Een motor als investeringsobject, dat was ik nog niet tegengekomen in mijn praktijk als stukjesschrijver. Zelf zou ik het nooit doen. Ik ben er namelijk rotsvast van overtuigd dat wat ik ook aanschaf, van een afwasborstel tot – ik noem maar wat – een door Marco van Basten, Ruud Gullit, Frank Rijkaard én Diego Maradona bezeten goudkleurige Ferrari Testarossa, een nanoseconde nadat ik heb betaald al minimaal de helft minder waard is.
Hildo uit Sassenheim durfde het wel. En nu heeft hij spijt.
Ik kom deze zonnige vrijdag helemaal niet voor zijn Buell XB1, maar voor zijn buitenboordmotor. Het is een Mercury 5 pk langstaart uit 2023, voor achter mijn zeilboot. Hildo heeft een kliko met water neergezet voor een demonstratie. Het motortje doet het meteen (ja, technisch onderlegde lezer, ik heb gevoeld of-ie koud was), dus ik ding niet eens af. Kosten: 600 euro. Dat was ook de vraagprijs. Had ik er wat af kunnen lullen? Vast wel, maar dat is mijn talent niet.
Maar ik zie ook twee motoren in Hildo’s garage staan: een Harley-Davidson Sportster en een intrigerend vehikel dat ik niet meteen kan thuisbrengen. Het oogt als een verhoogde Zündapp, maar dan totaal anders. Ik zie een witte, platte tank die als een soort koektrommel op het frame ligt en een plankachtig eenpersoonszadel dat hoog boven het blote achterwiel hangt. Ik denk meteen: stoer ding, maar dit rijdt vast volkomen ruk.
Boudewijn Geels: ‘Als je 95 tankt ben je níet zuinig op je motor’
“Deze Buell is ook te koop,” zegt Hildo. “Gecustomized door een kerel in Limburg, voor een klant. Die klant kwam in geldnood en moest er weer vanaf. Hij had de Buell voor, ik geloof, 9.000 euro laten verbouwen. Ik kon hem kopen voor 5.750 euro.”
Aha, dat klinkt als een lekker voordeeltje. Slim van Hildo! Stuurt-ie fijn? Hildo zucht. “Voor geen meter. Hij rijdt heel Spartaans en heeft een enorme draaicirkel, want de stuuruitslag is zeer beperkt. Volgens mij hebben alle Buells dat trouwens.”
Dat had hij voor de aanschaf toch allemaal zelf kunnen vaststellen? Hildo knikt. “Ik heb hem samen met een vriend gekocht, met het idee: leuk speeltje, een paar keer op rijden en dan wegdoen. Maar zie er maar eens een koper voor te krijgen.”
Ik zwaai mijn been over het zadel en weet inderdaad meteen genoeg. Dit ding is vooral leuk om mee naar het dichtstbijzijnde terras te scheuren en er daarna met een biertje in je hand triomfantelijk naar te gaan zitten kijken. Met je helm pontificaal op tafel uiteraard, zodat iedereen meteen de link legt tussen jou en deze curieuze tweewielige spierbal. Maar naar de Eifel? Kansloos. Nou ja, misschien als je een paar flinke plakken biefstuk op het zadel vastsnoert.
Wat wil Hildo er eigenlijk voor hebben? “Hij staat op Marktplaats voor 7.250 euro, maar dat lukt niet erg. Dus de eerste de beste die 5.750 biedt, mag hem meenemen.”
Waarom is hij er verliefd op geworden, vraag ik. Vanwege het geluid? Hildo grijnst. “Dat hielp wel mee, ja.” Hij start de Buell en een rauwe streetscumroffel weerkaatst tegen de Sassenheimse huizen. “Bruut!” zeg ik naar waarheid. De eigenaar glimlacht tevreden.
Wat is zijn verkooppraatje? “Dat ik het wel een heel mooi verbouwd ding vind. De motor is van 2002, heeft 84 pk en er is er dus maar één van. Hij staat ook op Pipeburn.” Ik doe net alsof ik weet wat Pipeburn is. Later google ik dat het een ‘internationaal weblog en mediaplatform dat zich volledig richt op custom motoren’ betreft.
Hildo’s carrière als investeerder in customized motoren is hoe dan ook ten einde? “Ja,” zegt hij bedrukt. “Ik dacht: kopen, een paar keer op rijden, goeie winst op maken en dóór. Nou, dat valt vies tegen.”


