vrijdag 22 mei 2026
Home Blog Pagina 1144

Worden helmen nog veiliger met Koroyd?

0
Klim Krios adventure helm koroyd

Het bestaat al sinds 2010 maar is onlangs pas voor de eerste keer in een motorhelm toegepast. Koroyd lijkt op een stapel samengeplakte rietjes. En dat moet helmen niet alleen langer mee laten gaan maar ook nog eens veiliger maken. Maar worden helmen nog veiliger met dit zogenaamde ‘Koroyd’?

Eindig

Een moderne motorhelm is meestal opgebouwd met EPS. Kleine polystyrene balletjes – in de volksmond gewoon piepschuim – die door een chemisch proces wel veertig keer groter worden gemaakt. Geëxpandeerd polystyreen heet dat. Daardoor kunnen ze de krachten die bij een flinke klap ontstaan opvangen waardoor je doppie als het goed is heel blijft. Luxere modellen hebben ook nog MIPS. Dat is een soort extra binnenhelm die je kan vergelijken met het binnenwerk van een bouwhelm. Die binnenhelm zorgt ervoor dat je hoofd in de helm kan ‘veren’ en tegelijkertijd iets kan draaien. Daarmee kan de kracht van een directe impact als het ware iets afgewend worden.

Maar met name dat EPS kan verbeterd worden volgens het bedrijf Koroyd. Het piepschuim dat de impact opvangt is na één flinke klap vaak al verbruikt. Het piepschuim verpulvert en kan in het vervolg niet meer voldoende bescherming bieden. Daarom is je helm na een onverhoopte val op de grond eigenlijk al toe aan vervanging. Daarbij wordt geadviseerd om een helm met EPS na vijf jaar te vervangen. En nee, dat is geen slimme marketingtruc. Het piepschuim is namelijk gevoelig voor veel externe factoren die het materiaal doet afbreken. Zweet, temperatuur en trillingen doen een hoop schade. Dat maakt een helm redelijk rap eindig.

Koroyd

Een alternatief is dus Koroyd. Het spul wordt al langer gebruikt in bijvoorbeeld wielrenhelmen maar ook in bodyprotectors of kniebeschermers. Zo’n beetje alles dat klappen moet opvangen kan er mee opgebouwd worden. In plaats van balletjes van polystyreen wordt er gebruik gemaakt van buisjes die samengesteld zijn uit een copolymeer. De exacte samenstelling daarvan blijft natuurlijk geheim zo lang het bedrijf het patent heeft. Wel weten we dat die buisjes zijn met hun wand van 0.09 mm flinterdun maar volgens het gelijknamige bedrijf zeer sterk zijn. Een paar honderd van die buisjes worden middels warmte aan elkaar gehecht en gevormd om in een helm te passen. Die opbouw van de rietjes verraadt eigenlijk al dat het hele systeem hangt op de flexibiliteit van lucht. In plaats van één blok piepschuim dat na één klap verpulvert is de luchtige opbouw van Koroyd volgens eigen zeggen in staat bij minder intensieve klappen zichzelf te herstellen door terug te veren.

Dat maakt een helm die ermee uitgerust is dus niet meer automatisch rijp voor de sloop als hij uit je hand op de grond valt. En aangezien het copolymeer niet chemisch opgeblazen wordt is het ook minder gevoelig voor afbraak. Dat zou betekenen dat een helm met Koroyd op papier niet al na vijf jaar plaats moet maken voor een vervanger. Louter voordelen dus, naar het lijkt. De technologie is overigens naar een idee van Dokter Priyaranjan Prasad, een ingenieur uit de automotive industrie gespecialiseerd in veiligheidssystemen. Voor Ford werkte hij dertig jaar lang aan de verbetering van impactzones. Dat doet vermoeden dat hij wel het één en ander kan bedenken om ook de motorrijder veiliger door het leven te laten gaan.

Een uitgebreidere uitleg van de werking van Koroyd zie je in onderstaande video:

Klim F5 Koroyd Motorcycle helmet from Koroyd on Vimeo.

Klim

Onlangs maakte de technologie dus zijn intrede op de motormarkt. Dat gebeurde in de adventure helmen van het Amerikaanse merk ‘Klim’, uitgesproken als het Engelse ‘climb’. Dat bedrijf werd in 2012 door Polaris gekocht en is daarmee een dochteronderneming geworden van hetzelfde bedrijf dat Indian in haar portefeuille heeft. De zogenaamde Krios-lijn is verkrijgbaar als crosshelm of enduro/adventure helm met vizier en is dus voorzien van Koroyd. Beide helmen zijn ECE en DOT goedgekeurd en mogen dus ook in Nederland verkocht worden. Dealers van Klim vind je hier. In ieder geval zeker is dat de Krios Pro leverbaar is, die staat namelijk voor zo’n 700 euro op verschillende websites.

Klim F5 Adventure Krios Pro Koroyd

75 jaar geleden: Operatie Market Garden

0

Operatie Market Garden bekeken vanaf de motor. In september is het 75  jaar geleden dat de Slag om Arnhem werd gestreden. Yop Segers reed tijdens zijn battlefield tour langs de belangrijkste hotspots van die veldslag.

Yop Segers

Zondag 17 september 1944 is een zonnige dag. Half twee in de middag beginnen ten westen van Wolfheze de luchtlandingen van de 1st British Airborne Division. Hoofddoel is het veroveren van de Arnhemse Rijnbrug. Een half uur later landen Amerikaanse paratroepers van de 82nd US Airborne Division bij Groesbeek en Nederasselt. Zij moeten de Nijmeegse bruggen over de Waal en de Maasbrug bij Grave in handen krijgen. Tegelijkertijd worden parachutisten van de 101st US Airborne Division bij de Brabantse dorpen Son en Veghel gedropt om een corridor te forceren vanuit het Belgische Neerpelt, over Eindhoven en Nijmegen, naar Arnhem. En stipt 14.35 uur start het Britse grondleger na een inleidende artilleriebeschieting op Duitse stellingen zijn opmars vanaf de Belgische grens naar Valkenswaard. De Slag om Arnhem is begonnen. Een oorlogsplan bedacht door de Britse veldmaarschalk Montgomery. De gewaagde aanval moet de oorlog verkorten en een springplank vormen voor een onmiddellijke pantserstoot naar Westfalen en uiteindelijk Berlijn. Hoe anders zal het verlopen. Montgomery geeft de operatie de naam Market Garden, waarin zijn initialen niet moeilijk te herkennen zijn. Market staat voor de luchtlandingen en Garden voor de opmars van het grondleger. Het is de grootste luchtlandingsoperatie uit de krijgsgeschiedenis waarbij een luchtarmada van 2.023 transportvliegtuigen, gliders en hun sleeptoestellen meer dan 20.000 man boven Nederland afwerpen.

