India lijkt zich te ontwikkelen tot een belangrijke speler in de mondiale motorindustrie, vergelijkbaar met de opkomst van Japan in de jaren ’70. Met een combinatie van betaalbare motorfietsen, onderscheidende prestaties en karaktervolle ontwerpen weet het land steeds meer motorliefhebbers te bereiken. Voorop in deze ontwikkeling staat Classic Legends, een door Mahindra gesteunde onderneming die historische merken als Jawa, Yezdi en BSA nieuw leven heeft ingeblazen.
Classic Legends maakt werk van wereldwijde expansie
Classic Legends heeft ambitieuze plannen aangekondigd om voor eind 2025 zeven nieuwe markten te betreden, waaronder de Verenigde Staten, Verenigd Koninkrijk, Australië, Nieuw-Zeeland, Japan, Mexico en het Midden-Oosten. De BSA Gold Star 650 zal hierbij als vlaggenschip fungeren. Dit model combineert Britse heritage met Indiase productiekosten, wat een concurrerende prijs mogelijk maakt.
De exportcijfers ondersteunen deze ambitie: India’s export van tweewielers steeg naar meer dan 4,2 miljoen eenheden in het fiscale jaar 2025, een toename van 21% ten opzichte van het voorgaande jaar. Deze groei illustreert de toenemende trend richting premium exportmodellen uit het land.
De Gold Star 650 vormt het speerpunt van Classic Legends’ internationale strategie. Deze moderne klassieker wordt aangedreven door een vloeistofgekoelde eencilinder met dubbele bovenliggende nokkenassen en 652 cc inhoud. Met 45,6 pk bij 6.500 tpm en een koppel van 55 Nm bij 4.000 tpm biedt de motor voldoende vermogen voor zowel beginnende als ervaren rijders.
Het technische pakket omvat een vijfversnellingsbak, een 41mm telescoopvork aan de voorzijde en dubbele schokdempers met verstelbare voorspanning achter. De remmen komen van Brembo, met een enkele 320mm schijf met vierzuigerremklauw voor en een 255mm schijf achter. ABS is standaard. De Gold Star staat op Pirelli Phantom Sportscomp-banden in de maten 100/90-19 (voor) en 150/70-17 (achter).
Met een drooggewicht van 198 kg, een zithoogte van 780 mm en een wielbasis van 1.425 mm biedt de motor een toegankelijke rijervaring. Gebruikers prijzen het evenwichtige en wendbare rijgedrag, met name bij lagere snelheden, wat de motor geschikt maakt voor stadsverkeer. De oprechte zitpositie draagt bij aan het rijcomfort, hoewel sommige rijders opmerken dat het zadel bij langere ritten wat stevig kan aanvoelen.
Hoeveel zou een BSA in Nederland gaan kosten?
De prijsstelling van de BSA Gold Star 650 profiteert van de kostenvoordelen van Indiase productie, maar importbelastingen en BTW beïnvloeden de uiteindelijke verkoopprijzen in verschillende markten.
Een potentieel vrijhandelsakkoord tussen India en de EU zou de invoerkosten naar Europa kunnen verlagen, wat ook gevolgen zou kunnen hebben voor de Nederlandse markt. Momenteel heeft het EU een invoerbelasting (HR-code 8711) van 6-8%. Voor Nederland komt daar nog BPM en 21% BTW bij.
Concurrentiepositie
In het segment van retro-geïnspireerde motorfietsen concurreert de BSA Gold Star 650 met verschillende gevestigde modellen. De Royal Enfield Interceptor 650 en Continental GT 650, beide met een 648cc paralleltwin die 47 pk levert. Meer premium is de Triumph Bonneville T100, met een 900 cc paralleltwin van 64 pk.
De Gold Star onderscheidt zich in dit veld door zijn unieke combinatie van Brits erfgoed, eencilinder-karakter en concurrerende prijs. Met deze mix richt Classic Legends zich op zowel ervaren rijders die op zoek zijn naar een nostalgische ervaring als nieuwere rijders die een stijlvolle en beheersbare motorfiets zoeken.
Met de opkomst van Classic Legends en de BSA Gold Star 650 lijkt India klaar om een nog belangrijkere rol te gaan spelen op de internationale motormarkt, vergelijkbaar met hoe Japanse merken decennia geleden de industrie hebben veroverd door betaalbare kwaliteitsproducten aan te bieden.
Mandatory Credit: Photo by Valerio Origo/IPA Sport/ipa-agency.net/Shutterstock (15358219bd)
#1 Toprak Razgatlioglu (Tur) Bmw M 1000 Rr, Rokit Bmw Motorrad Worldsbk Team During Fim Superbike World Championship Pirelli Emilia-Romagna Round At Misano World Circuit, Misano Adriatico, Italy On June 15, 2025 During Pirelli Emilia Romagna Round, World Superbike - Sbk Race In Misano, Italy, June 15 2025
Motori - Superbike - Pirelli Emilia Romagna Round, Misano, Italy - 15 Jun 2025
Toprak Razgatlıoğlu kondigde voorafgaand aan de WorldSBK-ronde in Misano aan dat hij volgend jaar de overstap maakt naar de MotoGP. Op het Italiaanse circuit toonde de Turkse rijder zich nog altijd gretig in zijn jacht op een derde wereldtitel. Hij boekte drie overwinningen, waardoor zijn achterstand op WK-leider Nicolò Bulega slonk tot slechts negen punten. Michael van der Mark kende daarentegen – op zijn zachtst gezegd – een moeizaam weekend.
Nicolò Bulega en Toprak Razgatlıoğlu steken er dit seizoen met kop en schouders bovenuit in het WorldSBK-kampioenschap. Geen verrassing dus dat beide toppers de aandacht trekken van MotoGP-fabrikanten. Voorafgaand aan de Misano-ronde maakten ze hun toekomstplannen bekend. Razgatlıoğlu rijdt volgend jaar voor Pramac Yamaha in de MotoGP. Hij wordt daarmee de eerste rijder sinds 2015 die rechtstreeks vanuit de WorldSBK de overstap maakt én de eerste wereldkampioen sinds Ben Spies (2010) die die sprong waagt. Bulega blijft bij Ducati in de WorldSBK en heeft zijn contract verlengd tot eind 2026, maar gaat daarnaast ook aan de slag als MotoGP-testrijder voor Ducati. Vanaf 2027 worden in de MotoGP Pirelli-banden geïntroduceerd, waarmee de WorldSBK al jaren rijdt. Bulega’s ervaring met de Pirelli’s maakt hem van grote waarde voor Ducati bij deze overgang.
Na de start van de Superpole Race schuift Axel Bassani (47) in de eerste bocht onderuit en neemt Nicolò Bulega (11) in zijn crash mee.
