zondag 12 april 2026
Home Blog Pagina 304

Duotest Suzuki V-Strom 800 vs. Triumph Tiger 900 GT Pro: je dagelijkse portie avontuur

0
Suzuki V-Strom 800 vs. Triumph Tiger 900 GT Pro

We testen twee robuuste allrounders in deze vergelijking. Motorfietsen met een aansprekende rijdynamiek, comfort op lange afstand en op asfalt gerichte 19 inch gietwielen – de Triumph Tiger 900 GT en Suzuki V-Strom 800 bieden een doordacht enduro-concept voor landen waar het rijden op bos- en gravelwegen grotendeels illegaal is. Hoeveel avontuur zit er dan nog in deze twee allrounders?

De Suzuki V-Strom 800 en Triumph Tiger 900 GT Pro leveren in deze vergelijking een duel op meerdere fronten. Want zet je de verschillende basisgegevens op een rijtje naast elkaar, merk je dat de Triumph-ingenieurs er graag een schepje bovenop deden: veerweg, cilinderinhoud, vermogen, koppel – de Tiger die in Thailand wordt geassembleerd, heeft heel wat te bieden, iets waar haar Japanse tegenhanger met de traditionele naam ‘V-Strom’ jaloers op kan zijn.

Multitest BMW S 1000 XR vs. Kawasaki Versys 1000 SE vs. Suzuki GSX-S1000GX: hevige strijd

Bovendien blinkt de geteste Tiger Pro-variant uit met een bijzonder uitgebreide uitrusting zoals elektronische vering achter, cruisecontrol, hellingshoeksensoren voor ABS en tractiecontrole, Bluetooth-connectiviteit voor multimedia en navigatie – om maar de belangrijkste functies te noemen. Maar dit propvol gevulde totaalpakket is niet gratis: Minimaal 18.695 euro rekent de vriendelijke Triumph-dealer voor de Tiger 900 GT Pro.

Onze testmotor kost inclusief twee koffers en zijdragers nog meer: 19.440 euro. Dat is veel geld voor een middenklasse-motorfiets met een topklasse-uitrusting uit een lagelonenland. Een eerste bespaarpost zou de keuze kunnen zijn voor een Tiger 900 GT zonder Pro-extra’s. Maar dit model, dat elektronisch minder uitbundig is, moet ook nog steeds 16.595 euro kosten. Dan lijkt de basisprijs van 11.999 euro voor de Suzuki V-Strom 800 bijna een door de overheid gesubsidieerd tarief. De vraag dringt zich dan ook op hoeveel onthouding de keuze voor de Suzuki van de kostenbewuste rijder eist en hoeveel beter de rijkbedeelde Triumph-koper zich voelt als-ie op pad is.

Balanceermaatregelen

Laten we beginnen bij het motorblok. Suzuki heeft de 270-graden twin met twee balansassen grondig van trillingen ontdaan. Eerst een vibratie-intensieve krukasdraai geven, om vervolgens die trillingen met behulp van extra balancertechniek weer te neutraliseren – dat komt een beetje vreemd over, omdat een vergelijkbare loop beter en goedkoper te bereiken zou zijn met een eenvoudige 180-graden krukas in combinatie met één enkele balansas.

Wie dit volkomen normaal vindt, ziet zich in zijn mening gesterkt bij een blik op de Triumph-driecilinder. Ook hier wijken de technici af van logische machinebouwkunde – die voor een driecilinder een 120-graden krukas voorschrijft. De in plaats daarvan gebruikte 180-graden krukas rommelt duidelijk sterker. Triumph heeft de daarvoor ook noodzakelijke balancermaatregelen minder grondig uitgevoerd dan de collega’s van Suzuki, waardoor de Triumph-driecilinder uiteindelijk wat meer trillingen heeft dan de Suzuki-twin. Of je dat als ‘karakter’ of ‘gerommel’ kunt classificeren, moet iedereen voor zich uitmaken. Feit is dat het bij een snelheid van 130 km/u op de snelweg iets meer tintelt in de stuuruiteinden van de Tiger.

Inhaalvermogen

Zoals onze Dynojet-testsbank aantoont, levert de Triumph 28 pk meer dan de goedmoedige Suzuki. Maar dat vertaalt zich in de prestaties minder duidelijk dan we hadden verwacht. Tijdens de acceleratietest tot de wettelijke snelweglimiet van 100 km/u volgt de V-Strom de Tiger met een respectabele achterstand van 0,4 seconden, maar vanaf die grens rijdt de Triumph flink weg. Bij dynamisch rijden in het Zwarte Woud of de Eifel laat de Triumph-rijder zijn collega op de Suzuki pas in attack mode iets achter, wat ook te danken is aan de uitstekende remmen van de Tiger.

