woensdag 6 mei 2026
Home Blog Pagina 72

De Motor Podcast #179: circuit rijden en motorvloggen in 360º met Anita Polet

0
De Motor Podcast #179

Anita Polet weet één ding zeker: motorrijden wordt nóg leuker wanneer je het vastlegt in 360 graden én wanneer iedereen (óók kleinere rijders) zich zeker voelt op twee wielen. In aflevering 179 van De Motor Podcast duiken we in haar wereld: van haar garage vol Kawasaki’s tot haar missie om motorrijden toegankelijker te maken. Ook kunnen luisteraars nog een bijzonder toffe prijs winnen…

Anita vertelt openhartig hoe het is om als kleinere rijder je ideale motor te vinden. Wat voor velen vanzelfsprekend lijkt, kan voor haar doelgroep een flinke uitdaging zijn. Met haar initiatief Tiny People Approved helpt ze rijscholen in heel Nederland om motoren én instructeurs beter af te stemmen op rijders die nét wat korter zijn. Rust, controle en slim manoeuvreren vormen daarbij de kern.

De Motor Podcast #178: offroad van Rome naar Istanbul

Daar blijft het niet bij. We duiken ook in de wereld van motorvloggen en dan vooral in 360º. Anita, Peter en Dennis gebruiken zelf vaak de Insta360 camera’s en laten zien hoe flexibel het filmen daarmee wordt. Shot kiezen achteraf? Geen gedoe meer met richten tijdens het rijden? Het kan allemaal. In de podcast krijg je bovendien handige tips over bevestigingsplekken, software en accessoires. En alsof dat nog niet genoeg is, maak je ook nog eens kans op een Insta360 X4 Air camera.

Peter neemt je vervolgens mee in een nieuw avontuur op Bonaire, terwijl Dennis zijn eerste rondje “op Assen” deelt…inclusief adrenaline? Kortom: een aflevering vol passie, techniek, verhalen en inspiratie.

Beluister aflevering 179 van De Motor Podcast via je podcast-app en ontdek waarom motorrijden met Pink Spirit nét dat beetje extra kleur heeft.

Luisteren naar De Motor Podcast is helemaal gratis en kun je doen via elke podcast-app zoals Spotify of de andere platformen. Er verschijnt elke 2 weken een nieuwe aflevering

American Lifestyle krijgt de dokter op bezoek… Hakuna Matata!

0

Van beroep is Bruno Schwagten hartchirurg, of ‘elektricien van het hart’, zoals hij het zelf passioneel omschrijft. Dagelijks zoeft ‘The Flying Doctor’ per boxer-Motorrad naar zijn consultatiestek toe, maar voor de funtoertjes in zijn schaarse vrije tijd, stuurt hij het liefst met zijn verbouwde H-D Breakout over het asfalt.

“Na een tweetal sportieve Japanners reed ik met respectievelijk een BMW 1000RS en een GS”, opent Bruno zijn verhaal. “Achteraf droomde ik van een Ducati Panigale, want het kon toen niet snel en gek genoeg gaan. Na een proefrit met de Ducati was ik compleet overtuigd, maar gelukkig bleef ik nuchter genoeg om te beseffen dat het tijd werd om het iets rustiger aan te gaan doen. Daarbij dacht ik vrij impulsief aan een Harley en samen met mijn echtgenote Isabelle trok ik op verkenningstocht naar Harley-Davidson American Lifestyle in Zwijndrecht.”

Meer Bruno

Categorie Details
Bouwjaar1976
BeroepElektricien van het hart
TypeDoe wel en zie niet om
DrankChampagne, altijd en overal
EtenBoel met kriekskes
Beste filmLa vita è bella
MuziekFoo Fighters
BoekFotoboeken van onze reizen
SportDuiken
HobbyDrummen
Motoren betekenenEen onmisbaar deel van het leven, net zoals mijn vrouw en kinderen
DroommotorEentje van elk, alsjeblieft
Pijnlijkste motormomentCBR op zijn grote steun zetten en moeten neerleggen
Mooiste motorervaringZuid-Frankrijk met zijn tweetjes op een CBR 600F
Gebruik motor het meestOm naar te kijken
Wat kan er beter aan de motorPoetsen van de (vlijmscherpe) spaken is een pijnlijke affaire
Bezondigingen in het verkeerWielerterroristen terechtwijzen
Persoonlijk voorbeeldThe Doctor (Valentino Rossi)
Nog andere motorenJawel, bij je tweede kind smijt je het eerste toch ook niet weg?
Wat met 5 miljoenNatellen of het juist is
LijfspreukHakuna Matata

MAGISCH EFFECT

“Onze aandacht ging vooral uit naar een V-Rod, vanwege zijn gigantische achterband, maar helaas bleek deze mastodont niet meer in productie. Nadat zaakvoerder Timo onze wensen had doorgenomen, stelde hij een Breakout voor als mogelijk alternatief. Samen met Timo bekeken we de mogelijkheden voor een licht verbouwde Harley. Het overleg gebeurde na sluitingstijd en de exclusieve aandacht in een verlaten toonzaal zorgde voor een magisch effect. Tussen al die motoren voelden we ons als tieners in een gigantische speelgoedwinkel. Na enkele sessies brainstormen veranderde de bescheiden motor, die we voor ogen hadden, langzamerhand in een royaal verbouwde custom, waarvan zowat enkel nog het frame standaard bleef. De wisselwerking tussen ons en de Harley-dealer was uitstekend, want hij bouwde constant verder op onze wensen en opmerkingen. De zoektocht naar de juiste velgen bleek een moeilijk opstakel, want het aanbod is quasi oneindig. Uiteindelijk kwam onze focus op de artistieke combinatie van zwart- en goudtinten te liggen. Het verzoek om alle beschikbare goudkleurige velgen te showen, bezorgde Timo nogal wat stress en hij was opgelucht dat het Roland Sands assortiment aan onze wensen voldeed. Daar vonden we ook het luchtfilter dat het meest conform was met gewenste design. Alle chroom en glimmende onderdelen werden van een zwarte laklaag voorzien. Het handgemaakte zadel werd achteraan min of meer gestroomlijnd naar de ‘contouren’ van Isabelles zitvlak.”

