Test 2023 Honda CB750 Hornet: De leukste thuis
Test 2023 Honda CB750 Hornet. Er zijn geen zekerheden meer. Wat in de 20ste eeuw vanzelfsprekend was, heeft op de valreep van 2022 een totaal andere insteek. Er is nu godbetert een elektrische Ford Mustang, de Dakar-rally wordt in Saudi-Arabië verreden en Honda’s iconische CB600-vierpitter maakt zijn rentree als een 750cc-twin.
Fotografie: Zep Gori , Honda
Laat het duidelijk zijn, dat de Dakar niet meer naar Dakar rijdt, vinden we al bij al niet zo erg. Die elektrische Mustang? Ach, er is nog een V8-model ook. Maar met aanpassingen aan de Hornet moet je toch uitkijken. Je raakt aan een icoon.
| Testlocatie | Mojacar, Spanje |
| Testomstandigheden | Zonnig |
| Temperatuur | 22° |
| Testkilometers | 230 |
| Bijzonderheden | Honda blaast zijn iconische Hornet nieuw leven in, maar doet dat met een tweecilinderblok. |
Van deze test is ook een video gemaakt. Bekijk de video hier.
Op papier oogt de nieuwe CB750 alvast mooi. 92 pk, 75 Nm en een rijklaar gewicht van 190 kg. Maar vooral opvallend is de prijs van 8.999 euro. Voor een kwaliteits-Honda. Dat zijn cijfers waar je hart sneller van gaat kloppen. Maar er is wel eens vaker een hemelsbreed verschil geweest tussen wat op papier wordt aangekondigd en wat je in het echt voelt tijdens een testrit. Honda’s 755cc-paralleltwin is immers volledig nieuw. Geen opgeboorde versie van de 500cc-twin of een variant van de 750 waarmee de NC-reeks aangedreven wordt. Voor aanvang van de test, konden we ons wel een ruw idee vormen van hoe de motorfiets zou sturen – het is immers een middenklasse naked – maar dat blok was een groot vraagstuk. Eentje waarop we ondertussen het antwoord kennen. Jij ook, als je de volgende regels leest.
Test Bimota KB4: Vier(de) in lijn
Hart en ziel
Om maar met de deur in huis te vallen: het nieuwe blok is méér dan het hart van de nieuwe 2023 Honda CB750 Hornet, het is er ook de ziel van. De twin doet meer dan vermogen leveren, hij biedt ook karakter. De vrees dat dit blok door zijn hoge vermogen ook piekerig van aard zou zijn, bleek ongegrond. Op de lege, bochtige wegen van de Spaanse siërra’s toonde de paralleltwin zich niks minder dan uitmuntend. Sterk onderin en daarna gaat het in één rechte lijn naar de piek van het vermogen. Kracht in overvloed over de hele (rechte) vermogenskromme dus en dat wil zeggen dat je bijzonder schakkellui kunt rijden. Onze gids ging er vanaf het begin wel erg stevig tegenaan. Automatisch ga je dan intensief schakelen om het sportieve ritme aan te kunnen houden. Maar na een paar kilometer begon het te dagen dat je beter een versnelling minder terugschakelt op de Hornet dan op de doorsnee middenklasse naked. Omdat de Honda ook vlot door accelereert in een hogere versnelling. Het gaat net zo snel vooruit, maar je hoeft niet op te schakelen of shortshiften. En ook dat schakelen kostte trouwens niet al te veel tijd, Honda heeft een perfect werkende quickshifter in zijn optiepakket. Zonder hier al te diep in te gaan op de drie optiepakketten van de Hornet, geven we wel mee dat we zonder twijfel die quickshifter er bij zouden kopen. Die kost 290 euro en dat kan er nog wel bij.

Net een 600
Terug naar het rijden en het verrassend hoge tempo dat de Hornet aankon. Met dank aan de sterke paralleltwin, maar ook het rijwielgedeelte scoort hoge ogen. Het is wat wennen aan een 750 met een 160-achterband. Het oogt wat iel, maar het blijkt wel de juiste keuze. De Hornet is een toonbeeld van wendbaarheid. Omdat-ie rijklaar ook amper 190 kg op de weegschaal brengt, heb je op het vlak van sturen de indruk dat je met een 500 cc op pad bent. Maar dan wel eentje met 92 pk en 75 Nm en een alom aanwezig koppel. Het resultaat van die combinatie laat zich raden. De Hornet zoemt weer als een volleerde pretmaker over de wegen. Nee, we hebben de vierpitter uit het origineel niet gemist.
De standaard afstelling van de 41mm-upsd Showa is goed. En dat is mooi meegenomen, want de vork is niet instelbaar. Achteraan gingen we voor iets meer veervoorspanning. Daarna was de achterschokbreker top. Mooi zo.
