donderdag 23 april 2026
Home Blog Pagina 725

Toerisme Luxemburg: van Noord naar Zuid

0

Hoewel het er altijd fijn rijden is, heeft Luxemburg niet het meest opwindende imago. Het is een keurig land met keurige mensen. Op zoek naar de scherpe kantjes rijden we van Noord naar Zuid, kriskras door het kleine land. Spoileralert: we worden verrast.

Clervaux, Echternach en Vianden. Het zijn klinkende namen tijdens een klassiek rondje Luxemburg. Maar wie heeft er ooit gehoord van Esch-sur-Alzette? Toch is deze plaats in het diepe zuiden van het land dit jaar Culturele Hoofdstad van Europa. Met dank aan de metamorfose van de voormalige hoogovens die à la Ruhrgebied zijn omgetoverd van lelijke fabriekscomplexen tot tempels van kennis, kunst en cultuur.

Toerisme Oostenrijk: Waldviertel

Maar we beginnen bij het begin. Aan de Moezel. Na een nachtje in een mooi modern hotel van hout, staal en glas – niks oubollig Luxemburg! – gooi ik de bagage op de motor en rijd langs de Moezel de dag tegemoet. Aan de overkant van het water is de zon zojuist over de heuvels geglipt. Het zet warm spotlicht op de wolken boven mij.

Ik maak een bochtje langs het Biodiversum bij Remerschen. Niet om te bezoeken, maar om te bekijken. Afgezien van de kastelen en kloosters staat Luxemburg niet bepaald bekend om spraakmakende architectuur. In veel dorpen zijn de huizen nogal rechttoe rechtaan. Vaak in een kleur geschilderd om het wat sfeer mee te geven.

Maar daar komt de laatste jaren steeds meer verandering in. Zeker in Luxemburg Stad zijn prachtige gebouwen neergezet. Modern, verrassend. Deze ontdekkingstocht naar brutaal Luxemburg gaat echter niet dwars door de stad. Geen zin in verkeersopstoppingen en stapvoets rijden. En buiten de stad…

Daar vind je tegenwoordig dus ook mooie panden, zoals het Biodiversum. Het is een museum annex natuurcentrum, dat is ondergebracht in een houten bouwwerk met de vorm van een omgekeerd schip. Alles is erop gericht om zo min mogelijk impact te hebben op de natuur. De materialen zijn afbreekbaar of opnieuw te gebruiken en voor de verwarming is er een warmtepomp die energie haalt uit het water van de meren rondom.

Mooi of lelijk? De architecten wonnen er een prestigieuze prijs mee.

Ontmanteld fabriekscomplex

Terug in het zadel van de BMW R1250GS passeer ik Schengen, je weet wel, waar het begin werd gemaakt met een Europa zonder grenscontroles. Links ligt Duitsland, recht voor me Frankrijk. De route buigt af naar het westen en volgt de Franse grens door heuvelachtig terrein. Een smal weggetje beweegt mee met de contouren van de helling.

Hoewel de GS met 136 pk en 143 Nm aan boord wat overdressed is voor dit kleine werk, stuurt hij soepel en haarscherp. Ik verbaas me er elke keer weer over dat deze machine bij het vertrek uit stilstand zwaar en log aanvoelt, maar eenmaal in beweging zo handelbaar en lichtvoetig is. Zonder nadrukkelijk aan het gas te gaan hangen, rijd ik vlot langs kuuroord Mondorf-les-Bains en kasteeldorp Aspelt.

Stop! Vanuit de verte had ik hem al zien staan, maar nu is hij dichtbij: de Waassertuerm met Pomhouse in Dudelange. Het zijn de restanten van een fabriekscomplex dat ontmanteld is. De watertoren en het pomphuis zijn onderdeel geworden van het nationale centrum voor beeld en geluid met aandacht voor tv, film, fotografie en radio. Je kunt er terecht voor exposities.

Ik bevind me nu in het mijnbouwgebied van Luxemburg en Noord-Frankrijk. De grote kolenvoorraad heeft de streek in de negentiende en twintigste eeuw welvaart bezorgd. De historie is vastgelegd in het mijnbouwmuseum van Rumelange, maar als je onderweg rondkijkt, is het erfgoed overal te zien. Van eenvoudige mijnwerkershuisjes tot verlaten spoorlijnen en van prachtige fabrikantenvilla’s tot zwarte heuvels van onbruikbaar kolengruis.

Het mooiste van al dat industriële erfgoed volgt in Esch-sur-Alzette, met zo’n 30.000 inwoners de tweede stad van Luxemburg en groot geworden dankzij de ijzer- en staalindustrie. Jazeker, Luxemburg heeft zijn rijkdom niet alleen met bankieren verdiend.

Culturele hoofdstad

Ik stuur de GS door het verkeer richting de voormalige fabrieksterreinen van de wijk Esch-Belval. De torens van de stilgelegde hoogovens zijn al van ver te zien, net als de moderne flatgebouwen er omheen. Waar de industrie jarenlang rookte, dampte en vuur spuwde, bruist nu de City of Science, een nieuw centrum dat aan kennis en cultuur is gewijd. Allemaal rondom de nieuwe universiteit.