In het echte bochtenwerk, als je vooral in het middentoerenbereik van bocht naar bocht accelereert, gaat de Suzuki echter uitstekend mee, omdat de korter gegearde versnellingsbak koppelwaarden mogelijk maakt op Tiger-niveau. Wel gaat deze klassieke truc van de goochelaar gepaard met constant hoge toerentallen en een hoger brandstofverbruik. Maar de uitstekend gebalanceerde twin irriteert nergens en het brandstofverbruik tijdens onze standaardrit is praktisch gelijk aan dat van de langer gegearde driecilinder.

Op de snelweg regelt Triumph de Tiger elektronisch af op 195 km/u, de Suzuki komt met wat aanmoediging tot 190 km/u. Uiteindelijk slaagt de Suzuki-twin er dus in om zijn huid echt duur te verkopen. Maar als we toch moeten kiezen welk blok ons het meest bekoort, gaat de overwinning toch naar de Triumph. Het aanzienlijke extra vermogen van de Tiger komt ook tot uiting met een duopassagier achterop. Dan heb je net wat meer inhaalvermogen tot je beschikking.

Offroad-afstelling

De ophanging van de Triumph onderscheidt zich met langere veerwegen, een langere wielbasis en elektronische vering achter. De eerste twee eigenschappen helpen je op een gravelweg. En het snelle instellen van de achtervering met één knop is aangenaam als je vaak van belading verandert; als je regelmatig een passagier meeneemt of bagage op- of aflaadt. Ook bij een plotselinge verandering van asfalt naar gravel kan je de achterkant snel aanpassen, maar voor een consequente offroad-afstelling zou ook een aanpassing van de voorvork zinvol zijn. Maar goed, voor woestijnvossen is er nog de Tiger 900 Rally met het grote 21 inch voorwiel.

Natuurlijk kan ook de Suzuki-rijder zijn motor aanpassen op belading en ondergrond, maar daarvoor moet-ie wel uit het zadel komen en de achterste veervoorspanning met het handwiel en de ingaande demping met een schroevendraaier afstellen. Wie drie keer per dag een nieuwe setup nodig heeft, vindt dat maar gedoe. Maar voor een twee weken durende vakantiereis met veel bagage werkt het prima.

De V-Strom 800 beperkt zijn veerweg tot 150 millimeter voor en achter, waarden die eigenlijk meer doen denken aan een crossover dan aan een reisenduro. Ook hier is het een kwestie van kiezen, want Suzuki heeft ook een terreinminnend 21-inch zustermodel in petto, de V-Strom 800DE. Dus met de 800 permitteert Suzuki zich de vrijheid om de 19-inch variant duidelijk op asfalt af te stemmen.

Goedgevulde schakelunit

Beide machines zijn opvallend wendbaar, ook een verdienste van de ingehouden bandbreedtes van 110 mm voor 150 mm achter. De zichtbaar kortere wielbasis van de Suzuki laat zich in nauwe haarspeldbochten goed voelen. De langere wielbasis van de Triumph komt daarentegen ten goede aan de ABS-prestaties. Op ons testparcours laat de Tiger kortere remwegen zien, wat ook te maken kan hebben met het technologisch geavanceerde integrale ABS van de Triumph – het middenklasse-ABS van de Suzuki is daarentegen toch wat eenvoudiger opgebouwd.

De ophanging van de Triumph blinkt vooral uit in veelzijdigheid, de Suzuki probeert met wendbaarheid en een consequente ‘asfaltafstelling’ motorrijders te overtuigen. De remmen van de Triumph bevallen ons beter en blinken ook nog eens uit met hellingshoeksensoren.

Ook in de overige uitrusting schept de Triumph rijkelijk op, wat enerzijds veel entertainmentwaarde heeft en spelen met de vele mogelijkheden prikkelt, maar anderzijds beperkt past bij het rauwe adventure-imago. Het grote 7-inch display kennen we al van de Tiger 1200, na een korte inwerktijd en met behulp van de behoorlijk volgestouwde linker schakelunit leer je de menustructuur goed kennen. Waarbij het reusachtige scherm in de basisweergave vrij leeg oogt door een groot, ongebruikt zwart deel. Regelmatig geraadpleegde informatie zoals tankstatus of dagteller moet je vrij omslachtig op het kleurenscherm zien te toveren. En als het display die info laat zien, verkleint het de snelheidsmeter en toerenteller.