Duotest Kawasaki Z900 SE vs Yamaha MT-09 SP
De juiste prijs
De iets harder ingestelde monoshock deed niks af van het comfort maar verhoogde lichtjes het sportieve potentieel. De 2023 Honda CB750 Hornet biedt een goed compromis tussen comfort en sportiviteit. Kan het beter? Ongetwijfeld. Op de bovenste plank in de Öhlins-fabriek ligt nog één en ander dat de Showa’s overtreft qua werking en instelbaarheid. Brembo kan zonder twijfel beter bieden dan de dubbele schijven met Nissin-klauwen die er nu op zitten. Alleen: Showa en Nissin deden het tijdens deze test gewoon goed met een juiste combinatie van kracht en doseerbaarheid. Honda heeft niet geprobeerd de ultieme naked te bouwen. Ze willen met de Hornet een zo goed mogelijke motorfiets uitbrengen tegen de scherpst haalbare prijs. En daarin zijn ze geslaagd.
Geen compromis
Je moet trouwens altijd een beetje uitkijken als je een motorfiets een goede prijs-kwaliteit-verhouding toedicht. Je zou kunnen denken dat er beknibbeld werd op de afwerking, uitrusting of het gebruikte materiaal. Dat is hier niet het geval. De Hornet biedt een ruime keuze uit mappings, met in elk van de vier rij-modi drie parameters: het vermogen, de motorrem en de mate van tractiecontrole. In de vierde modus, ‘User’ kun je elke parameter afzonderlijk instellen en daarbij ook nog de tractiecontrole uitschakelen.
Dat is vooral handig voor wie het zo nu en dan nodig vindt een wheelie te trekken. De 2023 Honda CB750 Hornet vraagt daar bij wijze van spreken om. Maar een motorrijder die weet dat de ogen van ‘Nederland’ op hem of haar gericht zijn, laat dat beter uit het hoofd. Hou je je voorwiel aan de grond, kun je piekfijn aflezen hoe de Hornet zich in cijfers gedraagt op het goed af te lezen tft-kleurenscherm. Of je zoekt je heil in één van drie optionele pakketten. Daarin ligt een focus op sport-, stijl- of touring-kwaliteiten. Het is goed dat die packs er zijn, want de Hornet is een motor die je haast verplicht om een persoonlijke toets aan te brengen. Striping op de wielen, tanktas, klein windschermpje, andere stuurgewichten… de mogelijkheden zijn groot, de prijzen ook hier betaalbaar en de kwaliteit en pasvorm zijn gegarandeerd. Wedden dat er maar weinig Hornets zullen rondrijden die helemaal standaard zijn?

Klaroengeschal
De slotsom na twee dagen testen is dat de Hornet zijn rentree maakt met klaroengeschal. We hoorden na de statische voorstelling tijdens een motorshow in Keulen – ondertussen al weer ruim twee maand geleden – dat er hier en daar getwijfeld werd aan het uiterlijk. Nu valt erover geuren en smaken niet te twisten, maar feit is wel dat de motor er in het echt impressionanter uitziet dan op foto. Met name de gele en witte uitvoering vielen goed in de smaak. Het neemt niet weg dat de koplamp meer op die van de originele Hornet had mogen lijken dan op het exemplaar van de huidige CB500. Koester je verleden, zogezegd. Maar dat is dan ook het enige punt(je) van kritiek. Voor het overige doet de Hornet wat je er mag van verwachten en de Honda biedt zelfs wat extra. Knap.
Conclusie 2023 Honda CB750 Hornet
Een motor moet begeesteren. Hij moet je zin geven om te gaan rijden -ook als het weer eens tegenzit of als je humeur net als de barometer op onweer staat. Zelfs als je hem door en door kent, moet hij bij een acceleratie een glimlach op je lippen toveren. En hij moet je ook blijven uitdagen om een betere rijder te willen worden. De Honda CB750 Hornet doet dat alles en nog wat meer. Het is wellicht niet de motor met de hoogste fun-factor op de markt, maar het is ontegensprekelijk de frivoolste motor uit het Honda-gamma. De Hornet is wat ons betreft zelfs tot ‘De Leukste Thuis’ bestempeld. Honda had zo’n guitige klant in z’n familie nodig. Er dreigde immers naast de onomstreden degelijkheid ook een beetje een breed gespreide au sérieux in de line-up te sluipen. De Hornet brengt de speelsheid terug in de rangen van Honda. Omdat de twin niet beperkt blijft tot dit model, kunnen we nauwelijks wachten om een been te gooien over de Transalp. Die maakt gebruik van hetzelfde, heerlijke Unicam-blok en gooit en er een adventure-pakket bovenop. De kerstman is vroeg dit jaar!
Pluspunten 2023 Honda CB750 Hornet
- Prijs
- Sterk en lineair blok
- Wendbaarheid

2023 Honda CB750 Hornet test
Honda blaast zijn iconische Hornet nieuw leven in, maar doet dat met een tweecilinderblok. Redacteur Thierry test de 2023 Honda CB750 Hornet in Mojacar, Spanje.
Video: Marc Márquez en Max Verstappen op Motegi
Het Japanse circuit was het toneel van ‘Honda Thanks Day 2022’, waarop alle rijders van de Japanse fabrikanten bijeenkwamen, te beginnen met de MotoGP en de Formule 1.
VIDEO – Quartararo vs. Hamilton: kop aan kop bij het jetsurfen
‘Honda Thanks Day’ is een uniek evenement dat elk jaar in Motegi alle rijders en voertuigen samenbrengt die voor Honda over de wereld racen. Een spektakel voor het publiek, dat het beste van de motorsport in actie kan zien: Formule 1, MotoGP, motorcross, trials en meer.