Er wordt onverminderd hard gewerkt aan de opknapbeurt van deze buurt dus het stratenplan moet nog definitief vormkrijgen. Twee, drie keer rijd ik vast op trappen en hekken. Geen doorgang. Omrijden, puntje bouwterrein, pad door braakliggend terrein et voilà: daar rijd ik aan de voet van de hoogoventorens (40 meter), waarvan er eentje te beklimmen is.

Het is een spannende omgeving vol ijzer, staal en beton. Het is deels de erfenis van de industrie en deels die van eigentijdse architectuur rondom de nieuwe universiteit met onder meer ook een concertzaal, expositieruimtes, cafés, treinstation, restaurants, sporthal en appartementen. Rijden door deze wijk voelt als een ontdekkingstocht. En ik snap ook meteen waarom dit Culturele Hoofdstad van Europa 2022 is, samen met Kaunas in Litouwen en Novi Sad in Servië.

Na wat rondzwerven door Esch-Belval is het tijd verder te trekken. Ik schakel op en rijd de heuvels in. Met het gas er stevig op passeer ik herinneringen aan de mijnbouw in Lasauvage en zie ik in Fond-de-Gras de voormalige spoorlijn. Wie tijd heeft (of neemt) kan er met een stoomtrein door de vallei rijden. Maar aangezien de GS gevoelsmatig ook op rails ligt, houd ik het bij twee wielen.

Stevig stampen

Heerlijk doorrijden. Omhoog langs de Belgische grens. Ik weet meteen weer waarom Luxemburg zo geliefd is onder ons motorrijders. Het asfalt is van perfecte kwaliteit, de bochten zijn lekker en buiten de bebouwing is er weinig verkeer. Zo braaf als het imago van het kleine land is, zo opwindend zijn sommige wegen. En in het gehucht Kahler zie je plotseling street art, die normaal voorbehouden is aan grote steden.

Ik volg de loop van de Eisch door een mooi dal. De luie bochten nodigen uit om de vaart erin te houden. Met zeven rijmodi aan boord een kwestie van kiezen: hoeveel vaart precies? Een toeristische stand om comfortabel bij rond te kijken of een sportievere stand om vooral met het rijden zelf bezig te zijn?

Toerisme Duitsland: Pfalz, reisje langs de wijn!

Kastelen markeren de rit. Buerg Simmer, Grand-Château d’Ansembourg, Hollenfels en het Château de Mersch in het gelijknamige plaatsje, dat sfeer heeft rondom het dorpsplein. Het rijden wordt er steeds mooier op, zeker als ik het verderop gelegen Mullerthal bereik. Deze omgeving staat bekend om zijn rotspartijen en wordt Klein Zwitserland genoemd.

Nou is dat laatste schromelijk overdreven – het hoogste punt van Luxemburg is 560 meter en dat van Zwitserland 4.634 meter –, maar prachtig is het zeker. Het landschap golft heerlijk op en neer en de GS kan op de pretstand. Spelen met het terrein. Experimenteren met de bochten. In hoge toeren, in lage toeren. Zeker als het na de bocht omhoog gaat, is het feest. Dan kun je die tweecilinder-boxer stevig laten stampen.

Het is verleidelijk om naar het centrum van Echternach te rijden. Het is er gegarandeerd mooi. Maar aangezien deze rit vooral om de verrassing draait, laat ik de stad rechts liggen en stap ik pas uit het zadel om de Huel Lee-grot te bekijken. Het is vanaf de weg vijf minuten lopen. En wie wil kan er nog wat meer ronddwalen tussen de schitterende rotsformaties met grotten, holen, doorkijkjes, loopplanken, uitkijkpunten en kleine watervallen. Een natuurspektakel, niks braafs aan.

Opschakelen dus

Na een puntje binnendoor, pak ik de loop van de Sauer op, één van de belangrijkste rivieren van het land. Het is misschien niet de meest verrassende route naar Esch-sur-Sûre, maar wel een hele mooie. De versnellingsbak in z’n drie en doorrijden. Pas in Esch zet ik de motor op de standaard voor koffie met gebak bij Schmaach Ëm de Séi a méi, wat volgens Google translate zoveel wil zeggen als ‘Proeven rond het meer & meer’ – met het stuwmeer om de hoek best een logische verklaring. Net als de cafetaria ernaast is dit een populaire stop bij motorrijders.

Het is tijd voor het eindschot naar het noorden. Nu de brutaliteit van Luxemburg niet meer van de spectaculaire gebouwen of het industriële erfgoed komt, moet ik het zelf maar compenseren op de weg. Opschakelen dus. De Triple Black GS in rijmodus Dynamic Pro en laten gaan die machine. Over Kaundorf, Büderscheid en Wiltz.

