maandag 25 mei 2026
Home Blog Pagina 1034

Test Suzuki V-Strom 1050XT 2020

0
Suzuki V-Strom 1050XT

Deze eerste test van de Suzuki V-Strom 1050XT zou altijd op het bordje van bovengenoemde testredacteur komen. Na de Eicma 2019 vroeg ik me op deze pagina’s openlijk af waarom Suzuki de grote V-Strom – in al zijn bruikbare eenvoud geliefd en aanbeden – inmiddels niet eens een grote make-over gunde. Als een soort blijk van dank. De V-Strom 1000 is immers al bijna twintig jaar een betrouwbare kartrekker voor het Japanse merk. Toch lijkt ook deze 2020-Suzuki V-Strom 1050XT onderhuids weinig vernieuwd. Het uitgangspunt is nog steeds de tweede generatie V-Strom 1000 uit 2014, met de 90-graden-V-twin met een inhoud van 1.037 cc, het nieuwere frame en de upsidedownvork met radiaal gemonteerde remklauwen. Dat onderhuidse heeft op het mechanische vlak misschien vooral verfijning gekregen, terwijl de 2020-V-Strom qua elektronica inmiddels echt wel meedoet: rijmodi, verstelbare traction control en hellingshoekafhankelijk ABS en op deze XT-versie standaard zelfs cruisecontrol. Slimme zaken als hillhold, waarbij de motor je helpt te hellingtrekken, en een soort blipper-functie die als anti-stall dient, komen eveneens van pas. Suzuki zorgde er vervolgens voor dat het blok aan de Euro 5-norm voldoet en peuterde er meteen 6 pk extra uit. De trekkracht liep met één newtonmetertje terug, wat verraadt dat het blok meer toeren is gaan draaien. Een toerengretiger – en dus minder braaf – plusmodel V-Strom; dat klinkt al beter. Want ja, over dat uiterlijk kunnen we het eens zijn, toch?

Suzuki V-Strom 1050XT Rijdend

Bruikbaar eerbetoon

Suzuki dook met de recent heringetreden Katana al de geschiedenisboeken in en hoewel de GSX-S1000 Katana niet iedereen kan bekoren, is het bepaald geen lelijke machine geworden. Een knappe ode aan een motorfiets uit 1981, die we in het begin ook niet om aan te zien vonden. Voor de nieuwe V-Strom 1050 onderstreept Suzuki de claim op het snavel-voorspatbord dat alle allroads anno nu hebben. Het snavel-ontwerp werd geïntroduceerd met de Suzuki DR750S uit 1988. Erg verbaasd zul je niet zijn dat Suzuki voor de nieuwe 1050 V-Strom de toenmalige DR Big-ontwerper Ichiro Miyata inschakelde. Beide kleurstellingen van de 1050XT putten dan ook uit legendarische Suzuki DR-Dakar-kleuren, met de hier gereden XT in het door Marlboro geïnspireerde rood-witte-kleurschema uit 1988 en de nieuwe geel-blauwe V-Strom 1050 leunend op de Camel-kleuren uit 1989. De gelijkenissen tussen het origineel en deze 2020-V-twin-ode kloppen verrassend goed, terwijl het bodywork op de juiste plekken ook is gemoderniseerd. Geen exacte replica, maar eerder een bruikbaar eerbetoon. Zo goed gelukt als de nieuwe 2020-V-Strom op foto’s al lijkt, is hij in het echt nog veel meer. Dit was alleen precies waar ik bang voor was met de nieuwe V-Strom 1050XT: hij is weinig vernieuwend, maar heeft desondanks nog steeds dezelfde prima mechanische basis en ziet er nu ook nog hartstikke goed uit. Niets maar aan doen, toch? Als ik Suzuki was, zou ik met dat uitgangspunt ook achterover leunen. Alleen moet je nooit te lang op de lauweren rusten, lijkt me.

Suzuki V-Strom 1050 XT

Waarom rijden we hem?