Ook de editie van 2022 was spectaculair, met F1-kampioen Max Verstappen en Marc Márquez die de fans gek maakten. De twee coureurs presteerden niet alleen op hun voertuigen, maar namen ook deel aan een kartrace. In de video zie je de hoogtepunten van de Honda-party, met excuus voor de matige kwaliteit.
Schuberth introduceert nieuwe E2 modulaire adventurehelm
Schuberth maakte in 2015 zijn entree op de adventurehelmenmarkt met de introductie van de modulaire E1, die is afgeleid van de C3 Pro en is verkrijgbaar als een offroad-versie met een afneembare ‘kinnenbak’. De E2 is de vervanger van de E1 voor het modeljaar 2023. Net als de E1 combineert hij het bekende modulaire systeem van Schuberth met uiterlijke elementen van touring- en adventurehelmen.
Shoei Marc Marquez MM93-collectie
De E2, die voldoet aan de nieuwe ECE R22.06-norm, is de tweede Schuberth-helm die de dubbele P/J homologatie krijgt. Dit betekent dat het dragen met opgeklapte kinbeugel veilig is bevonden. De Duitse fabrikant heeft een nieuwe schaal van glasvezel gemaakt, versterkt met koolstofvezel voor een betere schokabsorptie en schokdemping, om de veiligheid te verhogen en tegelijkertijd het gewicht te verminderen. Daarnaast wordt een gloednieuwe EPS-voering gebruikt.

Er zijn extra aanpassingen gedaan om de veelzijdigheid van de E2 als ADV- en tourhelm te vergroten. Met name de afneembare klep is verbeterd om minder trillingen te veroorzaken en is nu in drie configuraties verstelbaar. Dit geldt ook voor het ventilatiesysteem, waarvan de luchtinlaten en -afvoer zijn aangepast om de luchtstroom te verbeteren, met name bij de kinbeschermer waar dat het meest nodig is om te voorkomen dat het vizier beslaat. Daar zit nu een uitwasbaar en vervangbaar filter, dat stof en vervuiling buitenhoudt.
De binnenzijde van de helm heeft een antimicrobiële voering met Oeko-Tex 100-classificatie en een verstelbare vulling. Een vizier met positiegeheugen en een geïntegreerd zonnescherm zijn ook inbegrepen. De helm bevat ook luidsprekers en drie MESH-, Bluetooth- en FM-antennes, waardoor hij klaar is voor het SC2-intercomsysteem van SENA.
Afhankelijk van de maat, verklaart Schuberth een gewicht variërend van 1.675 gram tot 1.860 gram. De Schuberth E2 helm wordt aangeboden in drie eenvoudige kleuren voor een respectievelijke adviesprijs van 699 en 729 euro en met twee decoraties in zeven verschillende variaties voor 799 euro.

Stijlwijzigingen voor 2024 KTM 1290 Adventure S
Er staan grote veranderingen op stapel voor de 1290 Adventure S. De KTM werd gefotografeerd tijdens testritten waarop de nieuwe styling en andere nieuwigheden zichtbaar zijn.
De derde generatie van de KTM 1290 Adventure S ging in 2021 in de verkoop en werd aangedreven door een 75° V2 met 160 pk, gekoppeld aan geavanceerde elektronica, waaronder semi-actieve vering, radar met adaptieve cruisecontrol en bochtverlichting. Maar in Mattighofen wordt duidelijk gewerkt aan de volgende generatie, die naar verwachting als modeljaar 2024 zal arriveren.
Een ontwikkelingsmodel werd gefotografeerd tijdens een test op een voor het verkeer openbare weg. De beelden tonen enkele duidelijke vernieuwingen aan, die gepaard gaan met meer verborgen wijzigingen. Bijvoorbeeld die nodig zijn voor de gebruikelijke toename van de prestaties (niet zozeer en niet alleen wat betreft de motorprestaties om duidelijk te zijn) en de aanpassing aan de Euro5+-emissienorm, die over iets meer dan een jaar van kracht wordt.
Een volledige aerodynamische en functionele restyling is onmiddellijk zichtbaar, die de gehele bovenbouw betreft zonder afbreuk te doen aan de verlaagde brandstoftankoplossing.
Aan de voorkant is er een gloednieuwe koplampunit die duidelijk verschilt van eerdere vormen, bestaande uit een kleine centrale led-koplamp. Die voor de bochtenverlichting komt er naar verwachting boven. Er omheen zit de verticale DRL-lampjes, die de koplamprand vormen.
Onderaan merkt je de aanwezigheid op van de voorste radarsensor. Dit is een wat eenvoudige esthetische oplossing, die qua ontwerp lijkt op de koplamp van het 1290 Super Duke GT diet afgelopen voorjaar werd getest.
Hoewel niet definitief, zie je aan de voorzijde beter uitgewerkte deflectoren, die de aerodynamische bescherming moeten verbeteren.
De KTM heeft lichtmetalen velgen met spaken die vergelijkbaar zijn met die van de 1290 die momenteel te koop is, met afmetingen van 19-inch voor en 17-inch achter.