Een traject met heerlijke lussen brengt me naar de hogere heuvels van de Ardennen. Wie van fotografie houdt moet in Clervaux naar het kasteel voor de permanente expositie The Family of Man, een fantastische collectie van 503 foto’s uit 68 landen die in 1955 bij elkaar zijn gebracht. Thema: gelijkheid en vrede. Dat is nog net zo actueel als toen.

Een expo van wereldklasse in een klein toeristisch dorp leek me een passende finish van een zoektocht naar onverwacht Luxemburg. Samen met de eigentijdse architectuur, de street art en het industriële erfgoed dat ik onderweg heb gezien, onderstreept het nog eens dat Luxemburg niet altijd en overal braaf en voorspelbaar is.

Maar het lekkerst van alles zijn toch de wegen. Daarom stap ik snel terug op de GS, start de motor en neem de lange route binnendoor naar de Belgische grens. Zal ik me braaf aan de snelheid houden?

Reisinformatie

De reis

De route begint in het zuiden, maar kan natuurlijk ook andersom worden gereden. Het dorp Troisvièrges ligt op 288 kilometer vanaf Utrecht, ruim drie uur rijden via Maastricht, Verviers en Malmédy.

Overnachten

Dat kan in Luxemburg op alle mogelijke manieren. Van eenvoudige campings tot luxueuze hotels. Wij sliepen in Hôtel-Restaurant de l’Ecluse, een eigentijds hotel aan de Moezel, met strakke kamers. De motor staat er droog onder het pand. Informatie: www.hotel-ecluse.lu.

Culturele hoofdstad

Esch-sur-Alzette is dit jaar Culturele Hoofdstad van Europa, samen met Kaunas in Litouwen en Novi Sad in Servië. Samen met tien gemeenten in het zuiden van Luxemburg en acht in het noorden van Frankrijk is een uitgebreid programma samengesteld met meer dan 160 culturele activiteiten zoals festivals, voorstellingen en exposities. Informatie: www.esch2022.lu.

Informatie

www.visitluxembourg.com.  

Download de route

Rij mee op 22 mei – 69 km voor Nicky Hayden

0

Op 22 mei organiseren Motor.NL en Motornieuws.be ‘69 km voor Nicky Hayden’. Het initiatief ter nagedachtenis van de betreurde Amerikaanse ex-wereldkampioen, bracht de voorbije jaren veel volk op de been in de VS. Dit jaar kun je in een grensoverschrijdende rit ook in België en Nederland hulde brengen aan Nicky Hayden én tegelijkertijd een goed doel steunen.

Bijna vijf jaar na zijn dood, is het nog steeds moeilijk te vatten dat The Kentucky Kid er niet meer is. Haydens palmares met als hoogtepunt de wereldtitel in 2006, werd enkel overtroffen door zijn persoonlijkheid. Larger than life. Groot hart. Fantastische stijl. Knappe kop. Leuk racenummer… en dan… die rampzalige dag waarop Hayden nabij Rimini aangereden werd door een auto en vijf dagen later overleed aan de opgelopen hersenschade.

Niet lang na die fatale dag werd The Nicky Hayden Memorial Foundation opgericht door zijn familie en naasten. In de Verenigde Staten werd in 2021 massaal deelgenomen aan de 69 miles for Nicky Hayden. Hier in de lage landen wordt het eerbetoon voor het goede doel, iets korter. Er wordt 69 km gereden in plaats van de 69 miles. Dat rijden kun je doen op twee manieren: met de motor of via de (nog) sportievere optie op de fiets. Hayden liep de verwondingen die uiteindelijk tot zijn dood leidden, immers op toen hij met de fiets aangereden werd. Fietsen is dus één optie, motorrijden een tweede. Er is ook nog een derde manier om The Kentucky Kid te eren: een route van 6,9 km wandelen of lopen.

Alle trajecten wordt op voorhand uitgestippeld en de start- en aankomstplaats is MotorPark/HondaPark in Olmen. Vandaar vertrekt een grensoverschrijdende rit naar Nederland en terug. Opbrengsten gaan naar The Nicky Hayden Memorial Foundation, een liefdadigheidsorganisatie die geld inzamelt voor kansarme kinderen. Daarnaast is de 69 km voor Nicky Hayden ook een manier om de aandacht te vestigen op zwakke weggebruikers: fietsers worden daar meestal automatisch bij gerekend, maar ook motorrijders zijn zeer kwetsbaar in het verkeer.

Meer informatie omtrent inschrijvingen en andere praktische details, vind je heel binnenkort op deze fijne website, maar je kunt nu al 22 mei rood omcirkelen in je agenda! Voor wie van plan is om de afstanden fietsend of lopend af te leggen: begin alvast te trainen!

Hersenspinsel: Royal Enfield Hiker 6.5

0

Oberdan Bezzi heeft weer eens zijn computer aan het werk gezet, om zijn idee van een breder aanspreekbaardere variant van de Himalayan vorm te geven. De Royal Enfield Himalayan die mogelijk de komende jaren wordt aangeboden met een luchtgekoelde 650 tweecilinder zou een soort ADV zijn met een klassieke uitstraling. In elk geval zou de 650-versie een heel ander karakter hebben dan de ééncilinder die Royal Enfield vandaag de dag aanbiedt in het offroad/motorreis-segment.

