donderdag 23 april 2026
Home Blog Pagina 1141

Nieuwe Honda Deauville in de maak?

1

De geruchten worden steeds sterker dat Honda aan een nieuwe Deauville werkt. De middenklasse toerfiets krijgt naar verluidt niet langer een V-twin, maar de staande twin die we kennen uit de CRF1000 Africa Twin.

Gejuich

De keuze voor het bestaande motorblok is prima te verklaren. Met zijn bescheiden vermogen en soepele inborst past die prima bij een bescheiden motorfiets als de Deauville. Ook DCT kan zijn waarde bewijzen op deze uiterst praktische gebruiksfiets. De Deauville heeft altijd kunnen rekenen op een trouwe supportersschare en in dat kamp gaat vast gejuich op. Het is namelijk extreem stil in de klasse van de handelbare toermachines. Dikke toerbakken als de GTR1400, BMW R1250RT en Honda GoldWing zijn er genoeg, maar toerfietsen onder de duizend cc zijn er simpelweg niet.

Potentiële topper

Hopelijk behoudt de Deauville de meeste van zijn goede eigenschappen. De slanke zijkoffers bijvoorbeeld waarmee het prima door de files heen scheuren is. En het unieke stokbroodgat tussen de twee koffers moet ook beslist terugkomen. De styling mag wel gerust volledig op de schop want van zijn woeste en oogverblindende uiterlijk moest een Deauville het nooit hebben. Wel van zijn gebruiksgemak en wat dat betreft is het hopen dat de ketting van de Africa Twin plaats maakt voor de vertrouwde cardanaandrijving. Als Honda het goede behoudt en de Deauville qua styling en elektronica weer helemaal bij de tijd maakt, heeft het een potentiële topper in huis.

Hoe de nieuwe Deauville er uit komt te zien? Onze collega’s van Moto-Station hebben hier een voorschot op de werkelijkheid genomen.

Dunlops ode aan snel rubber

0

Nieuwe Dunlop-band voor retro’s met het design van het rubber dat vijftig jaar geleden het 100mph ronderecord op Isle Man TT klokte.

 Dunlop onthult 17 augustus de TT100 GP Radial. De band is speciaal ontwikkeld voor de populaire retromotoren. De onthulling vindt, geheel in stijl, plaats op de Isle of Man. Op dit beruchte en beroemde circuit reed Malcolm Uphill vijftig jaar geleden op zijn Triumph Bonneville met Dunlop K81 productiebanden gemiddeld sneller dan 160 km/u.

 Design van toen

De band combineert het design van de TT100 van toen met de technologie van nu. Het klassieke profiel is doorontwikkeld om de stijfheid te verhogen en de precisie in bochten te verbeteren. De grootste wijziging ten opzichte van de aloude TT100 is de geheel nieuwe radiaalstructuur die voor meer stabiliteit zorgt.

 Net als moderne banden

De achterband heeft de Jointless Belt -constructie (JLB) voor een soepele en stabiele wegligging. De productiewijze wordt ook toegepast in hypersportbanden van Dunlop. Moderne retro’s hebben namelijk veelal dezelfde ophanging en motoren als hun gewone nakeds. Het rubber van de Dunlop TT100 GP Radial bevat silica voor een goede grip, ook onder koudere omstandigheden.

 Geschikt voor zestig motoren

De band is bedoeld voor motoren als de BMW R NineT, Yamaha XSR en de Kawasaki Z900RS. Er zijn twee maten voorbanden en vier maten achterbanden beschikbaar. Dat is voldoende voor zestig verschillende motorfietsen van zestien fabrikanten.

Wat is de motorband van het jaar?

0

 

Benoem online jouw favoriete band en maak kans op tweeduizend euro aan prijzen.

Online motorbandenleverancier Motorbandenmarkt.nl vraagt motorrijders in tien landen naar hun favoriete bandenmodellen in verschillende categorieën. Het gaat zover van touring- tot motorcross- en supersportbanden. In de afzonderlijke categorieën kunnen tot en met 15 september vele verschillende actuele modellen worden gekozen.

Stem hier

Onder de deelnemers worden aantrekkelijke prijzen verloot. Hoofdprijs is een Sena Smart-helm Momentum die je in staat stelt om te telefoneren, muziek te beluisteren of met maximaal zeven andere rijders te spreken. Andere prijzen zijn een GoPro 7 inclusief helmhouder en shoptegoeden ter waarde van € 200.