Vier crashes voor Van der Mark
In Misano was Razgatlıoğlu oppermachtig en herhaalde hij zijn prestatie van vorig jaar met drie zeges. In de eerste race kon Bulega hem lange tijd volgen, maar moest uiteindelijk genoegen nemen met P2. In de openingsbocht van de Superpole-race ging Axel Bassani, startend vanaf de eerste rij, onderuit en nam Bulega mee in zijn val. Het leverde duur puntenverlies op voor Bulega. Alex Lowes profiteerde en werd tweede, wat het eerste Bimota-podium sinds 2000 betekende. In Race 2 moest Bulega vanaf de vierde startrij vertrekken, maar wist zich terug te knokken naar opnieuw een tweede plaats. Zijn voorsprong in het kampioenschap slonk gedurende het weekend van 31 naar negen punten. Voor Bulega’s teamgenoot Álvaro Bautista werd duidelijk dat er vanaf 2026 geen plaats meer voor hem is in het Ducati-fabrieksteam.
Vier crashes en slechts zes WK-punten: het was een weekend om snel te vergeten voor Michael van der Mark.
Het vertrek van Razgatlıoğlu bij BMW zou daarentegen de kansen op contractverlenging voor Michael van der Mark kunnen vergroten – fabrikanten willen immers graag minstens één ervaren rijder behouden. Als Misano echter als sollicitatie gold, maakte Van der Mark geen sterke indruk. Hij crashte in alle drie vrije trainingen, kwalificeerde zich als veertiende, en ging in de eerste race opnieuw onderuit – zijn vierde val van het weekend. Zondag bleef hij wel in het zadel, met een twaalfde plaats in de Superpole-race en tiende plek in Race 2 als resultaat. Vorig jaar leek Van der Mark weer meer en meer de constante aansluiting met de top-vijf hebben gevonden, iets wat hij in 2025 duidelijk weer is kwijtgeraakt. Na zes raceweekenden staat Van der Mark slechts op een veertiende plaats in het klassement. Gezien zijn ervaring met de M 1000 RR maakt hij kans op contractverlenging, maar dan zal de prestatiecurve wel omhoog moeten.
‘Eerlijk gezegd was het alles bij elkaar gewoon een grote puinhoop.’ Michael van der Mark was heel duidelijk over zijn prestaties in Misano.
UITSLAGEN EN CIRCUITINFO
Ronde 6 – Emilia-Romagna
Circuit: Misano World Circuit ‘Marco Simoncelli’ Lengte: 4,226 km Superpole: Nicolò Bulega (I), Ducati, 1’31.618 Snelste raceronde: Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 1’32.813 (Superpole Race)
RACE 1
21 ronden = 88,746 km
1. Toprak Razgatlıoğlu (TR), BMW, 32.53,702; 2. Nicolò Bulega (I), Ducati, +1,045; 3. Danilo Petrucci (I), Ducati, +16,684; 4. Alex Lowes (GB), Bimota, +16,824; 5. Andrea Locatelli (I), Yamaha, +17,45; 6. Alvaro Bautista (E), Ducati, +18,361; 7. Sam Lowes (GB), Ducati, +21,096; 8. Yari Montella (I), Ducati, +22,770; 9. Iker Lecuona (E), Honda, +27,236; 10. Scott Redding (GB), Ducati, +31,445; 11. Xavi Vierge (E), Honda, +31,629; 12. Jonathan Rea (GB), Yamaha, +23,997, 13: Ryan Vickers (GB), Ducati, +38,033; 14. Garrett Gerloff (US), Kawasaki, +41,314; 15: Michael Ruben Rinaldi (I), Yamaha, +55,021; DNF. Michael van der Mark (NL), BMW.
SUPERPOLE RACE
10 Ronden = 42,260 km
1. Razgatlıoğlu, 15.37,641; 2. A. Lowes, +4,281; 3. Locatelli, +6,122; 4. Petrucci, +6,122; 5. Bautista, +8,855; 6. S. Lowes, +9,7063; 7. Rea, +10,755; 8. Remy Gardner (AU), Yamaha, +11,861; 9. Lecuona, +13,177; 12. Van der Mark, +16,278.
Wat als je persoonlijke droomproject ineens binnen handbereik komt? Toen Michael Barten in Bigtwin de reportage zag over een Speed King Chopper, gebouwd door Small Town Customs in Ermelo, wist hij het zeker: Dit wilde hij ook! Het werd het begin van een intens en leerzaam avontuur, waarin hij zijn eerste echte custom chopper bouwde, met hulp van niemand minder dan de inspiratiebron zelf!
We treffen elkaar op Landgoed De Salentein in Nijkerk, een statige en rustieke locatie langs een bochtige weg waar Michael vaak met plezier rijdt. Het landgoed leent zich niet alleen perfect voor bruiloften, maar biedt ook een indrukwekkende achtergrond voor zijn Speed King Chopper.
Meer Michael
Kenmerk
Details
Naam
Michael Barten
Bouwjaar
1983
Beroep
eigenaar glaszettersbedrijf en atelier in glas in lood
Type
druk
Drank
bier en whisky
Eten
shoarma en nacho’s
Liefde
vrouw en kinderen
TV
first 48
Politiek
niets an!
Film
geen idee
Muziek
Reggae
Sport
ijshockey
Hobby
m’n brommert
Motoren
H-D
Voorbeeld
mijn opa
Lijfspreuk
je leeft nu he!
1 van 10
OVERGANGSMODEL
Michael was op zoek naar een uitdagend project voor een Speed King Chopper. Geen kant-en-klare motor, maar iets waar hij zelf zijn tanden in kan zetten. Bij Dennis Bakker van Small Town Customs ziet hij een keurige FXSB uit 1985 staan; een zeldzaam overgangsmodel van Shovelhead naar Evolution-blok. “Het bleek een project van Dennis zelf te zijn, maar hij had het op de lange baan geschoven”, vertelt Michael. “Ik wilde hem wel kopen, maar op één voorwaarde: ‘Alleen als ik bij jou terechtkan zodra ik vastloop.’ En dat vond hij prima. Daar ben ik hem enorm dankbaar voor. Die gozer heeft me er echt doorheen gesleept.”
