zaterdag 23 mei 2026
Home Blog Pagina 409

Tips voor het dragen van een bril in een motorhelm

2

Al zolang ik mij kan herinneren draag ik een bril. Het ‘probleem’ brildrager liet zich vooral voelen door mijn eerste helm. Het was een krijgertje van mijn neef, een gele Shellina-helm. Een brommerhelm die er fantastisch uitzag, maar een nadeel had: de voering oefende veel druk uit op de pootjes van het montuur, waardoor ze pijnlijk tegen mijn slapen werden gedrukt. Een hamer met ronde kop bracht verlichting. Dat was destijds al niet slim en nu nog steeds niet. Maar een bril dragen in een motorhelm kan letterlijk hoofdpijn veroorzaken. Voor sommigen van ons is een bril nu eenmaal noodzakelijk en er zijn betere manieren om ermee om te gaan dan wat ik als jongeman destijds deed.

Handige tips van motorrijders voor een comfortable motorvakantie

Welke motorhelm kies je als je een bril draagt?

Elke soort motorhelm brengt verschillende uitdagingen met zich mee voor brildragers. Bij een integraalhelm is het eerste ongemak dat je je bril af moet zetten voordat je de helm op- of afzet, en daarna je bril weer op moet zetten. In het begin is dit gedoe, omdat het weer een extra stap is bij het klaarmaken voor vertrek, maar daar staat tegenover dat je maximale bescherming krijgt met een integraalhelm. Tip uit ervaring: Leg je bril niet op het zadel van je motor terwijl je je helm opzet, vooral niet als de motor stationair op de zijstandaard draait, want dan zal deze met plezier je dure bril op de grond laten vallen.

Een ander probleem, zoals ik ook al ontdekte als tiener, is het passend maken van je bril in de voering zonder dat het ongemakkelijk wordt. Een grotere vizieropening is een goed teken, maar de belangrijkste vraag is of je de pootjes van je bril gemakkelijk tussen de voering en je slapen kunt schuiven en passen zonder dat er na een uur of wat rijden een hoofdpijn veroorzakende druk ontstaat. Tegenwoordig zijn er integraalhelmen ontworpen met het oog op brildragende rijders, maar ze zijn zeker niet allemaal gelijk. Hier kan een bezoek aan je lokale motorzaak, waar je verschillende helmen kunt passen om te zien hoe ze werken met jouw hoofd en bril, lonend zijn.

Bij Louis in Assen bijvoorbeeld – ik woon in Ruinen, vandaar – kun je een afspraak maken met een Personal Shopper. Da’s een goed van informatie voorziene winkelmedewerker die alle tijd neemt om de juiste helm voor je te zoeken. Want als brildrager is het vinden van een prettige helm een zaak van veel passen en meten. Dat gemak heb je niet als je online een helm koopt.

Behoorlijk veel integraalhelmen laten ruimte voor de pootjes van een montuur. Laat je voorlichten in een motorzaak.

Sommige rijders die een bril dragen, kiezen voor een systeemhelm met een kinstuk dat je omhoog kunt klappen. Zo kun je het probleem vermijden om telkens je bril af te moeten zetten bij het op- of afzetten van de helm, maar zo’n helm is geen gegarandeerde oplossing. Ooit heb ik zo’n helm gehad. Het merk is mij ontschoten – Levior? -, maar die kon ik opzetten zonder mijn bril af te hoeven doen. Maar wanneer ik hem afzette, viel mijn bril vanzelf af. Sommige rijders laten het kinstuk bijna altijd omhoog staan, waardoor hun bril de enige bescherming is tussen ogen en steentje of insect. Ben je zo’n rijder, schaf dan een bril aan met de beste veiligheidsglazen die je kunt krijgen.

Veiligheidsglazen

Natuurlijk geldt hetzelfde als je kiest voor een jethelm. Als je geen bril hebt met veiligheidsglazen kun je proberen een motorbril te dragen die over je bril past. Maar met de huidige modetrend van steeds groter wordende monturen is dat beslist een opgave. Het dragen van je bril en een jethelm kan je het gemak bieden om je helm snel op- en af te zetten zonder gedoe met je bril, maar je zult ook merken dat er meer stof in je ogen terecht kan komen of dat je ogen uitdrogen, vooral tijdens lange ritten. Het leven bestaat nu eenmaal uit compromissen.

Geen bril met veiligheidsglas? Overweeg dan een motorbril over je montuur.

Als je gaat winkelen voor een nieuwe helm moet je niet alleen kijken hoe ie past met je bril op en hoe gemakkelijk het is om je bril op en af te zetten. Simuleer ook de rijhouding van je motor. Een sportieve, naar voren leunende rijpositie kan bijvoorbeeld een klein verschil maken waardoor er druk ontstaat op de bovenkant van het montuur van de bril. Dit is ook een goed moment om het perifere zicht te testen.

Ook lastig is wanneer je voor het verkeerslicht steeds tegen de bovenkant van je montuur kijkt. Vanzelfsprekend is een helm te kiezen met een goede ventilatie. Luchtstroom achter het vizier helpt voorkomen dat je bril (en de binnenkant van het vizier) beslaan. Bekijk online reviews om erachter te komen welke modellen het beste ventileren. Of probeer een personal shopper die van wanten weet. Weet wel dat geen enkele helm optimaal ventileert achter een hoge voorruit. Heb je een motor waarvan de ruit verschillende standen heeft; probeer dan uit te vinden welke stand de meeste ventilatie in de helm veroorzaakt. En waarschijnlijk ook de meeste herrie rond de helm…

Welke bril moet je kiezen als je een motorhelm draagt?

Sommige motorrijders, waaronder ikzelf, kopen een bril waarvan ze zeker zijn dat je de pootjes makkelijk tussen hoofd en voering kunnen steken. De mijne heeft een dun metalen montuur dat niet zo hoog is dat het tegen de voering bovenaan de vizieropening komt en mijn perifere zicht niet blokkeert. De bril heeft ook rechte, stijve pootjes die je gemakkelijk naar binnenschuift en die je niet over je oren hoeft te haken. Mijn ‘dagelijkse’ bril, met dat modieuze montuur, past niet comfortabel in een van mijn helmen.

Als je een andere bril koopt, neem dan je helm mee naar de opticien. Zo kun je diverse monturen goed uitproberen terwijl je een helm op hebt. Ze zullen je misschien in eerste instantie vreemd aankijken, maar dit zal in termen van comfort en veiligheid uiteindelijk de moeite waard zijn. Het personeel weet meer over brillen dan jij. Dus vertel ze wat het probleem is en laat het vinden van een oplossing aan hun over, zoals dunne, flexibele monturen en scharnierende armen met veersysteem.

Als je vaak in de regen rijdt, heb je waarschijnlijk al zoiets als een Pinlock-anticondensinsert voor je vizier. Er zijn ook talloze anticondenssprays en behandelingen die je rechtstreeks op je brillenglazen kunt aanbrengen. Uit ervaring weet ik dat ze niet altijd even goed werken; zoek daarom online naar reviews. Je kunt ook brillenglazen bestellen met een anticondensbehandeling, evenals een ontspiegelende behandeling die de lichtbreking ’s nachts vermindert. Vertel je opticien waarvoor je de bril gebruikt en onder welke omstandigheden je rijdt. Ze zullen je graag helpen om de juiste brillenglazen te vinden.

