zaterdag 11 april 2026
Home Blog Pagina 1049

Triumph Tiger 900GT Pro en 900 Rally Pro test

0
Triumph Tiger 900

Tekst: Tom van Appeldoorn
Fotografie: Kingdom Creative

Als je een motorfiets wilt vernieuwen die je bepaald geen windeieren heeft gelegd, is dat redelijk spannend, zeker als die motorfiets de Tiger 800 is en je als Triumph de vernieuwing vrij rigoureus hebt ingestoken. Zo wilden de Britten dat het blok van de nieuwe allroad onderin wat meer voelt als een twin, maar zonder in het midden en boven in zijn toerenbereik het triplegevoel te verliezen. Ga er maar aan staan met wereldwijd een grote klantenkring die juist zo te spreken is over het bestaande karakter. Dat die gedachte ook bij Triumph in het achterhoofd rondspookt, is duidelijk te merken. Het merk organiseert voor de Triumph Tiger 900 namelijk het grootste persevenement in zijn geschiedenis. Net als bij de Tiger 800 gebeurt dat in Marokko, waar we in Marrakesh welkom worden geheten met de aanblik op een lang lint GT- en Rally-modellen. Dan vallen we meteen  met de deur in huis met de tweede vernieuwing: de naam. Voorheen was het namelijk ietwat ingewikkeld om te omschrijven welk model Tiger 800 je nu precies reed, de XCa, de XCx of de XRt? Nu hebben de Britten het eenvoudiger gemaakt door de offroadmodellen ‘Rally’ te dopen en de straat-georiënteerde modellen ‘GT’, naar Gran Turismo. Dat schrijft stukken gemakkelijker! Overigens is er ook nog een basismodel dat gewoon de Tiger 900 heet, maar die kunnen we deze dagen niet uitproberen.

Begrijpend dashboard-lezen

In de ochtend moeten we vroeg aantreden, zodat we kennis kunnen maken met het connectivity-systeem van Triumph. Dat zit ten tijde van de introductie nog wel in een testfase, dus heel veel kunnen we er ook weer niet over melden. Wel krijgen we een eerste kennismaking met het navigatiesysteem, dat gebruik maakt van de kaartgegevens van Google. Daarmee krijg je eenvoudige aanwijzingen op het grote 7-inch tft-dashboard om je route te kunnen rijden. ‘Tweede links op een rotonde’, dat soort berichten. De bestemming invoeren kan overigens erg gemakkelijk door de integratie van het zogenaamde What3words-systeem (zie kader). Volgens Triumph kunnen we het dashboard het best instellen op één specifieke lay-out (keuze uit vier), omdat daarin de extra informatie in een groot vak links in beeld komt te staan. ‘Maar speel er maar wat mee tijdens het rijden, misschien vind je een andere lay-out wel prettiger’, aldus een Triumph-vertegenwoordiger. Net als op de Tiger 1200 Explorer is het tijdens het rijden dus mogelijk om je dashboard aan te passen. Heb je dat nodig? Nee. Is het handig? Misschien wel, maar als je het mij vraagt, had deze functionaliteit wel wat dieper in het menu mogen worden weggestopt. In de praktijk kies je er waarschijnlijk één die je altijd gebruikt en kom je er verder nooit meer aan. Duidelijk is in elk geval wel dat Triumph graag wil laten zien wat er allemaal mogelijk is met dat scherm. Daarbij mag wel worden gezegd dat ook de graphics misschien wat artistieker zijn uitgevallen dan nodig. Zo is de toerenteller afgebeeld als een blokjesgrafiek, maar vrijwel in alle lay-outs is hij niet goed af te lezen. Je moet dan de losse tachometer oproepen in je aanvullende informatiescherm om duidelijk te zien hoe veel toeren je maakt. Jammer. Wat een zeer overzichtelijk dashboard kan zijn, zorgt nu juist voor meer afleiding dan nodig, doordat het zo uitgebreid is gemaakt.

Pro-gressief

We rijden tijdens deze introductie met de zogenaamde Pro-modellen van de Rally en de GT. Dit zijn net wat luxere versies van de toch ook al niet bepaald ‘standaard’ Rally en GT. Laatstgenoemde heeft bijvoorbeeld achtervering die je elektronisch – en tijdens het rijden – vanuit het dashboard kunt aanpassen. Even de veervoorspanning wat straffer zetten als er een paar mooi bochtige kilometers aankomen bijvoorbeeld, om het gas wat sportiever open te draaien. Wil je hetzelfde doen op de Rally Pro, dan moet je eerst stoppen om daarna de achtervering handmatig strakker te zetten met de draaiknop. Zes tikjes strakker dan standaard is ons advies als je hem mooi strak wilt houden in de bocht. De GT is op asfalt absoluut de betere, als je het mij vraagt. De Rally kan door zijn veerwegen van 240 millimeter voor en 230 millimeter achter soms wat voelen als een waterbed, terwijl de GT voor mijn gevoel wat gemakkelijker afdraait als het tempo wat hoger ligt. Triumph heeft bij beide modellen het zwaartepunt verlaagd en dat pakt goed uit. De GT blijft makkelijk op koers en voelt zeker in de bocht.

Ga je offroad – wat we op de tweede dag doen met de Rally Pro voorzien van Pirelli Scorpion-banden – dan voelt hij erg handelbaar, ook omdat de tank en het zadel bij de benen smaller zijn gemaakt en je dus meer controle hebt. Zeker op de zeer stoffige en bikkelharde boerenpaden die niet ver van de kust bij Essaouira tussen olijfgaarden doorslingeren, is dat een prettig gevoel. Op de Rally Pro beschik je over een extra rijmodus, de Offroad Pro. Daarin wordt het ABS voor en achter uitgeschakeld, net als de traction control. In de Offroad-modus blijft het achterwiel nog een klein beetje te beïnvloeden, zodat je niet volledig doorslipt. Minder leuk, wel stukken veiliger als je geen ster bent in het onverhard. Het is op sommige momenten zó stoffig op de boerenpaden dat je niet anders kunt dan het gas dichtdraaien en gewoon even wachten. Maar goed ook dat ik dit doe, want ineens sta ik oog in oog met twee volwassen kamelen en hun kalf. Een paar kilometer later hobbel ik over grove stenen, maar kan ik met genoeg vertrouwen even mijn ogen van mijn koers afhalen om te kijken hoe een geit boven in een boom is geklommen voor wat verse blaadjes.

Woon-werk

Na twee volle rijdagen moeten we eerst nog terug naar Marrakesh voordat we op het vliegtuig naar huis kunnen stappen. Dat betekent dat we in de vroege ochtend alweer op de Tigers zitten en aan een soort forensenrit beginnen. Mooi moment om het sterke ledlicht van de modellen uit te proberen in de duistere woestijn. O, en natuurlijk de zadel- en handvatverwarming waarmee de Pro-modellen standaard zijn uitgerust. Dat maakt de rit toch wat comfortabeler. Hoe dichter we bij de hoofdstad komen, hoe chaotischer het verkeer wordt. We laveren tussen slecht verlichte vrachtwagens, volle auto’s, fietsers, brommers en zelfs forensen die zich per ezel verplaatsen. Eén grote beestenboel in Afrika, concludeer ik, terwijl ik nota bene in het zadel van een tijger zit. Een tijger die zich overigens heel wat meer heeft laten temmen dan voorheen, dat wel: gemakkelijker in de omgang en toch voorzien van een krachtiger beet. Het koppel is over zijn hele bereik beter voelbaar en is bijna zo soepel als een tweecilinder met toch ook die herkenbare triple-brul bij iets hogere toerentallen. Mocht je het aandurven, dan springt hij misschien zelfs door een brandende hoepel, bij wijze van spreken dan. Het is maar wat je ermee wilt doen. Hij geeft je exact het gevoel dat je van een allroad verwacht en is klaar om er het avontuur mee op te zoeken. De Tiger kan er weer een tijd tegenaan.