Ruim een jaar geleden gingen er al geruchten over een Suzuki DR Big-revival op basis van de V-Strom. Qua uiterlijk is het een rijdend eerbetoon. We rijden hem dan ook vooral om te zien wat de zaken áchter dat eighties-uiterlijk toevoegen aan deze V-Strom 1050XT.

Geheel volgens verwachting zit de 2020-V-Strom 1050XT dan ook prima, zoals elke grote V-Strom ervoor. Het zadel is lekker breed en het stuur vraagt een actieve zithouding van de rijder. Het brede zadel zou wat kortere rijders af kunnen schrikken, maar ondanks een zadelhoogte van 855 millimeter is het een behoorlijk toegankelijke machine. Je merkt dat het zwaartepunt laag ligt, wat de motor gemakkelijk te manoeuvreren maakt. In het rijden an sich is de V-Strom 1050 één en al stabiliteit. Hij rolt gemakkelijk over oneffenheden heen en belichaamt het ‘rijdt als op rails’-cliché met verve. Weinig spannends wanneer je de motor in het bochtenwerk aan het rollen houdt, en het aanspreken van de remmen zal daar weinig spanning aan toevoegen, terwijl ze desondanks prima en met een goede dosis gevoel vertragen. Het is alleen allemaal niet van de buitencategorie, een trekje dat hij heeft geërfd van zijn voorgangers. Het is pas wanneer je het vernieuwde blok echt aan het werk zet dat het een beetje begint te leven.

Suzuki V-Strom 1050 XT Rijdend
Het windscherm is niet heel handig verstelbaar

Nieuwe trucs geleerd

In eerste instantie wekt de 1050XT-twin een nukkige indruk. Onder in het toerenbereik lijkt de techniek er geen zin in te hebben, met mild bokken tot gevolg. Bij de vorige generatie V-Strom kon je van onder tot boven het gas openzetten en rustig maar gestaag maakte hij gang, dus er is iets anders. Bij het passeren van de 4.000 toeren lijkt het blok plots haast te krijgen en de vakkundig gemuilkorfde geluidsproductie doet een poging om uit te breken. De grote, kachelzwarte uitlaatdemper klinkt opeens zowaar lekker, zonder al te veel decibellen te produceren. Het is geen schreeuwerig racegeluid, maar het wekt desondanks de indruk dat deze V-Strom 1050 van aanpakken weet. Niet braaf en van aanpakken weten; de V-Strom heeft niet alleen een facelift gehad, hij heeft ook nieuwe trucs geleerd.

Mijn ongelijk wordt iets of wat bewezen. De V-Strom is een echte opstappen-en-wegwezen-allroad, waarbij de nadruk ondanks de XT-benaming echt wel op straatgebruik ligt. Het gespaakte 19-inch-voorwiel zorgt voor veel stabiliteit, terwijl het ook helemaal niet zwaar stuurt. De V-Strom 1050 doet precies wat je ervan verwacht en is zodoende een gemakkelijk te rijden en bepaald niet intimiderende motorfiets, maar met het vernieuwde Euro 5-blok en de nieuwe ride-by-wire is de nieuwe V-Strom wel een stuk leuker geworden. Hij zweept wat meer op. Bij de voorganger was het de rijder die met de motor speelde, terwijl deze nieuwe V-Strom 1050 echt met de rijder meespeelt. Sterker nog, de motor vraagt nu echt iets van de rijder, terwijl hij voorheen enkel in dienst van de bestuurder stond. Het blok is duidelijk wat scherper afgesteld, waarbij rijmodus 1 een opvallend gretige gasreactie losmaakt dankzij de nieuwe ride-by-wire. Rijmodus 2 is een mooie middenweg, al is de gasreactie zelfs dan enthousiast te noemen. In welke rijmodus je dan ook rijdt, je moet wel schakelen. Onder de 3.000 toeren heb je weinig te zoeken en bij precies 3.000 toeren krijg je een trilling door het stuur. Daarboven gebeurt het. Het blok loopt het mooist van 4.000 tot net over de 6.000 toeren en trekt er dan ook gewillig aan. Op de juiste momenten schakelen, is dus noodzakelijk om de 1037cc-V-twin tevreden te houden. De bak schakelt niet als een mes door de boter, maar is effectief genoeg. Het is dan ook extra fijn dat de hydraulisch bediende koppeling met weinig moeite te doseren is.