Uitdrogen

Misschien denk je erover om helemaal geen bril meer te dragen en contactlenzen te nemen. Weet dan dat ventilatie in de helm contactlenzen kan uitdrogen. Daarom zul je regelmatig moeten stoppen om je ogen te druppelen. Ach, is een extra koffiestop erg? Wel is het mij in mijn ‘contactlenstijd’ regelmatig overkomen dat ik er eentje verloor tijdens het rijden. Je hebt geluk als ie dan aan de binnenzijde van je vizier kleeft, maar meestal is dat niet het geval. Om die reden had ik op mijn tochten altijd een bril bij me.

Ook handig is om een flesje schoonmaakmiddel voor brillenglazen bij je te hebben. Iedereen die wel eens zijn glazen heeft schoongemaakt met het water uit de emmer van het benzinestation weet waarom. Nog handiger: een reservebril. Ooit trapte ik in Ierland op mijn bril omdat ik aan het fotograferen was. Gelukkig was er in Dingle een opticien die de brillenglazen zo kon slijpen dat het in een kleiner montuur paste. Het kost je een dag, maar je vakantie is gered.

Uniek Dunlop-tijdperk in Grand Prix ten einde

0

Terwijl de Grand Prix-wegrace dit jaar z’n 75-jarig jubileum viert, is bandenfabrikant Dunlop voor het eerst sinds de start van het wereldkampioenschap in 1949 niet meer in de paddock vertegenwoordigd. Dunlop was de afgelopen jaren nog bandenleverancier in de Moto2 en Moto3, maar deze rol wordt nu door Pirelli ingevuld. Wij blikken terug op de pieken en dalen van 75 jaar Dunlop in de GP-wegrace.

Vanaf 1904 was Dunlop – in 1888 opgericht in Ierland – al actief in allerlei disciplines van de motorsport. Dat Dunlop – als oudste bandenfabrikant ter wereld – vanaf het eerste seizoen van het wegracewereldkampioenschap in 1949 van de partij was, zal niemand verbazen. Sterker: de allereerste 500cc-wereldtitel van Dunlop werd door de Engelse AJS-coureur Les Graham behaald. Dunlop was lange tijd in alle raceklassen vertegenwoordigd en is daardoor ook de bandenleverancier met veruit de meeste wereldtitels op hun naam. Toch moest Dunlop lang wachten op hun tweede wereldtitel in de 500cc. Na één seizoen Pirelli domineerde Avon jarenlang de koningsklasse met dertien wereldtitels op rij. Daar kwam in 1964 verandering in toen Dunlop de ’triangular tyre’ – perrband in het Nederlands – op de markt bracht en voor alle raceklassen beschikbaar stelde. Deze peerband had zijn naam te danken aan zijn driehoekige vorm. Onder andere Honda werd in hun gouden jaren (1964 t/m 1967) groot met de peerband. Ook MV Agusta stapte van Avon over naar Dunlop. Het Italiaanse motormerk behaalde weliswaar de eerste wereldtitels met Avon, maar maakte desondanks tijdens de succesperiode van Mike Hailwood de switch, met overigens onveranderde resultaten. Ook met Dunlop behaalde MV Agusta de ene na de andere 500cc-wereldtitel. Vanaf 1964 t/m 1975 ging de titel in de koningsklasse – waaronder acht keer met Giacomo Agostini – naar een rijder die op Dunlop-banden reed. Ook in de andere racecategorieën (50cc, 125cc, 250cc en 350cc) was Dunlop praktisch onverslaanbaar. Pas in de jaren 70 kreeg Dunlop er een serieuze concurrent bij.

De opkomst van Michelin

In 1973 deed Michelin haar intrede in de Grand Prix. De Franse bandenleverancier was al succesvol in de autosport, maar wilde ook naam maken in de motorsport. Dunlop had na de komst van hun peerband in 1964 weinig gedaan aan doorontwikkeling. Dat was ook niet nodig, omdat ze toch wel dominant waren. Keuze qua type banden was in die tijd ook minimaal. Er waren bijvoorbeeld nog geen slicks. In 1974 kwam Michelin met de eerste slicks, nadat Jack Findlay in 1973 de eerste winnaar van een 500cc-Grand Prix (Isle of Man) met Michelin-banden was geworden. Michelin ontwikkelde in rap tempo door en het enige wat Dunlop kon doen was volgen. Geleidelijk werd Michelin sterker en sterker. In 1976 behaalde Michelin de eerste 500cc-wereldtitel met Barry Sheene (Suzuki).

Eind jaren 70 kwam er een nieuwe, zij het tijdelijke bandenconcurrent bij. Kenny Roberts nam Goodyear-banden mee vanuit Amerika en werd daarmee drie keer op rij 500cc-wereldkampioen. Michelin en Dunlop ontwikkelden door, waarmee ze Goodyear langzaamaan buitenspel zetten.

WorldSBK 2024 voorbeschouwing: invloed nieuwe gewichtsregel en BMW-offensief

Dat Michelin innovatiever was dan Dunlop werd in 1984 opnieuw duidelijk met de eerste radiaalband. Die band zorgde ten opzichte van de diagonaalband vooral voor meer grip. Opnieuw kon Dunlop niets anders doen dan zo snel mogelijk volgen, maar de focus lag – deels noodgedwongen – vooral op de lichtere Grand Prix-klassen, waar Dunlop nog wel de beste was. Dat valt op te maken uit dit voorbeeld: vanaf 1997 ging elke 125cc/250c-wereldtitel naar een rijder met Dunlop-banden. In 1995 en 1996 was Haruchika Aoki – uitkomend voor Molenaar Racing – de laatste rijder die met Michelin-banden de 125cc-wereldtitel wist te behalen. Het is ook veelzeggend dat Dunlop na 1975 nog maar twee wereldtitels in de 500cc op hun palmares schreef. Een ander opvallend feitje: het Honda-fabrieksteam heeft sinds hun terugkeer in 1979 nooit met Dunlop gereden. De Japanse fabrikant bleef zelfs met Michelin rijden, toen deze zich begin jaren 90 voor één jaar officieel terugtrok uit de 500cc. Het Yamaha-fabrieksteam wisselde eind jaren 80 en begin jaren 90 regelmatig van Dunlop naar Michelin en weer terug, wat aangaf hoe klein de onderlinge verschillen waren. In 1991 werd Wayne Rainey de laatste 500cc-wereldkampioen met Dunlop-banden. Ook Kevin Schwantz (Suzuki) reed dat jaar met Dunlops. Dat deze banden goed waren, bewijst het ronderecord dat Schwantz in 1991 reed op het oude TT Circuit Assen. Dat record is nooit meer verbroken. Toch werd Michelin steeds dominanter en alle teams stapten in de jaren 90 geleidelijk over naar het Franse bandenmerk. In 1998 wist Simon Crafter – uitkomend voor Red Bull Yamaha – de laatste Dunlop-zege in de 500cc te behalen tijdens de Britse-GP op Donington Park.