Welke drie woorden

Triumph is voor de navigatie een samenwerking met Google aangegaan, maar ook met What3words. Dat is een Brits bedrijf dat als doel heeft om navigatie te vergemakkelijken, vooral als het gaat om plekken die niet gemakkelijk te vatten zijn met een bepaald adres. Dat heeft het gedaan door de hele wereld op te delen in kleine blokken van drie bij drie meter (open zee uitgezonderd) en daar drie woorden aan te koppelen. Die zijn gemakkelijker om te onthouden, maar ook om te communiceren naar vrienden. Voer de drie woorden in en het systeem berekent een route naar dat punt. Een eenvoudiger oplossing voor coördinaten dus eigenlijk. En omdat drie woorden stukken gemakkelijker te communiceren en te onthouden zijn, is What3words dan ook een veel eenvoudiger oplossing voor lange cijfercombinaties waaruit coördinaten zijn opgebouwd. Het enige nadeel is dat de woorden per taal verschillen en niet simpelweg kunnen worden vertaald om op dezelfde locatie te komen. Wat dat betreft zijn coördinaten nog altijd makkelijker te gebruiken.

Conclusie

Al met al is de Triumph Tiger zo’n beetje op elke mogelijke manier met de tijd meegegaan. Lichter door zijn frame, krachtiger door een grotere boring, uitgebreider door veel meer en geavanceerdere elektronica en ga nog maar even door. Het blokkarakter was van tevoren misschien wel de vernieuwing die ik als het meest ingrijpend had beoordeeld. Toch had ik veel minder dan 650 kilometer nodig om het te omarmen als zijnde dé nieuwe Tiger. Ja hij voelt en klinkt iets anders, maar in alles voelt en klinkt hij toch vooral nog als een Tiger. Krachtiger onderin en middenin is hij veel beter inzetbaar voor de doelen waarvoor je een allroad wilt inzetten: lekker sportief doorrijden met liefst wat bagage bij je. Goed is het dat Triumph eindelijk de modelnamen heeft ‘rechtgetrokken’. Goed ook dat de modelnamen daadwerkelijk het werkterrein van de Rally en GT weten af te bakenen. De Rally voelt echt als de offroad-waardige machine door zijn grote veerwegen en wat ruigere voorkomen, terwijl de GT er dan misschien wel wat braver uitziet, maar absoluut de koning van het asfalt is. Goed is ook de prijsverdeling tussen de modellen. Voor zo’n beetje elk budget is er nu wel een Tiger.

Locatie
Marokko

Omstandigheden
zonovergoten en gortdroog

Temperatuur  
9 tot 25 graden

Testkilometers           
655

Bijzonderheden         
Enkel de Pro-modellen waren beschikbaar voor de test

Waarom rijden we hem?
Ongeveer 85.000 stuks van de Tiger 800-modellen verkocht Triumph wereldwijd. De middelgrote allroad is dan ook een groot succes voor de Britten. Reden genoeg om eens te voelen hoe de opvolger uit de verf komt!

Plus/min

Plus
Modelnaam past bij gebruik, blokkarakter schept vertrouwen, prijsverdeling

Min     
Dashboard is op sommige vlakken onnodig uitgebreid

Afmetingen
Balhoofdhoek 24,6°

Zithoogte       
810-830 mm

Naloop
133,3 mm

Wielbasis       
1.556 mm

MotoZoom verder als MotorKledingCenter

0
Motorkledingcenter

Op 12 december jongstleden – notabene in het 25-jarig jubileum – kwam het bericht naar buiten dat MotoZoom met twee winkels in Amsterdam en Utrecht faillliet werd verklaard. Inmiddels zijn er twee maanden verstreken en is er meer duidelijkheid over het voortbestaan. Nog dit voorjaar voegen de winkels in Amsterdam en Utrecht zich bij MotorKledingCenter.

Door deze overname van MotoZoom en de opening van Assen komt de teller op 8 winkels te staan. Er wordt op deze manier doorgewerkt aan een landelijke dekking van winkels die online ondersteund worden met een uitgebreide webshop waarbij er met Amsterdam en Utrecht twee afhaalpunten bijkomen.

“Hoewel een overname in eerste instantie niet was voorzien, zijn Utrecht en Amsterdam geografisch gezien erg interessant voor ons. Bovendien zagen wij MotoZoom als een mooi bedrijf met enthousiaste medewerkers en een hoge mate van service. Hierdoor hebben zij een grote vaste klantenkring op weten te bouwen. Wij kijken ernaar uit om deze klanten te verwelkomen in onze winkels met een aantal bekende gezichten op de vloer en een uitgebreider assortiment. Natuurlijk mag onze bekende Bikers Lounge ook in Amsterdam en Utrecht niet ontbreken.”

Directeur Mark Bos

De voorraden zijn inmiddels verhuisd naar de winkel in Utrecht. Na MOTORbeurs Utrecht zal van 29 februari t/m 22 maart een grote faillissementsuitverkoop plaatsvinden. Daarbij zullen restanten tegen bodemprijzen worden aangeboden. De winkel in Amsterdam zal later dit seizoen opnieuw worden geopend op een andere locatie.

Omdat MotorKledingCenter service hoog in het vaandel heeft kunnen gedupeerde klanten van het faillissement van MotoZoom die in afwachting zijn van een levering, een aanbetaling hebben gedaan of een garantie hebben ingeleverd contact met onze klantenservice op het speciale e-mailadres zoom@motorkledingcenter.nl. Bovendien zullen MotoZoom cadeaukaarten in 2020 nog geldig zijn in Amsterdam en Utrecht met als voorwaarde dat de aankoop minimaal het dubbele is van de waarde van de cadeaubon.

Hoogste aantal nieuwe motorrijders sinds 2002

0
Foto: ANP

Uit die vlag, haal taart en vier vooral een groot feest. Uit een analyse van CBR-cijfers door BOVAG blijkt dat afgelopen jaar 30.076 mensen zijn geslaagd voor het afsluitende motorrijexamen (‘verkeersdeelneming’) en dat is het hoogste aantal sinds 2002. Ten opzichte van 2018 betreft het een stijging van 4,6 procent, zo becijferde BOVAG.

Sinds halverwege jaren ’90 kwam het slechts twee keer eerder voor dat meer dan 30.000 Nederlanders slaagden voor het motorrijexamen. In 2002 waren dat er bijna 32.000, terwijl er in 2012 een kunstmatige piek van 31.500 was als gevolg van een drastische wijziging in de Europese rijbewijsrichtlijnen per 2013. In 2013 daalde het aantal geslaagden tot onder de 19.000, omdat het voor jongeren een stuk lastiger werd om een volwaardig motorrijbewijs te bemachtigen. Het gros daarvan zorgde dus dat in 2012 nog snel examen kon worden gedaan en dat vertekende de jaarcijfers destijds. Sinds de nieuwe regels van kracht zijn geworden stijgt het aantal nieuwe motorrijders jaar op jaar.