Ginkelse Heide

At the crack of dawn weerklinken de pk’s van mijn Honda op de rijksweg N224 tussen Ede en Arnhem. De morgendauw hangt nog tussen de bomen zodat ik voor de dagelijkse files uit de Ginkelse Heide bereik, waar op 18 september 1944 – de tweede dag van Market Garden – een tweede lichting Britse parachutisten wordt gedropt. Hun actie is echter onder een ongelukkig gesternte geboren. Eerst maakt grondmist in Engeland het geplande vertrek in de ochtend onmogelijk zodat de landing pas in de middag plaatsvindt. En tot overmaat van ramp springt men af vlak bij de herberg Zuid-Ginkel waar een Duits hoofdkwartier is gevestigd. Het trieste gevolg is dat de dalende para’s zwaar worden beschoten zodat velen al sneuvelen voordat ze de grond bereiken. Tegenover de herberg, een etablissement dat nog steeds bestaat, memoreert een monument met gevleugelde Pegasus de onfortuinlijke landing van deze 4th Parachute Brigade.

Een brug dichterbij

Op 20 september bestormen Amerikanen en Britten de Nijmeegse Waalbruggen en die vallen in de avond onbeschadigd in hun handen. Het Duitse ontstekingsmechanisme om de bruggen op te blazen werkt op het beslissende moment niet. Later proberen de Duitsers de vitale Waalbruggen alsnog te vernietigen. In de nacht valt de Luftwaffe aan met Stuka’s en Junkers. Overdag komen Messerschmitt-straalvliegtuigen omlaag gieren. De bruggen worden inderdaad, met name de opritten, enkele malen geraakt. Ook komen de Duitsers via het water met afdrijvende mijnen, motortorpedoboten en eenmansduikboten. Op 28 september slagen kikvorsmannen erin, de Waal afzwemmend, explosieven te bevestigen aan de pijlers van beide bruggen. Omstreeks vier uur de volgende morgen komen deze tot ontploffing. De verkeersbrug blijft gelukkig gespaard maar de middelste boog van de spoorbrug stort in het water.

De N224 brengt mij dan per viaduct over de autoweg A12 (die in 1944 nog in aanleg was) waarna de Wolfhezerweg wordt ingeslagen. Ten westen van deze weg ligt de landingszone waar op 17 september de Britse luchtlandingsbrigade van brigadier ‘Pip’ Hicks met gliders op de weilanden neerdaalt. De landing van deze zweefvliegtuigen gebeurt vrijwel zonder problemen. Slechts twee gliders slaan over de kop waardoor enkele antitankkanonnen verloren gaan. Andere drop- en landingszones bevinden zich ten zuidwesten van Wolfheze, tussen de spoorlijn Utrecht-Arnhem en het dorp Heelsum. Wolfheze, bekend om zijn vele psychiatrische klinieken, dient als verzamelpunt van de her en der gelande eenheden. Wie Richard Attenborough’s filmepos ‘A Bridge too Far’ (1979) heeft gezien, weet dat de Tommies ook welkom worden geheten door een groep krankzinnigen die juist een wandeling door het bos maakt.

Hotel Hartenstein

Vlak voor Oosterbeek draai ik de Bilderberglaan op, om door bossen en langs de spoorlijn bij het Airborne Cemetery uit te komen. Op dit Brits grondgebied liggen de graven van 1.754 geallieerde soldaten die omkwamen tijdens de Slag om Arnhem en de bevrijding in april 1945. Even verderop kijkt het Airdespatch Monument uit over een voormalige dropzone. Het gedenkteken is opgericht ter nagedachtenis aan de dappere piloten die ondanks hevig Duits afweergeschut hun voorraden bleven uitwerpen. Helaas kwam het meeste in Duitse handen terecht.

De volgende pitstop in Oosterbeek is het Airborne Museum aan de Utrechtseweg. Het is ondergebracht in het voormalige hotel Hartenstein waarin generaal Roy Urquhart, commandant van de Britse luchtlandingsdivisie, op 18 september zijn hoofdkwartier inricht. Het door vrijwilligers gerunde museum geeft met plattegronden, foto’s, videoschermen, wapens en diorama’s een nauwgezet beeld van de Slag om Arnhem. Rondom Hartenstein ligt een groot landschapspark. Urquhart concentreert hier zijn troepen nadat de aanval op de Arnhemse Rijnbrug vastloopt. De omsingelde Tommies worden er constant onder vuur genomen door Duitse sluipschutters die zich tussen het geboomte verstoppen. Als je goed kijkt, kun je aan de bomen de strijd aflezen want die zitten nog steeds vol kogels en granaatscherven. Een metaaldetector zou er beslist overuren maken.

Radioapparatuur

Aan de rand van het park zijn ook de gevel en de hal van het hotel De Tafelberg behouden. Dit was het hoofdkwartier van de Duitse veldmaarschalk Walter Model die op 17 september snel de biezen pakte omdat hij meende dat de Airbornes speciaal waren gekomen om hem gevangen te nemen. Na zijn vlucht vestigen de Britten in het hotel een noodhospitaal om hun vele gewonden te verzorgen. Het hospitaal komt echter al snel in de frontlinie te liggen. Dankzij een wapenstilstand van twee uur worden daarom op 23 september ongeveer 450 gewonden met Britse jeeps en Duitse ambulances uit de gevechtszone gehaald. Direct na het verstrijken van dit bestand begonnen de gevechten overigens opnieuw.

Na het bezoek aan museum en het park spreek ik de pk’s weer aan en daal af over beboste heuvels, onderdeel van een stuwwal uit de ijstijd, naar de Rijnoever. Deze terreingesteldheid blijkt totaal ongeschikt voor de radioapparatuur die de Airbornes meebrengen. Een blunder waardoor de bataljons onderling nauwelijks per radio kunnen communiceren. Later bleek dat het openbaar telefoonnet bleef functioneren en soelaas had kunnen bieden. Maar de Red Devils – iedereen van de luchtlandingsdivisie droeg een rode baret – weigerden zelfs na een tip van het plaatselijke verzet van die faciliteit gebruik te maken. Had men dit wel gedaan, dan was Market Garden misschien wel een succes geworden.