De Royal Enfield Hiker 6.5, hoewel ook ontworpen voor avontuurlijke reizen en ruwe trails, biedt een rijker en meer verfijnd imago. Het zou een motorfiets zijn voor rijders die een meer comfortabele fiets willen met een meer innemende uiterlijke aantrekkingskracht.

Oberdan Bezzi fabriceert BMW F 702 R

De Hiker 6.5 is rijk uitgerust met onderdelen die geschikt voor zwaar en intensief gebruik, technisch eenvoudig zijn en daardoor zeer robuust. De Hiker 6.5 richt zich op motorrijders die niet van stilistische uitspattingen houden en maar wel een elegant en sober voertuig wensen, gekoppeld aan een traditioneel imago. Je zou he gerust ook kunne omschrijven als een crossover.

Rond de Hiker 6.5 biedt Royal Enfield een groot aantal accessoires aan, zowel technische als functionele, zodat je de motorfiets naar eigen wens kunt configureren.

Earl Hayden: veel meer dan de vader van – Terugblik

0
Earl Hayden

Niet alleen bij het horen van de naam Nicky Hayden gaan je gedachten automatisch terug naar Valencia 2006, wat te denken van Earl Hayden. Zelden zagen we zoveel spanning als die dag op het Circuit Ricardo Tormo en zelden zagen we zo’n intense band tussen vader en zoon met als ultieme bekroning de wereldtitel, die bij de start van de laatste MotoGP-race van 2006 nog verder weg leek dan ooit. Op woensdag 29 december kwam het trieste nieuws naar buiten dat Earl op 74-jarige leeftijd overleden is aan de gevolgen van slokdarmkanker en een longontsteking. Enkele dagen eerder was tijdens Kerst de laatste droom van Earl uitgekomen door samen met zijn gezin te zijn. Al was dat samen nooit meer compleet, doordat Nicky vier en een half jaar geleden overleed na een wielrenongeluk in Italië…

Foto-info

FotograafHenk Keulemans
Jaar2006
OnderwerpMotoGP

Earl Hayden: wetenswaardigheid

Hoewel zijn zonen Nicky, Tommy en Roger Lee uiteindelijk veel beroemder werden, was Earl zelf ook een goed motorcoureur en reed lange tijd succesvol in de dirttrack. Met startnummer 69, het nummer dat veel coureurs nog altijd op hun pak hebben uit respect voor Nicky. En Earl…

Earl Hayden
Nog vier lange ronden te gaan voor Nicky (en Earl) in 2006 op Valencia. Nu weten we allemaal hoe het afliep, maar op dat moment kon er nog van alles misgaan en dat zorgt zichtbaar voor haast ondragelijke spanning bij de vader van..

Raalte Races: toch geen wereld van verschil – Terugblik

Goud voor 2022 Aprilia Tuono V4 Ultra Dark

0

Aprilia stuurt zijn top naked bike het modeljaar 2022 in met een chique nieuwe donker/gouden kleurstelling. In navolging van de Aprilia RSV4 Factory krijgt ook de overeenkomstige naked bike in het gamma van de Italiaanse fabrikant voor het seizoen 2022 een Ultra Dark kleurvariant.

2022 Aprilia RS 660 Limited Edition en Tuono 660 Factory

Meer zwart dan goud

De basislaag is glanzend zwart. Een paar goudkleurige elementen accentueren dit. De onderkanten van de vleugelelementen op de bult en alle Aprilia logo’s zijn in goud. De gouden look wordt afgerond met goudkleurige vorkbuizen. De Tuono heeft echter niet de goudkleurige gesmede velgen van de RSV4 Factory.

Naast de nieuwe Ultra Dark kleur, zal de Tuono Factory voor het seizoen 2022 ook verkrijgbaar zijn in Aprilia Black, waarin veel rode elementen gecombineerd worden met de zwarte basislaag. Aprilia heeft nog geen prijzen bekendgemaakt voor de nieuwe kleurencombinatie.

Aprilia biedt de Tuono V4 Factory voor 2022 aan in een nieuwe kleurencombinatie van zwart en goud en noemt hem Ultra Dark. Technisch gezien verandert er niets.

BMW Motorrad werkt aan motorzadel met verstelbare breedte

0
BMW motorzadel 1

Het hebben van een comfortabel zadel kan elke motorrit maken of breken. Daarom is een innovatie zoals BMW Motorrad’s patentaanvraag van januari 2022 voor een motorzadel met verstelbare breedte zo intrigerend. Niet alle zadels zijn gelijk, maar als het hierboven geschetste apparaat zijn weg vindt naar de echte wereld, zou het een interessante oplossing kunnen zijn voor motorrijders.

Het zadel dat hier geschetst wordt is smal vooraan en wordt breder naar achteren toe – zoals vele motorzadels doen. De verstelbaarheid heeft geen invloed op het smalste gedeelte van het zadel, maar is in plaats daarvan beperkt tot het achterste gedeelte. Dit deel bevindt zich op de plaats waar de wangen van de berijder op de lange, rechte stukken asfalt geplant kunnen blijven. Bovendien kan het, indien gewenst, ook naar achteren worden uitgebreid om plaats te bieden aan de duopassagier.