GP-Suzuka: Thunderbike Harley-Davidson Softail Breakout 117

HEFTIGE SOUND

“Mijn fantasieën over een reusachtig brede achterslof, in combinatie met een knoert van een voorwiel, werden door Timo abrupt de kop ingedrukt met de logische vraag of de motor rijdbaar moest blijven. Dat was natuurlijk van primair belang. Zijn raadgeving bleek achteraf geen overbodige luxe, want na het ophalen van de motor belandde ik door een gebrek aan ‘chopperervaring’ al bij de eerste resolute dot gas bijkans tegen een huizenrij aan de overkant van de straat. Ik moest nog wennen aan het zonderlinge stuurgedrag en het feit dat de agressieve gasrespons van mijn vorige machines was ingeruild voor een waanzinnig bruut koppel. Bij de opbouw was er afgesproken dat de voorband niet smal mocht zijn en de voorvork verlengd moest worden. Het originele uitlaatsysteem werd ingeruild voor een stel regelbare Jekill & Hyde uitlaten. Ik hou ontzettend van het alternatieve woeste geluid dat de ze produceren, na het indrukken van een simpel knopje. Door een tunnel boenderen is thans een zalig feest, want de machtige klankstoten uit de Jekill & Hyde pijpen toveren een onwaarschijnlijk brede grijns op mijn gezicht. Uiteraard begrijp ik dat daar grenzen aan zijn, dus wanneer we weer thuis komen, dan arriveren we voor de buurvrouw met de decibels van een naaimachientje.”

STIJLSWITCH

“Het heeft wel eventjes geduurd voor het project klaar was, maar dat valt wellicht te verklaren door onze excessieve wensen. In die periode stond ik heus niet ‘droog’, want de Japanners en de GS waren er nog. Bij aanvang kregen we een foto van de volledig gestripte machine. Dat veroorzaakte een stevige paniekaanval, want een nagelnieuwe motor slopen blijft een bizarre gebeurtenis. Gaandeweg kregen we tijdens de heropbouw nog meer foto’s te zien en dat bedaarde de gemoederen enigszins. We zagen de machine langzaamaan evolueren naar een unieke ‘one off’ custom. Opeens waren we lid van de Harley-gemeenschap en dosten we ons uit in aangepaste merkkledij. De integraal werd vervangen door een jethelm, een stijlswitch die toch wat gewenning vergt. Cilinderinhoud stond voor mij gelijk aan cc’s en ik schrok me een bult dat ‘114 inch’ het equivalent is van een fors autoblok. Op zo’n loebas moet gewerkt worden, want in vergelijking met de GS is de Breakout behoorlijk groot, breed, laag en log.” Om maximaal en zonder onnodige afleidingen van het motorrijden te genieten, werd het stuur zo clean mogelijk gehouden. Behalve een klein digitaal schermpje voor de meest rudimentaire informatie, zijn er geen tellers gemonteerd. De minuscule led- knipperlichtjes die vooraan aan het remhendel en achteraan in het spatbord ingebouwd werden, produceren opmerkelijk veel licht. De achterbrug is aangepast op de breedte van de band. Het bij American Lifestyle vervaardigde handmade achterspatbord sluit mooi aan op het rubber en eindigt netjes in het midden van de band.

SKULLS EN ANATOMIE

“Noem het gerust een professionele afwijking”, lacht Bruno, “maar ik heb een zwak voor skulls. Talrijke T-shirts in mijn garderobe zijn ermee gedecoreerd en ik wou ze ook graag op de Breakout gepaint hebben. Misschien is het een minuscuul stukje bad boy in mezelf. Als cardioloog-elektrofysioloog ben ik gespecialiseerd in hartritmestoornissen en het klinkt wellicht logischer dat mijn skull-obsessie voortkomt uit een gezonde interesse voor de menselijke anatomie. In mijn thuispraktijk werk ik samen met mijn echtgenote en in de kliniek voer ik drie dagen per week operaties uit. Mijn tegen straling beschermende loodshort draagt het nummer 46 en patiënten vragen me dikwijls van welke voetbalploeg of speler ik fan ben. Ze schrikken dan telkens dat hun gezondheid gezalfd wordt door een biker die loyaal fan is van MotoGP legende Valentino Rossi. Behalve de skulls staan op de benzinetank ook de initialen van onze voornaam gepaint en op het achterspatbord ons levensmoto: ‘Hakuna Matata’. De spreuk is bekend van de Disney films en betekent vrij vertaald vanuit het Swahili ‘geen zorgen’. Dat devies respecteren we maximaal, want nu de kids stilaan volwassen worden kunnen Isabelle en ik  weer motorrijden. Een homogene outfit vinden voor ons beiden bleek geen sinecure, maar we vinden het best een amusant detail om samen in identieke uitmonstering rond te sjezen.” 

BEELDHOUWWERK

Onderweg verliezen we de motor nooit uit het oog. Onverlaten durven namelijk wel eens over de airbrush wrijven en daar hou ik niet echt van, want minuscule stofkorreltjes veroorzaken snel krasjes die achteraf in het zonlicht zichtbaar worden. Met de Air-Ride kan ik de Breakout bij het parkeren laten zakken, zodat de machine letterlijk op de achterband lijkt te rusten en mooi in lijn staat. We beschouwen de Amerikaanse V-twin eigenlijk als een artistiek kunstwerk, want de machine wordt meer bekeken dan bereden. Na elke tocht met de Breakout wordt hij liefdevol de woonkamer weer ingerold. Daar kreeg hij een belangrijk plaatsje, te midden van enkele memorabele reissouvenirs. Tussen de tv-programma’s door zitten we er telkens naar te staren, alsof het een beeldhouwwerk van Michelangelo betreft. Soms zetten we niet eens de tv aan en genieten dan rustig met een drankje van de schoonheid die we in de tweewieler ontwaren. Hij is gebouwd naar de wensen van ons beiden en beleven er elke dag plezier aan. Meer hoeft dat voor ons niet te zijn.”