Westerbouwing

Onder aan de stuwwal maak ik een ommetje naar de Westerbouwing. Deze dominerende hoogte die uitkijkt over Rijn en Betuwe, heeft tijdens de Slag om Arnhem een cruciale rol gespeeld. De Red Devils nemen deze heuvel al snel in, maar op 21 september wordt deze strategische positie weer door de Duitsers heroverd. Hierdoor kunnen zij de lager gelegen rivierbedding en het Benedendorp – het aan de Rijnoever gelegen deel van Oosterbeek waar de Britten rondom de Oude Kerk tot de laatste dag stand zullen houden – onophoudelijk met granaten en mortieren bestoken. Het spervuur vanaf de Westerbouwing verhindert ook dat de Poolse valschermtroepen die 21 september aan de overzijde van de Rijn bij Driel worden gedropt, zich bij de belegerde Britten in Oosterbeek kunnen voegen. De oversteek met bootjes die nacht wordt een complete fiasco.

Even later hou ik in het Benedendorp halt bij de Oude Kerk. Dit bedehuis, de oudste kerk van Nederland met restanten uit de 10de eeuw, wordt tijdens de gevechten volledig verwoest maar is na de oorlog herbouwd en teruggebracht in de toestand van omstreeks 1400. Sommige onderdelen van het nieuwe interieur zijn geschonken door Britse veteranen, zoals de doopvont in de vorm van een parachute. Ook het huis van Kate ter Horst vlak naast de kerk is gerestaureerd. Hoewel deze ‘Engel van Arnhem’ moeder was van vijf kinderen werd haar woning een toevluchtsoord van Britse gewonden. Zij hielp de aanwezige artsen, troostte stervenden, sprak anderen moed in en maakte ’s avonds een rondgang om psalmen voor te lezen uit een Engelse bijbel.

John Frostbrug

Vervolgens toer ik langs de rivier richting de Arnhemse Rijnbrug. Het is de marsroute van het bataljon dat onder bevel van luitenant-kolonel John Forst als enige tot in Arnhem weet door te dringen en in de avond van 17 september de noordelijke oprit van de verkeersbrug in handen krijgt. Onderweg moeten Forst en zijn manschappen nog aanzien hoe voor hun ogen de spoorbrug bij Oosterbeek wordt opgeblazen. Andere paratroepers die noordelijker via de Amsterdamseweg en Utrechtseweg oprukken, stuiten op zware tegenstand en komen niet verder dan Oosterbeek. Geheel onverwachts blijken in de omgeving namelijk twee SS-pantserdivisies te bivakkeren die snel tegenacties ontplooien.

Door de tunnel van de spoorbrug en over de Rijnkade bereik ik dan het object waar het allemaal om te doen was: de Arnhemse verkeersbrug die nu John Frostbrug wordt genoemd. De huidige boogbrug is overigens grotendeels een kopie. Zij overleeft de Slag om Arnhem maar wordt in het laatste oorlogsjaar alsnog vernield. Tegenwoordig ligt de noordelijke oprit in open terrein, zestig jaar geleden echter was de oprit door dichte bebouwing omringd. De para’s van Frost verschansen zich in die huizen en slagen erin op 18 september een SS-pantserbataljon, dat de vorige dag zuidwaarts richting Nijmegen is gestuurd en nu naar Arnhem wil terugkeren, tegen te houden. Maar de dagen daarna wordt duidelijk dat er geen versterkingen komen en vechten de Red Devils een ongelijke strijd tegen een Duitse overmacht. Met veel moeite houden de Tommies tot in de morgen van 21 september stand. Van de 750 para’s die drie dagen eerder bij de brug aankwamen, resten dan nog 140 man.

Betuwe

Na de John Frostbrug stuur ik mijn Honda bij het dorpje Elden – waar de Duitsers in december 1944 de Rijndijk nog opblazen en de hele Betuwe onder water komt te staan – over een kronkelige dijkweg richting Driel en Heteren. Aan stuurboordzijde strekt zich het uiterwaardpark Meinerswijk uit, een uniek natuurgebied met wisselende waterstanden en rondzwervende paarden en runderen. Vanaf het asfalt is daar ook een eenzaam overblijfsel uit de Koude Oorlog te zien: de doorlaatbrug die onderdeel vormde van de IJssellinie. Het is bedoeld voor het inunderen van grote gebieden om zo de legers van het Warschaupact de pas af te snijden. Voorbij de spoorbrug staat aan de Drielsedijk een gedenkteken op de plek waar in de nacht van 25 op 26 september de Britse para’s vanuit Oosterbeek over de Rijn naar de veilige zuidoever worden overgezet. Van de 11.000 Airbornes die ten noorden van de rivier waren geland, worden minder dan 2.300 gered.

Museum The Island

Wie dat wil kan in Heteren het kleine particuliere Museum ‘The Island’ bezoeken dat het verhaal vertelt van de strijd die in de Betuwe nog tot april 1945 zou voortduren. Ik besluit echter door te sjezen naar het dorp Elst. Daar barsten op 21 september, nauwelijks 15 km verwijderd van Arnhem, hevige gevechten los tussen oprukkende tanks van het Britse grondleger en Duitse artillerie. De strijd duurt twee dagen waarbij Elst volledig in puin wordt geschoten.

Een uurtje later steek ik de Waalbrug over en rijdhet Nijmeegse binnen. Deze verkeersbrug uit 1936 wordt in de avond van 20 september door de geallieerden veroverd. Amerikaanse paratroepers waren daarvoor over de Waal gezet om de Duitse stellingen op de noordoever in de rug aan te vallen.