Rijden op waterstof: Brandstofcel heeft toekomst

Het basisontwerp bestaat uit een basispan met twee scharnierende delen die er direct bovenop zitten. Door handmatige of elektrische bediening kunnen deze scharnierende zitsecties de breedte van de zitting naar wens vergroten. Ongeacht de methode die wordt gebruikt om de breedte van de zitting aan te passen, zijn de instellingen vergrendelbaar zodra u alles hebt ingesteld op de gewenste stand.

Aangezien BMW niet onbekend is met zaken als elektronisch instelbare vering, lijkt het idee dat een zadel met instelbare breedte ook elektronisch instelbaar zou kunnen zijn, bijna ouderwets. Ik bedoel, het is relatief eenvoudig – maar het doel van een octrooiaanvraag is natuurlijk om alle details in niet mis te verstane bewoordingen uit te leggen. BMW voorziet dus de mogelijkheid om de breedte van je zadel op afstand elektronisch te verstellen via de handbediening waarmee moderne BMW rijders al vertrouwd zijn.

Al deze verschuivingen en bewegingen zouden worden opgevangen door het zitkussen, dat is uitgerust met een sleuf tussen de twee scharnierende brokken die over de gehele lengte loopt. Met dit ontwerp wil BMW het mogelijk maken dat de scharnierende delen kunnen bewegen zoals de rijder dat wenst, zonder dat het zitkussen te veel moet uitrekken. Het kussen, evenals de rest van het zitmechanisme, zou zich uiteraard allemaal onder een bekleding bevinden.

2022 Kawasaki Ninja ZX-25R krijgt nieuwe kleurstelling

0
2022 Ninja ZX-25R

Toen Kawasaki in 2020 de Ninja ZX-25R voor het eerst introduceerde in Japan en de aangrenzende Aziatische landen, blies het merk de viercilinder sportmotor met kleine cilinderinhoud nieuw leven in, die in de jaren ’80 en ’90 een rage was. In de hoop dat andere fabrikanten dit voorbeeld zullen volgen, lijkt het erop dat we geen andere keuze hebben dan de Ninja ZX-25R als we een moderne viercilinder met een kleine cilinderinhoud en een toerental tot 17.500 t/min willen.

Kawasaki ZX-4R binnenkort onthuld?

Het goede nieuws is dat Kawasaki geen plannen lijkt te hebben om de ZX-25R binnenkort van de markt te halen. De Japanse fabrikant heeft zelfs net het doek van het 2022-model getrokken. Twilight Blue is een nieuwe kleurkeuze voor de vernieuwde kwart-liter Ninja ZX-25R. De lak heeft rode en witte accenten, terwijl de kuipdelen grijze logo’s hebben. Afgezien van de nieuwe kleur is de 2022 Ninja ZX-25R in essentie ongewijzigd. Dit betekent dat hij zijn kenmerkende moderne Ninja-styling behoudt, die vrijwel identiek is aan die van de rest van de Ninja-familie, waaronder de Ninja 400, 650 en ZX-6R supersport.

De 2022 Kawasaki Ninja ZX-25R zal naar verwachting in februari 2022 zijn weg vinden naar de Japanse markt. Naburige Aziatische markten zullen zeker kort daarna volgen.

Rijden op waterstof: Brandstofcel heeft toekomst

0
brandstofcel
De brandstofcel levert de elektriciteit voor de elektromotor en laadt tevens de accu op, die kan bijspringen als er veel vermogen wordt gevraagd.

Yamaha, Kawasaki en enkele automerken werken samen aan waterstoftechnologie, terwijl de politiek zich juist op elektrisch richt. In het vorige artikel hebben we uiteengezet waarom waterstof een goed en belangrijk alternatief is. De vraag is nu, hoe rijd je eigenlijk op waterstof!

Auto- en motorfabrikanten zien ‘Battery Electrical Vehicles’ alleen als oplossing voor kleine voertuigen en korte afstanden. Lithium-accu’s hebben een goed rendement, 85% van de energie die je erin stopt, haal je er ook weer uit. Maar voor grote voertuigen en voertuigen met een groot actieradius heb je grote accupakketten nodig. Grote accupakketten zijn zwaar. Hoe zwaarder het voertuig, hoe meer energie het accelereren kost en hoe groter de rolweerstand is. Je gaat dus steeds meer energie stoppen in het transporteren van je energiedrager. En dat is een slechte zaak, want hernieuwbare energie is schaars. Het afgelopen jaar is er in Nederland weliswaar 36% meer zonne-energie en 25% meer windenergie geproduceerd (Bron: CBS), maar 36% en 25% van weinig is nog steeds bijna niets. In totaal is het aandeel zonne- en windenergie nog altijd maar 9.