Motorbandenmarkt.nl is nieuwsgierig naar de voorkeuren binnen de afzonderlijke categorieën, maar ook naar mogelijke verschillen tussen de tien landen. Ga hier naar de enquete voor de motorband van het jaar.

Oog voor detail: opbergvakjes

0

Je kijkt er zomaar overheen, maar bij veel motoren maken de details de motorfiets. In deze rubriek helpt Motor.nl je voorbij de grote lijnen te kijken en oog voor detail te krijgen. Dit keer kijken we naar een drietal opvallende opbergvakjes.

Wellicht een ongemerkte reden dat de motorrijder de allroad zo omarmt, is dat koffers ze verdraaid goed staan. Dan heb je op de motorfiets toch nog wat opbergruimte. Waar opbergvakjes in het verleden veel vaker voorkwamen wordt zowat alle aanwezige ruimte tegenwoordig geannexeerd door elektronica. Een kijkje in de bijzondere vakjes die het toch stug volhouden.

Harley-Davidson Street Glide

In de Gouden Eeuw van de smartphone, heb je altijd ruimte te kort in je jaszakken. Harley-Davidson is een van de merken die je graag een vakje biedt hem in weg te stoppen. Sterker nog, ze denken heel behoorlijk mee door er een stukje – verwijderbaar – schuim bij in te stoppen. Rammelt het scherm tenminste niet aan splinters. O, en ze hebben er ook nog heel handig een USB-aansluiting bij zitten zodat je je digitale venstertje tot de wereld meteen bij kunt laden.

BMW R1200GS

Soms heb je niet veel ruimte nodig. Een klein vakje kan al een stukje puur geluk zijn. Dat moeten ze bij BMW ook gedacht hebben toen de Duitsers een heel simpel vakje bovenop de tank van de R1200GS maakten. Het opbergvakje kan niet op slot, maar dat is ook niet nodig mits je hem gebruikt voor onderweg en vult met zaken die je onderweg nodig hebt. Denk aan wat kleingeld voor het tolpoortje of om je rijbewijs bij de hand te hebben mocht het nodig zijn. Simpel, maar heel effectief.

Honda CRF1000L Africa Twin Adventure Sports 

De originele Honda Africa Twin uit 1988 had zoals toen de norm was best wat ruimte aan boord voor je pakje shag, je portemonnee of een kleine gereedschapsrol. Als ode aan die XRV650 heeft de Africa Twin Adventure Sports niet alleen een op de oer-Africa Twin geïnspireerde kleurstelling gekregen maar zelfs het handige opbergvakje kreeg hij mee. Zou opnieuw prima wat gereedschap in kunnen, ware het niet dat je een inbussleutel maatje 5 nodig hebt om het open te maken…

Foto’s: Henny B. Stern en Redactie MotorNL

Voor jou getest: Lindstrands Qurizo-jas en Q-Pants-broek

0
Lindstrands Qurizo allweather jas, Lindstrands Q-Pants

Elke zaterdag lees je een recensie over producten die we uitproberen bij het rijden van onze talloze testkilometers.

Nee, de Q-Pants-broek hield het bij bovenstaande foto niet droog. De Qurizo-jas trouwens ook niet, maar dat kwam van binnenuit door de hieraan voorafgaande worsteling met een Ducati Multistrada en een te diepe plas modderwater.

Deze Lindstrands-combinatie kreeg het de afgelopen twaalf maanden stevig voor de kiezen. Van Noorwegen tot Marokko; het pak zag het allemaal en wist er allemaal mee om te gaan. Een paar dingen vallen op; de pasvorm is prima en de gekozen materialen heerlijk soepel. Het pak draagt echt als een tweede huid. Voor een combinatie uit Scandinavië is het opvallend dat de isolatie maar zo/zo is. Waar je in de winter bij andere pakken een warme thermovoering vast ritst, beschikt alleen de jas over een inritsbare bodywarmer. Benen en armen hebben onder koude omstandigheden dus geen extra laag isolatie. Die zul je zelf moeten dragen en dat is iets om rekening mee te houden met de pasvorm.