Testlocatie
Nederland

Omstandigheden
Van kou lijden in een voorjaarsstorm tot je een ongeluk zweten en elk beetje ontblote huid verbranden

Temperatuur
Tussen de 5 en 24 graden

Totaal testkilometers
590

Bijzonderheden
Als je in de regen op de snelweg rijdt, ‘vallen’ de druppels langs het balhoofd en stuur omhoog. Was op de V-Strom 1000 ook al, trouwens.

Poldermodel pur sang

Zo kom je al snel tot de conclusie dat de 2020-V-Strom 1050XT weinig gewenning behoeft; je stapt erop en je kunt ermee lezen en schrijven. Er is niets dat echt een onvoldoende verdient en zijn modern interpretatie van het DR Big-uiterlijk staat als een huis. In die zin is de nieuwe V-Strom net als de oude absoluut een poldermodel pur sang; alles is goed, maar niet het allerbeste; het is afgewogen. Toch steekt de 2020-V-Strom 1050 met kop en schouders boven de V-Strom 1000 uit, met name omdat hij verfijnd is waar de verfijning het best tot zijn recht komt. De ride-by-wire, de elektronische hulpmiddelen en de opgepoetste gasreactie doen niets af aan wat de uitgaande V-Strom 1000 al goed maakte, terwijl er gelijktijdig een rauw randje wordt toegevoegd. Het blok is toerengretiger en speelser, maar het rijwielgedeelte is nog altijd betrouwbaar stabiel. Zo afgewogen als de V-Strom was, is hij nog. Suzuki maakte hem minder braaf, maar de machine boet niet in aan vertrouwen.

Daarmee kom je alleen wel terug bij de vraag of het niet tijd wordt dat Suzuki met een compleet nieuwe grote V-Strom komt; het antwoord daarop blijft wat mij betreft wel een ja. Wel verlegt de V-Strom 1050XT die noodzaak voor nu echt nog wel even, zeker wanneer je de zakcalculator erbij pakt. Het stoere uiterlijk, de uitgekookte techniek en het speelser geworden blok zijn stuk voor stuk pluspunten die hem midden in de markt zetten. Qua uitrusting dan, maar qua prijs krijg je ook wel serieus waar voor je geld. Voor € 15.499,- heb je met de XT-versie namelijk wel zo’n beetje alles wat een beetje allroad nodig heeft. Enige minpuntjes zijn het nieuwe verstelbare ruitje, dat enkel aan de voorkant te verstellen is, zij het met een prachtige gefreesde aluminium hendel. Dat het dashboard een lcd-scherm is in plaats van een tft-kleurenscherm is vooral jammer, maar duidelijk afleesbaar is het gelukkig zeker wel. Wat zaken die ontbreken betreft: handvatverwarming had dan wel weer standaard mogen zijn, aangezien de 1050XT enorm uitnodigt om wanneer dan ook op pad te gaan. Zeker aangezien er tankbonnetje na tankbonnetje een verbruik van 1 op 20 in het notitieblokje werd gepend. Doe dat eens maal de twintig liters in de tank en je hebt een echte reiziger aan de V-Strom 1050.

Scherper, speelser

Dat moet je de 2020 Suzuki V-Strom 1050XT door de bank genomen toch wel nageven; hoewel een groot deel van de techniek al even meegaat, en Suzuki – als je het mij vraagt – de grote V-Strom ondertussen wel wat meer lof mag geven, houdt deze 1050XT-versie van de V-Strom het achttien jaar na de eerste V-Strom nog steeds totaal niet onaardig uit tussen de concurrentie. Het is nog altijd dezelfde grote vriendelijke reus, maar dan wel een evolutie van die grote vriendelijke reus die net wat scherper, net wat speelser en zo toch nog weer een heel stuk beter is.