Eenmaal thuis gaat de FXSB op de brug. Omdat het zijn eerste grote project is, besluit Michael alles stap voor stap te doen. Hij ontdekt al snel dat hij twee werkplaatsboeken nodig heeft. Eentje voor de Shovelhead en eentje voor de Evo, want Harley bouwde dit overgangsmodel slechts één jaar. “Dat maakt ’m uniek. Puristen vinden het zonde dat ik het frame heb doorgezaagd voor een dropseat, maar ik bouw voor mezelf, niet voor een museum. Ik ben glaszetter, geen monteur, maar ik heb wel doorzettingsvermogen.” Michael begint met demonteren van wat in de weg zit (spatborden, tank, achtervering, olietank) en laat de rest zitten om vervorming van het frame bij het lassen te voorkomen. Na zorgvuldig meten en passen gaat de dropseat kit erop en begint het slijpen en lassen. Alles wat hij zelf kan doen, doet hij ook zelf. Door de dropseat en ingekorte progressieve veren krijgt de achterkant de juiste houding. Alleen de voorkant staat nog te hoog. “Ik kwam uit bij een Sportster-voorvork van 40 mm met een lowering kit erin, zodat het voorwiel dichter naar het frame komt zonder het balhoofd aan te passen. Maar toen we ’m lieten afdraaien, bleek de vork zo krom als een hoepel. Echt balen. Gelukkig had een maat nog twee goede vorkpoten liggen. Die kon ik overnemen.”
KEUKENOVEN
Wanneer het frame af is, begint Michael aan het motorblok en de versnellingsbak. Alles gaat eruit, want hij wil het laten poedercoaten. Hij brengt het blok naar Dennis, die het verder demonteerde en de losse delen aan hem meegeeft. “In de weekenden heb ik alles kaal gemaakt, gespoten en ja, gebakken in de keukenoven. Mijn vrouw werd gek, het stonk verschrikkelijk, niet te harden. Maar het werkte wél. Daarna ben ik dagen bezig geweest met polijsten.” Dennis verzorgt verder de revisie van het blok. Na veertig jaar is dat ook wel nodig. Voor de elektra schakelde Michael de hulp in van Jimmy Keller, een jongen uit Deventer die hij via een Facebookgroep leerde kennen.
RUILDEAL
De brandstoftank is een verhaal op zich. Op de Bigtwin Bikeshow ziet Michael bij Frank Stienen een prachtige tank. “Ik was er meteen verliefd op. Ben er meerdere keren naar terug gelopen, maar besloot hem toch niet te kopen. Toch bleef hij in mijn hoofd hangen. Avondenlang heb ik op Pinterest gezocht naar inspiratie en steeds kwam ik terug bij die tank.” Bij de Spring Chopper Show in Opmeer kwam hij Frank weer tegen met precies diezelfde tank. Michael had inmiddels een Rebel-tank gekocht, maar wanneer Frank vraagt wat hij heeft liggen, ontstond er een ruildeal. “Hij zei: ‘Stuur die Rebel-tank maar naar mij op. Wat wil je ervoor hebben? Dan trekken we dat van de prijs af.’ Uiteindelijk heeft hij daar ook weer een kunstwerk van gemaakt. Blauw, met Koi-karpers en olieaccenten in de Japanse stijl. Vette shit. Misschien wel inspiratie voor mijn volgende project.”
Het bouwen van de chopper was voor Michael een leerweg vol frustraties èn euforie. “Soms dacht ik: Wat ben ik begonnen? Dit komt nooit goed. Maar door rustig te blijven en stap voor stap verder te gaan, lukte het toch. Die kleine overwinningen geven een geweldig gevoel.” Nu de motor af is, merkt hij pas hoeveel waardering zijn werk krijgt. “Op shows zie ik mensen om mijn motor heen staan, bewonderend pratend. Dan voel ik echt trots.” En het smaakt naar meer. Zijn Harley-Davidson Fat Boy is inmiddels verkocht om ruimte te maken, (financieel én in de garage), voor een nieuw project: opnieuw een Speed King Chopper, maar dan vol in Japanse stijl. “Ik twijfel nog tussen een klassieke Shovelhead of weer een Evo. Maar ik heb veel geleerd. Misschien ben ik nu wèl klaar voor die Shovel”, aldus een meer dan tevreden Michael. We kijken nu al uit naar zijn volgende project!
Tekst en fotografie: Edgar Vingerhoed
Tank
Frank ‘Inca’ Stienen, kunstenaar uit Ospel, vertelt over de bijzondere tank voor Michael Barten: “Elk jaar maak ik een tank puur voor de show of voor verkoop, zoals de tank die ik voor Michael Barten heb gemaakt. Ik gebruik dit soort projecten om nieuwe technieken uit te proberen en effecten te creëren die anders zijn. Vaak begin ik met een hersenspinsel rond iets waar ik op dat moment zin in heb. Voor Michaels tank heb ik gekozen voor een witte parelmoeren afwerking met een craquelé-effect. De achtergrond is in bladgoud en ik heb een ‘killer geisha’ ontworpen in een polka tattoo-stijl. Tijdens de Paasshow van de Rogues stond Michael ineens bij de tank en zei uit het niets: ‘Die wil ik graag kopen.’ Hij begon niet over de prijs en ik heb uiteindelijk zijn mock-up tank overgenomen. Dat is nu de Koi tank geworden.”
Op een dag reed ik doorheen de lente. Die dag was vandaag, nu reeds vier à vijf uur geleden. Ik besteeg m’n machine. De vraag was: waarheen, oh waarheen? In wezen kun je overal naartoe, bij voorbeeld Zaandam. Dat is echter een heel eind. Toch zou ik deze stad kunnen bezoeken, omdat daar een goede vriend van mij woont, de ex-hoboïst Jan Kees van Henk. Hij speelt al een paar jaar geen hobo meer omdat z’n ene lip werd geamputeerd wegens een bepaalde ziekte, waarvan ik de naam vergeten ben, maar het is alleszins een ziekte die vooral de bovenlip treft. Dus na de amputatie daarvan hangt de onderlip er maar wat zielloos bij. Doch voor de rest is Jan Kees gezond hoor. Hij doet aan hardlopen, zij het niet vaak, ongeveer één keer in de vier jaar. En ook niet te lang. Een kwartiertje. Z’n vrouw loopt dan met hem mee, die goeie ouwe Wieteke. Die is ook niet voor het geluk geboren, met haar ene hand. De andere werd afgerukt tijdens het werk met de elektronische figuurzaag. Jan Kees had nog gezegd: ‘Wieteke darling, opgelet met de figuurzaag, voor je het weet gebeuren er ongelukken.’ Maar denk je dat zo’n Wieteke zich ooit een bal aantrekt van wat haar man zegt? Denk gerust wat anders. Niettemin vormen ze een stelletje dat prima functioneert, alleen jammer van hun zoon Sjoerd. Die heeft niet alleen een lui oog, maar is lui tout court. De hele dag ligt hij op de bank, naar het scherm van z’n telefoon te staren. Jan Kees zegt wel eens tegen hem: ‘Sjoerd, ga in de tuin werken’, maar denk je dat zo’n Sjoerd zich ooit een bal aantrekt van wat z’n vader zegt? Denk gerust wat anders. Hoe dan ook is het altijd gezellig bij de Van Henks, inclusief een kopje oploskoffie en een taartje van bij de bakker om de hoek, meestal ananastaart, wat ik graag lust. Ik ben immer niet voor niets een ananasliefhebber. Geef mij een schijf ananas en ik ben de koning te rijk.