Motormerken investeren in waterstof: De strijd der energiedragers

Rendement

Of de elektriciteit nu uit een hernieuwbare bron komt of niet, in beide gevallen is het belangrijk om er zo efficiënt mogelijk mee om te gaan, ofwel omdat het beperkt beschikbaar is, ofwel omdat het CO2-uitstoot veroorzaakt. Dus moet je niet klakkeloos alles batterij-elektrisch maken. Je moet ook afwegen of er voor bepaalde toepassingen betere alternatieven of energiedragers zijn. Alternatieven waarmee je dus meer kilometers haalt uit de beschikbare energie. Zoals waterstof. Dat kun je via elektrolyse maken uit water en elektriciteit. Je zet dan – net als in een accu – elektrische energie om in chemische energie. Dat proces heeft een rendement van ongeveer 70%. Wanneer waterstof onder hoge druk – doorgaans 350 tot 700 bar – opslaat, heeft het een zeer hoge energiedichtheid. Je hebt er wel grote, stevige tanks voor nodig, maar die kunnen tegenwoordig van het lichte carbonfiber worden gemaakt. Voor meer actieradius hoeft het gewicht dus niet veel te stijgen, bovendien kun je het in een paar minuten tanken, waardoor het ook niet erg is als je onderweg moet tanken. Dat kost ongeveer 10 euro per kg, goed voor een kostenpost van ongeveer 10 cent per km.

Verbrandingsmotor

Waterstof is het kleinste atoom dat er bestaat. Als vrij atoom komt het niet voor, als je het over de waterstof in je gastank hebt, heb je het over een molecuul dat bestaat uit twee waterstofatomen: H2 dus. Dat spul reageert heel graag met zuurstof, dat in de natuur ook alleen als O2 voorkomt. In formule: 2H2 + O2 = 2H2O, dus als het reageert vormt het water. Dat kan op meerdere manieren. Een van de meest voor de hand liggende is ‘aansteken’. Een mengsel van waterstof en zuurstof in een verhouding 2:1 wordt knalgas genoemd. Dat doet wat de naam belooft: het is behoorlijk explosief. In buitenlucht zit al 21% zuurstof, dus kun je dat proces gewoon met buitenlucht laten plaatsvinden. Dat maakt het in theorie heel geschikt om het in een verbrandingsmotor te verbranden: ‘Het lijkt wel wat op LPG’, vertelt Menno Merts van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, waarvan de opleiding Autotechniek al tien jaar geleden een Subaru Impreza Rally op waterstof had omgebouwd. ‘Je hebt er een drukregelaar en speciale injectoren voor nodig. Daarmee krijg je het draaiend. Maar om het goed draaiend te krijgen, is een heel ander verhaal. Waterstof verbrandt sneller dan benzine, dus je hebt er een andere kleptiming en een andere ontstekingskarakteristiek voor nodig. Het is ook gevoeliger voor restenergiebronnen, zoals hete kleppen of gloeiende koolaanslag. Het is ook gevoelig voor backfire. En dan heb je ook nog iets vermogensverlies, maar een motorblok kan er goed op lopen’. Dat bewees ook BMW al in 2006, toen ze een 7-serie met verbrandingsmotor op waterstof hadden. Deze had een 6.0 liter V12 met directe injectie, die 260 pk leverde.

Suzuki heeft al jaren geleden een Burgman Fuel Cell al als prototype getoond.

Stikstof

Het voordeel van een verbrandingsmotor op waterstof is, dat je ook altijd nog op benzine kunt rijden als er op je route geen waterstoftankstation is. Dat is handig in de aanloop naar een waterstofeconomie. Maar voor de lange termijn is dit niet de beste oplossing. Een verbrandingsmotor heeft een rendement van 20% tot 40%, afhankelijk van het toerental, de belasting, de kwaliteit en het verbrandingsproces (compressieontsteking of vonkontsteking). Je combineert dan dus het slechte rendement van de verbrandingsmotor met het lagere rendement van de waterstofopwekking. Een ander probleem zijn de emissies: waterstof verbrandt weliswaar tot water, maar bij hoge temperaturen kunnen er bij een arm mengsel – net als bij benzine en diesel – ook NO en NO2 ontstaan door verbranding van stikstof uit de lucht. Lucht bestaat immers voor 79% uit stikstof. Stikstofmonoxide is een giftig gas dat zich aan de hemoglobine in het bloed kan hechten en een verlamming van het centrale zenuwstelsel kan veroorzaken. Samen met onverzadigde koolwaterstoffen heeft het een smogvormende werking. Stikstofdioxide of NO2 is een scherp gas dat een etsende werking op het longweefsel heeft. NO2 heeft bovendien een Global Warming Potential van 298. Dat wil zeggen dat het 298 maal zoveel effect op Global Warming heeft dan CO2.

In een brandstofcel staan waterstofmoleculen elektronen af aan de anode, die daardoor negatief geladen wordt. Het molecuul valt daarbij uiteen in waterstofprotonen, die door het membraan heen trekken naar de kathode. Daar reageren ze met zuurstof tot water. De daarvoor benodigde elektronen ontrekken ze aan de kathode, die daardoor positief geladen wordt.