Tekst & foto’s: Patrick De Muynck

TECHNISCHE SPECIFICATIES HAKUNA MATATA BREAKOUT

Categorie Details
MerkHarley-Davidson
ModelBreakout
Bouwjaar2018
EigenaarBruno Schwagten
BouwerH-D American Lifestyle

Motorblok

TypeMilwaukee-Eight 114
Cilinderinhoud1868 cc
LuchtfilterRoland Sands Design
UitlatenDr. Jekill & Mr. Hyde
OverigScreamin’ Eagle Stage 1-Kit

Rijwielgedeelte

FrameStock, Softail
SchokbrekersAir-Ride
VoorvorkH-D, blacked out
VoorwielRoland Sands Design custom color
AchterwielRoland Sands Design custom color

Diversen

SpiegelsH-D accessoire
KnipperlichtenThunderbike mini led
ZadelCustom made
AchterspatbordHand made
Achterlicht3-1 in fender
KentekenplaathouderSidemount

Spuitwerk

SpuiterStef
KleurBlack & Gold Denim, anatomic skull airbrush

Van Agostini tot Márquez: FIM opent Racing Motorcycle Museum

0
Good Shoot / david reygondaeu
,2025,FIM,Awards,Lausanne,RMM,Inauguration

Op zaterdag 6 december opende het gloednieuwe FIM Racing Motorcycle Museum (RMM) officieel zijn deuren. De inhuldiging werd verricht door Christelle Luisier Brodard, voorzitter van het Zwitserse Canton de Vaud, in aanwezigheid van het FIM-bestuur, vertegenwoordigers van nationale motorsportfederaties en de FIM-wereldkampioenen van 2025.

Permanente ode aan motorsport

Het museum is ondergebracht in het voormalige FIM-hoofdkwartier in de Zwitserse gemeente Mies. Het RMM wordt een permanente tentoonstelling die de rijke geschiedenis van de motorsport belicht, van de eerste pioniers tot de helden van vandaag.

Eerste leden van de FIM Hall of Fame

Na het officiële lintmoment nodigden Jorge Viegas en Fabio Muner enkele iconen van de sport op het podium uit. Giacomo Agostini (15-voudig wereldkampioen wegrace), Harry Everts (4-voudig wereldkampioen motorcross), motorsportlegende Sammy Miller en Carmelo Ezpeleta, CEO van MotoGP-promotor Dorna, werden als allereersten opgenomen in de gloednieuwe FIM Hall of Fame.

Topmachines van de wereldkampioenen 2025

Een van de blikvangers van het museum is de verzameling motoren waarmee de FIM-wereldkampioenen van 2025 hun titel behaalden. Bezoekers kunnen onder andere de machines bewonderen van:

-Marc Márquez – FIM MotoGP-wereldkampioen
-Toprak Razgatlioglu – FIM Superbike-wereldkampioen
-Toni Bou – FIM TrialGP-wereldkampioen
-Daniel Sanders – FIM World Rally-Raid-kampioen
-Josep Garcia – FIM EnduroGP-wereldkampioen
-Bartosz Zmarzlik – FIM Speedway GP-wereldkampioen
-Romain Febvre – FIM MXGP-wereldkampioen motorcross

Historische parels uit alle disciplines

Naast recente kampioensmotoren bevat het museum een indrukwekkende selectie iconische machines uit alle FIM-disciplines. Tot de meest opmerkelijke stukken behoren onder andere:

-de AJS Porcupine waarmee Leslie Graham in 1949 het allereerste FIM Grand Prix-wereldkampioenschap won
-Mike Hailwoods Honda RC166 F101 250 zescilinder uit 1967
-Valentino Rossi’s Yamaha YZR-M1 uit 2004
-Jonathan Rea’s Kawasaki Ninja ZX-10R uit 2016
-Marc Márquez’ Honda RC213V uit 2018
-Stefan Everts’ Yamaha YZ450F uit 2006
-Jordi Tarres’ prototype Beta Zero uit 1989
-Francesco Cecchini’s Zaeta DT450RS uit 2019
-Hubert Auriol’s BMW R80 G/S uit 1981
-Andrea Verona’s GASGAS EC350F uit 2024

Foto’s: Good Shoot / david reygondaeu

Jan Kruithof kondigt na 30 jaar afscheid bij Promotor aan: ‘Het was meer dan werk’

4
Jan Kruithof 2

Na meer dan dertig jaar aan het stuur van Promotor, draai ik eind dit jaar voor het laatst de contactsleutel om. Wat een rit! Dertig jaar vol verhalen, motoren, reizen en vooral mensen. Mensen met wie ik reed, lachte en soms gewoon zweeg, onderweg naar dat onbeschrijfelijke gevoel van vrijheid.

Ik kijk terug op de jaren 2000 tot 2016 – de absolute piek van avontuur en creativiteit. Toen deden we alles wat mogelijk was. Alles. Van de ruige kliffen van de Faeröer Eilanden tot de ijsvlaktes van IJsland, over de hoogste passen van de Himalaya en de hete savannes van Tanzania, en zelfs op Spitsbergen op een ingevroren Yamaha Super Ténéré met een geweer op onze rug. Niets was te gek, niets te ver. Dat alles was mogelijk dankzij ons team, dat draaide als mijn pas gereviseerde Moto Guzzi: Jan Dirk Onrust, Nico Vis, Alfred Tuitel en Niels Roodenburg, maar ook Gijs Loning en Co Wichard – nog altijd in mijn gedachten. Samen waren we onverwoestbaar. Zelfs in de ijskoude tent op het testcircuit van de ANWB in Lelystad, waar we drie jaar lang van april tot juli proefritten organiseerden op vrijwel alle motormerken.