Tweedehandsverkoop

Ook de verkoop van nieuwe motorfietsen bereikte vorig jaar een hoogtepunt met ruim 14.000 stuks, het hoogste niveau in tien jaar, terwijl de tweedehandsverkoop in 2019 op een absoluut record van bijna 124.000 transacties eindigde. De cijfers over januari tonen eveneens een bemoedigend beeld voor de motorbranche, aangezien er 956 nieuwe exemplaren werden geregistreerd; het hoogste aantal voor een januarimaand sinds 2009.

Yamaha, BMW en KTM waren de populairste merken afgelopen maand en opvallend is dat ruim 4 procent van de nieuwe motorfietsen in januari elektrisch was. Het aanbod van elektrische motoren groeit gestaag en dit segment lijkt in 2020 voor een doorbraak te staan, aangezien er nu machines verkrijgbaar zijn van goede kwaliteit, met een actieradius van honderden kilometers en met een uitgebreid dealernetwerk.

Occasions

Qua occasions werd vorige maand wederom een record gebroken, aangezien er 7.980 gebruikte motorfietsen werden verhandeld en dat is opnieuw meer dan ooit tevoren. Bovendien betekent het een toename van maar liefst 18,7 procent ten opzichte van een jaar geleden.

Goed weekeinde allemaal. Wij gaan het vieren op de MOTORbeurs. Zie we jullie daar?

Dit kost de 2020 Yamaha Tracer 700

0

‘De Tracer zal leverbaar zijn vanaf februari, de prijs is nog onbekend.’ Met deze zin sloten we op 3 november 2019 ons EICMA-bericht af over de 2020 Yamaha Tracer 700. Inmiddels is die prijs wel bekend en deze bedraagt om precies te zijn 9.999 euro. Deze prijs is inclusief BTW, BPM en onvermijdbare kosten, aldus het persbericht.

Hoewel de Yamaha Tracer 700 nog niet zo heel lang op de markt is, besloten de Japanners ‘m toch totaal te vernieuwen. Zo werd het motorblok aangepast om ‘m Euro5-geschikt te krijgen. Injectie en ontsteking waren daarbij belangrijk, maar ook het uitlaattraject werd gemodificeerd.

De nieuwe 41-millimeter voorvork is nu volledig instelbaar. De achtervork blijft instelbaar qua veervoorspanning, maar biedt nu ook verstelling qua ingaande demping. Wat dit betreft maakt de Tracer een behoorlijke sprong voorwaarts. Het nieuwe zadel levert volgens Yamaha meer comfort voor berijder en passagier en biedt meer ruimte om te verzitten. Overigens is de zithoogte iets hoger dan voorheen, wat over het algemeen goed nieuws is.

En dan zijn er ook nog de boos ogende LED-dagrijverlichting en de dubbele koplamp in de eveneens geheel vernieuwde kuip die ‘m als dag en nacht doen verschillen van z’n voorganger. Die kuip biedt volgens Yamaha meer rijwind- en regenbescherming en is handmatig over een lengte van 60 millimeter te verstellen.

Ook opvallend zijn de nieuwe handkappen, met geïntegreerde richtingaanwijzers. De handkappen hangen aan een stuur dat breder is geworden: 34 millimeter. Dat stuur is nu overigens uitgerust met een accessoirebrug, voor montage van bijvoorbeeld een GPS.

Flitsapps verboden in Duitsland

1
Foto: ANP

Alweer nieuws over Duitsland? Jazeker, alweer. Nadat we eerder al lazen over afgesloten wegen, dreigende regels tegen geluidsoverlast, en het uitblijven van een maximale snelheid op de snelweg gaat het nu over zogenaamde flitsapps.

Het Duitse magazine Autobild meldt dat deze apps voortaan verboden zijn om te gebruiken in Duitsland. Een echte verrassing is dat niet, want deze apps zaten al een tijdje in een grijsgebied nadat de ingebouwde systemen eerder al werden verboden.

75 euro

Hoewel het misschien wel slim is om te doen, hoef je bijvoorbeeld Flitsmeister of Waze niet te verwijderen van je telefoon. Zo lang je het niet gebruikt is het goed… Hoe dat precies gecontroleerd wordt, is nog niet helemaal duidelijk. Daarom is het wellicht slim om de flitsapp er helemaal af te gooien als je ‘m toch niet gebruikt. Kan je een hoop discussie schelen.

De boete is met 75 euro gelukkig niet al te hoog als je het vergeet of als je het ‘vergeet’…

WK Superbike-voorbeschouwing 2020

0

De laatste jaren stond de wereldkampioen in het WorldSBK haast al vast voordat het seizoen begon, maar in 2020 lijkt alles eindelijk anders te zijn. Ducati moet winnen, HRC is officieel terug en hoe zit het met Michael van der Mark en zijn nieuwe teamgenoot? Onduidelijkheden genoeg dus. Gelukkig hebben wij MotorNL-sportcoördinator Marien Cahuzak voor een beetje houvast.

Het talent van Toprak Razgatlıoğlu

‘Natuurlijk, Michael van der Mark houdt echt wel van een beetje uitdaging, maar met Toprak Razgatlıoğlu kon dat zomaar een beetje te veel van het goede zijn. Jaren geleden sprak ik al een keer lang met Kenan Sofuoglu over zijn protegé en hij was er toen al van overtuigd dat Toprak – zoals we hem voor het gemak maar even noemen – veel beter is dan hijzelf ooit was geweest. Hoewel Sofuoglu het nooit redde in het WK Superbike en de Moto2 is het toch een man met vijf wereldtitels in het WK Supersport. Natuurlijk is Toprak een beschermeling van hem, maar juist daarom zal hij Toprak nooit onterecht ophemelen.

Daarnaast spreekt ook een man als Marcel Duinker vol lof over hem. Toen ik bij Marcel was voor een verhaal over de switch van Leon Haslam naar Alex Lowes merkte je aan alles bij hem dat hij het verschrikkelijk jammer vond niet samen te gaan werken met Toprak, zonder daarbij Lowes te kort te doen. Dat Kawasaki dit toptalent heeft laten gaan, snap ik dan ook echt niet, zeker niet omdat het merk hem vanaf het Superstock 600 altijd heeft geholpen. Het komt volgens mij omdat ze veel te veel bezig zijn met de successen van Rea en dat maakt lui. Je zult echter ook budget moeten vrijmaken voor de toekomst… Yamaha heeft daarom een meersterzet gedaan, als je het mij vraagt, maar wel eentje waar Michael veel last van kan krijgen.’

Honda en Ducati versus Jonathan Rea

‘Je kunt die twee merken niet in één keer behandelen, omdat Honda met een nieuwe Fireblade komt en Ducati al ervaring heeft met de Panigale V4R. Daarom eerst Ducati, dat dit jaar wereldkampioen moet worden. Niet alleen omdat ík dat vind, maar vooral omdat de Italianen dat zelf vinden. Vorig jaar vonden ze dat ook al, alleen toen ging het helemaal mis in de relatie met Alvaro Bautista. Ik denk dat ze daar dit jaar nog meer spijt van gaan krijgen dan ze in 2019 al hadden, simpelweg omdat ik niet denk dat Scott Redding en Chaz Davies het ooit gaan redden tegen Rea. Davies bewijst dat al een paar seizoenen en Redding had nooit voor het fabrieksteam van Ducati gereden als Bautista was gebleven. Ik ben vooral heel benieuwd hoe de Italianen omgaan met zijn excentrieke karakter.