Enfin, vier à vijf uur geleden vertrok ik naar Zaandam. Ik had uit m’n collectie motoren gekozen voor de Triumph Trident 900 uit 1981. Die heeft weliswaar 205.000 kilometer op de teller, maar marcheert nog als een tiet. Ik heb hem anderhalf geleden gekocht voor weinig geld van een man die hem kwijt wilde, omdat hij bang was geworden op de motor. ‘Iedere keer als ik met de motor rijd,’ zei hij, voel ik de angst van de naderbij tredende dood, in de gedaante van een prins op het witte paard, maar nee, het is geen prins, het is een martiko, en het paard is eigenlijk een Yamaha R1 met eironde wielen.’ Kortom, die kerel was zo kierewiet als een blikken pot, en was blij dat hij van de Trident verlost was. Welnu, na pas twee uur rijden kwam ik aan de grens met Nederland. Ik werd staande gehouden door een politieman. ‘Voorlopig mag niemand Nederland in,’ zei hij, ‘er is daar zonet een revolutie uitgebroken.’ ‘Oei,’ zei ik, ‘en heeft men premier Schoof op tijd kunnen evacueren?’ ‘Hij is ontsnapt op een Suzuki Van Van,’ zei de agent, ‘en sindsdien is niks meer van hem vernomen.’ ‘Wat een gotspe,’ zei ik. Uit noodzaak keerde ik de Trident om, en ik vatte de rit terug naar huis aan. Gelukkig was het lente, en was het een leuke rit. Daarnet kwam ik thuis, reeds tien minuten geleden. Nu ga ik een kopje thee drinken. Die arme premier Schoof op z’n Suzuki.
Bij het noemen van Jimi Hendrix gaat het natuurlijk altijd over het uitzonderlijke talent van de linkshandige gitarist uit Seattle. Zijn enorme invloed op rockgitaristen wordt vaak aangehaald, net als zijn gebruik van alcohol en verschillende soorten drugs. Zijn overlijden – dat volgde op dat van Brian Jones en voorafging aan dat van Janis Joplin en Jim Morrison – draagt bij aan de legende van de Club van 27. Waar echter zelden over gesproken wordt, is zijn liefde voor Harley-Davidson.
Die liefde begon al toen Jimi op tienjarige leeftijd samen met zijn broer Bob in 1953 de film The Wild One zag. Ze waren allebei danig onder de indruk. Jaren later zou Jimi’s song If 6 Was 9 op de soundtrack van de film Easy Rider verschijnen, en los van die film bracht hij het nummer Ezy Rider uit — een nummer over een biker op de highway.
De foto hiernaast werd genomen door Ed Thrasher op het permanente buitendecor van de filmstudio’s van Warner. Kort voor zijn dood poseert de gitaarheld op zijn verchopte Panhead uit 1964. Eén van de foto’s uit deze sessie zou later worden gebruikt voor de hoes van het album South Saturn Delta. Daarnaast was deze foto een populaire poster in de jaren ’70.
Alle aandacht van Jorge Martinez gericht op het tv-scherm in de pitbox.
Tijdens de TT van 2024 spraken we voor dit artikel al met Martinez. Met een tolk, want ondanks zijn jarenlange verblijf in de GP’s spreekt Martinez geen vloeiend Engels. Waarom dan nu pas op Motor.NL? Nou, uit het gesprek bleek dat Martinez een eigen circuit runt op nog geen uur rijden van de plaats waar mijn vrouw en ik altijd in het voorjaar de Spaanse zon opzoeken. En daar zocht ik hem in april nog eens op.
Als je het over ‘The Doctor’ hebt weet iedereen welke coureur er wordt bedoeld. a is het geval met ‘Aspar’, die naam is onlosmakelijk verbonden met Jorge Martinez. Het woord is afgeleid van het Catalaanse woord esparenya, een woord afkomstig uit de schoenenindustrie, een sector waarin zijn vader en grootvader werkzaam waren. Was het aanvankelijk een bijnaam, tegenwoordig fungeert Aspar als merknaam voor al zijn bezigheden, zoals zijn raceteam en zijn eigen circuit iets ten zuiden van Valencia.
De op 26 augustus 1962 geboren Jorge Martinez reed zijn eerste GP in 1982. Dat was in de 50cc van de Spaanse GP op het circuit van Jarama. Z’n laatste GP (125cc) was de Australische op Phillip Island van 1997. Martinez reed in totaal 196 GP-races. Daarvan won hij er 37, tweeëntwintig in de 80cc en vijftien in de 125cc. Dat leidde tot vier wereldtitels in de jaren 1986-1988, drie in de 80cc en één in de 125cc. Voor hij op z’n 35e stopte als actief coureur had hij al vijf jaar zijn eigen raceteam, het Aspar Team, waarmee hij grote successen behaalde en tot op de dag van vandaag nog steeds behaalt. ‘Dat was best ingewikkeld, coureur zijn en een team runnen,’ herinnert Martinez zich.
Ook op nationaal niveau deed hij het goed. In de periode 1981-1994 werd hij twee keer 50cc-kampioen van Spanje, was hij zes keer de beste in de 80cc, won drie keer de 125cc-titel en was eenmaal de sterkste in de 250cc.
1 van 3
Het 2200 meter lange circuit kent maar liefst twintig bochten.
Mooi logo van het Aspar Circuit.
Assen beviel direct
Martinez kwam al op jonge leeftijd met de wegrace in aanraking: ‘In mijn woonplaats Alzira was een raceteam gevestigd, genaamd Avidesa naar de sponsor, een fabrikant van ijs. Ik denk dat zij toen het beste team van Spanje waren. Ik ging naar dit team om de motoren schoon te maken. Ik was toen een jaar of twaalf.’ Een paar jaar later begon Martinez met racen. Omdat hij nog maar zestien was moest z’n vader toestemming geven. Die wilde dat niet doen en daarom zette hij zelf maar een handtekening. Het succes kwam snel en al in zijn eerste seizoen bij de junioren op een Bultaco kon hij meestrijden om het kampioenschap. Hij ontmoette daar later bekende rijders als Sito Pons en Carlos Cardus. Martinez kwam daarna in contact met Ricardo Tormo, wereldkampioen 50cc in 1978.