Duotest 2023 Yamaha Ténéré 700 World Rally vs. 2024 Honda CRF1100L Africa Twin: Twee zielen, één gedachte

De Suzuki gebruikt het kleinere oppervlak van het display daarentegen efficiënt. Het biedt meer informatie en de bijbehorende menuovergangen vragen minder knoppen van de schakelunit, die dan ook intuïtiever te bedienen zijn.

De Triumph heeft als enige verstelbare zithoogte, zadel- en handverwarming en handbeschermers standaard aan boord. Op lange afstand bieden beide machines een vergelijkbaar comfortniveau, een rechte zithouding en verhoogde stuurpositie inbegrepen. Een extra pluspunt voor de Triumph is het windscherm waarvan je de hoogte met een hand kunt verstellen – laag voor stad en land, hoog op de snelweg.

De Suzuki-collega moet daarentegen de inbussleutel pakken en het met vier schroeven bevestigde scherm hoger of lager positioneren. Daar staat tegenover dat het prijsverschil tussen de V-Strom en de Tiger bijna 7.000 euro is – wat ook bewijst dat de V-Strom 800 in zijn klasse een unieke prijsstelling heeft.

Conclusie duotest Suzuki V-Strom 800 vs. Triumph Tiger 900 GT Pro

De voordelige Suzuki V-Strom 800 is in deze vergelijking de underdog, maar bewijst eens te meer hoever je kunt komen met een slimme afweging van componenten en zorgvuldige finetuning. Uiteindelijk is de Suzuki echt een fantastische, ongecompliceerde motorfiets, die daarbij perfect toegankelijk is voor (her)opstappers. Het extra vermogen van de Triumph Tiger 900 GT Pro is vooral van belang tijdens een woeste bochtenrit of een tocht met zware belading inclusief passagier. Factoren waarvan iedereen zelf de belangrijkheid maar moet beoordelen. Voor het overige ademt de GT Pro de filosofie van ‘voorsprong door een volledige uitrusting’, want er is werkelijk nauwelijks een comfortfeature waaraan de ingenieurs niet hebben gedacht. Daar moet je dan wel diep voor in de buidel tasten.

Tekst en foto’s: MotorradNews

Scoreboard

Suzuki Triumph
MOTOR 5 5
PRESTATIES 4 5
VERBRUIK 4 4
CHASSIS 4 5
REMMEN 5 5
ABS 4 5
COMFORT 5 5
AFWERKING 4 5
UITRUSTING 3 5
ALLEDAG 5 5

Nieuwe retro-sportfiets van Royal Enfield in de maak

0

Royal Enfield voegt misschien een sportfiets toe aan zijn gamma, ontwikkeld op basis van de nieuwe Guerrilla 450.

Volgens Aziatische bronnen overweegt Royal Enfield om zijn gamma uit te breiden met nog een andere retro-sportfiets die naast de tweecilinder Continental zou komen te staan. Deze motorfiets zou gebaseerd zijn op de Guerrilla 450 en klassieke stijlelementen combineren met moderne techniek. Het nieuwe model zou een tophalf, een slank achterzadel en 17 inch wielen met sportieve banden krijgen. Elementen zoals de laag gemonteerde clip-on sturen en de achterwaarts geplaatste voetsteunen wijzen op een sportievere rijpositie, geschikt voor liefhebbers van caféracers.

Een echte sportfiets

De ‘Sherpa’-motor, al gebruikt op de Guerrilla 450 en ook bestemd voor de nieuwe sportfiets, zou solide prestaties leveren zonder substantiële aanpassingen. Er zouden echter aanpassingen kunnen worden gedaan aan de eindoverbrenging om aan een hogere topsnelheid te komen. Als dit model werkelijkheid wordt, zou het de positie van Royal Enfield op de vintage motorfietsmarkt kunnen versterken. In ieder geval moeten we wachten tot de komende EICMA om hier meer over te weten te komen.

Scorpion-drummer Mikkey Dee’s gekortwiekte Indian Scout

0

Indian Motorcycle heeft de zesdelige Forged-videoserie afgerond met een aangepaste Indian Scout voor de beroemde drummer Mikkey Dee. De Scout is gekortwiekt door Ronna Norén van Unique Custom Cycles.

De Forged-serie toont drie unieke interpretaties van de nieuwe Indian Scout 2025, geïnspireerd op de verhalen en persoonlijkheden die de Scout al meer dan een eeuw tot een icoon maken. De serie laat zien hoe customizers altijd in gedachten waren bij het ontwerpteam van Indian tijdens de ontwikkeling van de nieuwe Scout.