Een nieuwe kans

In 2002 brak er een nieuw tijdperk aan toen de MotoGP-klasse werd geïntroduceerd. In die tijd was er nog een vrije bandenmarkt en niet één leverancier per klasse zoals dat tegenwoordig het geval is. Het dominante Michelin, het in de GP’s nieuwe Bridgestone en het spartelende Dunlop gingen allemaal voluit om de beste fabrikant van de MotoGP te worden. Er ontstond een ware bandenoorlog, want het vergde ontzettend veel investeringen om de beste te worden. Michelin leverde aan het sterke Honda- en Yamaha-fabrieksteam, Suzuki koos verrassend voor Dunlop. Aprilia ging ook rijden met Dunlop, maar dat was minder verrassend aangezien de Italiaanse fabrikant goede ervaringen met Dunlop had in de 125cc en 250cc. Suzuki besloot al na twee races (!) over te stappen op Michelin. De prestaties van Dunlop-banden op een droge baan bleven ver achter. Ondanks al het harde werk verloor Dunlop praktisch meteen zijn belangrijkste klant én de kans op succes in de MotoGP.

Bridgestone deed het als nieuwkomer rustig aan door onder andere samen te werken met het Kanemoto-team van rijder Jürgen van den Goorbergh. De Nederlander deed veel belangrijk testwerk en niet zonder succes. Bridgestone investeerde veel en ontwikkelde snel, waarmee ze Ducati voor hun banden wisten te overtuigen. In 2007 resulteerde dit in de eerste MotoGP-wereldtitel van niet alleen Casey Stoner en Ducati, maar ook van Bridgestone.

Terwijl Michelin en Bridgestone succes hadden, deed Dunlop nog een ultieme poging om te slagen in de MotoGP. De toegewijde servicemanager Jeremy Ferguson bleef zich inzetten voor het verbeteren van de Dunlops. Er werd veel geld geïnvesteerd in de banden en in het Tech3 Yamaha-raceteam, waar Dunlop naast bandenleverancier in 2006 en 2007 ook de hoofdsponsor van was. Maar Carlos Checa en James Ellison (in 2006) en Sylvain Guintoli en Makoto Tamada (in 2007) kwamen niet in de buurt van de prestaties van het Yamaha-fabrieksteam met Valentino Rossi en Colin Edwards, die beiden met Michelin reden. Sterker nog, de Tech3-rijders wisten nauwelijks top-tien resultaten te boeken. Ondanks alle investeringen en inspanningen bleven de gehoopte resultaten uit. Daarop besloot Dunlop zich na het seizoen 2007 – ondanks dat het nog steeds succesvol was in de 125cc, 250cc, World Superbike en 8 uur van Suzuka – terug te trekken uit de MotoGP.

Niet alleen Dunlop ging gebukt onder de dadendrang van Bridgestone. Dat deed ook het ooit dominante Michelin. Het Franse merk moest lijdzaam toezien dat steeds meer topcoureurs voor Bridgestone kozen. De meest opzienbarende overstap was die van Valentino Rossi (Yamaha) in 2008. En de Italiaan werd onmiddellijk wereldkampioen op de Japanse banden. Het gevolg was wel dat er per 2009 voor het eerst in de geschiedenis van het WK-wegracen slechts één bandenleverancier werd toegelaten. Dat gebeurde – en gebeurt – bij inschrijving. Zo werd de bandenoorlog tussen Dunlop, Michelin en Bridgestone definitief beëindigd en kwam er ook een einde aan de vrije bandenmarkt in de MotoGP. Bridgestone was tot eind 2015 de vaste bandenleverancier. Vanaf 2016 werden en tot in ieder geval tot eind 2026 worden de MotoGP-motoren van Michelins voorzien.

Simon Crafar won maar één Grand Prix en dat tevens de laatste Dunlop-zege in de 500cc tijdens de Britse Grand Prix van 1998 op Donington Park.

Andere focus

Na het terugtrekken uit de MotoGP bleef Dunlop de dominante bandenleverancier in de 125cc en 250cc. Ook in die klasse was er een vrije bandenmarkt, maar dat veranderde toen de Moto2 (2010) en Moto3 (2012) werden ingevoerd. Net als in de MotoGP kwam er één bandenleverancier en het was gezien de successen van Dunlop logisch dat zij dat werden. Dunlop bleef tot eind 2023 verzekerd van het contract om banden te leveren voor de Moto2 en Moto3. In het Moto2- en Moto3-tijdperk zijn dus alle races nog met Dunlop-banden gewonnen. Collin Veijer was de laatste Grand Prix-winnaar met Dunlop-banden – in de Moto3 in Maleisië (2023). Dat record zal de Nederlander voorlopig behouden, aangezien Pirelli de strijd voor het Moto2- en Moto3-bandencontract voor 2024 tot en met 2026 heeft gewonnen. De Italiaanse bandenfabrikant lijkt de volledige wegrace te willen overnemen, want Pirelli levert ook al jaren de banden voor alle teams in de WorldSBK-paddock. Met het Moto2- en Moto3-contract op zak blijft alleen de MotoGP nog over. Het is dan ook niet verwonderlijk als Pirelli een serieus bod gaat neerleggen voor het MotoGP-bandencontract vanaf 2027. De komst van Pirelli in de Moto2 en Moto3 betekent het einde van Dunlop in de Grand Prix. Als het GP-seizoen 2024 in Qatar van start gaat, is Dunlop voor het eerst in het 75-jarig bestaan van het WK wegrace niet meer van de partij.

Succesvolste bandenmerken in de 500cc en MotoGP

In 75 jaar van het wegrace wereldkampioenschap is Michelin het meest succesvol geweest in de koningsklasse (500cc/MotoGP). De Franse bandenleverancier behaalde er 34 wereldtitels. Na 2024 zal de teller op 35 staan, omdat Michelin momenteel alle banden levert in de MotoGP.

  • 1: Michelin – 34 wereldtitels
  • 2: Dunlop – 15 wereldtitels
  • 3: Avon – 13 wereldtitels
  • 4: Bridgestone – 9 wereldtitels
  • 5: Goodyear – 3 wereldtitels
  • 6: Pirelli – 1 wereldtitel

Dunlop wereldtitels in de 500cc

De 15 wereldtitels – met Dunlop als bandenleverancier – in de 500cc

  • 1949: Les Graham (AJS)
  • 1964 t/m 1965: Mike Hailwood (MV Agusta)
  • 1966 t/m 1972: Giacomo Agostini (MV Agusta)
  • 1973 t/m 1974: Phil Read (MV Agusta)
  • 1975: Giacomo Agostini (Yamaha)
  • 1984: Eddie Lawson (Yamaha)
  • 1991: Wayne Rainey (Yamaha)

Foto’s: Henk Keulemans

Eerste indruk 2024 BMW R 12 nineT: wordt een klassieke motor ooit oud?

0
Eerste indruk 2024 BMW R 12 nineT

Puur qua looks, wordt een klassieke motor ooit oud? Dat is hij in principe al. De BMW R nineT bestaat al sinds 2013, maar je zou hem geen 11 jaar geven. Ook niet qua rij-eigenschappen. Toch is het tijd voor een opvolger, onder de nóg ingewikkeldere naam R 12 nineT. We gingen er onszelf misselijk mee rijden over slingerende Zuid-Spaanse bergwegen.

Motor.nl: Als die R nineT nog steeds zo goed is, waarom moet er dan een opvolger komen?