Jan Kruithof: ‘Mijn rijbewijs werd ingenomen, maar als ik 600 euro cash zou betalen, mocht ik verder’

Het was meer dan werk; het was een manier van leven, een geest van nieuwsgierigheid die elke bocht spannend maakte. En ik kijk met trots terug op die eindeloze wegen, die koude ochtenden aan de rand van de wereld, en de prachtige verhalen die daaruit ontstonden, samen met Jan Dirk.

De laatste acht jaar bij Motor.NL waren de perfecte finale. Een stap die ik nooit beter had kunnen zetten. Daar ontdekte ik opnieuw waarom het maken van tijdschriften en motorrijden zo bijzonder is: het verbindt, daagt uit en houdt je jong. Met dank aan Nick, Bart, Maikel, Kaj, Marien en later Galina en Sik, die van elke werkdag een nieuw avontuur maakten.

Dus ja, dit is een afscheid. Maar geen stilvallen langs de kant. Eerder een rustige afdaling na een waanzinnig bergtraject. Komend jaar doe ik nog wat klussen voor Motor.NL, ondersteun ik het nieuwe team met hopelijk zinnige wijsheden. Daarna stilte. Maar zodra ik mijn Moto Guzzi California GT weer start, weet ik: de motor van mijn leven, mijn verhaal draait gewoon door.

Bedankt voor het meereizen. Het was een eer.

Gratis naar MOTORbeurs Utrecht! Word nu lid van RIDERS

0

Wil jij gratis naar MOTORbeurs Utrecht tussen 19 en 22 februari 2026? Word dan nu lid van de RIDERS community en claim direct je gratis toegangsticket. Niet alleen bij MOTORbeurs Utrecht sta je als RIDERS-lid op de gastenlijst. Dat sta je bij maar liefst drie grote motorevents. En dat is lang niet alles, kijk maar eens op riders.nu/actie. Er is meer.

Motorrijden draait om vrijheid, beleving en verbinding. Daarom brengt RIDERS motorrijders samen, ongeacht het merk wat je rijdt, het type motor of je rijervaring en rijstijl. Bij de RIDERS community vind je een plek waar de passie voor motorrijden gedeeld wordt.

De toertochten, toegang tot drie grote motorevenementen, ontmoetingen en aantrekkelijke diensten maken RIDERS een community voor motorrijders die meer willen beleven dan alleen de rit.

De club omvat al ruim 1.000 leden, waardoor je altijd gelijkgestemden vindt. Ontmoet elkaar op het digitale RIDERS platform waar je samen ritten kunt plannen, mee kunt rijden en vragen kunt stellen. Of ontmoet elkaar tijdens MOTORbeurs Utrecht, RIDERS Festival of Bigtwin Bikeshow. Bij alle drie sta je als RIDERS lid namelijk op de gastenlijst. 

Naast deze voordelen, profiteer je als lid ook van exclusieve kortingen en speciale club events. Samen rijden, samen beleven. Ga je liever solo op pad? Via het RIDERS platform krijg je tevens toegang tot een database vol routes.

Lid worden is binnen een minuut geregeld en kost je slechts €54,- per jaar. Tel uit je winst. Wil je meer informatie? Of direct lid worden? Dat doe je via riders.nu/actie.

Promotor 10 2025

0
Promotor 10 2025

Toertocht Le Puy-en-Velay / Haute-Loire, Frankrijk: genieten van lege landweggetjes en bochten

0
D40 boven de Allier.

Rondom de jonge Loire en de klovenrijke Allier nodigen lege landweggetjes je uit om te genieten van de bochten. ’s Avonds, tussen de kegels van uitgedoofde vulkanen, rijden we naar de oude stadsgangen van Le Puy-en-Velay voor een onvergetelijke Après-Moto.

Wat een geweldige start! Deze zaterdagavond heeft het ruimte-tijdcontinuüm het bijzonder goed met ons voor. De geluksbrenger is de dame aan de hotelreceptie, die ons de tip geeft voor Puy de Lumières, een spectaculaire lichtshow op enkele van de meest markante plekken in deze met een hemelse skyline gezegende stad met drie vulkaankegels. Merci beaucoup! Ook al wordt de nacht iets korter, we zwijmelen mee met de stroom mensen die door de oude straatjes naar de publieke vertoning bij de kathedraal Notre Dame de l’Annonciation trekt. Als zoiets al in de duistere middeleeuwen had bestaan, zouden zelfs de meest ongelovige zielen bekeerd zijn of angstig zijn weggevlucht voor wat zij als duivelswerk zouden beschouwen. Wanneer hoog bovenaan een brede trap de gevel van Onze Lieve Vrouw van de Verkondiging in steeds nieuwe, fantastische kleedjes verschijnt, terwijl andere motieven op de kerkmuren worden geprojecteerd, lijkt het wel of het door een goddelijke hand gestuurd wordt.

Toerisme Auvergne, Frankrijk: dansen op de vulkaan

Ingenieurskunst

Van het wonder van digitale lichtshows naar de ingenieurskunst uit het land van de rijzende zon: de dubbele koppeling van de Honda Africa Twin, oftewel DCT, maakt de linkerhand bijna werkloos. Of dat nu verlichting of ballast is, moet iedereen voor zichzelf beslissen, net zoals bij elke geloofsvraag. Dit systeem zal ons de komende dagen in ieder geval begeleiden rond Le Puy.

Onze eerste bestemming is Polignac. Daar gaat het niet om Yolande Martine Gabrielle de Polastron, de hertogin van Polignac, die als eerste zoekresultaat op internet verschijnt en kort na de Franse Revolutie overleed. Nee, we sturen naar Yolandes oude familiewoning, het op een basaltplateau gelegen dorpje Polignac met zijn imposante vesting. Van deze vesting staat alleen nog de toren overeind, met daaronder het hotel en het uitnodigende café ‘Les Terrasses de Polignac’. En wat staat er op de kilometerteller? Nog geen tien kilometer. On y va!