Technisch ingezoomd

Suzuki V-Strom 1050 XT Technisch

1. Suzuki heeft flink zijn best gedaan op de afwerking en het zadel is daar een mooi voorbeeld van. Dat ziet er heel strak en luxueus uit.
2. Voor de bestuurder is het zadel zelfs instelbaar, zodat je twintig millimeter hoger komt te zitten.
3. Dik rubber dempt de trillingen vanuit de voetsteunen, al vallen die sowieso wel mee.
4. De luxere XT-uitvoering krijgt spiegels met chique aluminium details. Het zicht naar achteren is prima te noemen.
5. Richtingaanwijzers zijn op de 1050XT-versie standaard led-exemplaren.
6. Niet handig verstelbaar, maar je hebt wel merkbaar invloed op de windbescherming wanneer nodig.
7. Koplamp en achterlicht zijn op elke 1050 V-Strom met leds uitgevoerd. En de snavel, uiteraard.

Conclusie

Als het de oude V-Strom 1000 – die dus ook al 1.037 cc had, zoals deze 1050 – ergens aan ontbrak, was het karakter. Dat was tegelijkertijd ook zijn grootste kracht. Een grote V-Strom is toegankelijk, maar toch sterk genoeg voor alledag. Opstappen en wegwezen, dat idee. Alleen zou je van een V-Strom nooit een adrenalinejunkie worden, want braaf was het ook wel weer. De nieuwe V-Strom 1050XT is nog altijd geen briesende doldwaze machine, terwijl het met het opgefriste blokkarakter en dat verdraaid goed gelukte nieuwe bodywork allemaal net even wat leuker is geworden. Net leuk genoeg; leuk voor elke motorrijder. Het bewijs wordt geleverd door de 1050XT-kleurstellingen, waarbij zwart en donkergrijs de traditionele en behouden V-Strom-rijder zal bekoren en de geel-blauwe – met gouden velgen, uiteraard – zowel de Dakar-fan als de aandachtstrekkers zal bevallen. De oranjerood-witte is dan een mooie middenweg. En op de vraag of je de XT-loze V-Strom 1050 nog moet overwegen; je wilt de XT-versie alleen al voor die spaakvelgen, toch?

Technische gegevens Suzuki V-Strom 1050 XT 2020

Gezocht! Hoe gaan motorzaken om met de corona-regels?

0
Motorzaak

Die anderhalve meter-maatregel zal voor de meeste motorzaken waarschijnlijk niet eens een echt groot probleem opleveren, maar er blijven helaas genoeg andere uitdagingen over. Wij van MotorNL zijn daarom erg benieuwd hoe motorzaken precies omgaan met de strikte regels waar we nu allemaal mee te maken hebben. Daarom deze speciale foto-oproep. Of je nu eigenaar, monteur of klant bent, maakt hierbij niets uit, zolang je maar in beeld brengt wat er gedaan wordt om binnen de regels van het RIVM open te mogen zijn. Als je er ook nog een paar regels uitleg bijzet en uiteraard de naam en locatie van de motorzaak, zijn wij helemaal gelukkig.

Je kunt je bijdrage sturen naar redactie@www.motor.nl onder vermelding van ‘Motorzaak’.

Dit is de 2020 Indian FTR Carbon

0
Indian FTR Carbon

Carbon, carbon en nog eens carbon (plus een dikke Akrapovic). Alsof een gewone Indian FTR nog niet bijzonder genoeg is, komt Indian Motorcycle met een FTR Carbon. Wat je kunt verwachten? Heel veel carbon natuurlijk. Zoals het spatbord, de koplamp-gondel, luchtfilterdeksel en tankdop, de passagierskap en een mooi plaatje waarop staat FTR Carbon, zodat iedereen kan zien dat je echt een speciale versie van een speciale motor hebt.

