Feit of Fabel: Ongedempte uitlaten voorkomen ongelukken

Lawaaimakers weten het zeker: ongedempte uitlaten voorkomen ongelukken. Hebben decibelbrakers gelijk?

Het klinkt logisch dat automobilisten bij het horen van een snel naderende donkerbruine roffel verschrikt in hun achteruitkijkspiegels kijken en ruim baan maken voor een motorfiets met open dempers. Is het ook zo logisch? De aanhanger van de loud pipes save lives-theorie gaat er vanuit dat hij sowieso gehoord wordt. Alsof er geen vette stereo’s in auto’s zitten, alsof automobilisten niet met oortjes in hun oren zitten te bellen. Overigens mogen dove mensen gewoon deelnemen aan het verkeer. Die horen zelfs motoren met volledig open uitlaatsystemen niet naderen.

Loeiende sirenes

Ongeveer tweederde van de ongelukken gebeuren omdat automobilisten linksaf slaan en daarbij een motorfiets over het hoofd zien. Dat zegt wel iets over de ‘alertheid’ van sommige medeweggebruikers. Als ze je al niet zien, horen ze je al zeker niet. Bovendien is geluid lastig te plaatsen. Iedereen heeft wel eens een ambulance met loeiende sirenes horen naderen zonder te weten waar de ziekenwagen precies vandaan komt. Pas als je de blauwe zwaailichten ziet, weet je het. Mensen vangen eerder visuele signalen op dan geluidsignalen. Probeer in het oog te vallen in plaats van gehoord te worden.

Feit of Fabel: In België mag je met een rijbewijs B op de motor

Vals gevoel van veiligheid

Het Hurt Rapport van professor Harry Hurt is een van de meest uitgebreide onderzoeken ooit naar de veiligheid van motorrijders. Voor het standaardwerk uit 1976 onderzocht Hurt negenhonderd motorongevallen en spitte hij door 3600 politierapporten. Uit het rapport valt op te maken dat motoren met lawaaipijpen net zo vaak bij een ongeval zijn betrokken als stille motoren. Je kunt er dus niet op vertrouwen dat je gehoord wordt, dat is een vals gevoel van veiligheid. Het is zelfs extra gevaarlijk als je dat wel doet. Je gaat als vanzelf harder rijden als je ervan uitgaat dat iedereen je ziet en/of hoort.

Fabel

Loud pipes save geen lives. Wat wel lives saves is een defensieve rijstijl. Zorg dat je goed zichtbaar bent, spijker je rijeigenschappen bij, vertraag op plaatsen met slecht zicht, koop goede kleding en houd afstand van gevaar.

MotorNL Nieuwsbrief

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief of aanbiedingen en blijf iedere week op de hoogte van al het nieuws, motortests, leuke routes of aanbiedingen.

Ik meld me hierbij aan voor de volgende mailinglijsten:




Vul een geldig emailadres in
Dat adres bestaat al in ons bestand
The security code entered was incorrect
Dank voor je aanmelding

Gerelateerd

REAGEER OP DIT ARTIKEL

Reacties

  • Femme Verbeek 10/10/2019 at 23:45

    Automobilisten zien je soms wel, maar het registreert niet in de bovenkamer. Een bestuurder die me gewoon aankeek ging toch invoegen op de plaats waar ik reed. Alsof ik uit lucht bestond.
    Over afslaande tegenliggers: Sinds ik met dubbele koplamp rijd heb ik de indruk dat ik eerder en beter gezien word.

    Antwoord
  • Coen Mulder 11/10/2019 at 14:55

    Ik denk dat hier een extra element moet worden toegevoegd: snelheid. Als ik langzaam rijd, bijvoorbeeld in de file, merk ik dat automobilisten wel degelijk aan de kant gaan (meestal). Ik kan de mensen zien en zie aan hun reactie dat ze pas in hun spiegels kijken nadat ze iets lijken te horen.

    Bij een normale verkeerssnelheid is mijn uitlaat (gelukkig) niet zo luid dat ik daardoor meer opval. Voor die situatie heb ik twee wapens: mijn running-lights (led) en mijn eigen oplettendheid.

    Ik rijd al heel lang motor en dan leer je de medeweggebruikers wel ‘lezen’. Vaak kan ik feilloos voorspellen of een automobilist gaat afslaan, van baan gaat wisselen, et cetera. Een defensieve rijstijl is daarbij van levensbelang. Oh, en bliksemsnelle reflexen zijn soms ook wel handig.

    Bestuurders die dwars door je heen kijken heb ik ook meegemaakt. Na duidelijk oogcontact via zijn linkerbuitenspiegel ging een automobilist toch gewoon naar links, terwijl ik hem (rustig) aan het inhalen was. Toen we later samen naar mijn op de grond liggende motor stonden te kijken zei hij: ‘Sorry, ik had je niet gezien.’ Een typisch voorbeeld van kijken maar niet zien. Gelukkig reed ik niet hard en kan ik het ongeschonden navertellen.

    Antwoord