Bescherming

Nog iets om rekening mee te houden: de jas heeft geen rugbeschermer. Lindstrands levert hem liever zonder, dan schijnheiligheid te bieden met een stukje kunststof dat amper klappen dempt. Overigens zit op de schouders en ellebogen wel protectie. Het waterdichte membraan is niet gelamineerd op het buitenmateriaal. Het Dryway-plus materiaal is wind- en waterdicht, maar je moet het wel als tweede laag apart in het pak ritsen. De binnenbroek is erg hoog, die reikt tot boven de navel. Dat staat niet al te charmant, maar het voorkomt wel dat er tijdens het rijden regenwater tussen jas en broek kan doorkomen. Met de watervastheid zit het goed. Slechts een keer lekte het pak door
(tijdens helse omstandigheden, weliswaar), maar ik vermoed dat het water toen langzaam via de mouwen omhoog kroop. De sluiting van de mouw is namelijk te eenvoudig, met een rits en stukje velcron moet je het doen. Handschoenen onder de mouw dragen is lastig door de beperkte ruimte.

Met warmte heeft deze Scandinaviër geen moeite. Voor en achter zorgen twee grote ritsen voor voldoende ventilatie. Zeker zonder de waterdichte tussenlaag komt de wind lekker binnen. Lindstrands biedt lekker veel pak voor dit geld. De uitstraling is net wat luxer dan veel andere pakken. Het pak is compleet met protectie, reflectie en leren stukken op de broek.

INFO
Maten jas: 48 t/m 64; broek: 46 t/m 62
Kleur jas: geel/zwart, zwart, grijs; broek: zwart, grijs
Prijs jas: € 449; broek: € 399
Verkrijgbaar zie Jofama.se

Foto: Jesse Kraal

Motorrijder gewond vast onder KTM – nut SOS-systeem bewezen

0
De politie ontfermt zich over de KTM 1090 Adventure R.

Het eCall-systeem van BMW kennen we al drie jaar. Dit systeem belt voor jou de hulpdiensten als de sensoren aan boord merken dat je bent gevallen. Als het systeem niet automatisch belt, kun je zelf op de afgedekte SOS-knop drukken om hulp in te schakelen. Je wordt ook dan verbonden met BMW’s callcenter waarna je via de microfoon en speaker contact krijgt met een medewerker, die de hulpdiensten in kan schakelen. Zie hier onze meer uitgebreide uitleg en hier nog meer info van BMW.

Dat het systeem absoluut van pas kan komen, werd bewezen in Diessen. Daar belandde een motorrijder met zijn 1090 Adventure R in een greppel. De KTM belandde bovenop hem en daarbij brak de motorrijder z’n been. Het lukte hem niet zelf om onder de motor uit te komen. Wel kon hij de hulpdiensten bellen. Maar omdat hij geen idee had waar hij was, konden de hulpdiensten hem in eerste instantie niet helpen.

Pas na WhatsApp-contact met een agent lukte het om zijn locatie te delen, waarna de hulpdiensten inclusief trauma-helikopter ter plaatse kwamen. De hulpdiensten hielpen de man onder zijn motor vandaan en gelukkig kon de trauma-helikopter weer terug zonder passagier: de motorrijder ging met de ambulance naar het ziekenhuis.

Moraal van dit verhaal? Het eCall-systeem van BMW is zo gek nog niet. Als de motorrijder bewusteloos was geraakt, had dit avontuur heel anders kunnen aflopen. Met eCall aan boord zouden de hulpdiensten dan automatisch zijn ingeschakeld. We verwachten dat dit syteem de komende jaren ook bij andere merken intrede doet, zeker op allroads en enduro’s.

Gelukkig liep het toch (relatief) goed af! De redactie van Motor.NL en MOTO73 komt heel graag in contact met de ongelukkige motorrijder en is te bereiken op redactie@www.motor.nl.

Foto: Jack Brekelmans – Persburo-BMS

Classic Travel: Naar de Verlokkende Verte

0

Max Reisch uit Kufstein gaat als 18-jarige aan de Weense universiteit economische geografie studeren. Als bijbaantje brengt hij filmrollen van bioscoop naar bioscoop. Al snel koopt de Tiroler zijn eerste motorfiets – een tweedehands 175 cc Puch. In 1931 verkent Max op deze tweetakt ukkepuk het alpenland. Maar de verre verten lonken. Geïnspireerd door de avonturenromans van onder meer Karl May droomt Max van een motorreis naar Bombay. Een 13.000 km lange tocht via de Balkan, dwars door Anatolië en Voor-Azië naar Brits-Indië.