Brandstofcel

Is er een betere manier om de energie weer uit waterstof te krijgen? Jawel, de brandstofcel. Zo’n ding lijkt wel wat op een accu. Er zitten geen bewegende delen in, je voert waterstof en lucht toe en er komt water en elektriciteit uit. Dat werkt – net als bij een batterij – met een pluspool (kathode) en een minpool (anode). De anode is een metalen plaat met een labyrint van kanalen. Daar stroomt waterstofgas door. De kathode heeft ook zo’n labyrint, waar lucht doorheen wordt gepompt. Zowel de anode als de kathode is voorzien van platinadeeltjes. Het platina aan de anode fungeert als katalysator en ontleedt waterstofgas in negatief geladen elektronen en positief geladen ‘protonen’. (2H2 = 4H+ + 4e). Tussen de anode en kathode zit een membraan van een speciale kunststofpolymeer. Wanneer dit membraan vochtig is – waarvoor een aparte bevochtigingspomp nodig is – kan het protonen naar de kathode geleiden. Aan de kathode zorgt het platina dat de protonen met zuurstof uit de in de brandstofcel gepompte lucht tot water reageren. Maar daarvoor zijn elektronen nodig. (O2 + 4H+ + 4e= 2H2O). Het membraan laat wel protonen, maar geen elektronen door. Zo ontstaat er een spanningsverschil van 0,5 (belast) tot 1 Volt (onbelast) tussen de negatief geladen anode en de positief geladen kathode.

Opslag

Door meerdere anode-kathodecombo’s op elkaar te stapelen ontstaat een zogenaamde ‘stack’, oftewel een brandstofcel met een hoog voltage, net als wanneer je een aantal batterijen in serie schakelt. Een brandstofcel heeft een rendement dat tussen de 40% en 60% ligt; veel beter dus dan een verbrandingsmotor op waterstof. Reken je het rendement van de fabricage van waterstof mee (70%), dan ligt het totale rendement rond de 35% en dat lijkt een stuk slechter dan bij een BEV, want accu’s hadden een rendement van 85%. Maar dat is alleen zo als de zonne- of windenergie direct in de auto- of motoraccu’s wordt geladen. Wanneer die energie eerst in ‘opslag in de wijk-accu’s’ wordt bewaard en daarna via omvormers in de auto- of motoraccu’s worden overgeladen, daalt ook dat rendement flink. Het grote probleem was het energieverlies door het rijden met zware accupakketten, waardoor het rijden op waterstof vanaf een bepaald formaat voertuig toch rendabeler is. 

De kathode en de anode zijn stalen platen, waarin kanaaltjes zijn gemaakt om de waterstof en de lucht door te leiden.

Rijden op waterstof

Een brandstofcel komt langzaam op gang, het vermogen dat deze levert ijlt langzaam na wanneer je de waterstoftoevoer verandert. Dat maakt de brandstofcel in zijn eentje ongeschikt voor een voertuig, dat zeer wisselende belastingen kent. Er is dan ook een buffer nodig, van waaruit de wisselende vermogensvraag kan worden gevoed. Oftewel, er is een accu nodig. De accu helpt bij het topvermogen, als je accelereert of een helling op rijdt. De actieradius komt uit de brandstofcel. Die hoeft dus in theorie slechts een fractie meer vermogen te leveren dan nodig is voor een constante kruissnelheid. Het overschot gebruikt hij om de accu op te laden. Dan wordt het vraagstuk hoe groot de afzonderlijke energiebronnen echt moeten zijn en wanneer je welke energiebron moet gebruiken. Dat hangt uiteraard weer sterk af van het gebruik van een voertuig. ‘Dat vermogen bestaat uit twee parameters: het gemiddelde en de variatie daarop’, stelde Edwin Tazelaar in 2013 al tijdens een congres van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, waar hij op dit onderwerp was afgestudeerd. ‘Normaal wordt de waterstofcel zo gedimensioneerd dat die het gemiddelde vermogen levert, de batterij de rest. Wij hebben gekeken welke verhouding de beste state of charge van de batterijen en het laagste brandstofverbruik oplevert. Volgens ons is het beter om ook een fractie van de variatie bij het vermogen van de brandstofcel te nemen, dan haal je het laagste brandstofverbruik en is het mogelijk een 14% kleinere batterij te gebruiken.’ Dat is gunstig, omdat kleine batterijen minder wegen en er wellicht dus ook niet genoeg grondstoffen zijn om elk vervoermiddel van grote accupakketten te voorzien.

Redactie Motor.NL kiest motor van het jaar 2021

Plug-in

Er is nog een andere optie: je kunt toch een iets grotere accu nemen en die thuis aan de stekker opladen, zodat je de kleine afstanden puur op de accu kunt doen, wat dus een groter rendement heeft dan alles op waterstof. Je hebt dan een plug-in -brandstofcelvoertuig. De brandstofcel zie je dan puur als range-extender. Via routeplanning kun je het gebruik daarvan op langere afstanden optimaliseren: je kunt ervoor zorgen dat de brandstofcel onderweg precies genoeg bijlaadt om de eindbestemming met net-niet lege accu’s te halen. Zo optimaliseer je het rendement. Wijzig je onderweg je route of bestemming, dan gooit dat geen roet in het eten. Wel waterstof, maar dat is niet erg voor het milieu.