Alvaro Bautista en de zojuist gepresenteerde Honda Fireblade in WorldSBK-trim.

Persoonlijk verwacht ik dat Rea zich meer zorgen maakt om Bautista en Honda. Bautista is tot nu toe de enige die Rea in zijn Kawasaki-tijd echt bibberend heeft gekregen en ik ben ervan overtuigd dat Bautista vorig jaar zonder interne troebels gewoon wereldkampioen zou zijn geworden. Daarnaast doet Honda Racing Corporation eindelijk, eindelijk, eindelijk mee. Na de afgang van vorig jaar moet het ook wel. Off the record hoor je daarnaast van iedereen in de WorldSBK-paddock dat hij angst heeft voor het nieuwe Honda, omdat Honda als het wil een kogel van een Superbike kan neerzetten. En het lijkt erop dat het merk dat heeft gedaan met de nieuwe CBR1000RR-R. Eind 2018 proefde ik dezelfde angst voor de Panigale V4R in 2019 en die angst bleek behoorlijk uit te komen, want ook toen domineerde Bautista met een nieuwe motor direct…’

Alex Lowes op de Kawasaki ZX-10RR

‘Dat Lowes vorig jaar derde werd in het WK zegt mij niet zoveel. Omdat hij toen met een Yamaha reed, maar vooral omdat Michael van der Mark – vierde – een paar races miste en daarna niet fit was en omdat Toprak – vijfde – voor Puccetti reed en zeker naar het einde van Kawasaki niet zoveel meer hoefde te verwachten. Helemaal niet na de clash in Suzuka, waar Toprak wel snel was, maar tot zijn onbegrip en dat van Sofuoglu niet mocht rijden in het Kawasaki Racing Team van Jonathan Rea en Leon Haslam.

Dat Marcel Duinker enthousiast is over de eerste testen van Lowes op de Kawasaki ZX-10RR zegt mij veel meer. In het verleden is echter gebleken dat je niet zomaar wint van Rea. Op de baan, maar ook niet naast de baan. Tom Sykes klaagde daar regelmatig openlijk over en ook van andere teamleden hoor je regelmatig geluiden dat “Team65” en de leiding van Provec Racing, dat het officiële WorldSBK-team van Kawasaki runt, het soms net iets te goed kunnen vinden. Vooral de klik met Pere Riba, Rea’s crewchief, schijnt “erg” goed te zijn, een relatie die overigens al stamt uit de tijd dat Joan Lascorz nog racete.’

Ten Kate en die zo begeerde zege

‘Ja, ik denk wel dat Ten Kate een serieuze kans maakt om een wedstrijd te winnen. Het geloof bij Loris Baz, Kervin Bos en de rest van het team is er echt en dat is de allerbeste en allergoedkoopste tuning die er is. Eenvoudig wordt het zeker niet, want komend jaar is met het sterke deelnemersveld een podium al een prestatie, als je het mij vraagt. Aan kop rijden is sowieso al een dingetje met Rea en Bautista erbij.

Vorig jaar reed Rea 264 ronden op kop, terwijl Bautista – weliswaar op Ducati – 252 ronden aan de leiding doorkwam. Michael van der Mark eindigde in dit klassement op plek drie met 33 ronden. Op het gebied van zeges was het nog erger, met zeventien voor Rea en zestien voor Bautista. Enkel Toprak (twee), Davies (één) en Michael (één) wisten ook te winnen. Dus ja, zie eerst maar eens het podium te halen, zou ik zeggen. Of doe een seizoen lang een regendans, want regenrijden kan die Baz als geen ander…’

Tom Sykes en Eugene Laverty in de anonimiteit

‘Heel vreemd… Hoewel je niets aan het verleden hebt, laat het soms wel iets zien. Tom Sykes is voormalig wereldkampioen, heeft 34 wedstrijden gewonnen en stond in 296 pogingen 112 keer op het podium. Ook Laverty weet wat winnen is in het WorldSBK (dertien keer) en hoe het is om op het podium te eindigen, 35 keer. Daarnaast eindigde hij in 2013, het jaar dat Sykes wereldkampioen werd, als tweede. Verder meent BMW het echt serieus. Het Duitse merk heeft nog wat te weinig kennis in huis, maar is hard bezig dat op orde te krijgen. Daarvoor hebben de Duitsers een flink budget beschikbaar. Ik verwacht daarom dat er dit jaar een aantal grote namen achter de schermen bekend maken over te stappen naar BMW. Aan de S1000RR kan het in elk geval niet liggen.’

Tom Sykes

De stiekeme favoriet

‘Dat is voor mij Leon Camier, zonder twijfel. De laatste tijd lag hij meer dagen in het ziekenhuis of geblesseerd op de bank dan dat hij wedstrijden reed in het WorldSBK, maar hij zal nooit opgeven. Zoek als je het durft maar eens op ‘Leon Camier Cadwell Park’ en je snapt wat ik bedoel. Als je van zo’n beenblessure terugkomt, kan niets je weerhouden. Komend jaar rijdt hij op een Ducati Panigale V4R voor het Barni Racing Team. Als ik iemand een podium gun, is het Camier wel. Al gun ik hem vooral een blessurevrij jaar.’

De ontbrekende merken

‘Waar zijn en blijven Suzuki en Aprilia? Ja, ik weet van hun MotoGP-avonturen, maar ze hebben beide een waanzinnige Superbike, waar nu amper iets mee gebeurt. Bij Suzuki kan ik het nog wel ergens begrijpen, want dat weet in de MotoGP zelfs wat winnen is met Alex Rins. Maar waarom bouw je dan zo’n peperdure GSX-R1000? Volgens de website van Suzuki is hij koning van de Superbikes. Ongelooflijk zonde dat we dat niet in de praktijk kunnen testen. En dan Aprilia… Hoewel de eerste wintertest op Sepang hoop geeft, kunnen de Italianen winnen in het WorldSBK. Dit is natuurlijk een discussie waar je over kunt doorgaan tot je letterlijk een ons weegt, maar ik denk dat Kawasaki meer aandacht krijgt door te winnen met Rea dan wanneer het in de middenmoot van de MotoGP zou rijden.’

Meer toeren voor Michael

Het maximale toerental in het WK Superbike, het is een discussiepunt en dat zal in 2020 niet anders zijn. Vooral als het om Ducati gaat, dat 2020 begint met een nog altijd duizelingwekkende limiet van 16.100 toeren per minuut. Omdat Yamaha en Honda met nieuwe motoren aan de start staan, is daarbij opnieuw gekeken naar de limiet. Met goed nieuws voor Michael van der Mark en Pata Yamaha, want ze beginnen het seizoen met 250 toeren per minuut meer. Daarnaast is Michael erg te spreken over de nieuwe stroomlijn plus de betere afstelling van de vering in de nooit eindigende zoektocht naar grip. Honda is overigens helemaal spekkoper op het gebied van toeren met maar liefst 15.600 toeren. Dat zijn er 1.050 meer dan bij de oude Fireblade…

Merk 2020 Eind 2019 Begin 2019
Ducati 16.100 16.100 16.350
Honda 15.600 14.550 14.550
Yamaha 14.950 14.700 14.700
BMW 14.900 14.900 14.900
Kawasaki 14.600 14.600 14.600
MV Agusta * 14.950 14.950 14.950
Suzuki * 14.900 14.900 14.900
Aprilia * 14.700 14.700 14.700

* Enkel gehomologeerd, niet deelnemend aan 2020-kampioenschap

Reportage BMW GS Trophy 2020 Nieuw-Zeeland

0

Een maximale jetlag, weinig slaap, honderden offroadkilometers per dag, kou, hitte en veel, heel veel stof. Als je het zo vertelt, was de GS Trophy 2020 een ware uitputtingsslag. Vraag je het de Nederlandse deelnemers, dan komen ze echter superlatieven te kort.