Herbert Tichy

Zijn professor ondersteunt het plan. Wel geeft hij Max de raad eerst een proefrit door de Sahara te ondernemen. Dat gebeurt in 1932, nadat de jeugdige Kradfahrer zijn 175 cc Puch heeft vervangen door een 250 cc tweedehandsje. De route van 9.600 km gaat via Spanje door Marokko, Tunesië, Libië en Italië terug naar Oostenrijk. Meteen na thuiskomst begint Max zijn grote reis naar India voor te bereiden. Hij krijgt van de Puchfabriek een gloednieuwe T250 cc. Verder wordt binnen diplomatieke kringen een hele reeks visa en recommandaties voor Turkse pasja’s, Arabische sjeiks, Perzische khans en Indische maharadja’s verzameld. Kort daarna loopt Max in Wenen leeftijdgenoot Herbert Tichy tegen het lijf. Ook deze student geologie wil graag naar India, maar heeft noch motorfiets noch rijbewijs. Max besluit Herbert als kompaan en duopassagier mee te nemen. Tichy zou later zelf een enthousiaste motorrijder worden. Zo chauffeerde hij tussen 1935 en 1937 solo naar Kashmir om vandaar verder te tuffen naar Afghanistan, Nepal, Tibet en Birma. In 1955 werd Tichy wereldberoemd toen hij in de Himalaya voor het eerst de 8.200 meter hoge Cho Oyu besteeg.

Blamage

27 juli 1933 is de grote dag: Max en Herbert vertrekken uit Wenen. Tot aan de Hongaarse grens vergezellen vrienden en familieleden de jonge helden. Het uitwuiven duurt er erg lang, omdat de douanecontrole twee uur duurt. En daarna En daarna gebeurt iets onaangenaams. Nog geen twintig meter in Hongarije stuurt Max de Puch in een greppel en maken hij en zijn metgezel een ferme buiteling. Wat een blamage… zo onder het toeziende oog van hun uitgeleide. Tot overmaat van ramp blijkt de voorvork krom. Maar een pijnlijker afgang blijft ze bespaard. De Puch zetten ze met brede grijns weer vlug op zijn wielen en behoedzaam reizen ze voort, richting Boedapest.

Nadat de voorvork is rechtgetrokken, spoort de Puch weer als vanouds, zodat ze de uitgestrekte poesta’s in sneltreinvaart doorkruisen. Vervolgens zijn de bergen van Servië en Macedonië aan de beurt en drie dagen later rijden ze het Bulgaarse Sofia binnen. Deze stad biedt een voorproefje van de oriëntaalse wereld, die hen weldra te wachten staat. Bulgarije was namelijk tot 1878 in Turkse handen en Sofia bezit anno 1933 nog vele hammams, moskeeën en soeks. Gelukkig vind je er ook cafés. Max en Herbert laven zich dankbaar aan ‘Bier und Schnaps’, geneugten die ze spoedig moeten ontberen.

Ménage à Trois

De eerste ontmoeting met de Oriënt blijkt weinig verheffend. De Turkse kommies die in de avondschemering eenzaam de grens bewaakt, weigert hen binnen te laten, met de woorden ‘Het is zes uur’. Hierna declameert hij geeuwend dat ‘geen mens dag en nacht kan werken’. De grensformaliteiten zullen moeten wachten tot zonsopgang. Die ochtend doemt een andere hindernis op. Oost-Thracië, het Europese deel van Turkije, blijkt grotendeels verboden terrein te zijn. De militaire zone kan slechts bereisd worden in gezelschap van een soldaat. Maar hoe doe je zoiets met een zwaar beladen solomachine die al twee personen vervoert? De soldaat wordt op de duozit gezet, terwijl Herbert daarachter plaats neemt op de tentzak.