Gijs Gilis: “Één woord: uitstootnormen. Het boxermotorblok is lucht-/oliegekoeld, dus dan is het al wat moeilijker om aan de EU-regels te voldoen. Toch is BMW erin geslaagd, en hebben ze ook in een keer het frame veranderd, de ergonomie aangepast en een nieuw uitlaatsysteem geplaatst. Zo krijg je een machine die op het eerste gezicht erg lijkt op de R nineT, maar qua details en proporties toch degelijk anders is. Het nieuwe eendelige frame, in plaats van tweedelig op de R nineT, zorgt voor meer comfort, een lagere, horizontalere bouw en de toevoeging van nog een extra model: de R 12 cruiser. Maar daar hebben we nog niet mee gereden.”

Eerste indruk BMW M 1000 XR

Rijdt de R 12 nineT nog steeds zoals zijn voorganger?

“Dat is moeilijk om er zo meteen een vergelijk van te maken, want het is al enige tijd geleden dat ik nog reed met de R nineT. De nieuwe is in ieder geval een echte karaktermachine. Hij leeft, beweegt, trilt en maakt lawaai op een veel uitdrukkelijkere manier dan vele moderne machines die alles lijken weg te filteren en gaan voor soepelheid. Met het boxerblok is het altijd even wennen qua stuurgedrag, want hij lijkt steeds in de bocht te vallen. Dat is in het begin wat verschieten, maar je geraakt er al vrij snel aan gewend.”

Hoe zit het qua uitrusting, elektronica, moderne spullen?

“Het is een BMW, dus maak je geen zorgen qua veiligheidssystemen zoals tractiecontrole en rijmodi. Die zitten erop, net als een optionele quickshifter. Daar zijn we echter niet zo tevreden over, want die schakelt bijzonder bruut. Van eerste naar tweede en derde doe je best met de koppeling, want op hellingshoek zette ons achterwiel regelmatig een stapje opzij bij quickshiften van twee naar drie. In de hogere versnellingen en bij afschakelen verloopt het zachter. Verder kunnen de standaard analoge tellers vervangen worden door een klein rechthoekig tft-schermpje waar enkel de hoogstnoodzakelijke info op staat. Een stijlvolle en propere oplossing.”

Laat ons raden; optioneel kun je alle kanten uit qua styling?

“Jazeker, daar dient de R 12 nineT ook wel een beetje voor, hoewel hij er standaard bijzonder chique uitziet. Leuk is het 80’s Race Bike pack, met een kopkuipje, Akrapovic-uitlaat en lage nummerplaathouder vanuit het achterwiel. Op die manier lijkt het wel een andere motor. En nu we toch bezig zijn over de styling, vinden we het jammer dat de airbox nu onder het zadel zit, waardoor de typische luchthappers aan de voorkant zijn verdwenen. Het zorgt wel voor een eenvoudiger, meer opgekuist design.”

Heb jij ook moeten opkuisen na het misselijk rijden?

“Gelukkig niet, maar mijn maag was toch stevig aan het werk om mijn tarbot niet naar boven te duwen. De reden daarvoor? We hebben op een namiddag ongeveer 1.000 bochten gereden. Of zo voelde het althans. Continu omgooien, links, rechts, stijgen, dalen, de ene bergpas na de andere. Fantastisch leuk natuurlijk én bovendien het perfecte speelterrein voor de R 12 nineT. Door die boxerconfiguratie heeft hij niet liever dan dit werk. Hij rijdt speels, toch stabiel en zit boordevol karakter.”

Nu hopen dat jij ook het karakter hebt om je tarbot binnen te houden. Succes daar!

Eerste indruk 2024 Harley-Davidson Street Glide en Road Glide

0
2024 Harley-Davidson Street Glide en Road Glide

Enkele weken geleden haalde Harley-Davidson nog eens lekker als vanouds uit met de sloophamer: in één klap presenteerde het vier nieuwe modellen. Twee CVO’s, maar ook de grondig vernieuwde Street Glide en Road Glide. Bij het persbericht stak tot ons groot jolijt meteen ook een uitnodiging om die meest recente tweeling in Zuid-Frankrijk uit te testen. Behalve vin, pain en Boursin had onze man meteen na de rit ook zijn eerste bevindingen rond ‘les Americains’ voor ons klaar.

Motor.NL: Alors, Verstaen. Wat zegt dat, zo’n dagje Amerikaans toeren in Zuid-Franrijk?

Jelle Verstaen: “Fantastique! Nee, alle gekheid op een stokje: ‘t was opgeteld een prachtige testdag. Vanuit onze magnifieke uitvalsbasis in Les Baux-de-Provence konden we tijdens twee halve testdagen – gedurende 250 kilometer – testen in welke mate de Street en Road Glide nu werkelijk vernieuwd zijn.”

Daarover gesproken: wat zijn de grote vernieuwingen?

“Wel, ‘t is een flinke boterham. De 2024 Street Glide en Road Glide zijn zowel krachtiger als lichter, én beide machines kregen een grondige make-over, van het voorspatbord tot de zijkoffers. Beide modellen zijn voor 2024 voorzien van volledig opgefrist kuipwerk, krijgen een grondig vernieuwde Milwaukee-Eight 117 in het frame, verschillende rijmodi, een indrukwekkend TFT-scherm en bijbehorend audiosysteem, en de nodige updates qua ergonomie en comfort. Grand American Touring op z’n best, met andere woorden – en ze zien er werkelijk fantastisch uit.”

Test 2024 Harley-Davidson CVO Street Glide en Road Glide: Win Win Twins

Je hebt ‘t nu over beide machines, maar wat zijn de grote verschillen tussen de Street en Road Glide?

“Wel, die zijn al bij al beperkt – zelfs de vanafprijs is met 37.495 euro exact even pittig. Van het blok, over alle overbrengingsverhoudingen en elektronica, de volledige ophanging, tot de remmen: dit zijn quasi-ééneiige tweelingen. Zet je ze naast elkaar, dan springen enkel de kopkuip en de stuurhoogte meteen in het oog als verschillen. Maar wie dichterbij kijkt merkt ook de verschillen qua windbescherming, zadelhoogte, grondspeling, naloop en gewicht – meer daarover in ons testverslag.”

Kortom, een kwestie van grammen en millimeters. In hoeverre voel je die verschillen op de weg?

“Daar zou je nog van opkijken: vooral de hoogte van het stuur en de plaatsing van de kopkuip op de Road Glide zorgt voor een heel ander gevoel dan op de Street Glide. De neus staat iets verder naar voren gemonteerd, waardoor je iets minder rijwind tegen je helm gekwakt krijgt, terwijl behoorlijke deflectoren onderaan de kuip ook wat tocht weghouden van je onderbenen. Maar het hogere stuur duwt je in een heel andere (licht geforceerde) zithouding op de motor, met – naar mijn gevoel – minder controle bij technische manoeuvres en een gevoel van flex bij aanremmen en insturen op snelheid. In alle eerlijkheid verkies ik de directer aanvoelende Street Glide, voor zowel technisch toeren als rustig cruisen.”

Als je nu één element moet kiezen dat er voor jou uitspringt, wat is dat dan?