We rijden langs de hier nog lieflijk kleine Loire en nachtclub ‘Le Pacha Galaxy 43’, op de D103 die zich aan het riviertje vastklampt naar Château Lavoûte-Polignac, de geconsolideerde tweede woning van de adellijke familie. Het blijkt echter, net als het volgende Château, Château de la Rochelambert, niet van suboptimaal belang te zijn voor motorrijders die liever rijden tot de zon ondergaat. Dus: voeten op de grond, hand aan het gas en kijken maar.

De D590 tussen Loudes en Langeac is perfect voor ons. Een 29 kilometer lange groene golf, oh là là! Alleen de dakpannen van de paar huizen, de klaprozen en de toppen van de begrenzingspaaltjes in de berm van de landelijke weg zijn rood. In Nederland moet je daar lang naar zoeken.

Het relaxte ‘Café de la Tour’ in Lavoûte-Chilhac is een prima plek om je cafeïne-niveau op te krikken. Het ligt strategisch tussen een kanoverhuurbedrijf en een middeleeuwse stenen boogbrug over de Allier. Vanaf het terras kun je bovendien in alle rust het zondagse leven aanschouwen, van een familiebijeenkomst tot een uitje van de lokale motorclub.

Het volgende groepje lokale motards ontmoeten we waarschijnlijk niet per toeval op de brug over de Allier in Vieille-Brioude, na weer 20 geweldige kilometers, deze met dank aan de kronkelige D585. Tja, vrije tijd is rijtijd, en in dat opzicht is Frankrijk meer gezegend met mooie weggetjes dan Nederland. Heel anders is het als je niet alleen voor de lol over de weg gaat. Op een brug over de N102 staan ze, de gele hesjes, de belichaming van de Franse protest- en stakingscultuur. Groet, toeter en weer verder. Op naar Auzon voor het Vespa-museum.

De privécollectie van de iconische scooters is, helaas, op zondagmiddag gesloten, maar ter troost blijven we kijken naar een elegante Lancia Fulvia Coupé, een juweel van een ontwerp uit de vroege jaren ’70. Voor wie meer van schilderachtige kunst houdt, is La Chaise-Dieu de juiste plek, na weer 40 schitterende, en je raadt het al, kronkelige kilometers, deze keer op de D5 en D588.

Zoals een heilige UFO, letterlijk uit de lucht gevallen, domineert de imposante abdijkerk zijn omgeving. Het meest prominente stuk is de ‘Dodendans’, een muurschildering waarop vertegenwoordigers van alle maatschappelijke lagen door de dood naar de dans worden geleid. Liberté, Égalité, Fraternité – Létalité, dodelijkheid. Voor wie daar bang voor is, kan misschien beter in restaurant ‘le p’tit creux’ dineren, tegenover de kerk. Wat we ons echter ontzeggen, want Le Puy trekt ons terug, op uiterst levendig roterende banden.

Om te knielen

We rijden via de D589 tot Saint-Privat-d’Allier, waar het echt gaat beginnen. ‘Route de la Bête’ – de route van Het Beest – staat op een bord en het is waarachtig om bij te knielen. Pelgrims op weg naar Santiago de Compostella wandelen omhoog naar Rochegude, naar de kapel Saint Jacques en een oude wachttoren, om te genieten van het panoramisch uitzicht op de kloven van de Allier. Wij ook, maar dan toch liever per mobiele uitkijkplatforms, die vanaf een nog hoger perspectief als twee kleurrijke stippen op de D301 naar het diep uitgesneden rivierdal slingeren. Tot de motoren naar beneden slingerend Prades bereiken. We koelen af aan de oever van de Allier, een populaire zwemplek, omringd door de basaltorgels van Prades, die als versteende orgelpijpen de lucht in rijzen.

Een Halleluja voor de volgende etappe, maar nu niet omhoog, slechts net boven de Allier. Terwijl peddelaars zich vermaken met flinke rotsen, een surfgolf en een sprankelende rivier, navigeren wij parallel daaraan tussen steile rotswanden en ruwe stenen muren op de zwoele D48 naar Langeac. En duiken diep in de wonderlijke wereld van, nee, niet Amélie, maar de Franse super-hyper-intermarchés. Ja, je mist ze al, de tankstations waar je bijna overal en zelfs in de diepste provincie zowel brandstof als snacks kunt krijgen. Maar je krijgt niet altijd wat je wilt. Dus geen eindeloze bochten door dunbevolkt land, maar op elke hoek volle schappen – en dus steek je even snel door eindeloos lange supermarktgangen voor een paar snelle hapjes. Maar als beloning staan er weer lekkernijen zoals de D590 naar Pinols en de D41 door het Forêt d’Auvers op je te wachten.

Niet zo gemakkelijk te verteren is het monument voor de gesneuvelde strijders van de Résistance op Mont Mouchet. Eindspurt terug naar Le Puy. Echt iets voor de routeknutselaar. De Michelin-wegenkaart is een schakelschema vol met groene, gele, witte en blauwe lijnen – de rode tellen voorlopig niet mee. Alles is verschrikkelijk met elkaar verknoopt. Maar dat is precies waar het om gaat: het vinden van de kronkeligste route. We kiezen de D589 over Saugues en Monistrol-d’Allier tot Saint-Privat-d’Allier, maken onderweg kennis met ‘La Bête van Gévaudan’, een grijnzende monumentale sculptuur, opgericht ter herinnering aan een roofdier dat aan het einde van de 18e eeuw zo’n 100 mensen uit de omgeving heeft verscheurd.

We buigen af naar de knusse D40 naar Alleyras, begroeten daar de een of andere ‘dorpsbewoner’, liefdevol van lompen gemaakte, levensechte figuren. En swingen op de D33 door een fijn web van weilanden naar Cayres, waar twee prachtig uitspringende kerktorens voor ‘opschudding’ zorgen. De laatste kilometers rijden we toch nog ‘op rood’, over de N88 naar Le Puy. Excuus, het kon niet anders.

 Polignac.