Pak nog minstens 20% korting op jouw motoroutfit bij Motorkledingstore.nl

0
Motorkledingstore.nl

De lockdown is opgeheven en daarom verlengt Motorkledingstore.nl haar lockdownkorting tot en met zondag 23 januari!

Shop online of kom langs in een van de megastores, waar je niet alleen wordt geadviseerd door motorkleding experts maar ook profiteert van minstens 20% korting op de gehele collectie! (m.u.v. van cadeaubonnen, communicatie, navigatie en airbagsystemen.) 

Met gecombineerd 10.000m2 oppervlakte aan motorkleding van oa. Alpinestars, Shoei, Dainese, REV’IT, John Doe en Scorpion vindt iedereen zijn motoroutfit voor de scherpste prijs!

Kom deze week nog langs en grijp deze laatste kans om te profiteren van de lockdownkorting!  De filialen van Motorkledingstore.nl vind je in Breda, Capelle aan den IJssel, Eindhoven en Vianen (Utrecht).

Openingstijden:

  • Maandag:       13:00 – 17:00
  • Dinsdag:         10:00 – 17:00
  • Woensdag:     10:00 – 17:00
  • Donderdag:    10:00 – 17:00
  • Vrijdag:           10:00 – 17:00
  • Zaterdag:        10:00 – 17:00
  • Zondag:          12:00 – 17:00

Voor meer informatie over de lockdown korting ga je naar: https://www.motorkledingstore.nl/actievoorwaarden

Patent renders tonen de nieuwe Yamaha Ténéré 700 Raid

0
Yamaha Ténéré 700 Raid

Sinds we een eerste glimps opvingen van Yamaha’s prototype van de Ténéré 700 Raid tijdens EICMA, zitten we op ’t puntje van onze stoel in afwachting van meer nieuws. En dat is er nu: online doken enkele patenttekeningen – nu ja, eerder erg gedetailleerde renders – op van het model in kwestie. Opvallend is dat het hoge MX-spatbord plaats heeft geruimd voor het standaardexemplaar op de Ténéré 700, maar verder ontwaren we wel enkele interessante details. Zo heeft een goed oog menteen door dat er twee tankdoppen zijn voorzien – en er dus vermoedelijk ook twee afzonderlijke tanks zijn voorzien. Verder spotten we het hoge rally-scherm en de deflectoren van op het prototype, een aangepast zadel, en extra protectoren voor het zwaardere offroadgebruik.

Bescheidener opzet

Op de laatste autosalon van Milaan toonde Yamaha aan het publiek het prototype van de Ténéré 700 Raid 2022. Dit is een speciale versie van de Ténéré 700 die Yamaha naar eigen zeggen had opgebouwd met GYTR (Genuine Yamaha Technology Racing) onderdelen. Het uiteindelijke resultaat lijkt in eerste instantie een stuk bescheidener dan het prototype, waarbij een aanpassing van het kuipwerk lijkt te primeren.

Op supercar-geïnspireerde motorfietsen

Meer bewegingsvrijheid

We vermeldden de dubbele brandstoftank al even – waarvan de inhoud voorlopig onbekend blijft. Ook het prototype had een extra reservetank aan boord, maar die stak achteraan op de motor. Wat hier op het eerste zicht niet het geval lijkt. Het zadel lijkt de sprong van het prototype naar de (potentiële) productieversie wel gehaald te hebben. In vergelijking met het zadel op de standaard Ténéré 700 loopt de zit een pak verder door naar voren, om net zoals een MX-zadel gedeeltelijk over de tank gedrapeerd te zitten en meer bewegingsvrijheid te bieden. Op de voetsteunen ontbreekt de rubberen inlegzool – ook dat wijst duidelijk meer richting offroad.

Tft in de maak?

Opvallend is dat de remmen, ophanging en wielen – die op het prototype duidelijk opgewaardeerd waren – toch lijken overgenomen van de standaard Ténéré 700. Hetzelfde geldt overigens voor de Akra-demper van het prototype, die hier lijkt vervangen door de standaardpot. Dat alles wijst alvast in de richting van beperkte of geen aanpassing qua specificaties en/of prestaties. Het dashboard behoudt de vorm van het originele LCD-schermpje, maar lijkt een stuk groter en staat hoger gemonteerd. Met een beetje geluk wordt dat een ruimer tft’tje met eventuele connectiviteitsmogelijkheden – denk maar in de richting van offroadnavigatie en dergelijke.

Meer dan deze renders zijn er voorlopig niet opgedoken, dus blijft ’t gissen naar wanneer de Ténéré 700 Raid daadwerkelijk op de markt zal komen. Maar gezien de details, lijkt ’t ons niet al te lang meer te gaan duren. Fingers crossed!