“Hmm… Die 12,3” televisie voor m’n neus is zowel qua looks als gebruik een juweeltje, zo’n deuntje op de achtergrond is best fijn, maar doe mij maar die knoert van een V-twin in het vooronder. De nieuwe Milwaukee-Eight is grondig onder handen genomen, krijgt er wat pk’s, Nm’s en een bootlading rijhulpjes bij, maar loopt vooral boterzacht. In alle souplesse – maar daarom geen spatje minder fors qua koppelgevoel – dender je van bij 1.500 toeren tot de begrenzer bij 5.500 tpm. Waarbij je voor snelheden tussen 40 en 125 km/u gewoon lekker in z’n drie kan blijven bollen – schakellui de bergen in? Check!”

Wanneer mogen we die volledige test van je verwachten, bon vivant?

“Bientôt, chef! Beloofd!”

Natuurorganisaties klagen over geluidsoverlast: Hondapark Olmen verliest vergunning

0
Hondapark Olmen

De Raad van State heeft zojuist voor de tweede maal de vergunning van het motorcrossterrein Hondapark in Olmen ingetrokken. Dat na klachten van natuurorganisaties. De gemeente Balen betreurt de beslissing, maar daar blijft het deze keer niet bij: er staat protest van de crossers gepland op zaterdag 17/2, met steun van de boerenprotesten.

Geluid

De Raad van State heeft de vergunning van Hondapark andermaal ingetrokken nadat natuurorganisaties hebben geklaagd over geluidsoverlast. Als reden wordt aangegeven dat een artikel uit de wetgeving van 1999 over geluid niet goed is onderzocht.  In september 2021 kreeg Hondapark nog een vergunning van Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA). Met deze vernietiging komt de bal opnieuw in haar kamp te liggen.

Lezerstest Honda Africa Twin Adventure Experience Hondapark Olmen

Laatste Kempense crossterrein

Voorlopig wordt Hondapark in Olmen nog wel gebruikt, maar enkel met lichte motoren. Met een vergunning mag er ook met zwaardere en luidere motoren gecrosst worden, als je slaagt voor een geluidsstudie. In Vlaanderen zijn er momenteel nog slechts twee crossterreinen waar je met zwaardere motoren kan rijden, met name in Lommel en Genk. Dit nadat eerder MC Lille ook al z’n vergunning kwijtraakte. Met Hondapark verliezen de Kempen potentieel hun enige overgebleven crossterrein.

Ook het gemeentebestuur van Balen betreurt de beslissing. Naar hun zeggen ontvangen ze op de gemeente weinig klachten over Hondapark. En als die er komen is dat vaak van buiten de gemeente en steeds uit dezelfde hoek.

Genoeg is genoeg: protestacties gepland

Voor de motorcrossgemeenschap is de maat vol. Er is een protestactie aangekondigd door crossers, nu zaterdag 17/2, die zal plaatsvinden in Mol. Daarbij worden de handen in elkaar geslagen met de aanzwellende boerenprotesten.

Tekst: Pieter Ryckaert
Afbeelding: motornieuws.be

Honda Park

Waarom worden er nauwelijks meer zescilindermotorfietsen gebouwd?

1

In 1978 werd de motorwereld op zijn kop gezet met de lancering van de Honda CBX1000. De Honda was groot, gedurfd en prachtig. Maar vooral had het zes cilinders. De CBX was de eerste van een nieuw tijdperk. Na de lancering van de Honda CB750 domineerden tien jaar lang grote vier-in-lijn motoren het motorrijden. Voordat de CB750 verscheen, waren tweecilinders de standaard voor high-performance motorfietsen. Logischerwijs, als vier cilinders goed waren, zouden zes cilinders nog beter zijn.

Honda CB750.

De CBX1000 was geen direct succes. Een jaar later lanceerde concurrent Kawasaki zijn eigen zescilinder. De Kawasaki Z1300 was gigantisch in een wereld waar 1000cc-motoren de standaard waren. Niet alleen had het een dwarsgeplaatste zescilindermotor, het was ook vloeistofgekoeld. En het had een cardanas. De grote zescilinder leek de toekomstige superbike te zijn. En toch verdween de Honda CBX rond 1982 van het toneel. De Kawasaki Z1300 hield iets langer stand, maar in 1989 was ook dit model geschiedenis. Maar de geschiedenis van de zescilindermotor is iets complexer dan dat korte optreden doet vermoeden. En de zescilinder leeft nog steeds voort.

De 5 meest schokkende designfoutjes in de motorindustrie

1981 Kawasaki Z1300.

Extreem duur

Stel je eens voor: een 125cc-vijfcilinder in-lijn viertakt met twintig kleppen die meer dan 20.000 tpm kan bereiken. Honda heeft het werkelijk gebouwd. Ondanks dat een tweetaktmotor meer vermogen produceert dan een viertaktmotor, omdat deze twee keer zo vaak ontbrandt. Honda was toegewijd aan de viertakt, maar begin jaren ’60 werden ze door Suzuki- en Yamaha-tweetakten in de 50cc, 125cc en 250cc races verslagen. De enige manier om weer te winnen was door het vermogen te vergroten door het aantal cilinders te verhogen, waardoor de bewegende delen lichter werden en de slag korter werd.

Honda RC166.

In 1964 lanceerde Honda de 250cc-zescilinder RC165. Deze produceerde ongeveer 65 pk bij 17.000 tpm. De overvierkante zuigers en drijfstangen waren gemaakt van een speciale legering die ook in de luchtvaart werd gebruikt en waren bestand tegen veel stress. Twee oliegekoelde radiatoren waren in de kuip gebouwd om de intense hitte te elimineren. De kleine 250 kon snelheden tot wel 241 km/u behalen. Hoewel deze Honda’s geweldig waren om races mee te winnen, waren deze radicale 125’s en 250’s extreem duur en moeilijk te onderhouden.

Maar de weg was vrijgemaakt voor verbeterde technologie en engineering die leidde tot de gebruiksvriendelijke viercilinder CB750 in 1969. Deze presteerde veel beter dan de beste paralleltwins en V-motoren van die tijd, en domineerde het motorrijden gedurende de volgende tien jaar.

Achterblijven

Toen Honda in 1978 de CBX1000 lanceerde, was dat omdat de heersende serie viercilinders ten einde liep. Hoewel de CB750 de standaard en de superbike zoals we die nu kennen creëerde, waren alle andere Japanse fabrikanten in die tijd ook bezig met het bouwen van dit type motorfiets. Honda’s ster begon te tanen en hoewel ze op het punt stonden een nieuwe serie high-performance motoren te lanceren, hadden ze een boost nodig.

1979 Honda CBX1000.

De CBX was nieuw, maar echoode Honda’s glorieuze racetraditie uit het midden van de jaren 60. De CBX was nieuw, snel en prachtig, en herdefinieerde zeker het Honda-merk op korte termijn, maar hij verkocht niet goed. Zelfs bij de lancering dreigde de CBX achter te blijven bij andere grote viercilinders.

Benelli Sei 900.

Benelli bracht in 1974 de zescilinder Sei 750 uit, gevolgd door een herontworpen 900cc-model enkele jaren later. De Benelli 750 was eigenlijk gewoon een Honda 500cc-viercilinder met twee extra cilinders. Hoewel het model goed werd ontvangen door de media, was de Benelli Sei een luxe, dure en extravagante motorfiets, die aandacht trok. Maar geen van deze modellen verkocht erg goed.