Het traject naar de GS Trophy was er één van vele maanden. Team NL ontstond op de finaledag van de kwalificatie in Wales en trainde zich daarna helemaal suf. Op de motor, met de motor en naast de motor, alles met Nieuw-Zeeland in het vooruitzicht. Die locatie, letterlijk aan de andere kant van de wereld, had al die maanden iets surrealistisch. En iets onbestemds, ook dat. Want waar Team NL nu precies voor trainde? En of de specifieke trainingsopdrachten ook daadwerkelijk in Nieuw-Zeeland zouden worden getoetst? BMW hield het bewust vaag en dus gingen de deelnemers met niet veel meer dan deze info op het vliegtuig: acht dagen rijden, van noord naar zuid, met 22 internationale teams die in de special stages tegen elkaar zullen strijden. Punt.

Dag 0, Rotorua

Als hoogst gelukkige afgevaardigde van de Nederlandse pers zit ik al op dag -2 in Nieuw-Zeeland, als je de dag van aankomst van alle ‘normale’ deelnemers als dag 0 bestempelt. De reden is simpel, want de organisatie wil van alle mediavertegenwoordigers eerst wél even zien dat ze ook daadwerkelijk offroad kunnen rijden. Een soort examen, dat ik zonder kleerscheuren doorsta en waardoor ik op deze dag 0 al met een enigszins gedoofde jetlag op Team NL zit te wachten. En o ja, op Nikki natuurlijk! Nikki, die zich via een vrouwenkwalificatie ruimschoots kwalificeerde voor één van de twee vrouwenteams die het internationale gezelschap een feminiene boost geven.

Met exact twaalf uur tijdsverschil is er geen pittiger jetlag te bedenken dan die tussen Nederland en Nieuw-Zeeland. Tel daar een vliegreis van 36 uur en een aansluitende bustocht van vijf uur bij op en je kunt je enigszins voorstellen hoe de Nederlandse deelnemers uit de bus komen: moe en lichtelijk gedesoriënteerd. Máár, ze zijn in Rotorua! Hier is het zomer en staan 140 F850GS’en te wachten op hun nieuwe tijdelijke eigenaren, hier wordt het evenement officieel geopend. Tal van plichtplegingen volgen, waaronder gesprekken met doktoren en het tekenen van de nodige documenten. Na een korte acclimatisatie is er echter geen ontkomen aan: de Trophy begint!

Dag 1, Rotorua – Napier Beach – 400 kilometer, 180 offroad

Deze eerste ochtend betekent ook de eerste kennismaking met het strikte ochtendregime. Om half zes moet een ieder zijn spullen, inclusief tent, hebben ingeleverd bij de transportvrachtwagen. Dat betekent een wektijd van uiterlijk vijf uur om in het donker en de nattigheid alles wat je bij je hebt in één tas te krijgen en aan te sluiten bij het ontbijt – om je daarna in mijn geval te beseffen dat je tandenborstel al in de vrachtwagen zit – en iets na half zeven de briefing van de marshal aan te horen. Aanpoten dus.

Elke marshal begeleidt elke dag twee landenteams over de route en langs de special stages. Team NL rijdt vandaag met Team Nordic, dat een Scandinavische samenstelling heeft. Die Scandinaviërs weten wel raad met de gravel-ondergrond die vandaag als een biljartlaken oogt, maar verraderlijk diep, los en dus glad is. Met allemaal precies dezelfde jetlag en volle focus op de weg zou bijna het eerste hoogtepunt van deze reis worden gemist: Mount Edgecumbe, een 821 meter hoge representant van het seismologisch en vulkanisch nogal actieve Noordereiland. Niet veel later zie ik vanuit mijn ooghoeken een F850GS in het water liggen, in wat het decor van de allereerste special stage blijkt. Een dubbele doorwading van een beekje, waarbij het venijn hem in de staart zit: na de tweede doorwading slaat het parcours in mul zand haaks linksaf en moeten de deelnemers de GS boven op een steile heuvel parkeren.

Zou je het driemaal mogen oefenen, dan is het allemaal niet zo’n probleem, maar het parcours verkennen is in deze Trophy nooit toegestaan. Team NL presteert tijdens deze eerste opdracht bovengemiddeld en doet datzelfde in de tweede special stage: geblinddoekt een parcours rijden, met louter instructies van een teamgenoot die op afstand door middel van een communicatiesetje aanwijzingen geeft. De negende plek in de tussenstand is een mooi begin en staat in schril contrast met het team van Nikki, dat vandaag helaas als hekkensluiter fungeert. Lake Waikearemoana vormt de toeristische afsluiter van de dag, maar er zullen weinig deelnemers zijn geweest van wie de jetlag klein genoeg was om hier nog volop van te genieten.

Dag 2, Napier Beach – Castlepoint – 360 km, 180 offroad

Nog voordat ik goed en wel de slaap uit mijn ogen heb gewreven, staan we op deze tweede dag gelijktijdig met een waanzinnige zonsopkomst boven de Grote Oceaan klaar voor special stage 1. Cape Kidnappers, zo luidt de precieze locatie, verwijzend naar een kidnappoging van de oorspronkelijke Nieuw-Zeelandse bewoners op een bemanningslid van James Cooks Endeavour.

Tja, toeristische vergezichten en historische anekdotes liggen hier voor het oprapen, maar daarvoor is eigenlijk geen tijd: Team NL is onmiddellijk aan de beurt om een GS door het kiezelstrand te slepen en te duwen. De kracht en de lengte van de Nederlandse mannen scoort behoorlijk op deze eerste special stage, waarna we op de verdere route klinkende namen als Elephant Hill, Black Bridge en Clear View passeren.

De uitzichten zijn weids en betoverend, de offroadroute waanzinnig. Zeker wanneer kilometers zandstrand tot die route blijken te behoren en special stage 2 óp dat strand wordt verreden: een parcours waarvoor elk team één deelnemer mag afvaardigen. Team NL besluit Peet naar voren te schuiven, met de opdracht ‘op 90 procent’ te rijden. Resultaat is de consolidatie van de zevende plek, maar daar wordt bij de barbecue ’s avonds eigenlijk niet over gesproken. Het is vooral de waanzinnige rit over het strand die de tongen dan losmaakt. Maar niet te lang, want om 5.00 uur gaat de wekker weer!

Dag 3, Castlepoint – Wainiu – 350 kilometer, 190 offroad

Team NL wint! Xavier zet een geweldige tijd neer in het strandzand van de eerste special stage, gedrieën wordt er aardig gegooid bij het nogal suffe handschoenwerpen van special stage 2 en Jaap evenaart Xavier in de trialoefening van special stage 3. Gelukkig telt special stage 2 maar voor de helft, omdat het een oefening zonder motor is. Zo wint Team NL deze derde dag en schuift het drietal plots op naar de derde plek in het algemeen klassement.

Loon naar werken, want de focus van de mannen is echt ongekend. Of, om een marshal te citeren die de competitieve focus van de drie Nederlanders wel érg competitief vindt: ‘Enjoy! You are in New Zealand, please enjoy!’ Maar wees gerust, dat doen ze ook wel. Zeker de beruchte Rimutaka Hill Road maakt het vandaag onmogelijk om níet te genieten.