Enkele kleine verschillen zijn te zien in het ontwerp van het frame. De achterbrug van gegoten aluminiumlegering lijkt identiek. Het zijpaneel/railrack/handvat is dat van het huidige model, maar er zijn verschillende geïntegreerde bevestigingen voor de zijtassen te zien.
Bron: 1000ps.at
Is de BMW R 12 S in 2023 een opvolger van de R NineT?
BMW heeft nog een handelsmerkaanvraag ingediend voor de naam R 12. Deze keer werd er een ‘S’ aan het einde toegevoegd, wat een hoop theorieën en speculaties oproept over waar BMW in de toekomst met zijn modellenlijn naar toe wil.
Eerder diende BMW een handelsmerkaanvraag in voor de naam ‘R 12’, waarvan aanvankelijk nog steeds werd gedacht dat het een cruiser zou zijn met een ‘kleinere’ cilinderinhoud dan de enorme R 18. De naam R 12 werd door BMW geregistreerd in de VS, Japan, Australië en Duitsland. De aanvraag werd aanvaard op 17 februari 2022 en vanaf juni 2022 heeft BMW het recht die naam te gebruiken tot 2031, behoudens verlenging en uitbreiding.
Destijds was de gedachte dat BMW de R1200C een echte opvolger zou geven. Te oordelen naar de naam, lijkt het erop dat het nieuwe model het ontwerp van de R 18 zou kunnen volgen. Nieuw bewijs suggereert echter dat er meer achter de R 12 naam zit dan een nieuwe cruiser van het merk.
‘R 12 S’ werd als handelsmerk geregistreerd en voor zover het gaat om S-modellen in de BMW line-up, vertelt de S je dat het een ‘sportief’ model wordt, mogelijk met een kuip. De aanvraag voor de R 12 S naam werd gedaan op 18 oktober 2022.
Bronnen zoals Motorcycle.com speculeerden dat de aanvraag wijst op een opvolger van de R NineT vanwege die ‘S’. De achterliggende gedachte is dat de R NineT een nieuw platform krijgt, omdat de letter ‘R’ gevolgd door slechts twee cijfers verwant is aan het formaat van de R 18, dat ook gedeeld wordt met andere historische modellen uit het portfolio van het Duitse merk.
Het is dus waarschijnlijk dat de nieuwe R 12 en R 12 S retro-geïnspireerde modellen zullen zijn met een cilinderinhoud van ongeveer 1200 cc. Bovendien werd de R NineT in 2013 geïntroduceerd, de 90ste verjaardag van BMW Motorrad. Volgend jaar bestaat het merk 100 jaar en R TenT’ klinkt dan gewoonweg vreemd. Er valt dus een meer verstandige naam te verwachten, R 12.
Andere bronnen zoals Cycle World speculeren dat de ‘S’ kan betekenen dat de R 12 een chiquere versie krijgt van het basismodel in de line-up. Zonder al te diep op speculaties in te gaan, lijkt het erop dat het verhaal beide kanten op kan gaan. Of BMW een opvolger voor zijn R NineT uitbrengt, blijft dus vooralsnog een vraag.
KTM haalt 790 Duke uit de mottenballen
Begin 2021 werd de KTM 790 Duke vervangen door het 890-model. In 2023 keert ‘The original Scalpel’ terug aan het front.
Geschikt voor A2-rijbewijs
De KTM 790 Duke is nog steeds super wendbaar en gericht op rijplezier. De vertrouwde LC8c-tweecilinder met 799 cc zorgt voor de aandrijving. Het blok voldoet aan de Euro5-eisen en levert 95 pk (70 kW) en 87 Nm. Dit betekent dat de 790 Duke voldoet aan de eisen voor A2-conform gasgeven tot 48 pk (35 kW), wat met de huidige 890 Duke R niet mogelijk is omdat het vermogen (121 pk) te hoog is een A2-rijbewijs.
De KTM 790 Duke is speciaal ontworpen voor koppel en moet een perfecte combinatie bieden van controleerbaar vermogen en prestaties. Het verbruik per 100 km bedraagt 4,4 liter.
Uitrusting van de KTM 790 Duke
De KTM 790 Duke heeft drie rijmodi: Rain, Street en Sport. De instellingen beïnvloeden de gasrespons en de tractiecontrole. De tractiecontrole werkt afhankelijk van de hellingshoek. Verder is er bochten-ABS met een Supermoto-modus (ABS uitgeschakeld op het achterwiel), een 5-inch tft-kleurenscherm en led-technologie in de koplamp (incl. dagrijlicht) en in het achterlicht. Zelf omschrijft KTM de 790 Duke als de motorfiets met het beste en modernste elektronicapakket in het middensegment. Een Quickshifter+, motorrem, een circuitmodus, cruisecontrol, een bandenspanningscontrolesysteem en KTM MY RIDE-connectiviteit voor telefoon en muziek kunnen als opties worden besteld.
Kleine updates voor 2023 KTM 690 SMC R en 2023 690 Enduro R
De software-opties zijn reeds in de fabriek geïnstalleerd, maar moeten worden ontgrendeld. KTM biedt de mogelijkheid om alle softwareopties gedurende maximaal 1.500 km te testen, zodat je daarna kunt beslissen of je ze tegen betaling wilt activeren.