Na het behalen van het Spaanse kampioenschap in de 50cc volgde de overstap naar de GP’s. Hij kan zich zijn eerste keer in Assen nog heel goed herinneren: ‘Het was ongelooflijk toen ik daar arriveerde na er met de auto vanuit Spanje naartoe te zijn gereden. De kathedraal van de motorsport. De baan beviel me direct. Assen behoort tot m’n meest favoriete circuits. De bochten met verkanting, de vloeiende manier van rijden. De baan is nu wel heel anders. Ik heb vijf keer in Assen gewonnen. Ik won er in 1984 mijn eerste GP op een 80cc-Derbi. Van 1986-1988 won ik de 80cc-race drie keer achter elkaar. In dat laatste jaar was ik ook eerste in de 125cc, eveneens op een Derbi.’
Al voordat in 1990 de 80cc uit de GP’s verdween, kreeg Martinez een aanbod om naast de 125cc ook in de 250cc van start te gaan. ‘Ik werd gevraagd door Yamaha, maar daar kon ik niet op ingaan, want Yamaha werd gesponsord door Marlboro, terwijl ik Ducados als sponsor had.’ Een jaar later volgde wel een overstap naar de kwartliters. Hij reed in 1990 op een JJ Cobas, waarop hij in Australië met een elfde plaats zijn beste resultaat boekte.
In 1994 behaalde Martinez op een 125cc-Yamaha zijn laatste GP-zege. In zijn drie laatste racejaren stond hij nog vijf keer op het podium (tweemaal tweede en drie keer derde). De laatste podiumplaats was in zijn voorlaatste GP, die van Indonesië. Martinez herinnert zich: ‘Ik vertrok vanaf pole, Valentino Rossi won daar, Kazuto Sakata was tweede. In mijn laatste jaar werd Valentino voor het eerst wereldkampioen. Een jaar eerder won Rossi zijn eerste GP na een gevecht met mij.’ Het jaar dat Martinez zijn eerste wereldtitel behaalde (1986) was het laatste racejaar van de Spaanse legende Angel Nieto.
Martinez kent de racerij als coureur en als teambaas. Welke rol is het gemakkelijkst? ‘Als rijder heb je het veel gemakkelijker. Als teambaas moet je overal voor zorgen, je moet rijders hebben, je moet zorgen voor het budget, voor sponsors, je moet monteurs hebben. Dat is veel meer werk. En je moet iedereen tevreden houden. Dat valt niet altijd mee. Alle rijders hebben tegenwoordig managers met wie je moet onderhandelen. Toen ik begon sloot ik het contract met de coureur af.’
Je hebt in je lange carrière met veel merken gewerkt, zoals KTM, Aprilia, Mahindra en Japanse merken. Maakt het verschil uit welk land een merk komt? ‘Daar zitten enorm grote verschillen tussen. Met Latijnse mensen, zoals Italianen, is het eenvoudiger te werken. Met de Japanners is het veel gecompliceerder. Daar moet je lang van tevoren afspraken mee maken. Met hen kun je niet van de ene op de andere dag iets veranderen. Met Mahindra ging het ook goed. Dat team viel terug op Suter en was gevestigd in Italië, niet in India. Daar hielden slechts twee mensen zich met het project bezig. Ook het management zat in Italië. Die samenwerking duurde drie jaar.’
Het Aspar Team mag een groot succes worden genoemd. Er werden meer dan 150 GP’s gewonnen en daarnaast werden er nog 250 podiumplaatsen behaald. Dat resulteerde in tal van individuele wereldtitels (zie kader). Twee keer was het team van Martinez de beste van de onafhankelijke teams in de MotoGP. Dat was beide keren met Aleix Espargaró (2012 en 2013). Met de dit voorjaar zeventien geworden Máximo Quiles heeft Martinez een potentiële wereldkampioen in zijn Moto3-team. Hij is teamgenoot van Dennis Foggia. Bij de kwartliters zijn de rijders David Alonso (die vorig jaar in de kleuren van CFMOTO Moto3-wereldkampioen werd) en Daniel Holgado.
Het aantal coureurs dat in de loop der jaren voor het team van Martinez heeft gereden loopt in de tientallen. Naast de kampioenen waren dat onder andere Thomas Lüthi, Arnaud Vincent, Toni Elías, Randy de Puniet, Sebas Porto, Mattia Pasini, Alex de Angelis, Bradley Smith, Jonas Folger, Nicky Hayden, María Herrera en Barry Baltus. Een derde van de huidige MotoGP-coureurs heeft ooit voor het Aspar Team gereden: Pecco Bagnaia, Jorge Martín, Fermin Aldeguer, Franco Morbidelli, Miguel Oliveira, Luca Marini, Raúl Fernandez en Marco Bezzecchi. Al z’n hele leven zit Martinez in de wereld van de wegrace. Binnenkort wordt hij 63. Wordt er al voorzichtig aan een pensioen gedacht? ‘Oh nee, dit is mijn leven, dit is mijn alles. En het houdt me jong. Al wordt het reizen soms wel een beetje veel.’
1 van 5
Het begon voor Jorge Martinez met deze Bultaco en daarna volgden nog veel andere motoren.
Een indrukwekkende rij motoren van Jorge Martinez. Erachter worden alle successen vermeld.
Een paar van de successen van het Aspar Team.
Helmen van coureurs die voor het Aspar Team hebben gereden.
Op de bovenverdieping van het complex bij het Aspar Circuit bevindt zich een restaurant.
Aspar Museum
Op weg naar het Aspar Circuit laat de enige jaren oude navigatie ons in de steek. We vragen aan een oudere man op straat de weg naar het circuit, maar daar heeft hij duidelijk nog nooit van gehoord. Even verder zien we een dertiger. ‘Je houdt van motoren?’, is zijn wedervraag nadat we hem naar het circuit hebben gevraagd. Na ons bevestigende antwoord zegt hij: ‘Ik ook, ik ben een neef van Aron Canet.’ Hij legt ons de juiste route uit en een paar minuten later zijn we bij het in de buurt van de plaats Guadassuar gelegen circuit. Dat is niet zo ver van de grotere plaats Alzira, de geboorteplaats van Jorge Martinez. Vlak bij het circuit bevindt zich de thuisbasis van het Aspar Team.
Het circuit – eind 2022 overgenomen door Martinez en een groep investeerders – heeft een lengte van 2.200 meter. Het bevat een redelijk lang recht stuk en is verder een en al bocht; twintig om precies te zijn. Daarnaast is er een kartbaan van 850 meter, die ook geschikt is voor minimotoren. Verder is er nog een baan voor het beoefenen van dirttrack. Het oorspronkelijk genaamde ‘Circuito de Guadassuar’ stamt uit 2011, maar vier jaar later raakte het in financiële problemen.