Video: MotorNL test de Indian FTR 1200 S in Californië

Verder valt uiteraard de gave titanium Akrapovic-uitlaat goed op. Over prijzen geen woord, maar het feit dat je direct naar een dealer moet voor meer informatie – je vindt ze allemaal op www.indianmotorcycle.eu – doet ons vermoeden dat het niet goedkoop gaat worden.

Gaaf wel, daar hoef je echt niet voor naar een dealer om dat te ontdekken.

Geen Gramsberger Classic TT in 2020

0
Foto: Henk Mannes

De Gramsberger Classic TT, die op de agenda stond voor zaterdag 20 juni 2020, gaat helaas niet door. De oorzaak laat zich raden… ‘We hebben gekeken naar een eventuele latere datum dit jaar, maar hier zien we geen mogelijkheden toe. Het circuit ligt midden in agrarisch gebied waardoor een latere datum niet wenselijk is vanwege de oogsttijd. En daarnaast zijn er te veel andere onzekerheden’, aldus de organisatie in een reactie.

‘Hierdoor hebben we moeten besluiten de Classic TT voor dit jaar af te gelasten en pas weer in 2021 een nieuwe Classic TT te organiseren.’ De Gramsberger Classic TT wordt altijd verreden op de zaterdag voor de TT van Assen. De voorlopige datum voor 2021 is daarmee dus zaterdag 19 juni.

Motordief gooit bloempot naar agenten

0
politiemotor

Dinsdagavond is een 17-jarige jongen uit Hoogerheide aangehouden, omdat hij verdacht wordt van heling van een gestolen motorfiets. Dit nieuws meldt de politie op haar eigen website. De eigenaar van de motor, een man uit de buurt van Venlo bij wie de motor op 8 mei gestolen was, trof deze aan op De Linie in Bergen op Zoom.

Het slachtoffer informeerde de politie toen hij zijn motor aantrof en agenten kwamen meteen ter plekke. De verdachte is daarbij aangehouden. Hij pleegde behoorlijk wat verzet bij zijn aanhouding. Zo probeerde hij agenten kopstoten te geven en trapte meerdere malen tegen de deur van een politiebusje waardoor schade aan het voertuig ontstond. Ook spuugde hij een van de agenten in het gezicht.

Tegen de man wordt uiteraard aangifte gedaan.

Tijdens de aanhouding werden de aanwezige agenten uitgescholden en geïntimideerd door omstanders die het met de aanhouding niet eens waren. Op een gegeven moment werd er zelfs een bloempot in de richting van de agenten gegooid. 

De recherche pakt de zaak verder op en doet onderzoek naar de heling en diefstal van de motor. De verdachte zal verder gehoord worden in een politiecellencomplex.

Triumph Tiger 900 GT – Adventure transformed

2

Een geheel nieuwe agressieve houding en stijl, een krachtigere 900 cc driecilindermotor, geavanceerde technologie en een ongelofelijk hoge specificatiestandaard zorgen voor de nieuwe maatstaf voor adventure-motoren. De Tiger 900 GT is speciaal gebouwd voor het comfort en de mogelijkheden van avontuurlijk rijden op de weg en beschikt over de uitrusting en technologie om al uw ritten in stijl te benaderen.

Meer info: Triumph

MotorNL TV 2020 – Aflevering 6

0

In deze aflevering van MotorNL TV testen we de KTM 390 Adventure, een occasion Yamaha Tracer 900 en geven we wederom tips over motorkleding!

Is dit de toekomstige Ducati Scrambler?

0

Als je voor je beroep motoren wilt ontwerpen, maak je met een studie aan het ArtCenter College of Design in Pasadena, Californië, grote kans daarin te slagen. In samenwerking met Ducati liet het ArtCenter studenten de toekomst van de Scrambler line-up verkennen. De winnaar van de wedstrijd werd beloond met een opleidingsstage aan het Ducati Design Center in Bologna, Italië.

In totaal werden 10 projecten ter beoordeling voorgelegd. Peter Harkins ging er met de prijs vandoor. Terwijl veel studenten vooral elektrische concepten voor het merk Scrambler ontwierpen, ging Harkins voor een meer klassieke aanpak van het op het Ducati-erfgoed gebaseerde submerk.