Zo tuffen ze ‘knusjes’ in slowmotion naar Istanbul. Meerdere keren dreigt de karrevracht om te vallen. Zo lang de stoffige piste vlak is, kan de Puch ’t wel trekken. Maar bij hellingen moet iemand afstappen. Max rijdt eerst met de soldaat vooruit, waarna Herbert te voet volgt. De argwanende militair tikt Max op de schouder zodra Herbert uit zicht verdwijnt. Wordt het echt te steil, dan rijdt Max terug om Herbert op te pikken, terwijl de soldaat beiden in het vizier houdt.

Vuurtje maken

In Istanbul maakt het duo op de motorfiets excursies naar de belangrijkste monumenten, zoals de Aya Sofia, Grote Bazar en de Blauwe Moskee. De straten van Istanbul – met duizenden kuilen en gaten – bezorgen Max bijna een zenuwinzinking. Daarom wijkt hij al snel uit naar de ijzeren tramrails. Dat vereist concentratie en durf. Heb je echter de eerste angst overwonnen, dan ‘geht die Sache wunderbar‘, aldus Max.

Acrobatiek is enkele dagen later ook vereist op de hoogvlakten van Anatolië. Het wegdek is er vaak zo slecht, dat urenlang alleen in de eerste versnelling gereden kan worden. Gevaarlijk zijn ook de vele ezelkarren en ossenwagens die zich zonder waarschuwing voor je wielen gooien. Een andere ergernis vormen de pesterijen van de Turkse bureaucratie: dagelijks zeker zes controles. In elk dorp onderzoekt een overijverige diender minutieus de reispapieren. De plaatselijke bevolking daarentegen is de vriendelijkheid zelve. Overal krijgen onze hoofdrolspelers meloenen, brood en eieren. Wil je een lekkere omelet bakken, dan is wel vuur nodig. Lastig als je kampeert op een dorre steppe, waar bomen noch struiken groeien. Daarom verzamelen Max en Herbert verdroogde drek van kamelen en runderen. En als je de ‘Streichhölzer’, de lucifers, bent vergeten? De twee weten raad. Schroef een bougie los, leg die op een met benzine doordrenkte lap, trap op de kickstarter en je hebt een mooi vuurtje.

Zonnesteek

Na het Taurusgebergte schrammen onze vrienden bij Iskenderun de Middellandse Zee. Deze havenstad is ooit door Alexander de Grote gesticht en werd in 1920 bij het Franse mandaatgebied van Syrië gevoegd; het zou nog tot 1939 duren voordat Iskenderun weer Turks werd.

Max en Herbert zijn verrukt over de wegen in Noord-Syrië. Vanwege hun strategisch belang worden deze door het Franse vreemdelingenlegioen keurig onderhouden. De rit naar Aleppo – bekend om zijn citadel, gebouwd door de kruisvaarders – is dan ook een genot. Aangekomen slaat het noodlot echter toe. Barstende hoofdpijn veroordeelt beide heren tot een verblijf van vijf dagen in een hotelkamer. Een te hulp geroepen arts stelt een zonnesteek vast. Na genezing kopen ze meteen twee tropenhelmen voor de komende monsteretappe, door de Syrische Woestijn naar Bagdad. Het wordt een martelgang. Overdag is het zo heet dat de metalen delen van de Puch bij aanraking brandwonden veroorzaken. Daarom rijdt het tweetal tot ver in de nacht door. Wel neemt door slecht zicht het aantal valpartijen toe. Gelukkig vinden ze na drie dagen de bovenloop van de Eufraat. Deze rivier volgen Max en Herbert daarna stroomafwaarts richting Irak. Vanzelfsprekend nemen ze onderweg zo nu en dan een frisse duik in het water. Met kletsnatte kleren stappen ze dan op, waarna de zwoele rijwind hun kloffie in mum van tijd droog blaast: verkwikkendem momenten.

Vanille-ijs

Minder aangenaam is het gevaar van roofovervallen. Daarom escorteert een pantserwagen van het Légion Étrangère het duo vanaf de oase Abu Kamal naar de Iraakse grens. Een grenssteen vermeldt in Arabisch schrift dat de reizigers hier Mesopotamië, het huidige Irak, binnenrijden. Die avond bereiken Max en Herbert een stadje dat nog op geen enkele landkaart staat: Al-Hadithah omvat een honderdtal bungalows en loodsen van gegolfd plaatijzer. Een mobiele stad die in 1933 door Shell als uitvalsbasis wordt gebruikt voor het aanleggen van de oliepijpleiding Kirkuk-Haifa. Een zandstorm verhindert verder reizen. Vervelend is dit allerminst, want twee dagen lang geniet het duo van Engels ontbijt, plumpudding, Scotch-on-the-rocks en vanille-ijs. Na dit verzetje is de hernieuwde kennismaking met hitte, stof en zand natuurlijk zwaar.