Klein Amerika

De geneugten van Nijmegen zijn voor straks. Dus wordt een omtrekkende beweging naar Beek-Ubbergen en Berg en Dal gemaakt. In dat laatste oord zoek ik foerage en belandt bij het pannenkoekenhuis De Heksendans, een bekende bikerstop waar een tiental machines strak in het gelid staat te glimmen. Na een broodnodige spijs gaat de battlefield tour verder over de roemruchte Zevenheuvelenweg waarop wandelaars van de Vierdaagse zich graag stukbijten. Op de hoogste bult van die zeven bevindt zich het Canadian War Cemetery. Hier zijn onder andere de geallieerden, voornamelijk Canadezen, begraven die begin 1945 sneuvelden tijdens de operatie Veritable. Dit offensief dwars door het Reichswald was een direct gevolg van het mislukken van de Slag om Arnhem. Niet voor niets ziet het kerkhof dan ook uit op dit uitgestrekte bosgebied juist over de Duitse grens.

Wat verderop aan de Wylerbaan maakt het Nationaal Bevrijdingsmuseum zich breed. Daar kun je bijvoorbeeld een maquette in jumboformaat van Operatie Market Garden bekijken. Het museum ziet uit op de dropzone waar op 17 september het 508th US Parachute Infantry Regiment landt dat richting Nijmegen moet oprukken. Later komen hier ook gliders met bevoorrading uit de hemel neerdalen. De paratroepers van het 505th Regiment die de bruggen over het Maas-Waalkanaal als aanvalsdoel hebben, worden daarentegen ten zuiden van Groesbeek gedropt. De voormalige landingsvelden tegen de hellingen van de Sint Jansberg zijn onderdeel van een zacht glooiend akkerbouwgebied dat nu de toepasselijke naam ‘Klein Amerika’ draagt.

Hierna verlaat ik het Gelderse en spurt ik over de rechter Maasoever zuidwaarts Limburg binnen. De wegen op deze winterbedding van de Maas bieden glorieuze motorpret: weinig verkeer en voorzien van mooie, lange bochten waarin je zo lekker kunt hangen en zwieren. Twintig kilometer later brengt een veerpont me naar Vierlingsbeek en vandaar gaat het over zoefasfalt richting Overloon. Daar aangekomen heb ik nog net een uurtje om het Oorlogs- en Verzetmuseum te bezichtigen.

Slag om Overloon

Op 26 september 1944 bereikt het front Overloon, een rustig Oost-Brabants dorpje aan de rand van de Peel. De smalle corridor die tijdens de operatie Market Garden tussen Eindhoven en Arnhem was bevrijd, wordt nu langzaam maar zeker verbreed. De opmars verloopt voorspoedig tot aan Overloon waar de Duitsers zich hebben ingegraven. Dat is het begin van een vreselijke slachting met tanks, boobytraps and snipers. Tussen 12 en 14 oktober moet het kapotgeschoten Overloon huis voor huis worden veroverd, terwijl in de bossen felle man tegen man gevechten plaatsvinden. Zo hebben Duitse sluipschutters zich aan de bomen vastgebonden om bij verwonding zo lang mogelijk door te kunnen vechten. Zoveel verbeten tegenstand hadden de geallieerden sinds D-day niet meer meegemaakt. Ze verloren 1.878 manschappen en de Duitsers ongeveer 600 man.

Ontmoetingen

You meet the nicest people on a Honda! Op het Canadese oorlogskerkhof in Groesbeek ontmoet ik Thomas MacDonald, een onderwijzer uit Vancouver. Hij bezoekt alle plaatsen in Europa waar zijn vader tijdens de oorlog heeft gevochten. Later in de middag maak ik bij de Maas in Vierlingsbeek kennis met een Deen uit Arhus die op een Norton 750 Commando door de Lage Landen toert. Hij is verrukt van ons rivierenlandschap – Denemarken heeft zelf geen grote rivieren – en vertelt dat de Norton al sinds 1977 zijn ‘levenspartner’ is.

De inwoners van Overloon zijn zo geschokt door de gebeurtenissen dat ze voorstellen om een deel van het slagveld intact te houden en in te richten als museum. Zo gebeurt ’t ook. In mei 1946 wordt het museumpark van 15 hectare geopend. Sindsdien is de collectie uitgebreid en de presentatie up-to-date gebracht. Vroeger stond al het wapentuig in de openlucht maar nu zijn de meest kwetsbare exemplaren in een riante hal ondergebracht. Andere paviljoens belichten het verzet tijdens de oorlog en de gruwelen van de nazikampen.

Hell’s Highway

Indrukwekkend is ook het desolate panorama van de 31.000 kruisen op het Duitse oorlogskerkhof bij Ysselsteyn, een Peeldorp even ten westen van Overloon. Ik heb nog nooit zo’n grote dodenakker gezien. Van hieruit was mijn plan door te suizen naar Veghel om over de Hell’s Highway – de smalle weg waarover het Britse grondleger onder een regen van granaten naar Arnhem moest oprukken – terug naar Nijmegen te toeren. Maar deze provinciale weg, de N265, is uitgebouwd tot een saaie autoweg waardoor het historische karakter verloren is gegaan. Dus besluit ik een kortere route te nemen via Elsendorp om vlak voor Grave de Hell’s Highway op te pikken.

Het schemert al als ik de Maasbrug bij Grave nader. Deze brug, een belangrijke schakel in de weg naar Arnhem, wordt op de eerste dag van Market Garden na aanvallen van weerszijden door Amerikaanse paratroepers overmeesterd. Het grootste deel van de soldaten is afgesprongen op de dropzone bij het dorpje Nederasselt dat nu wordt gemarkeerd door een kunstwerk bestaande uit drie ijzeren parachutes. Na 17 september worden hier ook vele voorraden gedropt. De kleur van de parachute toonde aan wat er aan hing: rood voor munitie, wit voor verband, blauw voor uitrusting en geel voor voedsel.

De battlefield tour nadert zijn einde als ik bij Heumen het Maas-Waalkanaal kruis en via Malden de laatste kilometers weg blaas richting Nijmegen. Op de Waalkade van de oude Keizerstad wordt in gezelschap van tientallen andere machines de Honda op de bok gezet, om in een van de vele restaurants mijn calorimeter weer op peil te brengen. Een toertocht van bijna 200 km maakt immers hongerig. Last but not least wil ik een toost brengen op al die dappere paratroepers van Market Garden: ‘Many, many thanks. You will allways be remembered!’ Helaas was voor hen de Arnhemse Rijnbrug 試n brug te ver.

DOWNLOAD ROUTE MARKET GARDEN MET WAYPOINTS

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/TRK-Market_Garden.GPX”]

2020 Honda Fireblade krijgt computergestuurde winglets voor meer downforce

0

Het zou heel goed kunnen dat de 2020 Honda CBR1000RRR Fireblade actieve vleugels krijgt. Dat kun je opmaken uit onlangs gedeponeerde patenten.