In het nieuwgebouwde complex naast de baan bevinden zich pitboxen. Naast de receptie is de entree van het Aspar Museum. Daar staat een hele verzameling motoren waarop Martinez heeft geracet. Ook zijn pakken en helmen zijn er te bewonderen. Een belangrijk deel van het museum is ingeruimd voor zijn succesvolle periode als teammanager. Daar zie je tal van motoren waarmee zijn team heeft gereden.
Boven de entree bevindt zich een restaurant dat de hele dag is geopend. Daar kun je koffiedrinken en het menú del día eten. Vanuit dat restaurant heb je een mooi overzicht over de baan, waar op dat moment enkele coureurs rijden.
Opleiding voor racemonteurs
Het zijn niet de minste coureurs die op het Aspar Circuit komen trainen. Voor zij afreisden naar de Amerikaanse GP reden Marc en Alex Márquez er, uiteraard niet op hun GP-motoren, want dat is niet toegestaan. Ze reden op een Ducati Panigale V2 S. Ook andere rijders waren in het voorseizoen op deze baan te vinden, zoals Fabio Quartararo, Joan Mir, David Alonso, Tony Arbolino, Scott Ogden en Filip Salac. Jorge Martin reed er met een Aprilia RSV4.
Niet alleen aan coureurs wordt gedacht, ook is er aandacht voor monteurs in de vorm van de Aspar KSB Technical Academy. Hier worden monteurs opgeleid voor een baan in de GP’s. De opleiding duurt twee jaar en bestaat voor 20% uit theorie en 80% praktijk. Martinez: ‘Het praktijkonderwijs wordt uitgevoerd in een opstelling zoals een pitbox er in een GP-weekend uitziet. Ze leren dus in een omgeving zoals die er in het echt ook is.’ Ook is er Aspar KSB Sport, niet opgericht door Martinez maar door Kike Bañuls, waar jonge rijders worden voorbereid op een start in de racerij. Martinez: ‘Ik ben op het circuit van Valencia begonnen met allerlei activiteiten, zoals het opleiden van jonge coureurs, de opleiding voor monteurs, rijvaardigheid. Dat heb ik nu allemaal ondergebracht op mijn eigen circuit.’
Op maandag is het complex gesloten. Verder kan er nagenoeg elke dag worden gereden. Slechts een enkele dag is het circuit afgehuurd en kun je er niet terecht. Omdat de Spaanse winters over het algemeen mild zijn kun je er het hele jaar rijden. Alle informatie is te vinden op asparcircuit.com.
CFMOTO
Het team van Jorge Martinez staat ingeschreven als CFMOTO Valresa Aspar Team. CFMOTO is een Chinese fabrikant, die niet de motoren voor het team levert. Die komen, zoals veel van de motoren in de Moto3, van KTM. CFMOTO fungeert sinds 2024 als sponsor van het team, nadat het in 2022 z’n entree in de GP’s had gemaakt met het Prüstel GP-team. Toch is er wel een link met de Oostenrijkers, want veertien jaar geleden is CFMOTO een samenwerking aangegaan met KTM op het gebied van technologische ontwikkelingen, productiesystemen en distributie. Zes jaar later werd de samenwerking geïntensiveerd en werden nieuwe bedrijfsterreinen ingericht met daarop een R&D-centrum en een testparcours.
CFMOTO begon met de productie van lichte motoren in 1992. In 1999 kwamen daar scooters bij en in 2004 werden quads aan het programma toegevoegd. In 2011 kwam het eerste zwaardere model op de markt, een 650 cc. Inmiddels worden er nog zwaardere modellen gemaakt, zoals de 700MT en 700MT Adventure, en de 800MT, die er in drie verschillende uitvoeringen is. In de motorsport is CFMOTO ook actief in rally’s met quads. Daarin zijn ze succesvol, want afgelopen jaar werden drie eerste en drie tweede plaatsen behaald met de CForce 1000.
In de Nederlandse verkoopcijfers tot en met mei staat CFMOTO op de zevende plaats met bijna een verdrievoudiging van de verkoop vergeleken met de eerste vijf maanden van afgelopen jaar. CFMOTO wordt in de Benelux geïmporteerd door het in het Belgische Mechelen gevestigde BW Import.
De wereldtitels van het Aspar Team
Jaar
Rijder
Klasse
1986
Jorge Martinez
80cc
1987
Jorge Martinez
80cc
1988
Jorge Martinez
80cc
1988
Jorge Martinez
125cc
2006
Alvaro Bautista
125cc
2007
Gabor Talmacsi
125cc
2009
Julián Simón
125cc
2011
Nico Terol
125cc
2018
Raúl Fernández
Moto3 Junior
2020
Izan Guevara
Moto3 Junior
2021
David Alonso
Red Bull Rookies
2021
Dani Holgado
Moto3 Junior
2022
Izan Guevara
Moto3
2024
David Alonso
Moto3
Foto’s: Jan Boer, Henk Keulemans, ANP Foto, Aspar Team
De KNMV (Koninklijke Nederlandse Motorrijders Vereniging) heeft een nieuwe campagne opgezet om motorrijders bewust te maken van het belang van goede motorkleding. Terwijl het dragen van een helm verplicht is, geldt dat niet voor andere belangrijke beschermende kleding zoals handschoenen, motorjassen, broeken of laarzen. Dit is opvallend, want een complete motoroutfit kan vaak het verschil maken tussen een paar blauwe plekken en ernstiger letsel.
Jaarlijks gebeuren er nog steeds ernstige ongelukken in het verkeer, ook onder motorrijders. Veel van deze incidenten blijven onopgemerkt, maar de gevolgen zijn vaak heftig. Het gezegde “voorkomen is beter dan genezen” is hier zeker van toepassing.
Arjan Everink, hoofd Verkeer en Opleidingen bij de KNMV en zelf een ervaren motorrijder, zegt: “Deze campagne is geen beschuldigende vinger. We willen zowel nieuwe als ervaren motorrijders laten zien hoe belangrijk goede bescherming is.” Hij legt uit dat het verleidelijk kan zijn om op een warme dag in spijkerbroek en sneakers te rijden, maar dat dit bij een val desastreuze gevolgen kan hebben.
Gelukkig hoef je geen stijl op te geven. Er zijn tegenwoordig veel stijlvolle en veilige motorkledingopties die nauwelijks van gewone kleding te onderscheiden zijn. Motorrijders investeren vaak veel in hun motor, maar vergeten soms hun outfit. Dit kan ze duur komen te staan.
De campagne, genaamd “Ook motorrijden heeft een dresscode,” is te volgen via de KNMV-kanalen, zoals sociale media, nieuwsbrieven en de website. De KNMV hoopt dat motorkledingfabrikanten en rijscholen zich bij dit belangrijke initiatief aansluiten, zodat de boodschap verder verspreid kan worden.