Bij Fallujah steken ze per pont de Eufraat over, en rijden Max en Herbert het tweestromenland tussen Eufraat en Tigris binnen. Bagdad stelt teleur. Tevergeefs zoeken beiden de sprookjesachtige wereld uit de verhalen van Karl May en Duizend-en-één-Nacht. In plaats daarvan brede boulevards, moderne tankstations, autoshowrooms en scouts in Engelse padvindersuniformen.

Zagrosgebergte

Beter in de smaak valt Kerbela, de heilige stad van de sjiieten. Dit door palmbossen omgeven pelgrimsoord rond de grafmoskee van imam Hoessein ademt nog de geest van het oude morgenland. Slaapplaats vormt een probleem, omdat niemand ongelovigen herbergt. Gelukkig heeft Max in Bagdad een aanbevelingsbrief gekregen, zodat ze in het huis van de burgemeester mogen overnachten. Zelfstandig door de soeks flaneren kan echter niet. Ze worden tijdens een stadswandeling door soldaten begeleid, die hen – overal vijandige blikken – moeten beschermen tegen fanatieke stenengooiers. Als ze in een koffiehuis een glas limonade bestellen, let de uitbater er nauwkeurig op dat hij niet de hand van Max, een christenhond, aanraakt. Even later horen ze gerinkel: de waard heeft hun glazen kapot geslagen omdat ze onrein zijn geworden.

De globetrotters hebben nu 4.000 km achter de kiezen en er resten nog 9.000 zware kilometers. In Perzië verandert het landschap vlug. Max en Herbert doorkruisen op weg naar Teheran het Zagrosgebergte. Over gevaarlijke haarspeldbochten stijgen ze naar 3.000 meter. De Puch heeft ademnood en de steile bergpassen liggen bezaaid met stenen en gaten. Herbert moet vaker duwen dan achterop zitten. Ook gaan motorfiets en bemanning geregeld onderuit. Dat doet vooral de gezondheid van Herbert geen goed. Zijn benen raken bedekt met wonden, waarvan sommige lelijk ontsteken. Op een gegeven moment kan hij van koorts en pijn niet meer op de Puch blijven zitten.

Zandvliegen

Redder in nood is een vrachtwagenchauffeur, die de doodzieke Herbert in de laadbak meeneemt, voor de zekerheid met riemen vastgesjord. Dan volgt een dagenlange, helse rit naar Teheran. Max heeft moeite het tempo bij te benen. In de Iraanse hoofdstad constateren artsen een zware bloedvergiftiging en ze willen meteen een been amputeren. Gelukkig besluit en ze één dag te wachten. En jawel, de zwellingen nemen af en binnen een week staat Herbert weer stevig ‘auf die Beinen’. Daarop zetten ze de bloemetjes buiten in Teheran, toen nog vergeven van bars, danspaleizen en nachtclubs.

Eind september – na een grote beurt en een nieuwe achterband voor de Puch – gaat de reis verder over de noordflank van de Dasht-e-Kavir, een onheilspellende woestijn, naar de Noord-Iraanse bedevaartplaats Mashhad. Helaas kunnen onze avonturiers door de oroyakoorts daar niet genieten van de prachtige grafmoskee van imam Risa. Deze infectieziekte wordt door zandvliegen overgebracht en kon in 1933 dodelijk zijn. Uitgeput door hoge koorts blijven Max en Herbert na een valpartij soms urenlang naast hun gestrande motorfiets liggen. Met meer geluk dan wijsheid bereiken ze bij Mashhad een Amerikaanse zendingspost. Die verpleegt de pechvogels – weliswaar tegen betaling van ‘greenbacks’ – wekenlang liefdevol.