Ergonomisch stuur
Het stuur is 810 mm breed en kan in vier posities op de drievoudige klem worden gemonteerd. Bovendien is het mogelijk het in drie stappen te draaien om de rijpositie perfect aan te passen aan de eigen behoeften.
Wie vaak op het circuit rijdt of in het algemeen graag met een omgekeerd schakelschema rijdt (1e versnelling omhoog, alle andere versnellingen omlaag) kan dit zonder extra onderdelen veranderen.
Beschikbaarheid en prijs
De KTM 790 Duke staat vanaf januari in de showrooms van de dealers. Voor de kleur kun je kiezen uit het klassieke oranje of een grijs-zwarte variant. Een prijs hebben we – nog – niet aangetroffen ip de site van KTM Nederland.
De beroemdste motorrace ter wereld is terug in TT Isle of Man – Ride on the Edge 3
Tijdens de Milan Games Week presenteert RaceWard Studio, het race-label van Nacon Studio Milan, zijn volgende motorsportsimulatie-game: TT Isle of Man – Ride on the Edge 3. Deze game is ontwikkeld door veteranen van de studio die al vele motorrace-games op hun naam hebben staan en laat gamers de sensaties beleven van de gevaarlijkste motorrace ter wereld.
Yamaha R7 Cup: betaalbaar raceplezier
De TT Isle of Man vindt plaats op een circuit van 60 kilometer waarop de coureurs met hun machtige motorfietsen waanzinnige risico’s nemen voor de ultieme titel: kampioen van de TT Isle of Man. TT Isle of Man – Ride on the Edge 3 bevat de officiële content van de 2022 TT (teams, motorfietsen en circuits) en biedt een even unieke als authentieke ervaring. Met de kracht van de KT Engine en de uitgebreide ervaring van het team (die ze eerder al goed gebruikten voor RiMS Racing) brengt RaceWard Studio alle spanning en passie van de iconische race tot leven. Het realisme van de TT Isle of Man – Ride on the Edge-serie is van zo’n hoog niveau dat eerdere games door professionele motorcoureurs werden gebruikt om zich voor te bereiden op de echte race!
TT Isle of Man – Ride on the Edge 3 biedt 32 verschillende circuits, waaronder huidige en historische banen, bijna 40 Superbike- en Supersport-motoren en -coureurs, en verbeterde physics. Het nemen van bochten en op de juiste momenten remmen vereist dit keer meer precisie dan ooit, terwijl motorupgrades spelers alle tools geven die ze nodig hebben voor maximale prestaties.
TT Isle of Man – Ride on the Edge 3 heeft een nieuwe ‘Open Roads’-feature die een centrale rol speelt in de game. In deze spelvariant kunnen spelers hun eigen weg over het Isle of Man vinden op een wegennet van 200 kilometer, met vele uitdagingen om te voltooien, inclusief online-competities en wekelijkse en maandelijkse evenementen.
“Na de geweldige feedback die we ontvingen op RiMS Racing, hebben we al onze expertise met veel plezier ingezet voor deze waanzinnige race,’ zei Marco Ponte, CEO en Creative Director bij RaceWard Studio. “Als team ontwikkelaars met een enorme passie voor motorraces, was het ons een grote eer om de officiële game te maken van deze legendarische race, voor motorliefhebbers van over de hele wereld.”
TT Isle of Man – Ride on the Edge 3 verschijnt in mei 2023 voor pc, PlayStation4, PlayStation5, Xbox One, Xbox Series X|S en Nintendo Switch.
Dubbeltest: Aprilia RS 660 ‘Stars and Stripes’ LE vs. Yamaha R7 World GP 60th Anniversary Edition
Dubbeltest: Aprilia RS 660 ‘Stars and Stripes’ LE vs. Yamaha R7 World GP 60th Anniversary Edition. We hadden allemaal gehoopt dat het lichte supersportsegment een wedergeboorte zou krijgen. Aprilia introduceerde namelijk twee jaar geleden al(!) haar RS 660, en Yamaha kwam niet veel later met de R7. Het startschot voor een heropleving? Voorlopig niet, want andere merken volgen deze sportieve dans niet. De RS 660 en R7 leggen hun focus op circuitrijden. Sterker nog: op toegankelijk circuitrijden. Daarom trokken wij naar het toegankelijke Mettet in België, waar we deze twee concurrenten het tegen elkaar op laten nemen.
Fotografie: Jarno van Osch
| Testlocatie | Circuit Mettet, België |
| Testomstandigheden | droog |
| Temperatuur | 27 graden |
| Testkilometers | +200 km |
| Bijzonderheden | We rijden de Limited Edition ‘Stars and Stripes’ Aprilia en de ‘World GP 60th Anniversary’-versie van de Yamaha. Twee zeer geslaagde designs. |

Dat de tijd vliegt, besef je als je je bedenkt dat niet alleen de Aprilia RS 660 al in 2020 op de markt kwam, maar dat ook de Yamaha R7 ondertussen al een jaar meeloopt. Oude motoren worden ze er uiteraard niet van – we gaan ook niet overdrijven –, maar gloednieuw zijn ze in ieder geval niet meer. De speciale edities, die hier in het paddock van Circuit Mettet op ons staan te wachten, zijn dat dan weer wel. Aprilia brengt een eerbetoon aan haar overwinning van de MotoAmerica Twin Cup met een ‘stars & stripes’-design dat er zeer geslaagd uitziet. Maar dat is niet alles, want deze tot 1.500 stuks gelimiteerde editie krijgt ook een monozadel, groter windscherm en een quickshifter met de mogelijkheid om omgekeerd te schakelen voor circuitgebruik. Mooie extra’s die de Aprilia net dat tikkeltje meer geven dan een standaardexemplaar.