In de laatste aflevering ontmoeten seriehost Roland Sands, Ronna Norén en Ola Stenegärd van Indian Motorcycle Scorpion-drummer Mikkey Dee in Praag om hem de aangepaste Scout te overhandigen.

Een belangrijk ontwerpaspect van het nieuwe Scout-platform was de terugkeer naar een stalen buizenframe, wat toegankelijker is voor customizers. Norén maakte hier gebruik van door het frame in te korten en aan te passen voor een look geïnspireerd op de motoren van Stan Dishong.

Norén wilde de standaardmotor uitkleden en zo clean mogelijk maken. Hij rekte het frame, maakte een kleinere tank en gebruikte grotere wielen voor een lichter uiterlijk. De motor heeft een iets langere vork zoals de motor van Dishong.

Drummer Mikkey Dee was onder de indruk van het stijlvolle en schone uiterlijk van zijn Forged Scout. Rijden was voor hem een nieuwe ervaring door de lichte besturing en het goede evenwicht.

Nicolò Bulega: ongelukkig in de Grand Prix, gelukkig in de WorldSBK

0
Nicolò Bulega

Nicolò Bulega is een schoolvoorbeeld van een talentvolle coureur waar de verwachtingen op te jonge leeftijd al te hoog lagen. Als tiener bezweek de Italiaan onder de druk van de Grand Prix. In een nieuwe omgeving vond Bulega zijn plezier terug. En dat is te zien. De Ducati-coureur heeft de World Supersport-titel op zak, won bij zijn debuut in de WorldSBK en staat momenteel op een tweede plaats in het wereldkampioenschap. Tijdens de WorldSBK-ronde in Assen leerden we de 24-jarige Italiaan tijdens een exclusief interview beter kennen.

MotoGP-teambaas Davide Brivio over de verschillen en overeenkomsten tussen MotoGP en Formule 1

Nicolò, je won je allereerste race in de WorldSBK. Het lijkt alsof je de stap van de WorldSSP naar de WorldSBK heel makkelijk hebt gemaakt. Maar was het ook zo makkelijk?

Makkelijk was het zeker niet. Er is nog steeds veel te leren op deze motor. Denk aan de andere rijstijl, elektronica, het managen van de banden en het enorme vermogen. Dat is soms best lastig, maar ik denk dat ik op de goede weg ben. Ik leer ieder raceweekend nog bij en het gaat overall best oké.

Nicoló Bulega laat vanaf het eerste moment in de World Superbike zien dat hij over veel talent beschikt.

Na de eerste raceweekenden van 2024 stond je zelfs bovenaan in het WK. Had je dat afgelopen winter voor mogelijk gehouden?

Wanneer je mij dat deze winter, vorig jaar na de laatste WorldSSP-race of in september toen ik het contract tekende, had gevraagd, had ik dat totaal niet verwacht dat ik er gelijk zo goed bij zou staan. Ik weet wel dat ik op de beste motor van de paddock zit en het beste team om mij heen heb. Ik probeer dan ook te genieten van dit sterke pakket en niet te snel te willen. Maar dat het zo zou gaan is een verrassing voor iedereen, denk ik. En ook voor mij.

Veel mensen zien jou nu ook als een titelkandidaat. Is dat fair?

Ik weet het niet, het is op dit moment nog te vroeg in het seizoen (Assen) om daar een uitspraak over te doen. Ik wil dit jaar – in ieder geval zo lang mogelijk – niet denken aan het kampioenschap. Het is pas mijn eerste jaar in de WorldSBK. Ik wil genieten van iedere race en zo snel mogelijk zijn.

Op je 15e werd je al kampioen in het Moto3 Junior World Championship. Met hoge verwachtingen ging je naar de Grand Prix, maar daar kwam het er niet helemaal uit. Je bent nu ouder, zou je nu dingen anders doen?

Nicolò Bulega: Ik was nog heel jong toen ik het Moto3 Junior World Championship won. Ik ging toen met Sky Racing Team VR46 – van Valentino Rossi – naar de Grand Prix. Een heel goed team. Ik begon mijn carrière in het wereldkampioenschap goed met podiumplaatsen en een pole position in mijn eerste jaar. Maar in de jaren erna ging het minder. Ik weet niet of het door mijzelf kwam of door het team, maar ik voelde enorme druk om te presteren en het kwam er niet uit. Ze pepten mij enorm op, maar dat past niet bij mij. Sommigen zeggen dat ik wat arrogant kan overkomen. Maar als je mensen om mij heen vraagt, dan zullen die zeggen dat ik gereserveerd ben. Ik was toentertijd gewoon te jong om met zo’n hoge druk om te gaan. Ik vergat om plezier te maken op de motor. Het werd daarom ook steeds lastiger om goede resultaten te behalen. Na drie seizoenen Moto3 en drie seizoenen Moto2 zocht ik naar een nieuwe start en die heb ik in de WorldSSP gevonden.