Al jaren zou Honda aan een nieuwe CBR1000RRR werken. En al jaren blijven we wachten. Maar nu zijn we hoopvoller dan ooit. Er zijn online patenten opgedoken waarin een nieuwe Honda superbike wordt beschreven. En die is voorzien van actieve aërodynamica. Daar wordt een motorrijder toch gelukkig van?

Uit de begeleidende tekeningen blijkt ook dat de Fireblade niet het langverwachte V4 blok krijgt. Daarentegen lijkt de 2020 superbike veel meer gelijkenissen te hebben met de RC213V MotoGP-machine. Afgezien van een groot aantal wijzigingen om de supersporter geschikt te krijgen voor de openbare weg, is er nog een – groot – verschil: Active Aerodyamics

De nieuwe Honda superbike heeft een set van vier veerbelaste winglets die worden geactiveerd door een interne computer. In principe zou de techniek de nieuwe Honda CBR1000RRR helpen om de downforce bij hard remmen te verhogen, terwijl de stroomlijn op hoge snelheden er niet onder hoeft te lijden.

De regels van de WorldSBK schrijven voor de aerodynamica van sportmotoren hetzelfde moet zijn als van het productiemodel. Dus lijkt het erop dat Honda zich serieus voorbereidt op een spannend World Superbike Championship van volgend jaar.

Doen McGregor en Boorman de Long Way Up op LiveWires?

0
Harley-Davidson LiveWire voor Long Way Up?

Ewan McGregor en Charley Boorman gaan op de elektrische toer. In Argentinië zijn beide heren gespot op een Harley-Davidson LiveWire, die ze mogelijk gaan rijden voor hun nieuwe reisserie.

Ewan McGregor en Charley Boorman bereiden zich voor op de filmopnames van hun nieuwste motoravontuur. En het heeft er alle schijn van dat ze elektrisch van Zuid-Amerika naar Noord-Amerika rijden.

Meesterzet

Vier Harley-Davidson LiveWires en een vloot Rivians – elektrische pick-ups – zijn door Autoblog Argentina gespot in Tierra del Fuego, het zuidelijkste puntje van Argentinië. De LiveWires zijn uitgerust met handbeschermers en softbags. Harley-Davidson heeft – nog – geen officiële bevestiging de wereld ingestuurd dat de LiveWires ook daadwerkelijk voor de monsterrit worden ingezet. Publicitair zou het een meesterset zijn van Harley-Davidson door de LiveWire in te zetten voor de Long Way Up, een tocht Ushuaia in Argentinië naar Los Angeles in de VS. Immers droegen McGregor en Boorman veel bij aan de huidige populariteit van de BMW GS-serie.

Onlangs smaakten we zelf het genoegen om de LiveWire te testen. We waren behoorlijk onder de indruk van de nieuwe 34.000 euro kostende elektrische powerbike van H-D. Hoewel de actieradius tijdens een stevige rit met 120 km niet zo indrukwekkend is. Bij normaal gebruik zou de LiveWire het zo’n 240 km vol moeten houden.

Bron: Autoblog Argentina

Politie Nederland wordt groen

0
Politie elektrische motor
Foto: Politie Amsterdam Bijlmermeer

Nee, niet letterlijk. De politie is een pilot gestart met emissieloze voertuigen, waaronder motorfietsen maar ook auto’s en speed pedelecs. Die voertuigen worden gerouleerd tussen basisteams in de eenheden Midden-Nederland, Oost-Nederland en Amsterdam. Met de pilot wil de politie erachter komen of ze eventueel ook kunnen overstappen en wat bij zo’n overstap de valkuilen zijn.

Geruisloos

Elk basisteam krijgt vier maanden om de voertuigen uit te proberen. Met drie teams wordt er dus een jaar getest. In verschillende omgevingen en tijdens verschillende seizoenen. Pim Miltenburg, hoofd operatie Oost Nederland en voorzitter van de stuurgroep 0-emissie: ‘Ik ben benieuwd of mensen er in druk verkeer van schrikken als er ineens een politieauto langsrijdt, omdat ze niks aan horen komen. Maar ook wat er gebeurt als je een melding krijgt en je kunt geruisloos aan komen rijden.’

Stroomcapaciteit

Er moet uiteraard ook praktisch worden getest. Met de laadtijd en actieradius van de elektrische voertuigen, bijvoorbeeld. ‘Het regelen van de infrastructuur die nodig is om te testen was nog het meeste werk in de voorbereiding. Want elk voertuig moet worden opgeladen en daar zijn laadpalen voor nodig op de parkeerplaats. Dan moet je dus ook rekening houden met de stroomcapaciteit van het bureau. Mocht nou blijken dat het opladen erg lang duurt, dan hebben we uiteindelijk een groter wagenpark nodig om inzetbaar te blijven’, aldus Miltenburg.

Actieradius

De motor die getest wordt is een Zero DSR 14.4 Black Forest, waarbij het bedrijf ModiForce werd gevraagd om deze Zero om te bouwen tot een motor voor politie-inzet. Een klusje dat je niet zomaar doet, want een elektrische motorfiets heeft in vergelijking met een elektrische auto een kleinere accucapaciteit. Zowel de sirene als het zwaailicht, om zo maar even twee dingen te noemen, maken ook van die accucapaciteit gebruik en daar zit de uitdaging dan ook vooral. Het stroomverbruik van die systemen moet tot een minimum beperkt worden om de actieradius van de motorfiets zo groot mogelijk te houden.

Over een jaar weten we of dat gelukt is. We zijn benieuwd!

Zero DSR 14.4 Black Forest
De motor die getest wordt is een Zero DSR 14.4 Black Forest, waarbij het bedrijf ModiForce werd gevraagd om deze Zero om te bouwen tot een motor voor politie-inzet.

Den Bosch zegt nee tegen de ‘atoombom onder de verkeersdrempels’

1
Actibump
De Actibump werkt helaas ook bij motoren...

De Actibump. Het kan zomaar zijn dat je er nog nooit van gehoord hebt. Heel vreemd is dat niet, want deze Zweedse uitvinding wordt gelukkig nog maar in een paar landen gebruikt. Zweden, Duitsland, Tsjechië en Australië om precies te zijn. Toch is het wel heel handig om te weten wat de Actibump precies is, want ook Nederlandse gemeenten raken bekend met de ‘atoombom onder de verkeersdrempels’, zoals Autobahn.eu de Actibump mooi omschreef.