Yamaha pakt het iets eenvoudiger aan op de World GP 60th Anniversary van de R7. Op de naamgeving na dan… De Yamaha R7 World GP 60th Anniversary Edition wordt geleverd in de iconische witte en rode ‘speed block’-kleurstelling, en daarmee basta. Accessoires, zoals een quickshifter, hoger windscherm of monozadel, kunnen wel apart bijbesteld worden bij de dealer. Wij vinden de R7, en trouwens de hele R-lijn, er fantastisch uitzien in dit design. En dat voor een meerprijs van slechts 400 euro in het geval van de R7. Daar moet je zelfs niet over nadenken. Maar nu komt de catch, want Aprilia vraagt voor het Limited Edition-pakket een meerprijs van… 400 euro. Als we het dan toch over de prijzen hebben, kunnen we nu al meedelen dat de RS 660 Limited Edition 13.799 euro kost, en de R7 World GP 60th Anniversary 10.899 euro. Een verschil van net geen 3.000 euro. Nu mag jij eens raden waar wij naar op zoek gaan in deze test.
Duotest Aprilia Tuono 660 Factory vs. BMW F 900 R
Wie is de mooiste?
Juist ja, is het prijsverschil van 3.000 euro correct? Daarvoor bekijken we beide machines even van dichtbij, alvorens we het circuit op gaan. In de afwerking en aandacht voor details zit het in ieder geval niet. De Aprilia is designtechnisch bijzonder geslaagd. Althans, in onze ogen. Het is overduidelijk een Aprilia, met die typische lichtpartij aan de voorkant en het kenmerkende minikontje met vleugels. Ook leuk is de bijna compleet verstopte uitlaat onder het motorblok en het tft-scherm. Yamaha gebruikt daar op haar R7 nog steeds een goedkoop en vooral oubollig lcd-dashboard. Aan de ene kant jammer, aan de andere kant vind je er alle info die je nodig hebt op terug en is het bijzonder duidelijk. Daarbij, denk aan het verschil van 3.000 euro. Kijken we verder naar de R7, dan is het design wat meer futuristisch, dankzij de eenogige kop en het kontje van de R6 en R1 met de gekende doorkijkgaten erin. Optioneel krijgt onze R7-testmotor een knappe Akrapovic-uitlaat, die het wat basic standaardmodel moet doen vergeten. Altijd een goede upgrade, zowel qua looks, sound als qua prestaties.
De mooiste motor van de twee kiezen? Dat is een moeilijke, want ze zien er beide speciaal uit, vallen behoorlijk op in hun specifieke design en ademen sportiviteit uit. Moeten we toch kiezen, dan gaan we voor de R7 vanwege de net wat stijlvollere aanpak.
Beste motorblok ter wereld
Genoeg gepraat over vormgeving, het is tijd om de beestjes uit te laten. Dat verkleinwoord kiezen we niet zomaar, want ondanks hun bloedserieuze uiterlijk leveren de RS 660 en Yamaha R7 World GP 60th Anniversary Edition respectievelijk 100 en 73 pk. Geen berg aan vermogen dus, en daar zijn we maar al te blij om. Op het relatief kleine circuit van Mettet kun je toch niets beginnen met +200pk-monsters. Voor de eerste rondjes beginnen wij alvast op de minst krachtige van de twee, de Yamaha R7. Eerder reden we er tijdens de persintroductie al mee op het circuit van Almeria in Spanje, maar op Mettet is het toch meer gooi- en smijtwerk. Komt dat even goed uit, want het is waar de lichte Yamaha in uitblinkt. Hoewel hij vijf kg zwaarder is dan de RS 660, tikt hij nog steeds maar af op een zuinige 188 kg rijklaar. Dat is gemakkelijk te behappen en leent zich uitstekend op dit Belgische asfalt. Het codewoord voor de R7 is: toegankelijkheid. Hij stuurt gemakkelijk en scherp, zijn power is behapbaar en hij laat zich gemakkelijk rijden in (on)ervaren handen. Zijn eenvoudige karakter zorgt ervoor dat je nooit angst hebt voor zijn potentieel. Hij zal zelden onverwachte dingen doen en blijft steeds in controle. Daarbij geeft hij je het broodnodige vertrouwen, dat op circuit zeer welkom is om steeds wat sneller te gaan.