Was het lastig om eind 2021 na zes jaar de Grand Prix-paddock te verlaten?

Het was niet lastig, want ik was op dat moment klaar met de Grand Prix-paddock. Ik had een grote verandering nodig. In de WorldSBK-paddock was de situatie compleet anders en er heerst hier een heel andere mentaliteit. Dit team (Aruba.it Racing – Ducati) en dit paddock gaven mij mijn snelheid én het plezier in het racen terug. Ik kwam weer terug op het niveau wat ik in de Junior GP en aan het begin van mijn Grand Prix-carrière had.

Nicolò Bulega is de eerste regerend World Supersport kampioen die won bij zijn debuut in de World Superbike.

Je noemt een andere mentaliteit. Kan je dat verder uitleggen?

Toen een kleine drie jaar geleden bij Aruba.it Racing – Ducati kwam in de WorldSSP voelde ik mij meteen heel erg welkom en er was vanaf het eerste moment een familiaire sfeer. Qua verschil in mentaliteit tussen de paddocks zou ik zeggen; meer vrijheid en geen druk, zodat je gewoon plezier kan maken op de motor. Talent hebben en kunnen genieten op de motor, dat zijn de belangrijkste middelen om succes te behalen.

De erfenis van Fausto Gresini: diepe dalen, hoge toppen

Wij willen aan de Motor.NL-lezers graag uitleggen wie Nicolò Bulega is. Je oogt rustig en relax. Hoe zou jij jouw karakter omschrijven?

Als je aan het racen bent en het gaat goed, dan is het heel makkelijk om vriendelijk te zijn en te glimlachen. Maar als het racen niet zo goed gaat, dan kan dat snel veranderen. Ik denk dat dit voor praktisch iedere rijder geldt. Die heeft twee persoonlijkheden: voor als het goed gaat en als het niet goed gaat. Dat is bij mij net zo. Thuis ben ik eigenlijk altijd relax. Ik ben niet het type dat naar een discotheek gaat. Ik hou van dagelijkse routine, ik ben graag thuis met mijn vriendin en werk iedere dag mijn trainingen af.

Wat zijn je hobby’s?

Ik speel veel Call of Duty op de PlayStation. Met Call of Duty ben ik lastig te verslaan! Andere games vind ik niet zo leuk. Ik speel vaak met bevriende rijders. We maken teams en spelen dan samen.

Op dit moment een herkenbaar beeld voor Nicolò Bulega (11): rijdend op een tweede plaats achter Toprak Razgatlioglu (54).

Eind 2019 – nog in je Grand Prix-periode – heb je de VR46 Academy verlaten. Waarom was dat en heb je nog steeds contact met de VR46-rijders?

Nicolò Bulega: Ik wilde toen graag op mijn eigen benen staan en nieuwe ervaringen opdoen. Maar ik ben met veel van VR46-rijders nog steeds bevriend. We trainen niet meer samen. Ik geef er de voorkeur aan om mijn werk en de vriendschap met hen gescheiden te houden. Als voorbeeld: ik zit ik in een Whatsapp-groep waar we regelmatig afspreken om samen te gaan gamen of te dineren.

Je vader Davide Bulega is een voormalig coureur en was lange tijd je manager. Hoe is je band met hem?

Hij heeft mij enorm geholpen toen ik jong was en ik heb heel veel van hem geleerd. Mijn vader heeft mij destijds ook ondergebracht bij VR46. Toen ik wegging bij VR46 had ik al een andere manager. Dat is Alberto Martinelli. Mijn vader komt niet altijd naar de races, maar hij is er wel regelmatig bij.