Klap

Waar we het precies over hebben? De Actibump is een stalen plaat in een stalen frame. Als de bijbehorende radar ontdekt dat je te snel rijdt, zakt de achterkant van de plaat zes centimeter naar beneden en klap je dus op een dikke stalen balk, zoals in onderstaande film goed te zien is.

Begin juni werd duidelijk dat GroenLinks op een aantal plaatsen in Den Bosch een proef met de Actibump wilde. Gelukkig is inmiddels al duidelijk geworden dat het niet zover gaat komen, vanwege te onveilig en te duur. Te duur omdat je voor de 50.000 euro die één Actibump kost, je zo’n twintig ‘gewone’ drempels kunt aanleggen. En te duur omdat er ook een speciaal systeem moet komen voor hulpdiensten. Het zou immers vrij matig zijn als bijvoorbeeld een ambulance gelanceerd zou worden terwijl er iemand in ligt die zo snel mogelijk naar het ziekenhuis moet.

2015

Dat ‘ie te onveilig was, bleek al in 2015… Toen testte de Zweedse belangenvereniging SMC de drempel en liet daarna weten zich vooral zorgen te maken over de gladheid van de stalen plaat, met name bij regen.

Ernstige beklemmingen

Maar er is nog een heel groot probleem, zo weet de Motorrijders Actie Groep ons te melden. Literatuuronderzoek laat namelijk zien dat de duikdrempel in onder meer woonerven en wegen met fietsers, motoren en andere tweewielers niet gebruikt kan worden in verband met een te groot risico op ernstige beklemmingen (naast natuurlijk het risico op vallen vanwege gladheid).

Gelanceerd

De Actibump zou daardoor alleen mogelijk zijn op ‘50 km-wegen’ met fysiek gescheiden rijbanen, maar wordt daar gelukkig weer te gevaarlijk geacht voor motoren, die bij een neergelaten drempel gelanceerd zouden kunnen worden. Verder is er angst voor mogelijke schade, trillingen en geluidsoverlast voor omwonenden. De duikdrempel zou daarmee, aldus de Motorrijders Actie Groep, alleen geschikt zijn voor zones met een snelheidslimiet van 20 kilometer per uur. En juist die kennen we niet in Nederland.

Gered

De conclusie: de Actibump leent zich dus nog niet (…) voor toepassing in Den Bosch en daarmee dus eigenlijk ook voor heel Nederland. De ingewonnen informatie is bovendien met andere gemeenten besproken, dus voorlopig lijken we gered te zijn van de Actibump.

Mocht je toch iets horen over de mogelijke komst van de Actibump. Laat het ons en de Motorrijders Actie Groep dan zeker weten.

Wat rij jij? Occasionmotoren 2.000 – 4.000 euro

0

Wat voor motor rij jij? In deze editie van de motoroccasiontest kijken wij wat voor occasionmotoren jullie hebben gekocht tussen de 2.000 en 4.000 euro. We hebben een motor met pleister, een Suzuki Bandit 600 uit 2000, een Kawasaki Vulcan 800 uit 1995 en een Aprilia Caponord uit 2005. Hoe divers wil je het hebben?

Wat voor motoren koop je voor 1.000 euro?

Rubriek: Sneakpreview MOTO73 nummer 19 2019

0
Retrotest
De Royal Enfield Interceptor 650 neemt het op tegen de Kawasaki W800 Street en de Triumph Street Twin.

De nieuwe MOTO73 is rap op weg richting de winkel of je deurmat. Wat je mag verwachten? Een paar dagen voordat het nieuwe nummer verschijnt, kijken wij met deze sneakpreview vooruit.

Retrotest
Met de Royal Enfield Interceptor 650 heeft de gevestigde retro-orde er weer een concurrent bij. In een triotest neemt hij het op tegen de Kawasaki W800 Street en de Triumph Street Twin.

MV Agusta Brutale 1000
Vorig jaar werd hij al aangekondigd, maar nu loopt hij ook echt van de productielijn: de nieuwe MV Agusta Brutale 1000. Onze medewerker Alan Cathcart reed met de Serie Oro-uitvoering van die machine en was diep onder de indruk van het Italiaanse geweld.

Yamaha Niken GT
We testten de GT-uitvoering van de Yamaha Niken. De grote vraag is natuurlijk wat de toegevoegde waarde van het derde wiel is bij deze toermachine?

BMW HP2 Sport
Bij MotoPort Wormerveer zagen we ineens een BMW HP2 Sport staan. De ultrasportieve Beierse boxer is bij uitstek een kandidaat voor onze rubriek Toevalstreffer.

Polen
Fotograaf Jacco van de Kuilen maakte een trip door Polen. In dit tweede deel bezoekt hij onder meer Treblinka, de Wolfschanze in Mazurië en het prachtige kuststadje Gdansk.

Scott Redding
Velen schreven hem al af toen hij vorig jaar van de GP’s naar het British Superbike verhuisde, maar Scott Redding bewijst dit jaar hun ongelijk. En volgend jaar rijdt hij in het WK Superbike!

Marathonmotor
De Yamaha YZF600R Thundercat van Hans Heemskerk is al bijna twintig jaar oud. Mooi is de motor niet meer, maar rijden doet hij nog als de beste.

Techniek: milieutechniek
Met de komst van Euro 5 voor motorfietsen moeten de uitlaatgassen nog schoner worden. Onze specialist Peter Aansorgh legt uit welke mogelijkheden de fabrikanten daarvoor hebben.

MXGP Turkije
Het Turkse Afyonkarahisar vormde het decor voor de één na laatste WK-wedstrijd in de MXGP en MX2. De grote vraag vooraf was of de Nederlanders hun goede vorm weer konden laten zien.

SBK Portugal
Na de zomerpauze pakten de coureurs in het WK Superbike de draad weer op in Portugal. Wat kon Michael van der Mark op het circuit van Portimão?

Walid Khan
Na het seizoen 2018 leek coureur Walid Khan compleet van het toneel te zijn verdwenen, maar inmiddels racet hij weer. Met Marien Cahuzak blikt hij terug op een roerige periode in zijn leven.