Harkins’ ontwerp is interessant, omdat het een einde maakt aan het iconische stalen trellisframe en het luchtgekoelde tweecilinder blok. In plaats daarvan heeft Harkins’ Scrambler meer de lijnen van een eencilinder dirt bike met een wiegframe.

Promotor 3 2020

0

Pizza bezorgen met Moto2 coureur Bo Bendsneyder

0
Bo Bendsneyder Pizzabezorger

Of het nu om pizza’s, pakketjes of boodschappen gaat, zodra iets wordt thuisgebracht, is er vaak gezeur, waarbij vooral de bezorgers het zwaar te verduren hebben. Ze rijden veel te hard, komen nooit op de afgesproken tijd en zijn weinig sociaal opgevoed. Gelukkig zijn er altijd uitzonderingen die de regel bevestigen. Met voorop Bo Bendsneyder. Hey, ho, is dat niet onze Moto2-trots? Jawel, zeker weten!

Bo Bendsneyder Pizzabezorger
U zou hem maar aan de deur krijgen: Moto2 Coureur Bo Bendsneyder

Het is zondag 15 maart, rond de klok van vijf in de middag. Zoals wel vaker eten Bo Bendsneyder en zijn familie bij Eetcafé Oud Kempen in het Zeeuwse Stavenisse, het restaurant van de broer van Bo’s vader. Terwijl ze net hebben besteld, komen er via de sociale media onheilspellende geruchten binnen. Vanwege het coronavirus zou minister-president Mark Rutte bekend gaan maken dat onder andere alle restaurants dicht moeten. Amper een paar minuten later is het officieel: vanaf 18.00 uur moeten alle restaurants echt dicht, dus ook Eetcafé Oud Kempen in Stavenisse. Een ramp in het kwadraat, omdat het eetcafé is gevestigd op het recreatiepark Oud Kempen en ook dat park moet dicht, waardoor de oom en tante van Bo, James en Anja, dubbel hard worden geraakt. ‘Het is misschien wel het bizarste wat ik ooit heb meegemaakt’, zegt Bo Bendsneyder. ‘Ineens moest alles dicht, terwijl de tent vol zat. Iedereen kon dus naar huis zonder ook maar iets gegeten te hebben.’

Bo krijgt een spoedcursus pizzabakken

En dus ook zonder betaald te hebben. Weg inkomsten! ‘We zijn diezelfde avond nog bij elkaar gaan zitten en al snel ontstond het plan om pizza’s te gaan bakken en te bezorgen, want dat mocht wel’, vertelt Bo. Een plan dat met een beetje geschiedenisles ineens niet zo vreemd meer klinkt. In het verleden hadden de vader en oom van Bo in Roosendaal samen een succesvol pizzarestaurant. Daarnaast was het plan altijd al om pizza’s te gaan bezorgen in de omgeving van Stavenisse. Een plan dat wegens drukte al twee jaar keer op keer werd uitgesteld.

Omdat ze niet van afwachten houden, rijdt de familie op maandag al kriskras door Nederland, op zoek naar een goede pizza-oven. Met succes en zo staat er nog geen 24 uur na de inmiddels beroemde persconferentie van Rutte een luxe pizza-oven midden in het restaurant. Tijd om het ding op een goede plek te zetten, is er niet. En ach, wat maakt het uit… Het is inmiddels wel duidelijk dat er de komende weken echt geen gasten toegestaan zijn in het restaurant. Het enige wat nu telt, is pizza’s bakken, zodat er omzet is.