Het is simpel: hoe meer motorrijders het goede voorbeeld geven, hoe meer anderen zullen volgen. Veiligheid moet voorop staan!
De transfermarkt voor het Superbike World Championship 2026 is nog verre van vastgelegd. Met slechts vijf bevestigde rijders is het zogenaamde ‘silly season’ in volle gang – een periode van speculaties, onderhandelingen en strategische zetten die de competitieve verhoudingen voor de komende jaren kan herdefiniëren. De recente overstap van toprijder Toprak Razgatlioglu naar de MotoGP heeft een aardverschuiving veroorzaakt in de paddock, waardoor teams en rijders hun positie moeten heroverwegen.
Het spel dat achter de schermen gespeeld wordt, draait niet alleen om snelheid, maar om een complexe mix van potentieel, ervaring en marketingwaarde. Teammanagers zoeken naar rijders die niet alleen resultaten kunnen leveren, maar ook passen binnen de teamstrategie en merkidentiteit.
Tot nu toe hebben vijf rijders hun toekomst veiliggesteld voor het 2026-seizoen:
Alex Lowes blijft bij Bimota by Kawasaki Racing, waar hij een meerjarige deal heeft getekend. De Britse Superbike-kampioen van 2013 staat bekend om zijn consistente prestaties en brengt stabiliteit naar het team.
Axel Bassani heeft eveneens zijn toekomst bij Bimota by Kawasaki Racing verzekerd. Na indrukwekkende prestaties als onafhankelijke rijder krijgt hij nu toegang tot uitgebreidere middelen en technische ondersteuning.
Ryan Vickers maakt de overstap naar Motocorsa Racing op een Ducati Panigale V4 R. De opkomende Britse rijder heeft een tweejarige overeenkomst getekend, wat het vertrouwen van het team in zijn potentieel onderstreept.
Andrea Locatelli blijft Yamaha trouw tot 2027. De Wereldkampioen Supersport van 2020 heeft zichzelf bewezen als een consistente topper in WorldSBK.
Nicolo Bulega heeft zijn contract met Ducati met één jaar verlengd. Zijn snelle progressie in de WorldSBK maakt hem een sleutelrijder voor de Italiaanse fabrikant.
Rijders met onzekere toekomst
De meest intrigerende aspecten van deze transferperiode zijn de rijders wier toekomst nog onzeker is:
Álvaro Bautista, de regerend kampioen, staat op een kruispunt na mislukte contractonderhandelingen met Ducati. Geruchten wijzen op mogelijk pensioen of een overstap naar de MotoGP met een satellietteam.
Jonathan Rea, zesvoudig wereldkampioen, zoekt een competitieve motorfiets. Hij zou in gesprek zijn met Honda en BMW, op zoek naar een team waar hij kan strijden voor overwinningen.
Iker Lecuona en Xavi Vierge, beiden momenteel bij Honda, wachten op duidelijkheid over de toekomstplannen van het Japanse merk voor hun WorldSBK-programma.
Michael van der Mark’s positie bij BMW is onzeker geworden na het vertrek van Razgatlioglu. De voormalig Wereldkampioen Supersport zou bij BMW kunnen blijven of elders kansen kunnen zoeken.
De impact van Razgatlioglu’s MotoGP-overstap
Het vertrek van Toprak Razgatlioglu naar Pramac Yamaha in MotoGP heeft grote gevolgen voor de WorldSBK-rijdersmarkt. BMW moet nu haastig op zoek naar een waardige vervanger, met Rea en Bautista als mogelijke kandidaten. De Duitse fabrikant overweegt mogelijk zelfs hogere investeringen om hun WorldSBK-programma op peil te houden na dit gevoelige verlies.
Teamdynamiek en strategieën
De selectie van rijders gaat verder dan alleen rondetijden. Teams zoals Ducati en Yamaha, met hun bewezen motorfietsen en sterke ontwikkelingsprogramma’s, blijven aantrekkelijk voor toptalent. Ducati’s neiging om jong talent zoals Bulega te koesteren sluit aan bij hun strategische visie, terwijl Yamaha de voorkeur geeft aan ervaren rijders zoals Locatelli voor stabiliteit.
De samenwerking tussen Kawasaki en Bimota is een berekende gok, waarbij Bimota’s chassisexpertise wordt gecombineerd met Kawasaki’s motorvermogen om de gevestigde orde uit te dagen.
Het 2026 WorldSBK-seizoen belooft een spectaculaire mix te worden van verschuivende rijdersloyaliteiten, evoluerende teamdynamiek en technologische innovaties die de grenzen van prestaties verleggen. Terwijl de onderhandelingen verdergaan, blijft één ding zeker: de komende competitie zal een showcase zijn van snelheid, strategie en meedogenloze strijd om de wereldtitel.
Na een turbulente periode en de recente beëindiging van de samenwerking met KTM staat MV Agusta voor de uitdaging om opnieuw een stabiele koers te varen in de competitieve motorfietsmarkt. De Italiaanse fabrikant, bekend om zijn exclusieve designs en rijke racehistorie, onderneemt nu concrete stappen om zelfstandig te opereren onder de vleugels van de Sardarov Group, die de aandelen van KTM overnam.
Een nieuwe koers na herhaalde overnames
MV Agusta, opgericht in 1945, kent een geschiedenis vol hoogtepunten in de motorsport maar ook gekenmerkt door financiële uitdagingen en wisselende eigenaren. De samenwerking met KTM’s moederbedrijf Pierer Mobility AG in 2022 leek aanvankelijk een stabiele basis te bieden voor de toekomst, met focus op het stroomlijnen van productie en distributie. De onverwachte terugtrekking van KTM na ongeveer een jaar samenwerking roept echter vragen op over de toekomstbestendigheid van het merk.
De Sardarov Group, die al een minderheidsbelang had, staat nu voor de taak om MV Agusta te herpositioneren als een levensvatbaar premiummerk dat niet alleen exclusiviteit biedt maar ook de betrouwbaarheid die het in het verleden soms miste.
MV Agusta implementeert momenteel diverse operationele veranderingen die cruciaal zijn voor een stabiele toekomst. De fabriek in Schiranna wordt gereorganiseerd met een verplaatsing van de ontwerpafdeling (Centro Stile) naar de productielocatie, wat moet leiden tot een geïntegreerde en efficiëntere werkwijze onder het motto ‘Made in Varese’.
De MV Agusta-fabriek in Varese, aan de oever van het Lago di Varese.