Belangrijker nog was Honda’s zescilinder Goldwing. Al bekend als toermotorfiets werd in 1987 de 1500 flat-six gelanceerd. Dit model groeide later uit tot meer dan 1800 cc en blijft toonaangevend op het gebied van toermotorfietsen.

BMW produceert ook een reeks van 1600cc-zescilinder toermotorfietsen die erg succesvol zijn in deze ietwat beperkte en dure klasse. Maar de Goldwing en BMW vallen niet echt binnen het kader van dit verhaal, dus die bewaren we voor een meer uitgebreid artikel.

Updates voor 2024 Triumph Tiger 1200

0

Triumph Motorcycles heeft nieuwe functies en verbeteringen onthuld voor de Tiger 1200-familie. Met wijzigingen aan de krukas, de rotor van de alternator en de balansas om de inertie van de motor te verhogen, plus enkele bijbehorende wijzigingen aan de motorkalibratie, is het technische team van Triumph er naar eigen zeggen in geslaagd om een soepelere en nauwkeurigere koppelafgifte bij lage toerentallen te creëren. Een vernieuwd koppelingsontwerp zorgt er ook voor dat rijders een soepeler aangrijpmoment ervaren bij het schakelen naar de eerste versnelling. Ook zien we dat het gedempte stuur en de stuurverhogers – bekend van de Explorer-modellen –  zijn geïntroduceerd bij de GT Pro en Rally Pro.

Zijdelingse bodemvrijheid

Het zadel is opnieuw ontworpen met een vlakker profiel, waardoor je meer ruimte hebt en minder snel moe wordt tijdens langere ritten. Het optioneel verkrijgbare lage zadel, dat de zadelhoogte met 20 mm verlaagt tot 830 mm bij de GT Pro en 855 mm bij de Rally Pro, is ook herontworpen voor aanzienlijk meer comfor. Er is ook een langere koppelingshendel beschikbaar. Triumph heeft verder de zijdelingse bodemvrijheid van de Tiger 1200 GT Pro en GT Explorer-modellen vergroot door de voetsteunen te verhogen en ze dichter bij de motorfiets te plaatsen. De nieuwe Active Preload Reduction-functie, die in augustus 2023 gepresenteerd werd, biedt de berijder meer vertrouwen door de veervoorspanning van de ophanging achteraan te verminderen wanneer de Tiger 1200 tot stilstand komt, waardoor de zithoogte tot 20 mm wordt verlaagd, simpelweg door de ‘Home’-knop één seconde in te drukken.

Triumph brengt nog sterkere, nog snellere Triumph Rocket 3 Storm

Het zadel is opnieuw ontworpen met een vlakker profiel, waardoor er meer ruimte is voor de rijder en vermoeidheid tijdens langere ritten wordt verminderd. Een optioneel verkrijgbaar lager zadel verlaagt ook de zithoogte met 20 mm, wat aanzienlijk comfortabeler is. Daarnaast is er een langer koppelingshendel beschikbaar om nog meer ruimte te bieden aan de vingers van de rijder, vooral tijdens langere ritten.

Triumph heeft ook gezorgd voor een grotere zijdelingse bodemvrijheid bij de Tiger 1200 GT Pro- en GT Explorer-modellen door de voetsteunen hoger te plaatsen en dichter bij de motorfiets te brengen. De nieuwe Active Preload Reduction-functie biedt berijders meer vertrouwen door de veervoorspanning van de achterophanging te verminderen wanneer ze tot stilstand komen, waardoor de zithoogte tot 20 mm wordt verlaagd met slechts één druk op de ‘Home’-knop gedurende één seconde.

Kleurenstress

De Tiger 1200 is nu verkrijgbaar in vier varianten, met nieuwe kleurstellingen voor 2024. De Tiger 1200 GT Pro en GT Explorer  zijn verkrijgbaar in Carnival Red, naast het reeds beschikbare Snowdonia White en Sapphire Black. De Tiger 1200 Rally Pro en Rally Explorer kunnen elk terrein aan en zijn verkrijgbaar in het nieuwe Matt Sandstorm en Jet Black, naast Matt Khaki. Prijzen volgen.

Eerste indruk BMW M 1000 XR

0
Eerste indruk BMW M 1000 XR

Is het angstzweet, adrenalinezweet of gewoon inspanningszweet, waarmee we afstappen na de test van de BMW M 1000 XR? Geen van de drie, zo blijkt, maar gewoon de pure warmte van de Spaanse zon. En toch is de machine zo overweldigend op alle mogelijke manieren, dat je je afvraagt of het wel goed gaat met je gezondheid.

Motor.nl: Wel, vertel, gaat het goed met je gezondheid?

Gijs Gilis: “Ja hoor, op een stijve nek na die wat slagen heeft gehad van windvlagen aan belachelijk hoge snelheden. Maar voor de rest gaat het ook goed met mijn warmteafvoer, want die M 1000 XR mag dan belachelijk snel zijn, hij doet het wel allemaal zo makkelijk en geruststellend dat je het gevoel hebt alles aan te kunnen op de weg. De combinatie van pure kracht, stabiliteit en simpliciteit is gewoonweg subliem.”

Dat zijn veel superlatieven. Verklaar je eens nader.

“De M 1000 XR krijgt de Shiftcam-viercilinder van de S 1000 RR, met 201 pk en 113 Nm. Verder is hij op alle mogelijke manieren lichter gemaakt, tot een rijklaargewicht van 223 kg (-4 kg ten opzichte van de (nieuwe) S 1000 XR). Met het M Competition Pack snoep je daar nog eens 3 kg af dankzij onder andere carbon wielen en bodypanelen. De standaard M 1000 XR krijgt verder een nieuw zadel, M Endurance ketting, spoilers, een Akrapovic en M-remmen. Oh ja, en het is niet mogelijk om er zijkoffers of een topkoffer op te monteren.”

Eerste indruk 2024 BMW F 900 GS: sleutel tot succes in het adventure middensegment?

Motor.nl: Da’s bizar op een toermotor.

“Dan kijk je dus verkeerd naar de M 1000 XR. Het is namelijk een sportmotor met wat windbescherming. Wil je sportief toeren mét koffers, dan ben je aangewezen op de S 1000 XR, wat trouwens allerminst een straf is. Nu, van die windbescherming op de M XR moet je niet al te veel verwachten. Het schermpje is nog wel instelbaar, maar je hoofd zit altijd in de wind. Comfortabeler dan een M 1000 R naked, dat zeker wel, en al helemaal qua zitpositie. Zie de M 1000 XR als zo sportief mogelijk rijden op een zo comfortabel mogelijke manier. Dan kun je uiteraard niet afkomen met windprotectie van een RT of zijkoffers. We begrijpen de keuze van BMW M daarin. En het is best gedurfd ook.”

Motor.nl: Hoe verloopt het om zo comfortabel mogelijk sportief te rijden? Klinkt geweldig!