Spoedcursus Pizza maken Bo Bendsneyder

Spoedcursus pizza maken

Een echte verrassing is het natuurlijk niet dat er vergaande maatregelen komen. ‘Een week eerder reed ik die bizarre Grand Prix van Qatar, zonder de MotoGP erbij. Daar hoorden we dat wij waarschijnlijk na Losail een hele tijd niet zouden racen. Het zou dan heel naïef zijn geweest om te denken dat het in Nederland allemaal wel zou meevallen’, aldus Bo. Inmiddels is duidelijk dat een hele tijd niet racen ook echt een hele tijd is en dus had (en heeft) Bo heel veel vrije tijd. Mogelijkheden genoeg om te helpen bij zijn oom, maar dat blijkt niet de enige reden te zijn om bij te springen in het eetcafé. ‘Wij hebben een heel hechte familieband en dus help je elkaar als dat kan. Mijn oom heeft mij niet hoeven te vragen, ik heb zelf die hulp aangeboden. Ook al had ik geen enkele ervaring met pizza’s bakken’, geeft Bo toe. Vader Steven heeft die dus gelukkig wel (‘Het is net als fietsen, dat kan ik ook niet, haha.’) en geeft zijn zoon een spoedcursus pizza maken. Niet onsuccesvol, want inmiddels blijkt Bo niet alleen heel handig te zijn met een Moto2-motor, maar daar later meer over.

Al pratend wordt duidelijk dat Bo zich voorlopig weinig zorgen maakt over de toekomst, ook al heeft hij momenteel geen inkomsten uit de racerij. ‘Logisch, want ik kan mijn sponsors niet geven wat we voorafgaand aan het seizoen hebben afgesproken. Gelukkig heb ik een groep trouwe mensen om mij heen, die mij al vaker in moeilijke tijden hebben bijgestaan. Aan de andere kant weet ik natuurlijk nooit precies hoe het gaat met de bedrijven die mij sponsoren. Het zou inderdaad zo maar kunnen dat ze worden gedwongen om de sponsoring te stoppen. Zo denken heeft nu geen zin, dus dat doe ik ook niet. Ik denk wel dat het allemaal goed komt. Ook van RW Racing hoor ik geen paniekverhalen en dat is prettig, kan ik je zeggen.’

Met eigen bus met spoed naar de klanten

Eindelijk een gewone jongen

Hoewel het interview nog niet eens halverwege is, worden we ruw onderbroken door de telefoon. Een bestelling! Een pizza quattro stagioni en een pizza Hawaii om precies te zijn. Alsof hij nooit anders heeft gedaan, creëert Bo in paar tellen twee professioneel ogende pizza’s, terwijl hij ook nog eens vertelt over zijn dagindeling in het coronatijdperk. ‘Het is heel raar allemaal, omdat ik nog nooit zo lang niet heb gereden terwijl ik fit ben. Ik train wel, maar niet met dezelfde focus als normaal. We hebben altijd een punt om naar toe te werken. Nu niet en dus hou ik enkel mijn basisconditie op peil. Het is echt niet zo dat we morgen ineens te horen krijgen dat we over twee dagen gaan racen, dus het heeft geen zin om superscherp te staan. Die motivatie is er om eerlijk te zijn nu ook niet en dat is een gek gevoel, want vanaf mijn zevende staat alles in het teken van racen. Ik fiets en hardloop wel veel en doe dat graag hier in de omgeving van Stavenisse. Vooral wielrennen is zwaar met al die wind. Douchen om omkleden kan altijd in één van de huisjes op de park, ideaal dus’, klinkt het terwijl de twee pizza’s de oven in gaan en we dus nog even tijd hebben om te praten voordat Bo de speciale BB64-bus inspringt om te bezorgen. ‘Weet je, eigenlijk ben ik wel heel blij dat ik hier vier, vijf dagen per week kan helpen. Het is namelijk niet vervelend om een keer een vrij gewone jongen te zijn, met enkel de taak om pizza’s te bakken en te bezorgen. De druk in de racerij is zo groot dat ik er stiekem wel van kan genieten om even niet Bo de coureur te zijn.’