In Nikki’s team is de competitiefocus geen topprioriteit, al zijn de dames wél blij dat ze het tweede vrouwenteam inmiddels hebben ingehaald. Nikki: ‘En we gaan ook nog wel een mannenteam verslaan, hoor!’

Dag 4, Wainui – Pelorus Bridge – 204 kilometer, verbindingsetappe

De oogjes zijn klein, héél klein, hier aan het ontbijt om half vier ’s nachts. Nu de jetlags langzaam verwerkt zijn, gooit de organisatie het over een andere boeg. Tja, de boot naar het Zuidereiland wacht op niemand, al zeker niet op 140 F850GS’en die moeten worden ingescheept. Eenmaal op de boot is er ruimte voor slaap, goede gesprekken en een GS-quiz die tot special stage 1 is gedoopt.

Onderweg is er ruimte om eens echt van de uitzichten te genieten en te werken aan een foto-opdracht waarvoor vanuit Nederland stemmen moeten worden geronseld. Op de camping blijken nog twee special stages te wachten. De eerste stuurt de teams het bos in, met een navigatieapparaat waarmee zij een tweede apparaat in het bos kunnen vinden. Het doel is om zo gauw mogelijk een route uit dat tweede apparaat naar het eigen navigatieapparaat te verzenden, om daarna naar de finish te hollen. Hoewel Team NL hier bedreven te werk gaat, blijken er ook teams voor wie deze apparatuur geen geheimen herbergt.

De tweede opdracht is, hoewel niet rijdend, een heerlijke motoropdracht: verwissel zo snel mogelijk het achterwiel van een F850GS. Maximale tijd? Vijftien minuten. Er blijken maar liefst zeven teams te zijn die het niet binnen vijftien minuten lukt. Team Japan wint door het binnen anderhalve minuut te doen, en Team NL presteert heel behoorlijk met vier minuten. Toch zakt Nederland in de tussenstand van het podium. ‘Even terug naar de rol van underdog, uit de schijnwerpers. Prima’, zo besluit Jaap wijselijk de avond.

Dag 5, Pelorus Bridge – Punakaiki Beach – 360 kilometer, 180 offroad

Oef! De ochtendklim naar Maungatapu Saddle is er eentje van de buitencategorie. Vol losse stenen, geërodeerd wegdek en gladde ondergrond. ‘Keep your momentum!’ hoor ik onze marshal herhaaldelijk over de communicatiesetjes roepen. Team NL rijdt vandaag met Team Engeland en daarvan komt één Engelsman met een achterstand van twintig minuten boven. Hij hield níet zijn momentum en in combinatie met zijn te korte benen maakte dat zijn klim tot een helletocht, zo lees ik af uit zijn bezwete, bezorgde en onthutste gezichtsuitdrukking.

Inmiddels heeft Team NL de eerste special stage er al op zitten: de drie deelnemers moeten een moeilijk trial-achtig parcours afleggen, terwijl ze tijdens een korte heuvelklim een boardingpass moeten zien te krijgen. Bonuspunten voor de teams die na afloop zowel de gate, het stoelnummer als het tijdstip van vertrek kunnen opdreunen. Voor Nederland een koud kunstje. Dat geldt bepaald niet voor de afdaling, die nog extremer is dan de ochtendklim en waarbij ik toch zeker een stuk of tien GS’en plat zie liggen. Ook die van onze marshal, op een stuk waarbij het werkelijk te steil is om te komen helpen: je kunt er simpelweg geen GS parkeren. Team NL komt wederom nergens in de problemen, zelfs niet op de nóg steilere klim die het begin van de middag markeert.

De uitzichten op de Tasman Sea, vernoemd naar onze eigen Nederlandse ontdekker van Nieuw-Zeeland, zijn betoverend, maar dat zie ik eigenlijk pas op de foto’s achteraf. Pfoeh, vandaag is écht pittig, écht Trophy zoals ik me dat had voorgesteld. Dat geldt niet voor de tweede special stage, die bij aankomst op de camping wordt aangekondigd: welk team weet zich het snelst vanuit een rij-outfit in een slaapzak te wurmen en er weer uit? Of, om Peet even te citeren: ‘Zijn we hier op de GS Trophy of ben ik in een scoutingkamp beland?’ De druiven zijn na afloop dan ook zuur voor Team NL, want ze dragen bij de einduitslag van de tweede special stage de rode lantaarn. Extra zure druiven, aangezien er tijdens de pittige rijdag heel veel landenteams bibberend, bevend en crashend de hellingen slechtten en Team NL datzelfde bijna fluitend deed. Maar helaas, daarmee waren vandaag geen punten te verdienen.

Dag 6, Punakaiki Beach – Lake Tekapo – 440 kilometer, 110 offroad

Het gezegde dat je in Nieuw-Zeeland vier seizoenen in één dag hebt, wordt vandaag bewaarheid. Van koud en nat naar heet en droog en weer terug. Eerst koud en nat, bij de eerste special stage: een trialparcours dat door twee teamleden moet worden afgelegd, in een tijd die zo weinig mogelijk verschilt. Snelheid levert geen bonus op, exacte snelheid wel! Een kolfje naar het zo berekenende en rijvaardige Team NL, zou je zeggen.

Nou, dat loopt even anders. In de tweede run mist het team een poortje, waarvan het herstel dusdanig veel tijd kost dat deze tweede run ruim twintig seconden langer duurt dan de eerste. Au. Dat de dag verder qua uitzichten bijna ongeëvenaard is, gaat er bij Team NL even niet in: dit is zuur, heel zuur. Gelachen word er pas weer nadat ik in verkrampte en vermoeide houding een rivierdoorwading afrond, om op het allerlaatste nippertje met GS en al om te vallen in het steenkoude smeltwater. Een zwemmende journalist, altijd lachen! Voor mij een reflecterend momentje: opeenvolgende nachten van vier, vijf uur slaap en lange, zware rijdagen hakken er zeker wel in.

Mijn natte pak is een subtiele en onschuldige waarschuwing tegen overschatting en verslapping. Ik ben me plotseling weer volop bewust van de helikopter die de hele dag met het deelnemersveld meevliegt en juist aan de voet van listige of ronduit gevaarlijke stukken geparkeerd staat. Tja, die staat daar niet voor niets… Nederland parkeert zich in het tussenklassement op plek zes, maar er wordt volop gejuicht voor Nikki, die met haar team het eerste mannenteam inhaalt: Team Noord-Afrika moet eraan geloven…

Dag 7, Lake Tekapo – Mount Aspiring – 375 kilometer, 180 offroad

Vandaag wordt het Mackenzie Basin geslecht, een rivierbekken dat uitzichten biedt zoals je ze in reisgidsen tegenkomt. Ongereptheid zo ver als je kunt kijken, duizenden schapen die in grote kuddes over de heuvels rennen, zo nu en dan onverwacht oversteken of doodleuk achter een blinde bocht liggen te genieten van het zonnetje. Met bergtoppen vol eeuwige sneeuw aan de horizon concludeer ik dat dit Nieuw-Zeeland in optima forma moet zijn.