Hel van Baluchistan

Ook daarna blijven de tegenslagen zich opstapelen. Aanvankelijk wilden Max en Herbert Afghanistan binnenrijden, om over de Kaiberpas verder te knorren naar Brits-Indië. Maar sinds een motorongeval, waarbij een stamhoofd van zijn paard viel en overleed, zijn motorfietsen in dat land ‘machina non grata’. Dat betekent een zuidelijke omweg van 2.000 km door de woestenij van Baluchistan. In deze ‘Hölle aus Sand und Sonne’ groeit niets en woont niemand. Om niet te verdwalen gebruiken ze een opgeheven spoorlijn als wegwijzer.

Meestal hobbelen ze voort over de spoorbielzen, maar af en toe zijn de werkloze rails door immense zandduinen versperd en moeten ze behoedzaam zigzaggen over verraderlijke zoutmoerassen. De Puch begint kuren te vertonen. Hij start moeilijk, omdat de stroomkabels broos worden, waardoor er overal ‘Saft’ komt behalve in de bougies. Ernstiger is dat door het constante gebonk de ene na de andere spaak in het achterwiel breekt. Elke morgen verdeelt Max de overgebleven spaken gelijkmatig over de velg, maar tevergeefs. Het wiel is niet meer rond te krijgen. Ten einde raad zet hij negen spaken uit het voorwiel over. Om de wieldruk te verlagen, besluiten ze dertig kilo aan reserveonderdelen – van lagers, tandraderen, veren, zuigers tot en met een complete carburateur – overboord te zetten.

Sahib, sahib

Max baalt. Hebben ze zo veel dure dingen meegezeuld, hangt het welslagen af van enkele ordinaire ijzeren staafjes. Maar met een gangetje van maximaal 40 km/h lukt het de bewoonde wereld te bereiken. Wat doe je intussen als de zonnebrandcrème op is? Dan smeer je motorolie op je tere huid; een probaat middel. Maar gebruik het goedje niet om eieren mee te bakken. Het duo doet dat één keer. Hoewel de smaak meevalt, blijkt het een funeste uitwerking op de darmen te hebben. Max moest om de paar kilometer stilhouden voor een sanitaire stop. In Quetta, nu Pakistaans maar toen nog onderdeel van Brits-Indië, volgt een week rust. Ze vinden spaken en nemen een heet bad tegen de luizen en vlooien. Fris en monter gaat het dan over prachtig geasfalteerde wegen – van militair belang voor de Britten – richting Lahore. De enige spelbrekers zijn de apen, die stoïcijns op het asfalt blijven zitten. Vervolgens gaat over de bewegwijzerde ‘Great Trunk Road’ naar Amritsar. Deze Indiase stad vormt het religieuze en politieke centrum van de Sikhs, een hindoesekte die het kastensysteem en de weduweverbranding afwijst, net als tabak en alcohol. Even later onthaalt de maharadja van Patiala de Oostenrijkers. Ze mogen in zijn zomerpaleis overnachten met de steun van vijf bedienden. Het ‘Sahib, sahib!’ is dan ook niet van de lucht.

Tai Mahal

In de Indiase hoofdstad New Delhi vormen de globetrotters voorpaginanieuws. Een schare journalisten wil alle ins en outs over hun motorreis en de Puch weten. Hoewel er al wat Britse motorfietsen door de straten van Delhi sjezen, is ’the two-stroke toddler from Austria’, natuurlijk ‘a horse of another colour.’ Na drie dagen beginnen ze aan hun laatste etappe, naar de havenstad Bombay. De wegen in het zuiden zijn bar en boos. Bovendien vergen fakirs, sadhoes en yogi’s het uiterste van Max, omdat deze rondtrekkende asceten, evenals de vele heilige koeien, onder geen beding de weg willen vrijmaken. In Agra bezoeken ze het beroemde praalgraf Tai Mahal, dat een sjah in de 17de eeuw liet bouwen voor zijn overleden echtgenote. Max en Herbert zijn zo verrukt dat ze een hele nacht doorbrengen in het omliggende park. De route naar Bombay gaat vervolgens door de vorstendommen van Gwalior, Bhopal en Indore. In de eerste en de laatste resideren de kompanen wederom in het paleis van de maharadja. Tenslotte arriveren ze na vijf maanden in Bombay. Hier schepen Max en Herbert zich eind december op een vrachtboot naar het Italiaanse Triëst in. Daarvandaan ronkt het tweetal door een winters landschap terug naar Wenen. Onder luid gejuich haalt de stad de twee avonturiers binnen. Onder de toeschouwers is ook de hele directie van de Puchfabriek. Het waagstuk is volbracht!