Bulega in de Grand Prix
Als het grootste Italiaanse talent sinds jaren werd de 16-jarige Nicolò Bulega in 2016 aangekondigd in de Grand Prix. In zijn eerste Moto3-races leverde de VR46-coureur meteen met podiumplaatsen en constante top-tien klasseringen. Maar in plaats van progressie blijven maken zoals bij veel talentvolle rijders, werden de prestaties van de Italiaan in het tweede en derde jaar minder en minder. Bulega zou te groot zijn voor de Moto3 en stapte over naar de Moto2, maar ook daar kwam hij niet verder dan de middenmoot. Later bleek dat de hoge verwachtingen en de bijkomende druk niet pasten bij het gereserveerde karakter van Bulega. Eind 2019 – na zijn eerste Moto2-seizoen – verliet de Italiaan de VR46-familie met als doel om een nieuwe omgeving te creëren. Het bleek in de Grand Prix niet meer te werken. Bulega had een nieuwe omgeving en ander kampioenschap nodig om weer tot bloei te komen.
Een 16-jarige Nicoló Bulega na het behalen van zijn eerste pole position in de Moto3. Dit deed hij tijdens de Grand Prix van Spanje in 2016
Bulega in de WorldSBK
Bulega zag in de route van zijn landgenoot Andrea Locatelli een voorbeeld. Locatelli was een voormalig middenmoter in de Moto2 Grand Prix, die met een wereldtitel in de WorldSSP een fabriekscontract in de WorldSBK had afgedwongen. Locatelli deed dit als Yamaha-rijder, terwijl Bulega bij Ducati tekende. In zijn eerste WorldSSP-seizoen (2022) was Bulega nog niet opgewassen tegen de Yamaha’s van Dominique Aegerter en Lorenzo Baldassarri. Ducati was zelf ook nog zoekende, aangezien het een nieuw project in de WorldSSP voor ze was. In het tweede jaar was de combinatie Bulega-Ducati niet te stoppen. Met zestien zeges uit 24 races werd de Italiaan overtuigend wereldkampioen. Binnen Aruba.it Racing – Ducati kreeg Bulega de kans om op te schuiven naar het WorldSBK-team als teamgenoot van tweevoudig wereldkampioen Alvaro Bautista. Bulega kende een geweldige start met een pole position en een overwinning in zijn allereerste WorldSBK-race op Phillip Island. Maar de 24-jarige Italiaan bleef presteren in zijn debuutseizoen, want halverwege het jaar staat de Ducati-rijder achter Toprak Razgatlıoğlu op een tweede plaats in de tussenstand. Bulega scoorde hij elf podiumplaatsen uit achttien races en heeft veertig punten meer dan zijn ervaren teamgenoot Bautista.
In 2023 was Nicolò Bulega oppermachtig in de World Supersport en werd hij met een grote voorsprong wereldkampioen.

Foto’s: Damon Teerink, WorldSBK, ANP

Moto Morini Seiemmezzo SCR: Stijlvol en veelzijdig met nieuwe accessoires

0
Moto Morini Seiemezzo Accessoires

Goed nieuws voor alle liefhebbers van de Moto Morini Seiemmezzo SCR! Het toch al krachtige en elegante design van deze Italiaanse schoonheid is nu nog verder te personaliseren met een reeks splinternieuwe accessoires. Of je nu gaat voor extra comfort, gebruiksgemak of gewoon een nog uniquere look, met deze stijlvolle add-ons maak je jouw Seiemmezzo helemaal van jou.

Italiaans vakmanschap van topniveau

De Moto Morini Seiemmezzo SCR is niet alleen een lust voor het oog, maar ook een technisch hoogstandje. Elk detail ademt kwaliteit en vakmanschap. Neem bijvoorbeeld de tubeless spaakwielen met allroad Pirelli banden, het geavanceerde remsysteem van Brembo en Bosch, en de volledig instelbare Kayaba voorvork. En dankzij het TFT scherm met telefoonconnectiviteit en optionele navigatie (met betaald abonnement) blijf je altijd verbonden en op koers.

Nieuwe accessoires voor nog meer rijplezier

Maar daar houdt het niet op! Met de introductie van deze nieuwe accessoires til je jouw Seiemmezzo SCR naar een nog hoger niveau:

  • Verlengd voorspatbord voor een stoere, avontuurlijke look
  • Compact windscherm voor verbeterde aerodynamica en bescherming
  • Handkappen set* voor optimaal comfort tijdens koude ritten
  • Verhoogd (vlak) zadel voor een ontspannen zithouding
  • Crossbar met hoes (Heritage of Sport) voor extra bagage-opties
  • Valbeugels met valdop* voor bescherming van je motor
  • Zijtassen 12 liter per stuk* voor al je spullen onderweg
  • Tanktas zwart leer, 8 liter* voor stijlvolle extra opbergruimte
  • Tailbag zwart leer, 8 liter* voor nog meer bagagemogelijkheden

* Ook geschikt voor de sportieve Seiemmezzo STR!