Een paradijs om doorheen te rijden, met het gas dusdanig tegen de stuit dat vele pauzes noodzakelijk zijn om echt van de schoonheid te genieten. In die pauzes is er tijd voor selfies, filmpjes en foto’s. Jaap, Xavier en Peet genieten onderweg ook volop, net zoals het Team Latin America waarmee we vandaag rijden. Voor Nikki begon de dag minder, want zij crashte bij de eerste special stage dusdanig dat haar helm onder de krassen en putten kwam te zitten. Al is Nikki er de persoon niet naar om daarover in te zitten. Opstaan en doorgaan, dat idee. Klapstuk van vandaag is Danseys Pass, een pas op 935 meter hoogte waar het uitzicht over het ongerepte Nieuw-Zeeland fenomenaal is.

De omgeving werd ooit gedomineerd door een florerende goudkoorts, maar die tijd is lang vervlogen. In de Thomson Gorge stuiten we op andere deelnemers, die in de wacht staan voor de tweede special stage: hoe snel kan een team een GS aanduwen? Team Zuid-Korea vraagt Jaap om advies, Jaap herkent zijn concurrenten en antwoordt koel: ‘Definitely do it in fourth gear.’ Het resultaat? Nederland scoort goed deze dag, nadert Zuid-Korea tot op elf punten en mikt met de laatste dag voor de boeg op een top-vijfnotering. Want tja, de huidige plek zes is toch eigenlijk maar net niets…

Dag 8, Mount Aspiring – Coronet Peak – 265 kilometer, 110 offroad

Nevis Road wacht! Zeventig kilometer lang, Nieuw-Zeelands hoogste openbare ‘weg’, met zo’n dertig rivierdoorwadingen en een prachtige zandige ondergrond. Man, man, net als je denkt het paradijs te hebben gehad, blijkt Nieuw-Zeeland weer wat nog mooiers te hebben. Ik heb natuurlijk wel wat koudwatervrees bij de eerste rivierdoorwadingen, maar het blijft vandaag bij een stel natte voeten. Net zo spectaculair als de vergezichten is het competitieverloop van vandaag. Wanneer we aankomen bij de eerste special stage zien we koploper Zuid-Afrika een keiharde klapper maken.

Met twee man op één GS, waarvan de achterste twee volle jerrycans vast heeft, glijden ze onderuit op het natte gras. Niet veel later doet Team Japan hetzelfde en van Team Noord-Afrika wordt een deelnemer door doktoren onder handen genomen na zo’n zelfde klapper. Datzelfde team zag eerder al een deelnemer met een gebroken enkel in de helikopter verdwijnen, om maar even de sfeer in het team te kenschetsen… Toch is het een special stage zoals je die in een Trophy verwacht: rijkunsten, teamwork en uithoudingsvermogen spelen een sleutelrol. En Team NL wint!

Zij brengen de twee jerrycans als eerste over de finish, na op de motor en rennend door een riviertje een flinke afstand te hebben afgelegd. Hetzelfde doen ze bij de tweede special stage, die over een ruim technisch parcours voert en qua punten dubbel telt! Wederom tonen Xavier, Peet en Jaap aan dat wanneer het om écht motorrijden gaat ze in het deelnemersveld geen gelijken kennen. Dik en dik verdiend worden ze tijdens de slotceremonie van deze GS Trophy 2020 dan ook als vierde team op het podium geroepen, op héél nipte achterstand op de nummer drie, Italië. Frankrijk wordt tweede en Zuid-Afrika blijkt de terechte winnaar. En Nikki? Die manifesteerde zich als uitzondering binnen de vrouwenteams, met haar team eindigend op plek twintig, daarmee Team Noord-Afrika en het tweede vrouwenteam achter zich latend.

Eddie de Vries

Kaartverkoop Mega MotorTreffen 2020 gestart!

2
Mega MotorTreffen 2020

Een feest vóór en dóór motorrijders, dat is het Mega MotorTreffen in één korte maar krachtige zin samengevat. Niet voor niets is dit het grootste motorfestival van de Benelux waar je onder andere gratis kunt proefrijden op ruim 200 motoren van bijna 20 motormerken en shoppen bij de MotorkledingStore in de grootste motorkledingoutlet van Nederland. Ze bezorgen je aankopen zelfs gratis naar huis.

Het festivalterrein zal bol staan van activiteiten: van bizarre stuntshows tot offroad-rijden. Kom duizenden motoren bekijken vanuit het BIHR-reuzenrad en vergaap jezelf in de Classic & Retro Gallery. Daarnaast hebben we tal van werelden, zoals de Travel & Adventure Campsite, de EV-experience, Kawasaki Outdoor Showroom, Kids World en nog veel meer. Binnenkort wordt het volledige programma bekend maar nu kunnen we al vol trots melden dat de kaartverkoop via www.megamotortreffen.nl begonnen is.

‘Na een paar jaar Expo Haarlemmermeer is het tijd voor de volgende stap voor het Mega MotorTreffen en daarom gaan we verhuizen naar het Autotron Den Bosch. Op het Autotron hebben we namelijk de mogelijkheid om nog verder te groeien en daarmee mogen we ons met recht het grootste motorfestival van de Benelux noemen. De 2020-editie wordt er echt één om nooit te vergeten en één die je dus niet mag missen.’

Kaj Dijkhuizen, eventsmanager MotorNL

Mega MotorTreffen 2020
16 & 17 mei Autotron Den Bosch
Voorverkoop via www.megamotortreffen.nl: 7,50 euro
Entree aan de kassa: 12,50 euro

Jumpstart op de Harley-Davidson LiveWire tijdens MBU

0
Harley-Davidson LiveWire jumpstart
Op een speciale rollenbank kun je een ritje maken op de elektrische Harley-Davidson LiveWire

Je weet dat je tijdens MOTORbeurs Utrecht kunt proefrijden op nieuwe motoren. Voor dat doel is een 4.000 m2 groot testcircuit ingericht. Helaas zul je de Harley-Davidson LiveWire tevergeefs zoeken in het rijtje testmotoren. Jammer? Nee hoor, bij MotorNL op de stand (Hal 7) kun je een jumpstart maken op de Harley-Davidson LiveWire. Op een speciale rollenbank kun je een ritje maken op deze elektrische Harley.

MotoGP-voorbeschouwing 2020: Jagen op MM93

0
FIM World Championship Grand Prix, Round 19, 15-17 November 2019, MotoGP, Valencia, Spain

Op 8 maart begint weer de jacht op Marc Marquez, oftewel de coureur die sinds zijn debuut in de MotoGP in 2013 alleen in 2015 géén wereldkampioen werd. Wat gaat er in 2020 gebeuren? Marien Cahuzak confronteerde Henk Keulemans met zes stellingen. De langst dienstdoende journalist en fotograaf in de MotoGP reageert erop.

Marc Marquez kan in 2020 alleen van zichzelf verliezen.

‘Die kans lijkt heel groot, maar met de komst van Fabio Quartararo is de MotoGP een groot talent rijker geworden. Gezien datgene wat de jonge Fransman in zijn eerste seizoen in de koningsklasse heeft laten zien, kan hij wel eens degene worden die Marc Marquez gaat verslaan. Een ander gevaar voor de Spanjaard is natuurlijk zijn eigen instelling. In de zeven seizoenen dat hij nu in de MotoGP rijdt, kwam hij maar liefst 120 keer ten val. Het mag een wonder heten dat hij nog nooit dusdanig geblesseerd is geraakt dat hij een race heeft moeten missen.

Marc Marquez rijdt tot en met 2024 voor Honda, zo werd zojuist duidelijk dankzij een persbericht.