“Dat is het ook. Het motorblok draait 14.000 tpm, maar we zijn niet boven de 10.000 tpm geraakt omwille van ridicule snelheden. Op snelle bochtige wegen, dus zelfs niet het al te technische werk, hadden we voldoende aan de tweede versnelling. En dan spreken we over snelheden die ik niet eens durf te noemen. Het vermogen is ronduit bizar, maar ook hoe het afgeleverd wordt. De soepele gasreactie, de boterzachte quickshifter, de voorspelbare opbouw. Nooit heb je schrik op de M 1000 XR. Hij lijkt alles te verteren alsof het witte rijst is. Het rijwielgedeelte is ultrastabiel, de remmen op topniveau en je laat hem dansen alsof het een lichte naked bike is.”

Motor.nl: Is de M-versie dan zijn meerprijs waard ten opzichte van de S 1000 XR?

“De M kost 30.750 euro, de S 23.700 euro. Dat is een groot verschil, maar hou er rekening mee dat niet alleen het motorblok en de remmen anders zijn, maar ook de elektronica van de M-machines wordt overgenomen. De instelbaarheid is oneindig, waarbij je in Race Pro alles apart kunt aanpassen in X aantal standen. Het motorvermogen, de wheelie control, tractiecontrole, ABS, noem het maar op. Veel uitgebreider en preciezer dan op de S 1000 XR.”

Motor.nl: Een koopje dus, we horen het al. In dat geval, zet er maar een op de zaak!

Duell breidt portfolio uit met Italiaanse marktleider Lampa 

0
duell

Het Finse bedrijf Duell Bike-Center Oy, de grootste distributeur in de Scandinavische landen voor onderdelen, accessoires en beschermingsuitrusting voor motorfietsen en motorrijders, breidt zijn productportfolio uit met accessoires van Lampa, de bekende marktleider uit Italië. 

Duell distribueert al ruim twee jaar succesvol het dochtermerk OptiLine van Lampa. OptiLine biedt een gevarieerde selectie van hoogwaardige telefoonhouders en oplaadoplossingen voor tweewielers en Duell heeft zijn verkoopvaardigheden bewezen met uitstekende presentaties en succesvolle verkoopcijfers bij haar dealers. 

Daniel Dieleman, importeur van Optiline en Lampa met BlueMayim BV, is verheugd over de uitgebreide samenwerking: “Duell heeft een groot dealernetwerk en weet hoe powersports producten te verkopen. We zijn erg blij met de succesvolle samenwerking met OptiLine. Dit heeft ons aangemoedigd om ook onze volledige Lampa-accessoires toe te vertrouwen aan de ervaren handen van Duell.” 

Roy Beumer, Sales Manager Europe bij Duell, kijkt uit naar de nieuwe distributieopdracht: “Lampa is een van de absolute topmerken in het segment van motorfietsaccessoires, die geen goed gesorteerde dealer zou willen missen in zijn portfolio. We zullen nu het volledige marktportfolio beschikbaar maken voor onze dealers met grote inspanning.” 

Het uitgebreide Lampa-assortiment omvat een verscheidenheid aan bestsellers, waaronder richtingaanwijzers, spiegels, handgrepen, motorhoesjes en nog veel meer. Klanten kunnen vertrouwen op dezelfde conceptbenadering die zo succesvol is bij OptiLine: aantrekkelijke wandpresentaties exclusief verkrijgbaar via Duell, uitstekende service en betrouwbare beschikbaarheid. 

Lampa zal vanaf heden beschikbaar zijn in alle landen binnen het uitgebreide Duell netwerk. In eerste instantie zal de levering plaatsvinden vanuit het Nederlandse magazijn in Veghel. 

Geïnteresseerde dealers kunnen rechtstreeks contact opnemen met de eigen sales representative of de verkoopdienst van Duell TMV op +31 413 343 040 of klanten@duell.eu. 

The Headturner: Breakout custom door H-D West-Flanders

0

Met zijn lage contouren is de standaard Breakout van nature al een behoorlijk opvallende verschijning. Niet onlogisch dus, dat de door H-D West-Flanders verbouwde Breakout muscle-chopper de toepasselijke naam ‘Headturner’ meekreeg. Wie hem passeert draait namelijk gegarandeerd de kop om…

Voor de eigenaar van de nagelnieuwe Breakout is een plaatsje in de spotlights niet echt belangrijk, maar voor een fotoshoot onder een fris voorjaarszonnetje, leent hij graag zijn machine eventjes uit. Na de kiekjes volgt een deskundige uitleg door Nico Naeye, de monteur die instond voor een geslaagde optische make-over en tevens de V-Twin wat extra testosteron toediende. ”De koper kwam eerder toevallig de winkel binnengestapt en had weinig kennis van het actuele Harley gamma”, steekt Nico van wal. “Maar na een excursie door de toonzaal bleek de sportieve petrolhead een voorkeur te hebben voor een Breakout 114.”

L&L SPEEDSTER: ONTWIKKELT L&L EEN NIEUWE STIJL IN CHOPPERBOUW?

GENTLE STYLE

“Met een standaard Breakout is uiteraard niks mis”, licht Nico toe, “maar al snel werd duidelijk dat de koper iets exclusievers op het oog had. Voor een unieke motorfiets zijn de mogelijkheden bij Harley-Davidson vrijwel onbeperkt en daarom werd het gesprek aan het computerscherm voortgezet. Aangezien we hier in Roeselare jaarlijks nogal wat motoren verbouwen, hebben we geen honderden muisklikken meer nodig om een acceptabel ontwerp te kunnen presenteren. Met een sportieve doelstelling als uitgangspunt, kozen we voor de ‘Gentle Style’ motor van Thunderbike als inspiratiebron. Veel van de geselecteerde onderdelen hadden we al eens afzonderlijk op andere motoren gemonteerd, maar nooit eerder op eenzelfde configuratie. Het is vanzelfsprekend dat we nooit twee maal dezelfde motor bouwen, want exclusiviteit is ontzettend belangrijk bij customizen. Voor zo’n project ga je natuurlijk niet over één nacht ijs. Na twee maanden hadden we de planning rond en kregen we groen licht om de Breakout te verbouwen.”

VERTRAGING

Amper vers uit de krat werd de Amerikaan de heftafel opgeschoven, teneinde het 114 cubic inches metende motorblok met een Stage IV kit naar 131 inch te boosteren. Met de geplaatste Smart Tuning software kreeg de machine een flinke rendementsverbetering, wat resulteerde in een lager stationair toerental, lager verbruik en snellere gasrespons. “In de garage heeft iedereen zijn specifieke skills en daarom ontfermde collega Serge zich over het motorische gedeelte van de machine. Eenmaal ontdaan van carrosserie, voorvork, vering en wielen was het wachten op de toeleveringsbedrijven, die vanwege corona vertraging hadden opgelopen en daarmee onze bouwtijd gevoelig opschroefden. Vanwege de hoge kwaliteit zijn de meeste onderdelen afkomstig van Thunderbike. Andere onderdelen werden dan weer geselecteerd uit het gamma originele Harley accessoires. Daartoe behoort ook de luchtfilter met het gekende Screamin’ Eagle label. Geen bombastische toestanden, maar gewoon een exemplaar dat perfect aansluit op de lijn van de motor en uitstekend zijn werk doet. De KessTech uitlaat is voorzien van een EU-goedgekeurd sound management systeem, waarmee het geluid door een simpele drukknop geregeld wordt van ingetogen klappen van 80 dB tot aan een gespierde roffel.”