Het CP2-motorblok, op de redactie al meermaals gebombardeerd tot ‘beste motorblok ter wereld’, reageert net wat zenuwachtiger dan we gewend zijn van een MT-07 of XSR700, maar het misstaat niet op de R7. Op de openbare weg kan het af en toe voor een te brute reactie zorgen, al helemaal door het gebrek aan traction control. Rij je dan in de regen, is het zeker opletten geblazen. Maar op circuit, waar je meestal toch in hoge toeren aan het rijden bent, komt die wat hevigere gasreactie uitstekend van pas. De machine moet ook alles eruit persen om die 73 paarden ten volle te kunnen benutten. Het zijn er niet veel, maar hoe ze op de weg afgegeven worden, is zeker zo belangrijk. De R7 moet het vooral hebben van zijn koppel. Hij levert met 67 Nm namelijk net zoveel koppel als de 27 pk sterkere Aprilia. Sterker nog: de Yamaha doet dat bij 2.000 tpm minder. Een rookie-fout als in een te hoge versnelling een bocht ingaan, is dus geen echt probleem voor de R7. Ook dan pikt hij soepel op en kun je zonder al te veel drama je circuitsessie vervolgen.

Serieuze misser
Eenmaal gewend aan het verrassend hoge tempo dat je met de R7 kunt rijden, durf je telkens wat meer. Daarbij valt op hoe uitgebalanceerd de machine is. Dat zit in alles; van het remmen tot de stijfheid van het frame in (snelle) bochten en de nauwkeurigheid van de voorkant. Je remt er niet je oogballen mee uit je kassen en je zult bij 180 km/u best wel wat gewiebel in de machine voelen, maar met de reële circuitsnelheden waarmee je de R7 rijdt, doet hij dat allemaal prima. Op een heel vergevingsgezinde manier. Het is een typische motor voor zij die al wat ervaring op de weg hebben en wat meer sensaties zoeken op het circuit.
Tijdens de test merkten we enkele negatieve dingen bij de Yamaha R7 World GP 60th Anniversary Edition op. Ten eerste: de quickshifter. Die is om te beginnen optioneel. Op een motor bedoeld voor geregeld circuitgebruik… Daarbij kun je er enkel mee opschakelen en moet je dus nog steeds ontkoppelen om terug te schakelen. Een serieuze misser, wat ons betreft. Gelukkig maakt de assist & slipperkoppeling veel goed, zodat je nooit een blokkerend achterwiel hebt als je de controle wat verliest in je linkervingers. Een tweede dingetje is dat je je rot amuseert als het bochtig en/of technisch is, maar dat je de krachtsensatie op het rechte stuk snel beu wordt. Een sterk gevoel van acceleratie is toch iets wat je verlangt op circuit, maar eenmaal boven de 140 km/u kwijnt dat op de R7 al snel weg. Bij Yamaha hadden ze dat relatief eenvoudig kunnen oplossen door wat meer kracht uit het CP2-blok te halen – een extra 10 pk was al voldoende geweest –, maar dan moet je natuurlijk ook weer de prijs verhogen. We begrijpen dus de beslissing om het niet te doen, maar 85 pk had de R7 zeker niet misstaan.
Beter, sneller, harder
En zo kunnen we eigenlijk al overgaan naar de conclusie van deze test, want de Aprilia doet alles wat de Yamaha ook doet, maar dan net een tikkeltje beter. Hij is sneller, beter uitgerust met elektronica, remt harder, draait soepeler en stuurt nauwkeuriger. Nog vragen? Mooi, dan kunnen we de motoren weer inladen en huiswaarts gaan.
Doen we niet hoor, want het zou de geweldige RS 660 geen eer aandoen om er zo weinig over te schrijven. Maar toch zit alles vervat in die ene voorgaande alinea. Je merkt duidelijk een verschil als je van de Yamaha op de Aprilia stapt. Dat ligt niet alleen aan de elektronica-instellingen, maar ook als je de eerste keer aan het gas draait. Even over die instellingen, want je kunt in deze moderne tijd natuurlijk geen Italiaanse sportmotor op de markt brengen zonder een waaier aan rijhulpjes. De RS 660 doet het met vijf rijmodi, waarvan je er één volledig zelf kunt instellen, traction control, wheelie control, motorrem en cruise control. Die laatste heb je op het circuit uiteraard niet nodig, maar het verhoogt wel het comfort op de (snel)weg. Eenmaal je keuze gemaakt, valt op hoeveel soepeler de Italiaanse tweecilinder draait. Dat vermindert de beleving, maar zorgt ook voor een zekere manier van rust. En die beleving vind je heus wel als je wat hoger in toeren gaat. Het verschil in kracht met de Yamaha is heel duidelijk en op het rechte stuk maakt de RS 660 zich dan ook los van de R7.