Vulkanische bergketens

Langzaam zijn we gewend aan de DCT van de Africa Twin. In plaats van te schakelen, draaien we alleen we de richting om. En daarmee ook het landschap. Na de hoogvlaktes en kloven van de Allier in het westen van Le Puy, rijden we nu grofweg richting het oosten. Naar de vulkanische bergketens, gevormd door de ochtendzon naar veelbelovende ‘molshopen’. Voor Chadron eerst een korte liaison van D27 en Loire, die dicht bij elkaar door de vegetatie schommelen. Dan een déjà-vu: is dat niet de hoed van Bob Marley, het groen-geel-rode ringding, dat in Goudet de kerktoren beschermt tegen Petrus’ grillen? Nee, we hebben niet geblowd. Wel kunnen we onder een linde op het kerkplein een dutje doen, zonder meteen als zwervers weggejaagd te worden.

En dromen in het plus beau Arlempdes, een dorpsschoonheid met bijna twaalf dozijn inwoners, van een roltrap. Steil gaat het, beter: zou het gaan, omhoog naar een rotsachtig plateau met de resten van het eerste kasteel aan de Loire, die 30 kilometer verderop ontspringt. Fenomenaal moet het uitzicht daarboven zijn – vanuit vogelperspectief. Maar een paar krukasomwentelingen verder, bij de zwemplek naast de D54 richting Vielprat, is het dat ook. Het kratermeer Lac d’Issarlès, een turkooisblauw juweeltje ‘in de bergen van de Ardeche’, met een zandstrand, camping, gastronomische infrastructuur en zelfs een traiteur-slagerij. Echt een blijvertje.

Toertocht Cevennen, Frankrijk: ruw en authentiek

Ook een evergreen, tussen Le Béage en Les Estables, rond de ‘molshopen’ Mont Gerbier-de-Jonc en Mont Mézenc, met elkaar verknoopte wegen, waarop wij de pogo dansen, wakker geschud door een heleboel groen. Oh, hoe mooi is dat? In cijfers: 122, 631, 36, 378, 237, 215, 278, 410, 262 – zet voor elk een D, ook voor een blijvende glimlach.

Voor nachtelijke dromen gaan we nog een keer de oude stad van Le Puy in, in de Bermuda-driehoek tussen Place Cadelade, Place des Tables en Place du Plot. Vooral voor het triumviraat van de Madonna van Notre Dame de France, de kerk Saint-Michel en de kathedraal Notre Dame de l’Annonciation, die boven op de uitgedoofde vulkaanschachten troont. En zo zijn we weer terug bij het begin van dit artikel, wat ook tegelijkertijd het einde is.


Reisinformatie

Helemaal in het uiterste zuidoosten van de Auvergne, aan de bovenloop van de Loire en gekenmerkt door de kloven van de Allier en de toppen van uitgedoofde vulkanen, fascineert een ‘lavastroom’ van kronkelige motorwegen.

Heenreis
Van bijvoorbeeld de Erasmusbrug in Rotterdam is het via Brussel, Reims, Lyon en Saint-Étienne ongeveer 1.000 kilometer tot de toppen van de voormalige vulkanen in Le Puy-en-Velay.

Overnachten
In Le Puy-en-Velay zijn er drie Ibis-hotels, allemaal centraal gelegen en met parkeermogelijkheden of een ondergrondse garage, maar met verschillende standaarden en prijsniveaus, van budget tot Centre en Style, www.ibis.fr; in Polignac onder de ruïne van het kasteel het charmante La Gourmantine, www.gourmantine.fr; in La Chaise-Dieu vis-à-vis de abdij de Hôtel Restaurant Le Lion d’Or, hotel-leliondor43.jimdofree.com; in Arlempdes, een van de mooiste dorpen van Frankrijk, het Hôtel du Manoir, www.le-manoir-arlempdes.com; aan het zwemmeer Lac d’Issarlès het Logis Hôtel le Panoramic, www.lepanoramicissarles.com; in Le Béage, dichtbij Mont Gerbier-de-Jonc, het familiaire Hotel Restaurant Beauséjour en Ardèche, www.maisonvernet.com.

Download de route toertocht Le Puy-en-Velay / Haute-Loire, Frankrijk

Tekst en foto’s: Klaus H. Daams

Glenn Coldenhoff volgend jaar in Braziliaans kampioenschap motocross

0
Glenn Coldenhoff volgend jaar in Braziliaans kampioenschap motorcross

De nummer drie van het WK motorcross Glenn Coldenhoff kiest volgend jaar voor het Braziliaans motocrosskampioenschap met Yamaha C6 Bank IMS Racing.

Na een sterk seizoen, waarin Coldenhoff derde werd in de MXGP met Fantic Factory Racing, had hij moeite om een nieuw team te vinden. Na vijftien jaar in het WK-motocross maakt hij nu de overstap naar Zuid-Amerika.

Kay de Wolf waagt sprong naar koningsklasse MXGP

Met steun van de C6 Bank en kledingmerk IMS Racing is het Yamaha C6 Bank IMS Racing-team opgericht. De overstap van Coldenhoff komt niet helemaal onverwacht. Het Braziliaanse kampioenschap groeit snel, en eerder dit jaar verschenen ook Jeremy Van Horebeek, Stephen Rubini en Greg Aranda aan de start.

Het kampioenschap trekt steeds meer internationale rijders. De afgelopen jaren waagden verschillende ex-GP-coureurs de sprong, zoals Miro Sihvonen, Hugo Basaula, Nicholas Lapucci, Anthony Rodriguez en eerder Nick Kouwenberg, Adam Chatfield en Matiss Karro. De Spanjaard Carlos Campano, met vijf MX1-titels, is de meest succesvolle buitenlandse deelnemer. De komst van een topper als tweevoudig MX of Nations-winnaar Glenn Coldenhoff zal het prestige van het Braziliaanse kampioenschap verder vergroten.

Afbeelding: still YouTube

Hoor ‘m brullen: KTM test nieuwe 850cc MotoGP-motor tijdens privésessie op Jerez

0
Gold & Goose / Red Bull Content Pool

KTM heeft zijn gloednieuwe 850cc MotoGP-motorblok voor het eerst de vrije loop gelaten tijdens een besloten test op het circuit van Jerez. Testrijder Pol Espargaró kreeg de primeur om de krachtbron uit te proberen, nadat KTM als eerste constructeur zijn 850cc-prototype eerder dit jaar had onthuld.

