt, maar je rijdt met een Bimota als deze omdat je het gewoon wilt.’ En daar kan ik niks tegenin brengen…

2022 Bimota KB4

Volg Thierry Sarasyn op zondag 19 juni tijdens zijn record in 24 uur door 14 landen!

0

Een jaar nadat er een officieel wereldrecord werd gevestigd op de MV Agusta Turismo Veloce, zal er een nieuwe poging worden ondernomen om het grootste aantal landen op één dag te bereiken. Op dezelfde motor en met dezelfde banden zal Thierry Sarasyn proberen 14 landen aan te doen in minder dan 24 uur. De poging is gepland voor zondag 19 juni.

De recordpoging wordt officieel door het Legendstracking-systeem, een tracker die wordt gebruikt voor officiële recordpogingen en het volgen van ultralopers, fietsers en triatleten. Het systeem zendt elke minuut een signaal uit zodat de afgelegde weg niet alleen kan worden gecontroleerd, maar ook kan worden gevolgd via deze link. Een deurwaarder zal deze gegevens controleren en op basis van zijn evaluatie zal ook de federatie het record erkennen.

klik en Volg Thierry in real time tijdens zijn reis door 14 landen

De reis brengt onze collega naar de volgende landen: Oostenrijk, Liechtenstein, Zwitserland, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg, België en Nederland. ‘Als ik Luxemburg bereik, zal het record al gebroken zijn’, legt Sarasyn uit. “’k hoop dan nòg 200 kilometer te kunnen doen en België en Nederland aan de lijst toe te voegen. Er wordt hier en daar gesproken over motorrijders die 14 of 15 landen deden in ongecontroleerde omstandigheden of meer dan 24 uur. Ik hoop dat ik in veel opzichten duidelijkheid kan scheppen. 14 landen is meer dan het officiële record en evenveel als wat er beweerd wordt dat al ooit gereden is. Alleen is deze reis volledig gecontroleerd en wordt ze gedaan met respect voor alle geldende snelheidsregels in elk land.’

Los daarvan heeft Thierry nog heel wat werk voor de boeg. Hij zal ongeveer 2.000 km moeten afleggen in minder dan 24 uur. ‘Ik hoop zo veel mogelijk bij daglicht te rijden’, zegt hij. ‘Ik rijd op een zondag, wat hopelijk betekent dat er minder verkeer is. En in het oosten komt het daglicht al wat vroeger, terwijl het in het westen later donker wordt. Ik zou ongeveer 19 uur daglicht moeten hebben op deze tocht.’

Het bestaande wereldrecord werd ook gevestigd op een MV Agusta Turismo Veloce met Bridgestone T32 sport touring-banden. Als de poging om het record te breken niet lukt, zijn deze merken nog steeds wereldrecordhouder, Sarasyn niet. ‘Maar ik heb er alle vertrouwen in dat het kan’, zegt hij. ‘Ik denk zelfs dat 15 mogelijk is. Maar laten we eerst maar eens kijken hoe dit afloopt. Misschien verveel ik me later deze zomer en waag ik nog een poging. De voorbereiding is gedaan, nu gaat het alleen nog om het rijden. Dat is het leukste gedeelte!’