FUNCTIONELE DOELSTELLING

De opzet van het project was vooral om een puur functionele motor te bouwen, zonder al te veel poespas. Een vlot rijdbare, supersnelle machine, met een zwaar motorblok en excellente wegligging. “Verbouwingen staan per definitie niet altijd garant voor een verbetering van de originele rijeigenschappen”, verduidelijkt Nico. “Daarom was het zeer belangrijk om de basisgeometrie te behouden en respecteren. Toch werd de achterbrug enigszins aangepast. De remschijf die normaal rechts zit, werd namelijk verplaatst naar de kant van de aandrijfriem, waardoor de rechterzijde van het wiel mooi open te zien is. Ondanks het gebruik van een gespecialiseerde kit, was er voor de ombouw van de rembevestiging toch redelijk wat las- en uitlijnwerk nodig. Vooraan werd de standaard remklauw gecombineerd met een Thunderbike remschijf. Aangezien de remleidingen aangepast dienden te worden, werden ze wijselijk vervangen door efficiëntere stalen exemplaren. Met de ABS rempomp, het regelbare computertje voor de uitlaat en de compressor voor de luchtvering, zit de ruimte onder het zadel nu wel helemaal volgestopt. Oorspronkelijk beschikten de gemonteerde Thunderbike wielen over opvallende, in aluminium uitgefreesde, accenten, maar op aanvraag werden ze zwart gepoederlakt. Ook het motorblok, inclusief de talrijke moertjes en boutjes, werd afgewerkt met een zwart laagje verf. Een klusje dat toch verrassend wat tijd opslorpt.”

DEUGDELIJKHEID

Vanwege de hoge kwaliteit is het overgrote deel van de accessoires afkomstig van Thunderbike. Daartoe hoort ook de aluminium 15 liter benzinetank en het stuurkuipje. Achteraf bleek het platte stuur daar niet meer zo goed op aan te sluiten, zodat het werd vervangen door een licht geknikt stuur. Het zadel werd door garnierder Jean-Michel Justus van alcantara voorzien. Deze stof staat bekend om zijn stroefheid en warmtebestendige eigenschappen, waardoor de rijder ook bij extreem zomerse temperaturen comfortabel kan zitten. Achteraan heeft de machine een regelbaar ‘air ride suspension’ systeem. Met deze luchtvering kan het rijcomfort aangepast worden naargelang de staat van de weg. Door de machine tot zijn laagste punt te laten zakken, behoort een supplementair showke onderweg tot de mogelijkheden. Het systeem is, mits wat extra aandacht voor de kwetsbaarheid van de leidingen, vlot monteerbaar. De voorvork is voorzien van een lowering kit. De minuscule knipperlichten zitten vooraan weggewerkt onder de handvatten en achteraan kregen ze een discreet plaatsje in het spatbord. Tussen de balhoofdplaat en de radiator zit de claxon gecamoufleerd achter een zwart roostertje. Dat is handmade vervaardigd met een ijzeren netje, in een 6 mm dikke staaldraad omkadering. Het rasterwerkje sluit egaal aan op de onderspoiler en radiatorrooster, beiden uit het Thunderbike gamma.

WARSZAWA BOXER: BMW R100S VOOR WARSCHAU EN OMSTREKEN

NEWBORN BIKER

Vanaf het begin stond de keuze voor de witte deklaag onvoorwaardelijk vast. Het is de RAL-kleur waarmee eerder ook al het mobilhome van de klant werd gespoten. De kleur met een eenvoudig blauw biesje is aangebracht door Lukas van Radical Customz. Het symmetrisch uitzetten van het subtiele lijntje gebeurde bij H-D West–Flanders. “Een zenuwslopend karweitje, waar heel wat zorgvuldige meetactiviteit aan te pas kwam”, sluit Nico lachend af, “want eens gespoten, kunnen de gevolgen nogal pijnlijk zijn. Bij aanvang leek het wit een gedurfde keuze, maar achteraf gezien klopt het plaatje perfect. Het concept vraagt niet om schreeuwerige graphics en de ongekunstelde kleur contrasteert uitstekend met de talrijke zwarte onderdelen. Met zijn brede achterband en 21 inch voorwiel is een Breakout eigenlijk de ideale basis voor een uitdagende verbouwing. We hebben hem verder uitgebouwd tot een exclusieve, vlot sturende motorfiets met een opmerkelijk lijn. Privé heb ik ondertussen al 30 jaar ervaring met customizen en ik ben best fier op dit resultaat. Een project met een ‘high end’ dus.” Op straat zal de machine met recht talloze hoofden doen omdraaien, maar dat is niet de enige aanleiding van de ‘Headturner’ markering op het achterspatbord. De toevallige en totaal ongeplande aanschaf van een Harley-Davidson betekende voor de bezitter een complete verandering van levensstijl, want in het verleden had hij geen enkele binding met tweewielers. Na aankoop van de Breakout moest hij zijn motorrijbewijs zelfs nog halen en dat keerpunt kan met een tikkeltje fantasie evengoed als ‘Headturner’ aanzien worden.

Fotografie: De Muynck Patrick

STAGE IV KIT
Via Harley-Davidson’s Performance-label Screamin’ Eagle kunnen sinds kort alle Touring modellen die beschikken over een 114 en 117 inch motorblok, voorzien worden van een 131 cubic inch stage IV big-bore kit (2147 cc). De kit bevat onder meer grotere cilinders met hoge compressiezuigers, CNC gefreesde cilinderkoppen met grotere kleppen, een ruimer inlaattraject, andere nokkenassen en uitlaatbochten. Met deze aanpassingen gaat het standaard vermogen van 97 pk naar 123 pk en het koppel 161 Nm naar 178 Nm. Indien de Stage IV kit binnen 60 dagen na aankoop door een officiële Harley dealer wordt geplaatst, blijven de oorspronkelijke garantievoorwaarden behouden.
TECHNISCHE SPECIFICATIES THE HEADTURNER
ALGEMEEN
MerkHarley-Davidson
ModelBreakout
Bouwjaar2021
BouwerHarley-Davidson, West-Flanders
Bouwtijd4 maanden
MOTORBLOK
TypeMilwaukee-Eight 114
Bouwjaar2021
Cilinderinhoud1870 cc, vergroot naar 2147 cc
TuningScreamin’ Eagle 131 Stage IV Kit
LuchtfilterScreamin’ Eagle
UitlatenKessTech (elektronisch regelbaar)
Versnellingsbakstandaard 6-bak
RIJWIELGEDEELTE
Framestandaard
Achterbrugstandaard, aangepast
Achterveringair ride suspension
Voorvorkstandard, lowering kit
VoorwielThunderbike, 21 inch
VoorremThunderbike
AchterwielThunderbike, 18 inch
Achterremstandaard, verplaatst
ACCESSOIRES
KoplampThunderbike kopkuipje
StuurThunderbike
SpiegelsRizoma
Tellersstandaard
HandvattenH-D
BenzinetankThunderbike, aluminium
ZadelAlcantara
SpoilerThunderbike
Motorblokalles in black
VoorspatbordThunderbike
AchterspatbordThunderbike
AchterlichtThunderbike
VoetsteunenH-D
Andere aanpassingenverborgen pinkers vooraan, afdekking injectiesysteem, rooster afdekking claxon
SPUITWERK
SpuiterRadical Customz
KleurRAL