Verder in deze editie
Motorleven
Eerste versnelling
Met open vizier
Posters
Triptip
Agenda
Motorsport in beeld + column
Sport: Nederlandse wereldtoppers
Flashback: Stef van der Sluis
De parels van Henk

75 jaar Market Garden: Hell’s Highway

1
Hell's Highway

Operatie Market Garden moest 75 jaar geleden Nederland bevrijden. En misschien zelfs nog voor kerst 1944 een einde maken aan de Tweede Wereldoorlog. Maar het plan mislukte grotendeels. De wegen die de geallieerden kozen, werden een hel. De Hell’s Highway is het prikkeldraad van deze battlefield tour.

Jan Dirk Onrust

Het plan van de Engelse veldmaarschalk Bernard Montgomery was simpel. Misschien te simpel. Geallieerden troepen zouden vanaf België via de grote rivieren oprukken naar het IJsselmeer. Parachutisten moesten een aantal belangrijke bruggen innemen, zodat de grondtroepen snel konden doorstoten. De Duitsers in het westen van Nederland waren dan afgesneden en vormden een makkelijk doelwit. Daarna zouden de geallieerden opstomen naar het Ruhrgebied en mogelijk zelfs naar Berlijn. Montgomery ging er vanuit de dat ze Duitsland nog voor het einde van het jaar op de knieën zouden krijgen.

Het liep anders. De tegenstand van de Duitsers was veel zwaarder dan verwacht. Parachutisten die de bruggen hadden ingenomen, lagen te wachten op grondversterkingen. Die kwamen niet. Met name de Britse en Poolse parachutisten rond de brug bij Arnhem, raakten in de grootste moeilijkheden. Ze leden zware verliezen en wat overbleef kon ternauwernood vluchten naar het zuiden. Arnhem bleek een brug te ver en Operatie Market Garden kwam tot stilstand. De gevolgen waren enorm. De oorlog duurde een half jaar langer, het westen van Nederland kwam in een hongerwinter terecht en het oosten van Europa viel in Russische handen.

Toch een toeristisch rit

De wegen waarop het allemaal fout ging, werden al snel omgedoopt tot Hell’s Highway. Bijna 75 jaar na het begin van Market Garden, rijd ik over de helse weg. Of eigenlijk er vooral omheen. De werkelijke route is namelijk vrij kort en nogal rechttoe rechtaan. Het was duidelijk niet de bedoeling van de geallieerden om er een mooi toeristisch tochtje van te maken. Dat is mijn bedoeling wel. Daarom volg ik soms de hoofdroute en soms de route van de flanktroepen. Maar ik kies vooral de leuke wegen die eromheen liggen.

De belangrijke highlights doe ik uiteraard aan. Dus stuur ik vooral over veel grote bruggen, pak ik her en der wat dijkweggetjes die zo werden gevreesd door de geallieerden omdat ze hier een makkelijk doelwit waren. Ook passeer ik oorlogsgraven en herdenkingsmonumenten en rijd ik langs plaatsen waar parachutisten landden. En als je de route in de eerste twee weken van september rijdt, kijk je met een beetje geluk zomaar in de loop van een tank of rijd je langs een colonne oude legervoertuigen.

3.000 vliegtuigen

De rit start vlak bij Joe’s Bridge in Neerpelt. Daar begon het onderdeel Garden van de operatie. Terzelfdertijd werd Market uitgevoerd door paratroepers te droppen op strategische plaatsen bij Eindhoven en Nijmegen. Ook noordelijk van Arnhem – op de Ginkelse Heide – landden parachutisten. De eerste van in totaal 3.000 vliegtuigen vlogen hier om 14.00 uur over en dat was het startsignaal voor de grondtroepen om met ongeveer 350 kanonnen het vuur te openen op de Duitse stellingen. Een half uur later kwamen de eerste tanks in beweging. Al snel staken ze de grens over. En daar werden de eerste negen al in een paar minuten kapotgeschoten en blokkeerden daardoor de weg. Het was de bedoeling Eindhoven in twee a drie uur te bereiken, maar toen de avond viel waren ze niet verder gekomen dan Valkenswaard, halverwege. Dat was het begin van een lange reeks tegenslagen. De Duitsers waren veel sterker dan ingeschat. Luchtfoto’s waarop wel degelijk zware troepen waren te zien, werden verkeerd geïnterpreteerd. Ook leken de Duitsers op de hoogte van de plannen, die of verraden of ontdekt waren, of simpelweg te voorspelbaar. Ik doe het een stuk sneller doen. Na een uur of twee ben ik al in de buurt van Nijmegen.

Kapotgeschoten

Het was de bedoeling dat Arnhem in drie dagen zou worden bereikt. Maar dat zou tijdens Market Garden nooit gebeuren. De parachutisten die op dinsdag 19 september bij Arnhem landden, leden zware verliezen, kregen de brug niet in handen en wachtten tevergeefs op aankomst van hulp over de grond. De overgebleven troepen werden in de nacht van 25 op 26 september met behulp van Poolse troepen over het water geëvacueerd vanuit het kapotgeschoten Oosterbeek. Operatie Market Garden kwam daarmee ten einde en had het uiteindelijk niet verder gebracht dan Nijmegen.

Bij de plek waar de evacuatie plaatsvond, staat nu een monument, vlak langs de Nederrijn. Aan de overkant ligt de Oude Kerk van Oosterbeek. Daar werden de gewonde soldaten verzorgd, onder andere door Kate ter Horst. De kogelgaten zitten er nog altijd in. Rond de kerk en het huis waarin Kate woonde – een replica: het originele huis werd volledig in de as gelegd – liggen veel monumenten en plaquettes. Vlakbij de Ginkelse Heide, waar op 18 en 19 september duizenden parachutisten landden, beëindig ik de mijn toer.

DOWNLOAD ROUTE HELL’S HIGHWAY MET WAYPOINTS

[sgpx gpx=”/wp-content/uploads/gpx/TRK-Hells_Highway.GPX”]

Getest: Harley-Davidson LiveWire

0
Harley-Davidson LiveWire
De Harley-Davidson LiveWire in actie.

De gigant uit Milwaukee gaat volgas richting de toekomst: naast de vertrouwde cruisers wordt het gamma in rap tempo uitgebreid met tal van ‘Harley-vreemde’ modellen, zoals een naked en een allroad. Maar da’s natuurlijk niet waarvoor jij in deze tekst beland bent: Als eerste ‘mainstream’ motormerk claimt Harley een plek in de markt van elektrische motorfietsen. De Harley LiveWire bijt het spits af; wij reden hem als eerste in de Amerikaanse staat Oregon.