Indrukwekkende sound

Tijdens de test werd een duidelijk evolutiemodel van de RC16 ingezet, waarbij de nieuwe motor indrukwekkend klonk – opvallend vergelijkbaar met het huidige 1.000cc-blok. Maar oordeel vooral zelf, bij het zien (en horen!) van onderstaande video. Sinds het testverbod voor de nieuwe motoren op 17 november is opgeheven, mogen teams opnieuw vrij ontwikkelen richting de grote reglementswijzigingen van 2027.

Van Sepang naar verzoening: Márquez zet punt achter decennialange rivaliteit met Rossi

Korte metten

De overgang naar 850cc-motoren wordt een van de grootste technische veranderingen in de MotoGP-geschiedenis. De nieuwe regels zijn bedoeld om veiligheid te verbeteren, meer inhaalacties mogelijk te maken en de machines minder afhankelijk te maken van extreme aerodynamica. Daarom worden ook ride-height-systemen verboden en wordt aero verder beperkt. De test van KTM maakt bovendien korte metten met geruchten over een mogelijke terugtrekking uit de MotoGP, die we recent opvingen. Het merk uit Mattighofen lijkt volledig gefocust op de volgende generatie racemotoren.

Afbeelding: Gold & Goose / Red Bull Content Pool

Interview zijspancross-legende Cor van der Bijl: al meer dan een halve eeuw plezier!

1
zijspancross-legende Cor van der Bijl

Wie de garage van Cor van der Bijl (70) binnenloopt, weet direct: hier woont een kampioen. De muren getuigen van een rijk sportverleden – bekers, vaantjes en onderscheidingen uit een tijd waarin de bakkenist uit Made naam maakte in de top van de zijspancross. In de jaren zeventig en tachtig reed hij zich in de kijker met meerdere Grand Prix-zeges en een vice-Europese titel, samen met zijn plaatsgenoot Cor den Biggelaar. Later, in samenwerking met August Müller, kroonde hij zich ook tot Nederlands kampioen.

Maar wie verder kijkt dan die glanzende herinneringen, ziet iets bijzonders: twee witte, moderne crosshelmen op een tafel, zo schoon dat ze schitteren in het licht. Want Cor is nog altijd actief. Lachend vertelt hij: ‘Na ruim een halve eeuw beleef ik er nog steeds zoveel plezier aan. Dus ook nu ik zeventig ben, ga ik er lekker mee door.’

Cor van der Bijl begon in 1972 met zijspancrossen bij de NMB. Eerst met Chris Gommers, maar ook met zijn broer Kees. De rolverdeling was al snel duidelijk en Cor was meteen verkocht. De wil om zelf te gaan rijden heeft hij nooit gehad. ‘Ik heb het wel eens geprobeerd, maar het kon mij totaal niet bekoren. Laat mij maar zorgen dat degene die rijdt zo hard mogelijk kan gaan, dat is mijn kick!’ Cors kracht lag in het bakkenisten en dat was plaatsgenoot en internationaal rijder Cor den Biggelaar ook niet ontgaan.

Cor den Biggelaar zat in de zomer van 1973 tijdelijk zonder bakkenist en klopte aan bij Cor van der Bijl. ‘Ik twijfelde eerst, maar Den Biggelaar was overtuigd dat ik het niveau wel aankon. Ik moest ook wel, want hij had mijn startbewijs al aangevraagd voordat ik definitief ja had gezegd!’

Eeuwige tweede

De jonge Van der Bijl stond in de zomer van 1973 in Venray aan de start van het NK, naast een van de snelste rijders van het land! Daar kreeg hij ook pas echt door hoe hard het leven van een bakkenist kon zijn. ‘Den Biggelaar ging écht hard, maar ik vond het gelijk geweldig! Natuurlijk kwam ik mezelf tegen. Die manches duurden ook langer én Cor gaf natuurlijk veel meer gas dan ik gewend was. Ik kwam letterlijk op mijn knieën over de finish na mijn eerste manche met Cor!’

Den Biggelaar was tevreden met zijn invaller en vanaf 1974 zouden de ‘Corren’ een kleine zeven jaar een vast team vormen. In die periode kregen Den Biggelaar en Van der Bijl ook de bijnaam ‘Eeuwige tweede’. Ze wisten namelijk maar liefst vier keer een tweede plek te scoren in de eindstand van een kampioenschap. In 1976, 1977 en 1978 werden ze tweede in het Nederlands kampioenschap. Ook waren ze bijna het beste van de mondiale zijspancrossers toen ze in 1978 tweede werden in het Europees Kampioenschap, het kampioenschap dat in 1980 werd omgedoopt tot het WK Zijspancross. In 1979 zat er ook nog een tweede plek in, maar doordat het zijspanwiel afbrak in de laatste heat van dat jaar werden de ‘Corren’ uiteindelijk derde.

Exclusief interview Zonta van den Goorbergh: ‘Er zit veel nieuwe motivatie in het team’

Gruwelijk mis

Cor van der Bijl moest het vooral van zijn kracht hebben en was conditioneel altijd een van de sterksten. Jaren had hij zelfs een zijspanframe in de garage staan om droog te kunnen trainen voor zijn zware job als bakkenist. En dat betaalde zich uit, want als het zwaar werd door hitte leek het Den Biggelaar en Van der Bijl minder te deren. In de zomer van 1980 wonnen ze in Zwitserland en Italië drie van de vier WK-heats. ‘Die Grand Prix in Italië is mijn mooiste overwinning ooit. De eerste manche was al mooi, want we waren oppermachtig. De tweede wonnen we ook en dat gaf nog meer voldoening. We waren na de start slecht weg en de schokbreker ging kapot. Maar we bleven gewoon doorrijden. De Zwitser Robert Grogg lag ver voor, maar we wisten hem toch nog bij te halen én voorbij te steken.’ Maar een week later ging het gruwelijk mis.