Gaat dat in 2020 wel gebeuren? Op dit moment kampt Marquez namelijk nog steeds met de gevolgen van een operatie aan zijn rechterschouder. Die ingreep bleek noodzakelijk te zijn na zijn spectaculaire highsider tijdens de kwalificatie voor de Grand Prix van Maleisië van afgelopen seizoen. Mocht Marquez niet honderd procent fit zijn of zelfs de eerste races moeten missen, dan maakt hij het zichzelf een stuk moeilijker om MotoGP-wereldtitel nummer zeven te veroveren.’

Willen Ducati en Suzuki iets presteren in de MotoGP, dan moet het dit jaar.

‘Nee, dat hoeft niet. Zoals eerder aangegeven is Marc Marquez nog altijd bereid veel risico’s te nemen en rijdt hij dus zeker niet foutloos. De Suzuki wordt nog steeds beter. Bovendien heeft dit merk met Alex Rins en Joan Mir twee jonge, zeer getalenteerde coureurs onder contract, die ook nog steeds beter worden. Hoewel het erop lijkt dat Ducati niet de sterkste rijders van het veld heeft, is het Italiaanse merk altijd in staat om een zeer snelle machine te ontwikkelen. Dat zal ook in de toekomst zo zijn. Veel hangt af van het feit of er een Ducati-coureur is of komt die de mogelijkheden van de Desmosedici optimaal weet te benutten. De grote hoeveelheden geld van sponsor Philip Morris zijn daarvoor niet altijd de beslissende factor. Dat hebben we onder meer met Valentino Rossi en Jorge Lorenzo gezien. Persoonlijk zou ik echter graag zien waartoe Marc Marquez met de Ducati in staat is.’

Voor de Dutch TT weten we of Valentino Rossi er in 2021 nog bij is.

‘Ja, want Rossi heeft zelf aangekondigd dat hij de beslissing over zijn toekomst na een aantal GP’s neemt. Ik denk dat hij er minimaal nog een jaartje bij aan zal plakken, zeker na de bemoedigende resultaten bij de eerste test van 2020 in Sepang. Mede door de nieuwe Michelin-achterband lijkt juist de Yamaha M1 een stuk sterker te zijn geworden.

Het feit dat de nu 41-jarige Italiaan vanaf volgend jaar geen deel meer zal uitmaken van het Yamaha-fabrieksteam schijnt hem gezien zijn reactie niet veel uit te maken. Hij heeft ook vertrouwen in het Petronas Yamaha SRT-team. Ik zie Rossi geen wereldkampioen meer worden, maar ik denk dat hij zeker nog goed genoeg is voor podiumplaatsen en misschien wel een overwinning. Gezien zijn enorme staat van dienst heeft Valentino ook zelf het recht om te bepalen wanneer hij stopt. Yamaha gaat daar heel juist mee om.’

Jorge Lorenzo rijdt volgend jaar weer Grands Prix voor Yamaha.

‘Tijdens de test in Sepang heb ik een tijdje met hem staan praten. Hij was heel relaxed en zeer gelukkig met zijn huidige situatie. “Eindelijk geen stress meer en nu kan ik ook eens dingen doen waarvoor ik nooit tijd had”, aldus de 32-jarige vijfvoudig wereldkampioen, die meer dan de helft van zijn leven in het GP-wereldje vertoefde. Op de vraag of hij ooit als volwaardig GP-coureur zal terugkeren, antwoordde hij direct na zijn afscheid in Valencia al: “Zeg nooit nooit!” Na hem met die uitspraak te hebben geconfronteerd, zei hij in Sepang: “Ik ben op dit moment blij met mijn rol als testrijder voor Yamaha en andere dingen die ik in de racerij doe.”

Ik weet echter wel dat Jorge Lorenzo ook een zeer trotse man is en dat de mislukkingen bij Ducati en Honda hem pijn moeten doen. “Dat is zo,” beaamde hij, “maar op dit moment ben ik alleen testrijder voor Yamaha. Ik kan en wil nu niet te veel in de toekomst kijken.” Persoonlijk zou ik er niet van staan te kijken als de Spanjaard weer aan het front zou terugkeren. Maar waarom op een Yamaha? Ducati zou volgens mij ook kunnen, want dit merk staat te springen om een topcoureur. En als Lorenzo dat weer wordt, waarom hij dan niet?’

Fabio Quartararo gaat bezwijken onder de druk van de ‘nieuwe Rossi’.

‘Fabio Quartararo is niet de “nieuwe Rossi”. Fabio Quartararo is en blijft gewoon Fabio Quartararo. Dat zegt de pas twintigjarige Fransman zelf ook. Bezwijken onder de druk van “de nieuwe Rossi zijn” kan dus niet. Druk kan hij zichzelf wel opleggen. Mocht hij dat doen en er niet goed mee kunnen omgaan, dan heeft de jongste MotoGP-coureur een groep ervaren mensen om zich heen die er zeker voor zullen zorgen dat het niet fout gaat. Bovendien maakt Quartararo pas volgend jaar deel uit van het officiële Yamaha-fabrieksteam en dan heeft hij niet één, maar twee jaar MotoGP-ervaring.’

KTM en Aprilia zullen aan het einde van het seizoen realiseren dat ze helemaal niets te zoeken hebben in de MotoGP.

‘Natuurlijk hebben KTM en Aprilia wat te zoeken in de MotoGP. Anders zouden ze niet meedoen. Juist bij de eerste test in 2020 zorgden beide merken voor een positieve verrassing. Met de steun van Red Bull is KTM er tot nu toe in geslaagd om in allerlei takken van motorsport de absolute top te halen en dan ook nog eens op verschillende continenten. Nu het machtige Piaggo-concern meer geld in het MotoGP-project van Aprilia steekt, kon er een geheel nieuwe machine worden ontwikkeld. De eerste indrukken ervan zijn goed. Ik vind het jammer dat merken als Kawasaki en BMW niet in de meest prestigieuze wegraceklasse actief zijn. Ik kan dat echter ook begrijpen, want het kost klauwen met geld.’

Bonus-stelling: Bo Bendsneyder had beter Ten Kate Racing kunnen bellen voor een plek in het WK Supersport, want het wordt voor hem een kansloos jaar in de Moto2.

Het seizoen 2020 is gisteren officieel begonnen voor NTS RW Racing GP, met de eerste van drie dagen testen op het circuit van Jerez de la Frontera. Hier zien we Bo Bendsneyder in actie op de NTS RW Racing GP Moto2-motorfiets in 2020-kleuren.

‘Nee waarom? Zolang je als coureur op het hoogste niveau kunt acteren, moet je dat doen. Bo wordt daartoe in staat gesteld door Roelof Waninge, een eersteklas raceliefhebber. De Moto2 heeft nu eenmaal altijd heel wat meer uitstraling dan het WK Supersport. Bovendien rijdt de enige Nederlandse GP-deelnemer in de Moto2 niet voor spek en bonen mee. Misschien zijn en waren de gestelde verwachtingen te hoog. Aan de inzet van Bendsneyder ligt het zeker niet, maar of hij genoeg talent heeft om verder vooraan te kunnen rijden, moet dit jaar blijken. Helaas heeft de twintigjarige Rotterdammer nog nooit gereden op de toonaangevende machine in deze klasse, een Kalex. Er kan dus geen vergelijking worden gemaakt wat betreft de capaciteiten van de coureur. Mocht Bendsneyder dit jaar met de NTS opnieuw kansloos blijken te zijn, dan kan hij voor volgend seizoen altijd nog met Ten Kate Racing bellen.’