Ontdek de mogelijkheden bij jouw dealer

Met een aantrekkelijke consumentenadviesprijs vanaf € 7.999,- (STR) of € 8.299,- (SCR) is de Moto Morini Seiemmezzo een betaalbare Italiaanse droom. Wil je de nieuwe accessoires in het echt bewonderen en jouw ideale combinatie samenstellen? Ga dan snel naar je dichtstbijzijnde dealer of bekijk alle opties op: https://motomorini.eu/nl/model/seiemmezzo-scr

Collin Veijer keert terug naar het TT Circuit voor de TABAC Classic GP

0

Collin Veijer, de 19-jarige motorcoureur die het hart van menig motorsportfan in Nederland sneller doet kloppen, zal aanwezig zijn tijdens de TABAC Classic GP. De Nederlandse Moto3-topper, staat momenteel vierde in de stand om het wereldkampioenschap en heeft dit seizoen al 5 podiumplaatsen behaald waaronder een overwinning in Jerez, Spanje.
Veijer, die in 2025 de overstap maakt naar de Moto2-klasse bij het gerenommeerde Red Bull KTM Ajo Moto2-team, is op zondag 15 september aanwezig op het TT Circuit Assen en maakt graag tijd vrij voor handtekeningen en selfies met zijn fans.

De TABAC Classic GP van 13 t/m 15 september belooft ook dit jaar weer een spectaculair race-evenement te worden, met een prachtig gecombineerd programma van races en demonstraties met historische racewagens, zijspannen en motoren. Fans kunnen zich verheugen op de terugkeer van legendarische kampioenen zoals Steve Webster en Rolf Biland, die zullen deelnemen aan een demorace in de zijspan-klasse. Meer dan 30 jaar na hun glorietijd komen de historische zijspannen weer tot leven op de ‘Cathedral of Speed’. Het evenement biedt een unieke kans om iconische coureurs en machines uit de motorsportgeschiedenis opnieuw te zien en te beleven.

Tijdens de TABAC Classic GP komt ook ‘The Force F1 Legends’ in actie met bijzondere Formule 1-bolides. Force organiseert demonstraties en evenementen over de hele wereld met legendarische wagens zoals de Benetton B192, waarmee Michael Schumacher zijn eerste race won, en andere iconische auto’s zoals de Minardi M187 en Ferrari F93A, aangedreven door een indrukwekkende V12-krachtbron.

De derde editie van de TABAC Classic GP betekent ook dit jaar weer een vol programma aan races en demonstraties met historische racewagens, zijspannen en motoren op het wereldberoemde TT Circuit Assen. De TABAC Classic GP Assen wordt mede mogelijk gemaakt door TABAC fragrances & shaving, al ruim 60 jaar een bekende naam in persoonlijke verzorging voor mannen.

Bezoek voor meer info: www.tabacclassicgp.com.

VR46 Racing krijgt fabriekssteun van Ducati

0

Het VR46 Racing Team, opgericht door racelegende Valentino Rossi in 2014, zal vanaf volgend seizoen officiële fabriekssteun van Ducati ontvangen. Deze meerjarige overeenkomst markeert een belangrijke mijlpaal voor het team dat zich richt op het ontwikkelen van jong Italiaans racetalent.

In de afgelopen jaren heeft VR46 Racing al indrukwekkende resultaten geboekt. Zo werd huidig MotoGP-kampioen Pecco Bagnaia in 2018 Moto2-wereldkampioen op een VR46-machine. Dit seizoen eindigde Marco Bezzecchi als derde in het MotoGP-klassement voor het team.

Ondanks dat Rossi zelf zijn carrière afsloot op Yamaha, hebben VR46 en Ducati altijd een hechte band gehad. Directeur Luigi Dall’Igna van Ducati Corse is dan ook enthousiast over de uitbreiding van de samenwerking. Teambaas Alessio Salucci van VR46 Racing spreekt vol trots over de kans om volgend jaar met officiële Ducati GP24-motoren te rijden.

Met nog twaalf races te gaan in het huidige MotoGP-seizoen is de titelstrijd nog volledig open. Ducati domineert vooralsnog met rijders op de eerste vier plaatsen in de WK-stand. Het merk lijkt dan ook hard op weg om opnieuw het constructeurskampioenschap binnen te halen.

Tom Cruise sloot Parijs 2024 af op LiveWire S2 Del Mar

0

Oké, Parijs 2024 is verleden tijd, gebeurd en afgelopen. We maken ons op voor LA 2028, maar toch nog even dit.

Tom Cruise, acteur én showman, wist tijdens de sluitingsceremonie van de Olympische Spelen in Parijs dit jaar een spectaculaire show neer te zetten. Hoewel sluitingsceremonies doorgaans minder grandeur hebben dan openingsceremonies, was dit evenement opmerkelijk door Cruise’s hoofdrol.