Bekijk hier de film van de introductie van de Harley-Davidson LiveWire. 

Het land waar je fullsize trucks uit het schap trekt voor een bonusprijs, benzine kwistig voor een paar centen je tank in klotst, is bij uitstek het land voor de vanouds dikke V-twins. Maar ook van Innovatie met een grote I, waar Tesla de complete auto-industrie in het hemd zette door volwaardige elektrische voertuigen. En waar nu Harley-Davison met de LiveWire de andere merken te kakken zet door als eerste gevestigde naam een volwaardige elektrische motorfiets te presenteren. Gevestigde naam, we zeggen het er maar even bij, want het Californische Zero Motorcycles bevindt zich nu alweer jaren in deze markt. Maar dit nu even terzijde, want voor onze neus staat een ranke, strak ontworpen naakte motorfiets die in niets doet denken aan de Amerikaanse overdaad waaraan we zo gewend zijn geraakt.

Anders Amerikaans

Her staat gewoon een schitterende motorfiets. Ieder boutje op z’n plek, hier en daar schitterend verzonken in een zee van matzwart. Achter de framebalken slechts subtiel gelijnde koelribben, waarachter niets anders verscholen is dan een batterij van de laatste generatie. Daaronder de krachtbron, die, tja, eigenlijk gewoon op niets lijkt, of het moet een herinnering zijn aan The Jetsons, die intens optimistische toekomstcartoon waarvoor we vroeger aan de buis gekluisterd waren. Een elektromotor die, verpakt in een futuristische lichtmetalen cocon, verantwoordelijk is voor een rijbeleving zoals we die bij een Harley nog nooit hebben meegemaakt. Dikke, volledig instelbare 43 mm vorkpoten met veerwerk van Showa, achter een eveneens volledig instelbaar exemplaar van hetzelfde merk. Wielen getooid met monobloc Brembo’s, een simpel maar loepzuiver TFT-scherm, volledige LED-verlichting rondom, verschillende rijmodi en de mogelijkheid om er zelf op maat nog wat extra in te stellen en dan toch nog één element dat een klein beetje recht doet aan de ‘heritage’ van Harley-Davidson: de omlijsting van de koplamp die net dat kleine beetje ‘Batman’ uitstraalt.

Maar goed, genoeg over de looks, eerst maar eens wat hete hangijzers uit het vuur halen. Want hoewel elektrische motorfietsen inmiddels niet meer nieuw zijn, heerst er nog flink wat wantrouwen, onbegrip en hier en daar zelfs onverholen agressie als het gaat over deze radicaal andere krachtbron, zeker vanuit het kamp der Amerikaanse-dikke-klappen-makers. We hoeven onze Promotor-facebook er maar op na te slaan om een interessante bloemlezing te vinden aan meningen over elektrisch rijden. Voor die doelgroep zijn twee dingen van belang: 1) Harley stopt nog láng niet met het verder ontwikkelen van haar traditionele V-twins. En 2) Je bent natuurlijk niet verplicht er één aan te schaffen. En helemaal met een prijskaartje van € 34.000 zullen ze niet bepaald als warme broodjes over te toonbank vliegen… Maar dit terzijde. De vragen die natuurlijk gesteld worden zijn: Hoe zit het met de actieradius? Zit er wel een beetje vermogen is zo’n ding? Hoe snel kun je laden? En ‘last but not least’, hoe zit het met het geluid?

De cijfers

Als we puur kijken naar de specificaties dan valt de LiveWire mooi in het segment van middenklasse naked bikes. 105 pk en naar verhouding een stevige bak koppel: 116 Nm. De accu herbergt maximaal 15,5 Kwh en volgens Harley levert dit bij een gecombineerd gebruik van buitenwegen en snelweg een maximale actieradius op van 158 kilometer. Bij alleen maar snelweg is het op bij 113 kilometer. In de stad is dat tegen de 235 kilometer, omdat je daar meer gebruikmaakt van de regeneratie bij het gebruik van de motorrem (simpel gezegd: laat het gas los en de motor gedraagt zich als een dynamo, waardoor de batterij weer wat stroom teruggeleverd krijgt). Na een kleine dag heel stevig rijden in het zeer bochtige achterland van Portland, lijkt die actieradius niks overdreven.

Uitstekend stuurwerk

Het leegtrekken van de accu is natuurlijk waar de echte lol in zit. Het achterland van Portland bestaat uit een flink aantal prachtwegen met oneindig veel bochten. Kans genoeg om de rijkwaliteiten van de LiveWire eens grondig onder de loep te nemen. Is het net zo fijn sturen op z’n elektrisch? De sprint van 0 naar 100 biedt al voldoende voorpret. Wat. Een. Kanon. Rijmodus op ‘sport’, kont naar achteren, gas op de stuit en omdat je vanaf 0 toeren al het koppel tot je beschikking hebt, lanceert de LiveWire je in een rotgang van 3 seconden naar de 100 kilometer per uur. Hoef je niks voor te doen, alleen vasthouden. De topsnelheid is om de accu te sparen vergrendeld op 170 km/u, maar daar zit nog wat speling in, getuige het feit dat er op een recht stuk zomaar ineens 183 km/u op de klok stond. En nogmaals, geheel zonder drama. Dat de LiveWire een kleine 250 kilo op de schaal brengt, doet daar geen afbreuk aan. En het moet worden gezegd; ook bij sportief bochtenwerk is er weinig aan de hand. Je kunt aan alle kanten merken dat Harley enorm veel werk heeft verzet om van de LiveWire een echt goed sturende machine te maken. Pas als het echt schofterig hard gaat, voel je dat de kilo’s de neiging hebben om de buitenkant van de bocht op te zoeken.

Een interessante machine dus. Maar die interesse voor de LiveWire zal vooralsnog voor velen verbleken bij het zien van het prijskaartje van € 34.000. Dat is maar liefst tien mille meer dan concurrent Zero SR/F, die ook al geen koopje is. Maar Harley heeft wél een heel geslaagde stap gezet naar Harley-nieuwe-stijl. Dat maakt nieuwsgierig naar de rest…