Rondje Mettet
Om het verschil tussen de twee motoren duidelijk te maken, nemen we je mee op een rondje Mettet. Het rechte stuk hebben we zonet gehad, dus de Aprilia begint met een grote voorsprong. Om het einde al te verklappen; die voorsprong wordt niet meer uit Italiaanse handen gegeven. We komen aan bij de eerste linkerbocht, die eigenlijk uit twee delen bestaat en blijft doordraaien. Belangrijk zijn hier de remmen om te vertragen, komende vanaf het rechte stuk, en de stabiliteit op hoge snelheid door de eerste bochtencombinatie. De remmen van de RS 660 presteren nog wat beter dan die van de Yamaha en daarbij blijft de Aprilia ook stabieler met zijn achterwiel op het asfalt. Waar je niet al quickshiftend kunt terugschakelen met de R7, gaat dat op de Aprilia wel. En hoe! De RS 660-quickshifter, die ook kan worden omgekeerd door terug te schakelen naar boven en op te schakelen naar onder, werkt bijzonder soepel voor een tweecilinder. Daarbij kun je ook ‘extra’ remkracht verkrijgen door de motorrem wat harder in te stellen. Eenmaal op hun oor gegooid, voel je de extra stabiliteit van de volwassener Aprilia. Hij beweegt minder dan de wat zenuwachtigere Yamaha. Overgooien op het andere oor voor de eerste rechterbocht, iets waar beide machines in uitblinken, en volgas door op het kleine rechte stuk. Ook daar zie je de Aprilia weer wegtrekken, met zijn extra pk’s. Je zou zeggen dat je ook eerder op het gas durft met de RS 660, want bij een foutje neemt de traction control het wel over, maar de R7 geeft dusdanig veel vertrouwen dat je even snel weer die rechterpols aan het werk zet. Het is tenslotte droog, de banden zijn warm en eenmaal op snelheid moet je al fratsen uithalen om met 73 pk het achterwiel te laten spinnen.
Hard in de remmen voor de scherpe rechterhaarspeld en puur op koppel richting de corkscrew. Hier wint de Aprilia enkel wat meters met het remmen. Al – letterlijk – vliegend door de corkscrew kan de R7 aanklampen, zonder sneller te zijn. Daarna wordt de voorsprong van de Aprilia niet meer vergroot tot aan de boemerang (recht stuk – linkerknik – recht stuk). Hier maakt de RS 660 weer gebruik van zijn surplus aan vermogen en zijn stabiliteit op hoge snelheid om nog wat meer meters op de R7 te pakken. De laatste scherpe linkerbocht voor het rechte stuk en de finishlijn laten duidelijk zien dat de snellere RS 660 op circuit een maatje te groot is voor de dappere R7.
Semiconclusie
Maar dan stel je jezelf de vraag: op welke motor heb ik het meest plezier gehad? De tragere, karaktervollere Yamaha R7 World GP 60th Anniversary Edition, of de snellere, meer volwassen Aprilia RS 660. Ben je een sensatiezoeker, dan moet je voor de Aprilia gaan. Die geeft je een hardere duw in de rug en is gewoon de snellere motor. Maar puur qua fungehalte kan er weinig op tegen de Yamaha R7. De gouden combinatie van het motorblok, de simpliciteit en het gevoel dat je er alles uit kunt halen, maken van de R7 een bijzonder fijne motorfiets. Zonder dat hij heel bijzonder is. Hij is daarom niet per se plezieriger dan de RS 660, maar wel op een toegankelijkere manier. Als je in de keuzestress zit om een van deze twee machines te kopen, dan willen we je de volgende gouden raad meegeven, ervan uitgaande dat je ’m op het circuit gaat gebruiken. Koop de R7 als je helemaal nog geen of nauwelijks circuitervaring hebt. Het is de beste basis om je eerste track days op af te leggen. Maak voor jezelf de keuze of je een Akrapovic-uitlaat en quickshifter wil, want met die extra’s kom je al snel binnen het prijsbereik van de Aprilia. Wij zeggen: niet doen en doorsparen om enkele jaren later over te stappen naar de… RS 660. Jazeker. Zie de Aprilia niet als een concurrent van de Yamaha, maar wel als een stap verder. Na je leercurve met de R7 kun je dan beginnen te spelen met elektronica en je fixeren op het zetten van snellere rondetijden.
Met veel dank aan Circuit Jules Tacheny voor het mogen gebruiken van hun fantastische infrastructuur. In het Belgische Mettet worden veel track days voor motoren georganiseerd, dus het is zeker de moeite om er een keertje naartoe te gaan. Bovendien hoef je geen professionele coureur te zijn en kun je als beginner ook met je normale straatmotor een dag meepikken, al dan niet onder begeleiding. De dag ervoor of erna kun je dan nog van de mooie streek in de Belgische Ardennen genieten om je bijgespijkerde kunde aan de buitenwereld te tonen.
Meer info op www.circuit-mettet.be.

Conclusie Aprilia RS 660 vs. Yamaha R7 World GP 60th Anniversary
In het begin van deze test stelden we ons de vraag: is de Aprilia RS 660 Limited Edition 3.000 euro meer waard dan de Yamaha R7 World GP 60th Anniversary? Het simpele antwoord daarop is: ja. De RS 660 is rijker uitgerust, hij kan meer, biedt meer en is aan het eind van de dag de snellere motor. Daar staat tegenover dat de Yamaha R7 bijna evenveel sensaties biedt, wel wat trager is, maar waar je altijd met een brede glimlach van af zult stappen. In een digitale wereld met steeds meer gimmicks en gadgets, biedt de Yamaha eenvoudig en betaalbaar plezier. Geen instellingen, gewoon opstappen en wegwezen. Gas erop en plezier maken. Ook dat is een gave die net zoveel bewondering verdient als de geniale Aprilia RS 660.
Pluspunten Aprilia RS 660
Soepelheid, remmen, motorblok
Minpunten Aprilia RS 660
Prijs
Pluspunten Yamaha R7
prijs, toegankelijkheid, looks, simpliciteit
Minpunten Yamaha R7
Brutale quickshifter, mist power (op recht stuk)