Tijdens de overdracht van de Olympische vlag aan Los Angeles maakte Cruise een indrukwekkende entree door in het Olympisch Stadion ab te seilen. Na een begroeting aan de fans, rende hij naar meervoudig Olympisch kampioene Simone Biles, die de vlag droeg, en nam deze van haar over.

Maar Cruise zou Cruise niet zijn als hij het hierbij liet. In een vooraf opgenomen scène reed hij met de vlag door Parijs op een LiveWire S2 Del Mar, om vervolgens naar een vliegveld te gaan waar een vrachtvliegtuig op hem wachtte. Eenmaal in het vliegtuig sprong Cruise eruit nabij het iconische Hollywood-bord om de vlag door te geven aan verschillende atleten, die uiteindelijk op het strand belandden voor een concert met bekende artiesten.

Veel van deze stunts waren al maanden van tevoren opgenomen, maar desondanks was het een memorabele en unieke sluitingsceremonie.

Klassieke motoren in Singapore bedreigd door milieubeleid

0

Veel motorrijders hebben een passie voor klassieke motorfietsen vanwege hun unieke karakter en rauwe rijervaring. Juist het ontbreken van moderne technologie geeft deze motoren hun kenmerkende gevoel. Tijden veranderen echter en er is een groeiend milieubewustzijn. Nieuwe voertuigen worden ontworpen om uitstoot en geluid te beperken. Sommige landen voeren zelfs plannen in om oudere voertuigen geleidelijk uit te faseren, wat zorgwekkend is voor liefhebbers.

In Singapore bijvoorbeeld, heeft de National Environment Agency een sloopregeling gelanceerd. Eigenaren van oudere motorfietsen kunnen een financiële vergoeding krijgen als ze hun voertuig laten slopen. Het exacte bedrag hangt af van diverse factoren. Motorfietsen geregistreerd vóór 1 juli 2003 komen in aanmerking. Eigenaren kunnen kiezen voor sloop of omzetting naar speciale klassieke voertuig regelingen, waarbij de motor slechts 45 dagen per jaar gebruikt mag worden.

Van de circa 27.000 motoren die in aanmerking komen, heeft bijna 90% zich aangemeld. Het merendeel koos voor sloop, een klein deel voor de speciale klassiekerregelingen. Het doel is om oudere voertuigen van de weg te halen om vervuiling te verminderen en luchtkwaliteit te verbeteren. Hoewel nu nog vrijwillig, zullen oude motoren in de nabije toekomst helemaal niet meer zijn toegestaan in Singapore.

Motoren van vóór 1 juli 2003 mogen tot 30 juni 2028 blijven rijden, mits ze aan de verscherpte emissie-eisen voldoen. Daarna mogen ze niet meer op de openbare weg. De speciale klassiekerregelingen bieden liefhebbers nog wel de mogelijkheid om beperkt hun vintage machines te blijven gebruiken.

Maak je klaar voor de Kawasaki Versys 1100!

2

Kawasaki lijkt klaar te zijn om zijn viercilinder crossover een boost te geven, want het nieuws gaat rond dat er binnenkort een nieuwe Versys 1100 op de markt zal komen.

Deze hint komt van Motorcycle.com. Dat heeft naar verluidt papierwerk gevonden dat in Australië is ingediend en dat wijst op het nieuwe model – specifiek een nieuwe Versys 1100 S.

Met een 1100cc-blok verwachten we een lichte stijging in vermogen, misschien, maar verwacht niet te veel. Hoewel we de motoren in de showrooms steeds groter zien worden, is de reden daarvoor niet dat de fabrikanten ons meer inhoud willen geven. Het is vaak een compensatie voor nieuwe emissiewetgeving. Door die wetgeving wordt bij een gelijkblijvend blok het vermogen minder. En dat is niet alleen in Europa aan de hand.

Wat kunnen we verder nog verwachten? Bijna zeker (of stille hoop) zal Kawasaki de optie toevoegen voor radargestuurde cruise control en dodehoekdetectie, aangezien dit steeds meer de standaard wordt voor toptoermodellen. Er zal bijna zeker ook een ander model komen dat het equivalent is van de huidige SE GT, met hoogwaardige elektrische vering en koffers als standaard. En de styling zal waarschijnlijk veranderen.

Met de aankomende beursseizoen kun je waarschijnlijk binnenkort meer gelekte informatie verwachten. Ze zullen deze motor door emissietests moeten loodsen, dus op een lek van de CARB (papierwerk van de California Air Resource Board) zullen we waarschijnlijk slechts enkele weken hoeven te wachten.