Cape Fun Tour 2019: Met Michiel van Dam naar Zuid-Afrika

0

Reisreporter van Promotor en MOTO73 én Zuid-Afrika-kenner organiseert van 20 t/m 30 november een pilot reis langs de zuidkust van Zuid-Afrika. De prijs bedraagt per deelnemer €3.500,-, exclusief vliegticket. De maximale groepsgrootte voor de pilot is vier motorrijders.

De pilot vertrekt vanuit Kaapstad. Daar staan de – makkelijk te berijden – motoren klaar. Alle hoogtepunten van de zuidkust van Zuid-Afrika zitten in de reis. We noemen er een paar: Cape Town Waterfront, Karoo woestijn, Big Five Game Drive en struisvogels en walvissen. Tijdens de reis kun je je laven aan exclusieve wijnen en zeer smakelijke maaltijden.

De dagtochten hebben een ontspannen karakter en worden begeleid door een gecertificeerde Zuid-Afrikaanse touroperator.

Meer info over deze trip en de daginvulling per reisdag kun je lezen op www.zatrax.com

Harley-Davidson LiveWire

0

Een elektrische Harley-Davidson. De grote vraag blijft: hoe rijdt de Harley-Davidson LiveWire? Jaap test exclusief de Harley-Davidson LiveWire in Portland, Amerika!

Specs:

Met de Livewire maakt Harley-Davidson de gewaagde stap om als eerste ‘mainstream’ merk de markt te betreden met een volwassen elektrische motorfiets. Met een vanafprijs van is hij € 34.000 is hij stevig aan de prijs, Harley verwacht dan ook niet dat het een verkooptopper wordt. Meer wordt de LiveWire gezien als een eerste stap naar een volwaardig elektrisch assortiment, waarbij de benzinemodellen ook nog alle aandacht krijgen. De accucapaciteit bedraag 15,5 kWh, wat voldoende zou moeten zijn voor een gecombineerde stad/buitenweg/snelweg actieradius van ongeveer 240 kilometer. Bij uitsluitend snelweg is hij na 120 km leeg. De LiveWire is voorzien van een DC snellader, waarmee je de accu in 40 minuten van 0 tot 80 procent kunt vol laden. Aan de thuislader duurt helemaal volladen zo’n 12 uur.

Inhoud, routes & video’s Promotor 06/19

0

Toeren

Frankrijk: Langs de Lot

Alles aan de Lot lijkt in het lood te staan. Dat geldt zowel voor de kaarsrechte rotswanden aan de oevers van deze door Zuid-Frankrijk meanderende rivier als voor de bochtige wegen, waarop we met onze motorfiets zo af en bijna loodrecht naar boven en naar beneden gaan.

Lees verder

Italië: Alpi Lepontini

Rondom het lieflijke Domodossola en de Val d’Ossala, tussen de Simplon-pas, de Gotthard en het Lago Maggiore, vind je de mooiste bochtige weggetjes juist in de zijdalen. In dit noordelijkste puntje van Piemonte vind je verder kleine bergmeertjes en fantastische vergezichten op de Alpen.

Lees verder

TTT5: Grenzenloos Toeren (5-6 september)

Nee, niet elke motorrijder houdt van bloemschikken. Dat mogen wij met z’n allen gerust vaststellen. Wij leven echter in een tijd van hoog oplopende diversiteit. Iedereen zijn zegje, dat idee. Omdat Promotor met zijn tijd meegaat, besteden wij in deze TankTasTocht daarom aandacht aan … bloemschikken. Je kunt bijvoorbeeld een paar heerlijke uurtjes doorbrengen in de kasteeltuinen van Arcen. Tussen de bloemen!

Lees verder

Extra TTT: Hemels toeren in het schemerlicht (14 september)

Oké, oké, als het donker wordt, zie je een stuk minder. Maar je krijgt er rustige wegen voor terug. En als het meezit kun je ’s avonds en ’s nachts juist meer zien. Sterren, planeten, nachtwolken en zelfs het noorderlicht. En dat allemaal gewoon in Nederland. Als je op de juiste plek bent.

Lees verder

Promotor Reizen

Motoren getest

Spullen

Softbags