Het WK ging verder in Feldkirch-Oostenrijk, waar Den Biggelaar-Van der Bijl in de tweede bocht na de start met een ander zijspan over de kop gingen. De rest van het veld, twintig, driehonderd kilo zware zijspannen, kwam ongeremd aangesneld: de crash was gigantisch. Toen de stofwolken waren opgetrokken zag het publiek een scène als uit een horrorfilm. Een stuk of vijftien zijspannen lag op en in elkaar gehaakt met overal geblesseerde rijders en bakkenisten. Eén gewonde rijder zat zelfs met een hevig bloedende arm vast in de ketting van een zijspan. Onder de stapel gecrashte zijspannen lag ook Van der Bijl, met een gapend gat in zijn rug. ‘Ik weet nog dat ik daar lag en dacht “Weg van hier!” Ik voelde alleen mijn benen niet meer. Gelukkig was ik in die tijd echt sterk en kon ik al tijgerend onder die stapel zijspannen vandaan komen. Ze lagen driehoog op elkaar! Ik heb daar zo’n geluk gehad. Het scheelde maar een paar millimeter of ik had nooit meer kunnen lopen.’

Den Biggelaar kreeg het steeds drukker met het tunen van motoren en had al eerder laten doorschemeren dat 1980 zijn laatste seizoen zou zijn. In Oostenrijk kwam het seizoen daardoor voor beide met een harde klap ten einde, want Den Biggelaar stopte resoluut met crossen.

Cor van der Bijl (met snor) met Johan Smit op het podium in 1988 tijdens de internationale cross te Kamp Lintfort. 

Nederlands kampioen

Van der Bijl herstelde van zijn verwondingen en zou vanaf 1981 terugkeren als bakkenist bij de Holtenaar August Müller met wie hij drie seizoenen zou rijden. Het nieuwe duo won de Nederlandse GP in Gendt en die van België in Betekom. Dat was een legendarische Grand Prix die Van der Bijl in 1983 voor de derde keer wist te winnen. Maar de absolute kers op de taart was het binnenhalen van het Nederlands Kampioenschap zijspancross in 1983.

Ook 1984 werd een bijzonder jaar voor Cor. Hij besloot verder te gaan in het linkse zijspan van Rijn van Gastel. Al snel bleek dat Van der Bijl ook als linkse bakkenist goed uit de voeten kwam, maar echt grote successen bleven met Van Gastel uit. Tenminste, als je een derde plek in de Grand Prix van België geen succes kunt noemen. De lol met Van Gastel was er niet minder om en dat was later ook zo met Johan Smit, een jong talent uit Markelo met wie Cor aan het einde van zijn internationale carrière nog de befaamde motorcross in het Duitse Kamp Lintfort wist te winnen.

‘Mijn GP-tijd was geweldig. Ik heb op én naast het circuit zoveel meegemaakt! Zo heb ik ooit een van de eerste Jumbo’s getest. Er zat nog een achteruit op die eerste Jumbo-zijspannen en toen hebben we voor de gein tijdens een test in Harfsen de hele crossbaan achteruit gereden! Er was in die dagen ook nog veel waardering voor de zijspancross. Langs de kade in Zaltbommel stonden zomaar 10.000 toeschouwers! Daarnaast was er veel prijzengeld, vaak uitgekeerd door de tabaksindustrie. Helaas zijn er tegenwoordig geen grote merken meer die geld steken in de zijspancross. We deden het trouwens niet voor het geld, want iedereen had er gewoon een volle baan naast.’

Plezier voorop

Vanaf 1990 blijft Van der Bijl als monteur actief in de zijspancross. Met het team Timmermans-Verhagen behaalde hij een jaar later zelfs de wereldtitel. Maar bij Van der Bijl groeide alweer snel de wil om zelf te crossen. ‘Ik had in 1991 al eens met Patricia Klein gesproken over samen rijden. Toen ging Timmermans nog een jaar door, maar het plan bleef. Toen de bakkeniste van Patricia ermee stopte, ben ik in 1993 ingestapt. We reden bij de MON en het plezier stond voorop. Het was echt een leuke en gemoedelijke tijd en dat ruim vijftien jaar. Totdat ik in 2010 een ernstig bedrijfsongeval kreeg waarbij ik mijn kuit en enkel brak. Mijn voet bungelde erbij, waardoor ik wel moest stoppen met bakkenisten.’

Van der Bijl dacht nu echt definitief klaar te zijn met crossen, maar na ruim een jaar herstellen en revalideren begon het toch weer te kriebelen. Hij stapte eens een keer in het zijspan van de Belg Jef van Loo en ondanks de plaat in zijn enkel ging het bakkenisten hem nog goed af. Het klikte meteen tussen de leeftijdsgenoten en zo startte een samenwerking die nu alweer bijna vijftien jaar standhoudt. ‘Jef is ook niet meer een van de jongsten, maar op een bepaalde manier wel fanatiek. Ik heb daar echt respect voor. We voelden elkaar gelijk goed aan. Daardoor hebben we echt plezier in het trainen en tijdens de wedstrijden bij de classics. Onze thuisbaan is Eersel, dat is voor beiden even ver reizen. Ze zien ons graag daar, ook de dames in de kantine. Een middag crossen en dan afsluiten met een pintje, ik kan daar op mijn zeventigste nog steeds van genieten! Eigenlijk vind ik het bakkenisten op de lichte zijspannen van nu leuker dan op die zware van vroeger. Je hebt nu veel meer invloed als bakkenist en zo’n VMC waar Jef en ik mee rijden, stuurt echt als een warm mes in de boter. Nu en vroeger is bijna niet te vergelijken, maar ik zou alles zo weer overnieuw willen doen. Het enige wat ik dan anders zou willen zien, is dat al die rijders bij wie ik in de bak heb gestaan, nog wel wat harder hadden mogen gaan!’

Foto’s: Emil Bilars