Een opvallende uitspraak voor een topsporter, die wederom enkel met een korte geschiedenisles kan worden uitgelegd. Vorig jaar startte Bo op eigen initiatief de samenwerking met een mental coach én was daar heel open over. ‘Geloof mij, heel veel jongens hebben zo’n coach, alleen praten ze daar niet over. Ik denk omdat ze zich ervoor schamen, maar dat snap ik echt niet. De racerij is zo hard. Als je eerste wordt, is iedereen je vriend. Word je twintigste, dan ziet niemand je, terwijl je soms echt maar een paar tienden langzamer bent per ronde. Dat is mentaal zwaar en daarom…’

Helaas kan Bo zijn zin niet afmaken, want de pizza’s zijn klaar. Graag waren we met hem meegereden, maar hoewel de Ford-bus groot is, lukt het niet om op anderhalve meter van elkaar te zitten en dus is het wachten tot Nederlands enige Grand Prix-rijder terugkomt. Alleen fotograaf Jarno gaat mee. In zijn eigen auto, wel te verstaan.

Trotse vader

De bestelling is gelukkig in het dorp en bovendien geeft het mooi de kans om even met Steven te praten over Bo. ‘Eigenlijk is het wel goed dat hij nu een verplichte sabbatical heeft. Op deze manier kan hij namelijk ervaren hoe het is in de wereld buiten de paddock. De racerij is zo apart… Ik ben echt wel trots op de manier hoe hij hiermee omgaat en dat we hem helemaal niet hoefden te vragen om te komen helpen. Hij bood het direct zelf aan. Dat we elke keer drie kwartier moeten rijden van Rotterdam naar Stavenisse en pas laat in de avond weer teruggaan, maakt hem ook al niets uit. In de ochtend kan hij mooi trainen en daarna is het pizza’s bakken. Je ziet aan alles dat hij goed in zijn vel zit’, aldus Steven. Dat is wel eens anders geweest, geeft de inmiddels teruggekeerde Bo aan: ‘Het jaar bij Tech3 en ook afgelopen seizoen bij RW Racing waren echt niet eenvoudig voor mij. We probeerden ons van de buitenwereld af te schermen, maar dat lukt natuurlijk nooit echt. Mijn vader deed bijvoorbeeld altijd mijn pr, maar omdat we niets goeds meer konden doen, stopten we daar min of meer mee. Het was toch nooit goed. Nu regelt iemand dat allemaal voor mij. Dat heeft twee voordelen: het kost ons geen tijd en we krijgen niet alle kritiek mee.’

Die kritiek was er na de eerste race op Qatar gelukkig amper. Bo kwalificeerde zich als vijfde en eindigde de race op plek elf. Niet alleen zijn beste Moto2-resultaten, maar ook die van zijn RW Racing-team. ‘Die race was voor mij extra belangrijk. Vanwege de dreiging van corona, maar ook omdat ik per se wilde laten zien dat 2020 heel anders is dan 2019. Persoonlijk, maar ook omdat onze framebouwer NTS deze winter een grote stap maakte, ook op topsnelheid. En zodra we weer racen, komen we nog meer stappen aan.’

Bijzondere solidariteit

Hoewel het voor Bo en zijn familie dus niet echt eenvoudige tijden zijn, zijn ze gelukkig tot nu toe gespaard gebleven van echt corona-drama. Daarnaast is de situatie niet te vergelijken met veel collega’s in Spanje en Italië. ‘Via het MotoGP-spel op de PlayStation heb ik contact met die jongens. Die mochten lang enkel voor een boodschap de deur uit en waren jaloers op de vrijheid die wij hier nog hadden en hebben. Toen ik onlangs hoorde dat ik weer mocht trainen, heb ik dat uit solidariteit met hen expres niet gedaan. Ze hadden het al lastig genoeg en het zou niet goed voelen het voor ze nog extra lastig te maken. We stonden lange tijd allemaal stil en dat was wel zo eerlijk. Omdat het nu in die landen steeds beter gaat, hoop ik binnenkort weer op de motor te kunnen trainen. Dat zou echt fantastisch zijn, want man, wat mis ik het rijden. Daar kan toch echt geen pizza tegenop!’

Marien Cahuzak proefkonijn
Sportredacteur Marien Cahuzak is het ideale proefkonijn