De internationale ambities van het merk krijgen vorm door de oprichting van regionale hoofdkantoren in Europa, Amerika, Azië en Oceanië, ondersteund door een uitgebreid dealernetwerk. Voor de onderdelenvoorziening werkt MV Agusta tijdelijk nog samen met het logistieke netwerk van KTM, maar streeft ernaar om eind 2025 een volledig onafhankelijk distributiesysteem operationeel te hebben dat wereldwijd onderdelen binnen zeven dagen kan leveren.
Productinnovatie als sleutel tot groei
De toekomstplannen van MV Agusta draaien in belangrijke mate om productvernieuwing. Op de komende EICMA 2025 zal het merk een volledig nieuw model onthullen waarbij slechts 1% van de onderdelen niet is hergebruikt – een duidelijk signaal dat MV Agusta een nieuwe weg inslaat.
Daarnaast ontwikkelt het bedrijf een nieuw motorplatform dat moet voldoen aan de nieuwste emissie-eisen terwijl het de karakteristieke prestaties en rijbeleving van MV Agusta behoudt. In het huidige assortiment spelen modellen als de F3 RR Ottantesimo (jubileumeditie), F3 Competizione en de adventure-georiënteerde LXP, Enduro Veloce een belangrijke rol in de herpositionering van het merk. Het is zelfs mogelijk dat het project Lucky Explorer 5.5 opnieuw keven wordt ingeblazen.
Prijsbeleid en versterkt vertrouwen door uitgebreide garantie
Een opvallende strategische zet is de introductie van een fabrieksgarantie van vijf jaar op de nieuwste modellen, waaronder de Ottantesimo-serie, F3 Competizione en het LXP- en Enduro Veloce-assortiment. Deze garantie geldt zelfs met terugwerkende kracht en is een directe reactie op de betrouwbaarheidsproblemen uit het verleden.
Het prijsbeleid wordt aangepast om het exclusieve karakter te behouden maar tegelijkertijd toegankelijker te worden door nieuwe financieringsopties zoals ballonfinanciering in de Europese markt te introduceren.
Kansen en uitdagingen voor MV Agusta
MV Agusta staat voor de uitdaging om zijn premium positie te behouden in een concurrerend segment waar merken als Ducati, BMW en KTM al sterk gevestigd zijn. De Nederlandse markt, waar kwaliteit en design hoog in het vaandel staan, biedt kansen voor groei mits MV Agusta investeert in een sterk dealernetwerk en effectieve marketingstrategieën.
De cruciale vraag blijft of MV Agusta erin zal slagen om de emotionele aantrekkingskracht van het merk – gebaseerd op Italiaans design, exclusiviteit en prestaties – te combineren met een betrouwbare en efficiënte bedrijfsvoering. De geschiedenis heeft geleerd dat een roemrijk raceverleden en fraai design alleen niet volstaan; operationele excellentie en klanttevredenheid zijn minstens zo belangrijk voor duurzaam succes in de motorbranche.
Royal Enfield is bezig met de ontwikkeling van twee belangrijke nieuwe modellen die recent zijn gespot tijdens tests in de uitdagende omgeving van Khardung La – de hoogste pas ter wereld met een doorgaande weg, in Ladakh. Het gaat om de Himalayan 750, een krachtigere versie van de bestaande Himalayan-serie, en de HIM-E, een volledig elektrische adventure. De aanwezigheid van zowel de CEO als het hoofd design van Royal Enfield tijdens deze tests onderstreept het strategische belang van deze modellen voor het merk.
Himalayan 750: meer vermogen voor grotere avonturen
De Himalayan 750 wordt naar verwachting uitgerust met een 750 cc paralleltwin die volgens schattingen meer dan 55 pk en 60 Nm koppel zal leveren. Dit betekent een aanzienlijke vermogenstoename ten opzichte van de bestaande Himalayan 450. De motor zal waarschijnlijk gekoppeld worden aan een zesversnellingsbak.
Qua uitrusting valt op dat de Himalayan 750 is voorzien van dubbele remschijven aan de voorzijde met tweezuiger-remklauwen, vermoedelijk van ByBre. De wielcombinatie van 19 inch voor en 17 inch achter suggereert een balans tussen offroad-capaciteiten en weggedrag. De veerweg van de ophanging lijkt minder te zijn dan die van het elektrische prototype, wat wijst op een meer op de weg gerichte benadering.
In het middensegment van de adventuremotoren zal de Himalayan 750 concurreren met modellen als de BMW F 750 GS, Triumph Tiger 900 en KTM 790 Adventure.
1 van 2
HIM-E: Royal Enfield’s eerste elektrische avontuurmotor
Naast de Himalayan 750 werd ook de HIM-E gespot, Royal Enfield’s eerste elektrische adventure. Het prototype vertoont enkele interessante technische kenmerken die Royal Enfield’s aanpak voor elektrische mobiliteit weerspiegelen.
Het frame van de HIM-E maakt gebruik van CNC-bewerkt en gesmeed aluminium, waarbij de batterij en motor als dragende delen van de constructie fungeren. De motor is direct verbonden met de achterbrug. De motor is voorzien van lange-slag vering met verstelbare voorvorken en een Öhlins-achterdemper met piggyback-reservoir. De remmen vooraan lijken te bestaan uit een Nissin-remklauw gekoppeld aan een 310mm remschijf.
Opvallend aan het ontwerp zijn de koelribben die de vloeiende lijnen nabootsen van de recent op EICMA 2024 geïntroduceerde Flying Flea FF-C6 en FF-S6 modellen. Hoewel specifieke details over het vermogen en de batterijcapaciteit nog niet zijn vrijgegeven, wordt verwacht dat de elektrische motor een vermogen zal hebben dat past bij avontuurlijk toeren, mogelijk in de 40-60 kW (54-80 pk) range, met een batterijcapaciteit van 10-15 kWh.
Royal Enfield HIM-E.
Marktintroductie en verwachtingen
Beide modellen bevinden zich in een vergevorderd stadium van ontwikkeling, wat suggereert dat een officiële onthulling niet ver weg is. Mogelijk volgt meer informatie tijdens de komende EICMA-motorshow. De tests in de uitdagende omgeving van de Himalaya passen in Royal Enfield’s traditie om hun avontuurlijke modellen grondig te beproeven in het terrein waarvoor ze zijn ontworpen.
Met deze twee nieuwe modellen lijkt Royal Enfield zowel traditionele motorrijders als milieubewuste avonturiers te willen aanspreken, waarmee het merk zijn positie in het groeiende segment van avontuurmotoren verder verstevigt.
Net als olie in je blok zorgen cookies ervoor dat alles soepel loopt. We gebruiken ze om de website goed te laten werken en je de beste ervaring te bieden. Door verder te gaan, geef je toestemming voor het gebruik van cookies.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.